Motiverend werken met mensen met een eetstoornis
Upcoming SlideShare
Loading in...5
×
 

Like this? Share it with your network

Share

Motiverend werken met mensen met een eetstoornis

on

  • 1,307 views

Informatiesessie over het motiverende denkkader van het Inloophuis Eetstoornissen (AN-BN vzw: www.anbn.be)

Informatiesessie over het motiverende denkkader van het Inloophuis Eetstoornissen (AN-BN vzw: www.anbn.be)

Statistics

Views

Total Views
1,307
Views on SlideShare
1,305
Embed Views
2

Actions

Likes
0
Downloads
11
Comments
0

2 Embeds 2

http://www.existentieelwelzijn.be 1
http://www.linkedin.com 1

Accessibility

Categories

Upload Details

Uploaded via as Microsoft PowerPoint

Usage Rights

© All Rights Reserved

Report content

Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
  • Full Name Full Name Comment goes here.
    Are you sure you want to
    Your message goes here
    Processing…
Post Comment
Edit your comment
  • De verschillende types motivatie die we tegenkomen in het Inloophuis beperken zich tot de drie soorten ‘extrinsieke motivatie’ (bij mensen met een eetstoornis). Interne motivatie komt natuurlijk wel voor bij mensen die info zoeken voor hun eindwerk, dat ze als uitdagend kunnen zien. Immers, wie zou er naar hier komen omdat hij “genezen” boeiend vindt en er plezier aan beleeft?
  • Onvoorwaardelijke acceptatie: Niet moraliseren, beschuldigen of confronteren   visie van de persoon respecteren     ritme van de persoon respecteren

Motiverend werken met mensen met een eetstoornis Presentation Transcript

  • 1. Motivationeel werken met mensen met een eetstoornis
  • 2. Inleiding
    • Iedereen is gemotiveerd, of toch niet?
    • Grote verschillen, maar veralgemeend:
      • AN: minder ziekte-inzicht bij 1ste contact, grote angst om controle uit handen te geven
      • => “niet gemotiveerd” ?
      • BN/BED/andere ES: last van symptomen, maar grote angst voor verandering en opgeven van (gevoel van) controle
      • => “niet gemotiveerd” ?
    • Hoe begrijpen? Hoe mee omgaan?
    • opleiding KERN, voorjaar 2009
  • 3. Algemene info Inloophuis AN-BN
    • Zelfhulp: lotgenotencontact aanbieden
    • Geen therapie of behandeling (wel doorverwijzing indien gewenst)
    • Vrijwillig, vrijblijvend en anoniem
    • Divers aanbod (mediatheek, online forum, wekelijkse chat, telefoonpermanentie, online help-desk, doorverwijzing, voorlichting, workshops of infosessies,…)
    • Ondersteuning door hulpverlener voor:
      • Vrijwilligers
      • Bezoekers
      • Werking
  • 4. 1. Waarom doen we wat we doen? Soorten motivatie
    • Oefening 1 : Probeer de volgende motiveringen per twee bijeen te plaatsen volgens de soorten motivatie die ze voorstellen. Vul voor de onderste uitspraak de mate in waarin je akkoord gaat.
    “ Een goede reden voor mij om deel te nemen aan deze infosessie is…”
  • 5. 1) …omdat dit is wat anderen (bv. mijn ouders, partner,…) van mij verwachten. 2) …omdat ik deze persoonlijk erg waardevol vind. 3) …omdat anderen (bv. mijn ouders, partner,…) me anders dreigen te bestraffen. 4) …omdat ik me schuldig zou voelen als ik het niet zou doen. 5) …omdat ik deze als uitdagend ervaar. 6) …omdat ik overtuigd ben dat deze heel erg zinvol zijn. 7) …omdat ik door de regels van motiverend werken geboeid ben. 8) …omdat ik mezelf wil bewijzen dat ik mijn problemen kan oplossen.
  • 6. WAAROM WE DOEN WAT WE DOEN Autonome Motivatie GecontroleerdeMotivatie Verplichting, druk, stress Welwillend, psychologisch vrij “ Moeten” “ Willen” 1 en 3 4 en 8 2 en 6 5 en 7 Externe motivatie Geïntrojecteerde motivatie Geïdentificeerde motivatie Interne motivatie Intrinsieke Motivatie Extrinsieke motivatie Plezier passie, interesse Persoonlijk belang , betekenisvol Straf, beloning, verwachting Schaamte, schuld, zelfwaarde
  • 7. WAAROM WE DOEN WAT WE DOEN
    • Waarom kom je naar het Inloophuis?
    ‘ omdat ik moest van mijn partner’ ‘ omdat ik me anders schuldig voel’ ‘ omdat ik zo aan mijn problemen kan werken’ ‘ omdat ik het leuk vind om mezelf te leren ontdekken’
    • Waarom antwoord je op een vraag om verduidelijking?
    ‘ omdat jij anders ontgoocheld zal zijn’ ‘ omdat ik wil bewijzen dat ik het kan’ ‘ omdat ik inzie dat dit voor mij belangrijk is’ ‘ omdat het voor mij een uitdaging is’ Geboeidheid, interesse, plezier Persoonlijk belang , zinvol Straf, beloning, verwachting Schaamte, schuld, zelfwaarde
  • 8. Effecten van “Willen” en “Moeten” “ Willen” “ Moeten” Spanning Medewerking Kwaliteit samenwerkingsrelatie Drop-out Herval Coping bij herval
  • 9. Stilstaan voelt alleen maar als vastzitten als je vindt dat je verder moet! De situatie laten zoals die is, is ook veranderen omdat de rest verder gaat! Stilstaan geeft tijd om de blik naar binnen te richten en je te verdiepen in het verhaal van de bezoeker…
  • 10. 2. Wat is Motiveren ?
    • Motiveren is iets anders dan bekeren !
    • Motiveren volgens Van Dale:
      • argumenten aanvoeren voor,
      • met redenen omkleden
      • niet ‘motiveren tot ’ maar ‘motiveren van ’
    • Bekeren volgens Van Dale:
      • tot inkeer brengen
      • overhalen van het kwade tot het goede
  • 11. Motivationeel werken (participatie) Motivatie Moeten = gecontro-leerde motivatie Willen= autonome motivatie Intern Extern Passie – intrinsiek belang Persoonlijk belang Persoonlijke Aanvaarding (PA) interactie tussen bezoeker en omgeving
  • 12.
    • Algemene en concrete praktische motivationele strategieën die verandering bevorderen of remmen.
    • Empathisch handelen: werken vanuit world-view van onze bezoekers
    • Geloof in kunnen ondersteunen: vertrouwen schenken
    • Helpen om discrepantie tussen huidige en gewenste situatie te laten inzien
    • = eigen argumenten tot verandering laten formuleren
    • ‘ rolling with resistance’:
        • interpersoonlijk fenomeen (Miller, 1985)
        • geen individueel gebrek aan motivatie
    Basisideeën motiverend werken
  • 13. Basishouding motiverend werken Motivationele gespreksvoering Onvoorwaardelijke acceptatie van de bezoeker(s) Meegaan met de weerstand Samenwerken met de bezoeker(s) Contact krijgen en houden Verantwoordelijk-heid bij de bezoeker(s) laten
  • 14. 3. Fasen van verandering
    • Niet iedereen is op élk moment even “overtuigd” van:
    • de noodzaak tot veranderen
    • de eigen wens om te veranderen
  • 15. 1. Voorbeschouwing: geen intentie tot verandering 2. Overpeinzing 3. Beslissing 4. Actieve verandering 5. Consolidatie: vasthouden verandering (6. HERVAL) Voordelen verandering < nadelen Prochaska & DiClimente
  • 16. 4. Zelfdeterminatietheorie Welke behoeftes zouden volgens jullie aan de volgende kenmerken voldoen? Psychologisch Aangeboren Fundamenteel Universeel
  • 17. Psychologische basisnoden Vb. themabijeenkomst (Deci & Ryan, 1985, 2000; Ryan & Deci, 2000) Nood aan a utonomie A
    • Initiator zijn van eigen acties
    • Zelf aan basis liggen van gedrag
    Nood aan c ompetentie C
    • Gedrag tot een goed einde kunnen brengen
    • Controle hebben over uitkomst gedrag
    Nood aan ver b ondenheid B
    • Geliefd worden door anderen
    • Goede, close relaties hebben
  • 18. Psychologische noodbevrediging Psychische onzekerheid Relationeel: afsluiten Schematisch overzicht Autonomie Competentie Relationele verbondenheid Eetstoornis- gedrag BASIS COMPENSATIE Zelfwaarde
  • 19. Willen vs. moeten Welzijn Medewerking Drop-out & herval Schematisch overzicht Autonomie Competentie Relationele verbondenheid
  • 20. 4. Methode Inloophuis Motivatie A-B-C Autonomie verBondenheid Competentie Onderhandelen Voorbereidend werk Plan van aanpak
    • Onthaal
    • informeren werking ILH
    • hulpvraag detecteren en vertalen
    • fase van verandering?
    Doelen Reflecteren Voor- en nadelen Psycho-educatie Gesprekken met lotgenoten Contact opnemen met hulpverlener of opname-instelling
  • 21. Schematisch overzicht Competentie Structurerende vs. Chaotische context Autonomie Autonomie- ondersteunende vs. controlerende context VerBondenheid Warme vs. kille & verwaarlozende context
  • 22. 5. Motiverende gesprekstechnieken
    • Non-verbale technieken
    • Luistertechnieken
    • Aandachtgevend gedrag
    • Reflecteren  
    •           Papegaaien en parafraseren
    •          Reflecteren van gevoelens/interne conflicten
    •         Structureren en samenvatten 
    • Vragen stellen  (“niet weten”) = Socrates
    • Positief herbenoemen/herstructureren
    = geen wondermiddeltjes!
  • 23. Wa t is Socratisch Motiveren ?
    • Socrates staat voor:
      • Niet weten, geen eigen mening geven
      • Vragen leiden tot vergeten antwoorden
      • Iemand helpen zichzelf te leren kennen
      • “ Psychologische verloskunde”: baren van het antwoord dat in iemand zit!
  • 24.  
  • 25. Veranderingsfasen en Strategie
    • Fase 1: geen probleem of veranderwens
    • Relatie onderhouden (hoe gaat het?), vinger aan de pols (gaat het nog?) en contact met omgeving (wat vinden zij ervan?), niet veranderen!
    • Fase 2: zorgen, ambivalentie, twijfel
    • Balans opmaken, informatie verzamelen (boeken, forum) / geven gericht op mogelijke alternatieven (therapeutenlijst, zelfhulpboeken, lotgenotencontact), accepteer status-quo!
    • Fase 3: wens tot gedragsverandering, actie
    • Actie, verander, probeer alternatief: registreer voor- en nadelen, evalueer en stel bij
  • 26. Blokkades voor verandering
    • Voorbeschouwing gebrek aan geïntegreerde kennis over probleem onvoldoende zelfwaardegevoel
    • Overpeinzing
    • onvoldoende zorgen
    • angst prettige aspecten / voordelen te verliezen
    • onvoldoende gevoel van competentie
    • Beslissing
    • geen veranderingsmethode kennen
    • veranderingsmethoden niet zien zitten
    • onvoldoende gevoel van competentie
    • Actieve verandering
    • angst om het wél te kunnen
    • selectief geheugen: de negatieve herinneringen worden “vergeten”
  • 27. Vijf redenen om niet te veranderen
    • Niet zeker weten wat je wilt
    • (je kunt alleen maar verdwalen als je weet waar je naar toe wilt)
    • Angst voor het verliezen van (illusoire) voordelen (je weet wat je hebt, niet wat je krijgt…)
    • Dissociatie van de nadelen (‘het valt best mee’)
    • Genetische predispositie tot luiheid / automatismen: veranderen kost inspanning (voorkeur voor ‘kabbelen’)
    • Ziektewinst (korte >> lange termijn)
  • 28. Vragen?