Successfully reported this slideshow.
We use your LinkedIn profile and activity data to personalize ads and to show you more relevant ads. You can change your ad preferences anytime.

Abn amro rapport visie op industrie, mei 2014

844 views

Published on

Nieuw rapport van ABN AMRO met fact sheets en korte trendbeschrijving voor de branches:

Technische groothandel
Machinebouw
Metaalbewerkingsindustrie
Producenten van metaalproducten
Windenergie en solar Verpakkingsmiddelenindustrie
Olie en gas toeleveranciers
Rubber- en kunststofproductenindustrie

Published in: Engineering
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

Abn amro rapport visie op industrie, mei 2014

  1. 1. Visie op Sectoren 2014
  2. 2. ‘Zonder Smart Factory geen toekomst voor de Nederlandse maakindustrie’ 5 vragen aan Corné van Opdorp directeur BOZ Group BOZ Group maakt met 90 werknemers halffabricaten en complexe lassamenstellingen uit staal, roestvast staal en aluminium. Bijvoorbeeld omkastingen, lichte frames, modules en systemen. Een groot deel van het productieproces (lasersnijden en -lassen, buigen en poedercoaten) is compleet geautomatiseerd met behulp van robots. BOZ Group is toeleverancier voor hightechondernemingen als Lely en Vanderlande. Haar klanten zijn actief in de sectoren agri, food, health, elektrotechniek en machinebouw. 1. Hoe is BOZ Group zijn dip van de crisis te boven gekomen? ‘We zijn goed uit onze dip gekomen. Cruciaal is geweest, dat we zijn blijven investeren. En dan vooral in het omarmen van de digitale revolutie. Dat is het idee achter Industrie 4.0. Klanten willen steeds meer maatwerk, tegen een concurrerende prijs. Ook bestellen ze vaker kleinere series, houden ze lagere voorraden aan, hanteren ze kortere doorlooptijden en is er behoefte aan complexere halffabricaten. Die ontwikkelingen kun je het hoofd bieden met robotisering, digitalisering en automatisering. Onze volautomatische machines kunnen ’s nachts gewoon doordraaien zonder dat daar mensen bij aanwezig hoeven te zijn. We optimaliseren nog verder door het koppelen van lasersnijmachines, kantbanken en lasrobots aan randapparatuur als beladingssystemen en magazijnsystemen. Dit voorjaar schaften we onder meer twee state-of-the-art- CNC-lasersnijmachines aan en een volautomatische kantbank met automatische gereedschapswisseling. Alleen zó kun je voorop lopen met digitalisering, automatisering en robotisering.’ Visie op Sectoren 2014
  3. 3. 2. Hoe kun je de digitale revolutie op jullie werkvloer zien? ‘Daar, aan het plafond, zie je dat kastje? Dat hoort bij ons wifi- netwerk, overigens alleen voor die paar machines die nog niet met glasvezel zijn aangesloten op de server. In 2011 zag ik een werknemer zoeken naar de productieorder met informatie om de klus af te kunnen maken die hij van een collega had overgenomen. Nergens te vinden. Al die tijd lag zijn klus stil. Dat was voor mij aanleiding om onze digitale strategie te intensiveren. Sinds eind 2013 is op de werkvloer alle informatie van elk project digitaal te raadplegen. We hebben nieuwe systemen voor CAD/CAM en voor PDM, Product Data Management. In 2015 zijn de papieren werkmappen afgeschaft en krijgen de werknemers alle projectinformatie digitaal. Dat is voor ons nog maar het begin van de Smart Factory, van het idee Industrie 4.0. Onze machines zullen steeds meer big data produceren en met elkaar gaan communiceren, waarmee we de efficiëntie van de productie kunnen verbeteren. Voorbeeld: maakt een kantbank een fout, dan geeft hij, zonder tussenkomst van de mens, volautomatisch aan de lasersnijmachine door dat er een extra onderdeel gesneden moet worden.’ 3. Jullie app voor klanten heeft een prijs gewonnen. Hoe werkt die? ‘Na een Failure Modes and Effects Analysis van vijf jaar productie, ontwikkelden we een app waarmee klanten zelf met gerichte vragen hun risico in de supply chain kunnen reduceren. Met die app dringen we enerzijds de faalkosten op onze werkvloer terug. Anderzijds betalen klanten met een laag risicoprofiel een gunstigere prijs, omdat er minder materiaal en tijd wordt verspild. Klanten kunnen hun profiel verder professionaliseren met onze op maat gesneden set engineering- en industriële diensten. Heldere communicatie, inzicht in prijscomponenten en het creëren van een win- winpartnership zorgen voor tevreden klanten en omzetgroei. Zo maken we onze toegevoegde waarde inzichtelijk.’ 4. Is Industrie 4.0 ook goed voor de duurzaamheid? ‘Dat denk ik zeker. In onze sector is gemiddeld 20 tot 30% plaatafval nu nog onvermijdelijk. Ook al proberen we zo gunstig mogelijk te nesten: zo veel mogelijk onderdelen uit één plaat te lasersnijden. We combineren orders van verschillende klanten in één plaat. Ons volautomatisch, robotgestuurd magazijn helpt daarbij: we kunnen platen tussentijds opslaan en later weer ophalen. Laatst zei een programmeur tegen mij: ‘Ik zie dat dit project 27% afval oplevert, ik kan dat omlaag brengen tot 20%.’ Nu zeg ik nog: ‘Jij bent er vijftien minuten mee bezig, dat kost me méér geld dan het aan afvalbesparing oplevert.’ Kijk, in de Smart Factory van de toekomst zijn de machines misschien wel zó intelligent dat ze zonder tussenkomst van een programmeur razendsnel zelf de software aanpassen om die afvalbesparing te realiseren. Best of both worlds: geld én grondstoffen besparen.’ 5. Hoe belangrijk is Industrie 4.0 voor Nederland? ‘Nederland loopt in de ontwikkeling van Smart Factories voorop. We zijn verder dan België, Frankrijk, en zelfs Duitsland, de bakermat van Industrie 4.0. En dan laat ik automotive even buiten beschouwing, want daar lopen ze qua robotisering, automatisering en digitalisering straatlengtes voor. Ik ben ervan overtuigd: zonder Smart Factory en Industrie 4.0 is er geen toekomst voor de Nederlandse maakindustrie. We zijn goed bezig. Maar verder investeren is noodzakelijk.’ Visie op Sectoren 2014
  4. 4. ‘Consument dwingt industrie tot robotisering en Google gaat helpen’ David Kemps Sectorbanker Industrie De Nederlandse industrie profiteert volop van de aantrekkende economie. Vooral bedrijven die veel exporteren – zoals de machinebouw en metaalproducten industrie – hebben de wind mee. Alle macro- economische signalen voor de industrie staan op groen. Maar de consument wordt steeds veeleisender en eist meer keuze. Slimme fabrieken en robots zijn de oplossing. Consumenten en dus ook industriële afnemers vragen steeds vaker om maatwerk en een snelle levering tegen lage prijzen. Voor de fabrikant zijn vergaande automatisering en robotisering de enige manier om flexibiliteit en de broodnodige efficiëntie te combineren. Binnen de fabriek, maar vooral ook erbuiten, in de gehele productieketen. Met het ontstaan van ‘Smart Factories’ worden fysieke producten, productiemachines, voorraadsystemen, facturering- en inkoopsystemen in de keten via de cloud aan elkaar gekoppeld om het productieproces te optimaliseren. De besturingssoftware wordt zo geprogrammeerd dat zij zelf beslissingen neemt. Fabrieken zorgen dan zelf voor een optimaal productieproces door via internet met andere fabrieken, toeleveranciers en klanten te communiceren. Robots steeds goedkoper Robots worden steeds belangrijker in het productieproces. Waar voorheen het hoge arbeidsloon dé reden was voor de aanschaf van een robot, worden tegenwoordig constante kwaliteit, nauwkeurigheid en snelheid, maar vooral flexibiliteit als reden aangevoerd. Robots worden ook steeds goedkoper. De beschikbaarheid van basiscomponenten is zeer snel gegroeid. Je koopt het eenvoudig en goedkoop via bijvoorbeeld de Chinese website Alibaba.com. Met een omzet van meer dan 170 miljard dollar overtreft dit Chinese handelsplatform eBay en Amazon samen. De kostprijs van veel componenten is ook hard gedaald door de populariteit van smartphones en spelcomputers. De bewegingssensor van de Kinect Xbox 360 wordt bijvoorbeeld veel gebruikt bij allerlei prototypes van robots. Daarnaast kan de ontwikkelingstijd van robots flink verkort worden door met een 3D-printer snel allerlei onderdelen te printen. Visie op Sectoren 2014
  5. 5. Android voor robots Industriële ondernemingen zien dat robotica steeds meer een kernwaarde worden van hun propositie. Dat vraagt ook om aanpassing van het business model. Een goed voorbeeld is Vanderlande Industries, producent van geautomatiseerde materiaal afhandelingssystemen. Zij merkten dat klanten steeds meer flexibiliteit en een hogere automatiseringsgraad verlangen. In februari 2014 heeft het bedrijf Ferdar Automation Technology uit Almere overgenomen om meer ervaring, hoogwaardige kennis en technische competenties in huis te halen. De overname van Ferdar staat echter niet op zichzelf. Ook niet-industriële bedrijven mengen zich in het speelveld. Google heeft in 2014 al acht robotica bedrijven gekocht en Amazon is ook actief op dit vlak. De verwachting is dat het Google vooral zal gaan om de kennis, de robotsoftware. Bezit je een Kuka, Fanuc of ander merk robot? Functionaliteiten voor een robot koop je straks als een app bij Google Play. Visie op Sectoren 2014
  6. 6. 6,2% van de totale bedrijfslasten in de groothandel betreft personeelskosten. In de groothandels voor industrie-machines en bouwmaterialen ligt dit aandeel hoger (beide circa 12%) dan in de groothandel voor consumentenapparatuur (6,5%). 2,0% daalde de omzet van de groothandel in 2013 ten opzichte van 2012. De branche heeft een slecht jaar achter de rug. De groothandels in bouwmaterialen en consumentenproducten werden hierbij het hardst geraakt, met een daling in omzet van respectievelijk 8% en 4%. 3,0% daalde de voorraad van de groothandel gemiddeld in 2013, na drie jaren van groei. Dit betekent dat sommige groothandels de voorraden moeten opbouwen om aan de aantrekkende vraag te voldoen. Ook zijn er groothandels die uit efficiencyoverwegingen bewust toewerken naar structureel lagere voorraadniveaus. Bron: CBS Branche in cijfers Visie op Technische groothandel Update 2014 Investeren in ICT voor verbetering van de klantenbinding en -loyaliteit Afstemming en digitale gegevensuitwisseling in de keten zullen intensiveren In economisch opzicht gaat het voor de branche komend jaar beter Trends en ontwikkelingen In 2013 hebben technische groothandels met een te sterke focus op de bouw (zoals constructie-, installatie- en timmermansbedrijven) het meeste te lijden gehad, aangezien de vraag naar technische materialen vanuit de bouw tegenviel. Maar ook de groothandels gericht op andere sectoren (zoals industrie, agrarisch of automotive) hadden in 2013 nog met uitdagende marktomstandigheden te maken. Bij de gespecialiseerde groothandel (in nichemarkten als offshore) gaat het beter. Ondanks dat groothandels in financieel opzicht veel te verduren kregen, heeft een groot aantal groothandels geïnvesteerd in ICT om de interne bedrijfsprocessen verder te verbeteren. Doel is om daarmee de efficiency te verhogen en uiteindelijk de kosten te verlagen. Door de inzet van ICT kunnen producten in de keten worden gemonitord en is robotisering van magazijnen gemeengoed geworden. Om de klantrelatie beter te kunnen beheren, zijn veel groothandels overgegaan tot het invoeren van Customer Relationship Management-systemen (CRM). Daarmee wordt het inzicht in klantendata vergroot en kan gewerkt worden aan de verbetering van de klantenbinding en - loyaliteit. Bovendien kan door middel van de inzet van ICT de dienstverlening van groothandels worden verbeterd. Binnen de branche is de concurrentiedruk hoog en hierdoor zijn veel groothandels overgegaan tot het ‘ontzorgen’ van afnemers. Groothandels nemen van afnemers activiteiten over die niet behoren tot hun kerntaken en efficiënter of beter kunnen worden uitgevoerd door de groothandels. Dit soort activiteiten levert doorgaans hogere marges op en draagt bij aan het onderscheidend vermogen van de groothandel. Onze visie De servicegraad (leverbetrouwbaarheid en -snelheid) en voorraadniveaus zijn belangrijke indicatoren voor groothandels en hiervoor is gegevensuitwisseling in de keten onmisbaar. Afstemming tussen partijen zal intensiever worden en de vervlechting van digitale gegevensuitwisseling tussen partners (afnemers en/of leveranciers) en processen wint aan invloed komend jaar, ten goede van de interconnectiviteit in de keten. De afstemming met klanten die productiedata online beschikbaar stellen, zal op den duur een efficiënter distributiekanaal en magazijnbeheersysteem creëren. Investeren in ICT en automatisering (zoals ERP- en CRM-systemen) blijft hiervoor noodzakelijk. De kernbezetting van groothandels zal in dit proces krimpen. De inzet van ICT leidt daarentegen wel tot nauwere samenwerking en ketenintegratie tussen groothandel, klant en leverancier. Idealiter wordt de logistiek transparanter door bundeling van datagegevens, waardoor de voorraadrisico’s afnemen. De vraag is echter of groothandels financieel bij machte zijn om te blijven investeren. In economisch opzicht gaat het in ieder geval komend jaar beter. Visie op Sectoren 2014
  7. 7. Bron: Bron: CBS Bron: Bron: CBS De economie trekt in 2014 verder aan en groeit naar verwachting met 1,25% op jaarbasis. Daarmee zal de omzet van technische groothandels ook weer toenemen. Maar een scherp debiteurenbeleid blijft ook komend jaar van groot belang, aangezien de financiële risico’s voor groothandels hoger zijn dan voor andere partijen in de keten. De branche staat bekend als financier van de keten. Bij aantrekkende economie nemen faillissementen af De groothandel staat bekend om zijn vroeg cyclische karakter, aangezien in de branche vroegtijdig vraaguitval kan worden gesignaleerd. De omzetontwikkeling in de groothandel loopt parallel aan de groei van het BBP. • Er bestaat een negatief verband tussen het aantal faillissementen in de branche en de groei van het BBP. Bij een afname van het BBP neemt het aantal faillissementen toe, en omgekeerd. • De groothandel heeft twee moeilijke jaren achter de rug. De omzet daalde in zowel 2012 als 2013, met respectievelijk 0,3% en 2%. Met het aantrekken van de economie ziet 2014 er gunstiger uit. • Herstel komt later bij klanten van technische groothandels De belangrijkste afnemers van producten van de technische groothandel zijn te vinden in de sectoren industrie, bouw en transport (met name auto’s). • De jaren 2012 en 2013 waren niet zonder financiële consequenties voor de branche, aangezien zowel de bouwproductie als de autoverkopen krompen. De productie in de industrie (met name in de olie- en gasbranche) hield zich nog redelijk staande in deze jaren. • De komende jaren ziet het er weer gunstiger uit voor de branche. De bouw zal nog niet boven het niveau van 2010 uitkomen, maar de krimp neemt af. Ook zijn de verwachtingen rondom de groei van de autoverkopen positief. • Visie op Sectoren 2014
  8. 8. Bron: Bron: CBS Omzet groothandel consumentenapparatuur en bouwmaterialen blijft achter De groothandels in bouwmaterialen, consumentenapparatuur en metaal en ertsen hebben het meest geleden de afgelopen twee jaren. De groothandels met handel in halffabricaten en gelieerd aan de sector industrie deden het relatief beter. • Voor 2014 kan rekening gehouden worden met een groei in de bouwproductie, maar de consumentenbestedingen blijven nog relatief laag. Gezinnen willen eerst de financiële huishouding op orde brengen. • De industriële productie zal in 2014 en 2015 verder groeien. Wel zijn bedrijven nog terughoudend, gezien de onzekerheid en broosheid van het economisch herstel. • Visie op Sectoren 2014
  9. 9. 25% van de totale exportwaarde van Nederlandse goederen betreft de export van machines en vervoermaterieel. Dit segment heeft daarmee het hoogste aandeel in de export van Nederlandse goederen. 7,5 miljard euro bedroeg in 2013 de totale toegevoegde waarde van de machine- industrie. Dit is een aandeel van 10% in de totale toegevoegde waarde in de industrie en een aandeel van 1,3% in het totale BBP. 2.920 bedrijven waren in 2014 actief in deze branche. De afgelopen zes jaar is dit aantal gegroeid met 13%. Bron: CBS Branche in cijfers Visie op Machine-industrie Update 2014 Manloos produceren moet efficiency en effectiviteit verhogen bij klanten Software steeds belangrijkere bron van toegevoegde waarde Toenemende interconnectiviteit leidt tot procesoptimalisatie Trends en ontwikkelingen Machines worden flexibeler ingezet; zijn duurzamer en hoogwaardiger, maar tegelijkertijd ook complexer geworden. De machine anno nu heeft allerlei specificaties erbij gekregen om de efficiency en effectiviteit te verhogen. Hierbij kan gedacht worden aan kortere omsteltijden, kleinere series, complexere (bewerkings-) processen en een grotere verscheidenheid aan producten. Robotisering is hierdoor toegenomen, met als gevolg dat het – veelal tijdrovende – handwerk (zoals het beladen van producten) vermindert en de productiviteit verbetert. Dit alles vraagt om intelligente software voor de aansturing van de machines. Software krijgt daardoor steeds meer toegevoegde waarde. Bij het programmeren van de besturingssoftware en de productie van complexe onderdelen wordt veel samengewerkt met gespecialiseerde toeleveranciers. De hoge gebruiksintensiteit van de machines, de specifieke wensen en eisen van klanten en de 24- uurseconomie hebben ertoe geleid dat machines bijna volledig geautomatiseerd kunnen functioneren, met beperkte tussenkomst van menselijk handelen. Bovendien kan met behulp van ICT verregaande product- en procesvernieuwing worden doorgevoerd, wat bijdraagt aan de efficiency. De interconnectiviteit in de keten intensiveert. De digitale gegevensuitwisseling tussen partners (afnemers en/of leveranciers) en processen wint aan invloed. Daarnaast kan het productieproces op afstand, buiten kantooruren, continue worden gemonitord (24-uur) en problemen of storingen hoeven daardoor niet altijd op de werkplek verholpen te worden. Onze visie Technologische vooruitgang gaat leiden tot geavanceerde machines die met elkaar in verbinding staan. Hiermee krijgt de ‘intelligente fabriek’ (ook wel ‘smart factory’) meer voet aan de grond. Het komt de efficiency ten goede en leidt tot kostenbesparingen bij klanten van machinebouwers. Het aantal voortgebrachte producten per gewerkt uur neemt toe, aangezien met de bestaande (of minder) productiemedewerkers meer producten kunnen worden voortgebracht. De machines (aangestuurd door geavanceerde software en computers) zijn efficiënter geworden en staan minder lang stil. Daarnaast komt de efficiencyslag van de nieuwe generatie machines ook tot uitdrukking in het totale verbruik van grondstoffen, energie en halffabricaten. Met de toenemende automatisering en machines die geschikt zijn voor kleinere series, kan ook het MKB hiermee worden ondersteund. De vraag naar investeringsgoederen deint keurig mee met de conjunctuur, wat de machine-industrie de afgelopen jaren parten heeft gespeeld. De afgelopen 2 jaar nam de machineproductie niet of nauwelijks toe, doordat veel opdrachtgevers hun investeringen grotendeels op de lange baan schoven vanwege de zwakke economische situatie van dat moment. Voor komend jaar zijn de vooruitzichten voor de investeringen in kapitaalgoederen door bedrijven gunstiger. De exportmarkten trekken komend jaar aan en dragen bij aan de groei van de branche. Ook begeven relatief meer bedrijven zich komend jaar op de fusie- en overnamemarkt, voor verdere groei en continuïteit. Zij zoeken steeds vaker naar bedrijven of partners die aanpalende activiteiten hebben en daarmee de productie van het eigen bedrijf ondersteunen of naar partners met toegang tot nieuwe geografische markten. Visie op Sectoren 2014
  10. 10. Bron: Bron: CBS Bron: Bron: CBS Groei zet door in omzet en productie De groei van de omzet en de productie wordt voornamelijk gedreven door orders vanuit het buitenland. De vraag vanuit Duitsland heeft een prominente rol. • In 2013 heeft de branche veel last gehad van de aanhoudende onzekerheid in de Europese economie. Doordat de marktomstandigheden in Duitsland relatief gunstig waren, groeide de omzet toch met bijna 4%. De productie stabiliseerde. • De meeste ondernemers zijn optimistisch gestemd over de orderontvangsten. Ook de groothandel in Duitsland verwacht aanzienlijk meer activiteit. De omzet- en productiegroei verwachtingen voor komend jaar zijn positief voor de branche. • Bezettingsgraad machine-industrie herstelt verder De bezettingsgraad in de machine-industrie is sinds eind 2013 in een versnelling geraakt. De productie werd opgevoerd, mede dankzij de sterke buitenlandse vraag. Een deel van de overcapaciteit kon weer worden ingezet. Begin 2014 lag de bezettingsratio daarom met 85,6% weer boven het lange termijn gemiddelde van 84,1%. • Komend jaar wordt verwacht dat de productie verder groeit, aangezien de buitenlandse vraag (vooral uit Duitsland) toeneemt. Een deel van de capaciteit zal door onderhoud altijd onbenut blijven. Dit betekent dat de levertijden in de branche in 2014 kunnen oplopen. • Visie op Sectoren 2014
  11. 11. Bron: Bron: CBS Export machines trekt in 2014 weer aan De export van machines voor metaalbewerking groeide in 2013 hard, met 25%. Van de totale uitvoerwaarde in dit segment is 40% bestemd voor de Duitse markt. Dit segment zal profiteren van een aantrekkende exportmarkt in 2014. • De uitvoer van machines voor metaalbewerking vormt echter het kleinste segment binnen de totale uitvoer van machines. Kantoor- en gegevensverwerkende machines is veruit het grootste segment. In 2013 daalde de uitvoerwaarde met 6%. De exportomstandigheden voor komend jaar zijn echter gunstiger. • Bij gespecialiseerde machines (zoals voor landbouw, voedingsmiddelen en bouw) daalde de uitvoer in 2013 slechts licht, met 1,2%. • Visie op Sectoren 2014
  12. 12. 98,5% van de bedrijven in de metaalbewerkingsindustrie heeft tot 50 werknemers in dienst. De branche is daarmee kleinschalig van aard. 6.545 bedrijven telt de metaalbewerkingsindustrie. Deze houden zich grofweg bezig met oppervlaktebehandeling, plaatbewerking en verspanende werkzaamheden. Ook is de branche actief in smeden, persen, stampen en profielwalsen van metaal. 30% van de totale bedrijfskosten betreft in deze branche personeelskosten. Dit ligt hoger dan het gemiddelde van 25% voor de totale metaalproductenindustrie. Bron: CBS Branche in cijfers Visie op Metaalbewerkingsindustrie Update 2014 De mens-afhankelijkheid neemt af door verdere automatisering van processen Meer ondernemers nemen taken van afnemers over (‘ontzorgen’) Investeren in meerdere objecten tegelijkertijd voor een optimale productielijn Trends en ontwikkelingen Door een toenemende vraag naar kleinere series en hogere complexiteit van bewerkingen, heeft de automatisering binnen de metaalbewerkingsindustrie een vlucht genomen. De trend van afnemende seriegroottes is onomkeerbaar. De vraag naar klein seriewerk stijgt doordat klanten hun productieproces zo flexibel mogelijk willen inrichten en hun voorraden daarbij zo laag mogelijk willen houden. Dit vraagt om nauwkeurige afstemming op de behoefte van de klanten en continuïteit in de processen. Daarom is de laatste jaren flink geïnvesteerd in automatisering van productieprocessen en in de bewerkingstechnieken. Onder meer speelt Additive Manufacturing (AM ofwel 3D-printen) hier een belangrijke rol. Door de hoge vrijheid van ontwerpen maakt de inzet van AM complexe en veelal lichtgewicht producten mogelijk, die met verspanen niet realiseerbaar zijn. Extreem maatwerk, prototypes of zeer kleine series zijn mogelijk tegen beperkte kosten. Ook het gebrek aan vakkundig personeel speelt een rol in de toenemende automatisering. De branche kampt al jaren met een tekort aan technici en de vooruitzichten zijn niet gunstig. Automatisering is een poging om dit probleem deels te ondervangen. De automatisering draagt daarnaast ook bij aan efficiencyverbeteringen in de keten. De communicatie verbetert tussen de schakels (door internet of mobiele communicatie) en productietechnieken en -processen worden zodoende beter op elkaar afgestemd. Dit biedt ondernemers een instrument om taken van afnemers over te nemen (te ‘ontzorgen’) en daarmee meer toegevoegde waarde te bieden. Onze visie De mondiale concurrentie neemt toe en daarmee blijft een focus op efficiencyverbetering en kostenbeheersing van belang komend jaar. Door te investeren in automatisering en robotisering, neemt de concurrentiekracht van de branche toe. Productielijnen kunnen dun bemand worden ingericht en dit werkt kostenbesparend. De in- en omsteltijden (en de kosten die daaraan verbonden zijn) zullen dalen, aangezien de inrichting van de machines volledig geautomatiseerd kan plaatsvinden. Dit is vooral te danken aan de innovatiekracht en de toenemende automatisering in de machine-industrie, wat de efficiency van metaalbewerkingsmachines ten goede komt. In deze nieuwe generatie machines worden meerdere functies en bewerkingstechnieken gecombineerd in één apparaat. Dit levert niet alleen tijdwinst op, maar door de toegenomen nauwkeurigheid van de bewerkingsmachines neemt ook de foutmarge af. Nadeel is dat door de complexiteit van de machines, de investering per apparaat hoger is. Toch zien veel ondernemers dit als noodzaak. Uit data van ABN AMRO Lease blijkt dat vaker geïnvesteerd wordt in meerdere objecten tegelijkertijd, om tot een complete en optimale productielijn te komen. De ondernemer wil daarmee tegemoet komen aan de klantwens en tegelijkertijd de kostprijs laag houden. In 2014 en 2015 zijn de marktomstandigheden gunstiger. De metaalbewerkingsindustrie profiteert, als belangrijke leverancier van machineonderdelen, van de opleving in de machine-industrie. Hierbij neemt het belangrijke exportgebied Duitsland het voortouw. Visie op Sectoren 2014
  13. 13. Bron: Bron: FDP, Hamel Bron: Bron: FDP, Hamel Vertrouwen ondernemers keert langzaam terug De vertrouwensindices van de verspanende en plaatbewerkende segmenten (vergelijkbaar met de inkoopmanagersindex (PMI van de NEVI) zijn in 2011 en 2012 flink gedaald ten opzichte van het piekniveau in 2010. • De daling van het vertrouwen heeft te maken met de economisch teruggang in 2011 en 2012 en de toegenomen onzekerheid onder ondernemers over de economie. • In 2013 verbeterde de situatie vooral bij de plaatbewerkende bedrijven. De index steeg door een aantrekkende bedrijvigheid in de machine- industrie, waar de branche een belangrijke toeleverancier van is. In de verspanende bedrijven vond ook herstel plaats, maar in een lager tempo. • Orderportefeuille raakt weer beter gevuld De orderportefeuilles van de verspanende en plaatbewerkende bedrijven raken langzaam maar zeker weer gevuld. Vooral in het plaatbewerkende segment trok de bedrijvigheid in de tweede helft van 2013 flink aan, met name door het sterke herstel van de vraag vanuit de machine-industrie. De machine-industrie kreeg namelijk te maken met een impuls van de vraag vanuit het buitenland, met name uit Duitsland. • Ook de orders in het verspanende segment trekken aan, alhoewel het tempo van herstel hier iets lager ligt. De verspanende bedrijven zijn ook een belangrijke toeleverancier van de machine- industrie. • Visie op Sectoren 2014
  14. 14. Bron: Bron: CBS Aantal vestigingen verspanende bedrijven neemt toe Het aantal vestigingen van bedrijven met verspanende bewerkingen groeit jaarlijks verder, terwijl het aantal smederijen sinds 2010 afneemt. De bedrijfsdynamiek bij bedrijven die actief zijn in oppervlaktebehandeling, is beperkt. • Sinds 2006 is het aantal verspanende bedrijven explosief gegroeid, met 61,8%. Ter vergelijking: het aantal smederijen nam in dezelfde periode toe met 7,6% en het aantal bedrijven in oppervlaktebehandeling met 8,3%. • De explosieve groei van het aantal verspanende bedrijven heeft tot gevolg dat de concurrentie en de druk op de omzet en marges toeneemt. • Visie op Sectoren 2014
  15. 15. 24% van de totale bedrijfskosten in deze branche bestaat uit personeelskosten. Dit ligt hoger dan het gemiddelde van 15% voor de gehele industrie. 10.275 bedrijven zijn actief in deze branche. Dit aantal zal in 2014 verder groeien. Het aantal bedrijven nam in zes jaar tijd toe met 19,8%. 1,8% van de totale export van Nederlandse goederen betreft metaalproducten. Van de totale export van metaalproducten gaat 28% naar Duitsland. Kabels en draad van metaal, bevestigings-materiaal van metaal en gereedschappen zijn hierbij de belangrijkste producten. Bron: CBS Branche in cijfers Visie op Producenten van metaalproducten Update 2014 Omgeving waarin producenten moeten ondernemen is competitiever geworden Bedrijven hebben veel geïnvesteerd in automatisering van het productieproces Interconnectiviteit tussen productontwikkeling en productieproces intensiveert Trends en ontwikkelingen De laatste twee jaren heeft de branche flinke tegenwind gehad met dalende productie en omzet en toenemende concurrentie. De vraag vanuit de bouwsector, een belangrijke afnemer voor deze branche, was relatief laag. De bedrijven die toeleveren aan de meer export-intensieve branches, konden indirect profiteren van de groei van de export begin 2014. De machine-industrie is een export-intensieve branche en de metaalproductenindustrie heeft, als belangrijke toeleverancier, hiervan geprofiteerd. Additive Manufacturing (AM ofwel 3D-printen) van metalen producten maakt voorzichtig haar entree. Veel producenten staan echter nog ambivalent tegenover de revolutionaire mogelijkheden van AM. De ‘early adopters’ (zij die deze techniek in een vroeg stadium hebben opgepakt) hebben echter goede resultaten geboekt en richten zich met hun output vooral op maatwerkproducten waarvoor bijzondere eisen gelden op het gebied van vorm, structuur en gewicht. De omgeving waarin producenten van metaalproducten moeten ondernemen is competitiever geworden. De concurrentiedruk is toegenomen, onder meer door de kwaliteitsslag van veel buitenlandse producenten, die nu tegen lagere kosten soortgelijke producten aanbieden. Bedrijven hebben veel geïnvesteerd in automatisering van het productieproces, met als doel om productie- en toeleveringsprocessen verder te optimaliseren. Dit leidt tot verhoging van de arbeidsproductiviteit, kortere doorloop- en omsteltijden en minder faalkosten. Onze visie Het verder automatiseren van processen zal ook komend jaar een belangrijke rol spelen in de bedrijfsvoering. Niet alleen is dit relevant uit efficiencyoogpunt, ook hebben veranderende eisen van de markt een grote impact. Afnemers van metaalproducten vragen om kleinere series met verschillende eigenschappen, die daarmee de complexiteit verhogen. Innovatie mag in deze branche dus niet stilstaan. Intensievere afstemming tussen partijen is noodzakelijk en de vervlechting van digitale gegevensuitwisseling tussen partners (afnemers en/of leveranciers) en processen wint aan invloed. De interconnectiviteit tussen productontwikkeling en productieproces intensiveert en afstemming met partners die productiedata online beschikbaar stellen, zal op den duur een efficiëntere productieomgeving creëren. Door automatisering en robotisering komt de nadruk sterk te liggen op de software. De eisen aan (en dus de kosten van) de software nemen hierdoor toe en niet elk bedrijf is in staat om dergelijke investeringen te doen. Toch heeft het grote voordelen voor het productieproces. De nauwkeurigheid wordt groter, de metaalproducten verbeteren kwalitatief en de proceszekerheid wordt verhoogd. Zodra de software goed is ingericht en de juiste set-up is bereikt, zal dat direct zijn uitwerking hebben op de kostprijs per eenheid product. Kortere omsteltijden, minder grondstofverbruik en afval, automatische gereedschapwisseling en robotbelading hebben tot gevolg dat machinestilstand kan worden gereduceerd en lagere doorlooptijden makkelijker te realiseren zijn. Visie op Sectoren 2014
  16. 16. Bron: Bron: CBS Bron: Bron: CBS Omzetherstel in 2013, productieherstel volgt in 2014 De metaalproductenindustrie (waar halffabricaten en eindproducten van metaal worden gemaakt) heeft twee moeizame jaren achter de rug. Zowel in 2012 als in 2013 daalde de productie, respectievelijk met 2,9% en 1,7%. • De omzet nam slechts licht toe in 2013, met 0,6%. Deze toename valt volledig toe te schrijven aan een stijging van de vraag naar metaalproducten. De prijs van warmgewalst staal daalde met 7%. De prijs van basismetalen als aluminium en koper, daalde in 2013 met gemiddeld circa 10%. • Voor komend jaar verwacht ABN AMRO dat zowel productie als omzet weer zullen groeien. Maar gegeven de nog beperkte groei van de orderportefeuille begin 2014, zijn de verwachtingen nog niet hooggespannen. • Bezettingsgraad herstelt geleidelijk De bezettingsgraad staat begin 2014 (met een stand van 78,5%) nog net onder het lange termijn gemiddelde van 80,3%. • De bezettingsgraad in de metaalproductenindustrie vertoont een grillig verloop. Vanaf 2009 is deze grilligheid gestegen in vergelijking met de periode voor 2009. Oorzaak hiervan is de aanhoudende onzekerheid over de economie en de verwachte bedrijvigheid. • De productie van de metaalproductenindustrie zal in 2014 verder groeien, waarmee een deel van de huidige overcapaciteit weer in gebruik zal worden genomen. • Visie op Sectoren 2014
  17. 17. Bron: Bron: Thomson Reuters Datastream Prijzen van metalen zwakten af in 2013 De prijzen van basismetalen als warmgewalst staal, daalden op jaarbasis in 2013. • De basismetaalprijzen staan onder invloed van mondiale ontwikkelingen. China heeft mondiaal een significant aandeel in de vraag naar en het aanbod van basismetalen en staal en heeft daarmee grote invloed op de mondiale prijsontwikkelingen. • Behoudens onvoorziene economische schokken (met name in China), zullen de prijzen voor basismetalen komend jaar licht toenemen ten opzichte van het niveau van 2013. De aantrekkende mondiale economie en de solide vraag naar cyclische metalen zijn de drijfveren hiervoor. Deze situatie verandert op het moment dat de vraag vanuit China tegenvalt. • Visie op Sectoren 2014
  18. 18. 2.709 MW is de totale capaciteit windenergie in Nederland in 2013. Hiervan wordt 228 MW op zee opgewekt en de rest onshore. Er zijn nog drie lopende projecten waardoor in 2016 de totale capaciteit wind op zee 957 MW zal bedragen. Daarnaast zijn er vergunningen verleend voor nog eens 2.500 MW aan offshore windenergievermogen. Onshore wind moet groeien naar 6.000 MW in 2020. 4,5% was het aandeel hernieuwbare energie in de Nederlandse energiemix in 2012. Volgens de doelstelling, zoals opnieuw vastgelegd in het nationale energieakkoord, moet dit 14% bedragen in 2020 en 16% in 2023. 58,3% van de cumulatief geïnstalleerde capaciteit aan PV-systemen, oftewel 79.952 MW, lag in Europa in 2013. De totaal geïnstalleerde capaciteit in Europa komt daarmee uit op 136.697 MW. Bron: CBS, Eurostat, European Photovoltaic Industry Assiciation (EPIA) Branche in cijfers Visie op Windenergie en solar Update 2014 De vooruitzichten voor hernieuwbare energie zijn gunstig Succes hangt sterk af van de beschikbaarheid van subsidies Naast kansen in Nederland kan de sector profiteren van buitenlandse ambities Trends en ontwikkelingen De Nederlandse overheid heeft, in samenspraak met maatschappelijke- en milieuorganisaties, in het nationale energieakkoord nieuwe doelstellingen vastgelegd. In 2020 moet 14%, en in 2023 16% van onze energie duurzaam worden opgewekt. Medio 2013 is 4,5% gerealiseerd. Windenergie op land en windenergie op zee moeten een belangrijke bijdrage (ruim 6%) leveren om dat doel te bereiken. De Rijksoverheid stimuleert bedrijven via de Subsidieregeling Stimulering Duurzame Energieproductie (SDE+) om te investeren in windenergie. Hierbij mag volgens minister Kamp niet meer dan EUR 18 miljard van de SDE+ worden besteed aan offshore-wind. Daarnaast moet er meer worden geïnvesteerd in efficiëntere technologie om de kosten te verlagen bij windenergie. Windenergie is in Nederland één van de goedkoopste vormen van duurzame energie, maar nog steeds duurder dan elektriciteit opgewekt door gas en/of steenkool. Schaalvergroting en de afzetgarantie door langjarige contracten, maar ook onderlinge concurrentie en nieuwe verbeterde technologie, dragen bij aan de verwachte kostenreductie van 40% tot 2020. Het kabinet vindt dat lidstaten van de EU niet via subsidies met elkaar moeten concurreren bij de productie van hernieuwbare energie. Door het nastreven van de nationale doelstellingen zal echter het reeds bestaande (internationale) overschot aan elektriciteit verder toenemen. Dit leidt tot extra druk op prijzen en bemoeilijkt het rendabel maken van hernieuwbare energie. De sterke afhankelijkheid van subsidies blijft daarmee een groot risico. Onze visie De hogere energienota en afhankelijkheid van energie-import leiden tot groeiende belangstelling voor duurzame energie. Om de Nederlandse doelstellingen voor 2020 en 2023 te realiseren begint de tijd inmiddels wel te dringen. De ontwikkeling van een windpark kost immers vijf tot zeven jaar. Nederland kent een lange traditie van kennisopbouw in de offshore-olie- en gasindustrie. Volgens de Nederlandse Wind Energie Associatie (NWEA) is de Nederlandse industrie vooral goed in fundatie, installatie en onderhoud. Hoewel de fabricage van windturbines veelal in het buitenland plaats vindt, kunnen Nederlandse bedrijven toch betrokken zijn bij ongeveer 60% van de Europese offshore-windenergie keten, en daarvan profiteren. Los van de grote geplande investeringen in de Nederlandse offshore- windenergie kan deze kennis ook goed worden geëxporteerd naar andere landen, die steeds meer in deze industrie investeren. Nieuwe photovoltaische (PV) panelen in Europa namen minder snel in aantal toe in 2013 (met 10.253 MW) ten opzichte van 2012 (17.580 MW). Dit is het gevolg van minder politieke steun en een heffing op Chinese zonnepanelen. Toch groeide de PV markt op mondiaal niveau harder dan ooit tevoren (met 37.007 MW), wat de totale capaciteit PV-installaties op bijna 137 GW bracht. Visie op Sectoren 2014
  19. 19. Bron: Bron: CBS Bron: Bron: European Wind Energy Association (EWEA) ABN AMRO verwacht dat deze trends in zonne- en windenergie nog lang doorzetten en schat de vooruitzichten voor deze branches dan ook positief in. Echter, om hernieuwbare energie te blijven stimuleren zijn en blijven subsidieregelingen cruciaal. Windenergieproductie in 2013 op hoogste niveau ooit De capaciteit van wind als energiebron is wisselvallig en kan aanzienlijk afwijken van de standaard (100). In 2013 kwam de Windex uit op 91. Dit was het vijfde jaar op rij dat de index onder de standaard noteerde. • De elektriciteitsproductie door middel van windenergie in Nederland steeg tot 5.574 MW in 2013. • De totale capaciteit van windenergie in Nederland neemt al jaren toe. De stijging is de afgelopen jaren volledig toe te wijzen aan extra capaciteit op land en verbetering van het rendement. • Gemiddeld volume en rendement offshore-windmolenparken In 2013 was het gemiddelde volume van een offshore-windmolenpark 482 MW, een stijging van 68% ten opzichte van 2012. Sinds 2009 neemt het gemiddelde exponentieel toe. Dit komt doordat offshore-windmolenparken in grootte toenemen en door rendementsverbetering van individuele windmolens. • De gemiddelde waterdiepte van afgeronde offshore-windmolenparken was 20 meter; de gemiddelde afstand naar de kust 30 kilometer. • Reeds goedgekeurde projecten en geplande projecten in zowel binnen- als buitenland bieden een positief vooruitzicht voor deze branche. • Visie op Sectoren 2014
  20. 20. Bron: Bron: European Photovoltaic Industry Association (EPIA) Aantal PV-installaties groeit exponentieel Het aantal mondiale PV-installaties is exponentieel toegenomen tussen 2000 en 2013 tot een totaal vermogen van bijna 137 GW. Het grootste aandeel PV-installaties bevindt zich in Europa (bijna 80 GW). • De groei in capaciteit is vooral gevoed door goedkope Chinese panelen. Door extra heffingen op Chinese panelen en minder steun vanuit de politiek, werd de groei van PV-installaties in 2013 duidelijk geremd. • Duitsland was leidend in de wereldmarkt voor zonne-energie. Deze rol wordt nu overgenomen door China, Japan en de VS. • Visie op Sectoren 2014
  21. 21. 30% van de bedrijven in de verpakkingsmiddelen-industrie heeft 1 tot 10 werkzame personen in dienst. Dit maakt dat de branche zeer gefragmenteerd van aard is. Slechts 10% van de bedrijven heeft 100 of meer werkzame personen in dienst. 0,1% daalden de prijzen voor Low Density Polyetheen (LDPE) slechts in 2013 op jaarbasis. De kunststofprijzen zijn in 2013 ten opzichte van 2012 nagenoeg gelijk gebleven. 8,0% stegen de prijzen van kraftliner papier in 2013 op jaarbasis. De papierprijzen namen in 2013 verder toe. In het eerste kwartaal van 2014 zijn de prijzen echter gedaald ten opzichte van de gemiddelde prijs in 2013. Bron: CBS, Thomson Reuters Datastream Branche in cijfers Visie op Verpakkingsmiddelenindustrie Update 2014 Afzet bepaalde typen verpakkingen daalt door veranderende consumptiepatronen Geïntegreerde ketenbenadering bevordert interconnectiviteit Smart packaging en efficiëntere productieomgeving zijn in opkomst Trends en ontwikkelingen De branche heeft de crisis relatief goed doorstaan. Dat komt doordat de vraag naar kleine gemaksverpakkingen is toegenomen en de verkopen via internet sterk zijn gegroeid. Ook is de branche sterk gelieerd aan de voedingsmiddelenindustrie, die minder gevoelig is voor economisch ontwikkelingen en het afgelopen jaar relatief goed gepresteerd heeft. Het is niet alleen de grootste afnemer van verpakkingsmiddelen, ook volgen de ontwikkelingen elkaar bij voedselverpakkingen relatief snel op. Veranderende consumptiepatronen beïnvloeden de vraag naar bepaalde typen verpakkingen. Zo drinken consumenten minder graag hun dranken uit karton, waardoor de vraag naar kartonnen drankverpakkingen is gedaald. De vraag naar meer hoogwaardige materialen neemt juist toe en ook de verduurzaming van (consumenten)verpakkingen krijgt voet aan de grond. Voor ondernemers is het daarom van belang om voortdurend dergelijke veranderingen in de markt en andere trends te monitoren. Voor veel retailers is de verpakking net zo zeer een marketingtool als bijvoorbeeld de website. Een geïntegreerde ketenbenadering kan in dit verband goed zijn. Het verbetert de communicatie en bevordert interconnectiviteit tussen de schakels, wat de co-creatie in de keten ten goede komt. Veel bedrijven hebben voor verdere groei en optimale bediening van de markt geïnvesteerd in het machinepark. De machines zijn geavanceerder geworden en dragen bij aan de kwaliteit van de verpakkingsproducten en de flexibiliteit van het proces. Het aandragen van verpakkingsoplossingen en maatwerk (van ontwerp tot eindproduct) is eenvoudiger en leidt tot onderscheidend vermogen en meerwaarde voor de klant. Onze visie De verpakkingsmiddelenindustrie moet continu werken aan productverbeteringen. Duurzaam consumentengedrag staat nog in de kinderschoenen, maar het is duidelijk dat consumenten duurzaamheid steeds relevanter gaan vinden en deze trend daarom voorlopig aanhoudt. Producenten van verpakkingen doen er goed aan om daarop aan te sluiten. Naast het recyclen van verpakkingsmateriaal, staat ook het terugdringen van energie- en grondstofverbruik hoog op de agenda. Dit vraagt om (milieu)besparende verpakkingsoplossingen (zoals afbreekbare biomaterialen) en efficiëntere productielijnen. Investeringen in intelligentere machines met hoogwaardige software zijn daarom van belang om in de toekomst het hoofd te kunnen bieden aan de toenemende concurrentiedruk in de branche. Een nieuwe generatie machines moet in staat zijn om herhaalopdrachten volledig automatisch te verwerken. Het doel hierbij is om de productiviteit te verhogen, de efficiency te verbeteren en de prijsdruk in de markt op te vangen. De interconnectiviteit tussen ketenpartners zal verder worden geïntensiveerd en dit leidt uiteindelijk tot een efficiëntere productieomgeving. Dit vraagt niet alleen om intelligentere machines die de toenemende complexiteit aankunnen, maar ook om een betere afstemming en communicatie in de keten. Digitale gegevensuitwisseling tussen machines via internet over bijvoorbeeld productieprocessen en voorraadniveaus bij partners (afnemers en/of leveranciers), zal hierdoor komend jaar toenemen. Dit zal uiteindelijk een gunstig effect moeten hebben op de marges van fabrikanten van verpakkingsmiddelen. Visie op Sectoren 2014
  22. 22. Bron: Bron: VNP Bron: Bron: European Bioplastics Afzet golfkarton en pakpapier neemt toe Papier en karton blijven de belangrijkste materiaalsoorten voor de verpakkingsmarkt. Het heeft een aandeel van 42% in het totale verbruik van materiaalsoorten. • De totale gebruikte hoeveelheid papier is de afgelopen jaren scherp gedaald. Tussen 2000 en 2013 daalde zowel de hoeveelheid als de capaciteit met 16%. In dezelfde periode daalde de afzet van grafisch papier met 32%, van verpakkingsmateriaal met 6% en van hygiënisch papier met 7%. • Alleen de afzet van golfkarton en pakpapier is sinds 2000 toegenomen, met respectievelijk 19% en 27%. Golfkarton heeft het grootste aandeel in het totaal van verpakkingsmateriaal (53%). • Mondiale productiecapaciteit bioplastic neemt toe Het gebruik van harde kunststof heeft een groot aandeel in het totale gebruik van verpakkingsmaterialen. Bioplastic (uit natuurlijke producten als maiszetmeel) is in opmars en vormt een concurrent voor kunststoffen op oliebasis. • In 2012 was circa 45% van de totale hoeveelheid gebruikt bioplastic biologisch afbreekbaar. De verwachting is echter dat de hoeveelheid niet- afbreekbaar bioplastic sterker zal toenemen, mede door de extra bewerkingen op het plastic (zoals bedrukken met inkt). • De gebruikte hoeveelheid bioplastic zal de komende jaren nog verder toenemen. Nieuwe technieken gaan de kosten drukken. Volgens European Bioplastics zal de hoeveelheid tot en met 2017 groeien met 343% ten opzichte van het niveau van 2012. • Visie op Sectoren 2014
  23. 23. Bron: Bron: Thomson Reuters Datastream Grondstofprijzen handhaven relatief hoge niveau De prijzen van de belangrijkste soorten verpakkingsmateriaal zijn de laatste jaren gestegen. De prijs van kraftliner papier steeg met 15,3% sinds 2010, terwijl de prijs van testliner in dezelfde periode steeg met 12,7%. De stijging van de prijzen wordt vooral toegeschreven aan een toename van de kosten voor energie en grondstoffen (pulp). • Ook de prijzen van kunststoffen stegen sinds 2010. De prijs van PET steeg met bijna 15% in vier jaar tijd, terwijl de prijs van lagedichtheid- polyetheen (LDPE) ten opzichte van 2010 met 3% toenam. De prijs van veel kunststoffen stegen de afgelopen jaren onder meer door een stijging van de olieprijs. • Visie op Sectoren 2014
  24. 24. 1.130 miljard kubieke meter is de bewezen resterende reserve aan aardgas in Nederland per 1 januari 2013. Hiervan bevindt zich 824 miljard m3 in het Groningenveld, en 307 miljard m3 in de kleine velden. 48,1 m3 miljoen m3 bedroeg de Nederlandse aardolievoorraad per 1 januari 2013. Hiervan ligt 41,4 miljoen m3 op het territoir, en 6,7 miljoen m3 op het continentaal plat. 108,70 dollar was de gemiddelde Brent- olieprijs in 2013. Hoewel de trend reeds drie jaar dalende is, ligt de gemiddelde Brent-olieprijs op historisch hoog niveau. Dit maakt dat nieuwe investeringen in dit segment economisch aantrekkelijk blijven. Bron: NL Olie- en Gasportaal (NLOG), Reuters Branche in cijfers Visie op Olie en gas toeleveranciers Update 2014 Met dalende olie- en gasproductie verschuift focus richting opslag en handel Door internationale focus blijft Nederlandse offshore-industrie groeien Nu hoge investeringen nodig blijven, zal positieve trend aanhouden Trends en ontwikkelingen De olie- en gasmarkt bestaat uit veel segmenten, waaronder de toeleveranciers. De afgelopen jaren zijn – ondanks de economische tegenslag – de omzet, productiewaarde en werkgelegenheid in de offshore gestegen. Dit komt mede doordat veel bedrijven in de (offshore) olie- en gassector internationaal gericht zijn. De Nederlandse offshore-industrie is vooraanstaand op het gebied van ontwerp en exploratie en staat bekend om haar innovatieve karakter, hoge efficiency en vakkundigheid. Waar veel grote olie- en gasmaatschappijen hun conventionele productie afbouwen, bijvoorbeeld op de Noordzee, liggen er kansen voor kleinere bedrijven. Zij kunnen door middel van andere productiemethoden en (kosten)efficiënter werken (industrie 4.0) de olie- en gasproductie langer op een hoog peil handhaven. Wel moet er de komende jaren flink worden geïnvesteerd in de verouderde energie- infrastructuur. Om gas uit Slochteren zo lang mogelijk te sparen, was productie gelimiteerd voor de periode 2011-2020 op gemiddeld 44,6 miljard m3 per jaar. Toch is sinds 2000 de productie uit het Groningenveld alsmaar gestegen. Na enkele aardbevingen en twee jaar op rij een recordproductie (2012 – 52,2 miljard m3; 2013 – 53,8 miljard m3) heeft minister Kamp (EZ) aangekondigd dat de productie in het meest risicovolle gebied (rondom Loppersum) met 80% wordt verminderd. Om de veiligheid te vergroten, wordt de totale gasproductie uit het Groningerveld voor de jaren 2014, 2015 en 2016 begrensd op respectievelijk 42,5, 42,5 en 40 miljard m3. De Nederlandse oliewinning is in 2012 toegenomen met ruim 4% tot 1,32 miljoen m3. De Nederlandse aardoliereserves zijn met 7,9 miljoen m3 naar boven bijgesteld tot een totale bewezen reserve van 48,1 miljoen m3. Onze visie De omzet in de offshorebranche is de afgelopen vijf jaar gestegen. Ongeveer 75% hiervan komt door de stijging van de export van Nederlandse offshorekennis en -vaardigheden. ABN AMRO verwacht dat deze trend zal doorzetten, wat positief is voor de toeleveranciers. Hoewel de olie- en gasproductie binnen het Nederlandse grondgebied verder zal afnemen, zal de export van specifieke kennis en vaardigheden verder stijgen. Hierdoor wordt de invloed van deze buitenlandse activiteiten nog groter. Daarnaast heeft Nederland de ambitie om, als de gasproductie verder daalt, in Europa een cruciale rol te blijven spelen als gashub. Centraal gelegen en met een goede energie-infrastructuur kan Nederland een belangrijke speler worden voor opslag en transport van gas richting de rest van West-Europa. Ook voor de gasleveranciers blijven de vooruitzichten positief, voor onshore maar vooral ook voor offshore. Productie van schaliegas zal wegens milieueisen en bezwaren uit de samenleving, in Europa de komende jaren niet succesvol blijken, hoewel precieze ramingen niet gemaakt kunnen worden zolang proefboringen niet worden toegestaan. Visie op Sectoren 2014
  25. 25. Bron: Bron: NL Olie- en Gasportaal Bron: Bron: CBS, *verwachting ABN AMRO Economisch Bureau De hoge olieprijs en de verwachte energievraag zullen een positieve bijdrage blijven leveren aan het investeringsklimaat binnen deze branche. Veel van de bedrijven die leveren aan de offshore olie- en gasindustrie, kunnen met hun kennis en ervaring op zee ook een positieve bijdrage leveren aan de grote plannen van de nationale- en internationale offshore windenergiebranche. Al met al zijn de vooruitzichten voor de toeleveranciers olie en gas gunstig. Dalende trend on- en offshore aardgasproductie in Nederland In 2012 produceerde Nederland 78,2 miljard m3 gas, waarvan 59 miljard m3 gas onshore. Dit is 0,5% minder dan in 2011 en 8,9% minder dan in 2010. • Naar verwachting zal de productie komende jaren relatief stabiel blijven tot licht dalen, voordat de gaswinning vanaf 2015 sneller gaat afnemen. Waarschijnlijk moet Nederland binnen 15 jaar gas gaan importeren. • De totale gasproductie uit het Groningerveld voor de jaren 2014, 2015 en 2016 wordt begrensd op respectievelijk 42,5, 42,5 en 40 miljard m3. De productie rondom Loppersum wordt met 80% teruggebracht. • De offshorebranche heeft een grote directe economische betekenis In navolging van de ontwikkelingen op de olie- en gasmarkt, lieten de omzet en productiewaarde van de offshorebranche in de periode van 2006 tot en met 2012 een groei zien van 23%. In 2012 was de omzetgroei ruim 5%. De bijdrage aan de toegevoegde waarde van de economie bedroeg EUR 1,3 miljard, met een productiewaarde van EUR 3,2 miljard. • Tweederde van de omzetstijging, zo’n 65%, werd gerealiseerd door de stijging van de export naar groeimarkten. • De werkgelegenheid steeg in de periode van 2006 tot 2012 met 7,3%. De offshorebranche biedt direct werk aan 17.600 werkzame personen. • Visie op Sectoren 2014
  26. 26. Bron: Bron: Thomson Reuters Datastream Olie- en gasprijsontwikkeling De Brent-olieprijs is, ondanks de onrust in het Midden-Oosten en productiestoornissen in diverse regio’s, in een relatief smalle bandbreedte gebleven. De licht stijgende vraag naar olie werd opgevangen door de ruime voorraden. • Door de milde winter in Europa zijn de gasvoorraden ruim. Hierdoor daalde de TTF- gasprijs naar het laagste niveau in twee jaar. ABN AMRO verwacht een verdere loskoppeling van de gasprijs en de olieprijs als gevolg van contractonderhandelingen met Rusland en Noorwegen. • De verwachting van ABN AMRO voor zowel de Brent-olieprijs als de TTF-gasprijs, is een aanhoudend dalende trend in de komende jaren. • Visie op Sectoren 2014
  27. 27. 22% van de totale bedrijfslasten in deze branche betreft personeelskosten. In de kunststofindustrie ligt dit aandeel aanzienlijk lager, aangezien een groot deel van het productieproces hier geautomatiseerd is. 1.310 bedrijven waren op 1 januari 2014 actief in deze branche. Ten opzichte van 2007 is het aantal bedrijven in deze branche toegenomen met slechts 0,7%. Dit ligt beduidend lager dan de aanwas van bedrijven in de totale industrie in dezelfde periode: 17,2%. 3,8% van de totale exportwaarde van Nederland betreft de rubber- en kunststofproductenindustrie, waarvan rubberwaren 0,7% voor hun rekening nemen en kunststoffen 3,1% (zowel kunststoffen in primaire vorm als kunststofproducten). Belangrijkste exportmarkt is Duitsland. Bron: CBS Branche in cijfers Visie op Rubber- en kunststofproductenindustrie Update 2014 Mondiale vraag naar lichtere materialen neemt toe Continue procesinnovaties kunnen efficiëntere productie waarborgen De interconnectiviteit tussen ketenpartners intensiveert Trends en ontwikkelingen Zowel omzet als productie van de rubber- en kunststofproductenindustrie is in 2013 toegenomen. Maar de producenten die zich voornamelijk richten op de Nederlandse markt, hebben het afgelopen jaar relatief moeilijk gehad. Veel bedrijven zijn internationaal georiënteerd en het grootste deel van de Nederlandse productie (circa 60%) is bedoeld voor buitenlandse markten. De mondiale vraag naar lichtere materialen is al enkele jaren aan het toenemen, met name bij de ontwikkeling van consumentenproducten en in de transportmiddelenindustrie. Door nieuwe wetgeving wereldwijd moeten vervoermiddelen voldoen aan striktere milieueisen (minder uitstoot van CO2) waardoor veel producenten op zoek gaan naar lichtere materialen, die het energieverbruik van de vervoermiddelen gunstig beïnvloeden. Door de structurele innovatie in de kunststofindustrie, is de branche in staat om goede alternatieven te bieden. Klassieke materialen (in dit geval metaal) worden in toenemende mate vervangen door kunststofproducten; een trend die voorlopig nog aan zal houden. Het heeft zich inmiddels ook naar andere sectoren uitgebreid (zoals de bouw), waar gangbare constructiematerialen zoals hout en steen veel vaker worden vervangen door kunststofproducten. Productontwikkeling blijft voor de rubberproducenten van levensbelang en staat ook onder invloed van wetgeving en milieueisen. Zo hebben innovaties in de productie van synthetische rubbers ertoe bijgedragen dat de optimale rolweerstand van banden steeds nauwkeuriger kan worden bereikt, waardoor het brandstofverbruik van voertuigen daalt. Onze visie Om competitief te blijven zijn continue procesinnovaties relevant om goedkopere en efficiëntere productie te waarborgen. Klanten worden bovendien veeleisender. In dit verband biedt Additive Manufacturing (AM ofwel 3D-printen) veel mogelijkheden. Het gebruik van AM is vooral geschikt voor kleinere series of maatwerk. Bij de vervaardiging van precisieproducten van kunststof kan een hoge mate van complexiteit van vorm worden bereikt met een beperkte hoeveelheid restafval. In toenemende mate vragen afnemers van kunststofproducten om kleinere series met verschillende eigenschappen, die daarmee de complexiteit verhogen. Dit vraagt niet alleen om intelligentere machines die de toenemende complexiteit aankunnen, maar ook om een betere afstemming en communicatie in de keten. Digitale gegevensuitwisseling tussen partners (afnemers en/of leveranciers) via internet, over bijvoorbeeld productieprocessen en voorraadniveaus, zal hierdoor komend jaar toenemen. De interconnectiviteit tussen ketenpartners intensiveert en dit zal een efficiëntere productieomgeving en verbeteringen in distributiekanalen creëren. ABN AMRO verwacht dat de Nederlandse economie in 2014 zal groeien en dit is een gunstige uitgangspositie voor de rubber- en Visie op Sectoren 2014
  28. 28. Bron: Bron: CBS Bron: Bron: CBS kunststofproductenindustrie. Met name de export zal sterk aantrekken. De voornaamste afnemers binnen Nederland komen uit de industrie (verpakkingsmiddelen) en de bouw. De bouw krimpt in 2014 – voor het derde jaar op rij – en ook de particuliere consumptie daalt nog komend jaar. De krimp in de bouw wordt volgens ABN AMRO wel minder. Gematigde productiegroei in 2014 De branche herstelde vlot na de lichte omzetkrimp in 2012. In 2013 nam de omzet weer toe met 2,3%. De productie groeide met 0,1% in 2013 maar mondjesmaat. De granulaatprijs nam in 2013 toe. • Vooral de omzet uit het buitenland heeft het in 2013 goed gedaan. Deze nam in 2013 met 5% toe, terwijl de omzet uit het binnenland met 1,2% daalde. De branche exporteert een groot deel van zijn kunststofproducten (zoals profielen, buizen en foliën, maar ook de primaire vormen) en rubberwaren naar Duitsland. • De verwachtingen voor de Duitse markt zijn ook voor 2014 gunstig. Dit betekent onder meer dat de productie en omzet in 2014 weer zullen aantrekken. • Bezettingsgraad rubber- en kunststofindustrie herstelt Het deel van de beschikbare capaciteit dat daadwerkelijk wordt benut (bezettingsgraad), zit begin 2014 met 77,5% nog net onder het lange termijn gemiddelde van 78,5%. • Ondanks dat de verwachtingen over de productie in 2014 nog niet hooggespannen zijn, zal de bezettingsgraad komend jaar verder herstellen. De productie groeit in 2014 met 1,5% en dit zal tot gevolg hebben dat er meer beroep zal worden gedaan op de beschikbare capaciteit. Gezien de grilligheid van de datareeks, zal het herstel in bezettingsgraad echter niet rechtlijnig plaatsvinden. • Visie op Sectoren 2014
  29. 29. Bron: Bron: Plastics Europe Verpakkingen is belangrijkste toepassingsgebied kunststoffen Kunststoffen worden in veel sectoren gebruikt voor verdere bewerking. Hiervan is de belangrijkste sector de verpakkingsmiddelenindustrie, met een aandeel van bijna 40%. • Binnen de verpakkingsmiddelenindustrie is het gebruik van bioplastic (de afbreekbare variant) in opkomst. Veel verpakkingen van levensmiddelen eindigen als zwerfafval en de inzet van biologisch afbreekbare materialen kan hier een oplossing voor vormen. • Ook in de bouwsector worden veel kunststoffen gebruikt. Deze sector heeft een aandeel van 20% in de totale vraag naar kunststoffen. De automotive sector heeft een aandeel van 8% in de totale vraag. • Visie op Sectoren 2014

×