Sessie 3 ThemaB: sociale en werkgerelateerde vaardigheden 4.1 Vaardigheden en vermogens 4.2 Interactiecirkel (sociale en communicatieve vaardigheden) 4.3 Huiswerkopdracht 5 Innerlijke blokkades op weg naar werk 4.4 Huiswerkopdracht 6 Persoonlijke eigenschappen
6.
Sessie 4 ThemaA: persoonlijke eigenschappen en werkomstandigheden 5.1 Kenmerken van de nieuwe baan
7.
Sessie 5 ThemaB: gemotiveerde keuzes functies, bemiddelberoepen en Arbeidsmarktsectoren 6.1 Geschikte functies en sectoren 6.2 Doelformulering 6.3 Afronding werkdocument
8.
Sessie 1 ThemaB 2.1 WAAROM WERKEN De reden waarom iemand werkt zal van persoon tot persoon verschillen. De een werkt met plezier, de ander ziet er niet naar uit. Dit hangt af van iemands motivatie om te werken. We kunnen onszelf de vraag stellen: waarom wil ik werken? Misschien heeft u dan meteen de neiging om te zeggen: “Voor het geld!”. Als dit antwoord het eerste antwoord is dat u te binnen schiet, kunt u zichzelf de vraag stellen: “Waarom nog meer?”. Op de volgende pagina staan een aantal antwoorden op de vraag: “ Waarom wil ik werken?”
9.
Sessie 1 ThemaB De lijst om te werken is lang niet altijd op iedereen van toepassing. Er zijn vaak heel persoonlijke redenen te bedenken waarom iemand werkt. U kunt eens kijken wat uw eigen redenen zijn om te werken. Bij dit hoofdstuk horen een aantal opdrachten waarmee u daar achter kunt komen. De redenen waarom werken voor u belangrijk is, geeft u ook informatie over wat u in uw werk of in een baan belangrijk vindt. Dit zal u helpen als u straks gaat nadenken over de soort functie die u weer wilt gaan uitoefenen.
10.
8 redenen omte werken: Loon: Belangrijk vanwege het geld. Daarom neem ik het ongemak van overwerk, ploegendiensten, etc. op de koop toe voor een beter loon Collega’s: Door werk hoor ik bij een groep. In die groep voel ik mij solidair met mensen die min of meer hetzelfde werk doen. Status: Werken geeft status. Als ik werk dan beteken ik iets. Vooruit komen: Door te werken heb ik vooruitzichten om hoger op te komen. Door hoger op te komen kan ik meer verantwoordelijk werk krijgen en misschien meer gaan verdienen. Dit is voor mij een uitdaging.
11.
8 redenen omte werken: 5. Tijdverdrijf: Werken zie ik als een vorm van tijdverdrijf. Ik zou anders niet goed weten wat ik met mijn vrije tijd moest doen. 6. Uitdaging: Werk is voor mij een uitdaging:Kan ik zestig dozen vol krijgen in een uur? Kan ik niet iets verzinnen waardoor deze klus efficienter wordt gedaan? 7. Ontwikkelen: Ervaring opdoen in het werk en zich hierdoor ontwikkelen is voor mij een reden om te (blijven) werken. 8. Prestatie: Als ik met anderen heb meegewerkt aan een product of zelf een bepaald product heb gemaakt, kan ik daar trots op zijn.
Wat is jouwEnneagramtype? Welk Enneagramtype ben jij? Vul het scoreformulier in aan de hand van de gestelde vragen Hierna ontvang jij een omschrijving van jouw Enneagramtype.
#13 Stap 2:laat cl. Uitleggen waarom hij dit zo plaatst. Stappers: iemand die stap voor stap overweegt en keuzes maakt, geen grote sprongen tegelijk. Hij is wel in staat om risico’s te nemen maar niet zonder goede onderbouwing. Springers: Durft grote risico’s te nemen, ook als de gevolgen nog onbekend zijn. Eerst doen, dan denken. Ook in gesprek zegt hij wel eens dingen zonder na te denken, maar lost dit ook weer luchtig op, maakt van zijn hart geen moordkuil. Is iemand die graag het voortrouw neemt. Afwachters: Liever zo min mogelijk risico’s. Laat zich graag leiden door anderen en is uitstekend in het uitvoeren van een opdracht zonder teveel zelf hoeven in te brengen. Volgers: eigenlijk bijna gelijk aan afwachters. Het enige verschil is wellicht dat een volger er per definitie vanuit gaat dat hij een tkaak krijgt toebedeeld door een ander.