Opbouwende leerlijn vanpropedeuse tot masterWerkgevers HLO bachelorsAfgestudeerden werken als biologisch, medisch of chemisch analist op een laboratorium in ziekenhuizen, universiteiten, biotechnologische of pharmaceutische bedrijven
7.
30 – 40%(vooral biochemie afstudeerrichting) gaat verder naar masterRadboud Universiteit
8.
BeroepsprofielBeroepstaak:Uitvoeren van natuurwetenschappelijkonderzoek in verschillende contextgebiedenTypische vraagstelling:Hoe ontstaat een bepaalde ziekte en hoe kan deze behandeld worden?Complexe vraagstellingen die door duizenden deelvragen beantwoord worden …1. Zijn bacteriën de oorzaak van de ziekte?1.1. Zijn bacteriën aanwezig?1.2. Welke bacteriën zijn aanwezig?1.3. Is de aanwezigheid van bacteriën de oorzaak voor de symptomen?…
9.
BeroepsprofielOnderzoeksgroepen beantwoorden complexevraagstellingen:Groepsleider,ProfessorComplexiteit van onderzoek (aantal deelvragen) waarvoor deze persoon verantwoordelijk isGepromoveerdemedewerkersMaster, AiO, OiOAantal personen per onderzoeks-groepHLO bachelor (analist)MLOervoor routine werkzaamheden (indiennodig)
10.
BeroepsprofielTypische vraagstellingen voorHLO bachelor:1. Zijn bacteriën de oorzaak van de ziekte?1.1. Zijn bacteriën aanwezig?Vragen voor HLO bachelor1.2. Welke bacteriën zijn aanwezig?Deze moet juiste analyse op juiste manier uitvoeren en analyseren: Hij/zij moet weten (o.a.): Donkere streepjes zijn bactieren; En zich afvragen (o.a.)Zijn deze in controles niet aanwezig?
11.
Waarom kiezen mensenvoor deze studie?- Bepaalde affiniteit met onderzoek? - Bregje: Interesse voor het vakgebied
Geen bewustekeuze voor onderzoekAfleiden onderzoekscompetenties van beroepsprofielLandelijkecompetentie: “Onderzoeken” uitgesplitstnaar ‘Ontwerpen’, ‘Experimenteren’ en ‘Resultatenanalyseren’ Afleiden onderzoekscompetenties van beroepsprofielUitgangspunt van elk onderzoek: doelstelling/vraagstelling
14.
Elk onderzoek doorlooptde volgende cyclus (onafhankelijk van complexiteit)vraagstellingWat is al bekend en met welke methoden kan de vraagstelling beantwoord worden?Wat betekenen de resultaten m.b.t. de vraag: kennis van het vak en kritische onderzoekshoudingVakspecifieke onderzoekstechnieken:Analyseren en simuleren van biologische systemen
15.
Afleiden onderzoekscompetenties vanberoepsprofielLandelijke competentie: “Onderzoeken” uitgesplitst naar ‘Ontwerpen’, ‘Experimenteren’ en ‘Resultaten analyseren’
16.
Andereopleidingscompetenties: ‘beheer enadministratie’, ‘kwaliteitsbeheer’, ‘rapporteren en presenteren’, ‘planmatig en projectmatigwerken’, ‘leiden/begeleiden’, ‘adviseren’, ‘samenwerken’, ‘sturenprofessioneleontwikkeling’ Onderzoek leren door het te doenIn alleonderwijseenhedenstaaneen of (meerdereaanelkaargerelateerde) onderzoeksvragencentraalStudenten werken aan deze vraag zowel in de theorie (tutortaken) als praktijkVoorbeeld:Wat is de genetische oorzaak van de ziekte van dit kindje?Ondersteuning door:Theorie: kennis over erfelijke ziektes, geneticaWorkshops:Methodes erfelijke ziektes te onderzoekenBio-informatica:Gebruikmaken van databases
Opstellen van eenonderzoeksplan om de hypothese te testen: welke technieken kan ik gebruiken, welke controles heb ik nodig ….Onderzoekscompetenties:ExperimenterenUitvoeren van technieken om biologische processen te analyseren (b.v. zit een bepaald molecuul in de cellen of niet?), of te simuleren en te beïnvloeden (b.v. voor het testen van medicijnen)Uitdaging: Er kan van alles misgaan door technische problemen (o.a. nauwkeurigheid) en biologische variabiliteit
21.
Begrijpen van technieken(en waar deze mis kunnen gaan) alleen door begrip van biologische processenOnderzoekscompetenties: Resultaten analyseren“Resultatenvolgensde geschiktemethodeanalyseren”Kritischehouding: “Zijn de resultatenbetrouwbaar?” (zijnallecontroleszoalsverwacht?)“Zijn de resultatenstatistiek significant” DNA analyseAnalyse van geproduceerd eiwit“Wat betekenen de resultaten m.b.t. de onderzoeksvraag?”“Indien er een onverwachts resultaat uitkomt, waaraan kan dit liggen?”
22.
Leren onderzoeken uitzicht van de studentOp het HLO krijg je alle technieken* aangeleerd om onderzoek te kunnen doen
23.
Tijdens stages krijgje echt het gevoel onderzoek te doen, omdat je dingen over kan doen en zelf fouten kan oplossen
24.
Onderzoek doen opzich is niet moeilijk, maar vaak gaat er iets mis bij de experimenten en dan is het uitdagend de oorzaken te vinden en gemotiveerd te blijven* experimentele technieken, statistiek, literatuuronderzoek, verslaglegging, juiste onderzoeksopzet (controles), kritische houding
25.
Toetsing van onderzoekscompetentiesToetsingin binnenschoolse curriculum:KennistoetsenThematoetsen (toepassen van kennis; toetsen onderzoekscompetenties)Beroepsproducten: toetsen van competentiesLiteratuurverslagen, Onderzoeksplan (toetsen o.a. van ‘Ontwerpen’)Onderzoeksverslag (toetsen o.a. van ‘Resultaten analyseren’)Praktijk (toetsen o.a. van ‘Experimenteren’)Presentatie of posterpresentatie Toetsing van stage en afstuderen:Werkzaamheden worden beoordeeld m.b.v. criteria afgeleid van competenties/indicatoren