Update 24

396 views

Published on

0 Comments
0 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

No Downloads
Views
Total views
396
On SlideShare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
9
Actions
Shares
0
Downloads
0
Comments
0
Likes
0
Embeds 0
No embeds

No notes for slide

Update 24

  1. 1. “Wat heb jíj nou met je haar gedaan?” is het eerste wat Tirza zegt als ik de volgende ochtend op school aankom. Automatisch ga ik met mijn hand naar mijn nu korte haar. Dat doe ik telkens sinds ik het gistermiddag geknipt heb. “O, dit?” zeg ik onverschillig. Ik haal mijn schouders op. “Ik was gewoon toe aan iets nieuws.”
  2. 2. Tirza knijpt haar ogen tot spleetjes. “Jij was toe aan iets nieuws. In al die jaren dat ik je ken, ben je nog nooit toe geweest aan iets nieuws, wat je haar betreft. Waarom nu wel?” Ik besef dat ik niet tegen Tirza kan liegen. “Het is uit tussen Danny en mij,” zeg ik. Tirza schrikt zichtbaar en slaat haar hand voor haar mond. “Uit? Tussen jullie? Hoe kan dat nou weer? Waarom heeft hij het uitgemaakt? Is er iemand anders…”
  3. 3. Ik schud verwoed mijn hoofd. “Nee, Tirs. Ik heb het uitgemaakt, niet hij.” Tirza kijkt me verbaasd en met grote ogen aan. “Waaróm in vredesnaam? Ik dacht dat je zo verliefd op hem was?” “Was ik ook. Nou ja, dat ben ik eigenlijk nog steeds. Maar Robert, die scharrel van m’n moeder, weet je wel? Nou, die bleek z’n grote broer te zijn.” Tirza’s ogen worden nog groter. “Nee, dat meen je niet.”
  4. 4. Ik knik. “Jawel. En – en toen moest ik het uitmaken. Van mezelf. Want ik kan toch niet met het broertje van Robert uitgaan? Die vreselijke…” Mijn onderlip begint te trillen en er wellen weer tranen op in mijn ogen. Tirza doet snel een stap naar voren en slaat haar armen om me heen. “Huil maar niet. Ik begrijp het. Ik zou hetzelfde gedaan hebben als ik me in jouw situatie verkeerde.”
  5. 5. Maar dat doet ze niet. In mijn situatie verkeren, bedoel ik. Zij heeft een geweldig leven. Ze heeft twee ouders die van haar houden, een lief broertje waar ze zo nu en dan mee kibbelt, maar met wie ze het eigenlijk prima kan vinden, en, bovenal, een lief vriendje. Een normaal vriendje. Niet een vriendje die ineens het broertje van de scharrel van haar moeder blijkt te zijn. Waarom kan ik niet een normaal, fijn leven hebben?
  6. 6. Zodra ik door heb wat voor gevoel zich van mij meester heeft gemaakt – jaloezie – schaam ik me ervoor. Zo moet ik niet denken over het leven van mijn beste vriendin. Ik moet niet willen dat het andersom was, want zoiets wil ik haar niet aandoen. Maar waarom voel ik dan iets branden, diep in mijn maag? Waarom word ik iedere keer als ik haar zie bijna… kwaad? Ik weet het niet, maar ik wil het niet langer voelen.
  7. 7. Ik haal even diep adem en zorg dat ik mijn stem weer onder controle heb. “Kom, laten we naar binnen gaan. Anders komen we nog te laat op de eerste dag,” zeg ik op vlakke toon. Tirza knikt en loopt samen met mij de school binnen. Ik voel haar ogen op mijn gezicht priemen terwijl ze naast me loopt.
  8. 8. Ik durf niet opzij te kijken, want ik weet dat ik dan haar onderzoekende blik zal zien, haar bezorgde blik. En dat kan ik nu niet aan. Ik wil niet dat ze me nu troost en lieve woorden spreekt zodat ik me beter ga voelen. Op dit moment wil ik dat ze de slechtste vriendin ooit is, zodat ik me niet hoef te schamen of me schuldig hoef te voelen over de nare gevoelens die in mij ronddwalen.
  9. 9. De rest van de dag ben ik stil, probeer ik zo min mogelijk contact met mijn klasgenoten te maken. Het enige wat ik wil is naar huis gaan, en in mijn bed kruipen. Ik wil slapen, zo lang mogelijk, en dan wil ik nog steeds blijven liggen, gewoon liggen. Zonder verplichtingen, zonder school, zonder vriendinnen om me zorgen over te maken. Maar ja, was het leven maar zo simpel.
  10. 10. Als ik die middag thuiskom ben ik kapot. Ik strompel gelijk door naar boven, en laat me daar op mijn bed vallen. Toen Tirza vandaag merkte dat ik er niet over wilde praten, besloot ze me – tot mijn genoegen – met rust te laten, en begon ze te smsen met Martijn. Dat maakte mijn nare gevoel er niet beter op. Iedere keer als ik het getril van haar telefoon hoorde, voelde ik een steek in mijn onderbuik.
  11. 11. Er klinkt een klopje op de deur, en Dagmar komt binnen. “Alles oké?” vraagt ze. Ik knik en glimlach zwakjes. “Ja hoor. Ik ben gewoon een beetje moe. Ik ga even slapen als je het niet erg vindt.” “Natuurlijk niet,” zegt Dagmar, en ze glimlacht even. “Neem gerust je tijd.” Daarna loopt ze mijn kamer weer uit, en trekt ze de deur achter zich dicht.
  12. 12. Ik laat me achterover vallen en begin te trillen, ook al is het alles behalve koud vandaag. Ik laat de tranen – voor de zoveelste keer deze laatste paar dagen – over mijn wangen stromen en sluit mijn ogen. Binnen de kortste keren ben ik verdiept in een droomloze slaap.
  13. 13. Als ik een paar uur later weer wakker word is het me allemaal duidelijk. Ik zal zo min mogelijk met Tirza om moeten gaan vanaf nu, om mezelf, maar ook haar te beschermen. Ik voel me zo rot als ik haar zo gelukkig zie. Het lijkt wel alsof ik dan in een bodemloze put val. Nee, dat kan niet goed wezen, ook niet voor mijn vriendschap met haar. Dan zou ik haar alleen maar pijn doen…
  14. 14. Wordt Vervolgd

×