16
Energiebesparing is geenlast
maar een lust voor ING
energie-audit
De bankentak van ING neemt sinds 1995 deel
aan het MJA-convenant, waarin afspraken staan
tussen de overheid en bedrijven, instellingen en
gemeenten over het effectiever en efficiënter in-
zetten van energie. De ING-verzekeringstak volg-
de een jaar later. ING heeft met haar grote ge-
bouwenportefeuille - zo’n 300 panden in
Nederland – behoorlijk wat besparingspotenti-
eel. “De eerste actie als MJA-deelnemer was het
maken van een bedrijfsenergieplan,” zegt Arie
Maarten de Bruin, portfoliomanager Bouw &
Techniek. “Alle grote locaties zijn toen geanaly-
seerd op energieverbruik en geïnspecteerd op
mogelijke energiebesparende maatregelen.
Daaraan zijn acties gekoppeld: welke maatrege-
len gaan we nemen en wat is daarvan de terug-
verdientijd? Dat resulteerde in een flinke lijst
met besparingen.”
Toegenomen verbruik datacentra
Voor die eerste reeks maatregelen - waaronder
het opnieuw instellen van gebouwinstallaties,
het plaatsen van dubbelglas en betere isolatie -
moest ING forse investeringen doen. Maar die
leverden ook wat op: ruim 11 procent aan ener-
giebesparing op jaarbasis. Toch zag de bank het
energieverbruik niet omlaag gaan. De Bruin:
“Dat kwam met name door de groei van het per-
soneelsbestand. Er waren meer mensen aan het
werk in de panden en bovendien werden de be-
drijfstijden ruimer. Hierdoor zorgden de bespa-
ringen onder de streep niet voor een lager ener-
gieverbruik.” Ook de groei van onze datacentra
Tekst: Petri Benschop, in opdracht van RVO.nl
Sinds de zomer van 2015 moeten grotere ondernemingen elke vier jaar een energie-audit uitvoeren,
een onderzoek naar het energieverbruik en mogelijke besparingsmaatregelen. Het is een verplich-
ting afkomstig uit de Europese Energie-Efficiency Richtlijn (EED) van de Europese Commissie en
voor veel bedrijven een nieuw onderdeel van de bedrijfsvoering. Niet voor ING, die voert als deelne-
mer aan de Meerjarenafspraken energie-efficiency (MJA) al jaren energie-audits uit. De bank bewijst
dat inzicht in energiegebruik van grote meerwaarde kan zijn voor een bedrijf.
droeg daaraan bij, vervolgt Ronald Lazet, intern
opdrachtgever bij ING. “De opkomst van inter-
netbankieren en apps heeft een enorme impact
op de energievraag. Alleen al door de introduc-
tie van de ING-app maken gebruikers gemiddeld
drie keer zo vaak contact met onze servers. Met
een aantal maatregelen is de groei van het ener-
gieverbruik wel afgeremd. Zo hebben we goed
gekeken naar de opstelling van de servers en ze
waar mogelijk bij elkaar gezet. Hierdoor hoef je
op minder plekken te koelen. Daarnaast zijn we
meer in de cloud gaan werken.”
Gedragscampagne
Ook op het gebied van verlichting en ICT viel
een hoop te besparen, aldus Lazet. “Veel mede-
werkers lieten gewoon hun pc aan staan als ze
naar huis gingen. We zijn toen een gedragscam-
pagne gestart, onder meer met flyers en mai-
lings, maar die had weinig effect.” Dus werd be-
sloten tot een technische oplossing: het
automatisch regelen van het aan- en uitzetten
van computers. Lazet: “Die maatregel leverde
een besparing op van 10 miljoen kilowattuur per
jaar. Daarnaast zetten we in op energiezuinige
LED- en T5-verlichting en schakelt vrijwel alle
verlichting automatisch uit wanneer er geen me-
dewerkers zijn.”
Verduurzaming panden
Belangrijk aandachtspunt bij ING is daarnaast
het verduurzamen van het vastgoed, vervolgt
Lazet. “Nieuwe panden moeten energielabel A
016-018_FMM22516_ART03.indd 16 11-02-16 12:21
2.
Facility Management Magazine| maart 2016 |16 | Facility Management Magazine 17
hebben; bestaande panden met een ongunstig
energielabel vergroenen we of stoten we af. Zo
hebben we vorig jaar de dakbedekking van één
van onze hoofdkantoorpanden vervangen: een
mooie gelegenheid om naast een extra isolatie-
laag 146 zonnepanelen te plaatsen. Door deze
maatregelen besparen we jaarlijks 2 procent
aan energie op zowel warmte als elektra.” Voor
haar huurpanden is ING wat betreft verduurza-
ming vaak afhankelijk van de eigenaren van die
gebouwen. Lazet: “Ook daar proberen we in-
vloed op uit te oefenen. We nemen energiebe-
sparing mee in de onderhandeling over de ver-
lenging van het huurcontract. Zo kan onze eis
bij verlenging zijn dat het pand een upgrade
krijgt naar een A-label.” Zo’n onderhandeling
lukt niet altijd, erkent hij. “Bij een gewilde A-
locatie is het lastiger om eisen te stellen dan bij
een pand in de periferie. En bij een langere
contractperiode is ook meer mogelijk dan wan-
neer de overeenkomst maar voor een paar jaar
geldt. Bij de kantoren Laanderpoort en Acan-
thus in Amsterdam Zuidoost lukte de onder-
handeling wél. In samenwerking met de eige-
naren zijn daar maatregelen genomen
waardoor beide panden nu energielabel A heb-
ben.”
Meerjarenafspraken energie-efficiency
Als MJA-deelnemer dient ING elke vier jaar een
energie-efficiëntieplan (EEP) voor te leggen aan
de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland
(RVO.nl), die namens de Rijksoverheid de uit-
voering van de meerjarenafspraken onder-
steunt. “Deelname aan het MJA-convenant ver-
plicht bedrijven na te denken over
energiebesparing en de inkoop van groene ener-
gie,” zegt RVO-adviseur Selina Roskam. “ING
doet vanaf het eerste uur enthousiast mee met
haar hele gebouwenportefeuille. Daarmee is de
bank een voorbeeld voor andere bedrijven. Het
levert ze wat op, namelijk meer grip op de ener-
gielasten en een lagere energierekening. Daar-
naast draagt het bij aan een duurzaam imago.”
Dat voor veel bedrijven energiebesparing geen
vast onderdeel van de bedrijfsvoering is, komt
de praktijk
‘We willen in 2020 20 procent
bespaard hebbenʼ
016-018_FMM22516_ART03.indd 17 11-02-16 12:21
3.
18
volgens Roskam vooraldoor gebrek aan aan-
dacht. “De onlangs ingevoerde energie-audit
van de EED is daarom vooral een instrument van
bewustwording. Bedrijven móeten wel aandacht
gaan besteden aan energiebesparing.”
Inzicht in verbruik
Om de resultaten van het duurzaamheidsbeleid
van ING inzichtelijk te maken is een goed energie-
managementsysteem volgens De Bruin onontbeer-
lijk. “Het is belangrijk om je verbruik in beeld te
hebben en hierop te kunnen anticiperen. In het
monitoren van het energieverbruik worden we
steeds professioneler, onder meer dankzij de in-
troductie van slimme meters.” De monitoring
heeft ING uitbesteed aan een externe partij, vult
Lazet aan. “Die heeft nu bijna honderd procent
van het energieverbruik in de ING-panden in
beeld en monitort 24 uur per dag. Zo nodig kan op
afstand worden bijgestuurd. Bijvoorbeeld als het
energieverbruik in het weekend of op feestdagen
niet afneemt. Meestal komt dit doordat een instal-
latie niet goed is ingesteld. Momenteel zijn we be-
zig om in de kleinere kantoren de verlichting, ver-
warming en koeling centraal en op afstand te
besturen. Dat is waarschijnlijk in 2016 gereed.”
Grensoverschrijdende aanpak
Hoeveel ING al heeft bespaard sinds de invoe-
ring van de energiescans, is volgens De Bruin
moeilijk in geld uit te drukken. “De energieprijs
is flink gedaald de afgelopen jaren, dat geeft een
vertekend beeld. Onze energierekening ging dus
al omlaag. Maar we liggen mooi op schema wat
betreft energiereductie. Het doel was om in 2020
het totale verbruik met 30 procent omlaag te
hebben gebracht. Daar zijn we inmiddels al.” De
volgende stap is het aanpakken van de ING-kan-
toren over de grens. De Bruin: “ING is actief in
meer dan 40 landen. Daar zitten een aantal forse
verbruikers tussen. We willen in 2020 20 procent
bespaard hebben. Er is een Europese werkgroep
ingericht om te kijken met welke maatregelen
Duurzaam ondernemen
Kansen om te innoveren en nieuwe markten aan
te boren. Dat biedt duurzaamheid aan onderne-
mend Nederland. Het resultaat: economische
groei, winst voor het milieu én een duurzame
bedrijfsvoering. De overheid ondersteunt dage-
lijks honderden organisaties met financiering,
kennis en partners. Voor al deze organisaties is
de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland
(RVO.nl) het eerste aanspreekpunt. Ook voor het
signaleren en attenderen van beleidsmakers op
verbetering van wet- en regelgeving.
www.rvo.nl/duurzaamondernemen.
Meerjarenafspraken energie-efficiency (MJA)
Om energie effectiever en efficiënter in te zet-
ten, zijn in opdracht van het ministerie van Eco-
nomische Zaken (EZ) overeenkomsten gesloten
tussen de overheid en bedrijven, instellingen en
gemeenten. Dit zijn de Meerjarenafspraken
energie-efficiency (MJA). De Rijksdienst voor
Ondernemend Nederland (RVO.nl) is verant-
woordelijk voor de uitvoering van de meerjaren-
afspraken.
www.rvo.nl/subsidies-regelingen/meerjarenaf-
spraken-energie-efficiency
Europese Energie-Efficiency Richtlijn (EED)
Sinds de zomer van 2015 moeten grotere onder-
nemingen een energie-audit uitvoeren, een ver-
plichting afkomstig uit de Europese
Energie-Efficiency Richtlijn (EED). De Europese
richtlijn wil met de energie-audits bewustwor-
ding en inzicht in mogelijke energiebesparings-
mogelijkheden creëren. Dit moet leiden tot het
stimuleren van bedrijven en instellingen om
meer maatregelen te treffen voor het besparen
van energie. Voor vragen over de EED kunt u
terecht bij de Rijksdienst voor Ondernemend
Nederland (RVO.nl).
http://www.rvo.nl/eed
Masterclass Facilitair duurzaamheidsplan
Van facility managers wordt steeds meer een leidende rol gevraagd
op het vlak van duurzaamheid. De masterclass ‘Facilitair duurzaam-
heidsplan in 1 dag’ geeft u de tools en handvatten om deze leidende
rol te pakken. Het resultaat van de masterclass is een belangrijke
aanzet voor de duurzaamheidsaanpak voor uw organisatie.
> https://fmmacademy.nl/opleiding/
masterclass-facilitair-duurzaamheidsplan-één-dag
we dit kunnen bereiken.” Maar ook in de Neder-
landse ING-vestigingen valt volgens De Bruin en
Lazet nog een hoop stappen te zetten op het ge-
bied van duurzaamheid. “En daar kun je alle
medewerkers bij betrekken,” zegt Lazet. “Laat ze
meedenken over manieren om te verduurzamen.
Bijvoorbeeld door een competitie-element toe te
voegen. Wie heeft het meest duurzame idee?”
016-018_FMM22516_ART03.indd 18 11-02-16 12:21