BIJWOORDEN VAN TIJD
Eenbijwoord van tijd geeft aan hoe vaak iets gebeurd. In het
Engels zijn de bijwoorden van tijd:
Always – altijd mostly - meestal
Never – nooit seldom - zelden
Often - vaak sometimes - soms
Regularly - regelmatig usually – gewoonlijk
Waar het bijwoord van tijd in de zin moet staan is hangt af van
het werwoord. Er zijn 3 mogelijkheden:
1. Na een vorm van to be (am-are-is-was-were)
She is never on time
2.
2. Voor eenander werkwoord.
She always walks to school.
3. Als er meerdere werkwoorden in de zin staan, komt het
bijwoord van tijd na het eerste werkwoord.
Hoeveel werkwoorden?
1 2
to be ander ww
Bijwoord er bijwoord er bijwoord na het
Achter voor eerste werkwoord
3.
Show that youknow
Now show what you know!
Vul het Engelse bijwoord op de goede plaats in de zin in.
1. We go to that restaurant. (zelden)
2. I would say that! (nooit)
3. Carla goes to that shop. (meestal)
4. She is shouting at her dog. (altijd)
5. They are very good at painting. (gewoonlijk)
6. We work out together. (vaak)
7. I go to the sauna. (regelmatig)
8. He can be very funny. (soms)