Georg Wilhelm Friedrich Hegel
Ontwikkeling naar de absolute geest
Vooraf: zelfbewustzijn
 Zelfbewustzijn en erkenning door de ander
 http://www.youtube.com/watch?v=H_Dtsx-VG
Opzet college
 Inleiding, achtergrond
 Hegel’s leven en tijdperk, bibliografie
 Dialectiek
 Filosofie van de geschiedenis
 Fenomenologie van de geest
 Invloed op latere filosofen
 Inleiding en vragen Close Reading
Inleiding: Hegel en mijn eigen achtergrond
 Human Technology: relatie
tussen mens en techniek
 Vorig jaar Marx: techniek
en vervreemding
 Hegel was “voorloper”
 Raakt ook aan antropologie
Leven en tijdperk Hegel
 Geboren 1770 Stuttgart, overleden 1831 Berlijn
 Carriere stap voor stap, huisleraar - docent
zonder vast loon – docent met loon – professor -
rector van de universiteit van Berlijn
 Laatbloeier, overvleugelt zijn vriend Schelling
 Bloeipeiode van Filosofie in Duitsland; 1781
Kant’s Kritiek van de zuivere Rede, reacties Fichte
en Schiller, tijdgenoot Schopenhauer
 Bloeiperiode Duitse Romantiek, Goethe, Schiller
 Franse invloed; 1789 val Bastille, 1806-1814
Napoleon bezet Jena
Bibliografie Hegel
 1806 Fenomenologie van de geest
 Manuscript opgestuurd op de dag dat Napoleon Jena innam
 1812, 1813, 1816 Wetenschap van de logica
 1817 Encyclopedie Filosofische Wetenschap
 1820 Filosofie van het recht
 Postuum: lezingen over de Filosofie van de
geschiedenis
Dialectiek
 These-Antithese-Synthese aan Hegel
toegeschreven
 Hegel gebruikt deze termen echter zelden
 Meer proces dan strak systeem
 Aufheben: niet zozeer opheffen,
vernietigen, meer naar hoger plan
brengen
Dialectiek
Midden?
These Antithese
SyntheseThese Antithese
SyntheseThese Antithese
SyntheseThese Antithese
Synthese
Filosofie van de geschiedenis
 “Geschiedenis van de wereld is niets
anders dan de ontwikkeling van het
vrijheidsbewustzijn”
 Hegel’s onderwerpen zichtbaar in de
filosofie van de geschiedenis
 Geest, bewustzijn, ontwikkeling naar vrijheid
 Recht, gebaseerd op logica en vrijheid van de
geest
 Logica, basis onder alles
 Gebaseerd op verzamelde aantekeningen:
voorzichtig interpreteren
Filosofie van de geschiedenis
 Orientaalse maatschappij valt erbuiten
 Heerser is vrij, rest niet
 Onvrijheid geinternaliseerd, natuurlijk
 Perzie, “rule of light”
 Algemene principes ipv “natuur”
 Begin bewustzijn vrijheid
 Griekenland, individuele vrijheid
 Geweten onvrij, moraliteit sociaal
voorgeschreven
 Socrates: kritische zelfreflectie ipv sociale
gewoonte
Filosofie van de Geschiedenis
 Romeinse Rijk
 Staat machtig, vrijheid individu formeel
 Geen vrije gewetensvorming
 Stoicijnen, Sceptici etc. vrijheid door afkeren
 Christendom
 Religieus zelfbewustzijn, mens waardevol
 Moraal niet gewoonte; principe spirituele liefde
 Fout volgens Hegel: vangen in materiele,
rituele
Filosofie van de geschiedenis
 Reformatie
 Directe spirituele link naar Christus in ieders hart
 ‘In zijn ware aard is de mens ertoe bestemd vrij te zijn’
 Verlichting, Franse Revolutie
 Rationele grondslag van de staat, zuivere principes
 Revolutie doorgeschoten, erna wel vrijheid van persoon,
vrijheid van eigendom en openstellen bureaucratie
 Einde wel of niet bereikt?
 Wanneer de objectieve wereld (sociale en politieke
instituties) eenmaal rationeel zal zijn georganiseerd,
zullen individuen die hun geweten volgen er vrijelijk
voor kiezen om te handelen in overeenstemming met de
wet en moraal van de objectieve wereld.
Fenomenologie van de Geest
Bewustzijn
Zelfbewustzijn
Rede
De geest
De godsdienst
Het absolute weten
 Indeling
Fenomenologie van de Geest
 Dialectisch
An und für sich, concreet - algemeen
Für Sich, bijzonderheid
An Sich, algemeenheid
Subjectieve Geest
Absolute Geest
Objectieve Geest
Bewustzijn
 Betrekking tussen geest (subject) en
voorwerp (object)
 Zintuiglijke zekerheid; ik voel
 De Waarneming krijgt een label; ik voel
geribbeld of glad oppervlak
 Kracht en Verstand, verbanden leggen
tussen eigenschappen; geribbeld oppervlak
heeft meer weerstand
Zelfbewustzijn
 De waarheid van de zekerheid van zichzelf
 Zelfstandigheid en onzelfstandigheid van
het zelfbewustzijn.
 Proces binnenin de persoon/geest;
bewustzijn van het bewustzijn.
 Proces is samenspel met andere persoon,
bewustzijn door erkenning van een ander
bewustzijn
 Vrijheid van het zelfbewustzijn
Zelfbewustzijn: Meester & Knecht
 Zelfbewustzijn van het zelfbewustzijn is
een abstractie
 Zelfbewustijn kan “tastbaar” worden door
erkenning door de ander
 Erkenning van aanwezigheid is niet
genoeg => strijd (moet dat?)
 Stijd tot dood levert niets op, blijft over
Meester – Knecht
 Blijft wederzijds: Meester is nog steeds
niet ultiem vrij
Rede, Geest
 Zekerheid en waarheid van de rede
 Observerende rede
 De verwerkelijking van het redelijke
zelfbewustzijn door zichzelf
 De individualiteit, die zich op en voor zichzelf
reeel is
 De geest
 De ware geest
 De zich vervreemde geest
 De van zichzelf zekere geest
De godsdient, Het absolute weten
 De godsdienst
 De natuurlijke godsdienst
 De kunst godsdienst
 De openbarings godsdienst
 Het absolute weten (van Hegel zelf)
Invloed op latere filosofen
 Links- en Rechts Hegelianen
 Dialectiek
“ Door hem kreeg ik mijn zelf- en wereldbewustzijn.
Hem noemde ik mijn tweede vader, zoals ik
Berlijn destijds mijn geestelijke geboortestad
noemde. Hij was de enige man die je liet voelen
en ervaren wat een leraar is; de enige die inhoud
gaf aan dit anders zo lege woord en aan wie ik
daarom innige dankbaarheid ben verschuldigd.”
- Ludwig Feuerbach -
Invloed
“ Als je moedeloos dreigt te worden, denk er dan
altijd aan, dat we in Duitsland zijn, waar men
heeft klaargespeeld wat nergens anders mogelijk
zou zijn geweest, namelijk een onbeduidende,
onwetende onzin neerkalkende filosofaster, die de
geesten door zijn weergaloos holle frasen tot op
de bodem en voor eeuwig desorganiseerde, ik
bedoel onze dierbare Hegel, voor een grote geest
en diepe denker uit te maken: en niet alleen
ongestraft en zonder gehoond te worden kon
men dat doen; maar waarachtig, ze geloven het
nog ook, geloven het sinds dertig jaar tot op de
dag van vandaag”
- Arthur Schopenhauer -
Invloed
“Wat Hegels wijze van denken deed uitsteken
boven die van alle andere filosofen, was zijn
enorme zin voor historie die eraan ten grondslag
lag. ….. Hij was de eerste die probeerde in de
geschiedenis een ontwikkeling, een innerlijke
samenhang aan te tonen en hoe merkwaardig
sommige punten in zijn geschiedenisfilosofie ons
tegenwoordig ook mogen toeschijnen, toch is de
grootsheid van zijn grondbeginsel zelfs
tegenwoordig nog bewonderenswaardig…”
- Friedrich Engels -
Invloed
 “Want wat ons bij een dergelijk man in gedrukte
mededelingen onduidelijk en verward aandoet,
omdat we het ons niet direct eigen kunnen
maken zoals we wel zouden willen, dat kunnen
we ons in een levendig gesprek al vlug eigen
maken, omdat we ontdekken dat we in
grondgedachten en denkwijzen overeenstemmen
en dat men dus door wederzijdse verklaringen en
uiteenzettingen nader tot elkaar zou kunnen
komen en het met elkaar eens zou kunnen
worden.”
- Goethe -
Vragen close reading
 Is het nu uiteindelijk wenselijker om meester te
zijn of knecht?
 Hegel gebruikt de meester-knecht dialectiek om
de ontwikkeling van de geest uit te leggen.
Kunnen we hierin ook iets lezen over Hegel’s
opvattingen over meesters en knechten in zijn
tijd?
 Doel van de ontwikkeling van de geest is vrijheid.
Is, enzo ja op welke manier, de geest in de
meester-knecht fase al vrij?
 Is de strijd nodig of is er ook vreedzame
wederzijdse erkenning mogelijk?

101104 mw hegel voor lectoraat

  • 1.
    Georg Wilhelm FriedrichHegel Ontwikkeling naar de absolute geest
  • 2.
    Vooraf: zelfbewustzijn  Zelfbewustzijnen erkenning door de ander  http://www.youtube.com/watch?v=H_Dtsx-VG
  • 3.
    Opzet college  Inleiding,achtergrond  Hegel’s leven en tijdperk, bibliografie  Dialectiek  Filosofie van de geschiedenis  Fenomenologie van de geest  Invloed op latere filosofen  Inleiding en vragen Close Reading
  • 4.
    Inleiding: Hegel enmijn eigen achtergrond  Human Technology: relatie tussen mens en techniek  Vorig jaar Marx: techniek en vervreemding  Hegel was “voorloper”  Raakt ook aan antropologie
  • 5.
    Leven en tijdperkHegel  Geboren 1770 Stuttgart, overleden 1831 Berlijn  Carriere stap voor stap, huisleraar - docent zonder vast loon – docent met loon – professor - rector van de universiteit van Berlijn  Laatbloeier, overvleugelt zijn vriend Schelling  Bloeipeiode van Filosofie in Duitsland; 1781 Kant’s Kritiek van de zuivere Rede, reacties Fichte en Schiller, tijdgenoot Schopenhauer  Bloeiperiode Duitse Romantiek, Goethe, Schiller  Franse invloed; 1789 val Bastille, 1806-1814 Napoleon bezet Jena
  • 6.
    Bibliografie Hegel  1806Fenomenologie van de geest  Manuscript opgestuurd op de dag dat Napoleon Jena innam  1812, 1813, 1816 Wetenschap van de logica  1817 Encyclopedie Filosofische Wetenschap  1820 Filosofie van het recht  Postuum: lezingen over de Filosofie van de geschiedenis
  • 7.
    Dialectiek  These-Antithese-Synthese aanHegel toegeschreven  Hegel gebruikt deze termen echter zelden  Meer proces dan strak systeem  Aufheben: niet zozeer opheffen, vernietigen, meer naar hoger plan brengen
  • 8.
  • 9.
    Filosofie van degeschiedenis  “Geschiedenis van de wereld is niets anders dan de ontwikkeling van het vrijheidsbewustzijn”  Hegel’s onderwerpen zichtbaar in de filosofie van de geschiedenis  Geest, bewustzijn, ontwikkeling naar vrijheid  Recht, gebaseerd op logica en vrijheid van de geest  Logica, basis onder alles  Gebaseerd op verzamelde aantekeningen: voorzichtig interpreteren
  • 10.
    Filosofie van degeschiedenis  Orientaalse maatschappij valt erbuiten  Heerser is vrij, rest niet  Onvrijheid geinternaliseerd, natuurlijk  Perzie, “rule of light”  Algemene principes ipv “natuur”  Begin bewustzijn vrijheid  Griekenland, individuele vrijheid  Geweten onvrij, moraliteit sociaal voorgeschreven  Socrates: kritische zelfreflectie ipv sociale gewoonte
  • 11.
    Filosofie van deGeschiedenis  Romeinse Rijk  Staat machtig, vrijheid individu formeel  Geen vrije gewetensvorming  Stoicijnen, Sceptici etc. vrijheid door afkeren  Christendom  Religieus zelfbewustzijn, mens waardevol  Moraal niet gewoonte; principe spirituele liefde  Fout volgens Hegel: vangen in materiele, rituele
  • 12.
    Filosofie van degeschiedenis  Reformatie  Directe spirituele link naar Christus in ieders hart  ‘In zijn ware aard is de mens ertoe bestemd vrij te zijn’  Verlichting, Franse Revolutie  Rationele grondslag van de staat, zuivere principes  Revolutie doorgeschoten, erna wel vrijheid van persoon, vrijheid van eigendom en openstellen bureaucratie  Einde wel of niet bereikt?  Wanneer de objectieve wereld (sociale en politieke instituties) eenmaal rationeel zal zijn georganiseerd, zullen individuen die hun geweten volgen er vrijelijk voor kiezen om te handelen in overeenstemming met de wet en moraal van de objectieve wereld.
  • 13.
    Fenomenologie van deGeest Bewustzijn Zelfbewustzijn Rede De geest De godsdienst Het absolute weten  Indeling
  • 14.
    Fenomenologie van deGeest  Dialectisch An und für sich, concreet - algemeen Für Sich, bijzonderheid An Sich, algemeenheid Subjectieve Geest Absolute Geest Objectieve Geest
  • 15.
    Bewustzijn  Betrekking tussengeest (subject) en voorwerp (object)  Zintuiglijke zekerheid; ik voel  De Waarneming krijgt een label; ik voel geribbeld of glad oppervlak  Kracht en Verstand, verbanden leggen tussen eigenschappen; geribbeld oppervlak heeft meer weerstand
  • 16.
    Zelfbewustzijn  De waarheidvan de zekerheid van zichzelf  Zelfstandigheid en onzelfstandigheid van het zelfbewustzijn.  Proces binnenin de persoon/geest; bewustzijn van het bewustzijn.  Proces is samenspel met andere persoon, bewustzijn door erkenning van een ander bewustzijn  Vrijheid van het zelfbewustzijn
  • 17.
    Zelfbewustzijn: Meester &Knecht  Zelfbewustzijn van het zelfbewustzijn is een abstractie  Zelfbewustijn kan “tastbaar” worden door erkenning door de ander  Erkenning van aanwezigheid is niet genoeg => strijd (moet dat?)  Stijd tot dood levert niets op, blijft over Meester – Knecht  Blijft wederzijds: Meester is nog steeds niet ultiem vrij
  • 18.
    Rede, Geest  Zekerheiden waarheid van de rede  Observerende rede  De verwerkelijking van het redelijke zelfbewustzijn door zichzelf  De individualiteit, die zich op en voor zichzelf reeel is  De geest  De ware geest  De zich vervreemde geest  De van zichzelf zekere geest
  • 19.
    De godsdient, Hetabsolute weten  De godsdienst  De natuurlijke godsdienst  De kunst godsdienst  De openbarings godsdienst  Het absolute weten (van Hegel zelf)
  • 20.
    Invloed op laterefilosofen  Links- en Rechts Hegelianen  Dialectiek “ Door hem kreeg ik mijn zelf- en wereldbewustzijn. Hem noemde ik mijn tweede vader, zoals ik Berlijn destijds mijn geestelijke geboortestad noemde. Hij was de enige man die je liet voelen en ervaren wat een leraar is; de enige die inhoud gaf aan dit anders zo lege woord en aan wie ik daarom innige dankbaarheid ben verschuldigd.” - Ludwig Feuerbach -
  • 21.
    Invloed “ Als jemoedeloos dreigt te worden, denk er dan altijd aan, dat we in Duitsland zijn, waar men heeft klaargespeeld wat nergens anders mogelijk zou zijn geweest, namelijk een onbeduidende, onwetende onzin neerkalkende filosofaster, die de geesten door zijn weergaloos holle frasen tot op de bodem en voor eeuwig desorganiseerde, ik bedoel onze dierbare Hegel, voor een grote geest en diepe denker uit te maken: en niet alleen ongestraft en zonder gehoond te worden kon men dat doen; maar waarachtig, ze geloven het nog ook, geloven het sinds dertig jaar tot op de dag van vandaag” - Arthur Schopenhauer -
  • 22.
    Invloed “Wat Hegels wijzevan denken deed uitsteken boven die van alle andere filosofen, was zijn enorme zin voor historie die eraan ten grondslag lag. ….. Hij was de eerste die probeerde in de geschiedenis een ontwikkeling, een innerlijke samenhang aan te tonen en hoe merkwaardig sommige punten in zijn geschiedenisfilosofie ons tegenwoordig ook mogen toeschijnen, toch is de grootsheid van zijn grondbeginsel zelfs tegenwoordig nog bewonderenswaardig…” - Friedrich Engels -
  • 23.
    Invloed  “Want watons bij een dergelijk man in gedrukte mededelingen onduidelijk en verward aandoet, omdat we het ons niet direct eigen kunnen maken zoals we wel zouden willen, dat kunnen we ons in een levendig gesprek al vlug eigen maken, omdat we ontdekken dat we in grondgedachten en denkwijzen overeenstemmen en dat men dus door wederzijdse verklaringen en uiteenzettingen nader tot elkaar zou kunnen komen en het met elkaar eens zou kunnen worden.” - Goethe -
  • 24.
    Vragen close reading Is het nu uiteindelijk wenselijker om meester te zijn of knecht?  Hegel gebruikt de meester-knecht dialectiek om de ontwikkeling van de geest uit te leggen. Kunnen we hierin ook iets lezen over Hegel’s opvattingen over meesters en knechten in zijn tijd?  Doel van de ontwikkeling van de geest is vrijheid. Is, enzo ja op welke manier, de geest in de meester-knecht fase al vrij?  Is de strijd nodig of is er ook vreedzame wederzijdse erkenning mogelijk?