Bommen Berend

  • 3,203 views
Uploaded on

Een presentatie over Gronings Ontzet. …

Een presentatie over Gronings Ontzet.
De oorspronkelijke presentatie was stand-alone via een touch-screen. Deze was bedoeld als naslagwerk bij een tentoonstelling. In de presentatie waren knoppen en links opgenomen, waardoor men zelf specifieke onderwerpen kon kiezen. In de versie zoals deze hier online staat, zij helaas de knoppen en links niet functioneel.

More in: Education
  • Full Name Full Name Comment goes here.
    Are you sure you want to
    Your message goes here
    Be the first to comment
No Downloads

Views

Total Views
3,203
On Slideshare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
4

Actions

Shares
Downloads
0
Comments
0
Likes
2

Embeds 0

No embeds

Report content

Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
    No notes for slide

Transcript

  • 1. “ BOMMEN BEREND” Onderdeel van de tentoonstelling “FEEST IN (DE) STAD” © Borg “ Verhildersum ”, Leens (NL) maart 2004 Onderzoek, samenstelling en teksten: Egbert van der Werff / Cees de Ranitz Presentatie en lay-out: Frits van Vianen
  • 2. Hoe wordt 28 augustus gevierd
    • Al eeuwen vieren de Groningers het Ontzet op 28 augustus. Het einde van het beleg met de hevige beschietingen op de stad, was natuurlijk reden tot feest.
    • Alhoewel het Ontzet tussen 1795 en 1838 nauwelijks werd gevierd, was de belangstelling niet verdwenen. Vanaf 1842 stonden de harddraverijen op het programma. Zij zouden in de loop der jaren het meest kenmerkende onderdeel van de ontzetviering worden. De draverijen werden in de negentiende eeuw gehouden op de Korreweg. 's Ochtends hadden dan al de paardenkeuringen plaatsgevonden. Beide paardenevenementen zijn geschilderd door Otto Eerelman en vooral de 'paardenkeuring op de Grote Markt' is heel bekend. Op dit schilderij zijn een aantal belangrijke Ommelander boeren afgebeeld. Dit gegeven is het uitgangspunt van de tentoonstelling 'Feest in (de) Stad'.
    • Na een presentatie over Bommen Berend stapt de bezoeker een momentopname in de viering van het Ontzet binnen. Dames in prachtige kostuums paraderen op de kermis. In de 'Uitspanning' staan Groningse rijtuigen, waarmee de boeren naar de stad waren gekomen. Er is aandacht voor de harddraverijen en de paardenkeuring, maar ook voor de 'stadse' sfeer en het uiterlijk vertoon. In de tentoonstelling komen historische feiten en de sfeerbeleving van vervlogen tijden samen.
  • 3. Inleiding
    • O p de thema-tentoonstelling “Feest in de stad” wordt een algemeen beeld gegeven van de stad Groningen tijdens een feestweek in de periode 1910-1920.
    • In deze presentatie wordt met enkele thema’s een beperkt historisch beeld geschetst van de strijd om Groningen.
    • 28 AUGUSTUS is sinds lange tijd een specifiek Groningse feestdag. In deze presentatie wordt nader ingegaan op het ontstaan van 28 augustus als feestdag in 1672 en hoe dit door de eeuwen is gevierd.
    • Verder wordt een TIJDSBEELD geschetst over de periode 1648-1672. Een tijd vol met politieke intriges, veld- en zeeslagen, expansiedriften, geloof- en machtsverstrengeling.
    • De belangrijkste personages en met name “BOMMEN BEREND” worden belicht.
    • Tenslotte wordt er ingegaan op het leven in GRONINGEN TIJDENS en NA het BELEG
    • In een apart gedeelte is nog informatie te vinden over de MAKERS van deze PRESENTATIE, de GERAADPLEEGDE BRONNEN en VERHILDERSUM
  • 4. Thema’s Keuzes Waarom vieren we het Hoe vieren we het Europa na de 80 jarige oorlog Europa rond 1672 De republiek der 7 verenigde Nederlanden Christoph Berhard von Galen Portretten van Bernhard von Galen Veldtocht naar Groningen Groningen tijdens het beleg Verloop van de strijd BB breekt op Einde Samenstellers presentatie, Bronnen, Verhildersum Groningen tijdens en na het beleg 1672 Hoofdrolspelers 1672 Tijdsbeeld 1648-1672 28 Augustus Carel Rabenhaupt Makers van presentatie Bronnen Verhildersum Epiloog
  • 5. 28 Augustus
    • Op 28 augustus 1672 blies Bommen Berend de aftocht na een mislukte poging Groningen te bedwingen.
    • Dit heuglijke feit werd voortaan ieder jaar herdacht. Het was en is een feest voor Stadjers, maar ook voor de Ommelander bevolking.
  • 6. De viering van Gronings Ontzet
    • Al eeuwen vieren de Groningers het Ontzet op 28 augustus. Het einde van het beleg met de hevige beschietingen op de stad, was natuurlijk reden tot feest. Het behoud van de stad, dat nationaal gezien ook het behoud van het land betekende, stemde nog een extra tot dankbaarheid.
  • 7. Nationaal rampjaar 1672
    • “ Het volk was REDELOOS ,
    • de regenten RADELOOS en
    • het land leek REDDELOOS . “
    • Joost van den Vondel
    • In 1672: leek alles mis te gaan: De moord op de gebroeders De Witt was een ‘redeloze’ daad van het volk, die bovendien de regenten, als bestuurders in de steden radeloos maakte. Het land leek reddeloos, toen de koningen van Engeland en Frankrijk en de bisschoppen van Munster en Keulen samenspanden om de Republiek te overweldigen en onder elkaar te verdelen. Het liep anders af. Een inval van de Engelsen werd voorkomen door de aanval van De Ruyter op de Engelse vloot in Solebay. De Franse opmars strandde bij de Hollandse Waterlinie. En het beleg van Groningen werd door de bisschoppen van Munster en Keulen opgegeven, toen de stad na wekenlange beschieting onneembaar bleek.
  • 8. Groningen Constant
    • Na een beleg van ca. 7 weken, waarin de stad hevig met bommen werd bestookt, werd het beleg afgebroken. De standvastigheid van de stadsregering en de burgerij van Groningen belette een verder verlies van de Noordelijke gewesten, waardoor een aanval op Holland kon worden afgewend. Het behoud van de stad voorkwam de mogelijke ondergang van het land.
    • Al eeuwen vieren we Gronings Ontzet. Het einde van het beleg en de hevige beschietingen was natuurlijk reden tot feest. Het behoud van het land stemde nog tot extra dankbaarheid.
  • 9. De vrije republiek
    • De Republiek, die bij de Vrede van Munster (1648) was erkend, had stand gehouden. De 80-jarige oorlog was niet voor niets gestreden. Maar de godsdienstvrijheid, waarom het in die strijd onder meer was gegaan, had een ander karakter gekregen. De vrijheid van 1672 was de vrijheid een zelfstandige natie te kunnen zijn, waarin de staat zelf kan bepalen welke staatsvorm men heeft en welke godsdienst er beleden wordt, zonder inmenging van buitenlandse mogendheden. Nederland groeide uit tot een welvarende, protestantse staat.
  • 10. Vrijheid nu
    • Vrijheid heef nu een andere betekenis. Als vruchten van de Franse revolutie (“vrijheid, gelijkheid en broederschap”) kent ons land onder meer de scheiding van kerk en staat en vrijheid van religie, evenals de afschaffing van de voorrechten van de adel en de invoering van een algemeen kiesstelsel. In de 20 e eeuw worden door de Verenigde Naties ook mensenrechten geformuleerd: het recht op leven in vrijheid, en op voedsel; het verbod op discriminatie en vervolging op grond van huidskleur, geloofsovertuiging, en seksuele geaardheid.
    • Vrijheid moet gevierd worden. Zo vieren we sinds de laatste bezetting van ons land tijdens de Tweede Wereldoorlog een nationale Bevrijdingsdag op 5 mei
  • 11. De viering van Gronings Ontzet
    • Na 1672 besloot het stadsbestuur het ontzet jaarlijks te vieren. Op het programma stonden herdenkingsdiensten in de kerk, een defilé, klokgelui en vreugdevuur of vuurwerk. In de Franse tijd werden de herdenkingen, als een Oranjegezind feest, niet passend geacht.
    • In 1838 werd de draad weer opgepakt door een groep vooraanstaande Groningers, die een feestcomité oprichtten. In die tijd ergerden zich velen aan de volksfeesten, die gepaard gingen met kermissen en drankmisbruik. Men meende dat er educatieve elementen moesten worden ingebracht. Daarom werd een jaarlijkse paardenkeuring opgenomen in de viering van 28 augustus. Ook de herfstkermis werd hierbij betrokken.
    • In 1874 werd de “Vereeniging voor Volksvermaken” (sinds 1974 Koninklijk) opgericht, die sindsdien de feestelijkheden organiseert. Sindsdien bestaat het programma uit een aantal vaste onderdelen: klokgelui, muziek, paardenkeuring, kermis, concours hippique en vuurwerk. Vanouds trekken deze activiteiten ook veel mensen uit de provincie naar de stad
  • 12. Ontvangst van gasten
    • De dag begint met klokgelui en de ontvangst van de feestgenoten van buiten, met name de feestcommissies van de ‘Ontzet’-verenigingen uit Alkmaar en Leiden. Er volgt een rijtoer door het bestuur van Volksvermaken met haar gasten.
    • In 1972 werd, ter gelegenheid van het derde eeuwfeest, een beeld van Rabenhaupt onthult, geplaatst bij de trappen van het stadhuis. Het beeld staat nu aan de noordzijde van het oude stadhuis.
  • 13. Paardenkeuring
    • Sinds 1857 vind de jaarlijkse keuring van tuigpaarden plaats tijdens de viering van 28 augustus. De paarden worden aan de hand en aangespannen gekeurd door een jury. Ruim een eeuw gebeurde dat op de Grote Markt; tegenwoordig vindt het plaats op de Ossenmarkt
    • Het schilderij van de paardenkeuring van Otto Eerelman is in 1920 gemaakt in opdracht van het gemeentebestuur van Groningen en hangt als pronkstuk in het stadhuis.
  • 14. Kermis
    • In Groningen kende men de meikermis en een najaarskermis. Omdat de najaarskermis door het gemeentebestuur was afgeschaft, nam Volksvermaken in 1886 de kermis op als vast onderdeel van het volksvermaak op 28 augustus. Vroeger waren er dikke dames, acrobaten, degenslikkers, de kop-van-jut, het vlooientheater, de stoomcarrousel en de draaimolen. In latere tijd werden de attracties verder gemotoriseerd tot reuzenrad en achtbaan.
  • 15. Harddraverij en Concours Hippique
    • Op het platteland werden harddraverijen gehouden met gewone werkpaarden. Op de renbaan in de stad werden hiervoor speciale paarden benut. De jaarlijkse harddraverij van Groningen viel vanaf 1852 samen met de viering van 28 augustus. Deze vond plaats buiten de stad op de Korreweg, zoals ook te zien is op het schilderij van Otto Eerelman uit ca. 1880. Bij gelegenheid van de 250 ste herdenking van 28 augustus in 1922 werd de nieuwe drafbaan in het Stadspark geopend, alwaar sinds 1928 het concours hippique gehouden wordt.
  • 16. Vuurwerk
    • De viering van Gronings Ontzet eindigt met “een groots vuurwerk” met veel knallen, ter herinnering aan Bommen Berend. Dat vond tot eind jaren ‘80 van de 20 e eeuw plaats op de Grote Markt. Na een ernstig ongeluk kan het vuurwerk vanwege de veiligheid niet meer in de binnenstad worden afgestoken. In 2001 werd het vuurwerk zelfs afgelast in verband met de vuurwerkramp in Enschede. Sinds 2002 wordt het vuurwerk afgestoken in het Stadspark.
  • 17. Tijdsbeeld (politieke situatie)
    • De 80-jarige oorlog met Spanje eindigde met de Vrede van Munster in 1648.
    • Bij de vrede van Munster werd de “Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden” erkend
    • De jonge Republiek moest echter in de jaren daarna de eigen vrijheid wel steeds bevechten met de buurlanden Engeland, Frankrijk en het bisdom Munster.
  • 18. Internationale politieke situatie
    • De jonge protestantse Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden, die tijdens de 80-jarige oorlog was opgericht en bij de Vrede van Munster werd erkend in 1648, was omgeven door tal van katholieke landen:
    • de Spaans-Oostenrijkse Nederlanden in het zuiden en
    • de bisdommen Luik en Munster langs de oostgrens.
    • De politiek van Frankrijk was gericht op gebiedsuitbreiding naar het noorden.
    • Engeland, aan de overzijde van de Noordzee, wilde de Rijn- en Scheldemond controleren in verband met de handelsbelangen en de zeevaart.
    • Oostelijk van Munster lag het protestantse Brandenburg, een bondgenoot van de Republiek. De keurvorst aldaar was namelijk gehuwd met een dochter van stadhouder Frederik Hendrik.
  • 19. De Tachtigjarige oorlog (1568-1648)
    • De 80-jarige oorlog was een opstand van een aantal overwegend protestantse gewesten tegen het katholieke gezag in Brussel en Spanje, dat naar centralisatie van bestuur streefde.
    • Daarnaast waren economische factoren (nieuwe belastingen) en vrijheid van Godsdienst belangrijke motieven.
    • De opstandige gewesten ontwikkelen zich tijdens deze periode tot een protestantse staat.
  • 20. De vrede van Munster; zelfstandige republiek
    • Op de internationale vredesconferentie in Westfalen (Münster) werden twee oorlogen in Europa beëindigd.
    • In Duitsland eindigde de Dertigjarige oorlog, een interne strijd tussen de protestantse vorstendommen en de katholieke, samen met de keizer.
    • De zeven Nederlandse gewesten eindigden hun 80-jarige oorlog met Spanje en werden erkend als soevereine Republiek.
  • 21. Ruzie met buren: Engeland
    • Op grond van de in Engeland aangenomen Akte van Navigatie (1651) mochten buitenlandse schepen alleen goederen uit eigen land invoeren in Engeland.
    • Voor de Hollandse handel was het juist noodzakelijk dat de zeehandel vrij was.
    • Hugo de Groot formuleerde het principe van de 'vrije zee' (mare librum).
    • Gevolg: tussen 1651 en 1672 werden er twee Engelse zeeoorlogen gevoerd in 1652-1654 en 1665-1666.
  • 22. Ruzie met buren: Frankrijk
    • Lodewijk XIV van Frankrijk meende, door zijn huwelijk met een Spaanse prinses, aanspraken te kunnen maken op de Zuidelijke Nederlanden. Frankrijk wilde de Rijn als 'natuurlijke' grens.
    • Voor het gewest Holland speelde vooral de concurrentiepositie van Amsterdam tegenover Antwerpen.
    • In 1662 sloot De Witt een verbond met Frankrijk om een verbond van Frankrijk met Engeland te voorkomen.
  • 23. Ruzie met buren: Prinsdom Munster
    • Het bisdom Munster had in de 16e eeuw de Groningse Ommelanden verloren.
    • Het ontstaan van de protestantse Republiek was een doorn in het oog van de katholieke kerkvorsten.
    • Bij de Vrede van Munster verloor de bisschop der rechten over de heerlijkheid Borculo.
    • Dit resulteerde in de Eerste Munsterse Oorlog (1665-1666).
  • 24. Internationale politieke situatie tussen 1665 en 1672
    • De Republiek probeerde in het stadhouderloze tijdperk (1650-1672) door internationale diplomatie en politieke verbonden de vrede te bewaren met andere mogendheden. Het brein hierachter was Johan de Witt.
    • In 1665 brak echter de Eerste Engelse oorlog uit en in die jaren steunde Engeland de aanvalsplannen van de bisschop van Münster in de Eerste Munsterse oorlog, met de toezegging in Oost-Friesland te landen.
    • Lodewijk XIV van Frankrijk was in de Eerste Engelse- en Munsterse oorlog nog onze bondgenoot. Later werd hij een tegenstander, omdat hij bemerkte dat de Republiek in 1668 in het geheim een 'triple alliantie' had gesloten met Engeland en Zweden, gericht tegen Frankrijk.
    • In 1672 bundelden Engeland, Frankrijk en Munster hun krachten; de vredespolitiek van De Witt had gefaald.
    • Met een aanval van drie kanten op de Republiek wordt 1672 een rampjaar: het volk was 'redeloos‘, de regering was 'radeloos‘ en het land leek 'reddeloos‘.
  • 25. Eerste Munsterse oorlog
    • Bernhard von Galen, bisschop van Munster was uit op de herovering van de heerlijkheid Borculo en de verwerving van Reiderland.
    • Hij bezette in 1665-1666 met geweld de Achterhoek en Twente. In het door Munster bezette gebied werd de katholieke leer hersteld.
    • Frankrijk hielp als bondgenoot de Republiek uit de brand.
    • Na plundering van Munsterland door Franse troepen, trok de bisschop van Munster zich terug en sloot op 9 april 1666 de Vrede van Kleef.
  • 26. Engelse oorlogen
    • Met de Vrede van Westminster van 1654 eindigde de Eerste Engelse Oorlog.
    • De Tweede Engelse Oorlog (1665-1667) brak uit over verschillende strijdpunten: de handel in Afrika, Nieuw Nederland en de nederzettingen van de West Indische Compagnie.
    • De zeeslagen verlopen met wisselend succes: de Hollandse vloot verliest eerst, wint dan, maar verliest vervolgens weer.
    • De daaropvolgende vredesonderhandelingen gingen stroef, hoewel zowel Karel II als Johan de Witt vrede wilden.
  • 27. Tocht naar Chattam
    • Om een doorbraak in de vredesonderhandelingen met Engeland te forceren, voerde De Ruyter in opdracht van De Witt een aanval uit op de Engelse vloot bij Chattam. De ketting in de Theems, die als barrière diende, werd doorgevaren. Het vlaggenschip de "Royal Charles" werd buitgemaakt en naar Den Briel versleept.
    • Karel II wilde nu opeens wel vrede. Bij de aansluitende Vrede van Breda verloor de Republiek Nieuw Nederland (New York) maar behield Suriname. Bovendien werd de Akte van Navigatie verzacht.
  • 28. Isolement van de Republiek
    • Lodewijk XIV sloot met Karel II van Engeland het geheim verdrag van Dover. Samen zouden ze de Republiek aanvallen en verkleinen (Karel's neef, Willem III, mocht soeverein worden over het gewest Holland).
    • Ook Zweden werd losgekocht uit de Triple Alliantie.
    • Dit betekende het einde van de pro-Franse politiek van De Witt.
    • Munster was bereid mee te doen in ruil voor terugwinning van Noord-Oost Nederland.
    • Keulen behoefde slechts doortocht te verlenen bij de Franse opmars.
  • 29. Rampjaar 1672
    • In het voorjaar kwamen de oorlogsverklaringen van Frankrijk en Engeland, gevolgd door die van Munster en Keulen.
    • De Fransen vielen ons land binnen met 24.000 man en trokken bij Lobith over de Rijn. De aanvankelijk snelle opmars strandde voor de Hollandse waterlinie.
    • De Ruyter voorkwam een Engelse landing in Zeeland door een succesvolle aanval op de gezamenlijke Frans-Engelse vloot bij Solebay.
    • De Munsterse en Keulse troepen deden met 12.000 man invallen langs de oostgrens.
  • 30. De Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden
    • In 1588 sloten Gelderland, Holland, Zeeland, Utrecht, Overijssel, Friesland en de Ommelanden (Groningen) zich aaneen tot de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden.
    • De gewesten waren soeverein en kwamen bijeen in de Staten Generaal.
    • De belangrijkste politieke taak lag bij de Raadpensionaris van Holland, zoals Johan van Oldebarneveldt (1586-1619) en Johan de Witt (1653-1672).
    • De belangrijkste militaire taak werd vervuld door de stadhouder, een erfelijke positie voor de verwanten en nazaten van Willem van Oranje-Nassau (+ 1584): Maurits (1590 - 1625), Frederik Hendrik (1625-1647) en Willem II (1647-1650).
    • In Friesland en Groningen waren de Friese Nassau's: Willem Lodewijk (1584-1620), Ernst Casimir (1620-1632), Hendrik Casimir 1632-1640), Willem Frederik (1644-1664) en Hendrik Casimir II (1664-1696).
  • 31. Een Republiek met Staten Generaal
    • De Staten Generaal was het centrale gezag van de Republiek. Het was een vergadering van de afgevaardigden van de gewesten.
    • Ieder gewest had één stem, maar de meeste macht lag bij het gewest Holland, dat het grootste deel van de onkosten droeg.
    • Met name de regenten van de grote steden Amsterdam en Rotterdam probeerden hun invloed aan te wenden om de handelspositie van hun gewest in de wereld te verbeteren.
  • 32. Een Republiek met stadhouder
    • De stadhouder was in dienst van de gewesten. Door de combinatie van meerdere gewesten was het een invloedrijke positie.
    • Bovendien was de stadhouder kapitein-generaal van de troepen van de Republiek.
    • De stadhouders uit de huizen Oranje en Nassau waren uit op een erfelijke positie en wilden hun macht vergroten door militaire taken en operaties.
    • Na de dood van Willem II besloot men geen stadhouder meer aan te stellen.
  • 33. Republikeinen en Prinsgezinden
    • De regenten in de steden en de Staten Generaal hadden andere belangen dan de stadhouders.
    • De republikeinen, voor wie het Stadhouderloze tijdperk gold als de "ware vrijheid", waren sterk vertegenwoordigd onder de regenten, die in de steden de lakens uitdeelden, en in het leger, omdat officiersaanstellingen werden toebedeeld aan kinderen van regenten.
    • De prinsgezinden trof men aan onder de vertegenwoordigers van het gewone volk, de gilden en de leden van de schutterijen.
  • 34. Macht van de Raadspensionaris over Willem III
    • Door de dreigende internationale situatie ontstond paniek. Het volk riep om een 'sterke man'.
    • Johan de Witt wilde voorkomen dat een Oranje stadhouder zou worden, en zorgde er voor dat Willem III onder zijn toezicht werd opgevoed als 'kind van staat'.
    • In 1672 werd Willem III echter in Zeeland benoemd tot stadhouder en kapitein-generaal.
    • Later volgde benoeming ook in andere gewesten (behalve in Friesland en Groningen).
    • De Witt keurde de benoeming van Willem III goed, onder voorwaarde dat de aanstelling slechts voor één veldtocht gold.
  • 35. Moord op de gebroeders De Witt
    • Cornelis de Witt (een broer van Johan) werd op een vals gerucht dat hij een aanslag wilde plegen op Willem III, vastgezet en pijnlijk verhoord. De rechtbank achtte de aanklacht niet bewezen, maar verbande hem naar het buitenland.
    • Als politieke consequentie hiervan nam zijn broer Johan ontslag als raadpensionaris. Toen hij zijn broer Cornelis uit de gevangenis kwam halen, werden zij zonder reden gelyncht door een redeloos woedende menigte Oranje-handlangers. Hun lijken werden verminkt, aan stukken gescheurd en opgehangen.
    • Door de dood van de gebroeders De Witt was de machtswisseling een feit geworden.
  • 36. Hoofdrolspelers in 1672: Bernhard von Galen en Carl Rabenhaupt
    • Bisschop Bernhard von Galen, ook bekend als Bommen Berend, leidde de aanval op Noordoost-Nederland in 1672, waarbij hij ook Groningen belegerde.
    • De verdediger van de stad was de toen 70-jarige Carl Rabenhaupt, een beroepsmilitair.
  • 37. Bisschop Bernhard von Galen
    • In de periode 1646-1648 was Bernhard von Galen betrokken bij de voorbereidende onderhandelingen voor de vrede van Munster (Vrede van Westfalen). Op 44-jarige leeftijd werd hij gekozen tot bisschop van Munster. Als vorst-bisschop van Munster had hij een dubbele taak: een militair/politieke taak als bestuurder en een kerkelijke taak als bisschop. Hij had grote aspiraties en zag het als zijn taak het protestantisme terug te dringen en voormalig katholiek gebied in de Republiek te veroveren en die gebieden weer tot het katholicisme te brengen.
  • 38. Jeugd
    • Christoph Bernhard von Galen werd geboren op 12 oktober 1606 op havezathe Bisping in Munsterland. Hij werd door zijn moeder Catherine van Hörde streng opgevoed, omdat zijn vader 12 jaar in voorarrest verbleef wegens doodslag. Reeds op zeven jarige leeftijd werd hij geestelijke aan de Dom van Munster, waar hij op zijn 24ste verantwoordelijk werd voor de gang van zaken in de kerk.
  • 39. Bisschopsverkiezing en verovering Munster
    • Bernhard von Galen werd in 1650 gekozen als bisschop van Munster. De bisschopszetel moest hij echter veroveren op zijn tegenstander - zowel op kerkelijk als wereldlijk gebied - Bernhard von Mallinckrodt, die door de stad Munster werd gesteund. Pas in 1661 lukte het Von Galen om de zetel te bemachtigen, na een belegering van de stad Munster. Tijdens het beleg werd voor het eerst gebruik gemaakt van een nieuw soort brandbommen, die hem de bijnaam Bommen Berend opleverde.
  • 40. Aanspraken als vorst
    • Het bestuur over het bisdom Munster omvatte zowel een wereldlijke bestuurstaak als een kerkelijke. De bisschop van Munster fungeerde, evenals de aartsbisschoppen van Keulen, Trier en Mainz, als leenman van het Duitse Rijk. Het fenomeen dat een kerkelijke bisschop ook wereldlijk vorst was, was in de middeleeuwen ontstaan. De keizers hoopten daarmee erfopvolging te voorkomen. Bernhard von Galen streefde evenals andere vorsten in zijn tijd naar de absolute macht. Tot het bisdom behoorde vanouds ook de heerlijkheid Borculo, dat nu in Republiek gelegen was.
  • 41. Aanspraken als bisschop
    • Het bisdom Munster omvatte tot het midden van de 16 e eeuw ook gebieden in Oost-Friesland en de Ommelanden.
    • Het bisdom Munster liep door deze reorganisatie een groot deel van de inkomsten uit de Ommelanden mis. Het is begrijpelijk, dat Von Galen deze verloren gebieden, die inmiddels tot het protestantisme waren overgegaan, zag als zijn missiegebied en trachtte ze desnoods gewapender hand weer onder zijn beheer te brengen.
  • 42. Zijn missie
    • Von Galen zag het als zijn opdracht, de door hem verfoeide hervormingsbewegingen te bestrijden om de gelovigen terug te voeren tot het ware geloof van de Rooms-Katholieke kerk. Daarmee waren de Republiek, het graafschap Bentheim en het markgraafschap Brandenburg, die alle protestants waren, zijn natuurlijke vijanden. In de door hem bezette gebieden werd de katholieke eredienst hersteld en werden priesters aangesteld.
    • De geloofsstrijd is treffend verbeeld in het schilderij van de zielenvisserij, waarop is afgebeeld hoe zowel de protestanten als de katholieken naar zielen vissen.
  • 43. Portretten van Bernhard von Galen
    • Zowel in gravures als schilderijen zijn er meerdere portretten gemaakt van bisschop Bernhard von Galen. De portretten op schilderij werden meestal door of voor de afgebeelde persoon besteld. Deze kan dus zelf bepalen hoe hij wordt afgebeeld. De gravures dienden een ander doel; zij werden veel gebruikt om bij berichtgeving over een internationale gebeurtenis een portret van de hoofdpersonen te geven. Daarbij gaat het meestal om een eenvoudig en herkenbaar portret. Ook worden personen wel geportretteerd op spotprenten.
  • 44. Als kerkvorst
    • Het bijgaande portret van Bernhard von Galen toont hem in kerkelijke dracht. Zijn positie als geestelijke is herkenbaar. De persoon Von Galen maakt de indruk van een krachtdadige man, die een doel voor ogen heeft.
    • Het schilderij is in 1670 gemaakt door W. Heimbach
  • 45. Als krijgsman
    • Op bijgaande gravure van C. Hagen is Bernhard von Galen niet afgebeeld als een geestelijke; hij lijkt gekleed te zijn in een tuniek met tressen, zoals die door cavaleristen werden gedragen. De kleur zwart van zijn kleding verwijst wel naar zijn geestelijke staat. In zijn linkerhand houdt hij een papier (mogelijk een vestingsplan of een aanvalsplan) terwijl de rechterhand rust op de bisschopsmijter rust. Op de achtergrond een belegerde stad, die met bommen wordt beschoten.
  • 46. Als administrator van Corvey
    • Het klooster Stift Corvey is gelegen bij de stad Höxter aan de Weser. Het kloostercomplex omvat een, door Von Galen, herstelde kerk in barokstijl, een kasteel met kostbare bibliotheek en jachtzaal en verder indrukwekkende kloostergebouwen. Von Galen fungeerde hier als administrator en kon dus beschikken over de kloostergoederen. Zowel het kasteel als de kerk en de kostbare bibliotheek getuigen van een vorstelijke allure. Op het portret is hij afgebeeld als een bisschop in liturgisch gewaad: met mijter en koorkap.
  • 47. Als tweeslachtige figuur
    • Zijn dubbelrol als bisschop en vorst geeft ook aanleiding tot verschillende visies op de persoon. Uit katholieke kring komen natuurlijk positieve levensbeschrijvingen, waarin zijn inzet om het katholicisme te verbreiden uitgebreid besproken en geprezen wordt, zoals bijvoorbeeld in de biografie van Johannes van Alphen (1630-1698) die als vicaris-generaal binnen de roomse kerk werkzaam was. Daartegenover staat de negatieve biografie door de Utrechtenaar Simon de Vries, die een jaar na de dood van Von Galen reeds gepubliceerd werd.
  • 48. Als overwinnaar
    • W. Heimbach maakte tenminste vier verschillende portretten van Bernhard von Galen. Een borststuk als geestelijke, een zittend portret in vol ornaat als bisschop en twee ruiterstukken. Het eerste ruiterstuk dateert uit 1670. Von Galen is daar te paard afgebeeld met de stad Munster op de achtergrond. Het is een verwijzing naar de verovering van Munster. In 1674 liet de bisschop zich nogmaals in een ruiterstuk portretteren, ditmaal met de stad Groningen in de achtergrond, gezien vanuit het zuidwesten. Hij heeft de stad Groningen nooit bedwongen, maar het schilderstuk suggereert dat wel.
  • 49. Carl Rabenhaupt
    • Carl Rabenhaupt, baron van Sucha is in 1602/1604 geboren in een protestantse familie op het kasteel Lichtenberg bij de stad Csaslau in Zuid-Bohemen. Stadhouder Willem Frederik was in 1664 overleden. Hendrik Casimir II was in 1672 nog minderjarig; zijn moeder Albertina Agnes trad voor hem op als regentes. Carl Rabenhaupt trad als 70-jarige in dienst als luitenant-generaal van het gewest Stad en Lande. Hij nam daarmee de verdediging van de stad op zich in het dreigende conflict met de bisschoppen van Munster en Keulen. Op het moment van zijn aanstelling te Groningen was hij in dienst van de landgravin van Hessen-Kassel die als aanhanger van de hervorming in februari 1672 bereid bleek hem aan Groningen af te staan. Met grote voortvarendheid nam hij de versterking van de vestingwerken van Groningen op zich. Mede dankzij zijn strategie heeft de stad Groningen het zware beleg van 1672 kunnen doorstaan. Minder strategie vertoonde Rabenhaupt in zijn contacten met de gezagdragers. Met de stad Groningen en andere autoriteiten ontstond er later nog discussie, ondermeer over de besteding van geldmiddelen.
  • 50. Militaire loopbaan
    • Op 20-jarige leeftijd nam hij dienst in een huurleger. Hij ontving zijn militaire opleiding onder meer in het Staatse leger van Prins Maurits, met name bij het beleg van Bergen op Zoom. Zijn belangstelling ging reeds vroeg uit naar vestingbouwkunde en verdedigingstechnieken. In 1626 nam hij dienst in Groningen bij graaf Ernst Casimir. Bij het beleg van Groenlo maakt hij zich verdienstelijk. Ook werkte hij mee aan de verbetering van de vestingwerken te Leerort, Bourtange en Nieuweschans. Daarna diende hij de koning van Polen en de landgravin van Hessen-Kassel.
  • 51. Aanstelling in Groningen
    • Op 8 juni 1762 deed Rabenhaupt zijn plechtige intrede in Groningen; tijdens de ontvangst door de burgemeester werd hij bij de Oosterpoort begroet met drie kanonschoten. Het hem toegewezen woonhuis op de hoek van de Schoolstraat en Sint Jansstraat voldeed niet aan zijn eisen omdat dit huis in het schootsbereik lag van vijandelijk geschut. Hij nam daarom zijn intrek in het huis van De Mepsche (het huis met de Schone Gevel) aan de Noordzijde van de Grote Markt. Daar ook dit huis binnen schootsbereik bleek te vallen, werd het hoofdkwartier vervolgens verplaatst naar de Ossenmarkt.
  • 52. Strateeg van de Groningse verdediging
    • Rabenhaupt vatte direct na aankomst belangrijke zaken aan voor de verdediging van Groningen, zoals het versterken van de wallen, het weghalen van bruggen en het maken van schootvelden, door de afbraak van huizen en het kappen van bomen ten zuiden van de stad. Ook is hij de initiatiefnemer van de inundaties rond de stad. Volgens Rabenhaupt maakte Von Galen een strategische fout: hij had eerst Aduarderzijl en Delfzijl moeten innemen alvorens beleg te slaan voor Groningen. De strijd om de dan ingesloten stad had er heel anders uitgezien.
  • 53. Carrière na 1672
    • Na de succesvolle verdediging van de stad hielp Rabenhaupt mee met het verdrijven van de vijanden uit Oost-Groningen en de bevrijding van Coevorden.
    • Daarna werd hij door de Staten Generaal, bij wijze van beloning, aangesteld als drost van Drenthe. Ook de stad was hem zeer dankbaar, maar men ruziede over geldzaken. In Drenthe ontstonden ook moeilijkheden, omdat hij zich beklaagde, dat er zich een hem vijandige partij had gevormd.
    • Rabenhaupt overleed in 1675.
  • 54. Het beleg van Groningen in 1672
    • De vestingwerken van Groningen waren tussen 1608 en 1626 verbeterd en vergroot.
      • Er lag nu een ring van 17 bastions (hier 'dwingers' geheten) rond de stad.
      • In de wallen waren zeven poorten aangebracht: Herepoort, Oosterpoort, Steentilpoort, Ebbingepoort, Boteringepoort, Kranepoort en A-poort.
    • Deze vesting moest in 1672 een zwaar beleg van 5 weken doorstaan.
  • 55. Opmars van de Munsterse troepen
    • De opmars naar Groningen verliep volgens twee routes.
      • De ene ging door Emsland parallel met de Nederlandse grens noordwaarts. Allereerst moesten de Dielerschansen worden ingenomen. Vervolgens kon men verder richting Nieuweschans, dat toen aan de Dollardkust was gelegen en de toegang naar Groningen afsloot. Na de val van Nieuweschans werden Oude Schans, Winschoten en de Borg te Wedde ingenomen om tenslotte door te steken naar Bourtange. Veengebieden en inundaties beletten echter een opmars naar Delfzijl en de Stad Groningen.
      • De tweede route liep over de Hondsrug, via Coevorden, dat zonder veel strijd werd ingenomen. Nu lag de weg naar Groningen open.
  • 56. Bourtange houdt stand
    • Bourtange, was gelegen op een pas door het Bourtanger Moor. Door deze route zou de toegangsweg naar Groningen worden bekort. De sterke vestingwerken lagen temidden van een drassig gebied, een zogenaamde "natte horizon".
    • De aanval op 11 juli werd door overste Bernard Johan Prott weerstaan. Een poging tot omkoping mislukte evenzeer.
    • Wel werd de toegang tot Bourtange geblokkeerd door de Munsterse bezetting van het huis te Wedde.
  • 57. Oldambt en Westerwolde
    • Na de overgave van Nieuweschans, Winschoten en het huis te Wedde en de kleinere schansen aan de oostgrens, waarmee het Oldambt en Westerwolde was bezet, poogde men de gevolmachtigde van het Oldambt, boer Luwert Fockens, te verleiden partij voor de bisschop te kiezen en de stad Groningen af te zweren. De bisschop beloofde vrijheid van godsdienst, veiligheid tegen de aanvallen van de stad wanneer men hem als landheer zou erkennen.
  • 58. Inname van Coevorden
    • Voorafgaande aan de opmars via Coevorden plunderden de Munsterse troepen op de Veluwe en in Overijssel.
    • Deventer en de Ommerschans werden ingenomen.
    • De militaire activiteiten in Overijssel en Gelderland werden gestaakt na bezwaren van Lodewijk XIV, omdat het niet strookte met de afspraken over de verdeling.
    • Aldus trokken de bisschoppen naar Coevorden, dat zonder veel strijd werd ingenomen.
  • 59. Naar Groningen
    • Nu de weg over de Hondsrug open lag, trok men op naar Groningen.
    • Men kon de stad alleen vanuit het zuiden benaderen door de inundaties vanuit het Winschoterdiep aan de oostzijde en vanuit het Hoornsediep aan de westzijde.
    • Op 19 juli bereikten de bisschoppen de stad, waar kwartier gemaakt werd in Helpman, nabij Essen.
    • De troepen lagen in Helpman aan weerszijden van de Hereweg: de Munstersen aan de westzijde en de Keulse troepen aan de oostzijde.
  • 60. Voorbereiding voor het beleg
    • Er werden geschutsopstellingen aangelegd op verhoogde plaatsen, die met schanskorven van gevlochten tenen werden beschermd tegen vuur uit de stad.
    • Ook werden loopgraven aangelegd (het zogenaamde 'sapperen'). De loopgraven, ook wel de 'approches' geheten' werden in zigzag-vorm tot aan de wallen gegraven; men wilde dicht bij de wallen kunnen komen om deze met mijnen en springladingen te kunnen op te kunnen blazen (het zogenaamde 'mineren').
  • 61. De stad Groningen tijdens het beleg
    • Sinds het beleg van Groningen in 1594 bestonden er reeds plannen tot versterking van de vesting, welke tussen 1608 en 1628 werden gerealiseerd. Men maakte gebruik van de stenen die vrijkwamen bij afbraak van de vele kloosters in de Ommelanden.
    • De vesting bestond in 1672 uit een ring van wallen met 17 bastions ('dwingers') aangelegd in de vorm van een vijfhoek (met diagonalen van ongeveer 120 meter). In de wallen waren zeven poorten aangebracht: Herepoort, Oosterpoort, Steentilpoort, Ebbingepoort, Boteringepoort, Kranepoort en A-poort. Verder waren er acht waterpoorten ('piepen') aangelegd op plaatsen waar de verschillende waterlopen in de stad kwamen en de buitengracht kruisen. Deze 'piepen' lagen bij het Winschoterdiep, het Damsterdiep, het Boterdiep (bij de Ebbingepoort), het Reitdiep en het Hoornse diep.
  • 62. Verdedigingswerken
    • Ter voorbereiding van het naderende beleg werden in de stad de nodige voorzorgsmaatregelen genomen. De vestingwerken werden verbeterd en de bruggen aan de zuidkant van de stad werden afgebroken, evenals de gebouwen ten zuiden van de stad. De bevoorrading en de munitie werden op peil gebracht. In de stad waren 24 vaandels voetvolk, 4 compagnieën cavalerie, 3 compagnieën dragonders en een compagnie studenten gelegerd.
  • 63. Inundatie en waterwegen
    • Met toestemming van de Ommelanden werden aan twee kanten van de stad grote gebieden onder water gezet: ten westen van het Reitdiep en ten zuidoosten van het Damsterdiep. Daarmee was Groningen voor de Munsterse aanval alleen vanuit het zuiden te bereiken.
    • Het Reitdiep en het Damsterdiep bleven echter wel bevaarbaar voor de noodzakelijke bevoorrading van de stad.
  • 64. Bommen op de stad
    • Op 27 juli begonnen de artilleriebeschietingen, die gedurende een periode van 4 weken aanhielden. Daarbij werden ongeveer 5000 bommen op de stad afgevuurd zowel met vlakbaan als krombaangeschut. Als bommen werden gebruikt massieve kogels, brandbommen, rookpotten en zelfs stenen. De beschietingen brachten veel schade aan de bebouwing, vooral ten zuiden van het Zuiderdiep. Ook belangrijke gebouwen zoals de kerken leden veel schade.
  • 65. Branden in de stad
    • De aanvallers gebruikten gloeiende kogels en holle metalen kogels gevuld met kruit om branden te veroorzaken. De meeste branden ontstaan in het zuidelijk stadsdeel. Omdat de bommen zelfs de Ebbingestraat bereikten, verplaatste Rabenhaupt zijn hoofdkwartier van het huis met de schone gevel op de noordzijde Grote Markt naar de Ossenmarkt. De Doopsgezinden, die vanwege hun geloofsovertuiging geen wapens mochten dragen, werden door het stadsbestuur belast met de brandbestrijding
  • 66. Verloop van de strijd
    • De stad Groningen was bij de aanvang van het beleg goed voorbereid. De verdedigingswerken waren versterkt en de gebieden ten westen en oosten van de stad stonden onder water. Munitie en voorraden waren op peil gebracht, terwijl de aanvoerwegen via het Reitdiep en het Damsterdiep open bleven. Het was voor de aanvallers van strategisch belang om deze aanvoerwegen af te snijden.
    • Door het afbreken van gebouwen en het kappen van bomen ten zuiden van de stad had men vanaf de wallen een goed schootsveld op de belegeraars. Dezen legden loopgraven aan tot aan de stadsgracht om de stad zo dicht mogelijk te kunnen benaderen. Maar zij bleven in het nadeel. Vanaf de wallen was het prijsschieten op de Munsterse en Keulse troepen. Bij het beleg verloren 4.530 aanvallers het leven, tegenover slechts een kleine 20 in de stad.
  • 67. Afsnijding van aanvoerwegen
    • De aanvallers probeerden de aanvoerwegen naar de niet bezette gebieden zoals Friesland en Holland af te snijden en daarmee de bevoorrading van de stad met wapens, munitie en voedsel te stoppen. Daarom pleegde men een verrassingsaanvallen op Delfzijl en op Aduarderzijl en Noorderhogebrug. Bovendien eisten de Munstersen dat de stad Emden zich neutraal zou opstellen. Bovendien werden er door bisschoppelijke troepen rooftochten georganiseerd naar Friesland (Drachten), het Westerkwartier en Middagherland (Ezinge), waarbij paarden, koeien en klein vee werden geroofd
  • 68. BB eist overgave
    • De belegeringsstrijd wordt gevoerd niet alleen gevoerd met militaire wapenen, maar ook met de pen. Meteen na de val van Coevorden stuurden de bisschoppen een bericht aan de stad Groningen dat verder verzet geen zin meer had.
    • Op 30 juli stuurde de bisschop van Munster nogmaals een brief, waarin hij de komende vernietiging van de stad aankondigde en de aanbeveling deed tot overgave, waardoor verdere schade en bloedvergieten voorkomen kon worden. De stad weigerde zonder meer.
  • 69. Aanslag op Aduarderzijl en Noorderhogebrug
    • Op 15 juli deden de bisschoppen een uitval naar Aduarderzijl met 8 vendels voetvolk en enige compagnieën cavalerie. De vestingcommandanten Clant en Ripperda wisten echter de aanval af te slaan. Op 28 juli werd de schans bij Noorderhogebrug door de Munstersen aangevallen. Ca. 300-400 man varen per platbodemschepen over de geïnundeerde gebieden naar de schans. Doordat de commandant Clant kon beschikken over een kanon, lukte het de aanval af te slaan.
  • 70. Schade in de stad
    • Evenals de huizen in het zuidelijk stadsdeel stonden ook de wallen en de poorten aan de beschietingen bloot. Van de Herepoort worden de buitendeuren weggeschoten. Doordat de bruggen waren verwijderd kon herstel alleen plaatsvinden vanuit een boot. Door een aantal vermetele vrijwilligers werd een dubbelwandig houten schot gevuld met hennep aangebracht op de opening. Vervolgens werd de poort van binnen uit met mest en aarde gevuld.
  • 71. Gewonden en doden in de stad
    • Het aantal doden onder de bevolking tijdens het beleg is betrekkelijk laag gebleven ca. 80 - 100 personen, daaronder waren ook raadsheer Tammen en de vrouw van Prott. Het lage cijfer kan worden verklaard door de tijdige evacuatie van de bevolking van het zuiden naar het noordelijk deel van de stad. Ook bij de soldaten onder de verdedigers in de stad zijn de verliezen beperkt tot 15 of 16 man. Slachtoffers vielen voornamelijk bij de uitvallen en tijdens de vele beschietingen door vijandelijke kogels of door vallend puin.
  • 72. “ Bommen Berend” breekt op
    • De bisschop van Munster had meerdere redenen om het beleg te staken. Op internationaal vlak werd de militaire druk vanuit Brandenburg op Munster opgevoerd. Ook vreesde hij een ontzetting van Groningen door Staatse troepen, omdat het niet gelukt was de toegangswegen via Delfzijl en Zoutkamp af te sluiten. Maar daarnaast waren er grote problemen in het eigen kamp. Het succes van de permanente bombardementen met bommen bleef uit. Het geschut raakte daardoor overbelast. Tijdens de beschietingen explodeerden een aantal kannonnen, waarbij vijf artillerie-meesters het leven lieten.Verder legde het gerichte tegenvuur vanuit de stad vele batterijen het zwijgen op. Tijdens het beleg daalde het moreel van de aanvallers tot een dieptepunt: vanaf de wallen van de stad was het immers prijsschieten op de gravers van de loopgraven. De verliezen aan Munsterse zijde liepen dan ook hoog op, zowel in gewonden en doden als in deserteurs.
  • 73. Deserteurs aan Duitse zijde
    • Deserteren kwam vooral veel voor in de beroepslegers wanneer de soldij niet tijdig werd uitbetaald of de voedselvoorziening te wensen overliet. De Munstersen en Keulse troepen waren voor hun voeding vooral op roof en plundering aangewezen; dat liet dus zeer te wensen over. Van de 20.000 man aangeworven troepen zijn ca. 5.600 man gedeserteerd, waarvan het merendeel overliep naar de tegenpartij. Hiervan werden er 5.000 afgevoerd naar Amsterdam. De rest bleef in Groningen.
  • 74. Doden en gewonden aan Duitse zijde
    • De bisschoppen hadden hoge verliezen doordat bij de acties 4.530 mannen sneuvelden. Opvallend hierbij is het hoge aantal officieren namelijk: 3 oversten, 2 luitenant-kolonels en 63 kapiteins.
    • Verder trof men na het beleg in Helpman in een schuur ca. 1400 gewonden aan, die werden verpleegd door 6 Franse chirurgijns. Met onherstelbare gewonden werd korte metten gemaakt door hen uit het lijden te verlossen.
  • 75. Terugtrekking hoofdmacht op Munster (Brandenburg)
    • Het bisschoppelijke leger vertrok in omgekeerde richting over de Hondsrug via Coevorden naar Munsters gebied. De loopgraven waren verlaten. Tot het laatst toe bleef de Galgenberg in het Sterrebos bezet. Terwijl de hoofdmacht zich terugtrok, bleven de Schansen in de driehoek Winschoten, Nieuwe Schans en Wedde voorlopig in Munsterse handen. De herovering van Winschoten met de omringende schansen en Wedde vond plaats op 8 september 1672. Op 27 oktober volgde Oude Schans en op 30 december Coevorden.
  • 76. Een leeg legerkamp; Oost-Groningen blijft bezet
    • Het vijandelijke kamp werd in grote haast verlaten. Het garnizoen en de burgers van de stad troffen in de verlaten loopgraven tal van weggeworpen wapens aan, evenals achtergelaten schoppen, spaden en kruiwagens. Onmiddellijk werd begonnen met het dichtgooien van de loopgraven en de ontmanteling van de opgeworpen stellingen. In het voorterrein werden nog onbegraven paarden en zelfs de lijken van gedode tegenstanders aangetroffen
  • 77. Epiloog
    • Nadat het beleg door de troepen van Keulen en Munster was opgeheven, stuurde de stad Groningen hiervan bericht aan de Staten Generaal. Als antwoord kreeg zij een complimenteuze brief, waarin grote waardering werd uitgesproken voor de houding van het garnizoen en de burgers gedurende de zware belegering. De stad had stand gehouden door de saamhorigheid van alle burgers ongeacht hun godsdienstige achtergrond en ook de relatie met de Ommelanden was na 1672 verbeterd.
    • Het behoud van de stad Groningen in 1672 heeft voorkomen, dat Holland vanuit het noordoosten kon worden aanvallen, hetgeen stellig het einde van de Republiek zou hebben betekend. Bij een definitieve opdeling zou het Noordoostelijk deel van de Republiek weer tot het Duitse Rijk gaan behoren met bisschop Bernard van Galen als landheer. Deze zou in zijn gebieden met grote voortvarendheid de rekatholisering hebben aangepakt.
  • 78. Groningen Constant
    • Ter herinnering aan het beleg van Groningen werden verschillende penningen geslagen. Op de voorzijde van een zilveren noodmunt van 50 stuivers van de stad Groningen werd de tekst “GRONINGEN CONSTANT. BEHOVT VANT LANT” aangebracht
  • 79. Gedenkpenning
    • Ook ter ere van Carl Rabenhaupt werden gedenkpenningen geslagen en gegraveerd. Daarop werd op de voorzijde vaak zijn portret afgebeeld
  • 80. Spotprent op BB
    • Een spotprent op de bisschop van Munster toont hem als Don Quichot, omgekeerd rijdend op een varken. Het zwijn was een gewone scheldnaam voor de Munstersen, vanwege de export van varkensvlees. Het varken gold destijds als symbool voor vraatzucht en onzindelijkheid. Beide eigenschappen werden aan Bernhard von Galen toegedacht, die zijn buit placht te besteden aan de inrichting van zijn barokkerken. Naast hem staat de bisschop van Keulen als knecht Sancho, met rozenkrans en zwaard.
  • 81. Spotprent op BB 2
    • Bisschop Bernhard von Galen wordt hier afgebeeld als een dualistische figuur: een bisschop/krijgsman met in de ene hand de bijbel en in de andere een geheven zwaard. In de achtergrond rechts weidt hij als vredige herder zijn schapen en links kastijdt hij als een wrede herder woest zijn schapen met zijn bisschopsstaf.
  • 82. Vrede’s van Keulen en Nijmegen
    • De vijandelijkheden met Munster duurden nog voort in 1673 en 1674. Uiteindelijk werd op 2 april 1674 in Keulen de vrede getekend, waarbij Munster al het veroverde gebied zonder betaling moest afstaan. Keulen verwierf de ontruiming van het Staatse garnizoen in Rijnberk.
    • Rabenhaupt overleed in 1675.
    • Pas in 1678 sloot de Republiek Vrede met Frankrijk bij de Vrede van Nijmegen zeer tegen de zin van haar bondgenoten.
    • Kort erna stierf Bommen Berend stierf op 19 september 1678 te Ahaus.
  • 83. Einde en tentoonstelling
    • De makers van deze presentatie hopen dat deze voor u informatief is geweest.
    • Op de tentoonstelling is nog veel meer te zien over “Feest in de stad”.
    • Deze is door medewerkers en vrijwilligers van Verhildersum met zeer veel zorg en tijd voor u samengesteld.
    • Veel dank natuurlijk voor personen, bedrijven en instanties die materiaal voor deze tentoonstelling beschikbaar hebben gesteld.
    • Indien gewenst is verder nog wat informatie beschikbaar over de SAMENSTELLERS van deze presentatie, over de geraadpleegde BRONNEN en over VERHILDERSUM
  • 84. Samenstellers presentatie
    • Cees de Ranitz
    • 1936, Winsum
    • Oud docent Milieutechnologie
    • Hobby's: historie, zigeuner-muziek
    • Heeft voor deze presentatie teksten en illustraties verzameld; heeft ook een lezing over deze historie gehouden
    • Frits van Vianen
    • 1952, Kruisweg
    • Datamanager
    • Hobby's: automatisering, golf
    • Heeft deze presentatie en de lay-out samengesteld
    • Egbert van der Werff
    • 1954, Groningen
    • Historicus met diverse publicaties
    • Hobby's: historie, kerken
    • Lid bestuur “Vereniging van Volksvermaken”
    • Heeft voor deze presentatie alle teksten en illustraties geredigeerd en deels verzameld
  • 85. Bron vermelding
    • persoonlijke archieven van Egbert van der Werff / Cees de Ranitz
    • diverse internet-sites
    • Bommen Berend, Christoph Bernhard von Galen , Tentoonstellingscatalogus Rijksmuseum Twenthe 1973.
    • Bodewes, J.A., Noorder Rondblikken; Van Bommen Berend tot Groninger bier, Groningen 1980, p. 10-22.
    • Drieskaemper, P., ‘Redeloos, radeloos, reddeloos’, de geschiedenis van het rampjaar 1672 . Hilversum 1998.
    • Fruin, R., De oorlog van 1672 , Groningen 1972.
    • Fruin. R., Het voorspel van de tachtig jarige oorlog , Utrecht, 1957 (herdr. 1986).
    • Goor, D. van., Het beleg van Groningen , Haren 1967.
    • Laan, K, ter, Groninger Encyclopedie , 2 dln. Groningen, 1954.
    • Lepage, J.D. Vestingen en schansen in Groningen . Utrecht 1994.
    • Mohr, A.H., Terminologie van vestingwerken , Utrecht, 1999.
    • Overdiep, G., A.T. Schuitema Meijer en A. Westers, Groningen Constant, Tentoonstellingscatalogus ter herdenking van het beleg van Groningen in 1672 , Groninger Museum, Groningen 1972.
    • Slageren, A.H. van, Vestingen en Schansen in het gebied rond Eems en Dollard , Leer 1990.
    • Roorda, D.J., Het rampjaar 1672 . Utrecht 1971
    • Verheyen, A.A.R., en D.J. Huizenga, Feest in Gruno's straten , Groningen 1974.
    • Westers, A., (Ed.), Groningen Constant . Groningen 1972.
    • Westers, O., `125 jaar Volksvermaken', Stad en Lande , Jrg. 7 (1998) 2-7.
    Alle vermelde en onverhoopt niet-vermelde bronnen zijn geraadpleegd onder verantwoordelijkheid van de Stichting Borg “Verhildersum”
  • 86. Borg en museumboerderij “Verhildersum”
    • Naast de prachtige tentoonstelling is er op Verhildersum nog veel meer te zien.
    • Borg, tentoonstelling in het koetshuis, tuin met beelden, oud-Nederlands vee, boomgaard, arbeiders huisje en vele andere zaken zijn een bezoekje meer dan waard.
    • Een leuk aandenken of een mooie kaart zijn verkrijgbaar in het koetshuis