Kingdom of Nirvoas - afl. 3.4

383 views

Published on

Published in: Travel
0 Comments
0 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

No Downloads
Views
Total views
383
On SlideShare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
21
Actions
Shares
0
Downloads
1
Comments
0
Likes
0
Embeds 0
No embeds

No notes for slide

Kingdom of Nirvoas - afl. 3.4

  1. 1. Kingdom of Nirvoas
  2. 2. Adel, familie Daesdonck Generaties: (1.) Larissa (2.) Abraham Jr., Isabella
  3. 3. Het was een koude winter dat jaar. Sneeuwstormen raasden over heel Nirvoas en legden een dik pak sneeuw in de straten. Niemand ging de deur uit als het niet nodig was. De weduwe Larissa Daesdonck zat lekker warm bij het vuur. Dat er buiten arme mensen honger leden, zag ze niet. Ze schrok op toen er op de deur werd geklopt.
  4. 4. Nauwelijks had ze de deur geopend, of een vrouw duwde haar opzij en stapte naar binnen. Verward keek Larissa om. ‘ Vrouwe Helena? Wat doet u hier?’ stamelde ze. Ze had veel verhalen gehoord over deze dochter van haar overleden man. En dat waren geen goede verhalen!
  5. 5. ‘ De geruchten zullen u toch niet ontgaan zijn, lijkt me.’ zei Helena sarcastisch. ‘Ik ben van het hof verjaagd, en nu heb ik onderdak nodig. Ik kan moeilijk op straat gaan leven. En aangezien dit het huis van mijn overleden vader is, kom ik hier wonen.’ ‘ U komt…hier wonen?’ herhaalde Larissa en ze wreef nerveus over het fluweel van haar japon.
  6. 6. Helena glimlachte kort. Toen richtte ze zich tot haar broer, die op de bank zat te lezen. ‘ Abraham, ik ben tenslotte uw zuster. U kunt mij niet weigeren.’ ‘ Nee, dat is waar. U bent hier welkom, Helena.’ mompelde Abraham. Ja, het was zijn plicht om familie te helpen. Hij kon zijn zus moeilijk wegsturen.
  7. 7. Helena kreeg een bed en nog wat eigen spullen, en al gauw was iedereen aan haar aanwezigheid gewend. Helena was geen makkelijk persoon, maar ach – ze bleef familie. Wat ze aan het hof uitgespookt had, was geschiedenis. ‘ Ik kan niet wachten tot ik zestien word!’ zei Isabella op een middag aan tafel. Die woorden sprak ze bijna elke dag wel uit, zo verlangde ze naar haar huwelijk.
  8. 8. ‘ Heeft u al weer een brief terug gekregen van Heer Constantijn?’ vroeg Abraham vriendelijk aan zijn halfzusje. Ze schudde haar hoofd. ‘ Nog niet, maar hij heeft het erg druk. Politiek enzo.’ glimlachte ze. ‘ Ik weet er alles van.’ knikte Abraham en hij lachte ook.
  9. 9. Die avond kwam Heer Dagheraath weer langs. Sinds hij en Larissa officieel verloofd waren, kwam hij iedere dag. ‘ Ik heb je iets belangrijks te vertellen. Te vragen, beter gezegd.’ begon Jan plechtig. ‘Ik zou je willen vragen bij mij te komen wonen, Larissa. Neem je dochter Isabella mee, en je stiefzoon Abraham en je stiefdochter Helena. Iedereen is welkom.’
  10. 10. ‘ Mogen wij ook mee?’ vroeg Isabella enthousiast. ‘Naar uw landgoed?’ ‘ Uiteraard, jongedame.’ Heer Dagheraath maakte een charmante, lichte buiging en Isabella bloosde. ‘ Mooi. Ik ga meteen mijn spullen pakken.’ zei Helena kortaf.
  11. 11. De volgende dag stapten ze al heel vroeg in de koets en tegen de middag arriveerden ze op het landgoed. ‘ Welkom in Huize Dagheraath!’ riep Jan met een wijds armgebaar. ‘Mijn trots!’ Niemand kon een woord uitbrengen, zo overdonderd waren ze. Zelfs Helena keek met open mond naar het prachtige landhuis.
  12. 12. ‘ Dit is…’ begon Larissa, maar ze sloot haar ogen en haalde diep adem. Toen ze haar ogen weer opende, stonden ze vol tranen. ‘ Jan, ik had nooit durven dromen dat ik hier…dat ik ooit op een plek als deze zou mogen leven. En samen met jou…’ Bijna werden alle emoties haar te veel, maar Jan sloeg zijn arm om haar heen. ‘ Dit is allemaal door mijn grootvader gebouwd, jaren terug.’ zei hij.
  13. 13. ‘ Ooit bruiste het hier van het leven. Toen ik jong was, waren er nog bedienden. Zie je die gebouwen met die rieten daken, achter het huis? Dat zijn de bediendenvertrekken. Er is ook een moestuin, en een boomgaard. Jammer genoeg is alles verwaarloosd. Ik ben de enigste die nog is overgebleven in het huis.’ Even zweeg hij en haalde zijn schouders op. ‘Hopelijk wordt het weer net als vroeger!’ zei hij vastberaden.
  14. 14. ‘ En dan nu een rondleiding!’ zei hij. Iedereen volgde hem. Larissa voelde zich licht in haar hoofd door alles wat ze te zien kreeg. Het was bijna te mooi om waar te zijn! Eerst kwamen ze in een grote zaal met een tegelvloer en een fontein in het midden. Dat was de feestzaal, vertelde Jan.
  15. 15. ‘ De eetkamer, simpel maar stijlvol.’ glimlachte Jan.
  16. 16. Via de marmeren wenteltrap kwamen ze op de eerste verdieping. ‘ Dit is de kamer waar jij en ik zullen slapen.’ zei Jan zacht tegen Larissa, en ze begon vreselijk te blozen. ‘ Wat een prachtige ramen.’ zei Isabella bewonderend, en Larissa was blij dat haar dochter het onderwerp veranderd had. Jan begon meteen uitgebreid over het glas-in-lood te vertellen.
  17. 17. ‘ Helena, dit is jouw kamer. Hier heeft mijn oudere zuster ooit geslapen, voor ze trouwde en uit huis ging.’ Even streek Jan met zijn hand het bed glad. ‘ Uw zuster had gevoel voor stijl.’ knikte Helena terwijl ze kritisch om zich heen keek. ‘Ik ben tevreden.’
  18. 18. Helena was blij dat er een tweepersoonsbed in haar kamer stond, maar ze was wel zo verstandig dat niet hardop te zeggen. ‘ Abraham, dit was de kamer van mijn oudste broer. Hij las veel, verdiepte zich in de wetenschap, de geschiedenis en de aardrijkskunde. Ik denk dat jij het hier wel naar je zin zult hebben.’ ‘ Het is prachtig.’ stamelde Abraham hoofdschuddend. ‘Die boeken, die landkaart! Ongelofelijk!’
  19. 19. Zelfs voor Isabella was er een kamer, hoewel ze hier maar een paar maanden zou wonen voor ze naar Slot Uylensteyn zou verhuizen om te trouwen. ‘ Een piano!’ glunderde Isabella. Ze had wel geen ervaring, maar muziek maken had haar altijd leuk geleken.
  20. 20. Na de rondleiding ging iedereen zijn eigen gang. Jan pakte Larissa bij de hand en bleef stilstaan bij de fontein. ‘ Larissa, om onze verloving officieel te maken wilde ik je dit geven.’ zei hij, en hij knielde neer. Larissa giechelde, maar werd meteen serieus toen ze zag wat er in het doosje zat. Een echte diamanten ring!
  21. 21. Een week later was de bruiloft. Larissa kon bijna niet geloven dat ze nu voor de 2 e keer in haar leven haar ja-woord gaf. Haar bruiloft met Abraham leek al zo lang geleden! Toch was ze ook wel blij. Voor Abraham was ze zijn 3 e vrouw geweest – voor Jan was ze nu zijn eerste! Dat mocht niet veel uitmaken, maar ze vond het toch een leuk idee.
  22. 22. Nu was ze dus officieel Jonkvrouwe Dagheraath. Ze was niet langer de weduwe Daesdonck. Die tijd was voorbij. Haar leven begon vandaag opnieuw!
  23. 23. Helena maakte van het bruiloftsfeest gebruik om leuke mannen te zoeken. Haar oog viel op Constantijn Uilenberg. ‘ Goedendag,’ zei ze verleidelijk en knipoogde naar hem. Langzaam legde ze haar armen om hem heen. Maar nog voor ze meer kon doen, duwde Constantijn haar met geweld van zich af.
  24. 24. ‘ Wat is dit voor gedrag? Hebt u uzelf niet genoeg te schande gemaakt bij de koning?’ brulde Constantijn witheet van woede. ‘Denkt u dat ik zo maar in zou gaan op uw geflirt?’ ‘ Och, overdrijf niet zo!’ siste Helena. ‘ Ik overdrijf niet! Ik ben verloofd, binnenkort ben ik een getrouwd man! Dus waagt u het niet om nog eens in mijn buurt te komen!’
  25. 25. De koning en koningin waren ook aanwezig op het feest. De ruzies liepen nog steeds hoog op, en regelmatig brak er weer een vechtpartij uit. ‘ Nicolaas, hou je toch in!’ schreeuwde prins Augustinus, maar zijn broer luisterde niet.
  26. 26. Om iedereen af te leiden, liet Jan zijn bijzondere tropische plant zien. ‘ Het is een reuze Aaronskelk, zeer uniek. Als hij bloeit, krijgt hij een prachtige paarse kleur. Het wordt ook wel als het symbool van mannelijkheid gezien.’ sprak Jan trots. Mensen begonnen te giechelen.
  27. 27. ‘ Val mij niet lastig met uw vieze praatjes!’ zei de koning beledigd. Verward keek Jan de koning aan. ‘Ik zeg alleen dat deze plant een symbool van mannelijkheid is!’ Ineens klonk er een vrouwenstem. ‘Och, deze plant is niets vergeleken met de mannelijkheid van de koning.’ Meteen werd het doodstil. Helena.
  28. 28. ‘ Jij! Hoe durf je!’ krijste de koningin en ze duwde iedereen ruw aan de kant. ‘Kun jij je nu nooit eens gedragen? Vuile…’ De rest van haar woorden ging verloren, want ze vloog Helena aan en er brak een vechtpartij uit. Helena gilde, de koningin schreeuwde van woede. De koning balde zijn vuisten van woede. Ondertussen probeerde hij de plant te negeren.
  29. 29. ‘ Eh, Isabella! Alles goed?’ vroeg Constantijn om de ongemakkelijke situatie te doorbreken. Isabella bloosde. ‘ Zeer goed. Nog bedankt voor uw laatste brief, ik heb hem met plezier gelezen.’
  30. 30. ‘ Laten we even ergens anders heen gaan. Het is veel te lawaaierig hier!’ riep Constantijn boven het gevecht uit. ‘ Komt u maar mee,’ zei Isabella en ze gingen naar het verlaten gebouw van de bedienden. ‘ Ik kan niet wachten tot u mijn vrouw bent.’ zei Constantijn meteen en hij pakte haar handen.
  31. 31. Nadat Helena als overwinnaar uit de strijd was gekomen, viel haar oog op prins Nicolaas III. Die werd ook met de dag knapper! Jammer dat hij zo jong was… ‘ Hoe is het met u?’ vroeg Helena poeslief. ‘U ziet er geweldig uit. Ik bewonder de manier waarop u met alle problemen omgaat!’
  32. 32. ‘ Problemen? Dat valt toch best mee.’ zei de prins kalm. ‘Ik vind dat iedereen veel te overdreven reageert op alles. U had nooit van het hof weggestuurd mogen worden.’ Van binnen juichte Helena. Mooi, de prins mocht haar. Als ze nu nog een paar jaartjes wachtte, zou hij volwassen zijn. En dan had ze weer een nieuw slachtoffer!
  33. 33. ‘ Ik had ook liever gebleven. Ik stelde uw aanwezigheid altijd erg op prijs, hoogheid.’ Voorzichtig legde Helena haar handen op zijn armen. ‘ Noem me toch Nicolaas.’ zei de jongen met een vriendelijk hoofdknikje. ‘ Het doet me goed met u te praten. Maar helaas moet ik nu gaan, het feest is bijna over. Tot ziens, Nicolaas.’ fluisterde Helena, en ze drukte een kus op zijn wang.
  34. 34. Heupwiegend liep Helena bij de jongen vandaan, en ging het huis binnen. Bij de drankenbar schonk ze een glas vol jenever en gooide het in één teug achterover. Zo, daar was ze wel aan toe. Maar die prins, daar kon ze wel werk van maken. Hij mocht haar!
  35. 35. Vanachter het schaakbord keek prins Augustinus naar haar. Toen richtte hij zijn aandacht weer op het spel. ‘ Wat vindt u van het beleid van de koning, wat de armen betreft?’ vroeg hij voorzichtig, zonder zijn ogen van het spel los te maken. Vragen als deze konden gevoelig liggen. Maar Jan reageerde vriendelijk.
  36. 36. ‘ Het zou beter kunnen. Het zou zeker beter kunnen.’ knikte Jan. ‘Zelf ben ik van plan om weer wat bedienden in dienst te nemen. Een knecht en een meid, in ieder geval. Ik heb er genoeg ruimte voor. En ik zal ze goed te eten geven, en goed betalen.’ Tinus knikte goedkeurend. ‘ We moeten de armen helpen zo veel we kunnen.’
  37. 37. Na de bruiloft begon het nieuwe leven in Huize Dagheraath. De tijd ging weer voorbij. En toen de rozenstruiken in bloei stonden, was Isabella gelukkiger dan ooit – ze zou binnenkort zestien worden!
  38. 38. In de afgelopen tijd had ze veel op de piano geoefend. Ze was nog niet goed, maar ze kende de basis. Ze hoopte maar dat Heer Uilenberg ook een piano had! Dan kon ze voor hem spelen, dat zou mooi zijn…
  39. 39. ‘ Isabella, eten!’ riep Larissa bij de kamerdeur van haar dochter. ‘ Ja, moeder!’ Toen Larissa beneden kwam, voelde ze ineens iets geks in haar buik… Ze keek omlaag en voelde dat ze zwanger was.
  40. 40. Aan tafel was haar zwangerschap het onderwerp van alle gesprekken. Helena was al snel klaar met eten. Toen ze opstond, zei ze: ‘ Dat kind is ver voor de huwelijksnacht verwekt. Ik kan ook terug tellen, hoor. Negen maanden, pfff! De mensen zullen er schande van spreken.’ Met een triomfantelijk lachje verliet ze de eetkamer.
  41. 41. ‘ Oh, die vrouw.’ kermde Larissa en ze greep naar haar buik. ‘ Rustig, liefste. Helena overdrijft.’ zei Jan geïrriteerd. ‘ Dat weet ik. Maar ze weet iedere keer weer het bloed onder mijn nagels vandaan te halen! Gek word ik ervan.’ Larissa zuchtte.
  42. 42. ‘ Besteed geen aandacht aan haar. Ze is het niet waard, Larissa. Ze wil je alleen maar van streek maken met haar woorden. Dat is gelukt. Maar wij staan daar toch zeker boven! Maak je geen zorgen meer, liefste.’ Jan keek zijn vrouw bezorgd aan, en toen ze zwakjes glimlachte ging hij door met eten.
  43. 43. Na het eten nam hij haar in zijn armen. ‘ Ik ben dolblij dat we een kindje verwachten. Dat het snel is, maakt me niets uit. Ons geluk, dat is alles wat telt.’ ‘ Maar we hebben gezondigd… We hebben het bed gedeeld voor we getrouwd waren…’ stamelde Larissa. ‘ Maak je geen zorgen. Het is goed.’ zei Jan zacht en hij kuste haar.
  44. 44. Ondertussen was Helena druk bezig met haar hobby – mannen verleiden. Haar levenswens was tenslotte om met 20 verschillende sims het bed te delen. Dus ze had werk te doen! Het kon haar niet schelen of mensen slecht over haar spraken. Ze deed waar ze zelf zin in had!
  45. 45. Helena bekeek haar nieuwste vangst. Hmm, niet al te knap, zeker niet. En dat haar, pff! Helena schoot bijna in de lach. Het haar van de man was knalrood en stond in een enorme kuif omhoog. ‘ Wat heeft u prachtig haar…’ fluisterde Helena in zijn oor en kuste hem zachtjes in zijn nek. Het werkte – hij drukte haar tegen zich aan en kuste haar terug.
  46. 46. En na nog een paar complimentjes en bewonderende blikken kreeg Helena haar zin. De man ging mee naar haar kamer!
  47. 47. ‘ Wie was die man die vannacht het huis verliet?’ vroeg Abraham de volgende morgen aan het ontbijt. Hij wist dat dit onderwerp gevoelig lag, maar hij kon het beste maar eerlijk zijn. ‘ Niemand.’ zei Helena kortaf. ‘Gewoon, een of andere kerel.’ En dat was precies hoe zij erover dacht – de mannen waarmee zij het bed deelde betekenden niets voor haar.
  48. 48. ‘ En bemoei je niet met mijn zaken.’ zei Helena en ze nam een hap van haar havermoutpap. ‘ Bovendien,’ vervolgde ze. ‘Wordt het tijd dat jij eens een vrouw vindt. Je hebt zelfs nog nooit een meisje gehad! Heb je eigenlijk wel eens gekust?’ Spottend keek ze naar haar broertje.
  49. 49. De woorden van Helena bleven door zijn hoofd spoken. Een paar dagen later was Abraham jarig. Hij groeide op tot een knappe, verstandige man. Hij had een karakteristiek gezicht dat wijsheid en gezag uitstraalde. Abraham vond zichzelf geen onaardige man. Waarom had hij dan nog nooit een meisje gehad?
  50. 50. Isabella’s zestiende verjaardag werd met veel pracht en praal gevierd. Er waren muzikanten, goochelaars en verhalenvertellers. De drank vloeide rijkelijk en iedereen had het naar zijn zin. Toen Isabella de volgende ochtend op stond, was het nog donker. Ze was moe, maar tegelijk ook klaarwakker. Vandaag zou ze vertrekken!
  51. 51. Na een eenvoudig maal nam Isabella afscheid van iedereen. ‘ Het valt me zwaar je vaarwel te moeten zeggen. Ik ben je echt als een eigen dochter gaan zien.’ zei Jan met zijn bekakte accent. ‘ Ik heb mijn verblijf hier als zeer aangenaam ervaren.’ knikte Isabella beleefd.
  52. 52. Isabella draaide zich om naar haar halfbroer Abraham. ‘ Bedankt voor alles wat je voor me gedaan hebt. Zonder jou was het nooit gelukt om met Constantijn te trouwen!’ zei ze. ‘ Och.’ Verlegen haalde Abraham zijn schouders op.
  53. 53. ‘ Het ga je goed, Isabella.’ zei hij, en hij omhelsde haar. Even was Isabella verbaasd – ze waren in de familie nooit zo spontaan. Maar toch beantwoordde ze zijn knuffel en zei: ‘ Ik zal je schrijven.’
  54. 54. De omhelzing van haar moeder was minder spontaan, maar toch voelde het goed. ‘ Ik ben trots op je, mijn dochter.’ ‘ Vader zou ook trots zijn geweest.’ fluisterde Isabella. Even sloot haar moeder haar ogen. Toen knikte ze.
  55. 55. ‘ Jammer dat ik de baby niet meer kon zien. Hij of zij zal vast snel geboren worden! Zodra ik tijd heb, zal ik langs komen.’ beloofde Isabella. ‘ Maak je daar maar geen zorgen over. Richt je voorlopig op je huwelijk. Wees een goed echtgenote voor je man.’ zei Larissa. Isabella knikte. En toen was het tijd om te gaan – ze vertrok, op weg naar haar nieuwe leven.
  56. 56. Die nacht begonnen Larissa’s weeën. Ze had eerder een bevalling mee gemaakt, maar dat leek zo lang geleden! Hoe kon ze die pijn vergeten zijn? Na vier uur lag er een prachtig jongetje in haar armen.
  57. 57. ‘ Een zoon! Een zoon!’ brulde Jan net zo lang, tot zijn keel er pijn van deed. ‘ Hij lijkt op mij! Wat is hij mooi!’ Larissa glimlachte. ‘ Mijn zoon…Dydderick Dagheraath!’ jubelde Jan verder.
  58. 58. Ook Abraham en Helena kwamen de pasgeborene bekijken. ‘ Hmm, net als alle andere baby’s. Boeiend.’ zei Helena chagrijnig. Abraham daarentegen kreeg geen genoeg van de baby. Hij werd overvallen door gevoelens die hij nooit eerder had gehad. Een kindje…
  59. 59. Hoe zou het zijn om zélf ooit een kindje te krijgen? Een zoon of een dochter, van hem zelf? Van hem, en van een vrouw… Maar wie zou die vrouw zijn?

×