Welkomvoorganger dhr Kamphuis
VDD ELB 381Daar ruist langs de wolken een heerlijke Naam,
1 Daar ruist langs de wolken een heerlijke Naam,die hemel en aarde verenigt te zaam.Geen naam is er zoeter en beter voor 't hartHij balsemt de wonden en heelt alle smart.Kent gij, kent gij, die Naam nog niet?Die Naam draagt mijn Heiland,mijn lust en mijn lied!
2Die Naam is naar waarheid mijn Jezus ook waard,want Hij kwam om zalig te maken op aard;zo lief had Hij zondaars, dat Hij voor hen stierf,genade bij God door zijn zoenbloed verwierf.Kent gij, kent gij die Jezus niet,die, om ons te redden, de hemel verliet?
3Eens buigt zich ook alles voor Jezus in 't stof,en d'engelen zingen voortdurend zijn lof.O mochten w'om Jezus verheerlijkt eens staan,dan hieven wij juichend de jubeltoon aan:Jezus, Jezus, uw Naam zij d'eer,want Gij zijt der mensen en engelen Heer!
Welkomvoorganger dhr Kamphuis
JdH 458Neem de wereld, geef mij Jezus
Neem de wereld, geef mij Jezus,wereldvreugd’ gaat ras voorbij,maar de liefde van mijn Heilandblijft voor eeuwig rijk en vrij.
O, de hoogt’ en lengt’ en dieptevan zijn liefde, zonder peil!O! de volheid van verlossing,onderpand van ’t eeuwig heil
Neem de wereld, geef mij Jezus,want Zijn troost is zalig, zoet;Hij bewaakt mij, geeft mij vrede,dit is ’t dat mij juichen doet.
O, de hoogt’ en lengt’ en dieptevan zijn liefde, zonder peil!O! de volheid van verlossing,onderpand van ’t eeuwig heil
Neem de wereld, geef mij Jezus,want in Hem heb ‘k eeuwig licht,en op ’s levensweg met Jezus,blijft geen duisternis in ‘t zicht.
O, de hoogt’ en lengt’ en dieptevan zijn liefde, zonder peil!O! de volheid van verlossing,onderpand van ’t eeuwig heil
Neem de wereld, geef mij Jezus.‘k Weet, Hij stierf voor mij aan ’t kruis.‘k Dank Hem hier en ook voor eeuwig,als ‘k Hem zie in ’t Vaderhuis.
O, de hoogt’ en lengt’ en dieptevan zijn liefde, zonder peil!O! de volheid van verlossing,onderpand van ’t eeuwig heil
Votum en groetErezij de Vader en de ZoonEn de Heilige Geest,Als in den beginne, nu en immer,En van eeuwigheid tot eeuwigheid.Amen.
JdH 1007De Heilige stad
Terwijl ´k eens lag te slapen kreeg ik een schone droom. Ik was in ´t oud Jeruzalem ´k stond aan de tempelzoom. ik hoorde kind´ren zingen een lied vol blijde klank;en ´t was als paarden Engelen zich juichend aan hun zang:en ´t was als paarden Engelen zich juichend aan hun zang.
Jeruzalem, Jeruzalem, zing uwen Vorst ter eer! ´t Hosanna in de Hoge, ´t Hosanna voor uw Heer!
Doch eensklaps werd het alles zo donker om mij heen. Het kinderkoor verstomde, en de eng´lenschaar verdween. Ik zag een kruis verrijzen; toen werd het plots´ling nacht. En klonk van gindse heuveltop een stem; Het is volbracht.En klonk van gindse heuveltop een stem; Het is volbracht.
Jeruzalem, Jeruzalem! Gij die uw Vorst veracht Hosanna in de Hoge, Hosanna ‘t is volbracht!
En weder zag ´k een ander beeld, Doch nu vol heerlijkheid;Een stad, die, als een bruid versierd, Haar koning wachtend beidt. ´k zag straten van het zuiverst goud, door d´open paarlen poort.
Miljoenen gingen uit en in; geen wanklank werd gehoord. Maar onder harp en cymbeltoon juicht mens en Eng´len stem. Tot eer van God en van het Lam, in ´t nieuw Jeruzalem.Tot eer van God en van het Lam, in ´t nieuw Jeruzalem.
Jeruzalem, Jeruzalem, nu is voorbij uw strijd! Hosanna in de hoge, Hosanna in eeuwigheid.Hosanna in de hoge, Hosanna in eeuwigheid.
Gebed
Opw 248God is getrouw,zijn plannen falen niet.
God is getrouw,zijn plannen falen niet.Hij kiest de zijnen uit,Hij roept die allen.Die 't heden kent,de toekomst overziet.Laat van zijn woordengeen ter aarde vallen.En 't werk der eeuwen,dat zijn Geest omspant,volvoert zijn hand.
De Heer regeert!Zijn koninkrijk staat vast.Zijn heerschappij omvatde loop der tijden.Een sterke hand,die nooit heeft misgetast.blijft met het heilig zwaarddes Geestes strijden.En d'adem zijner lippen overmantde tegenstand.
De Heil'ge Geest,die haar de toekomst spelt.doet aan Gods kerkzijn heilsgeheimen weten.Hij, die haar leidten in de waarheid stelt,heeft zijn bestekmet wijsheid uitgemeten!Hij trekt met heel zijn kerkvan land tot land,als Gods gezant.
Lezen 1 Kronieken 4 : 1 t/m 10Andere nakomelingen van Juda
1 De zonen van Juda waren: Peres, Chesron, Karmi, Chur en Sobal. 2 Reaja, de zoon van Sobal, verwekte Jachat, en Jachat verwekte Achumai en Lahad; dit zijn de geslachten van de Soratieten. 3 Dit waren de zonen van Etam: Jizreël, Jisma en Jidbas, hun zuster heette Hasselelponi;
4 voorts Penuël, de vader van Gedor, en Ezer, de vader van Chusa. Dit zijn de zonen van Chur, de eerstgeborene van Efrata, de vader van Betlehem. 5 Aschur, de vader van Tekoa, had twee vrouwen: Chela en Naära. 6 En Naära baarde hem Achuzzam, Chefer, de Temenieten en de Achastarieten; dit zijn de zonen van Naära. 7 En de zonen van Chela waren: Seret, Jesochar en Etnan.
8 Kos verwekte Anub en Hassobeba, ook de geslachten van Acharchel, de zoon van Harum. 9 Jabes was de aanzienlijkste onder zijn broeders; zijn moeder had hem Jabes genoemd: want, zeide zij, ik heb hem met smart gebaard.
10 Jabes nu riep de God van Israël aan met de woorden: Wil mij toch overvloedig zegenen en mijn gebied vergroten; laat uw hand met mij zijn; weer van mij het kwade, zodat mij geen smart treft! En God schonk wat hij had gevraagd.
Opw 281Als een hert dat verlangt naar water,
Als een hert dat verlangt naar water,zo verlangt mijn ziel naar U.U alleen kunt mijn hart vervullen,mijn aanbidding is voor U.U alleen bent mijn Kracht, mijn Schild.Aan U alleen geef ik mij geheel.U alleen kunt mijn hart vervullen,mijn aanbidding is voor U.
10 Jabes nu riep de God van Israël aan met de woorden: Wil mij toch overvloedig zegenen en mijn gebied vergroten; laat uw hand met mij zijn; weer van mij het kwade, zodat mij geen smart treft! En God schonk wat hij had gevraagd.
JdH 64Hand in hand met Jezus
1  Hand in hand met Jezus over 't ruwe pad,  Jezus houdt vol liefde trouw mijn hand gevat.  Onder blauwe hemel, onder stormgebruis,  hand in hand met Jezus, kom ik veilig thuis.
Hand in hand met Jezus,steunend op Zijn kracht,  zie 'k de sterren fonk'lenin de zwarte nacht.  Stormen mogen woeden, woest de golven slaan.  Hand in hand met Jezus, kan ik veilig gaan.
Hij gaat aan mijn zijde, draagt met mij de last,  nimmer kan ik wank'len, Jezus houdt mij vast.  Hand in hand met Jezus, waar 'k mijn voet ook zet,  naar mijn zwakke schreden, regelt Hij Zijn tred.
't Hart vervult met vreugde tors ik stil mijn kruis,  't zwaarste eind draagt Jezus, op de weg naar Huis.  Daarom juicht mijn ziele, waar 's een Vriend als Hij?  Hand in hand met Jezus, tot aan d' overzij.
Gebed
Collecte1ste voor evangelisatie2de voor eigen gemeente
JdH 880Wat de toekomst brengen moge
Wat de toekomst brengen moge,mij geleidt des Heren hand;moedig sla ik dus de ogennaar het onbekende land.Leer mij volgen zonder vragen;Vader, wat Gij doet is goed!Leer mij slechts het heden dragenmet een rustig, kalme moed!
2Heer, ik wil uw liefde loven,al begrijpt mijn ziel U niet.Zalig hij, die durft geloven,ook wanneer het oog niet ziet.Schijnen mij uw wegen duister,zie, ik vraag U niet: waarom?Eenmaal zie ik al uw luister,als ik in uw hemel kom!
3Laat mij niet mijn lot beslissen:zo ik mocht, ik durfde niet.Ach, hoe zou ik mij vergissen,als Gij mij de keuze liet!Wil mij als een kind behandlen,dat alleen de weg niet vindt:neem mijn hand in uwe handenen geleid mij als een kind.
4Waar de weg mij brengen moge,aan des Vaders trouwe hand,loop ik met gesloten ogennaar het onbekende land.
Zegen1Ga nu heen in vrede, ga en maak het waar.Wat wij hier beleden samen met elkaar.Aan uw daag'lijks leven, uw gezin, uw werk,Wilt u daaraan geven, daar bent u Gods kerk.Ga nu heen in vrede en maak het waar.
2Ga nu heen in vrede, ga en maak het waar,wat wij hier beleden samen met elkaar.Neem van hieruit vrede, vrede mee naar huis,dan is vanaf heden Christus bij u thuis.Ga nu heen in vrede, ga en maak het waar.
Gezegende week.
Vergroot ons gebied

Vergroot ons gebied

  • 1.
  • 2.
    VDD ELB 381Daarruist langs de wolken een heerlijke Naam,
  • 3.
    1 Daar ruistlangs de wolken een heerlijke Naam,die hemel en aarde verenigt te zaam.Geen naam is er zoeter en beter voor 't hartHij balsemt de wonden en heelt alle smart.Kent gij, kent gij, die Naam nog niet?Die Naam draagt mijn Heiland,mijn lust en mijn lied!
  • 4.
    2Die Naam isnaar waarheid mijn Jezus ook waard,want Hij kwam om zalig te maken op aard;zo lief had Hij zondaars, dat Hij voor hen stierf,genade bij God door zijn zoenbloed verwierf.Kent gij, kent gij die Jezus niet,die, om ons te redden, de hemel verliet?
  • 5.
    3Eens buigt zichook alles voor Jezus in 't stof,en d'engelen zingen voortdurend zijn lof.O mochten w'om Jezus verheerlijkt eens staan,dan hieven wij juichend de jubeltoon aan:Jezus, Jezus, uw Naam zij d'eer,want Gij zijt der mensen en engelen Heer!
  • 6.
  • 7.
    JdH 458Neem dewereld, geef mij Jezus
  • 8.
    Neem de wereld,geef mij Jezus,wereldvreugd’ gaat ras voorbij,maar de liefde van mijn Heilandblijft voor eeuwig rijk en vrij.
  • 9.
    O, de hoogt’en lengt’ en dieptevan zijn liefde, zonder peil!O! de volheid van verlossing,onderpand van ’t eeuwig heil
  • 10.
    Neem de wereld,geef mij Jezus,want Zijn troost is zalig, zoet;Hij bewaakt mij, geeft mij vrede,dit is ’t dat mij juichen doet.
  • 11.
    O, de hoogt’en lengt’ en dieptevan zijn liefde, zonder peil!O! de volheid van verlossing,onderpand van ’t eeuwig heil
  • 12.
    Neem de wereld,geef mij Jezus,want in Hem heb ‘k eeuwig licht,en op ’s levensweg met Jezus,blijft geen duisternis in ‘t zicht.
  • 13.
    O, de hoogt’en lengt’ en dieptevan zijn liefde, zonder peil!O! de volheid van verlossing,onderpand van ’t eeuwig heil
  • 14.
    Neem de wereld,geef mij Jezus.‘k Weet, Hij stierf voor mij aan ’t kruis.‘k Dank Hem hier en ook voor eeuwig,als ‘k Hem zie in ’t Vaderhuis.
  • 15.
    O, de hoogt’en lengt’ en dieptevan zijn liefde, zonder peil!O! de volheid van verlossing,onderpand van ’t eeuwig heil
  • 16.
    Votum en groetErezijde Vader en de ZoonEn de Heilige Geest,Als in den beginne, nu en immer,En van eeuwigheid tot eeuwigheid.Amen.
  • 17.
  • 18.
    Terwijl ´k eenslag te slapen kreeg ik een schone droom. Ik was in ´t oud Jeruzalem ´k stond aan de tempelzoom. ik hoorde kind´ren zingen een lied vol blijde klank;en ´t was als paarden Engelen zich juichend aan hun zang:en ´t was als paarden Engelen zich juichend aan hun zang.
  • 19.
    Jeruzalem, Jeruzalem, zinguwen Vorst ter eer! ´t Hosanna in de Hoge, ´t Hosanna voor uw Heer!
  • 20.
    Doch eensklaps werdhet alles zo donker om mij heen. Het kinderkoor verstomde, en de eng´lenschaar verdween. Ik zag een kruis verrijzen; toen werd het plots´ling nacht. En klonk van gindse heuveltop een stem; Het is volbracht.En klonk van gindse heuveltop een stem; Het is volbracht.
  • 21.
    Jeruzalem, Jeruzalem! Gijdie uw Vorst veracht Hosanna in de Hoge, Hosanna ‘t is volbracht!
  • 22.
    En weder zag´k een ander beeld, Doch nu vol heerlijkheid;Een stad, die, als een bruid versierd, Haar koning wachtend beidt. ´k zag straten van het zuiverst goud, door d´open paarlen poort.
  • 23.
    Miljoenen gingen uiten in; geen wanklank werd gehoord. Maar onder harp en cymbeltoon juicht mens en Eng´len stem. Tot eer van God en van het Lam, in ´t nieuw Jeruzalem.Tot eer van God en van het Lam, in ´t nieuw Jeruzalem.
  • 24.
    Jeruzalem, Jeruzalem, nuis voorbij uw strijd! Hosanna in de hoge, Hosanna in eeuwigheid.Hosanna in de hoge, Hosanna in eeuwigheid.
  • 25.
  • 26.
    Opw 248God isgetrouw,zijn plannen falen niet.
  • 27.
    God is getrouw,zijnplannen falen niet.Hij kiest de zijnen uit,Hij roept die allen.Die 't heden kent,de toekomst overziet.Laat van zijn woordengeen ter aarde vallen.En 't werk der eeuwen,dat zijn Geest omspant,volvoert zijn hand.
  • 28.
    De Heer regeert!Zijnkoninkrijk staat vast.Zijn heerschappij omvatde loop der tijden.Een sterke hand,die nooit heeft misgetast.blijft met het heilig zwaarddes Geestes strijden.En d'adem zijner lippen overmantde tegenstand.
  • 29.
    De Heil'ge Geest,diehaar de toekomst spelt.doet aan Gods kerkzijn heilsgeheimen weten.Hij, die haar leidten in de waarheid stelt,heeft zijn bestekmet wijsheid uitgemeten!Hij trekt met heel zijn kerkvan land tot land,als Gods gezant.
  • 30.
    Lezen 1 Kronieken4 : 1 t/m 10Andere nakomelingen van Juda
  • 31.
    1 De zonen vanJuda waren: Peres, Chesron, Karmi, Chur en Sobal. 2 Reaja, de zoon van Sobal, verwekte Jachat, en Jachat verwekte Achumai en Lahad; dit zijn de geslachten van de Soratieten. 3 Dit waren de zonen van Etam: Jizreël, Jisma en Jidbas, hun zuster heette Hasselelponi;
  • 32.
    4 voorts Penuël, devader van Gedor, en Ezer, de vader van Chusa. Dit zijn de zonen van Chur, de eerstgeborene van Efrata, de vader van Betlehem. 5 Aschur, de vader van Tekoa, had twee vrouwen: Chela en Naära. 6 En Naära baarde hem Achuzzam, Chefer, de Temenieten en de Achastarieten; dit zijn de zonen van Naära. 7 En de zonen van Chela waren: Seret, Jesochar en Etnan.
  • 33.
    8 Kos verwekte Anuben Hassobeba, ook de geslachten van Acharchel, de zoon van Harum. 9 Jabes was de aanzienlijkste onder zijn broeders; zijn moeder had hem Jabes genoemd: want, zeide zij, ik heb hem met smart gebaard.
  • 34.
    10 Jabes nu riepde God van Israël aan met de woorden: Wil mij toch overvloedig zegenen en mijn gebied vergroten; laat uw hand met mij zijn; weer van mij het kwade, zodat mij geen smart treft! En God schonk wat hij had gevraagd.
  • 35.
    Opw 281Als eenhert dat verlangt naar water,
  • 36.
    Als een hertdat verlangt naar water,zo verlangt mijn ziel naar U.U alleen kunt mijn hart vervullen,mijn aanbidding is voor U.U alleen bent mijn Kracht, mijn Schild.Aan U alleen geef ik mij geheel.U alleen kunt mijn hart vervullen,mijn aanbidding is voor U.
  • 37.
    10 Jabes nu riepde God van Israël aan met de woorden: Wil mij toch overvloedig zegenen en mijn gebied vergroten; laat uw hand met mij zijn; weer van mij het kwade, zodat mij geen smart treft! En God schonk wat hij had gevraagd.
  • 38.
    JdH 64Hand inhand met Jezus
  • 39.
    1 Handin hand met Jezus over 't ruwe pad, Jezus houdt vol liefde trouw mijn hand gevat. Onder blauwe hemel, onder stormgebruis, hand in hand met Jezus, kom ik veilig thuis.
  • 40.
    Hand in handmet Jezus,steunend op Zijn kracht, zie 'k de sterren fonk'lenin de zwarte nacht. Stormen mogen woeden, woest de golven slaan. Hand in hand met Jezus, kan ik veilig gaan.
  • 41.
    Hij gaat aanmijn zijde, draagt met mij de last, nimmer kan ik wank'len, Jezus houdt mij vast. Hand in hand met Jezus, waar 'k mijn voet ook zet, naar mijn zwakke schreden, regelt Hij Zijn tred.
  • 42.
    't Hart vervultmet vreugde tors ik stil mijn kruis, 't zwaarste eind draagt Jezus, op de weg naar Huis. Daarom juicht mijn ziele, waar 's een Vriend als Hij? Hand in hand met Jezus, tot aan d' overzij.
  • 43.
  • 44.
  • 45.
    JdH 880Wat detoekomst brengen moge
  • 46.
    Wat de toekomstbrengen moge,mij geleidt des Heren hand;moedig sla ik dus de ogennaar het onbekende land.Leer mij volgen zonder vragen;Vader, wat Gij doet is goed!Leer mij slechts het heden dragenmet een rustig, kalme moed!
  • 47.
    2Heer, ik wiluw liefde loven,al begrijpt mijn ziel U niet.Zalig hij, die durft geloven,ook wanneer het oog niet ziet.Schijnen mij uw wegen duister,zie, ik vraag U niet: waarom?Eenmaal zie ik al uw luister,als ik in uw hemel kom!
  • 48.
    3Laat mij nietmijn lot beslissen:zo ik mocht, ik durfde niet.Ach, hoe zou ik mij vergissen,als Gij mij de keuze liet!Wil mij als een kind behandlen,dat alleen de weg niet vindt:neem mijn hand in uwe handenen geleid mij als een kind.
  • 49.
    4Waar de wegmij brengen moge,aan des Vaders trouwe hand,loop ik met gesloten ogennaar het onbekende land.
  • 50.
    Zegen1Ga nu heenin vrede, ga en maak het waar.Wat wij hier beleden samen met elkaar.Aan uw daag'lijks leven, uw gezin, uw werk,Wilt u daaraan geven, daar bent u Gods kerk.Ga nu heen in vrede en maak het waar.
  • 51.
    2Ga nu heenin vrede, ga en maak het waar,wat wij hier beleden samen met elkaar.Neem van hieruit vrede, vrede mee naar huis,dan is vanaf heden Christus bij u thuis.Ga nu heen in vrede, ga en maak het waar.
  • 52.