Falen, Opstaan en
Doorgaan
Krijn Poppe
Provincie Overijssel, Rijssen 2025
Opzet presentatie
 Uitdagingen voor de toekomst
 Rli /ROB/RVS advies Elke regio telt
 Rli advies Falen en Opstaan - analyse
 Een terugblik op de modernisering van de maatschappij
 Rli-advies Boeren met Toekomst: doelsturing
 Schaarse ruimte, dure grond, (te) intensief gebruik
 Rli advies Falen en Opstaan – advies
Uitdagingen
 Demografie: arbeid blijft schaars, tegelijkertijd groeit Nederland
naar 20 miljoen inwoners. Leefbaarheid platteland blijft issue.
 Geopolitiek: kost welvaart, meer geld en ruimte voor defensie,
minder voor landbouw. Voedselzekerheid niet problematisch
 Klimaatverandering: adaptatie (droogte en clusterbuien), mitigatie
(minder uitstoot, veenweide-waterpeil, ruimte voor energiewinning,
bio-economy)
 Biodiversiteit / natuur (water, stikstof, gewasbechermingsmiddelen)
 En nog wat dossiers (dierwelzijn, fijnstof, gezondheidsrisico’s geiten
en gewasbeschermingsmiddelen, huisvesting arbeidsmigranten)
Elke regio telt (Rli, ROB, RVS)
• Druppel-effect werkt onvoldoende: regio’s met achterstanden.
• Verschillen in welvaart
• ln gezondheid, beschikbaarheid van culturele voorzieningen, openbaar
vervoer en ontmoetingsplekken in bepaalde regio’s onder de maat.
• Gevolgen voor het vertrouwen van inwoners in de overheid(sinstituties)
• Herijk de reguliere beleids- en investeringslogica van het Rijk
• Investeer in langjarige en substantiële programma’s voor regionale
ontwikkeling
• Werk aan een vitale relatie tussen regio’s en rijksoverheid.
• (dat kan vanaf twee kanten…)
• Stad en platteland kunnen niet zonder elkaar
Probleemverkenning ‘Systeemfalen’
12-6-2025
5
Samenspel van overheid, gemeenschappen
en markt is essentieel, werkt nu belemmerend
 Jaren 50-60: wederopbouw op basis van
corporatisme en sociaal-democratie.
Wirtschafswunder en vorming EEG (nu: EU)
 Jaren 70: model uitgewerkt, stagnatie,
energiecrises, vertrek deel van de industrie
 Jaren 80 – 10: neoliberalisme: ict, meer
(globaliserende) markt, new public management
 Jaren 20: model uitgewerkt, micro-management
van bovenaf werkt niet.
 Jaren 25+: wederombouw, Nederland wordt
toekomstbestendig
Mansholt’s exportmachine jaren 50
 3 doelen van het landbouwbeleid:
 Bevorderen concurrentiekracht door restrictief prijspeil
 Lage consumentenprijzen en dus lage lonen concurrenteikracht
industrie
 Ondersteuning inkomen boeren
 instrumenten:
 Ondersteun boeren met toeslagen gebaseerd op kostprijs
efficiente bedrijven. Bijmengen inlandse granen verplicht
 Innovatie via OVO drieluik: onderwijs, voorlichting, onderzoek.
 Schaalvergroting en kostprijsverlaging via ruilverkavelingen
 Bevorder uitstroom Kleine boeren, landarbeiders, boerenzonen:
ambachtsscholen en industrieterreinen op fietsafstand. Premie op
emigratie
8
Slecht verdienmodel door Cochrane’s tredmolen
Technologiie
voor arbeids-
productiviteit
door research,
input industrie
Innovatie
winst-
gevend:
meer
ha/man
Efficiency of
scale:
lagere kost-
en markt
prijzen
Boeren
stoppen niet
snel:
innovatie als
oplossing
Hogere
biedprijs voor
extra ha:
intensief land
gebruik
Stijging van
inkomens =
stijging
arbeidskosten
Agri-
Business
Complex
Bedrijfstype 2000 2020 2023*
2023 in %
2000
Totaal alle bedrijfstype 97389 52695 50900 52%
Totaal akkerbouwbedrijven 14799 11174 11586 78%
Akkerbouwbedr. met vooral
voedergewassen 2761 2706 2852 103%
"Echte akkerbouwbedrijven" 12038 8468 8734 73%
Totaal tuinbouwbedrijven 16910 6920 6830 40%
Glasgroentebedrijven 2511 850 766 31%
Snijbloemenbedrijven 3279 902 913 28%
Totaal blijvendeteeltbedrijven 2383 1508 1486 62%
Totaal graasdierbedrijven 45102 25933 24401 54%
Melkveebedrijven 23280 14542 13240 57%
Totaal hokdierbedrijven 10444 4164 3533 34%
totaal combinatiebedrijven 7751 2996 3064 40%
Bron: CBS
Boeren met toekomst
Helder en hard emissiebeleid onontkoombaar
Doelsturing met indicatoren en certificeren
Aanbevelingen
Geef de boeren de ruimte om hun eigen toekomstperspectief te ontwikkelen,
binnen duidelijke duurzaamheidseisen via de volgende acties:
1. Rijk, provincies, waterschappen en gemeenten: zorg voor maximale
duidelijkheid over bedrijfsspecifieke duurzaamheidsnormen
• zicht op normen 2030, 2040, 2050 ontbreekt
2. Biedt binnen de gestelde normen zo veel mogelijk vrijheid aan de
ondernemer
3. Bevorder de totstandkoming van een zo
veel mogelijk geïntegreerd
certificeringssysteem en richt een
onafhankelijke autoriteit op die het
certificeringssysteem opzet en monitort
EU
Certificering
Instandhoudingsdoelen (of
klimaatakkoord)
Meetbare eisen voor doelgebied:
bv. KDW of waterkwaliteit
Emissie-eis voor de boerderij als
bron
Overwegingen van
controleerbaarheid en fraude
Middelvoorschrift (“oogsten voor
1 oktober, 3 m. uit sloot”)
Controle boerderij. Liefst vanuit
satelliet.
LNV
NVWA RVO
Sda,
NAK
etc.
Provin-
cie
Ge-
meen
-te
Water-
schap
Indus-
trie
Certificering
Certificatie Autoriteit Landbouw
Certificering van geboden en prestaties
decertificering
Strenger,
niet
alles
kan
overal
Stimulerender,
leerproces
Administratieve lasten verminderen
en onderscheid durven maken:
concurreer op maatschappelijke kostprijs
 Leer van MINAS: digitalisering papierstromen.
 1 administratie voor geld- en stofstromen met 1
duurzaameidsverslag (KPI) voor keten en overheid
 Certificering tolereert lichte afwijkingen (herstel-optie)
 Eventueel classificeren in A B C D E (B = normen 2040, A
gaat daar nog boven uit)
 Bevoordeel A en B (verplicht duurzaam inkopen, lage
afroming emissierechten, grondbank)
Aanbevelingen
4. Zet in op adequate handhaving op bedrijfsniveau
4. Rijk en provincie: wees actief betrokken bij
gebiedsprocessen en ondersteun deze
• Gebiedsoöperaties
5. Zet in op verduurzaming van keten en
gedragsverandering consument
• als blijkt ketenpartijen te weinig meebewegen,
moet de rijksoverheid maatregelen treffen
Doelsturing leidt tot innovatie. Maar kost tijd en vraagt
om beprijzing
Hoge grondprijzen helpen verandering niet
 Schaarse ruimte leidt tot hoge grondprijzen en (te) intensief
bodemgebruik
 Dit wordt verergerd door fiscale subsidies en het oplossen van
problemen (zoals stikstof) met geld
 Grond is steeds meer een beleggingscategorie (en levert
boeren bij een slecht verdienmodel toch een pensioen)
 Bedrijfsvergroting (al of niet met extensivering) voor laaghouden
kostprijs steeds lastiger. Risico voor het exportmodel?
 Jonge boeren en (innovatieve) toetreders geen toegang
 Pachtwet met lage rendementen en continuatierecht helpt ook niet.
 Grondbank ??
18
Waarden-debat: wat willen we in de toekomst?
19
X: Export-landbouwers: Op kostprijs concurreren: klein aantal
grote boeren die kosten van milieueisen kunnen uitsmeren
Y: Diensten-landbouwers: Willen we veel boeren: integreer in
publieke en private diensteneconomie in de metropool
• Wat is slim in kader van bestaanszekerheid en bestaansrecht?
• Of maken boeren zelf de keuze – wat is dan neutraal beleid?
• Of moet overheid het nieuwe systeem Y een handje helpen
(eco-systeemdiensten, ruimtelijke ordening) ?
Waarden-debat: wat willen we in de toekomst?
20
Bij discussie over gewenst toekomstbeeld spelen waarden en
normen:
• Wat is rechtvaardig ?
• Issues van individualisme en solidariteit.
• Opvattingen over boer-zijn: ondernemer? Contractant van de
voedselindustrie? Belegger? Voedselproducent of
Plattelandsondernemer?
• Opvatting over diensten: zijn akkerranden een verplichting,
een eco-systeemdienst en subsidie of contract?
• Wat vinden we een fijn, mooi, leefbaar platteland ?
• Wat betekent zorgzaam in de veranderingen?
Benut de gemeenschappen (civil society)
 Verenigingen, stichtingen etc.
 2 typen: belangenbehartigende en creërende
 Voorbeelden: energiecoöperaties, collectieven van boeren
voor natuurbeheer, broodfondsen zzp-ers, groene financiers
zoals Land vanOns, Aardpeer.
 Overheid: behandel ze niet als een marktpartij
(en ook met Didam-arrest is best wat mogelijk)
Gremia voor samenwerking
 Keten: Productschappen voor verplichte solidariteit
 Landelijk gebied voor beheer van landschap en schaarse
hulpbronnen (water, biodiversiteit, milieu, klimaat) ??
Inspiratie uit landgoederen, recreatieschappen,
faunabeheer ?
VVE (verplichte vereniging van eigenaren) ?
 Waterschappen ?
Collectieven ?
Of is Omgevingsvisie + Omgevingsplan (en Wilg) +
vergunningen genoeg ? Tijdelijke vergunningen ?
 De oplossingen komen
(voorlopig) niet uit Den Haag
 De modernisering van het
platteland ligt in de handen van
vitale lokale gemeenschappen
 Met hulp van de provincies
 AAN DE SLAG….
krijn.poppe@wur.nl
www.wur.nl
kjpoppe@hccnet.nl
Dank voor
uw aandacht

Netwerkdag Provincie Overijssel Rijssen Plattelandsontwikkeling

  • 1.
    Falen, Opstaan en Doorgaan KrijnPoppe Provincie Overijssel, Rijssen 2025
  • 2.
    Opzet presentatie  Uitdagingenvoor de toekomst  Rli /ROB/RVS advies Elke regio telt  Rli advies Falen en Opstaan - analyse  Een terugblik op de modernisering van de maatschappij  Rli-advies Boeren met Toekomst: doelsturing  Schaarse ruimte, dure grond, (te) intensief gebruik  Rli advies Falen en Opstaan – advies
  • 3.
    Uitdagingen  Demografie: arbeidblijft schaars, tegelijkertijd groeit Nederland naar 20 miljoen inwoners. Leefbaarheid platteland blijft issue.  Geopolitiek: kost welvaart, meer geld en ruimte voor defensie, minder voor landbouw. Voedselzekerheid niet problematisch  Klimaatverandering: adaptatie (droogte en clusterbuien), mitigatie (minder uitstoot, veenweide-waterpeil, ruimte voor energiewinning, bio-economy)  Biodiversiteit / natuur (water, stikstof, gewasbechermingsmiddelen)  En nog wat dossiers (dierwelzijn, fijnstof, gezondheidsrisico’s geiten en gewasbeschermingsmiddelen, huisvesting arbeidsmigranten)
  • 4.
    Elke regio telt(Rli, ROB, RVS) • Druppel-effect werkt onvoldoende: regio’s met achterstanden. • Verschillen in welvaart • ln gezondheid, beschikbaarheid van culturele voorzieningen, openbaar vervoer en ontmoetingsplekken in bepaalde regio’s onder de maat. • Gevolgen voor het vertrouwen van inwoners in de overheid(sinstituties) • Herijk de reguliere beleids- en investeringslogica van het Rijk • Investeer in langjarige en substantiële programma’s voor regionale ontwikkeling • Werk aan een vitale relatie tussen regio’s en rijksoverheid. • (dat kan vanaf twee kanten…) • Stad en platteland kunnen niet zonder elkaar
  • 5.
  • 6.
    Samenspel van overheid,gemeenschappen en markt is essentieel, werkt nu belemmerend  Jaren 50-60: wederopbouw op basis van corporatisme en sociaal-democratie. Wirtschafswunder en vorming EEG (nu: EU)  Jaren 70: model uitgewerkt, stagnatie, energiecrises, vertrek deel van de industrie  Jaren 80 – 10: neoliberalisme: ict, meer (globaliserende) markt, new public management  Jaren 20: model uitgewerkt, micro-management van bovenaf werkt niet.  Jaren 25+: wederombouw, Nederland wordt toekomstbestendig
  • 7.
    Mansholt’s exportmachine jaren50  3 doelen van het landbouwbeleid:  Bevorderen concurrentiekracht door restrictief prijspeil  Lage consumentenprijzen en dus lage lonen concurrenteikracht industrie  Ondersteuning inkomen boeren  instrumenten:  Ondersteun boeren met toeslagen gebaseerd op kostprijs efficiente bedrijven. Bijmengen inlandse granen verplicht  Innovatie via OVO drieluik: onderwijs, voorlichting, onderzoek.  Schaalvergroting en kostprijsverlaging via ruilverkavelingen  Bevorder uitstroom Kleine boeren, landarbeiders, boerenzonen: ambachtsscholen en industrieterreinen op fietsafstand. Premie op emigratie
  • 8.
  • 9.
    Slecht verdienmodel doorCochrane’s tredmolen Technologiie voor arbeids- productiviteit door research, input industrie Innovatie winst- gevend: meer ha/man Efficiency of scale: lagere kost- en markt prijzen Boeren stoppen niet snel: innovatie als oplossing Hogere biedprijs voor extra ha: intensief land gebruik Stijging van inkomens = stijging arbeidskosten Agri- Business Complex
  • 11.
    Bedrijfstype 2000 20202023* 2023 in % 2000 Totaal alle bedrijfstype 97389 52695 50900 52% Totaal akkerbouwbedrijven 14799 11174 11586 78% Akkerbouwbedr. met vooral voedergewassen 2761 2706 2852 103% "Echte akkerbouwbedrijven" 12038 8468 8734 73% Totaal tuinbouwbedrijven 16910 6920 6830 40% Glasgroentebedrijven 2511 850 766 31% Snijbloemenbedrijven 3279 902 913 28% Totaal blijvendeteeltbedrijven 2383 1508 1486 62% Totaal graasdierbedrijven 45102 25933 24401 54% Melkveebedrijven 23280 14542 13240 57% Totaal hokdierbedrijven 10444 4164 3533 34% totaal combinatiebedrijven 7751 2996 3064 40% Bron: CBS
  • 12.
    Boeren met toekomst Helderen hard emissiebeleid onontkoombaar Doelsturing met indicatoren en certificeren
  • 13.
    Aanbevelingen Geef de boerende ruimte om hun eigen toekomstperspectief te ontwikkelen, binnen duidelijke duurzaamheidseisen via de volgende acties: 1. Rijk, provincies, waterschappen en gemeenten: zorg voor maximale duidelijkheid over bedrijfsspecifieke duurzaamheidsnormen • zicht op normen 2030, 2040, 2050 ontbreekt 2. Biedt binnen de gestelde normen zo veel mogelijk vrijheid aan de ondernemer 3. Bevorder de totstandkoming van een zo veel mogelijk geïntegreerd certificeringssysteem en richt een onafhankelijke autoriteit op die het certificeringssysteem opzet en monitort
  • 14.
    EU Certificering Instandhoudingsdoelen (of klimaatakkoord) Meetbare eisenvoor doelgebied: bv. KDW of waterkwaliteit Emissie-eis voor de boerderij als bron Overwegingen van controleerbaarheid en fraude Middelvoorschrift (“oogsten voor 1 oktober, 3 m. uit sloot”) Controle boerderij. Liefst vanuit satelliet. LNV NVWA RVO Sda, NAK etc. Provin- cie Ge- meen -te Water- schap Indus- trie Certificering Certificatie Autoriteit Landbouw Certificering van geboden en prestaties decertificering Strenger, niet alles kan overal Stimulerender, leerproces
  • 15.
    Administratieve lasten verminderen enonderscheid durven maken: concurreer op maatschappelijke kostprijs  Leer van MINAS: digitalisering papierstromen.  1 administratie voor geld- en stofstromen met 1 duurzaameidsverslag (KPI) voor keten en overheid  Certificering tolereert lichte afwijkingen (herstel-optie)  Eventueel classificeren in A B C D E (B = normen 2040, A gaat daar nog boven uit)  Bevoordeel A en B (verplicht duurzaam inkopen, lage afroming emissierechten, grondbank)
  • 16.
    Aanbevelingen 4. Zet inop adequate handhaving op bedrijfsniveau 4. Rijk en provincie: wees actief betrokken bij gebiedsprocessen en ondersteun deze • Gebiedsoöperaties 5. Zet in op verduurzaming van keten en gedragsverandering consument • als blijkt ketenpartijen te weinig meebewegen, moet de rijksoverheid maatregelen treffen Doelsturing leidt tot innovatie. Maar kost tijd en vraagt om beprijzing
  • 17.
    Hoge grondprijzen helpenverandering niet  Schaarse ruimte leidt tot hoge grondprijzen en (te) intensief bodemgebruik  Dit wordt verergerd door fiscale subsidies en het oplossen van problemen (zoals stikstof) met geld  Grond is steeds meer een beleggingscategorie (en levert boeren bij een slecht verdienmodel toch een pensioen)  Bedrijfsvergroting (al of niet met extensivering) voor laaghouden kostprijs steeds lastiger. Risico voor het exportmodel?  Jonge boeren en (innovatieve) toetreders geen toegang  Pachtwet met lage rendementen en continuatierecht helpt ook niet.  Grondbank ??
  • 18.
  • 19.
    Waarden-debat: wat willenwe in de toekomst? 19 X: Export-landbouwers: Op kostprijs concurreren: klein aantal grote boeren die kosten van milieueisen kunnen uitsmeren Y: Diensten-landbouwers: Willen we veel boeren: integreer in publieke en private diensteneconomie in de metropool • Wat is slim in kader van bestaanszekerheid en bestaansrecht? • Of maken boeren zelf de keuze – wat is dan neutraal beleid? • Of moet overheid het nieuwe systeem Y een handje helpen (eco-systeemdiensten, ruimtelijke ordening) ?
  • 20.
    Waarden-debat: wat willenwe in de toekomst? 20 Bij discussie over gewenst toekomstbeeld spelen waarden en normen: • Wat is rechtvaardig ? • Issues van individualisme en solidariteit. • Opvattingen over boer-zijn: ondernemer? Contractant van de voedselindustrie? Belegger? Voedselproducent of Plattelandsondernemer? • Opvatting over diensten: zijn akkerranden een verplichting, een eco-systeemdienst en subsidie of contract? • Wat vinden we een fijn, mooi, leefbaar platteland ? • Wat betekent zorgzaam in de veranderingen?
  • 21.
    Benut de gemeenschappen(civil society)  Verenigingen, stichtingen etc.  2 typen: belangenbehartigende en creërende  Voorbeelden: energiecoöperaties, collectieven van boeren voor natuurbeheer, broodfondsen zzp-ers, groene financiers zoals Land vanOns, Aardpeer.  Overheid: behandel ze niet als een marktpartij (en ook met Didam-arrest is best wat mogelijk)
  • 22.
    Gremia voor samenwerking Keten: Productschappen voor verplichte solidariteit  Landelijk gebied voor beheer van landschap en schaarse hulpbronnen (water, biodiversiteit, milieu, klimaat) ?? Inspiratie uit landgoederen, recreatieschappen, faunabeheer ? VVE (verplichte vereniging van eigenaren) ?  Waterschappen ? Collectieven ? Of is Omgevingsvisie + Omgevingsplan (en Wilg) + vergunningen genoeg ? Tijdelijke vergunningen ?
  • 23.
     De oplossingenkomen (voorlopig) niet uit Den Haag  De modernisering van het platteland ligt in de handen van vitale lokale gemeenschappen  Met hulp van de provincies  AAN DE SLAG….
  • 24.