Ere zij deVader en de ZoonEre zij de Vader en de Zoon
En de Heilige Geest,En de Heilige Geest,
Als in den beginne, nu en immer,Als in den beginne, nu en immer,
En van eeuwigheid tot eeuwigheid.En van eeuwigheid tot eeuwigheid.
AmenAmen..
17.
Lezen: 1Lezen: 1ee
deelHA formulierdeel HA formulier
Zingen: Ps. 107: 3 en 4Zingen: Ps. 107: 3 en 4
Zevende brief: aanLaodiceaZevende brief: aan Laodicea
14 En schrijf aan de engel van14 En schrijf aan de engel van
de gemeente in Laodicea: Ditde gemeente in Laodicea: Dit
zegt de Amen, de getrouwe enzegt de Amen, de getrouwe en
waarachtige Getuige, het beginwaarachtige Getuige, het begin
van Gods schepping:van Gods schepping:
32.
15 Ik kenuw werken,15 Ik ken uw werken,
en weeten weet dat u niet koud endat u niet koud en
niet heet bent.niet heet bent.
Was u maar koud of heet!Was u maar koud of heet!
16 Maar omdat u lauw bent en16 Maar omdat u lauw bent en
niet koud en ook niet heet, zalniet koud en ook niet heet, zal
Ik u uit Mijn mond spuwen.Ik u uit Mijn mond spuwen.
33.
17 Want uzegt: Ik ben rijk en17 Want u zegt: Ik ben rijk en
steeds rijker geworden en hebsteeds rijker geworden en heb
aan niets gebrek, maar u weetaan niets gebrek, maar u weet
niet datniet dat juistjuist u ellendig,u ellendig,
beklagenswaardig, arm, blindbeklagenswaardig, arm, blind
en naakt bent.en naakt bent.
34.
18 Ik raadu aan dat u van Mij18 Ik raad u aan dat u van Mij
goud koopt, gelouterd door hetgoud koopt, gelouterd door het
vuur, opdat u rijk wordt, envuur, opdat u rijk wordt, en
witte kleren, opdat u bekleedwitte kleren, opdat u bekleed
bent en de schande van uwbent en de schande van uw
naaktheid niet openbaar wordt.naaktheid niet openbaar wordt.
En zalf uw ogen met ogenzalf,En zalf uw ogen met ogenzalf,
opdat u zult kunnen zien.opdat u zult kunnen zien.
35.
19 Ieder dieIk liefheb,19 Ieder die Ik liefheb,
wijs Ik terecht en bestraf Ik.wijs Ik terecht en bestraf Ik.
Wees dan ijverig en bekeer u.Wees dan ijverig en bekeer u.
36.
20 Zie, Iksta aan de deur en20 Zie, Ik sta aan de deur en
Ik klop. Als iemand Mijn stemIk klop. Als iemand Mijn stem
hoort en de deur opent, zal Ikhoort en de deur opent, zal Ik
bij hem binnenkomen en debij hem binnenkomen en de
maaltijd met hem gebruiken,maaltijd met hem gebruiken,
en hij met Mij.en hij met Mij.
37.
21 Wie overwint,zal Ik geven21 Wie overwint, zal Ik geven
met Mij te zitten op Mijn troon,met Mij te zitten op Mijn troon,
zoalszoals ookook Ik overwonnen heb,Ik overwonnen heb,
en Mij met Mijn Vader op Zijnen Mij met Mijn Vader op Zijn
troon gezet heb.troon gezet heb.
38.
22 Wie orenheeft, laat hij22 Wie oren heeft, laat hij
horen wat de Geest tegen dehoren wat de Geest tegen de
gemeenten zegt.gemeenten zegt.