Liturgie zondagmorgen 17 april 2016
 Voorganger: ds.K.J.Bijleveld
Organist: Dhr. de Harder
In gesprek over God en de BijbelIn gesprek over God en de Bijbel
Preek over de Emmausgangers en geloofsoverdarcht
Lied voor de dienst
El. 140
‘Kroon hem met gouden kroon’
 
Lied voor de dienst: – El. 140
1. Kroon Hem met gouden Kroon,
het Lam op zijne troon
Hoor, hoe het hemels loflied al
verwint in heerlijk schoon.
Ontwaak, mijn ziel en zing
van Hem, die voor u stierf.
En prijs Hem in all’ eeuwigheên,
die ’t heil voor u verwierf.
 
Lied voor de dienst – El. 140
2. Kroon Hem, der liefde Heer!
Aanschouw Hem, hoe Hij leed;
Zij wonden tonen ’t gans heelal
wat Hij voor ’t mensdom deed.
De eng’len om Gods troon,
all’ overheid en macht,
zij buigen dienend zich ter neer
voor zulke wond’re pracht.
 
Lied voor de dienst – El. 140
 
3. Kroon Hem, de Vredevorst!
wiens macht eens heersen zal
van pool tot pool, van zee tot zee;
’t klinke over berg en dal.
Als alles voor Hem buigt
en vrede heerst alom,
wordt d’ aarde weer een paradijs.
Kom, Here Jezus, kom!
Liturgie zondagmorgen 17 april 2016
 Voorganger: ds.K.J.Bijleveld
Organist: Dhr. de Harder
Mededelingen en welkom
Intochtslied: Ps. 79 : 5
‘O Heer, wij zijn het volk door U verkoren,’
5.
O Heer, wij zijn het volk door U verkoren,
wij zijn de schapen die uw roepstem horen,
Gij, onze herder, zult ons veilig leiden
aan stille waatren en in groene weiden.
Geslacht meldt aan geslacht / uw goedheid en
uw kracht,
de grootheid van uw daden.
Zo gaat een blinkend spoor / van lof de eeuwen
door.
Wij prijzen uw genade.
Stil gebed
Votum en Groet
Zingen: Klein Gloria
Ere zij deVader en de Zoon
en de Heilige Geest.
Als in den beginne, 
nu en immer 
en van eeuwigheid tot eeuwigheid,amen. 
Als Verootmoedigingsgebed zingen we:
El.: 302
‘Heer , ik kom tot U’
Verootmoediging
Als Verootmoedigingsgebed zingen we: Heer , ik kom tot U – El.302
Heer, ik kom tot U,
hoor naar mijn gebed.
Vergeef mijn zonden nu
en reinig mijn hart.
 
Als Verootmoedigingsgebed zingen we: Heer , ik kom tot U – El.302
Met Uw liefde, Heer,
kom mij tegemoet,
nu ik mij tot U keer,
en maak alles goed.
 
Als Verootmoedigingsgebed zingen we: Heer , ik kom tot U – El.302
Zie mij voor U staan,
zondig en onrein.
O Jezus raak mij aan,
van U wil ik zijn.
 
Als Verootmoedigingsgebed zingen we: Heer , ik kom tot U – El.302
Jezus, op UwWoord,
vestig ik mijn hoop.
U leeft en U verhoort
mijn bede tot U.
Wetslezing uit Ef.4
Genadeverkondiging
‘Neem mijn leven, laat het, Heer,
toegewijd zijn aan uw eer.’
Zingen gez.473 : 1 en 2
1.Neem mijn leven, laat het, Heer,
toegewijd zijn aan uw eer.
Maak mijn uren en mijn tijd
tot uw lof en dienst bereid.
2. Neem mijn handen, maak ze sterk,
trouw en vaardig tot uw werk.
Maak dat ik mijn voeten zet
op de wegen van uw wet.
Dienst van het Woord
Gebed om de verlichting met de
Heilige Geest waarna kinderenlied
Als je bidt zal Hij je geven
Kinderlied: El. 420
Refrein:
Als je bidt zal Hij je geven.
Als je klopt aan de deur
zal Hij open doen.
Als je zoekt dan zul je ’t vinden,
halleluja.
Halleluja, halleluja, halleluja.
Als je de Vader vraagt om ’n
brood,
geeft Hij je zeker nooit een
steen.
Al je gebeden klein of groot,
heus, Hij vergeet er niet één.
Refrein
Refrein:
Als je bidt zal Hij je geven.
Als je klopt aan de deur
zal Hij open doen.
Als je zoekt dan zul je ’t vinden,
halleluja.
Halleluja, halleluja, halleluja.
Als je mijn Vader iets wil
vragen,
vraag in mijn Naam,
Ik zal het doen.
Ik ben met je alle dagen
Ik ben dezelfde als toen.
Refrein
Als je bidt zal Hij je geven.
Als je klopt aan de deur
zal Hij open doen.
Als je zoekt dan zul je ’t vinden,
halleluja.
Halleluja, halleluja, halleluja.
Kinderen gaan naar de
kindernevendienst
Schriftlezing: Lucas 24 : 13 - 35
Door Jellie Postma en toelichting door ds
In gesprek over God en de Bijbel
Lukas 24 : 13 – 35
De Emmaüsgangers
 
13
 En zie, twee van hen waren juist op die dag( dag
van de opstanding van de Here Jezus) op weg naar
een dorp, zestig stadiën ( 11 km) van Jeruzalem
verwijderd, genaamd Emmaüs, ( is huidige plaatsje
Latrun met toen als belangrijkste inwoners een
Romeins garnizoen,het ligt op de weg van
Jeruzalem naar Tel Aviv) 14
 en zij spraken met
elkander over al wat voorgevallen was. 
(1)De gelegenheid opzoeken/ de tijd er voor
nemen
 15
 En het geschiedde, terwijl zij daarover spraken en
van gedachten wisselden, dat Jezus zelf bij hen kwam
en met hen medeging.
  16
 Maar hun ogen waren bevangen, zodat zij Hem
niet herkenden.
 17
 Hij zeide tot hen: Wat zijn dit voor gesprekken,
die gij al wandelende met elkander voert?
 En zij bleven met somber gelaat staan.
 
18
 Eén dan van hen (dat is van de leerlingen van
Jezus) , genaamd Kleopas (naam komt alleen hier
voor) , antwoordde en zeide tot Hem: Zijt Gij de
enige vreemdeling in Jeruzalem, dat Gij niet weet
wat daar dezer dagen geschied is? 
(2) Doorvragen
 
19
 En Hij zeide tot hen: Wat dan?
(3) Luisteren
 
Zij zeiden tot Hem: Hetgeen geschied is
met Jezus de Nazarener, een man, die
een profeet was, machtig in werk en woord voor
God en het ganse volk, 20
 en hoe Hem onze
overpriesters en oversten overgegeven hebben om
Hem ter dood te veroordelen en Hem gekruisigd
hebben. 21
 Wij echter leefden in de hoop, dat Hij
het was, die Israël verlossen zou. Maar met dit al is
het thans reeds de derde dag, sinds dit geschied is. 
22
 Maar ook hebben enige vrouwen uit ons midden
ons doen ontstellen: zij waren in de vroegte bij
het graf geweest 23
 en hadden zijn lichaam niet
gevonden en zijn toen komen zeggen, dat zij ook
een verschijning vanengelen gezien hadden, die
zeiden, dat Hij leeft.24
 En enigen van de onzen zijn
naar het grafgegaan en hebben het zo bevonden, als
de vrouwen ook gezegd hadden, maar Hém hebben
zij niet gezien.
(4) Confronteren en reageren met rode
draad van Bijbelse gegevens
 
  25
 En Hij zeide tot hen: O onverstandigen en
tragen van hart, dat gij niet gelooft alles wat de
profeten gesproken hebben!26
 Moest de Christus dit
niet lijden om in zijn heerlijkheid in te gaan? 
 27
 En Hij begon bij Mozes en bij al de profeten en
legde hun uit, wat in al de Schriften op Hem
betrekking had.
(5) Laat zien dat je bent wat je gelooft
 
28
 En zij naderden het dorp, waar zij heengingen,
en Hij deed, alsof Hij verder zou gaan. 29
 En zij
drongen sterk bij Hem aan en zeiden: Blijf bij ons,
want het is tegen de avond en de dag is reeds
gedaald. En Hij ging binnen om bij hen te
blijven. 30
 En het geschiedde, toen Hij met hen
aanlag, dat Hij het brood nam, de zegen uitsprak,
het brak en hun toereikte.
 31
 En hun ogen werden geopend en zij herkenden
Hem; en Hij verdween uit hun midden. 
( Is deze herkenning bij het breken van het
brood door de herinnering aan het
avondmaal op Witte Donderdag of gingen
de ogen open door de geopende handen
waarin ze zagen de doorboorde handen?
Beiden kan want in beiden ligt er de directe
link met Jezus lijden – zowel bij gebroken
brood als bij doorboorde handen)
33
 En zij stonden op en keerden terzelfder tijd terug
naar Jeruzalem en zij vonden de elven en die bij
hen waren, vergaderd, 34
 en dezen zeiden: De Here
is waarlijk opgewekt en is aan Simon
verschenen. 35
 En zij verhaalden wat onderweg
gebeurd was en hoe Hij door hen herkend was bij
het breken van het brood.
 
‘Mijn Jezus, ik houd van U, ik noem U mijn vriend,’
Zingen:
Mijn Jezus ik houd van U, ik noem
U mijn vriend El.371
Mijn Jezus, ik houd van U, ik noem U mijn vriend,
want U nam de straf op U die ik had verdiend.
De groteVerlosser, mijn Redder bent U;
’k heb van U gehouden, maar nooit zoveel als nu.
Mijn Jezus, ik houd van U, want U hield van mij,
toen U aan het kruis hing, een wond in uw zij.
voor mij de genade, een doornenkroon voor U;
’k heb van U gehouden, maar nooit zoveel als nu.
Ik zal van U houden in leven en dood.
en ik wil U prijzen, zelfs dan in mijn nood.
Als ik kom te sterven, dan roep ik tot U:
’k Heb van U gehouden, maar nooit zoveel als nu.
Als ik in Uw Glorie, uw eeuwigheid kom,
dan buig ik mij voor U in uw heiligdom.
Gekroond met Uw heerlijkheid zal ’k zingen voor U:
’k Heb van U gehouden, maar nooit zo veel als nu.
Verkondiging:
In gesprek over God en de BijbelIn gesprek over God en de Bijbel
-Inleiding –
-Als je wilt dat mensen veel van God
en Jezus verwachten.
In gesprek over God en de Bijbel
(1)De gelegenheid opzoeken/ de
tijd er voor nemen
In gesprek over God en de
Bijbel
(1)De gelegenheid opzoeken/ de tijd er voor
nemen
(2)Luisteren is beginnen bij waar de ander
zit
In gesprek over God en de
Bijbel
(1)De gelegenheid opzoeken/ de tijd er voor
nemen
(2)Luisteren is beginnen bij waar de ander zit
(3)Doorvragen
In gesprek over God en de Bijbel
(1)De gelegenheid opzoeken/ de tijd er voor nemen
(2)Luisteren en beginnen bij waar de ander zit
(3)Doorvragen
(4)Confronteren en reageren met rode draad van
Bijbelse gegevens
In gesprek over God en de Bijbel
(1)De gelegenheid opzoeken/ de tijd er voor nemen
(2)Luisteren is beginnen bij waar de ander zit
(3)Doorvragen
(4)Confronteren en reageren met rode draad van
Bijbelse gegevens
(5) Laat zien dat je bent wat je gelooft
In gesprek over God en de Bijbel
Zingen:
Daar juicht een toon, daar klinkt een
stem (El. 122)
Daar juicht een toon, daar klinkt een stem,
die galmt door gans’ Jeruzalem;
een heerlijk morgen licht breekt aan:
de Zoon van God is opgestaan!
Geen graf hield Davids Zoon omkneld,
Hij overwon, die sterke Held,
Hij steeg uit ’t graf door ’s Vaders kracht,
want Hij is God, bekleed met macht!
Nu jaagt de dood geen angst meer aan,
want alles, alles is voldaan;
Wie in ’t geloof op Jezus ziet,
die vreest voor dood en duivel niet.
Want nu de Heer is opgestaan,
nu vangt het nieuwe leven aan,
een leven, door zijn dood bereid,
een leven in zijn heerlijkheid.
Dankgebed en voorbede
Collecte
Dienst der dankbaarheid
Collecte 1: Horeb
Collecte2: voor de kerk
Collectes
Slotlied: El.132 ‘U zij de glorie’
U zij de glorie, opgestane Heer!
U zij de victorie, nu en immermeer.
Uit een blinkend stromen,
daald' een engel af,
heeft de steen genomen
van 't verwonnen graf.
U zij de glorie, opgestane Heer!
U zij de victorie, nu en immermeer.
Ziet Hem verschijnen, Jezus onze Heer!
Hij brengt al de zijnen in zijn armen weer.
Weest dan volk des Heren,
blijd' en welgezind,
en zegt telkenkere: Christus overwint!
U zij de glorie, opgestane Heer,
U zij de victorie, nu en immermeer.
Zou ik nog vrezen, nu Hij eeuwig leeft,
die mij heeft genezen, die mij vrede geeft?
In zijn godd'lijk wezen
is mijn glorie groot,
niets heb ik te vrezen in leven en dood.
U zij de glorie, opgestane Heer,
U zij de victorie, nu en immermeer.
Zegen
Nog een gezegende zondag!

Dienst 17 april 2016 te noordwolde

  • 1.
    Liturgie zondagmorgen 17april 2016  Voorganger: ds.K.J.Bijleveld Organist: Dhr. de Harder
  • 2.
    In gesprek overGod en de BijbelIn gesprek over God en de Bijbel Preek over de Emmausgangers en geloofsoverdarcht
  • 3.
    Lied voor dedienst El. 140 ‘Kroon hem met gouden kroon’  
  • 4.
    Lied voor dedienst: – El. 140 1. Kroon Hem met gouden Kroon, het Lam op zijne troon Hoor, hoe het hemels loflied al verwint in heerlijk schoon. Ontwaak, mijn ziel en zing van Hem, die voor u stierf. En prijs Hem in all’ eeuwigheên, die ’t heil voor u verwierf.  
  • 5.
    Lied voor dedienst – El. 140 2. Kroon Hem, der liefde Heer! Aanschouw Hem, hoe Hij leed; Zij wonden tonen ’t gans heelal wat Hij voor ’t mensdom deed. De eng’len om Gods troon, all’ overheid en macht, zij buigen dienend zich ter neer voor zulke wond’re pracht.  
  • 6.
    Lied voor dedienst – El. 140   3. Kroon Hem, de Vredevorst! wiens macht eens heersen zal van pool tot pool, van zee tot zee; ’t klinke over berg en dal. Als alles voor Hem buigt en vrede heerst alom, wordt d’ aarde weer een paradijs. Kom, Here Jezus, kom!
  • 7.
    Liturgie zondagmorgen 17april 2016  Voorganger: ds.K.J.Bijleveld Organist: Dhr. de Harder
  • 8.
  • 9.
    Intochtslied: Ps. 79: 5 ‘O Heer, wij zijn het volk door U verkoren,’
  • 10.
    5. O Heer, wijzijn het volk door U verkoren, wij zijn de schapen die uw roepstem horen, Gij, onze herder, zult ons veilig leiden aan stille waatren en in groene weiden. Geslacht meldt aan geslacht / uw goedheid en uw kracht, de grootheid van uw daden. Zo gaat een blinkend spoor / van lof de eeuwen door. Wij prijzen uw genade.
  • 11.
    Stil gebed Votum enGroet Zingen: Klein Gloria
  • 12.
    Ere zij deVaderen de Zoon en de Heilige Geest. Als in den beginne,  nu en immer  en van eeuwigheid tot eeuwigheid,amen. 
  • 13.
    Als Verootmoedigingsgebed zingenwe: El.: 302 ‘Heer , ik kom tot U’ Verootmoediging
  • 14.
    Als Verootmoedigingsgebed zingenwe: Heer , ik kom tot U – El.302 Heer, ik kom tot U, hoor naar mijn gebed. Vergeef mijn zonden nu en reinig mijn hart.  
  • 15.
    Als Verootmoedigingsgebed zingenwe: Heer , ik kom tot U – El.302 Met Uw liefde, Heer, kom mij tegemoet, nu ik mij tot U keer, en maak alles goed.  
  • 16.
    Als Verootmoedigingsgebed zingenwe: Heer , ik kom tot U – El.302 Zie mij voor U staan, zondig en onrein. O Jezus raak mij aan, van U wil ik zijn.  
  • 17.
    Als Verootmoedigingsgebed zingenwe: Heer , ik kom tot U – El.302 Jezus, op UwWoord, vestig ik mijn hoop. U leeft en U verhoort mijn bede tot U.
  • 18.
  • 19.
    ‘Neem mijn leven,laat het, Heer, toegewijd zijn aan uw eer.’ Zingen gez.473 : 1 en 2
  • 20.
    1.Neem mijn leven,laat het, Heer, toegewijd zijn aan uw eer. Maak mijn uren en mijn tijd tot uw lof en dienst bereid.
  • 21.
    2. Neem mijnhanden, maak ze sterk, trouw en vaardig tot uw werk. Maak dat ik mijn voeten zet op de wegen van uw wet.
  • 22.
    Dienst van hetWoord Gebed om de verlichting met de Heilige Geest waarna kinderenlied
  • 23.
    Als je bidtzal Hij je geven Kinderlied: El. 420
  • 24.
    Refrein: Als je bidtzal Hij je geven. Als je klopt aan de deur zal Hij open doen. Als je zoekt dan zul je ’t vinden, halleluja. Halleluja, halleluja, halleluja.
  • 25.
    Als je deVader vraagt om ’n brood, geeft Hij je zeker nooit een steen. Al je gebeden klein of groot, heus, Hij vergeet er niet één. Refrein
  • 26.
    Refrein: Als je bidtzal Hij je geven. Als je klopt aan de deur zal Hij open doen. Als je zoekt dan zul je ’t vinden, halleluja. Halleluja, halleluja, halleluja.
  • 27.
    Als je mijnVader iets wil vragen, vraag in mijn Naam, Ik zal het doen. Ik ben met je alle dagen Ik ben dezelfde als toen. Refrein
  • 28.
    Als je bidtzal Hij je geven. Als je klopt aan de deur zal Hij open doen. Als je zoekt dan zul je ’t vinden, halleluja. Halleluja, halleluja, halleluja. Kinderen gaan naar de kindernevendienst
  • 29.
    Schriftlezing: Lucas 24: 13 - 35 Door Jellie Postma en toelichting door ds
  • 30.
    In gesprek overGod en de Bijbel Lukas 24 : 13 – 35 De Emmaüsgangers   13  En zie, twee van hen waren juist op die dag( dag van de opstanding van de Here Jezus) op weg naar een dorp, zestig stadiën ( 11 km) van Jeruzalem verwijderd, genaamd Emmaüs, ( is huidige plaatsje Latrun met toen als belangrijkste inwoners een Romeins garnizoen,het ligt op de weg van Jeruzalem naar Tel Aviv) 14  en zij spraken met elkander over al wat voorgevallen was. 
  • 31.
    (1)De gelegenheid opzoeken/de tijd er voor nemen  15  En het geschiedde, terwijl zij daarover spraken en van gedachten wisselden, dat Jezus zelf bij hen kwam en met hen medeging.   16  Maar hun ogen waren bevangen, zodat zij Hem niet herkenden.  17  Hij zeide tot hen: Wat zijn dit voor gesprekken, die gij al wandelende met elkander voert?  En zij bleven met somber gelaat staan.  
  • 32.
    18  Eén dan vanhen (dat is van de leerlingen van Jezus) , genaamd Kleopas (naam komt alleen hier voor) , antwoordde en zeide tot Hem: Zijt Gij de enige vreemdeling in Jeruzalem, dat Gij niet weet wat daar dezer dagen geschied is?  (2) Doorvragen   19  En Hij zeide tot hen: Wat dan?
  • 33.
    (3) Luisteren   Zij zeidentot Hem: Hetgeen geschied is met Jezus de Nazarener, een man, die een profeet was, machtig in werk en woord voor God en het ganse volk, 20  en hoe Hem onze overpriesters en oversten overgegeven hebben om Hem ter dood te veroordelen en Hem gekruisigd hebben. 21  Wij echter leefden in de hoop, dat Hij het was, die Israël verlossen zou. Maar met dit al is het thans reeds de derde dag, sinds dit geschied is. 
  • 34.
    22  Maar ook hebbenenige vrouwen uit ons midden ons doen ontstellen: zij waren in de vroegte bij het graf geweest 23  en hadden zijn lichaam niet gevonden en zijn toen komen zeggen, dat zij ook een verschijning vanengelen gezien hadden, die zeiden, dat Hij leeft.24  En enigen van de onzen zijn naar het grafgegaan en hebben het zo bevonden, als de vrouwen ook gezegd hadden, maar Hém hebben zij niet gezien.
  • 35.
    (4) Confronteren enreageren met rode draad van Bijbelse gegevens     25  En Hij zeide tot hen: O onverstandigen en tragen van hart, dat gij niet gelooft alles wat de profeten gesproken hebben!26  Moest de Christus dit niet lijden om in zijn heerlijkheid in te gaan?   27  En Hij begon bij Mozes en bij al de profeten en legde hun uit, wat in al de Schriften op Hem betrekking had.
  • 36.
    (5) Laat ziendat je bent wat je gelooft   28  En zij naderden het dorp, waar zij heengingen, en Hij deed, alsof Hij verder zou gaan. 29  En zij drongen sterk bij Hem aan en zeiden: Blijf bij ons, want het is tegen de avond en de dag is reeds gedaald. En Hij ging binnen om bij hen te blijven. 30  En het geschiedde, toen Hij met hen aanlag, dat Hij het brood nam, de zegen uitsprak, het brak en hun toereikte.
  • 37.
     31  En hun ogenwerden geopend en zij herkenden Hem; en Hij verdween uit hun midden.  ( Is deze herkenning bij het breken van het brood door de herinnering aan het avondmaal op Witte Donderdag of gingen de ogen open door de geopende handen waarin ze zagen de doorboorde handen? Beiden kan want in beiden ligt er de directe link met Jezus lijden – zowel bij gebroken brood als bij doorboorde handen)
  • 38.
    33  En zij stondenop en keerden terzelfder tijd terug naar Jeruzalem en zij vonden de elven en die bij hen waren, vergaderd, 34  en dezen zeiden: De Here is waarlijk opgewekt en is aan Simon verschenen. 35  En zij verhaalden wat onderweg gebeurd was en hoe Hij door hen herkend was bij het breken van het brood.  
  • 39.
    ‘Mijn Jezus, ikhoud van U, ik noem U mijn vriend,’ Zingen: Mijn Jezus ik houd van U, ik noem U mijn vriend El.371
  • 40.
    Mijn Jezus, ikhoud van U, ik noem U mijn vriend, want U nam de straf op U die ik had verdiend. De groteVerlosser, mijn Redder bent U; ’k heb van U gehouden, maar nooit zoveel als nu.
  • 41.
    Mijn Jezus, ikhoud van U, want U hield van mij, toen U aan het kruis hing, een wond in uw zij. voor mij de genade, een doornenkroon voor U; ’k heb van U gehouden, maar nooit zoveel als nu.
  • 42.
    Ik zal vanU houden in leven en dood. en ik wil U prijzen, zelfs dan in mijn nood. Als ik kom te sterven, dan roep ik tot U: ’k Heb van U gehouden, maar nooit zoveel als nu.
  • 43.
    Als ik inUw Glorie, uw eeuwigheid kom, dan buig ik mij voor U in uw heiligdom. Gekroond met Uw heerlijkheid zal ’k zingen voor U: ’k Heb van U gehouden, maar nooit zo veel als nu.
  • 44.
    Verkondiging: In gesprek overGod en de BijbelIn gesprek over God en de Bijbel
  • 47.
    -Inleiding – -Als jewilt dat mensen veel van God en Jezus verwachten. In gesprek over God en de Bijbel
  • 48.
    (1)De gelegenheid opzoeken/de tijd er voor nemen In gesprek over God en de Bijbel
  • 49.
    (1)De gelegenheid opzoeken/de tijd er voor nemen (2)Luisteren is beginnen bij waar de ander zit In gesprek over God en de Bijbel
  • 50.
    (1)De gelegenheid opzoeken/de tijd er voor nemen (2)Luisteren is beginnen bij waar de ander zit (3)Doorvragen In gesprek over God en de Bijbel
  • 51.
    (1)De gelegenheid opzoeken/de tijd er voor nemen (2)Luisteren en beginnen bij waar de ander zit (3)Doorvragen (4)Confronteren en reageren met rode draad van Bijbelse gegevens In gesprek over God en de Bijbel
  • 52.
    (1)De gelegenheid opzoeken/de tijd er voor nemen (2)Luisteren is beginnen bij waar de ander zit (3)Doorvragen (4)Confronteren en reageren met rode draad van Bijbelse gegevens (5) Laat zien dat je bent wat je gelooft In gesprek over God en de Bijbel
  • 53.
    Zingen: Daar juicht eentoon, daar klinkt een stem (El. 122)
  • 54.
    Daar juicht eentoon, daar klinkt een stem, die galmt door gans’ Jeruzalem; een heerlijk morgen licht breekt aan: de Zoon van God is opgestaan!
  • 55.
    Geen graf hieldDavids Zoon omkneld, Hij overwon, die sterke Held, Hij steeg uit ’t graf door ’s Vaders kracht, want Hij is God, bekleed met macht!
  • 56.
    Nu jaagt dedood geen angst meer aan, want alles, alles is voldaan; Wie in ’t geloof op Jezus ziet, die vreest voor dood en duivel niet.
  • 57.
    Want nu deHeer is opgestaan, nu vangt het nieuwe leven aan, een leven, door zijn dood bereid, een leven in zijn heerlijkheid.
  • 58.
  • 59.
    Collecte 1: Horeb Collecte2:voor de kerk Collectes
  • 60.
    Slotlied: El.132 ‘Uzij de glorie’
  • 61.
    U zij deglorie, opgestane Heer! U zij de victorie, nu en immermeer. Uit een blinkend stromen, daald' een engel af, heeft de steen genomen van 't verwonnen graf. U zij de glorie, opgestane Heer! U zij de victorie, nu en immermeer.
  • 62.
    Ziet Hem verschijnen,Jezus onze Heer! Hij brengt al de zijnen in zijn armen weer. Weest dan volk des Heren, blijd' en welgezind, en zegt telkenkere: Christus overwint! U zij de glorie, opgestane Heer, U zij de victorie, nu en immermeer.
  • 63.
    Zou ik nogvrezen, nu Hij eeuwig leeft, die mij heeft genezen, die mij vrede geeft? In zijn godd'lijk wezen is mijn glorie groot, niets heb ik te vrezen in leven en dood. U zij de glorie, opgestane Heer, U zij de victorie, nu en immermeer.
  • 64.
  • 65.