Centrale vragen Watis het effect van (vrij) lezen op de taalontwikkeling? Wat is de context waarin scholen momenteel werken aan taalontwikkeling? Hoe kan de bibliotheek hierbij aansluiten? Hoe kunnen de bibliotheek en de school hun samenwerking rond (vrij) lezen optimaliseren vanuit een opbrengstgericht perspectief?
3.
4.
Wat doet eengoede lezer? Gebruikt woordenschat ( foreigner, pull factor ) Decodeert de tekst (technisch lezen) Gebruikt kennis van de wereld (Kuala Lumpur ligt in Maleisië) Zet leesstrategieën in (afbeeldingen, koppen, onderschriften) Is gemotiveerd om de tekst te begrijpen Hoe komt dit tot stand: instructie en oefening
Veel kinderen horente weinig woorden Een kind uit een gezin met ongeschoolde/ laaggeschoolde ouders hoort ca. 615 woorden per uur. Een kind uit een gezin met ouders met een redelijke opleiding hoort 1251 woorden per uur. Een kind uit een gezin met hoogopgeleide ouders hoort 2153 woorden per uur.
Cunningham & Stanovich(2001), ‘What reading does for the mind’, Journal of Direct Instruction, 1/2, 137-149. Aantal minuten vrij lezen per dag Aantal gelezen woorden per jaar 65,0 4.358.000 21,1 1.823.000 14,2 1.146.000 9,6 622.000 6,5 432.000 4,6 282.000 3,2 200.000 1,3 106.000 0,7 21.000 0,1 8.000 0,0 0
9.
Vrij lezen enwoordenschat Kinderen die 1 miljoen woorden per jaar lezen, kunnen per jaar hun woordenschat uitbreiden met ca. 1000 woorden. Dit komt overeen met ongeveer een kwartier per dag. Voor ‘middle class’ kinderen is dit een gemiddelde hoeveelheid. Nagy, W., R. Anderson & P. Herman (1987), ‘Learning word meanings from context during normal reading’. American Educational Research Journal, 24, 237-270; Anderson, R., P. Wilson & L. Fielding (1988), ‘Growth in reading and how children spend their time outside of school.’ Reading Research Quarterly, 23, 285-303.
10.
Werken aan woordenschatverwervingIntentionele woordenschatstimulering via woordenschatlessen: tot 25 woorden per week. Dat is per jaar: 400 – 1000 nieuwe woorden. Incidentele woordenschatverwerving via vrij lezen: 1000 woorden per jaar?
11.
Andere effecten opwoordenschat Niet alleen nieuwe woorden verwerven, maar ook: woordkennis consolideren woordkennis verdiepen
12.
Consolideren en verdiepenVrij lezen Onderzoek ook door journalisten, artsen, ontdekkingsreizigers. Onderzoek kun je doen of uitvoeren . Je kunt op onderzoek gaan . Je onderzoek kan vastlopen . Je kunt conclusies trekken uit onderzoek en daarover rapporteren . Je kunt tot een conclusie komen . Onderzoeken = bestuderen. Geleerden onderzoeken de oorzaak van de klimaatverandering; ze willen erachter komen hoe het komt dat het steeds warmer wordt.
13.
14.
Samenvatting: bewezen effectenvan vrij lezen leesvaardigheid schrijfstijl woordenschat spelling kennis van grammatica Stephen Krashen (1993), The Power of Reading: Insights from the Research. Suzanne Mol (2010), To read or not to read
15.
Context voor scholenKwaliteitsagenda PO “Scholen voor morgen” (2007) Commissie Meijerink Commissie Dijsselbloem Basisvaardigheden Referentieniveaus Opbrengstgericht werken
Speerpunten onderwijs: basisvaardigheden& ‘OGW’ Wat kan dit betekenen voor de bibliotheek? Bibliotheek is partner bij uitstek om vrij lezen te stimuleren en daarmee scholen te ondersteunen bij hun belangrijkste aandachtsgebieden voor taal: woordenschat en begrijpend lezen. De vraag is: kan de bibliotheek bij leerlingen meetbare resultaten realiseren? Taalontwikkeling? Leerlingen lezen wel boeken, maar ze krijgen ook instructie op school. Wat is de inbreng van de school, wat is de inbreng van de bibliotheek?
Stap 2: (nieuwe)doelen stellen De leesconsulent presenteert de gegevens aan het team tijdens het teamoverleg OGW. Samen met het team worden er (nieuwe) doelen gesteld.
28.
Voorbeelddoelen Het aantalnulleners in groep 8 is onacceptabel hoog; dit moet ten minste gehalveerd worden. Weinig leerlingen krijgen ideeën voor boeken van de leerkracht. Leerkrachten gaan kinderen meer boekentips geven, vooral aan jongens; voor groep 7 en 8 is extra aandacht nodig. In groep 6 gaat iets heel goed. 2,5 boek per maand is haalbaar. Dat wordt ook het streven voor de andere bovenbouwgroepen.
29.
Stap 3: meetbareafspraken maken over (nieuwe) werkwijzen De leerkracht groep 8 gaat per week een half uur over boeken te praten met de kinderen. Hij weet wie de nulleners zijn, die zal hij speciale aandacht geven. De leesconsulent zal de nulleners helpen zoeken naar boeken op basis van informatie van de leerkracht. De leerkrachten gaan wekelijks een boekintroductie doen. De leesconsulent zorgt voor geschikte boeken. De leerkracht uit groep 6 en de leesconsulent gaan dit schooljaar een Boekenbende opzetten voor groep 7 en 8. De bovenbouwleerkrachten gaan in groep 6 kijken hoe de leerkracht de leeskring uitvoert en gaan dat van januari uitvoeren in hun eigen groep.
30.
Stap 4: werkwijzenuitvoeren Jaar (of half jaar) uitvoeren, daarna opnieuw kijken naar de resultaten. Door de werkwijze regelmatig te herhalen, worden trends zichtbaar, ook in de taalprestaties van de leerlingen.