24 nov. 2013
1
Zoetermeer
de context van Filippi 26-9

2
... maakt dan mijn blijdschap volkomen
door eensgezind te zijn,
een in liefdebetoon,
een van ziel,
een in streven,
3 zonder zelfzucht of ijdel eerbejag;
doch in ootmoedigheid achte de een
de ander uitnemender dan zichzelf;
en ieder lette niet slechts
op zijn eigen belang,
4 maar ieder lette ook op dat van anderen.
2

3
Laat die gezindheid bij u zijn,
welke ook in Christus Jezus was,
6 die, in de gestalte Gods zijnde,
het Gode gelijk zijn
niet als een roof heeft geacht,
7 maar Zichzelf ontledigd heeft,
en de gestalte van
een dienstknecht heeft aangenomen,
en aan de mensen gelijk geworden is.
8 En in zijn uiterlijk
als een mens bevonden,
heeft Hij Zich vernederd
en is gehoorzaam geworden tot de dood,
ja, tot de dood des kruises.
5

4
Daarom heeft God Hem ook
uitermate verhoogd en Hem
de naam boven alle naam geschonken,
10 opdat in de naam van Jezus
zich alle knie zou buigen van hen,
die in de hemel
en die op de aarde
en die onder de aarde zijn,
11 en alle tong zou belijden:
Jezus Christus is Here,
tot eer van God, de Vader!
9

5
Laat die gezindheid bij u zijn,
welke ook in Christus Jezus was,
5

"was" ontbreekt

6
Laat die gezindheid bij u zijn,
welke ook in CHRISTUS JEZUS was,
5

7
Want er is één God
en ook één middelaar
van God en mensen,
DE MENS CHRISTUS JEZUS...
5

-1Timotheüs 2-

8
die, in de gestalte Gods zijnde,
het Gode gelijk zijn
niet als een roof heeft geacht,
6

Gr. morphé = vorm
elders:
o belichaming
o schijn
o gedaante

9
10
die, in de gestalte Gods zijnde,
het Gode gelijk zijn
niet als een roof heeft geacht,
6

= Gode gelijkend
Gr. isa = gelijkend, overeenstemmend

11
Hierom dan trachtten de Joden
des te meer Hem te doden,
omdat Hij niet alleen de sabbat schond,
maar ook God
ZIJN EIGEN VADER noemde
en Zich dus
met God gelijkstelde (Gr. isos).
18

-Johannes 5-

12
die, in de gestalte Gods zijnde,
het Gode gelijk zijn
niet als een roof heeft geacht,
6

13
maar Zichzelf ontledigd heeft,
en de gestalte van
een dienstknecht heeft aangenomen,
en aan de mensen gelijk geworden is.
7

14
maar Zichzelf ontledigd heeft,
en de gestalte van
een dienstknecht heeft aangenomen,
en aan de mensen gelijk geworden is.
7

gestalte van God
gestalte van slaaf

15
maar Zichzelf ontledigd heeft,
en de gestalte van
een dienstknecht heeft aangenomen,
en aan de mensen gelijk geworden is.
7

Gode gelijkend
mensen gelijkend

16
Tijdens zijn dagen in het vlees
heeft Hij gebeden en smekingen
onder sterk geroep en tranen geofferd
aan Hem, die Hem uit de dood kon redden,
en Hij is verhoord uit zijn angst,
7

-Hebreeën 5-

17
en zo heeft Hij,
HOEWEL HIJ DE ZOON WAS,
de gehoorzaamheid geleerd
uit hetgeen Hij heeft geleden...
8

-Hebreeën 5-

18
En in zijn uiterlijk
als een mens bevonden,
heeft Hij Zich vernederd
en is gehoorzaam geworden tot de dood,
ja, tot de dood des kruises.
8

19
... hij had gestalte noch luister,
dat wij hem zouden hebben aangezien,
noch gedaante,
dat wij hem zouden hebben begeerd.
3 Hij was veracht en van mensen verlaten,
een man van smarten...
2

-Jesaja 53-

20
En in zijn uiterlijk
als een mens bevonden,
heeft Hij Zich vernederd
en is gehoorzaam geworden tot de dood,
ja, tot de dood des kruises.
8

21
En in zijn uiterlijk
als een mens bevonden,
heeft Hij Zich vernederd
en is gehoorzaam geworden tot de dood,
ja, tot de dood des kruises.
8

22
23
de
ontlediging

de vleeswording
of incarnatie

een daad van
de Zoon

daad van God
God verwekte de Zoon

24
De heilige Geest zal over u komen
en de kracht des Allerhoogsten
zal u overschaduwen;
DAAROM zal ook het heilige,
dat verwekt wordt,
ZOON GODS genoemd worden.
35

-Lucas 1-

25
En nadat Hij veertig dagen
en veertig nachten gevast had,
kreeg Hij ten laatste honger.
3 En de verzoeker kwam
en zeide tot Hem:
INDIEN GIJ GODS ZOON ZIJT,
zeg dan, dat deze stenen broden worden.
4 Maar Hij antwoordde en zeide:
Er staat geschreven:
Niet alleen van brood
zal de mens leven,
maar van alle woord,
dat uit de mond Gods uitgaat.
2

-Matteüs 4-

26
Adam

laatste Adam

 wilde God gelijk
zijn en roofde dit

 Gode gelijk maar
ontledigde zich en
werd slaaf

 verhief zich en werd
ongehoorzaam tot
de dood

 vernederde zich en
werd gehoorzaam
tot de dood

 God vernederde
hem uitermate

 God verhoogde Hem
uitermate

 nam alle mensen
mee in verderf

 neemt alle mensen
27
mee in heerlijkheid
Daarom heeft God Hem ook
uitermate verhoogd en Hem
de naam boven alle naam geschonken,
10 opdat in de naam van Jezus
zich alle knie zou buigen van hen,
die in de hemel
en die op de aarde
en die onder de aarde zijn,
11 en alle tong zou belijden:
Jezus Christus is Here,
tot eer van God, de Vader!
9

28

de gezindheid van Christus

  • 1.
  • 2.
    de context vanFilippi 26-9 2
  • 3.
    ... maakt danmijn blijdschap volkomen door eensgezind te zijn, een in liefdebetoon, een van ziel, een in streven, 3 zonder zelfzucht of ijdel eerbejag; doch in ootmoedigheid achte de een de ander uitnemender dan zichzelf; en ieder lette niet slechts op zijn eigen belang, 4 maar ieder lette ook op dat van anderen. 2 3
  • 4.
    Laat die gezindheidbij u zijn, welke ook in Christus Jezus was, 6 die, in de gestalte Gods zijnde, het Gode gelijk zijn niet als een roof heeft geacht, 7 maar Zichzelf ontledigd heeft, en de gestalte van een dienstknecht heeft aangenomen, en aan de mensen gelijk geworden is. 8 En in zijn uiterlijk als een mens bevonden, heeft Hij Zich vernederd en is gehoorzaam geworden tot de dood, ja, tot de dood des kruises. 5 4
  • 5.
    Daarom heeft GodHem ook uitermate verhoogd en Hem de naam boven alle naam geschonken, 10 opdat in de naam van Jezus zich alle knie zou buigen van hen, die in de hemel en die op de aarde en die onder de aarde zijn, 11 en alle tong zou belijden: Jezus Christus is Here, tot eer van God, de Vader! 9 5
  • 6.
    Laat die gezindheidbij u zijn, welke ook in Christus Jezus was, 5 "was" ontbreekt 6
  • 7.
    Laat die gezindheidbij u zijn, welke ook in CHRISTUS JEZUS was, 5 7
  • 8.
    Want er iséén God en ook één middelaar van God en mensen, DE MENS CHRISTUS JEZUS... 5 -1Timotheüs 2- 8
  • 9.
    die, in degestalte Gods zijnde, het Gode gelijk zijn niet als een roof heeft geacht, 6 Gr. morphé = vorm elders: o belichaming o schijn o gedaante 9
  • 10.
  • 11.
    die, in degestalte Gods zijnde, het Gode gelijk zijn niet als een roof heeft geacht, 6 = Gode gelijkend Gr. isa = gelijkend, overeenstemmend 11
  • 12.
    Hierom dan trachttende Joden des te meer Hem te doden, omdat Hij niet alleen de sabbat schond, maar ook God ZIJN EIGEN VADER noemde en Zich dus met God gelijkstelde (Gr. isos). 18 -Johannes 5- 12
  • 13.
    die, in degestalte Gods zijnde, het Gode gelijk zijn niet als een roof heeft geacht, 6 13
  • 14.
    maar Zichzelf ontledigdheeft, en de gestalte van een dienstknecht heeft aangenomen, en aan de mensen gelijk geworden is. 7 14
  • 15.
    maar Zichzelf ontledigdheeft, en de gestalte van een dienstknecht heeft aangenomen, en aan de mensen gelijk geworden is. 7 gestalte van God gestalte van slaaf 15
  • 16.
    maar Zichzelf ontledigdheeft, en de gestalte van een dienstknecht heeft aangenomen, en aan de mensen gelijk geworden is. 7 Gode gelijkend mensen gelijkend 16
  • 17.
    Tijdens zijn dagenin het vlees heeft Hij gebeden en smekingen onder sterk geroep en tranen geofferd aan Hem, die Hem uit de dood kon redden, en Hij is verhoord uit zijn angst, 7 -Hebreeën 5- 17
  • 18.
    en zo heeftHij, HOEWEL HIJ DE ZOON WAS, de gehoorzaamheid geleerd uit hetgeen Hij heeft geleden... 8 -Hebreeën 5- 18
  • 19.
    En in zijnuiterlijk als een mens bevonden, heeft Hij Zich vernederd en is gehoorzaam geworden tot de dood, ja, tot de dood des kruises. 8 19
  • 20.
    ... hij hadgestalte noch luister, dat wij hem zouden hebben aangezien, noch gedaante, dat wij hem zouden hebben begeerd. 3 Hij was veracht en van mensen verlaten, een man van smarten... 2 -Jesaja 53- 20
  • 21.
    En in zijnuiterlijk als een mens bevonden, heeft Hij Zich vernederd en is gehoorzaam geworden tot de dood, ja, tot de dood des kruises. 8 21
  • 22.
    En in zijnuiterlijk als een mens bevonden, heeft Hij Zich vernederd en is gehoorzaam geworden tot de dood, ja, tot de dood des kruises. 8 22
  • 23.
  • 24.
    de ontlediging de vleeswording of incarnatie eendaad van de Zoon daad van God God verwekte de Zoon 24
  • 25.
    De heilige Geestzal over u komen en de kracht des Allerhoogsten zal u overschaduwen; DAAROM zal ook het heilige, dat verwekt wordt, ZOON GODS genoemd worden. 35 -Lucas 1- 25
  • 26.
    En nadat Hijveertig dagen en veertig nachten gevast had, kreeg Hij ten laatste honger. 3 En de verzoeker kwam en zeide tot Hem: INDIEN GIJ GODS ZOON ZIJT, zeg dan, dat deze stenen broden worden. 4 Maar Hij antwoordde en zeide: Er staat geschreven: Niet alleen van brood zal de mens leven, maar van alle woord, dat uit de mond Gods uitgaat. 2 -Matteüs 4- 26
  • 27.
    Adam laatste Adam  wildeGod gelijk zijn en roofde dit  Gode gelijk maar ontledigde zich en werd slaaf  verhief zich en werd ongehoorzaam tot de dood  vernederde zich en werd gehoorzaam tot de dood  God vernederde hem uitermate  God verhoogde Hem uitermate  nam alle mensen mee in verderf  neemt alle mensen 27 mee in heerlijkheid
  • 28.
    Daarom heeft GodHem ook uitermate verhoogd en Hem de naam boven alle naam geschonken, 10 opdat in de naam van Jezus zich alle knie zou buigen van hen, die in de hemel en die op de aarde en die onder de aarde zijn, 11 en alle tong zou belijden: Jezus Christus is Here, tot eer van God, de Vader! 9 28