Van de Oerknal naar het leven
(natuurkundedeel)

Vierde college
Marcel Vonk
10 februari 2014
Praktische mededelingen
• Uitwerkingen werkcollege-opgaven
op blackboard.
• Oefententamens op blackboard.
• Vergeet niet je filmopdrachtgroepjes aan te melden. (4-5
studenten, details op blackboard.)

2/55
The story so far…
The story so far…
Speciale relativiteit: ruimte en tijd
worden één geheel.
Algemene relativiteit: zwaartekracht is
de kromming van de ruimtetijd.

4/55
The story so far…
Kosmologie: de studie van de
ruimtetijd van de oerknal tot nu.

Kosmologisch principe: het heelal is
homogeen en isotroop.
k=+1
k=-1

k=0

5/55
The story so far…
De twee belangrijke variabelen die de
evolutie van het heelal bepalen, zijn
de schaalfactor a(t) en de energiedichtheid ρ(t).

k=+1
k=-1

k=0

6/55
The story so far…
In meebewegende coördinaten hebben
twee sterrenstelsels een vaste afstand:
Δx

In het fysische, uitdijende heelal
hebben ze een veranderlijke afstand
r = a(t) Δx.

7/55
The story so far…
De fysische snelheid waarmee de
stelsels uit elkaar bewegen is
v

dr
dt

Hr

met

H

1 da
a dt

H is de Hubble-parameter.
(“Hubble-constante”)
8/55
The story so far..
Het is van cruciaal belang waaruit het
heelal bestaat!

stof
(t )

1
a (t )3

straling
(t )

1
a (t ) 4
9/55
Vragen?

10/55
De schaalfactor van het heelal
De schaalfactor van het heelal
Volgende stap: we willen twee
vergelijkingen vinden die iets over a(t)
en ρ(t) zeggen.
• Continuïteitsvergelijking
• Friedmannvergelijking

12/55
Continuïteitsvergelijking
Een belangrijke thermodynamische wet
(zie volgend uur) geeft een verband
tussen volumetoename en energieafname:
E

Gevolg:

P V

d
dt

1 da
3
(
a dt

P)

0

BORD
13/55
Friedmannvergelijking
H

2

8 G
3

k c2
a2

De afleiding gebruikt lastige algemene
relativiteitstheorie. Voor de
interpretatie: schrijf de vergelijking als
da
dt

2

8 G
3

a2

k c2

BORD
14/55
Friedmannvergelijking
da
dt

2

8 G
3

a2

k c2

• Term 1: kinetische energie
• Term 2: potentiële energie
• Term 3: constante totale energie
15/55
Friedmannvergelijking
da
dt

2

8 G
3

a2

k c2

k=1
k = -1

k=0
16/55
Friedmannvergelijking
da
dt

2

8 G
3

a2

k=-1:
• Rechterkant positief
• Meer kinetische dan
potentiële energie
• Heelal blijft uitdijen!

k c2

k=+1
k=-1

k=0

17/55
Friedmannvergelijking
da
dt

2

8 G
3

a2

k c2

k=+1:
k=+1
k=-1
• Rechterkant negatief
• Meer potentiële dan
k=0
kinetische energie
• Heelal stort in! (“Big Crunch”)

18/55
Friedmannvergelijking
da
dt

2

8 G
3

a2

k c2

k=0:
k=+1
k=-1
• Rechterkant nul
• Evenveel potentiële
k=0
en kinetische energie
• Heelal dijt steeds trager uit.

19/55
De schaalfactor van het heelal
Met wat rekenwerk (zie syllabus)
vinden we uit de Friedmannvergelijking
en de continuïteitsvergelijking ook:
1 d 2a
a d t2

4 G
(
3

3P)

• Hangt niet van k af.
• Beschrijft de versnelling van de
uitdijing

20/55
De schaalfactor van het heelal
1 d 2a
a d t2

4 G
(
3

3P)

• Uitdijing van het heelal vertraagt
• (Tenzij er materie met negatieve
druk bestaat… Zie later!)
• Druk draagt bij aan het vertragen!
(want druk zorgt voor energie=massa)
21/55
Ons eigen heelal
Ons eigen heelal
Genoeg algemeenheden… Hoe ziet dit
alles in ons eigen heelal eruit?

• Open? Gesloten? Vlak?
• Is de uitdijing inderdaad vertraagd?
• Hoe gedraagt a(t) zich?
23/55
Ons eigen heelal
Friedmannvergelijking:
H2

8 G
3

k c2
a2

Oftewel:
k c2
a2H 2

8 G
3H 2

1
24/55
Ons eigen heelal
k c2
a2H 2

8 G
3H 2

1

Vergelijken van ρ met de kritieke
dichtheid
crit

3H 2
8 G

bepaalt het teken van k!
25/55
Ons eigen heelal
Waarnemingen aan zichtbare materie:

De dichtheid lijkt zo’n 4% van de
kritieke dichtheid.
Open heelal (k<1)?
26/55
Ons eigen heelal
Uit metingen aan de achtergrondstraling kunnen we ook de dichtheid
bepalen.

De dichtheid lijkt dan vrijwel gelijk aan
de kritieke dichtheid!
27/55
Vlak heelal (k=0)?
Ons eigen heelal
Dit roept allerlei vragen op:

• Waarom zien we 96% van de
materie niet?
• Een vlak heelal is instabiel. Waarom
is het heelal nu nog zo enorm vlak?
28/55
Ons eigen heelal
• Waarom zien we 96%
van de materie niet?
• Donkere energie / donkere materie
• Een vlak heelal is instabiel. Waarom
is het heelal nu nog zo enorm vlak?
• Inflatie
Meer hierover in het laatste college!
29/55
Ons eigen heelal
Friedmannvergelijking:
8 G
3

H2

k c2
a2

In een vlak heelal (k=0):

H

2

8 G
3
30/55
Ons eigen heelal
H

2

8 G
3

Neem nu aan dat de schaalfactor als
een macht groeit:
a tq

We kunnen dan voor zowel stof als
straling de gevolgen berekenen.
31/55
Ons eigen heelal
Stof:
•
•
•
•

P=0
Dichtheid ρ gaat als a-3
Schaalfactor a gaat als t2/3
H=2/(3t)

BORD

32/55
Ons eigen heelal
Straling:
•
•
•
•

P=ρ/3
Dichtheid ρ gaat als a-4
Schaalfactor a gaat als t1/2
H=1/(2t)

BORD

33/55
Ons eigen heelal
• Voor straling gaat ρ als 1/a4
• Voor stof gaat ρ als 1/a3

Gevolg: in het vroege heelal
domineerde de straling; nu het stof.
Uit H=2/(3t) volgt tnu=2/(3Hnu).
Resultaat: 9 miljard jaar…

34/55
Ons eigen heelal
De oplossing volgde uit waarnemingen
aan supernova’s.

Het heelal dijt versneld uit!
35/55
Ons eigen heelal
Maar… dat kan alleen als er een vorm
van materie met negatieve druk is!
1 d 2a
a d t2

4 G
(
3

3P)

Een “achtergrondmedium” met
negatieve druk blijkt niet onmogelijk: de
kosmologische constante.
36/55
Ons eigen heelal
Als die kosmologische constante
bestaat zou die zo’n 73% van de
kritieke dichtheid moeten bevatten –
het totaal komt dan dus mooi in de
buurt van de 100%.

Meer hierover in het laatste college.
37/55
38/55
Thermodynamica
Thermodynamica
Vlak na de Oerknal was het heelal
gevuld met een heet, dicht plasma in
thermisch evenwicht – de “oersoep”.

We kunnen dit plasma goed beschrijven als een ideaal gas: een gas van
puntdeeltjes.
40/55
Thermodynamica
De druk P van een gas is gedefinieerd
als de kracht per oppervlakte-eenheid:
F
P
A

Er is een verband tussen druk en de
totale kinetische energie van de
gasdeeltjes:
PV

2 total
Ekin
3

BORD
41/55
Thermodynamica
Temperatuur is een belangrijke grootheid in de thermodynamica. Definitie:
E

1
kBT
2

<E> is de gemiddelde energie per
vrijheidsgraad.
(Bewegingsrichting, rotatierichting, enz
ovoort.)
“Equipartitie”

42/55
Thermodynamica
E

1
kBT
2

• Nulpunt van temperatuur bij -273.15
graden. Verschoven schaal: Kelvin.
• De verhouding heet de constante
van Boltzmann, kB=1.38 x 10-23 J/K.
• De factor ½ wordt later duidelijk.
43/55
Thermodynamica
E

1
kBT
2

…per vrijheidsgraad, dus per deeltje in
een ideaal gas:
E

3
kBT
2

Ideale-gaswet:
PV

2 total
Ekin
3

PV

N kB T
44/55
Thermodynamica
Warmte is de energie die wordt
overgedragen tussen twee systemen
die niet in thermisch evenwicht zijn.

T1

Q
T2
45/55
Thermodynamica
Daarnaast zal het ene systeem vaak
arbeid op het andere verrichten:

W

T1

Q
T2
46/55
Thermodynamica
Totale energieoverdracht:
E Q W

W

T1

Q
T2
47/55
Thermodynamica
Totale energieoverdracht:
E Q W

Arbeid:
W

P V

BORD
48/55
Thermodynamica
De maximaal beschikbare warmte blijkt
proportioneel te zijn met de temperatuur:
Qm ax T S

S heet de entropie van het systeem.
Voor de daadwerkelijk uitgewisselde
warmte Q geldt dus:
Q T S
49/55
Thermodynamica
Totale energieoverdracht:
E Q W
Q T S

W

E T S

P V

P V

Eerste hoofdwet van de
thermodynamica

50/55
Thermodynamica
E T S

P V

Gebruikt in het vorige college om de
continuïteitsvergelijking af te leiden.
Het heelal is in thermisch
evenwicht, dus ΔS=0:
E

P V
51/55
Thermodynamica
Entropie blijkt ook een microscopische
beschrijving te hebben:
S k B ln W

W is het “aantal” microscopische
toestanden dat het macroscopische
systeem beschrijft.

52/55
Thermodynamica
S k B ln W

Historisch kwam deze formule
eerst, vandaar de ½ in de formule voor
<E>.
Vanwege de statistische interpretatie
dS
geldt:
0
dt

Tweede hoofdwet van de

53/55
Thermodynamica
Bijvoorbeeld:
•
•
•
•

Een glas breekt
Een kop thee koelt af
Mensen worden oud
Kamers worden een troep

Als een systeem niet geïsoleerd
is, kun je energie gebruiken om S weer
te laten afnemen.
54/55
Van de oerknal naar het leven

Vijfde college:
Dinsdag 11:00-13:00
C0.05
55/55

Oerknal - Lecture 4

  • 1.
    Van de Oerknalnaar het leven (natuurkundedeel) Vierde college Marcel Vonk 10 februari 2014
  • 2.
    Praktische mededelingen • Uitwerkingenwerkcollege-opgaven op blackboard. • Oefententamens op blackboard. • Vergeet niet je filmopdrachtgroepjes aan te melden. (4-5 studenten, details op blackboard.) 2/55
  • 3.
  • 4.
    The story sofar… Speciale relativiteit: ruimte en tijd worden één geheel. Algemene relativiteit: zwaartekracht is de kromming van de ruimtetijd. 4/55
  • 5.
    The story sofar… Kosmologie: de studie van de ruimtetijd van de oerknal tot nu. Kosmologisch principe: het heelal is homogeen en isotroop. k=+1 k=-1 k=0 5/55
  • 6.
    The story sofar… De twee belangrijke variabelen die de evolutie van het heelal bepalen, zijn de schaalfactor a(t) en de energiedichtheid ρ(t). k=+1 k=-1 k=0 6/55
  • 7.
    The story sofar… In meebewegende coördinaten hebben twee sterrenstelsels een vaste afstand: Δx In het fysische, uitdijende heelal hebben ze een veranderlijke afstand r = a(t) Δx. 7/55
  • 8.
    The story sofar… De fysische snelheid waarmee de stelsels uit elkaar bewegen is v dr dt Hr met H 1 da a dt H is de Hubble-parameter. (“Hubble-constante”) 8/55
  • 9.
    The story sofar.. Het is van cruciaal belang waaruit het heelal bestaat! stof (t ) 1 a (t )3 straling (t ) 1 a (t ) 4 9/55
  • 10.
  • 11.
  • 12.
    De schaalfactor vanhet heelal Volgende stap: we willen twee vergelijkingen vinden die iets over a(t) en ρ(t) zeggen. • Continuïteitsvergelijking • Friedmannvergelijking 12/55
  • 13.
    Continuïteitsvergelijking Een belangrijke thermodynamischewet (zie volgend uur) geeft een verband tussen volumetoename en energieafname: E Gevolg: P V d dt 1 da 3 ( a dt P) 0 BORD 13/55
  • 14.
    Friedmannvergelijking H 2 8 G 3 k c2 a2 Deafleiding gebruikt lastige algemene relativiteitstheorie. Voor de interpretatie: schrijf de vergelijking als da dt 2 8 G 3 a2 k c2 BORD 14/55
  • 15.
    Friedmannvergelijking da dt 2 8 G 3 a2 k c2 •Term 1: kinetische energie • Term 2: potentiële energie • Term 3: constante totale energie 15/55
  • 16.
  • 17.
    Friedmannvergelijking da dt 2 8 G 3 a2 k=-1: • Rechterkantpositief • Meer kinetische dan potentiële energie • Heelal blijft uitdijen! k c2 k=+1 k=-1 k=0 17/55
  • 18.
    Friedmannvergelijking da dt 2 8 G 3 a2 k c2 k=+1: k=+1 k=-1 •Rechterkant negatief • Meer potentiële dan k=0 kinetische energie • Heelal stort in! (“Big Crunch”) 18/55
  • 19.
    Friedmannvergelijking da dt 2 8 G 3 a2 k c2 k=0: k=+1 k=-1 •Rechterkant nul • Evenveel potentiële k=0 en kinetische energie • Heelal dijt steeds trager uit. 19/55
  • 20.
    De schaalfactor vanhet heelal Met wat rekenwerk (zie syllabus) vinden we uit de Friedmannvergelijking en de continuïteitsvergelijking ook: 1 d 2a a d t2 4 G ( 3 3P) • Hangt niet van k af. • Beschrijft de versnelling van de uitdijing 20/55
  • 21.
    De schaalfactor vanhet heelal 1 d 2a a d t2 4 G ( 3 3P) • Uitdijing van het heelal vertraagt • (Tenzij er materie met negatieve druk bestaat… Zie later!) • Druk draagt bij aan het vertragen! (want druk zorgt voor energie=massa) 21/55
  • 22.
  • 23.
    Ons eigen heelal Genoegalgemeenheden… Hoe ziet dit alles in ons eigen heelal eruit? • Open? Gesloten? Vlak? • Is de uitdijing inderdaad vertraagd? • Hoe gedraagt a(t) zich? 23/55
  • 24.
    Ons eigen heelal Friedmannvergelijking: H2 8G 3 k c2 a2 Oftewel: k c2 a2H 2 8 G 3H 2 1 24/55
  • 25.
    Ons eigen heelal kc2 a2H 2 8 G 3H 2 1 Vergelijken van ρ met de kritieke dichtheid crit 3H 2 8 G bepaalt het teken van k! 25/55
  • 26.
    Ons eigen heelal Waarnemingenaan zichtbare materie: De dichtheid lijkt zo’n 4% van de kritieke dichtheid. Open heelal (k<1)? 26/55
  • 27.
    Ons eigen heelal Uitmetingen aan de achtergrondstraling kunnen we ook de dichtheid bepalen. De dichtheid lijkt dan vrijwel gelijk aan de kritieke dichtheid! 27/55 Vlak heelal (k=0)?
  • 28.
    Ons eigen heelal Ditroept allerlei vragen op: • Waarom zien we 96% van de materie niet? • Een vlak heelal is instabiel. Waarom is het heelal nu nog zo enorm vlak? 28/55
  • 29.
    Ons eigen heelal •Waarom zien we 96% van de materie niet? • Donkere energie / donkere materie • Een vlak heelal is instabiel. Waarom is het heelal nu nog zo enorm vlak? • Inflatie Meer hierover in het laatste college! 29/55
  • 30.
    Ons eigen heelal Friedmannvergelijking: 8G 3 H2 k c2 a2 In een vlak heelal (k=0): H 2 8 G 3 30/55
  • 31.
    Ons eigen heelal H 2 8G 3 Neem nu aan dat de schaalfactor als een macht groeit: a tq We kunnen dan voor zowel stof als straling de gevolgen berekenen. 31/55
  • 32.
    Ons eigen heelal Stof: • • • • P=0 Dichtheidρ gaat als a-3 Schaalfactor a gaat als t2/3 H=2/(3t) BORD 32/55
  • 33.
    Ons eigen heelal Straling: • • • • P=ρ/3 Dichtheidρ gaat als a-4 Schaalfactor a gaat als t1/2 H=1/(2t) BORD 33/55
  • 34.
    Ons eigen heelal •Voor straling gaat ρ als 1/a4 • Voor stof gaat ρ als 1/a3 Gevolg: in het vroege heelal domineerde de straling; nu het stof. Uit H=2/(3t) volgt tnu=2/(3Hnu). Resultaat: 9 miljard jaar… 34/55
  • 35.
    Ons eigen heelal Deoplossing volgde uit waarnemingen aan supernova’s. Het heelal dijt versneld uit! 35/55
  • 36.
    Ons eigen heelal Maar…dat kan alleen als er een vorm van materie met negatieve druk is! 1 d 2a a d t2 4 G ( 3 3P) Een “achtergrondmedium” met negatieve druk blijkt niet onmogelijk: de kosmologische constante. 36/55
  • 37.
    Ons eigen heelal Alsdie kosmologische constante bestaat zou die zo’n 73% van de kritieke dichtheid moeten bevatten – het totaal komt dan dus mooi in de buurt van de 100%. Meer hierover in het laatste college. 37/55
  • 38.
  • 39.
  • 40.
    Thermodynamica Vlak na deOerknal was het heelal gevuld met een heet, dicht plasma in thermisch evenwicht – de “oersoep”. We kunnen dit plasma goed beschrijven als een ideaal gas: een gas van puntdeeltjes. 40/55
  • 41.
    Thermodynamica De druk Pvan een gas is gedefinieerd als de kracht per oppervlakte-eenheid: F P A Er is een verband tussen druk en de totale kinetische energie van de gasdeeltjes: PV 2 total Ekin 3 BORD 41/55
  • 42.
    Thermodynamica Temperatuur is eenbelangrijke grootheid in de thermodynamica. Definitie: E 1 kBT 2 <E> is de gemiddelde energie per vrijheidsgraad. (Bewegingsrichting, rotatierichting, enz ovoort.) “Equipartitie” 42/55
  • 43.
    Thermodynamica E 1 kBT 2 • Nulpunt vantemperatuur bij -273.15 graden. Verschoven schaal: Kelvin. • De verhouding heet de constante van Boltzmann, kB=1.38 x 10-23 J/K. • De factor ½ wordt later duidelijk. 43/55
  • 44.
    Thermodynamica E 1 kBT 2 …per vrijheidsgraad, dusper deeltje in een ideaal gas: E 3 kBT 2 Ideale-gaswet: PV 2 total Ekin 3 PV N kB T 44/55
  • 45.
    Thermodynamica Warmte is deenergie die wordt overgedragen tussen twee systemen die niet in thermisch evenwicht zijn. T1 Q T2 45/55
  • 46.
    Thermodynamica Daarnaast zal hetene systeem vaak arbeid op het andere verrichten: W T1 Q T2 46/55
  • 47.
  • 48.
  • 49.
    Thermodynamica De maximaal beschikbarewarmte blijkt proportioneel te zijn met de temperatuur: Qm ax T S S heet de entropie van het systeem. Voor de daadwerkelijk uitgewisselde warmte Q geldt dus: Q T S 49/55
  • 50.
    Thermodynamica Totale energieoverdracht: E QW Q T S W E T S P V P V Eerste hoofdwet van de thermodynamica 50/55
  • 51.
    Thermodynamica E T S PV Gebruikt in het vorige college om de continuïteitsvergelijking af te leiden. Het heelal is in thermisch evenwicht, dus ΔS=0: E P V 51/55
  • 52.
    Thermodynamica Entropie blijkt ookeen microscopische beschrijving te hebben: S k B ln W W is het “aantal” microscopische toestanden dat het macroscopische systeem beschrijft. 52/55
  • 53.
    Thermodynamica S k Bln W Historisch kwam deze formule eerst, vandaar de ½ in de formule voor <E>. Vanwege de statistische interpretatie dS geldt: 0 dt Tweede hoofdwet van de 53/55
  • 54.
    Thermodynamica Bijvoorbeeld: • • • • Een glas breekt Eenkop thee koelt af Mensen worden oud Kamers worden een troep Als een systeem niet geïsoleerd is, kun je energie gebruiken om S weer te laten afnemen. 54/55
  • 55.
    Van de oerknalnaar het leven Vijfde college: Dinsdag 11:00-13:00 C0.05 55/55