Welkom
Voorganger dhr Lowijs
Organist Johannes de Vries
Thema: ‘Iedereen is welkom bij Jezus’
VDD ELB 313
Heer, ik geef…
Heer, ik geef me aan U volkomen (EL 313) t. A.C. Bondam; m. L. Mason
Heer, ik geef me aan U volkomen (EL 313) t. A.C. Bondam; m. L. Mason
Heer, ik geef me aan U volkomen (EL 313) t. A.C. Bondam; m. L. Mason
Heer, ik geef me aan U volkomen (EL 313) t. A.C. Bondam; m. L. Mason
Heer, ik geef me aan U volkomen (EL 313) t. A.C. Bondam; m. L. Mason
Heer, ik geef me aan U volkomen (EL 313) t. A.C. Bondam; m. L. Mason
Heer, ik geef me aan U volkomen (EL 313) t. A.C. Bondam; m. L. Mason
Heer, ik geef me aan U volkomen (EL 313) t. A.C. Bondam; m. L. Mason
Heer, ik geef me aan U volkomen (EL 313) t. A.C. Bondam; m. L. Mason
Welkom
Voorganger dhr Lowijs
Organist Johannes de Vries
Thema: ‘Iedereen is welkom bij Jezus’
P 122 – 1, 3
Hoe sprong mijn hart …
Psalm 122 (LvdK) t. K. Heeroma; m. L. Bourgeois 1551
Psalm 122 (LvdK) t. K. Heeroma; m. L. Bourgeois 1551
Psalm 122 (LvdK) t. K. Heeroma; m. L. Bourgeois 1551
Psalm 122 (LvdK) t. K. Heeroma; m. L. Bourgeois 1551
Psalm 122 (LvdK) t. K. Heeroma; m. L. Bourgeois 1551
Psalm 122 (LvdK) t. K. Heeroma; m. L. Bourgeois 1551
Stil gebed
Votum en groet
Ere zij de Vader en de Zoon
En de Heilige Geest,
Als in den beginne, nu en immer,
En van eeuwigheid tot eeuwigheid.
Amen.
JdH 575 – 1, 2, 4, 6
Ik heb een Heiland,
Die leeft om te bidden.
1. Ik heb een Heiland,
Die leeft om te bidden.
O vrienden, die Heiland,
Hij bidt ook voor u;
Hij is met zijn Geest
nu ook zeeg´nend in ons midden,
en klopt aan uw hart,
roepend: opent Mij nu!"
Refrein:
O, hoort naar Zijn bede,
o, hoort naar Zijn bede,
o, hoort naar Zijn bede,
Zijn bede geldt u!
2. Ik heb een Vader,
Hij schonk mij het leven,
Hij gaf mij Zijn Zoon,
ja, ´k weet nu, Hij is mijn!
Kom, vriend, ga met mij,
ook voor u is Hij gegeven;
als straks de bazuin klinkt,
waar zult u dan zijn?
Refrein:
O, hoort naar Zijn bede,
o, hoort naar Zijn bede,
o, hoort naar Zijn bede,
Zijn bede geldt u!
4. Zo u door Jezus
verlost bent van zonden,
en ´t dienen van God,
onverdeeld, is uw keus,
ga dan aan de wereld
Zijn liefde luid verkonden;
"gered om te redden",
maak dat tot uw leus.
Refrein:
O, hoort naar Zijn bede,
o, hoort naar Zijn bede,
o, hoort naar Zijn bede,
Zijn bede geldt u!
6. Ik heb een Trooster
en Leidsman verkregen,
de Heilige Geest,
als een licht op mijn pad;
Hij leidt mij steeds veilig
langs ruw´ en duist´re wegen,
kent u ook die gids
naar de hemelse stad?
Refrein:
O, hoort naar Zijn bede,
o, hoort naar Zijn bede,
o, hoort naar Zijn bede,
Zijn bede geldt u!
Gebed
Lezen Ezechiël 48 : 30 t/m 35 en
Openbaring 21 : 9-17 en 22-27
De heilige stad
30 Dit zijn de omtrekken van de
stad. Aan de noordkant meet ze
4500 el. 31 De poorten van de stad
zijn genoemd naar de stammen
van Israël.
Er zijn drie poorten op het
noorden: de Rubenpoort, de
Judapoort en de Levipoort.32 Aan
de oostkant 4500 el, met
drie poorten: de Jozefpoort, de
Benjaminpoort en de Danpoort.
33 De zuidkant meet 4500 el, met
drie poorten:
de Simeonpoort, de
Issacharpoort en de
Zebulonpoort.
34 De westkant 4500 el, met deze
drie poorten: de Gadpoort, de
Aserpoort en de Naftalipoort.
35 De omtrek van de stad bedraagt
18.000 el.
Voortaan heet de stad:
‘De HEER is daar!’
Lezen
Openbaring 21 : 9-17 en 22-27
9 Een van de zeven engelen met de
offerschalen die gevuld waren
met de laatste zeven plagen kwam
op me af en zei: ‘Ik wil je de bruid
laten zien, de vrouw van het
lam.’ 10 Ik raakte in vervoering, en
hij nam mij mee naar een heel
hoge berg en liet me
de heilige stad Jeruzalem zien,
die uit de hemel neerdaalde, bij
God vandaan.
11 De stad schitterde door Gods
luister, met een schittering als
van een edelsteen, als een
kristalheldere jaspis. 12 Ze had
een grote, hoge muur met
twaalf poorten en bij
elke poort stond een engel. Op
de poorten waren namen
geschreven: de namen van
de twaalf stammen van Israëls
zonen.
13 Vanuit het oosten gezien waren
er drie poorten, vanuit het
noorden drie, vanuit het zuiden
drie en vanuit het westen
drie. 14 De stadsmuur had twaalf
grondstenen, met daarop de
namen van de
twaalf apostelen van het lam.
15 Degene die met mij sprak had
een gouden meetstok om
daarmee de stad, de poorten en
de muur op te meten. 16 De stad
was vierkant, even lang als breed.
Hij mat de stad met zijn
meetstok:
twaalfduizend stadie, zowel in de
lengte als in de breedte en in de
hoogte. 17 Hij mat de stadsmuur:
honderdvierenveertig el, in
gewone mensenmaat, die ook
engelenmaat is.
22 Maar een tempel zag ik niet in
de stad, want God, de Heer, de
Almachtige, is haar tempel, met
het lam. 23 De stad heeft het licht
van de zon en de maan niet nodig:
over haar schijnt Gods luister, en
het lam is haar licht. 24 De volken
zullen in haar licht leven en de
koningen op aarde betuigen daar
hun lof.
25 De poorten zullen overdag
nooit gesloten worden, en nacht
zal het er niet meer zijn. 26 De
volken zullen in haar hun lof en
eer komen betuigen.
27 Maar alles wat verwerpelijk is
en iedereen die zich met
gruwelijke dingen en leugens
inlaat, komt de stad niet binnen,
alleen zij die in het boek van het
leven staan, het boek van het lam.
JdH 890
Ieder uur, ied’re stap
Ieder uur, iedere stap
brengt ons nader
Bij de grens van leven en dood
Heeft de Heiland uw paspoort
getekend
Met Zijn bloed dat Hij reddend
vergoot?
Nog is het tijd
De Heer geeft genâ
De toegang is vrij door Golgotha
Jezus ging voor
Hij wacht aan de grens
Is uw paspoort getekend, o mens?
Gij kunt zelf de tol niet betalen
Zilver en goud verliest daar zijn
macht
Slechts het kruis in uw paspoort
geeft toegang
Tot het land waar de Heiland u wacht
Nog is het tijd
De Heer geeft genâ
De toegang is vrij door Golgotha
Jezus ging voor
Hij wacht aan de grens
Is uw paspoort getekend, o mens?
Het is nu het uur der beslissing
Bij de grens begint het gericht.
O, geloof in de Heiland Uw redder
En Hij voert U naar ’t eeuwige licht
Nog is het tijd
De Heer geeft genâ
De toegang is vrij door Golgotha
Jezus ging voor
Hij wacht aan de grens
Is uw paspoort getekend, o mens?
‘Iedereen is welkom bij
Jezus’
Opw 263
Er is een Verlosser
Er is een Verlosser (Opw 263) t. & m. M. Green; v. A. Muurling
Er is een Verlosser (Opw 263) t. & m. M. Green; v. A. Muurling
Er is een Verlosser (Opw 263) t. & m. M. Green; v. A. Muurling
Er is een Verlosser (Opw 263) t. & m. M. Green; v. A. Muurling
Er is een Verlosser (Opw 263) t. & m. M. Green; v. A. Muurling
Dankgebed
Collecte
1ste jeugdwerk, 2de kerk
JdH 19
‘k Ben reizend naar die stad
'k Ben reizend naar die stad,
waar Christus 't licht zal zijn,
om eeuwig daar te zijn bij hem,
bevrijd van zorg en pijn.
Geen smart meer daar omhoog,
geen smart meer daar omhoog;
God Zelf wist daar de tranen droog,
geen smart meer daar omhoog.
Al 't schoon op aarde kleeft,
de vloek der zonde aan,
maar in die reine stad kan nooit,
de zonde binnengaan.
Geen smart meer daar omhoog,
geen smart meer daar omhoog;
God Zelf wist daar de tranen droog,
geen smart meer daar omhoog.
Daar is geen dood, geen rouw,
geen leed, geen zielsangst meer;
maar eeuw'ge blijdschap
wacht de ziel
daarboven bij de Heer.
Geen smart meer daar omhoog,
geen smart meer daar omhoog;
God Zelf wist daar de tranen droog,
geen smart meer daar omhoog.
Daar is de strijd voorbij,
daar wacht de gloriekroon;
daar vindt de ware strijder rust,
en God Zelf is zijn loon.
Geen smart meer daar omhoog,
geen smart meer daar omhoog;
God Zelf wist daar de tranen droog,
geen smart meer daar omhoog.
Zegenbede
3 x amen
20150705, 19.00

20150705, 19.00

  • 1.
    Welkom Voorganger dhr Lowijs OrganistJohannes de Vries Thema: ‘Iedereen is welkom bij Jezus’
  • 2.
  • 3.
    Heer, ik geefme aan U volkomen (EL 313) t. A.C. Bondam; m. L. Mason
  • 4.
    Heer, ik geefme aan U volkomen (EL 313) t. A.C. Bondam; m. L. Mason
  • 5.
    Heer, ik geefme aan U volkomen (EL 313) t. A.C. Bondam; m. L. Mason
  • 6.
    Heer, ik geefme aan U volkomen (EL 313) t. A.C. Bondam; m. L. Mason
  • 7.
    Heer, ik geefme aan U volkomen (EL 313) t. A.C. Bondam; m. L. Mason
  • 8.
    Heer, ik geefme aan U volkomen (EL 313) t. A.C. Bondam; m. L. Mason
  • 9.
    Heer, ik geefme aan U volkomen (EL 313) t. A.C. Bondam; m. L. Mason
  • 10.
    Heer, ik geefme aan U volkomen (EL 313) t. A.C. Bondam; m. L. Mason
  • 11.
    Heer, ik geefme aan U volkomen (EL 313) t. A.C. Bondam; m. L. Mason
  • 12.
    Welkom Voorganger dhr Lowijs OrganistJohannes de Vries Thema: ‘Iedereen is welkom bij Jezus’
  • 13.
    P 122 –1, 3 Hoe sprong mijn hart …
  • 14.
    Psalm 122 (LvdK)t. K. Heeroma; m. L. Bourgeois 1551
  • 15.
    Psalm 122 (LvdK)t. K. Heeroma; m. L. Bourgeois 1551
  • 16.
    Psalm 122 (LvdK)t. K. Heeroma; m. L. Bourgeois 1551
  • 17.
    Psalm 122 (LvdK)t. K. Heeroma; m. L. Bourgeois 1551
  • 18.
    Psalm 122 (LvdK)t. K. Heeroma; m. L. Bourgeois 1551
  • 19.
    Psalm 122 (LvdK)t. K. Heeroma; m. L. Bourgeois 1551
  • 20.
    Stil gebed Votum engroet Ere zij de Vader en de Zoon En de Heilige Geest, Als in den beginne, nu en immer, En van eeuwigheid tot eeuwigheid. Amen.
  • 21.
    JdH 575 –1, 2, 4, 6 Ik heb een Heiland, Die leeft om te bidden.
  • 22.
    1. Ik hebeen Heiland, Die leeft om te bidden. O vrienden, die Heiland, Hij bidt ook voor u; Hij is met zijn Geest nu ook zeeg´nend in ons midden, en klopt aan uw hart, roepend: opent Mij nu!"
  • 23.
    Refrein: O, hoort naarZijn bede, o, hoort naar Zijn bede, o, hoort naar Zijn bede, Zijn bede geldt u!
  • 24.
    2. Ik hebeen Vader, Hij schonk mij het leven, Hij gaf mij Zijn Zoon, ja, ´k weet nu, Hij is mijn! Kom, vriend, ga met mij, ook voor u is Hij gegeven; als straks de bazuin klinkt, waar zult u dan zijn?
  • 25.
    Refrein: O, hoort naarZijn bede, o, hoort naar Zijn bede, o, hoort naar Zijn bede, Zijn bede geldt u!
  • 26.
    4. Zo udoor Jezus verlost bent van zonden, en ´t dienen van God, onverdeeld, is uw keus, ga dan aan de wereld Zijn liefde luid verkonden; "gered om te redden", maak dat tot uw leus.
  • 27.
    Refrein: O, hoort naarZijn bede, o, hoort naar Zijn bede, o, hoort naar Zijn bede, Zijn bede geldt u!
  • 28.
    6. Ik hebeen Trooster en Leidsman verkregen, de Heilige Geest, als een licht op mijn pad; Hij leidt mij steeds veilig langs ruw´ en duist´re wegen, kent u ook die gids naar de hemelse stad?
  • 29.
    Refrein: O, hoort naarZijn bede, o, hoort naar Zijn bede, o, hoort naar Zijn bede, Zijn bede geldt u!
  • 30.
  • 31.
    Lezen Ezechiël 48: 30 t/m 35 en Openbaring 21 : 9-17 en 22-27
  • 32.
    De heilige stad 30Dit zijn de omtrekken van de stad. Aan de noordkant meet ze 4500 el. 31 De poorten van de stad zijn genoemd naar de stammen van Israël.
  • 33.
    Er zijn driepoorten op het noorden: de Rubenpoort, de Judapoort en de Levipoort.32 Aan de oostkant 4500 el, met drie poorten: de Jozefpoort, de Benjaminpoort en de Danpoort. 33 De zuidkant meet 4500 el, met drie poorten:
  • 34.
    de Simeonpoort, de Issacharpoorten de Zebulonpoort. 34 De westkant 4500 el, met deze drie poorten: de Gadpoort, de Aserpoort en de Naftalipoort. 35 De omtrek van de stad bedraagt 18.000 el. Voortaan heet de stad: ‘De HEER is daar!’
  • 35.
    Lezen Openbaring 21 :9-17 en 22-27
  • 36.
    9 Een vande zeven engelen met de offerschalen die gevuld waren met de laatste zeven plagen kwam op me af en zei: ‘Ik wil je de bruid laten zien, de vrouw van het lam.’ 10 Ik raakte in vervoering, en hij nam mij mee naar een heel hoge berg en liet me de heilige stad Jeruzalem zien, die uit de hemel neerdaalde, bij God vandaan.
  • 37.
    11 De stadschitterde door Gods luister, met een schittering als van een edelsteen, als een kristalheldere jaspis. 12 Ze had een grote, hoge muur met twaalf poorten en bij elke poort stond een engel. Op de poorten waren namen geschreven: de namen van de twaalf stammen van Israëls zonen.
  • 38.
    13 Vanuit hetoosten gezien waren er drie poorten, vanuit het noorden drie, vanuit het zuiden drie en vanuit het westen drie. 14 De stadsmuur had twaalf grondstenen, met daarop de namen van de twaalf apostelen van het lam.
  • 39.
    15 Degene diemet mij sprak had een gouden meetstok om daarmee de stad, de poorten en de muur op te meten. 16 De stad was vierkant, even lang als breed. Hij mat de stad met zijn meetstok:
  • 40.
    twaalfduizend stadie, zowelin de lengte als in de breedte en in de hoogte. 17 Hij mat de stadsmuur: honderdvierenveertig el, in gewone mensenmaat, die ook engelenmaat is.
  • 41.
    22 Maar eentempel zag ik niet in de stad, want God, de Heer, de Almachtige, is haar tempel, met het lam. 23 De stad heeft het licht van de zon en de maan niet nodig: over haar schijnt Gods luister, en het lam is haar licht. 24 De volken zullen in haar licht leven en de koningen op aarde betuigen daar hun lof.
  • 42.
    25 De poortenzullen overdag nooit gesloten worden, en nacht zal het er niet meer zijn. 26 De volken zullen in haar hun lof en eer komen betuigen.
  • 43.
    27 Maar alleswat verwerpelijk is en iedereen die zich met gruwelijke dingen en leugens inlaat, komt de stad niet binnen, alleen zij die in het boek van het leven staan, het boek van het lam.
  • 44.
    JdH 890 Ieder uur,ied’re stap
  • 45.
    Ieder uur, iederestap brengt ons nader Bij de grens van leven en dood Heeft de Heiland uw paspoort getekend Met Zijn bloed dat Hij reddend vergoot?
  • 46.
    Nog is hettijd De Heer geeft genâ De toegang is vrij door Golgotha Jezus ging voor Hij wacht aan de grens Is uw paspoort getekend, o mens?
  • 47.
    Gij kunt zelfde tol niet betalen Zilver en goud verliest daar zijn macht Slechts het kruis in uw paspoort geeft toegang Tot het land waar de Heiland u wacht
  • 48.
    Nog is hettijd De Heer geeft genâ De toegang is vrij door Golgotha Jezus ging voor Hij wacht aan de grens Is uw paspoort getekend, o mens?
  • 49.
    Het is nuhet uur der beslissing Bij de grens begint het gericht. O, geloof in de Heiland Uw redder En Hij voert U naar ’t eeuwige licht
  • 50.
    Nog is hettijd De Heer geeft genâ De toegang is vrij door Golgotha Jezus ging voor Hij wacht aan de grens Is uw paspoort getekend, o mens?
  • 51.
  • 52.
    Opw 263 Er iseen Verlosser
  • 53.
    Er is eenVerlosser (Opw 263) t. & m. M. Green; v. A. Muurling
  • 54.
    Er is eenVerlosser (Opw 263) t. & m. M. Green; v. A. Muurling
  • 55.
    Er is eenVerlosser (Opw 263) t. & m. M. Green; v. A. Muurling
  • 56.
    Er is eenVerlosser (Opw 263) t. & m. M. Green; v. A. Muurling
  • 57.
    Er is eenVerlosser (Opw 263) t. & m. M. Green; v. A. Muurling
  • 58.
  • 59.
  • 60.
    JdH 19 ‘k Benreizend naar die stad
  • 61.
    'k Ben reizendnaar die stad, waar Christus 't licht zal zijn, om eeuwig daar te zijn bij hem, bevrijd van zorg en pijn.
  • 62.
    Geen smart meerdaar omhoog, geen smart meer daar omhoog; God Zelf wist daar de tranen droog, geen smart meer daar omhoog.
  • 63.
    Al 't schoonop aarde kleeft, de vloek der zonde aan, maar in die reine stad kan nooit, de zonde binnengaan.
  • 64.
    Geen smart meerdaar omhoog, geen smart meer daar omhoog; God Zelf wist daar de tranen droog, geen smart meer daar omhoog.
  • 65.
    Daar is geendood, geen rouw, geen leed, geen zielsangst meer; maar eeuw'ge blijdschap wacht de ziel daarboven bij de Heer.
  • 66.
    Geen smart meerdaar omhoog, geen smart meer daar omhoog; God Zelf wist daar de tranen droog, geen smart meer daar omhoog.
  • 67.
    Daar is destrijd voorbij, daar wacht de gloriekroon; daar vindt de ware strijder rust, en God Zelf is zijn loon.
  • 68.
    Geen smart meerdaar omhoog, geen smart meer daar omhoog; God Zelf wist daar de tranen droog, geen smart meer daar omhoog.
  • 69.