Opdracht B: Visieop ICT
Onderwerp 1: Blended leren en hybride leren
Onder het begrip blended leren verstaan we het combineren van allerlei leerstijlen
zoals onlineles, klassikale lessen en coaching. Hybride leren is een manier om
studenten te ondersteunen bij de ontwikkeling van beroepskennis en een verbinding
te vormen tussen wat ze op school leren en wat ze op de werkplek leren. Deze 2
aspecten zitten verweven met elkaar. In de school kunnen deze leerstijlen veel
veranderingen met zich meebrengen. Er zal minder drukte zijn op bepaalde dagen,
want de lessenroosters zijn niet hetzelfde als de bachelor opleidingen. De cursussen
zullen ook anders moeten worden opgemaakt, want deze studenten zullen op kortere
tijd leerstof moeten verwerken. Dit zal een andere hoeveelheid zijn. Tijdens corona
heeft men gezien dat blended leren een enorm sterk leerproces is. De studenten
hadden dan enkel onlinelessen. Het begrip MOOC is een afkorting van massive open
online course. Dit is een cursus gericht op massale deelname. Deze wordt online
verspreid zodat elke student deze bij de hand heeft. Maar de studenten zijn niet
gebonden aan een bepaalde locatie.
Onderwerp 2: SAMR
Het SAMR is een model gericht op digitaliseren van materiaal of werkvormen. Het
helpt je om betere leeractiviteiten te ontwerpen. In mijn onderwijscontext is dit
bijvoorbeeld Toledo.
Een voorbeeld is een taak op papier. Als we dit digitaliseren tot op het niveau
Redefinition kunnen we spreken van een word-document om in samen te werken.
Onderwerp 3: T-pack
Het begrip T-pack staat voor Technological Pedagogical Content Knowledge. Dit is
een specifieke manier van de leerkracht om kennis en vaardigheden horend bij een
bepaald vak op een creatieve en enthousiaste manier te presenteren aan de leerling.
Dit met behulp van ICT. In lagere scholen loopt het vaak fout als een leerkracht
bepaalde zaken presenteert met behulp van media. Leerlingen willen direct ook zich
verdiepen in de media. Dit werkt vaak verslavend op deze leeftijd. Ik moet nog het
meest leerwinst ontdekken omtrent technologie.
Onderwerp 4: Eindtermen
Eindtermen is het pakket van kennis, inzichten en vaardigheden waarover de leerling
moet beschikken aan het eind van de opleiding. In het secundair onderwijs is er een
modernisering van het onderwijs gebeurd. Er zijn nieuwe leerdoelen vastgesteld en
een nieuw onderwijssysteem.
2.
Onderwerp 5: Vierin balans
Dit is een model dat bestaat uit 4 bouwstenen: de visie, de deskundigheid, de inhoud
en toepassingen en infrastructuur. Als de bouwstenen in balans zijn met elkaar, kan
de school de gewenste opbrengsten op gebied van ICT behalen. In vele scholen
loopt het vaak mis, omdat niet alle leerkrachten met ICT kunnen werken.
In een stageschool waar ik eerder stage liep heeft elke klas (inclusief kleuterklas) een
smartboard. Ik merkte dat niet elke leerkracht er even goed mee kon werken. Het
probleem is ook vaak de visie. Men wilt niet veranderen naar digitale zaken, omdat
men krijtborden enzovoort al gewoon is. Soms zijn die techniek gedreven
beslissingen toch nodig. Bijvoorbeeld: van krijtbord naar smartboard. Er gebeurt nu
eenmaal een modernisering en media evolueert.
Onderwerp 6: Fake news en clickbait
Er is veel fake news te vinden op sociale media. Van neutraal nieuws is vaak geen
sprake meer. Je merkt dit ook als je iets opzoekt dat Google aspecten voorstelt die
aan ons verwachtingen voldoen. Bijvoorbeeld: je kijkt vaak thrillers, dan zal je al snel
op Netflix een thriller krijgen als suggestie. Er bestaat ook deepfake nieuws. Dit is
audiovisuele versie van nepnieuws. Men gebruikt bestaande beelden die vervolgens
bewerkt en gemanipuleerd worden via kunstmatige intelligentie. Dit is vorm van
synthetische media. Dit verontrust mensen, want dit kan even goed met een tik tok
filmpje van jezelf gebeuren. We moeten kritisch naar beelden en sociale media
kijken. We mogen niet alles geloven wat we tegenkomen op sociale en media.
Onderwerp 7: Auteursrecht en plagiaat
Plagiaat is het werk overnemen van een ander persoon en jouw eigen naam erbij
zetten. Ook zonder bronvermelding. Plagiaat plegen is verboden en wordt streng
bestraft binnen onderwijs. Leerkrachten vergeten vaak een bron te vermelden, terwijl
dit noodzakelijk is. In hogescholen en universiteiten maakt men gebruik van
plagiaatscanners die plagiaat opsporen.
Onderwerp 8: Flipped classroom
Dit betekent letterlijk ‘’omgedraaide klas’’. Men wisstelt de klassikale instructies om
met individuele instructies. Men laat de leerlingen thuis online de klassikale
instructies volgen en het huiswerk maakt men samen in de klas.
In onze opleiding zou het leuk zijn om stage knutselactiviteiten voor te bereiden op
school in plaats van dit thuis te doen. De leraar maakt de filmpjes en plaatst ze
online. De rol van de leraar verandert, hij/zij moet niet enkel informatie zenden maar
krijgt ook meer tijd voor individuele aandacht, verdieping en activering. Ik denk dat dit
positief kan bijdragen aan het onderwijs in Vlaanderen, omdat men dan meer tijd kan
vrij maken voor het kind als ‘individu’. Bij corona was dit systeem gemakkelijk. De
leerlingen volgde de lessen thuis en het huiswerk ook.
3.
Onderwerp 9: Meeronthouden via schrijven in les dan typen op pc
Schrijven gaat trager dan typen op een computer. Daarom dat schrijven beter is om
meer informatie op te slaan in het geheugen. Je schrijft traag en denkt dus ook
langer na over wat je aan het schrijven bent. Bij typen gaat alles veel sneller. Men
kan vaak enorm snel typbeweging uitvoeren, waardoor men minder gaat nadenken
bij wat hij/zij schrijft. Met als gevolg dat men minder opslaat in het geheugen. De
leerkracht kan studenten ondervragen door hun de leerstof op verschillende
manieren te proberen begrijpen. Men kan tekst lezen, audiofragment beluisteren,…
Onderwerp 10: Webquests
Dit is een activerende en interactieve lesvorm. De informatie is vaak afkomstig uit
bronnen op internet. Het bestaat uit verschillende bouwstenen. Ten eerste is er een
inleiding. Vervolgens komt de opdracht. Daarna volgt de werkwijze. Hierna komt er
een pagina met informatiebronnen. Tenslotte nog de beoordelingspagina en
afsluitingspagina. Een voorbeeld is ‘’maak een museum’’ en bedenk een nieuw
museum dat nog nergens te zien is. Deze lesvorm is de basis voor levenslang leren.