Drie lagen Workflowlaag. Acties in de reële wereld Manuele acties. Acties met computerondersteuning. Functielaag. Taken die met de software uitgevoerd moeten kunnen worden. Functionele eisen. Domeinlaag. Structuur van het probleem.
Domeinlaag Structuur vanhet probleemgebied. Statische structuur: domeinobjecten (gegroepeerd in klassen), attributen, associaties. Dynamische structuur: business events.
6.
Statische domeinmodel Objecten.Objecten uit realiteit = bestaan ook zonder de software (boek, lid, uitlening, reservering, …). Geen software-objecten (button, databasetabel, drop-downlist, rapport). Gemodelleerd met een klassendiagram.
Dynamische domeinmodel Businessevents. Events uit de reële wereld, die ook zouden optreden zonder software: uitlenen, terugbrengen, verlengen, reserveren, CRE_Lid, END_Lid, Mod_Lid, Aankopen_Exemplaar. Atomaire wijzigingen aan domeinobjecten. Geen software-events (klikken, timer gaat af, …)
9.
Manuele taken encomputerondersteunde taken. Workflowlaag Rekken vullen Nieuw lid inschrijven Uitlening accepteren Functielaag Nieuw lid inschrijven Uitlening registreren