Efeziërs - 11
07-05-2022
het lot(deel) treft
ons in Christus
geheimenissen
verborgenheden
de verborgenheid
de verborgen dingen
zijn voor Jahweh onze
Elohim; de geopenbaarde
voor ons en onze zonen
tot de eon, zodat we al
de woorden van deze
wet doen Deut.29:29-30:6
de verborgen dingen
zijn niet voor Israël bestemd,
God geeft ze aan wie Hij wil
Deuteronomium 31:17
En Mijn kwaadheid is heet
tegen hen in die dag en Ik
zal hen verlaten en Mijn
aangezicht voor hen
verbergen en zij worden
verslonden en vele kwaden
en benauwdheden zullen
op hen komen; en zij zullen
zeggen in die dag: Is het niet
omdat onze Elohim niet in
ons midden is, dat deze
kwaden op ons kwamen?
En Ik zal verbergen, ja verbergen Mijn aangezicht in die dag vanwege al het
kwaad dat zij gedaan hebben, want zij hebben zich naar andere elohim
omgekeerd. Deuteronomium 31:18
tot de ballingschap
(Assyrië, Babel)
én 2000 jaar, 2 dagen,
2000 el
Deuteronomium 29
:28 ballingschap
:29 verborgen(heid)
--> Deuteronomium 31
:17,18 verbergen van
Jahwehs aangezicht
Deuteronomium 30
:1 belofte van omkeer
:2 bekering van Israël
:3 Hij zal terugkeren en
Israël bijeenbrengen
:4 verstrooiden terugkeer
:5 terugkeer in het land
:6 besnijdenis van hart
markeringen van
de verborgenheid:
1. Mattheüs 11:25,26
In dat moment antwoordde Jezus en zei: "Ik belijd U van harte Vader,
Heer van de hemel en van de aarde, dat U deze dingen verbergt voor wijzen
en intelligenten en ze onthult aan onmondigen.
Ja, Vader, dat het zo een welbehagen geworden is voor U.
markeringen van
de verborgenheid:
2. Mattheüs 13:10-14
Daarom spreek Ik tot
hen in gelijkenissen,
dat zij ziende niet zien,
zij horend niet horen
noch zij begrijpen.
markeringen van
de verborgenheid:
3. Lucas 19:41,42
En toen Hij naderde, de stad waargenomen hebbend, weende Hij over haar,
zeggend: "Indien jij ook zeker in deze dag geweten had, ook jij, wat tot jouw
vrede is - nu echter wordt het verborgen voor jouw ogen”
markeringen van
de verborgenheid:
4. Johannes 18:36
Jezus antwoordde: "Mijn koninkrijk is niet uit deze wereld. Indien Mijn
koninkrijk uit deze wereld was zouden Mijn onderhorigen ook strijden,
opdat Ik niet overgegeven zou worden aan de Joden.
Nu echter is Mijn koninkrijk niet van hier.
in de dagen van de stem van
de zevende boodschapper,
wanneer hij ook op het
punt staat te bazuinen, wordt
het geheimenis van God
ten einde -gebracht
markeringen van
de verborgenheid:
- het einde
5. Openbaring 10:7
‘de verborgenheid’
Israël onder de
wet tot de
kruisdood
geheimen/
gelijkenissen
koninkrijk der
hemelen
geheime
beheer
van
genade
geheimen/
gelijkenissen
koninkrijk der
hemelen
dag van
Jahweh /
Openbaring
”nu is het verborgen
voor jouw ogen”
Lucas 19:41,42
geheimenis...ten einde
Openbaring 10:7
alles wijst op de Gezalfde:
...voornam in Hem 1:9
...in de Christus...in Hem 1:10
...in Hem ook... 1:11
geestelijke zegen (Efeze 1:3)
...het al samen te vatten in de Christus,
zowel wat in de hemelen als wat op aarde is, in Hem
in Hem ook zijn wij door loting aangewezen
in Hem;
niet door Christus
ons gegeven,
het is uit God
in Hem ons
toebedeeld
door loting
aangewezen
in Hem
(klèromai)
het land door loting verdeeld:
‘op de mond van het lot’ (goral)
Numeri 26:55,56
urim: lichten (valt op...)
tummim: gaafheden (volkomen)
Exodus 28:30
Het lot wordt geworpen in de boezem,
maar van Jahweh is al Zijn oordeel.
Spreuken 16:33
loten:
- zondebok, Leviticus 16:8-10
- schuldigen, Jozua 7:14-18
- land, Jozua 14:1,2
- gekozene, 1 Samuël 10:19-21
- tempeldienst, 1 Kron.24:5-31
- plichten offerdienst, Neh.10:34
- apostel, Handelingen 1:23-26
urim: lichten
thummim:
gaafheden
jaarlijks verloten
van land Israël
1. dorpsbewoners en
akkerland in groepen
2. een hoofd/oudste
per groep
3. gemarkeerde stenen
in buidel gedaan
door de dorpsoudste
4. klein kind pakte de loten
(stenen) uit de buidel
5. de loten wezen aan
welk hoofd het stuk
land toebedeeld werd
6. de agrariërs kregen
wat het lot hun hoofd
hen toedeeld
7. de dorpsbewoner
kreeg later individueel
wat toegeloot werd
in Hem ook zijn wij door loting aangewezen
Efeziërs 1:11; Hebreeën 1:2
in Hem;
niet door Christus
ons gegeven,
het is uit God
in Hem ons
toebedeeld

20220507Ef11.pptx

  • 1.
    Efeziërs - 11 07-05-2022 hetlot(deel) treft ons in Christus
  • 2.
  • 3.
    de verborgen dingen zijnvoor Jahweh onze Elohim; de geopenbaarde voor ons en onze zonen tot de eon, zodat we al de woorden van deze wet doen Deut.29:29-30:6 de verborgen dingen zijn niet voor Israël bestemd, God geeft ze aan wie Hij wil
  • 4.
    Deuteronomium 31:17 En Mijnkwaadheid is heet tegen hen in die dag en Ik zal hen verlaten en Mijn aangezicht voor hen verbergen en zij worden verslonden en vele kwaden en benauwdheden zullen op hen komen; en zij zullen zeggen in die dag: Is het niet omdat onze Elohim niet in ons midden is, dat deze kwaden op ons kwamen?
  • 5.
    En Ik zalverbergen, ja verbergen Mijn aangezicht in die dag vanwege al het kwaad dat zij gedaan hebben, want zij hebben zich naar andere elohim omgekeerd. Deuteronomium 31:18 tot de ballingschap (Assyrië, Babel) én 2000 jaar, 2 dagen, 2000 el
  • 6.
    Deuteronomium 29 :28 ballingschap :29verborgen(heid) --> Deuteronomium 31 :17,18 verbergen van Jahwehs aangezicht Deuteronomium 30 :1 belofte van omkeer :2 bekering van Israël :3 Hij zal terugkeren en Israël bijeenbrengen :4 verstrooiden terugkeer :5 terugkeer in het land :6 besnijdenis van hart
  • 7.
    markeringen van de verborgenheid: 1.Mattheüs 11:25,26 In dat moment antwoordde Jezus en zei: "Ik belijd U van harte Vader, Heer van de hemel en van de aarde, dat U deze dingen verbergt voor wijzen en intelligenten en ze onthult aan onmondigen. Ja, Vader, dat het zo een welbehagen geworden is voor U.
  • 8.
    markeringen van de verborgenheid: 2.Mattheüs 13:10-14 Daarom spreek Ik tot hen in gelijkenissen, dat zij ziende niet zien, zij horend niet horen noch zij begrijpen.
  • 9.
    markeringen van de verborgenheid: 3.Lucas 19:41,42 En toen Hij naderde, de stad waargenomen hebbend, weende Hij over haar, zeggend: "Indien jij ook zeker in deze dag geweten had, ook jij, wat tot jouw vrede is - nu echter wordt het verborgen voor jouw ogen”
  • 10.
    markeringen van de verborgenheid: 4.Johannes 18:36 Jezus antwoordde: "Mijn koninkrijk is niet uit deze wereld. Indien Mijn koninkrijk uit deze wereld was zouden Mijn onderhorigen ook strijden, opdat Ik niet overgegeven zou worden aan de Joden. Nu echter is Mijn koninkrijk niet van hier.
  • 11.
    in de dagenvan de stem van de zevende boodschapper, wanneer hij ook op het punt staat te bazuinen, wordt het geheimenis van God ten einde -gebracht markeringen van de verborgenheid: - het einde 5. Openbaring 10:7
  • 12.
    ‘de verborgenheid’ Israël onderde wet tot de kruisdood geheimen/ gelijkenissen koninkrijk der hemelen geheime beheer van genade geheimen/ gelijkenissen koninkrijk der hemelen dag van Jahweh / Openbaring ”nu is het verborgen voor jouw ogen” Lucas 19:41,42 geheimenis...ten einde Openbaring 10:7
  • 14.
    alles wijst opde Gezalfde: ...voornam in Hem 1:9 ...in de Christus...in Hem 1:10 ...in Hem ook... 1:11 geestelijke zegen (Efeze 1:3)
  • 15.
    ...het al samente vatten in de Christus, zowel wat in de hemelen als wat op aarde is, in Hem
  • 16.
    in Hem ookzijn wij door loting aangewezen in Hem; niet door Christus ons gegeven, het is uit God in Hem ons toebedeeld
  • 17.
    door loting aangewezen in Hem (klèromai) hetland door loting verdeeld: ‘op de mond van het lot’ (goral) Numeri 26:55,56
  • 18.
    urim: lichten (valtop...) tummim: gaafheden (volkomen) Exodus 28:30
  • 19.
    Het lot wordtgeworpen in de boezem, maar van Jahweh is al Zijn oordeel. Spreuken 16:33
  • 20.
    loten: - zondebok, Leviticus16:8-10 - schuldigen, Jozua 7:14-18 - land, Jozua 14:1,2 - gekozene, 1 Samuël 10:19-21 - tempeldienst, 1 Kron.24:5-31 - plichten offerdienst, Neh.10:34 - apostel, Handelingen 1:23-26 urim: lichten thummim: gaafheden
  • 21.
    jaarlijks verloten van landIsraël 1. dorpsbewoners en akkerland in groepen 2. een hoofd/oudste per groep 3. gemarkeerde stenen in buidel gedaan door de dorpsoudste 4. klein kind pakte de loten (stenen) uit de buidel
  • 22.
    5. de lotenwezen aan welk hoofd het stuk land toebedeeld werd 6. de agrariërs kregen wat het lot hun hoofd hen toedeeld 7. de dorpsbewoner kreeg later individueel wat toegeloot werd
  • 23.
    in Hem ookzijn wij door loting aangewezen Efeziërs 1:11; Hebreeën 1:2 in Hem; niet door Christus ons gegeven, het is uit God in Hem ons toebedeeld