Allen nu diehet hoorden
waren ontsteld en zeiden:
‘Is dit niet hij die in
Jeruzalem verwoest heeft
wie deze Naam aanriepen?
En hiertoe was hij hier
gekomen, opdat hij hen
gebonden zou leiden naar
de overpriesters."
Handelingen 9:21
3.
9:20 : meteenpredikte hij -->
zonder overleg met
de twaalf in Jeruzalem
9:21 – 9:22 interval ± 3 jaar
Galaten 1:15-17 in Arabië
niet gemeld i.v.m. doel Handelingen;
Paulus’ dienst in koninkrijksevangelie
de dubbele bediening
van Paulus
4.
Saulus nu werdeerder krachtig gemaakt en bracht de Joden die in
Damascus woonden in verwarring, afleidend dat Deze de Christus is.
Handelingen 9:22
afleidend:
uit Tenach
5.
Toen echter eenaanzienlijk aantal dagen voltooid waren
beraadslaagden* de Joden hem te doden. Ha. 9:23
beraadslaagden*
Mt.26:4; Joh.11:53;
18:14; Op.3:18
(sumbouleuo)
6.
Bij Saulus werdhun complot echter bekend. Nu hielden zij ook de
poorten nauwgezet in de gaten, zowel overdag als 's nachts,
zodat zij hem zouden doden. Handelingen 9:24
complot = samenzwering, intrige
(epiboulè) Ha.20:3,19; 23:30
7.
De leerlingen echter,hem
's nachts nemend, lieten
hem door de stadsmuur
neer, hem neerlatend in
een mand.
Handelingen 9:25
In Damascus bewaarde de landvoogd van
Aretas, de koning, de stad van de
Damasceners verzekerd, omdat hij mij wilde
pakken, en ik werd door een raam in een
tenen mand neergelaten, door de stadsmuur,
en ik ontsnapte aan zijn handen. 2 Cor.11:32,33
8.
En aankomend inJeruzalem probeerde hij zich aan te
sluiten bij de discipelen; en allen vreesden hem, niet
gelovend dat hij een discipel was. Handelingen 9:26
9.
Barnabas ecnu namhem op, leidde hem naar de apostelen toe en vertelde
hen hoe hij onderweg de Heer gezien had en dat Hij tot hem gesproken
had, en hoe hij in Damascus vrijmoedig was geweest in de naam van Jezus.
Handelingen 9:27
Barnabas: zoon van vertroosting
apostelen: de twaalf
Damascus – Syrië
vrijmoedig: alles-zeggen
10.
En hij gingmet hen naar binnen en uit in Jeruzalem, sprak vrijmoedig
in de naam van de Heer Jezus, en redetwistte ook met de hellenisten.
Zij nu trachtten (probeerden) hem te doden. Handelingen 9:28,29
Hellenisten: Joden die
griekse cultuur overnamen
ook ‘Hebreeën’ spraken
Grieks – cultuur niet over.
11.
Dat nu herkennendbrachten
de broeders hem naar
Caesarea en zonden hem
naar Tarsus. Handelingen 9:30
Caesarea
12.
de uitgeroepen gemeente
danin geheel Judea en
Galilea en Samaria had
inderdaad vrede;
opgebouwd en bezig
zijnd in de vrees van de
Heer en van de
vertroosting van de
heilige geest, vermeerderde.
Handelingen 9:31 vrede opbouw
de vrees
van de Heer
vertroosting van de
heilige geest
--> zegen van het nieuwe verbond
uitgeroepen gemeente
= koninkrijksekklesia
13.
Het gebeurde nudat Petrus door alle plaatsen kwam,
ook afdaalde naar de heiligen, die Lydda bewoonden.
Handelingen 9:32
leider van de besnijdenis-
apostelen reist door de
gebieden waar evangelie
van het koninkrijk kwam
14.
Aeneas = lofprijzing
8= nieuw begin
verwijzing = besnijdenis
verlamd (zonde)
beeld van Joodse volk
Hij vond daar nu een zeker mens met de naam Aeneas, die
verlamd was, uit acht jaren neerlag op een draagbaar.
Handelingen 9:33
15.
En tot hemzei Petrus: "Aeneas, Hij heelt jou, Jezus Christus!
Sta op en spreid zelf je draagbaar!" En meteen* staat hij op.
Handelingen 9:34
helen: heel maken
Jezus Christus’ werk
16.
Saron: vlakte, mogelijk
vanjashar = recht maken
En allen die Lydda en Saron bewoonden,
die omkeerden naar de Heer, zagen hem zelf. Handelingen 9:35
ׁשרון