Rrl hoofdstuk 3
Upcoming SlideShare
Loading in...5
×

Like this? Share it with your network

Share
  • Full Name Full Name Comment goes here.
    Are you sure you want to
    Your message goes here
    Be the first to comment
    Be the first to like this
No Downloads

Views

Total Views
951
On Slideshare
921
From Embeds
30
Number of Embeds
3

Actions

Shares
Downloads
0
Comments
0
Likes
0

Embeds 30

http://lj-toys.com 21
http://l.lj-toys.com 5
http://www.slideshare.net 4

Report content

Flagged as inappropriate Flag as inappropriate
Flag as inappropriate

Select your reason for flagging this presentation as inappropriate.

Cancel
    No notes for slide

Transcript

  • 1.
  • 2. Leuk dat jullie er allemaal weer zijn bij A Wandering Round Robin Legacy! De vorige keer hebben jullie kunnen zien hoe Levi in Belladonnabaan kwam wonen. Hij heeft kennis gemaakt met veel inwoners, waaronder Samantha en Kimberly Vrolijk. Ook is duidelijk geworden dat Tara en Levi geen setje meer zijn en dat Tara dat erg moeilijk vindt.
  • 3. Levi woont intussen al een paar maanden in Belladonnabaan en hij is al helemaal gewend aan de dagelijkse gang van zaken. Zijn dag begon dan ook elke dag met Etsu uit haar bedje halen, haar aankleden en een bordje pap geven.
  • 4. Terwijl Etsu haar bordje leeg eet, begint Levi aan het ontbijt voor hem en voor Vivian. Het duurt dan vaak niet lang voor Vivian ook uit haar slaapkamer komt en samen met hem aan tafel schuift.
  • 5. Hoewel Vivian een beetje sceptisch was over zijn afspraakje met Kimberly, is ze wel blij voor hem dat hij het een beetje naar zijn zin heeft in de stad. Ze zegt dan ook geen woord meer over Kimberly.
  • 6. Levi weet dat Vivian het niet helemaal eens is met de gang van zaken, maar hij moet toegeven dat ze misschien wel een beetje gelijk heeft. Hij heeft het met Samantha heel gezellig gehad en misschien had hij het daarbij moeten laten. Toch durfde hij geen nee te zeggen tegen Kimberly.
  • 7. Na een kort ontbijt met Vivian staat de carpool al snel voor de deur. Toen Jessica hoorde dat Levi elke dag moest lopen, heeft ze meteen geregeld dat hij elke dag opgehaald wordt.
  • 8. De winkel loopt nog steeds heel erg goed en er komen elke dag weer nieuwe klanten. De winkel heeft intussen ook al veel vaste klanten die regelmatig langs komen.
  • 9. Levi vindt zijn baantje achter de kassa nog steeds erg leuk en hij is Jessica daarom ook heel erg dankbaar voor deze kans. Hij doet daarom ook extra zijn best.
  • 10. Jessica is enorm tevreden over de manier waarop Levi met de klanten omgaat en daarom helpt Levi soms ook in de verkoop. Levi moet toegeven dat hij het heel erg leuk vindt om zoveel contact te hebben met de klanten.
  • 11. ‘s Avonds is hij vrij en hij is dan ook regelmatig te vinden in het kleine appartement van Justin en Sandra die het heel erg gezellig vinden als hij langs komt.
  • 12. Hoewel ze allebei heel nieuwsgierig zijn naar de reden van de breuk tussen hem en Tara, vragen ze er niet naar. In plaats daarvan praten ze over andere dingen zoals werk of het kindje dat op komst is.
  • 13. Sandra is nu hoogzwanger en het kindje zal niet lang meer op zich laten wachten. Zij en Justin zijn nog elke dag blij met de zwangerschap en kunnen niet wachten tot ze het kindje in hun armen kunnen houden.
  • 14. Er zijn ook avonden die hij thuis doorbrengt. Tinus komt regelmatig langs en Levi vindt het heel gezellig om met hem te praten. Ze kunnen het dan ook goed met elkaar vinden.
  • 15. Hij is niet de enige die het leuk vindt als Tinus er is. Elke keer als Vivian de kamer binnen komt, valt Tinus toch even stil om zijn verhaal daarna snel te vervolgen.
  • 16. Ook Vivian begint elke keer te stralen als ze Tinus op de bank aantreft. Levi weet dat ze het probeert te verbergen, maar aan de lichte blos op haar wangen kan hij zien dat ze Tinus leuk vindt.
  • 17. Wanneer Vivian bij hen komt zitten, komt ook Tinus moeilijker uit zijn woorden. Hij lijkt geen oog meer te hebben voor Levi, maar wordt volledig opgeslokt door Vivian. Levi staat dan ook op van de bank. ‘Wat ga je doen?’ vraagt Tinus verbaasd.
  • 18. ‘Ik denk dat ik maar aan het eten ga beginnen. Wil je misschien blijven eten?’ vraagt hij met een knipoog naar Vivian. Tinus stribbelt even tegen, maar zodra hij naar Vivian kijkt, stemt hij toch in.
  • 19. Niet veel later zet Levi vier bordjes gevuld met spaghetti op de tafel. Hij gaat tegenover Sassie zitten en kijkt het kleine meisje vriendelijk aan. ‘Wat zou je ervan vinden als wij na het eten even naar de speeltuin gaan?’ vraagt hij met een korte blik op Vivian en Tinus.
  • 20. Er zijn ook avonden die hij buitenshuis door brengt. Als hij niet bij Justin en Sandra is, is hij vaak een avondje uit met Kimberly of Samantha. Kimberly neemt hem regelmatig mee naar een museum in de stad of een discotheek.
  • 21. Hij zegt het niet hardop, maar de uitjes met Samantha bevallen hem veel beter. Ze hebben elkaar de afgelopen weken goed leren kennen en het klikt goed tussen hen. Levi vindt het dan ook echt geen straf als hij en Samantha afspreken.
  • 22. Samantha komt ook regelmatig langs in de winkel. Jessica knijpt vaak een oogje dicht en vindt het niet erg als Levi even pauze neemt om met Samantha te praten. Zelf vindt Levi het ook zeker geen straf en hij hoopt elke dag dat Samantha een keer langs komt.
  • 23. Samantha is niet de enige met dat idee. Kimberly merkte al snel wat haar zus deed en kon het niet laten om ook langs te komen terwijl Levi aan het werk is. Opvallend genoeg is Levi’s pauze dan een stuk sneller voorbij.
  • 24. Als Samantha er is, leeft Levi helemaal op. Hij hoeft maar één korte seconde naar haar te kijken en hij begint weer helemaal te stralen. Meestal duurt het uren voor de lach weer van zijn gezicht verdwijnt.
  • 25. Het is een warme dag en Levi en Samantha gaan samen aan de rand van de fontein zitten. Terwijl het water achter hen langzaam beweegt, legt Samantha voorzichtig haar hand in die van Levi.
  • 26. Levi kijkt er even naar en sluit dan zijn hand om die van haar. Zijn maag beweegt onrustig heen en weer en ook zijn hoofd vindt geen rust. Dit moment mag nooit voorbij gaan. Dit is iets wat hij nog nooit eerder heeft gevoelt, niet met Julie en niet met Tara.
  • 27. Samantha stoot hem zachtjes aan. ‘Levi?’ vraagt ze en hij kijkt verbaasd op. ‘Ik vroeg net of je zin hebt om vanavond uit eten te gaan.’ zegt Samantha nogmaals, maar Levi staat op. ‘Ik denk dat ik maar weer eens aan het werk ga. Jessica zal me wel missen.’ zegt hij en loopt naar binnen.
  • 28. Binnen komt hij Jessica al snel tegen. ‘Mijn pauze is voorbij.’ zegt hij en hij wil weer naar de kassa lopen, maar Jessica houdt hem tegen. ‘Ik wil dat je vanmiddag vrij neemt.’ zegt ze en Levi kijkt haar niet begrijpend aan.
  • 29. ‘Ik heb jullie net wel zien zitten. Ga naar haar toe en zeg wat je voor haar voelt. Je vindt haar al weten leuk.’ Levi schudt zijn hoofd. ‘Zo eenvoudig is het niet.’ werpt hij tegen, maar Jessica wil er niets van weten. ‘Het leven is zo eenvoudig als je het zelf maakt. Bovendien zou je blij moeten zijn met een gratis vrije dag.’
  • 30. Een paar uur later staat Levi voor het huis dat Samantha en Kimberly delen. Hij heeft de hele middag zitten dubben wat hij nu zou doen en uiteindelijk drukt hij met een trillende hand op de bel. Het duurt niet lang voor Samantha in de deuropening verschijnt en hem verbaasd begroet.
  • 31. ‘Ik vroeg me af of je misschien, alleen als je zin hebt natuurlijk, een stukje wilt gaan wandelen.’ zegt hij moeizaam. ‘Maar alleen als je zelf ook wilt.’ voegt hij er nog aan toe.
  • 32. Plotseling verschijnt Kimberly achter haar zus. ‘Je gaat zo laat toch niet meer weg?’ vraagt ze verontwaardigd. Samantha kijkt Levi vriendelijk aan. ‘Dat lijkt me leuk.’ zegt ze en trekt de deur snel achter zich dicht.
  • 33. Een paar minuten later lopen Levi en Samantha in een van de parken van Belladonnabaan. Het pad wordt verlicht door de straatlantaarns, maar er is niemand in het park te zien.
  • 34. Zwijgend lopen ze door. Levi voelt de zenuwen door zijn lijf, maar tegelijkertijd voelt hij zich ook heel erg gelukkig omdat Samantha hier naast hem loopt. Dat is het gevoel dat hij nooit meer kwijt wil.
  • 35. Ze komen bij een bankje en ze gaan naast elkaar zitten. ‘Ik wil me er natuurlijk niet mee bemoeien, maar heb je ruzie met Kimberly?’ vraagt Levi als het een paar seconden stil blijft.
  • 36. Samantha haalt haar schouders op. ‘Gewoon een zussenruzie, je kent het wel.’ zegt ze zo nonchalant mogelijk en kijkt hem zonder te blozen aan. ‘Het komt wel vaker voor.’
  • 37. Levi knikt en merkt niets van haar leugen. ‘Dat hadden ik en mijn broertje en zus ook altijd. Wij konden ook ruzie maken om niets.’ zegt hij begrijpend. Samantha knikt en bijt op haar lip.
  • 38. ‘Ze is verliefd op je. Kimberly is verliefd op je.’ flapt ze eruit. Ze weet dat ze dit eigenlijk niet had moeten zeggen, maar ze weet ook dat Kimberly het er zelf naar heeft gemaakt. Normaal was ze nooit een persoon die wraak nam, maar Kimberly had haar gekwetst.
  • 39. Levi kijkt haar verbaasd aan en even is ze bang dat hij nooit meer zou bewegen. Uiteindelijk vormen zijn lippen een kort woordje. ‘O.’ Samantha aarzelt even. ‘Vind jij haar ook leuk?’ vraagt ze. Ze kan er niets aan doen, ze moet het gewoon weten.
  • 40. Levi schudt langzaam zijn hoofd. ‘Ik, eh, je overdondert me een beetje.’ stamelt hij. Vivian had dus toch gelijk. ‘Het spijt me. Ik had het niet moeten zeggen.’ verontschuldigt Samantha zich. Levi schudt zijn hoofd. ‘Ik ben blij dat ik het weet.’
  • 41. Het blijft even stil en Levi en Samantha zijn allebei in gedachten verzonken. Vanuit zijn ooghoek gluurt Levi naar haar en hij ziet hoe ze rilt van de kou. ‘Je hebt het koud.’ merkt hij op. Hij slaat zijn arm om haar heen. ‘Kom eens hier.’ Gretig schuift Samantha naar hem toe.
  • 42. Levi slaat zonder aarzeling zijn arm om haar heen en Samantha nestelt zich in zijn armen. Levi straalt van geluk. Hij moet het zeggen, hij kan het echt niet langer ontkennen. Dit is hét moment.
  • 43. ‘Sam?’ vraagt hij voorzichtig en Samantha kijkt op. Ze lacht haar bekende lach naar hem. ‘Eh, ik wilde zeggen…’ begint hij, maar de woorden komen er niet uit zoals hij het bedoelt. ‘Zullen we verder lopen?’ zegt hij uiteindelijk.
  • 44. Samantha knikt en ze staan op van het bankje. Zwijgend lopen ze weer verder. Gefrustreerd kijkt Levi voor zich uit. Waarom kon hij het nu niet zeggen? Zo moeilijk kan het toch niet zijn. Bij Julie en Tara kon hij het ook, maar waarom bij Samantha niet?
  • 45. Hij pakt haar hand en Samantha kijkt hem verbaasd aan. ‘Is er iets?’ vraagt ze en kijkt hem bezorgd aan. Levi schudt zijn hoofd en pakt haar handen in die van hem. ‘Ik wil je wat zeggen.’
  • 46. Samantha kijkt hem nog steeds bezorgd aan. ‘Is het iets ernstigs?’ vraagt ze en Levi schudt zijn hoofd. ‘Ik wil je zeggen dat ik niet verliefd ben op Kimberly omdat ik al verliefd ben op iemand anders.’ zegt hij.
  • 47. Samantha knikt. ‘Ik zal het tegen haar zeggen.’ fluistert ze en ze wil verder lopen, maar Levi houdt haar handen vast. ‘Ik ben verliefd op jou.’ fluistert hij en hij kijkt naar hun handen die in elkaar verstrengeld zijn.
  • 48. ‘Ik…’ begint Samantha en Levi kijkt haar hoopvol aan. ‘Ik ben ook verliefd op jou.’ fluistert ze en ze kijkt hem stralend aan. Levi grijnst. Dit is het antwoord waar hij op gehoopt had. Voorzichtig pakt hij haar kin in zijn handen.
  • 49. Langzaam en vol verlangen bewegen hun lippen naar elkaar toe. Hun ogen kijken elkaar vol liefde aan en hun verlangen naar elkaar wordt elke seconde groter. Dan raken hun lippen elkaar voor een lange zoen.
  • 50. Niet ver daar vandaan in één van de bomen in het park, zit iemand hatelijk naar hen te kijken. Ze trilt van de woede en ze grijpt de tak extra stevig vast om niet naar beneden te vallen. Het beeld van de twee zoenende personen staat voor altijd in haar geheugen gegrift.
  • 51. Ze blijft enkele seconden kijken, maar kan het dan niet langer aanzien. Ze laat zich van de tak glijden en komt meters lager met een zachte plof op beide benen weer op de grond. Ze werpt nog een hatelijke blik richting het verliefde stel en draait zich dan om.
  • 52. Levi en Samantha hebben alleen nog maar oog voor elkaar. Ze hebben niets gemerkt van de persoon en ook als de straatlantaarns door het hele park plotseling uitvallen merken ze er helemaal niets van.
  • 53. Ze gaan helemaal op in elkaar en alles wat ze zo lang al koesteren. Hun kus is langer dan ze allebei ooit hebben meegemaakt en pas wanneer er kleine druppeltjes op hun gezichten vallen, maken ze aanstalten om de kus te verbreken.
  • 54. Verbaasd kijkt Samantha omhoog naar de hemel. Het is de hele dag warm geweest en volgens het weerbericht zou dat nog wel even zo blijven. Hier kon maar één verklaring voor zijn. Ze kijkt Levi weer aan en vergeet alles meteen weer.
  • 55. ‘Dit hadden we veel eerder moeten doen.’ zegt hij met een lach die Samantha spontaan laat stralen. Ze knikt. ‘Veel eerder.’ fluistert ze. Levi grijnst. ‘Ik denk dat we die verloren tijd nu in moeten halen.’
  • 56. Met een twinkeling in zijn ogen kijkt hij haar aan en hij buigt zich langzaam naar haar toe. Hun lippen raken elkaar nog eens en ook deze keer vergeten ze alles om hen heen. Het enige wat telt is hun liefde voor elkaar.
  • 57. Kimberly stormt woedend het huis in. Hoe kan haar zus dit doen? Levi houdt van haar en Samantha weet alles weer te verpesten. Ze stormt door het huis en geeft kwaad een trap tegen de piano. Een doffe klap en steken in haar voet is het gevolg.
  • 58. Ze grijpt naar haar voet en leunt tegen de muur. Hoe kan Samantha haar dit aandoen? Hoe kan ze altijd alles in haar leven verpesten? Deze keer zal het haar niet lukken, daar zal Kimberly wel voor zorgen.
  • 59. Ze laat zich op de bank vallen en staart naar het verkoolde hout in de open haard. Levi houdt van haar, dat weet ze zeker. Hij moet er alleen nog zelf achterkomen en daar zal zij voor zorgen. Levi is van haar en van niemand anders.
  • 60. Een aantal weken later wordt Levi al vroeg in de ochtend wakker van het geluid van zijn telefoon. Vermoeid en met slaap in zijn ogen drukt hij zichzelf omhoog en gooit zijn benen over de rand van het bed.
  • 61. Hij loopt langzaam naar de andere kant van de kamer en pakt zijn telefoon uit zijn broekzak. ‘Met Levi Wander.’ zegt hij met slaperige stem en hij werpt een vluchtige blik op de wekker die half zes aangeeft.
  • 62. ‘Justin?’ vraagt hij verbaasd als hij de stem van zijn beste vriend hoort. ‘Waarom bel je? Het is pas half zes.’ vraagt hij verontwaardigd. ‘Wat? Zeg dat dan meteen!’
  • 63. Een half uurtje later heeft Levi zich aangekleed en hij staat voor het appartement van Justin en Sandra. Het duurt niet lang voor zijn vriend de deur open doet. ‘Gefeliciteerd!’ zegt Levi meteen ter begroeting.
  • 64. Justin lacht en hij laat Levi binnen. ‘Sandra geeft haar even een flesje.’ legt hij uit. ‘Het is echt het mooiste meisje dat ik ooit heb gezien, naast haar moeder natuurlijk.’ Justin straalt van trots.
  • 65. Levi lacht. ‘Dat wil ik graag geloven.’ zegt hij. ‘Je klinkt al echt als een trotse vader.’ Justin knikt. ‘Dat ben ik ook.’ zegt hij en Levi kan niet anders dan dat bevestigen. Justin straalt van geluk.
  • 66. Sandra loopt vanuit de keuken naar de kamer met een klein meisje op haar arm. ‘Dit is onze kleine spruit, dit is onze kleine Lizzy.’ zegt ze met dezelfde stralende lach als Justin op zijn gezicht heeft.
  • 67. De bel gaat en Justin loopt naar de deur terwijl Levi zich naar het meisje toe buigt. ‘Hallo Lizzy, ik ben je ome Levi.’ zegt hij en trekt een gek hoofd. Het kleine meisje lacht en wil naar zijn neus grijpen.
  • 68. ‘Hoi mam, hoi pap.’ zegt Justin die zijn ouders intussen heeft binnen gelaten. ‘Gefeliciteerd met de kleine spruit!’ zegt Marilou vrolijk tegen haar zoon.
  • 69. Ze draait zich om naar Sandra die nog steeds met Lizzy op haar arm staat. ‘Wat een prachtig kindje.’ zegt Marilou tegen haar. ‘Je hebt me echt de trotste oma gemaakt die er bestaat.’
  • 70. Terwijl Marilou haar kleinkind bewondert, omhelst Jamai zijn zoon. ‘Gefeliciteerd.’ zegt hij. ‘Jullie worden echt geweldige ouders.’ zegt hij. Justin knikt dankbaar.
  • 71. Als iedereen Lizzy goed heeft bekeken, legt Sandra haar in de bungelboog en iedereen neemt plaats op de bank. Ze praten over allerlei dingen, maar vooral over Lizzy.
  • 72. ‘Mam, heb jij eigenlijk nog iets van Tara gehoord? Wij hebben haar al een hele tijd niet meer gezien en we willen haar graag laten weten dat Lizzy geboren is.’ vraagt Justin na een tijdje.
  • 73. Marilou schudt haar hoofd. ‘Ik heb haar ook al een tijdje niet meer gesproken en Armand heeft het ook al even niet meer over haar gehad.’ vertelt ze haar zoon. ‘Ik dacht dat jullie elkaar nog wel zagen.’
  • 74. Sandra schudt haar hoofd. ‘Na onze bruiloft hebben we haar bijna niet meer gezien. We hebben haar een aantal keer gebeld, maar ze neemt nooit op.’ legt ze uit.
  • 75. Marilou knikt. ‘Ik zal Armand vragen hoe het met haar gaat.’ Levi heeft al die tijd nog niets gezegd. Hij denkt terug aan de avond dat hij samen met Kimberly was. Hij weet bijna zeker dat hij Tara toen heeft gezien, maar hij zegt het niet.
  • 76. ‘Kijk nu, ze slaapt.’ roept Marilou verrukt uit en Levi kijkt naar Lizzy die haar oogjes inderdaad dicht heeft. Sandra staat op. ‘Ik ga haar in haar bedje leggen. Het is een lange dag voor haar.’ zegt ze.
  • 77. Ergens anders in Belladonnabaan zit Tara samen met haar vader aan tafel. Zwijgend eten ze hun bord leeg aan de grote eettafel. ‘Marilou vroeg vandaag naar je.’ zegt haar vader plotseling. ‘Ze zei dat je al even niet meer bij je vrienden bent geweest.’
  • 78. Tara schudt haar hoofd. ‘Hoe komt Marilou daarbij? Ik heb ze een paar maanden geleden nog gezien.’ zegt ze verontwaardigd, maar toch ook voorzichtig. Haar vader hoeft niets te weten over Levi.
  • 79. ‘Sandra is bevallen van een dochter.’ legt haar vader uit. ‘Ik dacht dat jullie het wel goed konden vinden. Je bent zo vaak weg dus ik dacht dat je bij je vrienden was.’
  • 80. Tara haalt haar schouders op. ‘Ik ben gewoon druk met andere dingen. Ik stuur binnenkort wel een kaartje.’ Ze prikt het laatste stukje vlees op haar vork en staat op. ‘Heb je genoeg gegeten?’ vraagt ze en loopt met haar bordje naar de keuken.
  • 81. Het is avond en Levi heeft aangeboden om op Etsu te passen. Zodra Vivian de deur uit is, belt hij Samantha en die wil heel graag komen. Zo zitten ze die avond samen op de bank terwijl Etsu bij haar speeltafel staat.
  • 82. ‘Ik moest echt even weg thuis.’ zucht Samantha en ze kijkt Levi aan. ‘Kimberly is de laatste weken echt niet te genieten. Volgens mij vindt ze je nog steeds leuk.’ zegt ze met een zucht.
  • 83. Levi knikt. Hij is zelf ook niet echt blij met de manier waarop het allemaal gegaan is. Etsu laat haar krijtjes vallen en kruipt op haar knietjes naar hem toe. ‘Op! Op!’ roept ze en ze kijkt Levi smekend aan.
  • 84. Levi en Samantha lachen. Levi tilt haar van de grond en zet haar tussen hen in. ‘Stil blijven zitten, hè.’ zegt hij en Etsu knikt heftig. ‘Ikke niet bewegen.’ zegt ze en ze nestelt zich in de bank.
  • 85. Samantha kijkt hem weer serieus aan. ‘Misschien moeten we het haar maar gewoon vertellen. Je kunt haar niet blijven ontlopen en ik kan niet tegen haar blijven liegen. Ze moet toch een keer weten dat wij een stelletje zijn.’
  • 86. Levi knikt. ‘Misschien is dat wel het beste. Ze zal niet blij zijn, maar zo kan het ook niet langer.’ zegt hij en hij kijkt weer naar Etsu. Ze kijkt slaperig voor zich uit en ze stopt haar kleine duimpje in haar mond.
  • 87. ‘Volgens mij wil er hier iemand naar bed.’ zegt hij en hij pakt Etsu op. Hij loopt naar haar kamertje en Samantha volgt hem. Levi kleedt Etsu in haar pyjama en legt haar dan in bed. ‘Ga maar snel naar dromenland.’ zegt hij en loopt dan zachtjes naar de bank.
  • 88. Samantha gaat weer naast hem zitten. ‘Je bent goed met kinderen.’ merkt ze op. Levi lacht. ‘Ik ben niet voor niets familiesim.’ zegt hij. Samantha knikt en aarzelt even. ‘Zou jij later kinderen willen?’
  • 89. Levi trekt haar naar zich toe en slaat zijn arm om haar heen. ‘Ja, ik denk het wel.’ zegt hij en denkt aan de Legacy van zijn moeder. ‘En jij?’ vraagt hij aan haar.
  • 90. Samantha knikt. ‘Met jou wel. Met jou kan ik alles aan.’ zegt ze en Levi lacht. Hij trekt haar op schoot. ‘Daar ben ik blij om.’ zegt hij en hij kust haar innig. ‘Ik hou van je.’ fluistert hij.
  • 91. Ze gaan zo in elkaar op dat ze niet merken dat de deur open gaat. ‘Ik wist het wel!’ roept Vivian zodra ze hen ziet zitten. Snel kruipt Samantha van zijn schoot en Levi trekt zijn arm terug.
  • 92. Vivian gaat zitten. ‘Geneer je niet aan mij.’ zegt ze lachend. ‘Ik ben gewoon blij om te zien dat ik toch gelijk had. Ik weet zeker dat jullie een geweldig koppel vormen samen.’ zegt ze en ze meent het.
  • 93. Levi lacht en hij slaat zijn arm opnieuw om Samantha heen. ‘Bedankt Vivian.’ zegt hij, maar voegt er dan aan toe: ‘Zou je het misschien nog even voor je willen houden. We moeten het eerst iemand anders vertellen voor iedereen het mag weten.’
  • 94. De volgende dag staat Levi al vroeg voor de deur van Samantha en Kimberly. Hij drukt op de bel, maar na een paar minuten heeft er nog niemand open gedaan. Hij drukt nogmaals op de bel en hij hoort zacht gestommel.
  • 95. Hij wil zich net omdraaien als de deur toch open gaat. ‘Hoi Levi, ik had je helemaal niet verwacht.’ zegt Kimberly met zwoele stem en ze kijkt hem verleidelijk aan.
  • 96. Levi kijkt haar verbaasd aan. ‘Eh, Kimberly heb je het niet een beetje koud?’ vraagt hij voorzichtig en hij probeert een klein lachje op zijn gezicht te krijgen. ‘Het is al herfst. Misschien moet je even iets aan gaan trekken.’
  • 97. Kimberly schudt haar hoofd. ‘We weten allebei waarom ik dit aanheb. We weten allebei dat wij bij elkaar horen.’ zegt ze en ze kijkt hem uitdagend aan. ‘Kimberly…’
  • 98. Kimberly schudt haar hoofd en ze doet een kleine stap naar hem toe zodat de afstand tussen hen steeds kleiner wordt. Ze kijkt hem uitdagend aan. ‘Niets zeggen.’ fluistert ze en ze tuit haar lippen.
  • 99. Kimberly buigt zich langzaam voorover en Levi is heel erg opgelucht als hij Samantha ziet verschijnen. ‘Ik had je helemaal niet gehoord.’ zegt ze verbaasd en ze blijft stokstijf staan als ze haar zus ziet. Levi glipt snel langs haar heen. ‘Leuk je even gezien te hebben.’
  • 100. Samantha trekt hem mee de trap op. ‘Sorry van dat.’ zegt ze als ze boven staan en Levi knikt. ‘Het geeft niet. Ik denk wel dat we het Kimberly zo snel mogelijk moeten vertellen. Ik weet niet waar ze de volgende keer mee aankomt.’
  • 101. Gefrustreerd laat Kimberly zich in de stoel vallen. Levi houdt van haar, dat weet ze zeker. Als Samantha niet binnen was gekomen, had hij haar gezoend en dan zouden ze nog lang en gelukkig leven samen. Plotseling begint het haar te dagen. Ze weet precies wat hier aan de hand is.
  • 102. Samantha heeft Levi intussen meegenomen naar haar kamer. ‘Ik kan nog steeds niet geloven dat dit jou kamer is. Het lijkt totaal niet op de rest van het huis.’ zegt hij en gebaart naar de roze muren. Samantha lacht. ‘Dat komt omdat Kimberly de rest heeft ingericht. Ik heb moeten smeken om witte banken, anders waren die ook nog zwart geweest.’
  • 103. Ze loopt naar haar bed en gaat op het hoofdeind zitten. Levi volgt haar, maar gaat op het voeteind zitten. Hij kijkt nog eens de kamer rond. Samantha lijkt in niets op haar zus. Alleen haar gezicht en haar zwarte haar verraadt dat ze een tweeling zijn.
  • 104. Hij lacht en Samantha kijkt hem vragend aan. ‘Wat is er zo grappig?’ vraagt ze, maar bij het zien van zijn lach voelt ze zelf ook een kleine lach op haar gezicht. ‘Ik zat me net te bedenken dat jij en Kimberly totaal niet op elkaar lijken.’ legt Levi uit.
  • 105. Samantha lacht ook. ‘We verschillen nogal, maar er zijn ook echt wel overeenkomsten.’ zegt ze en ze lacht haar witte tanden bloot. ‘Je zou het misschien niet zeggen, maar we lijken in sommige opzichten echt wel op elkaar.’
  • 106. Levi lacht. ‘Dat lijkt me sterk.’ zegt hij. ‘Noem op jullie haar en gezicht na eens één ding wat jullie gemeen hebben.’ zegt hij en kijkt haar uitdagend aan.
  • 107. Samantha lacht en strijkt het dekbed glad. ‘Nou? Weet je iets?’ vraagt Levi en Samantha kijkt hem aan. ‘We zijn allebei verliefd op je.’ zegt ze en ze kijkt hem triomfantelijk aan.
  • 108. Levi kijkt haar even verbaasd aan, maar lacht dan ook. ‘Oké, je hebt gelijk.’ zegt hij. ‘Maar ik ben maar verliefd op één van jullie. Kimberly kan wel verliefd zijn op mij, maar ik ben niet verliefd op haar.’
  • 109. Samantha kijkt naar het roze dekbed. ‘Je zou het zomaar kunnen worden.’ fluistert ze. Levi’s lach verdwijnt meteen van zijn gezicht. Hij kruipt naar haar toe. ‘Wil je dat alsjeblieft nooit meer zeggen. Ik hou van jou en van niemand anders. Jij bent alles voor mij.’ zegt hij en hij duwt haar zachtjes achterover.
  • 110. Samantha knikt en haar adem stokt in haar keel. Levi’s gezicht is zo dichtbij dat ze zijn warme adem op haar huid kan voelen. Hij buigt zich langzaam naar haar toe en hun lippen komen steeds dichter bij elkaar.
  • 111. Een kort klopje op de deur verstoort de stilte in de kamer. Razendsnel kruipt Levi naar achteren en ze gaan allebei op de rand van het bed zitten. Kimberly komt de kamer binnen. ‘Ik wil jullie graag spreken. Beneden.’ zegt ze nors en loopt de kamer weer uit.
  • 112. Nog geen vijf minuten later zitten Levi en Samantha samen op de bank. Ongemakkelijk speelt Samantha met haar vingers en ook Levi kijkt niet naar Kimberly, bang voor de uitdrukking op haar gezicht.
  • 113. ‘Ik heb jullie hier laten komen omdat ik iets met jullie wil bespreken en eigenlijk vooral met jou.’ zegt Kimberly en ze kijkt naar Levi die vragend op kijkt. ‘Ik weet precies wat hier aan de hand is.’ gaat Kimberly verder.
  • 114. Samantha en Levi kijken elkaar een korte seconde aan. ‘Wat bedoel je precies?’ vraagt Levi voorzichtig en een bezorgd gevoel bekruipt hem. Zou Kimberly al weten van hem en Samantha?
  • 115. ‘Ik bedoel dat jij ons niet allebei aan het lijntje kunt houden. Je zult moeten kiezen.’ zegt ze en haar ogen kijken hem dwingend aan. ‘Wordt het Sam of kies je voor mij?’
  • 116. Levi’s mond valt letterlijk open. Hij kijkt Samantha nogmaals aan en hij ziet dat zij net zo verbaasd is als hij. ‘Het is jou keuze. Sam heeft hier niets mee te maken.’ zegt Kimberly nors.
  • 117. Samantha staat op van de bank. ‘Kom op, Kim. Dit kun je niet van hem vragen. Hij hoeft niet te kiezen. Doe jezelf dit niet aan.’ zegt ze, maar Kimberly schudt haar hoofd. ‘Houd je er buiten!’
  • 118. ‘Ik weet best wat jij hebt gedaan. Je hebt hem gewoon betoverd zodat hij voor jou zal kiezen. Dit is Levi’s keuze en daar heb jij niets over te zeggen dus houdt nu je mond.’ zegt ze en haar ogen spuwen vuur.
  • 119. Samantha wil weer iets zeggen, maar Levi gaat staan. ‘Even rustig, allebei. Samantha heeft inderdaad gelijk. Ik hoef niet te kiezen. Ik kan toch vrienden zijn met jullie allebei?’ stelt hij voor, maar Kimberly schudt wild haar hoofd. ‘Je moet kiezen.’ zegt ze nogmaals.
  • 120. Levi zucht. ‘Echt Kim, ik wil dit niet, maar als ik echt moet kiezen dan kies is toch voor Sam.’ zegt hij en kijkt voorzichtig opzij. Hij pakt de hand van Samantha.
  • 121. ‘We hadden het misschien eerder moeten zeggen, maar Sam en ik, wij zijn een stel.’ zegt hij voorzichtig en hij knijpt in de hand van Samantha die voorzichtig naar haar zus glimlacht.
  • 122. ‘Maar dat wil niet zeggen dat wij geen vrienden meer kunnen zijn.’ probeert Levi nog, maar Kimberly schudt woedend haar hoofd. ‘Het is zij of ik en jij hebt blijkbaar voor haar gekozen.’
  • 123. Ze draait zich kwaad om en loopt naar de deur. ‘Jullie zijn nog niet van me af, dat beloof ik.’ sist ze en ze loopt kwaad de deur uit. Levi wil achter haar aan gaan, maar Samantha houdt hem tegen.
  • 124. ‘Laat haar maar even. Ze wil nu vast even alleen zijn. Ik denk dat ze even moet afkoelen en dan komt ze vanzelf wel weer terug.’ zegt ze en ze legt haar handen op zijn schouders.
  • 125. Levi trekt haar een stukje naar zich toe. ‘Als jij het zegt zal ik het wel moeten geloven.’ zegt hij en een kleine lach verschijnt op zijn gezicht. ‘Meende ze wat ze zei?’ Samantha haalt haar schouders op.
  • 126. ‘Ik heb werkelijk geen idee.’ zegt ze. ‘Maar er zijn nu andere dingen waar ik aan wil denken.’ zegt ze en ze drukt een kus op zijn lippen. ‘Jij bent op dit moment veel belangrijker.’ fluistert ze, voor Levi zijn lippen opnieuw op die van haar drukt.
  • 127. Allebei vergeten ze wat er zojuist is gebeurd en ze gaan helemaal op in elkaar. Hun lichamen raken elkaar en meer telt er op dat moment niet. Ze merken het maar amper als ze samen op de bank vallen.
  • 128. Een week later staat Levi weer achter de kassa. Hij schrikt op als hij Tara door de winkel ziet lopen. Haar rug is naar hem gericht en hij durft niet naar haar te kijken, bang voor haar gezichtsuitdrukking.
  • 129. ‘Ik heb medelijden het haar.’ Levi kijkt verbaasd naar Jessica die naast hem staat. ‘Wie bedoel je?’ vraagt hij verbaasd. Jessica wijst naar Tara. ‘Tara De Bateau.’ zegt ze en Levi kijkt haar verbaasd aan. ‘Ken je haar?’
  • 130. Jessica schudt haar hoofd. ‘Weet je, ik ben ooit getrouwd geweest met haar vader. De beroemde Armand De Bateau. Iedereen vond hem geweldig, hij was een veelbelovende zakenman en het geld kwam met bakken binnen. Ik zag het anders. Zijn succes betekende dat hij haast nooit thuis was.’
  • 131. ‘Toen Armand een keer op zakenreis was, stond onze nieuwe buurman voor de deur. Het huis had maanden leeg gestaan en ik hoor Armand nog zeggen dat daar nooit iemand zou komen wonen. Toch stond Gijs op de stoep.’
  • 132. ‘We begonnen gewoon als vrienden, maar ik was eenzaam en Gijs, laten we het erop houden dat hij graag vrouwen vermaakt.’ zegt Jessica met een lach. ‘Uiteindelijk werden we dus verliefd.’
  • 133. ‘Echt, het begon allemaal heel onschuldig toen Armand op reis was, maar het appartement waar Armand en ik woonden, was van vele gemakken voorzien en van het een kwam het ander.’
  • 134. ‘Gijs en ik hadden een geweldige tijd samen. Als Armand weg was zagen we elkaar elke dag en onze kleding hielden we nooit lang aan. Mijn leven werd beter en plots vond ik het helemaal niet meer erg dat Armand zo vaak weg was.’
  • 135. ‘Helaas kon het niet eeuwig goed blijven gaan. Ik weet niet waarom, misschien kreeg hij last van een schuldgevoel, maar Armand kwam van een van zijn reisjes eerder thuis.’
  • 136. ‘Het kon niet anders dan dat hij ons betrapte. Hij vond ons in de slaapkamer waar we ons aan het vermaken waren.’ Jessica grijnst even. ‘Zijn gezicht zal ik nooit meer vergeten, net als de rest van die dag.’
  • 137. ‘Armand was natuurlijk woedend, niet alleen op mij, maar ook op Gijs. Hij heeft hem nog net niet van het bed getrokken. Hij stuurde Gijs met dwingende stem naar huis en toen wendde hij zich tot mij.’
  • 138. ‘Wat hij toen deed zal ik nooit meer vergeten. Hij hief zijn hand en hij sloeg me zoals hij nog nooit iemand geslagen had. Ik heb gezworen dat ik hem op een dag terug zal pakken voor wat hij heeft gedaan. Die dag heeft hij me nog uit huis gezet en ik ben bij Gijs gaan wonen.’
  • 139. ‘En nu zijn we jaren verder en heb ik jou aangenomen omdat ik weet dat jij het hem op een dag betaalt zult zetten.’ besluit ze haar verhaal. Het is al donker buiten en Samantha drukt een kus op Levi’s lippen en knikt vriendelijk naar Jessica.
  • 140. Jessica lacht. ‘Ik zal je niet langer ophouden met mijn levensverhaal. Sluit jij af?’ Levi knikt en Jessica loopt naar de deur. ‘Ik zie je morgen. Veel plezier samen, maar dat zal wel lukken.’
  • 141. Als Jessica weg is, klimt Samantha op de toonbank. ‘Heb je nog veel werk?’ vraagt ze aan Levi. Hij schudt zijn hoofd. ‘Ik ben bijna klaar hier. Sorry dat je moet wachten, maar Jessica vertelde nog even iets.’
  • 142. ‘En wat ging dat over?’ vraagt Samantha. Levi loopt naar haar toe. ‘Wat ben je weer nieuwsgierig.’ lacht hij. ‘Het was niets belangrijks. Het ging gewoon over haar werk enzo.’ zegt hij en kijkt haar vol liefde aan.
  • 143. ‘Volgens mij zijn er nu veel belangrijkere dingen.’ fluistert hij. ‘Jij bijvoorbeeld. Heb ik al gezegd hoeveel ik van je hou?’ Samantha knikt. ‘Dat heb je de afgelopen week al duizend keer gedaan, maar ik wil het nog wel eens horen. Levi lacht. ‘Ik hou meer van je dan je ooit zult weten.’
  • 144. Hij tilt haar op van de toonbank en loopt met haar naar de andere kant van de winkel. Op een van de bedden legt hij haar neer. ‘Weet je het zeker?’ fluistert Samantha en Levi knikt. ‘Met jou weet ik alles zeker.’
  • 145. Het is weekend en dat betekent dat Levi vrij heeft. Samantha is aan het werk en omdat Levi ook zijn vrienden nog wil zien, zit hij in het appartement van Tinus en Sassie.
  • 146. Hij heeft Tinus net vertelt over Samantha en Tinus is heel erg blij voor hem. Wat hem ook opvalt is dat het gesprek nu al een aantal keer op Vivian is uitgekomen.
  • 147. ‘Dat wilde ik trouwens nog vragen.’ begint Tinus. ‘Ik heb 2 kaartjes gewonnen voor die nieuwe film. Het is vanavond al. Is dat niet iets voor jou en Samantha, nu jullie officieel een stel zijn?’
  • 148. Levi schudt zijn hoofd. ‘Sam heeft de hele dag dienst en ze is vanavond pas laat klaar.’ Hij aarzelt even, maar zegt dan toch: ‘Waarom vraag je Vivian niet mee? Ik weet zeker dat ze dat heel leuk zal vinden.’
  • 149. Tinus haalt zijn schouders op. ‘Vivian heeft toch helemaal geen zin om met mij in de bioscoop te gaan zitten. Bovendien moet ze waarschijnlijk toch werken.’
  • 150. Levi lacht. ‘Waarom zou ze niet met je naar de bioscoop willen? Jullie zijn toch goede vrienden en je vindt haar toch leuk? Bovendien is ze vanavond vrij. Vraag haar gewoon.’
  • 151. Tinus schudt zijn hoofd. ‘Het is nu veel te kort tijd om een oppas te regelen voor Etsu.’ verdedigt hij zichzelf. ‘Waarom ga jij vanavond niet mee?’ stelt Tinus voor en Levi knikt. ‘Vooruit dan maar.’
  • 152. Levi staat weer in het appartement van Vivian als ze met een grote zak boodschappen de deur open doet. ‘He, je bent weer terug.’ zegt ze net zo vrolijk als anders. ‘Hoe was het met Tinus?’
  • 153. ‘Goed.’ zegt Levi en hij steekt zijn arm uit. ‘Zal ik de boodschappen even van je overnemen? Ze zien er zwaar uit.’ stelt hij voor, maar Vivian schudt haar hoofd. ‘Ik breng het zelf wel even naar de keuken.’
  • 154. Levi volgt Vivian en kijkt hoe ze alle boodschappen uitpakt. ‘Ik ga vanavond met Tinus naar de bioscoop. Ik weet nog niet hoe laat ik thuis ben.’ zegt hij en Vivian knikt. ‘Ik zie je wel verschijnen.’
  • 155. Levi wil nog iets zeggen, maar dan gaat zijn telefoon. Handig maakt hij gebruik van het moment. ‘Hé, Sam.’ zegt hij en luistert naar de verbaasde stem van Jessica. ‘Hoe gaat het met je?’
  • 156. Vivian loopt langs hem heen naar de woonkamer en Levi volgt haar. ‘Ziek?’ vraagt hij zogenaamd verbaasd. ‘Zal ik naar je toe komen?’ vraagt hij en hij hoort Jessica lachen. ‘Oké, dan bel ik je zo nog even terug.’
  • 157. Levi stopt zijn telefoon weg en wendt zich dan tot Vivian. ‘Sam is ziek en ik wil eigenlijk vanavond naar haar toe, maar ik ga al met Tinus naar de bioscoop.’ legt hij uit.
  • 158. Vivian knikt meelevend totdat de bel gaat. ‘Ik doe wel open.’ zegt ze en ze loopt naar de deur. Levi grijnst even, maar zodra Vivian de deur opent en zodra hij Tinus ziet, laat hij de lach verdwijnen.
  • 159. ‘Ik haal Etsu even uit bedje.’ zegt Vivian nadat ze Tinus begroet heeft. Vivian loopt naar de kamer van Etsu en Levi loopt naar Tinus. ‘Ik ben bang dat ik vanavond niet mee kan.’ zegt hij serieus.
  • 160. ‘Samantha is ziek en ik ga vanavond naar haar toe.’ legt hij uit en Tinus knikt. ‘Dat snap ik. Wens haar maar beterschap van mij.’ zegt hij en hij wil weer naar de deur lopen.
  • 161. ‘Wacht even.’ zegt Levi. ‘Waarom neem je Vivian niet mee?’ vraagt hij hard genoeg zodat Vivian het ook hoort. ‘Anders is het toch zonde van de kaartjes.’ voegt hij er nog snel aan toe.
  • 162. Tinus kijkt hem even argwanend aan, maar draait zich dan naar Vivian toe. ‘Eh, het je zin om vanavond naar de bioscoop te gaan? Met mij?’ vraagt hij voorzichtig en kijkt Vivian met een klein glimlachje aan.
  • 163. Vivian lacht even. ‘Dat lijkt me heel erg leuk, maar ik heb geen oppas voor Etsu.’ Tinus knikt, maar krijgt dan een idee. ‘Ik heb boven al een oppas voor Sassie zitten. Ze vindt het vast niet erg als ze ook op Etsu moet passen.’
  • 164. Vivian aarzelt even en Levi loopt naar haar toe. ‘Wat een geweldig idee.’ zegt hij vrolijk en hij neemt Etsu van haar over. ‘Ik breng haar wel naar de oppas.’ zegt hij.
  • 165. Vivian knikt. ‘Oké, dan kunnen we wel gaan.’ zegt ze tegen Tinus en dan richt ze zich tot haar dochter. ‘Zul je een beetje lief zijn voor de oppas?’ vraagt ze en Etsu knikt. ‘Dag dag mama.’ zegt met een lief gezichtje.
  • 166. Nadat Levi Etsu naar de oppas heeft gebracht en zich heeft verontschuldigd tegenover Jessica, gaat hij voor de tv zitten. Met moeite weet hij een gaap te onderdrukken en na een uur zet hij de televisie dan ook uit.
  • 167. Hij begint de lichten uit te doen en wil naar zijn slaapkamer lopen als de bel gaat. Hij twijfelt even of hij wel open zal doen, maar als de bel nog een keer gaat loopt hij toch maar naar de deur.
  • 168. Hij haalt de deur van het slot en opent de deur. ‘Sam?’ vraagt hij verbaasd als hij haar met betraande ogen ziet staan. ‘Wat is er gebeurd?’ vraagt hij meteen bezorgd.
  • 169. Samantha zegt niet en schudt alleen haar hoofd. Levi trekt haar naar binnen. ‘Sammie, wat is er gebeurd?’ vraagt Levi nog eens en hij trekt haar tegen zich aan. ‘Sam, je moet me vertellen wat er is gebeurd.’
  • 170. Samantha knikt en ze haalt even haar neus op. ‘Kim en ik hadden ruzie.’ zegt ze met dikke stem. ‘Ik dacht dat ze wel zou bijdraaien, maar ze is nog steeds kwaad. Ze wil je nog steeds.’
  • 171. Levi knikt en Samantha gaat verder. ‘Ze heeft me het huis uit gezet en ze wil me nooit meer zien.’ zegt ze en ze barst in tranen uit. Levi slaat zijn armen om haar heen en voelt hoe zijn trui langzaam nat wordt.
  • 172. Als Samantha uitgehuild is kijkt hij haar meelevend aan. ‘Het komt wel goed.’ zegt hij, maar Samantha lijkt niet overtuigt. ‘We vinden echt wel een oplossing. Misschien moet Kimberly gewoon even wennen aan de situatie.’
  • 173. Samantha schudt haar hoofd en veegt de tranen van haar wangen. ‘Ik heb haar echt nog nooit zo gezien. Ik weet niet of dit nog wel goed komt.’ zegt ze en ze moet moeite doen om haar tranen binnen te houden.
  • 174. ‘Natuurlijk komt alles goed. We vinden echt wel een oplossing. Daar moet je in geloven.’ zegt Levi en hij veegt een eenzame traan van haar wang. ‘We kunnen Vivian vragen of je hier even kunt logeren.’
  • 175. Nadat Samantha weer een beetje gekalmeerd is, gaan zij en Levi samen op de bank zitten. Levi slaat zijn arm om haar heen en hij knuffelt haar. ‘Het komt goed.’ fluistert hij. ‘Samen komen we er wel uit.’
  • 176. Samantha krijgt onwillekeurig een glimlach op haar gezicht. ‘Weet je, ik heb het afgelopen jaar al heel wat gespaard. Misschien kunnen we hier ergens een appartementje vinden, voor ons tweeën.’ stelt Levi voor.
  • 177. Samantha knikt en wil iets zeggen, maar dan gaat de deur open en Vivian en Tinus komen lachend binnen. ‘He, je bent nog wakker.’ zegt Tinus vrolijk als hij Levi ziet.
  • 178. Zijn blik gaat naar Samantha die naast Levi zit. ‘Sam, wat doe jij hier?’ vraagt Vivian verbaasd. ‘We dachten dat je ziek was.’ zegt ze nog steeds verbaasd tegen haar vriendin.
  • 179. Ook Samantha is verbaasd. ‘Ik ben helemaal niet ziek geweest.’ zegt ze en ze kijkt naar Levi. ‘Oké, dit is mijn schuld.’ zegt hij en kijkt haar lachend aan. ‘Ik heb gedaan alsof je ziek was zodat Tinus en Vivian samen naar de bioscoop gingen.’
  • 180. Samantha lacht. ‘Stiekemerd.’ zegt ze. Tinus en Vivian gaan naast elkaar op de andere bank zitten. ‘Dat is hij zeker.’ lacht Vivian en ze kijkt even naar Tinus. ‘Maar zijn plan is wel gelukt.’
  • 181. Verbaasd kijkt Levi van Vivian naar Tinus. ‘Dus jullie…?’ Vivian knikt en slaat haar arm om Tinus heen. ‘Ja, je plan is geslaagd.’ zegt ze en nu pas ziet Levi hoe hun ogen stralen.
  • 182. Hij grijnst en hij trekt Samantha nog iets dichter naar hem toe. ‘Een leugentje om bestwil.’ zegt hij en Samantha lacht. ‘Zolang het hierbij blijft is het goed.’ Levi knikt, maar tegelijkertijd voelt hij zich schuldig.
  • 183. Tinus staat op. ‘Ik denk dat ik maar eens ga. Ik ben eigenlijk al te laat dus de oppas zal niet blij zijn.’ zegt hij en Vivian staat ook op. ‘Oké, ik zie je morgen.’ zegt ze na een lange afscheidskus.
  • 184. Als Vivian Tinus heeft uitgelaten en uitgebreid afscheid heeft genomen, gaat ze weer op de bank zitten. Levi kijkt even naar Samantha en hij knikt naar haar, maar ze zegt niets.
  • 185. Vivian heeft het door. ‘Zeg het maar. Ik neem aan dat jullie niet voor niets hier zo lang blijven zitten.’ zegt ze dwingend, maar toch ook vriendelijk en ze kijkt van Levi naar Samantha.
  • 186. Samantha knikt. ‘Je hebt gelijk. Er is wel iets. Kimberly heeft me het huis uit gezet omdat ze niet zo blij is met de relatie van Levi en mij.’ legt ze uit. ‘Daarom wil ik vragen of ik hier misschien kan logeren. Niet lang, alleen tot Levi en ik iets voor onszelf hebben gevonden.’
  • 187. Vivian knikt meelevend. ‘Natuurlijk mag je hier logeren. Je bent een heel dierbare vriendin voor mij. Ik laat je echt niet op straat staan.’ zegt ze. ‘Maar er is één voorwaarde.’
  • 188. Samantha knikt. ‘Zeg het maar. Ik doe het allemaal. Ik ben veel te blij dat ik hier kan logeren.’ Vivian lacht. ‘Ik hoop niet dat je het erg vindt, maar de voorwaarde is dat je bij Levi slaapt.’
  • 189. De keus was voor Samantha niet moeilijk en een half uur later staat ze in haar pyjama in de logeerkamer. ‘Mag ik zo bij je in bed liggen?’ vraagt ze aan Levi die op het bed op haar ligt te wachten.
  • 190. Levi lacht. ‘Hmm, ik weet het niet.’ zegt hij plagend. ‘Eigenlijk is dat hemdje veel leuker als je het uit hebt.’ zegt hij en Samantha lacht. ‘Is dat zo? Maar waarom zou ik het uit doen?’
  • 191. Levi haalt zijn schouders op. ‘Ik heb geen idee.’ zegt hij en hij trekt haar op het bed. Samantha lacht en ze kust hem. ‘Is dit een goede reden?’ vraagt ze en Levi knikt.
  • 192. Een hele tijd later komen ze samen weer boven de dekens uit. Levi kijkt met een grijns op zijn gezicht naar Samantha. ‘Ik hou van je, voor altijd.’ fluistert hij en Samantha begint licht te blozen. ‘Ik ook van jou.’ fluistert ze.
  • 193. Als Samantha de volgende ochtend wakker wordt ligt ze in de armen van Levi. ‘Ben je al lang wakker?’ fluistert ze slaperig. ‘Al even.’ antwoordt hij. ‘Je bent mooi als je slaapt, weet je dat?’ Samantha krijgt een lach op haar gezicht.
  • 194. Ze blijven samen nog een uur liggen tot de wekker van Levi gaat. ‘Ik ga even douchen.’ zegt Samantha en ze geeft Levi een kus. ‘Oké, ik ga voor het ontbijt zorgen.’ zegt hij en na nog een kus loopt Samantha de kamer uit.
  • 195. Levi kleedt zich aan en loopt dan naar de keuken, klaar voor een nieuwe dag. ‘Wat ben jij vroeg wakker.’ zegt hij verbaasd als hij Vivian aan het aanrecht ziet staan. ‘Ben ik niet degene die altijd ontbijt maakt?’ vraagt hij.
  • 196. Vivian haalt haar schouders op. ‘Ik kon niet meer slapen. Iets, of eigenlijk iemand, heeft de hele nacht door mijn hoofd gespookt. Bovendien moet ik weer oefenen met ontbijt maken voor als jij er niet meer bent.’
  • 197. Levi lacht en begint de tafel te dekken. Even later komt Samantha aangekleed de badkamer uit en Vivian zet de bordjes op tafel. ‘Wat zijn jullie plannen voor vandaag?’ vraagt ze terwijl ze een hap van haar havermoutpap neemt.
  • 198. Levi kijkt even opzij, naar Samantha en legt zijn hand op die van haar. ‘Vandaag gaan we op zoek naar een leuk appartementje hier in de buurt.’ zegt hij en Samantha knikt. ‘We willen je niet te lang tot last zijn.’
  • 199. Hoewel Vivian even protesteert en zegt dat ze het echt niet erg vindt dat Levi en Samantha er zijn, loopt het tweetal later die middag toch in een van de vele appartementen van Belladonnabaan. Ze hebben al veel appartementen bekeken, maar ze hebben nog niets gevonden wat hen echt bevalt.
  • 200. Levi blijft midden in de kamer staan en draait zich om naar Samantha. ‘Wat vind je ervan?’ vraagt hij. Samantha slaat haar armen om zijn nek. ‘Het is echt perfect.’ zegt ze. ‘Maar we kunnen dit toch nooit betalen?’
  • 201. Levi lacht. ‘Jessica betaalt me veel meer dan je je voor kunt stellen. Ik heb het afgelopen jaar echt meer dan genoeg gespaard.’ ‘Dus we kunnen het betalen?’ Levi knikt. ‘En jij wilt hier met mij wonen?’ vraagt ze.
  • 202. Levi lacht. ‘Volgens mij weet je het antwoord op die vraag allang.’ zegt hij en hij buigt zich voorover voor een lange, liefdevolle zoen in hun toekomstige appartement.
  • 203. Diezelfde middag tekent Levi het huurcontract en vanaf nu is het appartement officieel van hem en Samantha. Ze beginnen meteen met het inrichten van hun nieuwe huis.
  • 204. Een week later zijn alle spullen gepakt en zijn Levi en Samantha klaar om in hun nieuwe huis te trekken. Alle koffers staan al in de taxi en nu moeten ze alleen nog afscheid nemen van Vivian en Tinus.
  • 205. ‘Dank jullie wel voor alles.’ zegt Samantha en ze omhelst Tinus die voor haar staat. Levi volgt haar voorbeeld en hij omhelst Vivian. ‘Bedankt voor alles wat je het afgelopen jaar voor mij hebt gedaan.’
  • 206. Vivian lacht. ‘Dat is toch graag gedaan. Etsu en ik vonden het heel gezellig.’ zegt ze. Levi knikt. ‘Ik weet niet waar ik anders terecht was gekomen als ik jou niet had.’ zegt hij.
  • 207. Vivian knikt. ‘Als je mij niet had, had je Sam waarschijnlijk ook nooit ontmoet dus je moet blij zijn dat je me kent.’ zegt ze met een lach. ‘Maar nu moeten jullie opschieten. De taxi staat te wachten.’
  • 208. Fluitend komt Levi de studeerkamer binnen. ‘De afwas is gedaan.’ zegt hij tegen Samantha die achter de schildersezel staat. Samantha knikt. ‘Lief dat je die wilde doen.’ zegt ze.
  • 209. Levi komt achter haar staan en slaat zijn armen om haar heen. ‘Voor jou doe ik alles.’ zegt hij en hij plant een kus in haar nek. ‘Wat schilder je?’ Samantha legt haar palet en kwast weg. ‘Niets bijzonders.’
  • 210. Ze draait zich naar hem toe. ‘Hoe bedoel je, niets bijzonders? Het wordt vast heel mooi.’ zegt Levi. Samantha haalt haar schouders op. ‘Mag ik jou anders schilderen? Dan wordt het waarschijnlijk wel mooi.’ Levi lacht, maar Samantha kijkt hem serieus aan. ‘Je meent het, hè?’
  • 211. Een half uur later is de kleine studeerkamer verbouwt. Het bankstel is in de hoek geschoven en Levi steekt de open haard aan. ‘Je hebt je zeker nog niet bedacht?’ vraagt hij en Samantha schudt haar hoofd. ‘Ik vind het heel erg leuk om jou op het doek vast te leggen.’
  • 212. ‘Vooruit dan maar.’ zegt Levi en hij loopt naar de bank. ‘Wat wil je dat ik doe? Moet ik gaan liggen? Moet ik mijn tong uit steken? Moet ik op mijn handen gaan staan? Ik doe het allemaal.’ Samantha lacht. ‘Zitten is goed.’
  • 213. Levi gaat op de bank zitten en Samantha pakt haar palet om de kleuren te mengen. Er staat een groot doek op de ezel en Samantha gaat erachter staan. ‘Ben je er klaar voor?’ vraagt ze en Levi knikt.
  • 214. Samantha begint met haar schilderij en Levi kijkt vanaf de bank toe hoe ze haar kwast langzaam over het doek laat gaan. ‘Doe je dit wel eens vaker?’ vraagt hij na een paar minuten.
  • 215. Samantha kijkt om het doek heen. ‘Wat doe ik wel eens vaker?’ ‘Dit.’ zegt Levi en hij wijst naar de bank en de ezel. ‘Zomaar mensen schilderen.’ Samantha lacht. ‘Niet zomaar. Jij bent heel speciaal. Zou je nu stil willen blijven zitten?’
  • 216. Levi lacht. ‘Vooruit dan maar, omdat jij het zo graag wilt.’ Samantha lacht. ‘Je weet ook dat je stil moet zijn. Voor je het weet komt er iets heel raars op het doek te staan.’ ‘Dat weet ik, maar jij maakt er vast iets moois van.’
  • 217. Samantha lacht. ‘Dat weet je niet. Misschien heb je straks wel een bochel of heel grote oren.’ Ze wil weer om het doek heen kijken, maar Levi staat al naast haar. ‘Levi! Je moet blijven zitten.’ zegt ze verontwaardigt, maar Levi pakt haar handen.
  • 218. ‘Sorry, ik kan me niet langer bedwingen. Ik moet gewoon bij je zijn.’ zegt hij en hij trekt zich mee naar de bank. Samantha laat zich lachend op de zitting vallen en Levi kust haar.
  • 219. Vol passie raken hun lippen elkaar alsof het nooit anders geweest is. Ze vergeten opnieuw alles om hen heen. Het schilderij blijft eenzaam op de ezel staan zonder dat iemand er aandacht aan besteed.
  • 220. Levi tilt Samantha behendig van de bank en hij neemt haar mee naar de slaapkamer. Hij legt haar voorzichtig op het bed zoals hij dat een maand geleden ook heeft gedaan, maar dan in de winkel.
  • 221. Lachend en zoenend verdwijnt het tweetal onder de dekens waar ze geen woorden meer nodig hebben. Hun liefde voor elkaar is nu meer dan genoeg.
  • 222. Ruim een uur later liggen Samantha en Levi weer op de dekens. Levi neemt zijn vriendin in zijn armen. ‘Weet je, ik kan me mezelf echt niet meer voorstellen zonder jou.’ zegt Samantha terwijl ze zich tegen zijn borstkas aan vleit.’
  • 223. Levi grijnst. ‘Ik wil me jou ook niet met iemand anders voorstellen.’ zegt hij. ‘Ik kan me de tijd dat ik jou niet kende maar amper herinneren.’ voegt hij eraan toe en hij drukt een kus in het zwarte haar van Samantha.
  • 224. ‘Wacht even, ik heb nog iets voor je.’ zegt Samantha en ze bevrijdt zichzelf uit de armen van Levi. Op haar knieën kruipt ze naar de andere kant van het bed. ‘Niet kijken.’ zegt ze over haar schouder.
  • 225. Levi wendt zijn blik af, maar ziet vanuit zijn ooghoek dat Samantha zich over de rand van het bed buigt en iets onder het bed vandaan pakt. Snel wendt hij zijn blik weer af en doet alsof hij het dekbed bestudeerd.’
  • 226. ‘Je mag weer kijken.’ zegt Samantha en ze trekt haar benen op. Ze geeft hem een kleine envelop en ze lacht naar hem. ‘Het is een cadeautje voor alles wat je voor me hebt gedaan.’
  • 227. Levi scheurt de envelop open en hij vindt twee vliegtickets. ‘Twikki eiland?’ vraagt hij verbaasd en hij kijkt naar Samantha. Haar gezicht straalt en ze knikt. Meteen voelt Levi een onbehagelijk gevoel omhoog komen.
  • 228. ‘Ik dacht dat het misschien wel een leuk idee was om er samen even tussen uit te gaan. Ik heb het aan Jessica gevraagd en je kan makkelijk vrij krijgen. Maar als je het niets vindt kun je het eerlijk zeggen. Ik kan er vast wel iemand anders blij mee maken.’
  • 229. Levi schudt zijn hoofd en trekt haar naar zich toe. ‘Het is een goed idee.’ zegt hij en hij kust haar. Daarna nestelt Samantha zich weer tegen zijn borst zodat ze zijn bezorgde gezicht niet kan zien.
  • 230. ‘Vind je het erg als je oude vader even bij je komt zitten?’ vraagt Armand De Bateau aan zijn dochter die afwezig in het vuur staart. Tara haalt haar schouders op. ‘Doe wat je niet laten kunt.’ zegt ze zachtjes.
  • 231. ‘Ik wil eigenlijk iets met je bespreken.’ begint Armand en met een zucht draait Tara haar hoofd naar hem toe. ‘Is het niet eens tijd dat je een baantje gaat zoeken? Je bent nu al ruim een jaar klaar met je studie. Niet dat ik het erg vindt dat je de hele dag hier bent.’ voegt Armand er snel aan toe.
  • 232. Tara zucht. ‘Papa, hier hebben we het over gehad. Ik heb je al vertelt dat ik druk ben met anderen dingen. Bovendien dacht ik dat je wilde dat ik over een aantal jaar je bedrijf over zou nemen.’ zegt ze triomfantelijk.
  • 233. Armand knikt. ‘Je weet dat ik dat graag wil, maar dat wil niet zeggen dat je tot die tijd niets hoeft te doen. Je zou op z’n minst alvast wat ervaring op kunnen doen. Dat is altijd handig in het leven.’
  • 234. Tara zucht. ‘Pap, ik ben dan misschien je adoptiedochter, maar ik heb wel jou neus voor zaken. Bovendien…’ Tara stopt haar betoog als haar mobiel gaat. ‘Deze moet ik even nemen.’ zegt ze als ze de naam op het schermpje ziet.
  • 235. Ze sluit zorgvuldig de deur achter zich. ‘Leo, ik dacht dat we hadden afgesproken dat ik jou zou bellen.’ sist ze in de telefoon. Ze zucht. ‘Oké dan, laat maar horen wat je hebt ontdekt.’
  • 236. Ze laat zich op haar grote bed vallen en luistert naar het verhaal van Leo. ‘Twikki eiland? Heeft hij gewoon twee tickets voor Twikki eiland geboekt?’ vraagt ze ongelovig. ‘Hij is nog erger dan ik dacht. Maar bedankt Leo. Hier kan ik zeker iets mee.’
  • 237. Ze hangt op voor Leo nog iets kan vragen en loopt naar de ruime inloopkast die aan haar kamer grenst. Ze duwt wat kleding opzij en pakt haar koffer. Razendsnel gooit ze de belangrijkste spullen erin en pakt dan een jas en zonnebril.
  • 238. Slechts een paar minuten na het telefoontje van Leo staat ze in haar jas en met een zonnebril voor de spiegel. Ze steekt haar haar op en kijkt naar het spiegelbeeld. ‘Pas maar op, Levi Wander. Je bent nog niet van me af.’ sist ze tegen haar spiegelbeeld.
  • 239. Ergens, duizende kilometers van Belladonnabaan verwijdert staat een oud kasteel. Het bos en de omgeving is verlaten en nergens is een levende ziel te bekennen. Toch brandt het licht in het kasteel.
  • 240. Een van de kamers is ouderwets ingericht. Het is er doodstil op de zachte ademhaling van een man bij het raam na. Geïrriteerd neemt hij een trek van zijn sigaret en hij inhaleert diep.
  • 241. Er klinkt een zacht klopje op de deur en twee mannen komen binnen. ‘U wilde ons spreken?’ vraagt de man met bruin haar. De man bij het raam knikt. ‘Jullie zijn laat, té laat.’ zegt hij met een harde stem.
  • 242. De man loopt naar het bureau en drukt zijn sigaret uit. ‘Het spijt ons zeer. Het was niet makkelijk te vinden.’ zegt de man met het bruine haar en de twee mannen gaan voor het bureau staan.
  • 243. ‘Dat zal best. Als het in het vervolg maar niet meer gebeurd.’ De man draait zijn zware, met rode stof bekleedde stoel wat dichter naar het bureau. ‘Ik heb jullie laten komen omdat ik een opdracht voor jullie heb, maar eerst wil ik weten of ik jullie kan vertrouwen.’
  • 244. De man met het bruine haar knikt. ‘Dat is begrijpelijk, maar ik kan u verzekeren dat wij alles zullen doen om u opdracht te volbrengen. Maar voor we het over verdere details hebben willen we graag weten voor wie we werken.’
  • 245. Een kwaadaardig lachje speelt om de mond van de man aan het bureau. ‘Namen worden teveel overschat.’ zegt hij. ‘De naam is niet belangrijk voor deze opdracht.’
  • 246. De man met het bruine haar schudt zijn hoofd. ‘We weten graag voor wie we werken.’ zegt hij en wijst naar de man naast hem. De man aan het bureau zucht en denkt even na. ‘Laten we zeggen… Fatum. Meneer Fatum.’ Hetzelfde kwaadaardige lachje vormt zich rond zijn lippen.
  • 247. De man tegenover hem knikt goedkeurend. ‘Fatum…’ herhaalt hij. ‘Toe maar, het Latijnse woord voor noodlot. Heeft dat ook een reden?’ vraagt hij nieuwsgierig.
  • 248. Het lachje verdwijnt van het gezicht van meneer Fatum. ‘Vragen, vragen, vragen.’ zegt hij hoofdschuddend. ‘Er zijn veel belangrijkere dingen. Vertel me liever wie jullie zijn.’
  • 249. ‘Ik ben Marcus.’ zegt de man met het bruine haar. ‘En dit is mijn compagnon, Duco.’ zegt hij en wijst naar de man naast hem. ‘Hij zegt niet veel, maar ik neem aan dat u daar geen problemen mee heeft.’
  • 250. Meneer Fatum knikt. ‘Hoe minder mensen hun mond voorbij praten hoe beter.’ Hij vouwt zijn handen samen. ‘Marcus en Duco, ik heb een opdracht voor jullie. Ik wil dat jullie iemand voor mij zoeken. Zijn naam is Levi Wander.’
  • 251. En hier eindigt mijn derde update van A WanderingRound Robin Legacy. Wil je weten hoe het verder gaat? Dan zie ik jullie bij het vierde deel!
    X Sandra