Hardware
• Monitor
• Toetsenbord
• Muis
• Systeemkast
• Niet aanwezig hier in de klas:
printer, scanner, geluidsboxen, microfoon, …
• Kortom: hardware = alles wat je kan vastpakken
3.
Software
• Toepassingssoftware:
– Tekstverwerker
– Rekenblad
– Presentatiepakket
– Tekenprogramma
–…
– Deze software staat “op” de computer en je kan
er iets “mee doen”
4.
Software
• Besturingssoftware =software die ervoor zorgt
dat alle andere software op een correcte manier
samenwerkt met de hardware
• Voorbeelden:
– Windows
– Mac OS
– Linux
– …
• Wij maken gebruik van Windows 7
Verwerkingseenheid
• CPU =Central Processing Unit =
centrale verwerkingseenheid
• Dit is het hart van de computer
• Kan zeer snel opdrachten uitvoeren en
berekeningen maken
• Vormt invoer om tot uitvoer