Wij bidden om de Geest die leven doet,
die ons bezielt tot recht doen, vrede maken;
die ons weerhoudt van wraak, van bloed voor bloed
en tegen machtsmisbruiken ons doet waken.
Zij wil ons, hand voor hand en voet bij voet,
voorbij aan wanhoop, twijfel, angst doen raken.
Wij bidden om de Geest die leven doet,
die ons elkanders leven doet waarderen;
die in ons waakt en die in ons verhoedt
dat wij de armen onze rug toekeren.
Zij wil dat wij ons, één voor één, voorgoed
met mensen van haar keuze engageren.
(Huub
Oosterhuis
/
Bernard
Huijbers)
Wij bidden om de Geest die leven doet,
die ons elkanders leven doet waarderen;
die in ons waakt en die in ons verhoedt
dat wij de armen onze rug toekeren.
Zij wil dat wij ons, één voor één, voorgoed
met mensen van haar keuze engageren.
Eert God die onze Vader is;
weest allen welgemoed.
Looft Hem, gij zult in vrede zijn.
Aanbidt al wat Hij doet.
U, Heer, komt alle leven toe
en wie of waar Gij zijt,
U is de macht, U zingen wij
dank voor uw heerlijkheid.
Lam Gods dat onze zonden draagt,
neem deze lofzang aan.
Gedenk ons in uw koninkrijk,
want Jezus is uw naam.
Gij die voor ons ten beste spreekt,
Messias, onze Heer.
O, ééngeboren Zoon van God,
kom haastig tot ons weer.
Heden zegt Gij: kies dan het leven,
zet hoofd en hart op ommekeer
keer af van al uw oorlogswegen,
van oog om oog, van leer om leer
Geef U gewonnen aan de armen
en laat de allerkleinste voor.
Dan zult gij weten van erbarmen
en breekt de grote vrede door.
(van
Opbergen
Jan
/
‘Lied
aan
het
licht’
Oomen)
Geloofsbelevenis
[Voorganger]
Ik geloof dat God de mens geschapen heeft
als een zoeker naar vriendschap en liefde,
naar vrede en waarheid,
naar een nieuwe aarde.
[Allen]
Ik geloof dat Gods Zoon, Jezus,
ons op deze weg is voorgegaan,
doorheen lijden en dood,
naar verrijzenis en nieuw leven.
[Vg]
Ik geloof dat Hij nu onder ons verder leeft
en ons uitnodigt mee te bouwen
aan een wereld waar het goed is om te wonen:
Gods rijk op aarde.
[Al]
Ik geloof dat wij samen, als kerkgemeenschap,
op weg zijn naar geluk
en dat Hij ons daarom zijn Geest schenkt
om te kunnen standhouden
in goede en kwade dagen.
[Vg]
Ik geloof dat God ons allen zal samenbrengen
en ons leven zal voltooien.
[Al]
Ik geloof dat Hij daarom
niets zal laten verloren gaan
van wat uit liefde geboren is.
Amen
God roept de mens in ied’re tijd
en spreekt tot hem van eeuwigheid;
Hij geeft niet om vrijblijvendheid,
maar vraagt zichzelf te geven.
Te horen naar wat Hij zegt
Zijn woord in ieders hart gelegd,
tezamen een taal die zegt
dat liefde staat voor delen.
Wie oren om te horen heeft
en handen om te geven heeft,
wie liefde voor het leven heeft
kan delen met elk ander.
Al werkend aan wat God wil
wordt ieder mens een beetje stil
en ziet door een nieuwe bril
het leven als geen ander.
'uit vuur en ijzer' (Poolse volk
[Vg.]
Eens, lang geleden, is de mens begonnen
met zaaien en maaien, met dorsen en malen,
en hij bakte het eerste brood,
om goed van te eten
en dan weer verder te gaan.
[Al.]
Eens, lang geleden, is de mens begonnen
met planten en sproeien,
met plukken en persen,
en hij vulde de eerste beker met wijn,
om goed van te drinken
en dan weer verder te gaan.
[Vg.]
Eens, lang geleden, is een mens begonnen
met zoeken en vinden, met geven en delen,
en hij nam het brood en de beker
en werd de eerste die zei:
brood met anderen gedeeld
en wijn voor anderen verschonken,
om mens van te worden
en dan weer met velen verder te gaan.
[Al.]
Eens, ooit, nog hoeveel eeuwen kan het duren,
zullen we leven, voorgoed en zonder angst,
van geven en ontvangen,
van aanzien en beminnen,
en voor het eerst zullen wij weten,
dat liefde is gedeeld en leed vergeten,
dat de hemel de aarde is,
om zomaar eindeloos verder te gaan.
Geef ons de vrede,
geef vrede aan wie op Jou vertrouwt.
Geef ons de vrede, geef vrede. (Taizé)
Twee handen schoon gebleven
door onpartijdigheid;
wie durft ze uit te steken
en noemen God gewijd?
Twee ogen uitgekeken
geen ander meer zien staan;
wie zou ze durven sluiten
en zo ten einde gaan?
Twee oren doof gebleven
voor andermans verdriet;
wie zou daarmee nog horen
een hoopvol mensenlied?
Met handen, ogen oren
door keuze vroeg of laat
herscheppen wij de aarde
tot alle goeds in staat.
Twee handen schoon gebleven
door onpartijdigheid;
wie durft ze uit te steken
en noemen God gewijd?
Twee ogen uitgekeken
geen ander meer zien staan;
wie zou ze durven sluiten
en zo ten einde gaan?
Twee oren doof gebleven
voor andermans verdriet;
wie zou daarmee nog horen
een hoopvol mensenlied?
Met handen, ogen oren
door keuze vroeg of laat
herscheppen wij de aarde
tot alle goeds in staat.
Keuzes maken (B21 2021)

Keuzes maken (B21 2021)

  • 2.
    Wij bidden omde Geest die leven doet, die ons bezielt tot recht doen, vrede maken; die ons weerhoudt van wraak, van bloed voor bloed en tegen machtsmisbruiken ons doet waken. Zij wil ons, hand voor hand en voet bij voet, voorbij aan wanhoop, twijfel, angst doen raken. Wij bidden om de Geest die leven doet, die ons elkanders leven doet waarderen; die in ons waakt en die in ons verhoedt dat wij de armen onze rug toekeren. Zij wil dat wij ons, één voor één, voorgoed met mensen van haar keuze engageren. (Huub Oosterhuis / Bernard Huijbers)
  • 3.
    Wij bidden omde Geest die leven doet, die ons elkanders leven doet waarderen; die in ons waakt en die in ons verhoedt dat wij de armen onze rug toekeren. Zij wil dat wij ons, één voor één, voorgoed met mensen van haar keuze engageren.
  • 6.
    Eert God dieonze Vader is; weest allen welgemoed. Looft Hem, gij zult in vrede zijn. Aanbidt al wat Hij doet. U, Heer, komt alle leven toe en wie of waar Gij zijt, U is de macht, U zingen wij dank voor uw heerlijkheid.
  • 7.
    Lam Gods datonze zonden draagt, neem deze lofzang aan. Gedenk ons in uw koninkrijk, want Jezus is uw naam. Gij die voor ons ten beste spreekt, Messias, onze Heer. O, ééngeboren Zoon van God, kom haastig tot ons weer.
  • 11.
    Heden zegt Gij:kies dan het leven, zet hoofd en hart op ommekeer keer af van al uw oorlogswegen, van oog om oog, van leer om leer Geef U gewonnen aan de armen en laat de allerkleinste voor. Dan zult gij weten van erbarmen en breekt de grote vrede door.
  • 12.
  • 14.
    Geloofsbelevenis [Voorganger] Ik geloof datGod de mens geschapen heeft als een zoeker naar vriendschap en liefde, naar vrede en waarheid, naar een nieuwe aarde.
  • 15.
    [Allen] Ik geloof datGods Zoon, Jezus, ons op deze weg is voorgegaan, doorheen lijden en dood, naar verrijzenis en nieuw leven.
  • 16.
    [Vg] Ik geloof datHij nu onder ons verder leeft en ons uitnodigt mee te bouwen aan een wereld waar het goed is om te wonen: Gods rijk op aarde.
  • 17.
    [Al] Ik geloof datwij samen, als kerkgemeenschap, op weg zijn naar geluk en dat Hij ons daarom zijn Geest schenkt om te kunnen standhouden in goede en kwade dagen.
  • 18.
    [Vg] Ik geloof datGod ons allen zal samenbrengen en ons leven zal voltooien. [Al] Ik geloof dat Hij daarom niets zal laten verloren gaan van wat uit liefde geboren is. Amen
  • 22.
    God roept demens in ied’re tijd en spreekt tot hem van eeuwigheid; Hij geeft niet om vrijblijvendheid, maar vraagt zichzelf te geven. Te horen naar wat Hij zegt Zijn woord in ieders hart gelegd, tezamen een taal die zegt dat liefde staat voor delen.
  • 23.
    Wie oren omte horen heeft en handen om te geven heeft, wie liefde voor het leven heeft kan delen met elk ander. Al werkend aan wat God wil wordt ieder mens een beetje stil en ziet door een nieuwe bril het leven als geen ander. 'uit vuur en ijzer' (Poolse volk
  • 25.
    [Vg.] Eens, lang geleden,is de mens begonnen met zaaien en maaien, met dorsen en malen, en hij bakte het eerste brood, om goed van te eten en dan weer verder te gaan.
  • 26.
    [Al.] Eens, lang geleden,is de mens begonnen met planten en sproeien, met plukken en persen, en hij vulde de eerste beker met wijn, om goed van te drinken en dan weer verder te gaan.
  • 27.
    [Vg.] Eens, lang geleden,is een mens begonnen met zoeken en vinden, met geven en delen, en hij nam het brood en de beker en werd de eerste die zei: brood met anderen gedeeld en wijn voor anderen verschonken, om mens van te worden en dan weer met velen verder te gaan.
  • 28.
    [Al.] Eens, ooit, noghoeveel eeuwen kan het duren, zullen we leven, voorgoed en zonder angst, van geven en ontvangen, van aanzien en beminnen, en voor het eerst zullen wij weten, dat liefde is gedeeld en leed vergeten, dat de hemel de aarde is, om zomaar eindeloos verder te gaan.
  • 30.
    Geef ons devrede, geef vrede aan wie op Jou vertrouwt. Geef ons de vrede, geef vrede. (Taizé)
  • 32.
    Twee handen schoongebleven door onpartijdigheid; wie durft ze uit te steken en noemen God gewijd? Twee ogen uitgekeken geen ander meer zien staan; wie zou ze durven sluiten en zo ten einde gaan? Twee oren doof gebleven voor andermans verdriet; wie zou daarmee nog horen een hoopvol mensenlied? Met handen, ogen oren door keuze vroeg of laat herscheppen wij de aarde tot alle goeds in staat.
  • 33.
    Twee handen schoongebleven door onpartijdigheid; wie durft ze uit te steken en noemen God gewijd? Twee ogen uitgekeken geen ander meer zien staan; wie zou ze durven sluiten en zo ten einde gaan? Twee oren doof gebleven voor andermans verdriet; wie zou daarmee nog horen een hoopvol mensenlied? Met handen, ogen oren door keuze vroeg of laat herscheppen wij de aarde tot alle goeds in staat.