der, die of das?
der, die of das? = lidwoorden
der, die of das? = lidwoorden = staan dus voor een zelfstandig naamwoord
Voorbeelden: de  auto het  huis het  idee
der, die of das? … betekenen in het Nederlands dus altijd
der, die of das? … betekenen in het Nederlands dus altijd  de  of  het
Ook in andere talen
Ook in andere talen In het Frans:
Ook in andere talen In het Frans:  le  of  la
der, die of das? Wanneer is het nou  der, die  of  das ?
Wanneer is het der, die of das? een paar regels
Wanneer is het der, die of das? een paar regels leren
Wanneer welke? een paar regels leren  opzoeken in het woordenboek
Wanneer krijg je welke? REGEL 1: Biologische regel
Wanneer krijg je welke? REGEL 1: Biologische regel Mannelijke mensen of dieren =  der
Wanneer krijg je welke? REGEL 1: Biologische regel Mannelijke mensen of dieren =  der Vrouwelijke mensen of dieren =  die
der, die of das? Voorbeelden: der Mann – die Frau
der, die of das? Voorbeelden: der Freund – die Freundin
der, die of das? Voorbeelden: der Stier – die Kuh
Wat heb je geleerd? der ,  die  en  das  zijn lidwoorden
Wat heb je geleerd? der ,  die  en  das  zijn lidwoorden ze betekenen altijd  de  of  het
Wat heb je geleerd? der ,  die  en  das  zijn lidwoorden ze betekenen altijd  de  of  het  er zijn een paar regels
Wat heb je geleerd? der ,  die  en  das  zijn lidwoorden ze betekenen altijd  de  of  het  er zijn een paar regels in deze les regel 1 geleerd:
Wanneer krijg je welke? REGEL 1: Biologische regel Mannelijke mensen of dieren =
Wanneer krijg je welke? REGEL 1: Biologische regel Mannelijke mensen of dieren =  der
Wanneer krijg je welke? REGEL 1: Biologische regel Mannelijke mensen of dieren =  der Vrouwelijke mensen of dieren =
Wanneer krijg je welke? REGEL 1: Biologische regel Mannelijke mensen of dieren =  der Vrouwelijke mensen of dieren =  die

Der Die Das 01

  • 1.
  • 2.
    der, die ofdas? = lidwoorden
  • 3.
    der, die ofdas? = lidwoorden = staan dus voor een zelfstandig naamwoord
  • 4.
    Voorbeelden: de auto het huis het idee
  • 5.
    der, die ofdas? … betekenen in het Nederlands dus altijd
  • 6.
    der, die ofdas? … betekenen in het Nederlands dus altijd de of het
  • 7.
  • 8.
    Ook in anderetalen In het Frans:
  • 9.
    Ook in anderetalen In het Frans: le of la
  • 10.
    der, die ofdas? Wanneer is het nou der, die of das ?
  • 11.
    Wanneer is hetder, die of das? een paar regels
  • 12.
    Wanneer is hetder, die of das? een paar regels leren
  • 13.
    Wanneer welke? eenpaar regels leren opzoeken in het woordenboek
  • 14.
    Wanneer krijg jewelke? REGEL 1: Biologische regel
  • 15.
    Wanneer krijg jewelke? REGEL 1: Biologische regel Mannelijke mensen of dieren = der
  • 16.
    Wanneer krijg jewelke? REGEL 1: Biologische regel Mannelijke mensen of dieren = der Vrouwelijke mensen of dieren = die
  • 17.
    der, die ofdas? Voorbeelden: der Mann – die Frau
  • 18.
    der, die ofdas? Voorbeelden: der Freund – die Freundin
  • 19.
    der, die ofdas? Voorbeelden: der Stier – die Kuh
  • 20.
    Wat heb jegeleerd? der , die en das zijn lidwoorden
  • 21.
    Wat heb jegeleerd? der , die en das zijn lidwoorden ze betekenen altijd de of het
  • 22.
    Wat heb jegeleerd? der , die en das zijn lidwoorden ze betekenen altijd de of het er zijn een paar regels
  • 23.
    Wat heb jegeleerd? der , die en das zijn lidwoorden ze betekenen altijd de of het er zijn een paar regels in deze les regel 1 geleerd:
  • 24.
    Wanneer krijg jewelke? REGEL 1: Biologische regel Mannelijke mensen of dieren =
  • 25.
    Wanneer krijg jewelke? REGEL 1: Biologische regel Mannelijke mensen of dieren = der
  • 26.
    Wanneer krijg jewelke? REGEL 1: Biologische regel Mannelijke mensen of dieren = der Vrouwelijke mensen of dieren =
  • 27.
    Wanneer krijg jewelke? REGEL 1: Biologische regel Mannelijke mensen of dieren = der Vrouwelijke mensen of dieren = die