VGT april 2009 Techniek
CT <ul><li>24.  Een spiraal CT-scan met een pitch van 0,7 duurt 30 seconden.  </li></ul><ul><li>Bij een pitch van 1,4 duur...
Pitch <ul><li>Pitch = TF / ( N * SC) </li></ul><ul><li>TF = tafelverschuiving per rotatie </li></ul><ul><li>N = # detector...
CT <ul><li>24.  Een spiraal CT-scan met een pitch van 0,7 duurt 30 seconden.  </li></ul><ul><li>Bij een pitch van 1,4 duur...
<ul><li>25 . Bij de reconstructie van een CT-scan heeft de gebruiker de keuze uit verschillende reconstructiefilters.  </l...
Reconstructiefilter <ul><li>Filter = kernel </li></ul><ul><li>Verschillen in scherpe (edge enhancing) en zachte filters </...
<ul><li>25 . Bij de reconstructie van een CT-scan heeft de gebruiker de keuze uit verschillende reconstructiefilters.  </l...
MRI <ul><li>26. Weefsels met een korte T2-relaxatietijd geven veel signaal op een T2-gewogen opname.  </li></ul><ul><li>A ...
Mz en Mxy <ul><li>Mz: longitudinale magnetisatie  </li></ul><ul><ul><li>in richting van magneetveld </li></ul></ul><ul><li...
Mz Mxy 90 gr puls <ul><li>RF-puls van 90 graden:  </li></ul><ul><ul><li>Mz wordt 0, en Mxy onstaat </li></ul></ul>
Mz en Mxy <ul><li>Na RF-puls: Mz groeit terug en Mxy verdwijnt: </li></ul><ul><ul><li>T1 = longitudinale relaxatietijd: ma...
Relaxatietijden: T1 <ul><li>T1, maat voor hoe snel Mz weer teruggegroeid is  </li></ul>T r
Relaxatietijden: T1 <ul><li>Weefsel met kortere T1, </li></ul>
Relaxatietijden: T1 <ul><li>Kortere T1, curve groeit sneller terug, dus kortere T1 geeft hoger signaal op T1-gewogen opnam...
Relaxatietijden: T2 <ul><li>T2, maat voor hoe snel Mxy verdwijnt </li></ul><ul><li>Kortere T2, Mxy sneller naar 0, dus kor...
MRI <ul><li>26. Weefsels met een korte T2-relaxatietijd geven veel signaal op een T2-gewogen opname.  </li></ul><ul><li>A ...
<ul><li>27. De 180   refocusering puls bij een spin-echo-sequentie compenseert voor zowel statische als dynamische magnee...
Spin echo <ul><li>Statische veldinhomogeniteit </li></ul><ul><li>Bijvoorbeeld door aanwezig metaal,  magneetveld in buurt ...
Metaal Protonen draaien sneller Moment van 180 gr puls Protonen gaan andere kant  Uit draaien Komen hier weer in zelfde  F...
 
Spin echo <ul><li>Dit werkt niet als stuk metaal beweegt, corrigeert dus alleen voor  statische  veldinhomogeniteiten </li...
<ul><li>27. De 180   refocusering puls bij een spin-echo-sequentie compenseert voor zowel statische als dynamische magnee...
<ul><li>28. MRI-opnames met een gradiënt echo sequentie zijn gevoeliger voor metaalimplantaten dan die met een spin-echo-s...
Gradient echo <ul><li>Er wordt geen 180 graden puls gegeven. </li></ul><ul><li>Echo wordt gegenereerd door omgekeerde grad...
<ul><li>28. MRI-opnames met een gradiënt echo sequentie zijn gevoeliger voor metaalimplantaten dan die met een spin-echo-s...
<ul><li>29.  Het nut van spoiling bij MRI is om de resterende transversale magnetisatie na een excitatiepuls te verzwakken...
Spoiling <ul><li>Zorgt ervoor dat alle resterende Mxy verdwijnt </li></ul><ul><li>Hierdoor hoeft niet gewacht te worden to...
<ul><li>29.  Het nut van spoiling bij MRI is om de resterende transversale magnetisatie na een excitatiepuls te verzwakken...
Conventioneel <ul><li>30. Automatic Exposure Control zorgt ervoor dat bij elke patiënt dezelfde dosis wordt gebruikt.  </l...
Automatic Exposure Control <ul><li>Belichtingsautomaat </li></ul><ul><li>Tijdens rontgenopname wordt straling op detector ...
<ul><li>30. Automatic Exposure Control zorgt ervoor dat bij elke patiënt dezelfde dosis wordt gebruikt.  </li></ul><ul><li...
<ul><li>31.  Contrast hangt van vele aspecten in de beeldvormingsketen af.   </li></ul><ul><li>Contrast hangt echter niet ...
<ul><li>Contrast hangt met name af van kV </li></ul><ul><li>Contrast = verschil in signaal tussen weefsel A en weefsel B <...
<ul><li>31.  Contrast hangt van vele aspecten in de beeldvormingsketen af.   </li></ul><ul><li>Contrast hangt echter niet ...
<ul><li>32 . De focusgrootte bepaalt onder meer de resolutie van een foto.   </li></ul><ul><li>Bij een bepaalde focusgroot...
 
<ul><li>32 . De focusgrootte bepaalt onder meer de resolutie van een foto.   </li></ul><ul><li>Bij een bepaalde focusgroot...
<ul><li>33. Een praktische manier om strooistraling te verminderen is verlagen van het grid ratio.  </li></ul><ul><li>A Ju...
Strooistralenrooster <ul><li>Selectief filter voor strooistraling uit patient </li></ul><ul><li>Onvermijdelijke dosisverho...
Grid ratio: height / width 8:1, 10:1 en 12:1 general 5:1 mammografie  Bij verlagen grid ratio: Lager of wijder: Er komt me...
<ul><li>33. Een praktische manier om strooistraling te verminderen is verlagen van het grid ratio.  </li></ul><ul><li>A Ju...
Upcoming SlideShare
Loading in …5
×

Vgt techniek vragenapril2009

1,057 views

Published on

0 Comments
1 Like
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

No Downloads
Views
Total views
1,057
On SlideShare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
3
Actions
Shares
0
Downloads
14
Comments
0
Likes
1
Embeds 0
No embeds

No notes for slide

Vgt techniek vragenapril2009

  1. 1. VGT april 2009 Techniek
  2. 2. CT <ul><li>24. Een spiraal CT-scan met een pitch van 0,7 duurt 30 seconden. </li></ul><ul><li>Bij een pitch van 1,4 duurt dezelfde scan 15 seconden. </li></ul><ul><li>A. Juist B. Onjuist C. Weet niet </li></ul>
  3. 3. Pitch <ul><li>Pitch = TF / ( N * SC) </li></ul><ul><li>TF = tafelverschuiving per rotatie </li></ul><ul><li>N = # detectorrijen </li></ul><ul><li>SC = Slice collimatie (mm) </li></ul><ul><li>Hogere pitch, spiraal “uitgerekt” </li></ul><ul><li>Dus als pitch 2 keer zo hoog, scan 2 keer zo snel klaar </li></ul><ul><li>Tevens halveert de dosis </li></ul>
  4. 4. CT <ul><li>24. Een spiraal CT-scan met een pitch van 0,7 duurt 30 seconden. </li></ul><ul><li>Bij een pitch van 1,4 duurt dezelfde scan 15 seconden. </li></ul><ul><li>A. Juist B. Onjuist C. Weet niet </li></ul>
  5. 5. <ul><li>25 . Bij de reconstructie van een CT-scan heeft de gebruiker de keuze uit verschillende reconstructiefilters. </li></ul><ul><li>De keuze van het reconstructiefilter heeft invloed op de spatiële resolutie. </li></ul><ul><li>A. Juist B. Onjuist C. Weet niet </li></ul>
  6. 6. Reconstructiefilter <ul><li>Filter = kernel </li></ul><ul><li>Verschillen in scherpe (edge enhancing) en zachte filters </li></ul><ul><li>Scherpe filters resulteren in hogere spatiele resolutie en meer ruis </li></ul><ul><li>Zachte filters geven minder ruis, lagere spatiele resolutie </li></ul><ul><li>Voorbeeld: hersenen trauma protocol </li></ul>
  7. 7. <ul><li>25 . Bij de reconstructie van een CT-scan heeft de gebruiker de keuze uit verschillende reconstructiefilters. </li></ul><ul><li>De keuze van het reconstructiefilter heeft invloed op de spatiële resolutie. </li></ul><ul><li>A. Juist B. Onjuist C. Weet niet </li></ul>
  8. 8. MRI <ul><li>26. Weefsels met een korte T2-relaxatietijd geven veel signaal op een T2-gewogen opname. </li></ul><ul><li>A Juist B Onjuist C Weet niet </li></ul>
  9. 9. Mz en Mxy <ul><li>Mz: longitudinale magnetisatie </li></ul><ul><ul><li>in richting van magneetveld </li></ul></ul><ul><li>Mxy: transversale magnetisatie </li></ul><ul><ul><li>loodrecht op veld </li></ul></ul><ul><li>Patient in magneetveld </li></ul><ul><li>Protonen gaan zich richten (zijn er heel veel) …ppm richt zich meer in richting van magneetveld  er onstaat netto magnetisatie in richting van magneetveld: Mz </li></ul>
  10. 10. Mz Mxy 90 gr puls <ul><li>RF-puls van 90 graden: </li></ul><ul><ul><li>Mz wordt 0, en Mxy onstaat </li></ul></ul>
  11. 11. Mz en Mxy <ul><li>Na RF-puls: Mz groeit terug en Mxy verdwijnt: </li></ul><ul><ul><li>T1 = longitudinale relaxatietijd: maat voor hoe snel Mz weer teruggegroeid is </li></ul></ul><ul><ul><li>T2 = transversale relaxatietijd: maat voor hoe snel Mxy verdwijnt </li></ul></ul>Mxy Mz
  12. 12. Relaxatietijden: T1 <ul><li>T1, maat voor hoe snel Mz weer teruggegroeid is </li></ul>T r
  13. 13. Relaxatietijden: T1 <ul><li>Weefsel met kortere T1, </li></ul>
  14. 14. Relaxatietijden: T1 <ul><li>Kortere T1, curve groeit sneller terug, dus kortere T1 geeft hoger signaal op T1-gewogen opname </li></ul><ul><li>Gd verkort T1 </li></ul>Kortere T1 T r
  15. 15. Relaxatietijden: T2 <ul><li>T2, maat voor hoe snel Mxy verdwijnt </li></ul><ul><li>Kortere T2, Mxy sneller naar 0, dus kortere T2 geeft lager signaal op T2-gewogen opname </li></ul>Kortere T2
  16. 16. MRI <ul><li>26. Weefsels met een korte T2-relaxatietijd geven veel signaal op een T2-gewogen opname. </li></ul><ul><li>A Juist B Onjuist C Weet niet </li></ul>
  17. 17. <ul><li>27. De 180  refocusering puls bij een spin-echo-sequentie compenseert voor zowel statische als dynamische magneetveldfluctuaties bij MRI. </li></ul><ul><li>A Juist B Onjuist C Weet niet </li></ul>
  18. 18. Spin echo <ul><li>Statische veldinhomogeniteit </li></ul><ul><li>Bijvoorbeeld door aanwezig metaal, magneetveld in buurt van metaal heeft iets andere sterkte </li></ul><ul><li>Hierdoor andere frequentie waarmee protonen precessie vertonen (ronddraaien) </li></ul>
  19. 19. Metaal Protonen draaien sneller Moment van 180 gr puls Protonen gaan andere kant Uit draaien Komen hier weer in zelfde Fase uit: er ontstaat echo
  20. 21. Spin echo <ul><li>Dit werkt niet als stuk metaal beweegt, corrigeert dus alleen voor statische veldinhomogeniteiten </li></ul>
  21. 22. <ul><li>27. De 180  refocusering puls bij een spin-echo-sequentie compenseert voor zowel statische als dynamische magneetveldfluctuaties bij MRI. </li></ul><ul><li>A Juist B Onjuist C Weet niet </li></ul>
  22. 23. <ul><li>28. MRI-opnames met een gradiënt echo sequentie zijn gevoeliger voor metaalimplantaten dan die met een spin-echo-sequentie. </li></ul><ul><li>A Juist B Onjuist C Weet niet </li></ul>
  23. 24. Gradient echo <ul><li>Er wordt geen 180 graden puls gegeven. </li></ul><ul><li>Echo wordt gegenereerd door omgekeerde gradient te geven </li></ul><ul><li>Echter, hierdoor wordt niet gecorrigeerd voor inhomogeen veld door bijv. aanwezig metaal </li></ul><ul><li>Gradient echo gevoeliger voor metaalartefacten </li></ul>
  24. 25. <ul><li>28. MRI-opnames met een gradiënt echo sequentie zijn gevoeliger voor metaalimplantaten dan die met een spin-echo-sequentie. </li></ul><ul><li>A Juist B Onjuist C Weet niet </li></ul>
  25. 26. <ul><li>29. Het nut van spoiling bij MRI is om de resterende transversale magnetisatie na een excitatiepuls te verzwakken voordat de volgende excitatiepuls wordt gegeven. </li></ul><ul><li>Aldus kunnen korte repetitietijden en dus korte scantijden worden gerealiseerd. </li></ul><ul><li>A Juist B Onjuist C Weet niet </li></ul>
  26. 27. Spoiling <ul><li>Zorgt ervoor dat alle resterende Mxy verdwijnt </li></ul><ul><li>Hierdoor hoeft niet gewacht te worden tot Mxy verdwenen is voor de volgende RF puls. </li></ul><ul><li>Repetitietijd = tijd tussen 2 opeenvolgende RF-pulsen </li></ul>
  27. 28. <ul><li>29. Het nut van spoiling bij MRI is om de resterende transversale magnetisatie na een excitatiepuls te verzwakken voordat de volgende excitatiepuls wordt gegeven. </li></ul><ul><li>Aldus kunnen korte repetitietijden en dus korte scantijden worden gerealiseerd. </li></ul><ul><li>A Juist B Onjuist C Weet niet </li></ul>
  28. 29. Conventioneel <ul><li>30. Automatic Exposure Control zorgt ervoor dat bij elke patiënt dezelfde dosis wordt gebruikt. </li></ul><ul><li>A Juist B Onjuist C Weet niet </li></ul>
  29. 30. Automatic Exposure Control <ul><li>Belichtingsautomaat </li></ul><ul><li>Tijdens rontgenopname wordt straling op detector gemeten </li></ul><ul><li>Productie van X-stralen wordt gestopt als genoeg dosis op detector </li></ul><ul><li>Bij obese patient zal dus langer belicht worden dan bij dunne patient </li></ul><ul><li>Dosis op detector zoveel mogelijk gelijk bij verschillende patienten </li></ul>
  30. 31. <ul><li>30. Automatic Exposure Control zorgt ervoor dat bij elke patiënt dezelfde dosis wordt gebruikt. </li></ul><ul><li>A Juist B Onjuist C Weet niet </li></ul>
  31. 32. <ul><li>31. Contrast hangt van vele aspecten in de beeldvormingsketen af. </li></ul><ul><li>Contrast hangt echter niet af van mAs. </li></ul><ul><li>A Juist B Onjuist C Weet niet </li></ul>
  32. 33. <ul><li>Contrast hangt met name af van kV </li></ul><ul><li>Contrast = verschil in signaal tussen weefsel A en weefsel B </li></ul><ul><li>SNR = signaal / ruis </li></ul><ul><li>CNR = contrast / ruis </li></ul><ul><li>mAs hangt samen met ruis </li></ul><ul><li>Hoe minder mAs, hoe meer ruis </li></ul>
  33. 34. <ul><li>31. Contrast hangt van vele aspecten in de beeldvormingsketen af. </li></ul><ul><li>Contrast hangt echter niet af van mAs. </li></ul><ul><li>A Juist B Onjuist C Weet niet </li></ul>
  34. 35. <ul><li>32 . De focusgrootte bepaalt onder meer de resolutie van een foto. </li></ul><ul><li>Bij een bepaalde focusgrootte hoort een bepaalde afstand tussen buis en detector. </li></ul><ul><li>A Juist B Onjuist C Weet niet </li></ul>
  35. 37. <ul><li>32 . De focusgrootte bepaalt onder meer de resolutie van een foto. </li></ul><ul><li>Bij een bepaalde focusgrootte hoort een bepaalde afstand tussen buis en detector. </li></ul><ul><li>A Juist B Onjuist C Weet niet </li></ul>
  36. 38. <ul><li>33. Een praktische manier om strooistraling te verminderen is verlagen van het grid ratio. </li></ul><ul><li>A Juist B Onjuist C Weet niet </li></ul>
  37. 39. Strooistralenrooster <ul><li>Selectief filter voor strooistraling uit patient </li></ul><ul><li>Onvermijdelijke dosisverhoging voor de patient </li></ul>
  38. 40. Grid ratio: height / width 8:1, 10:1 en 12:1 general 5:1 mammografie Bij verlagen grid ratio: Lager of wijder: Er komt meer strooistraling door het strooistralenrooster
  39. 41. <ul><li>33. Een praktische manier om strooistraling te verminderen is verlagen van het grid ratio. </li></ul><ul><li>A Juist B Onjuist C Weet niet </li></ul>

×