Vg tneurovoorjaar2010

1,450 views

Published on

Published in: Health & Medicine
0 Comments
1 Like
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

No Downloads
Views
Total views
1,450
On SlideShare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
3
Actions
Shares
0
Downloads
12
Comments
0
Likes
1
Embeds 0
No embeds

No notes for slide

Vg tneurovoorjaar2010

  1. 1. 26. Om Virchow-Robin ruimten opeen MRI-scan te onderscheiden van MS laesies is een FLAIR-opnamemeer geschikt dan een T2-gewogen opname. A Juist B Onjuist C Weet niet
  2. 2. VR (Perivascular spaces) Follows intensity of CSF: HYPO T1 en HYPER T2 FLAIR / PDWI are best in discrimination VR from white matter disease VR remains iso-intense to CSF (FLAIR) MS and other lesions are hyperintens on FLAIR
  3. 3. FLAIR Fluid Attenuation Inversion Recovery Obtain T2WI while keeping CSF dark Blood ad pus in subarachnoid space make dark SCF turn bright
  4. 4. 26 A Juist
  5. 5. 27. Acute disseminatedencephalomyelitis (ADEM) komt vooral voor bij patiënten die immuun gecompromitteerd zijn, zoals patiënten met AIDS A Juist B Onjuist C Weet niet
  6. 6. Acute disseminated encephalomyelitis (ADEM): History: recent viral or respratory infection, vaccination or exanthematous disease of childhood Can look like acute MS ADEM → Subcortical and Deep White Matter / One large dominant lesion !!
  7. 7. ADEMKey findings: Multifocal lesions in WM and basal ganglia 10-14 days following infection or vaccination.As in MS, ADEM can involve the spinal cord, U-fibers andcorpus callosum and sometimes show enhancement.Different from MS is that the lesions are often large and ina younger age group. The disease is monophasic.
  8. 8. 27 B Onjuist
  9. 9. 28. Op een MRI-scan onderscheidt CADASIL (cerebral autosomaldominant arteriopathy with subcortical infarction and leukoencephalopathy)zich van Morbus Binswanger, doordat bij CADASIL typisch de subcorticale U-fibers zijn aangedaan. A Juist B Onjuist C Weet niet
  10. 10. Morbus Binswanger : Binswanger ( subcortical arteriosclerotic encephalopathy): Demyelinating disease Older than age 55 Hypertension ( > 98 %) and lacunar infarction Subcortical fibers are spared (dual blood suply) !!!!!!
  11. 11. CADASIL: Inherited ( NOTCH3 gene on Chrom. 19) Mean age of death 59 Y Regions affected by deep perforating arteries most affected Typically involves the subcortical U fibers !!!!
  12. 12. CadasilCadasil is short for cerebralautosomal dominant arteriopathywith subcortical infarcts andleukencephalopathy.It is an herited small vessel disease.Clinical clues: migraine, dementiaand family history.Key finding: subcortical lacunarinfarcts with small cystic lesions andleukencephalopathy in young adults.Localisation in anterior temporal poleand external capsule have a highspecificity.
  13. 13. 28 A Juist
  14. 14. 30. Het merendeel van depatiënten met Creutzfeldt-Jacob heeft afwijkingen op een CT-scan van de hersenen. A Juist B Onjuist C Weet niet
  15. 15. Creutzfeldt-Jacob: Rare dementing disorder PRIONS CT normal (80 %) or progressive atrophic changes ( 20%) MRI → Restricted Diffusion in cortex often ( > 70 %) associated with lentifom nucleus involvement as well
  16. 16. 30 B Onjuist
  17. 17. 31. Chronische alcohol abusus is naar alle waarschijnlijkheid demeest voorkomende oorzaak van cerebellaire atrofie. De vermis is daarbij het meest frequent aangedaan A Juist B Onjuist C Weet niet
  18. 18. Alcohol abuse: Most common course of cerebellar atrophy Vermis more commonly involved than other parts !!!!
  19. 19. 31 A Juist
  20. 20. 32. Een extra-axiaal gelegencysteuze laesie langs de convexiteitvan het cerebrum geeft “scalloping” van het os pariëtale. De diagnose hygroom is meer waarschijnlijk dan arachnoïdale cyste. A Juist B Onjuist C Weet niet
  21. 21. Arachnoïdale cyste: AC Gives bone scalloping Hygroma → no scalloping !!!
  22. 22. 32 B Onjuist
  23. 23. 33. Een regelmatig voorkomendevariant van partiële agenesie van het corpus callosum is eennormaal aangelegd splenium en een afwezig genu. A Juist B Onjuist C Weet niet
  24. 24. Agenesis of corpus callosum: From anterior genu → posterior splenium Splenium absence in partial agenesis !!!!
  25. 25. 33 B Onjuist
  26. 26. 34. Polymicrogyrie is geassocieerd met eenchromosomale afwijking. A Juist B Onjuist C Weet niet
  27. 27. Polymicrogyrie: Ischaemic laminar necrosis of the fifth cortical layer after the 20-th week of gestation CMV infection CHIARI malformation and schizencephaly
  28. 28. 34 B Onjuist
  29. 29. 35. Een kenmerk van een Chiari I-malformatie is eenafwijkende vorm van de vierde ventrikel A Juist B Onjuist C Weet niet
  30. 30. CHIARI 1 Underdevelopment posterior fossa CHIARI 1 → cerebellar tonsils alone below foramen magnum Syringohydromyelia ( 20 – 73%) No hydrocephalus Normal position 4-the Ventricle !!!
  31. 31. CHIARI 2 Tonsils, vermis, 4-th ventricle and brainstem herniated through foramen magnum Fourth venticle is obstructed !!!! Hydrocephalus occurs
  32. 32. 35 B Onjuist
  33. 33. 36. Op een MRI-scan van de wervelkolom worden multipele durale ectasieën gezien. Dit beeld past beter bij neurofibromatose (NF) type 1(Von Recklinghausen) dan bij NF type 2. A Juist B Onjuist C Weet niet
  34. 34. NF type 2: CHROM 22 Less commom than NF 1 Bilateral acoustic schwannomas MISME :Schwannoma’s, menigiomas or ependymomas Occasionally dural ectasy of cranial nerve VIII → enlarge internal auditory canal
  35. 35. NF type 1: CHROM 17 / von Recklinghausen TRIAD: cutaneous lesions, skeletal deformity and mental deficiency
  36. 36. CNS and NF1: Astrocytomas Cerebral gliomas Neurofibroma Hamartoma Lateral anterior meningocele thoracic spine !!
  37. 37. 36 A juist
  38. 38. 37. Op een oblique (3/4) conventionele CWK-opnameworden op de rechts posterieureoblique opname de linker neurale foramina open geprojecteerd. A Juist B Onjuist C Weet niet
  39. 39. 37 A juist
  40. 40. 38. Op een MRI-scan van de laag thoracale wervelkolom is eenintramedullaire solide tumor te zien die aankleurt met gadolinium.De diagnose hemangioblastoom is meer waarschijnlijk dan gangliocytoom. A Juist B Onjuist C Weet niet
  41. 41. Hemangioblastoma(spine): Third most common primar intramedullary spinal neoplasm Vascular tumor Edema Cervical and thoracic spine MR → flow voids
  42. 42. Ganglioglioma/gangliocytoma (spine): Rare tumors Children and young adults ( mean age 12 Y) In children second most common intramedullary tumor ( after astrocytoma) Slow growing / relatively benign Mostly cervical spine
  43. 43. 38 A Juist
  44. 44. 39. Het voorste been van de capsulainterna bevindt zich tussen het caput van de nucleus caudatus en de thalamus. A Juist B Onjuist C Weet niet
  45. 45. 39 B Onjuist
  46. 46. 40. Een dermoïd cyste geeftmeestal een hoog signaal op T1-gewogen MRI beelden. A Juist B Onjuist C Weet niet
  47. 47. Dermoid: High intensity of fat and signal void of calcification on T1WI → dermoid or teratoma Midline Male patients Younger population Chemical shift artefacts !!!
  48. 48. Epidermoid: Men and women Peak incidence 20 – 40 Y / age Low density on CT DD arachnoid cyst MR HYPO T1 en HYPER T2 Bright on FLAIR ( AC dark !!!) Bright on DWI
  49. 49. 40 A juist
  50. 50. 41. De nervus hypoglossus (N. XII) verloopt door de fossa pterygopalatina. A Juist B Onjuist C Weet niet
  51. 51. 12. Nervus hypoglossusCanalis hypoglossiEfferent:- nc hypoglossus ASEEindtakken:- motorische eindtakken m styloglossus M hyoglossus M genioglossus Intrinsieke tongspieren- communicerende tak r ventralis C1 N descendens hypoglossi = radix sup ansae cervicalis N descendens cervicalis = radix inf ansae cervicalis M omohyoideus M sternothyroideus M sternohyoideus M thyrohyoideus
  52. 52. 41 B Onjuist
  53. 53. 42. Op een MRI-hersenen ziet u in decerebellopontiene hoek een extra-axialetumor welke na intraveneus gadolinium sterk en homogeen aankleurt. De diagnose schwannoom is waarschijnlijker dan de diagnose meningeoom . A Juist B Onjuist C Weet niet
  54. 54. Scwannoma versus Meningeoma: Meningioma → uniform enhancement Schwannoma → Inhomogene enhancement ( 32 %) Menigioma most common extra-axial neoplasm of brain
  55. 55. 42 A Juist ????
  56. 56. 43. Op een MRI-hersenen bij een patiënt met een juveniel pilocytair astrocytoom ziet u aankleuring van een deel van de tumor na toedienen van intraveneus gadolinium.Dit pleit voor een hoge maligniteitsgraad van de tumor. A Juist B Onjuist C Weet niet
  57. 57. Juveniel pilocytair astrocytoom: Most common infratentorial neoplasm in pediatrics WHO grade 1 Benign Anaplasia less common when cystic A mural nodule may be present
  58. 58. 43 B Onjuist
  59. 59. 44. De arteria cerebelliinferior posterior (PICA) is een zijtak van de arteria vertebralis. A Juist B Onjuist C Weet niet
  60. 60. 44 A Juist
  61. 61. 45. Glioblastoma multiforme (GBM) is het meest voorkomende astrocytoom bij volwassenen. A Juist B Onjuist C Weet niet
  62. 62. Glioblastoma multiforme (GBM): Of all astrocytomas most common variety ! 50- 60 % of astrocystic umors and 15 % of all inracranial neoplasms WHO grade 4 10 - 15 % 2 –Year survival rate
  63. 63. 45 A Juist
  64. 64. 46. U verricht een MRI-hersenen bij een patiënt met verdenking op cerebrale amyloïd angiopathie. Een FLAIR-serie is de meest gevoelige sequentie om deze aandoening aan te tonen. A Juist B Onjuist C Weet niet
  65. 65. Amyloïd angiopathie FFE
  66. 66. 46 B Onjuist
  67. 67. 47. De arteria meningea media is onderdeel van het stroomgebied van de arteria carotis externa. A Juist B Onjuist C Weet niet
  68. 68. 47 A Juist
  69. 69. 48. Bij een patiënt met verdenking op de ziekte van Lyme verricht u een MRI-hersenen. Er zijn geen afwijkingen zichtbaar. Dit maakt de diagnose zeer onwaarschijnlijk. A Juist B Onjuist C Weet niet
  70. 70. LYME: Spirochete Borrelia Burgdorferi 10 – 15 % have CNS involvement MRI - Most commonly normal !!!  High signal abnormalities on T2WI / FLAIR  Contrast enhancing lesions
  71. 71. 48 B Onjuist
  72. 72. 49. Een acuut subduraalhaematoom is in het algemeen een veneuze bloeding. A Juist B Onjuist C Weet niet
  73. 73. 49 A Juist
  74. 74. 51. Bij neurosarcoidose komen leptomeningeale afwijkingen vaker voor dan intraparenchymateuze afwijkingen. A Juist B Onjuist C Weet niet
  75. 75. Neurosarcoidose: Locations: Leptomeninges, dura mater, Subarachnoidal space, pereipheral nerves, brain praenchyma and ventricular system. Affects meninges and cranial nerves more often than the brain !!!!
  76. 76. 51 A Juist
  77. 77. 197. MRI hersenen, axiale T1- en T2- gewogen opnamen.De laesie links cerebraal betreft een bloeding.De bloeding is enkele weken oud.A. Juist B. Onjuist C. Weet niet
  78. 78. Hemorrhage T1 T2 Time courseHyper Mild Hyper ↑ <6HAcute =/↓ ↓ < 6 – 72 HSubac. ↑ ↓ < 3 days – 1wkSubac. ↑ ↑ weeks-monthsChronic↓ ↓ weeks-Years
  79. 79. 197 A Juist
  80. 80. Neuro198. Blanco CT-hersenen van een patiënt met een ruimte-innemendproces (RIP) in de rechterhemisfeer.Dit RIP betreft meest waarschijnlijk een oligodendroglioom.A. Juist B. Onjuist C. Weet niet
  81. 81. Oligodendroglioom: Rare High rate of calcification (40 - 80 %) 5-th and 6-th decade Who grade 2 Calcification (bone), soft tissue (meat) and cystic areas
  82. 82. 198 A Juist
  83. 83. Neuro199. Een MRI-hersenen met transversale FLAIR-opnamen van een 32-jarige vrouw.De gevonden afwijkingen zijn typisch voor MS.A Juist B Onjuist C Weet niet
  84. 84. 199 B Onjuist
  85. 85. Neuro200. Een sagittale T1-gewogen MRI-opname van de sella regio. Inhet centrum van dit plaatje treft u een hyperintense nodule aan.Deze laesie past het best bij een micradenoom.A Juist B Onjuist C Weet niet
  86. 86. 200 B Onjuist

×