Successfully reported this slideshow.
We use your LinkedIn profile and activity data to personalize ads and to show you more relevant ads. You can change your ad preferences anytime.

Prins Laurent, rebel met een reden

424 views

Published on

Wie is prins Laurent echt? Het sympathiekste lid van de Belgische monarchie of een smeerlap die vrouwen slaat? Auteur Thierry Debels ging op zoek naar de ware aard van deze Coburg.

Published in: Government & Nonprofit
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

Prins Laurent, rebel met een reden

  1. 1. prins laurent rebel met reden
  2. 2. Thierry Debels Houtekiet Antwerpen / Utrecht Prins Laurent Rebel met reden
  3. 3. © Thierry Debels / Linkeroever Uitgevers nv / Houtekiet, 2012 Houtekiet, Katwilgweg 2, b-2050 Antwerpen www.houtekiet.com info@houtekiet.com Omslag Jan Hendrickx Foto’s omslag en binnenwerk © ??? Zetwerk Intertext Antwerpen isbn 978 90 8924 202 0 d 2012 4765 ??? nur 321/698 Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie of op welke andere wijze ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. No part of this book may be reproduced in any form, by print, photoprint, microfilm or any other means, without written permission of the publisher.
  4. 4. Inhoud Inleiding 1. Een ‘prinselijke’ jeugd, 1963-1981 000 2. De verloren jaren, 1981-1994 000 3. kint: Koninklijk Instituut voor Nutteloos Tijdverdrijf? 000 4. Het huwelijk met Claire Coombs 000 5. Het gezin van Laurent 000 6. Familiebanden 000 7. Adellijke vrienden 000 8. De entourage van de prins 000 9. Een politieke prins 000 10. Een groene prins? 000 11. Een prins met een hart voor dieren? 000 12. De Stichting Prins Laurent 000 13. De dotatie 000 14. Prins Laurent en zijn vastgoedimperium 000 15. Het marineproces 000 16. De verstoorde relatie met de pers 000 17. Snelle auto’s 000 18. Mooie vrouwen 000 19. Feestvarken Laurent 000 Besluit 000
  5. 5. Zoals steeds voor Cathy, Loïc, Brieuc en Elouan. Deze keer voor al mijn voormalige studenten van KdG, in het bijzonder voor Charlotte en Yasmin. ‘Personne n’est plus fasciné par la royauté et ses satellites qu’un républicain.’ louise bricmont ‘In het leven zijn er feiten en beelden.’ herman liebaers ere-grootmaarschalk onder Boudewijn ‘Amicus Plato, sed magis amica veritas.’ latijns spreekwoord
  6. 6. voorwoord ‘Sociale rebel of verwend kind? Losbollige rokkenjager of mi- lieubekommerde dierenvriend? Overtollige prins of enig mens van vlees en bloed aan het koninklijk hof?’ Geen enkele Saksen- Coburg wordt volgens De Standaard zo tegenstrijdig getypeerd als Laurent. Zelf voelt hij zich steevast verkeerd begrepen. Mensen die hem kennen, willen volgens de krant van de prins geen kwaad woord horen. Ze noemen hem ‘charmant, dynamisch en humoris- tisch’. ‘Hij heeft zoveel energie dat ik hem elektrisch noem,’ bewie- rookt professor Louis Baeck de prins in een interview met De Stan- daard. De krant laat in 2003 een aantal kennissen van Laurent aan het woord naar aanleiding van het huwelijk van de prins met Claire Coombs. Maar heeft De Standaard wel alle personen die Laurent kennen, ondervraagd? Ook die mensen zoals oud-militair Jacques Wirtgen of dierenarts Jean Bastien die noodgedwongen een stap opzij (moesten) zetten na de zoveelste strapatsen van de jongste zoon van Albert ii? Hebben ze de tientallen voormalige liefjes van Laurent gesproken die in het beste geval bedankt wer- den met een horloge van Cartier en in het slechtste geval met een flinke rammeling of zelfs een abortus? Hebben ze een gesprek gehad met de non die door Laurent van de weg werd gereden en in het ziekenhuis belandde? Hebben ze de passagiers gesproken die in de diverse wagens van Laurent doodsangsten doorstonden? Dit is niet het eerste boek over prins Laurent – en zeker niet het laatste. Eerder schetste Joke Vanhaeren al een verdienstelijk portret in Prins op overschot. Toch valt er veel meer te vertellen over deze ‘rebel’ van de Coburgs. De prins is gelukkig een flapuit, hij
  7. 7. 8 prins laurent – rebel met reden heeft het hart op de tong. Hij vertelt graag en veel over zichzelf en zijn prinselijke activiteiten. We hebben hem om een interview gevraagd. Dat werd ons, zoals gebruikelijk, geweigerd. Gelukkig konden we tientallen mensen uit de onmiddellijke omgeving van Laurent spreken. Voor dit werk kunnen we uiteraard niet om de verklaringen van kolonel Noël Vaessen heen die twee boeken over de prins en het koningshuis schreef. Het is te gemakkelijk om zijn woorden, zoals de Franstalige historicus Francis Balace doet, af te doen als uitspraken van een halve gare. We hebben alle uitspraken van de voormalige adviseur van de prins getoetst. Vaak komt de visie van Vaessen overeen met de werkelijkheid. In veel gevallen had de kolonel de zaken wat aangedikt en extra in de verf gezet. Af en toe klopt de stelling van Vaessen niet. Evenmin kunnen we de sail- lante verklaringen van privéleraar Rodolphe ‘Rudy’ Bogaerts niet links laten liggen. Opvallend is dat Bogaerts geen goed woord heeft voor Vaessen.
  8. 8. hoofdstuk 1 Een ‘prinselijke’ jeugd 1963-1981 ‘Zo was er prins Laurent, die tot zijn achttiende koppig bleef volhouden dat De Panne aan de Nederlandse grens ligt, omdat de leraar aardrijkskunde hem goede punten had gegeven voor dat antwoord.’ rudy bogaerts In 1959 trouwt prins Albert met de Italiaanse schoonheid Paola Ruffo di Calabria. Volgens de overlevering hebben ze elkaar het jaar daarvoor toevallig in Italië leren kennen. Een betrouwbare bron vertelt me dat dit niet klopt. ‘Er werd voor Albert een lijst opgesteld met meisjes die in aanmerking kwamen als huwelijks- kandidaat. Paola stond op die lijst.’ Snel komen er kinderen. Filip wordt geboren in 1960. Toch is het koppel regelmatig met zijn tweetjes op vakantie. Koning Boudewijn, de oudere broer van Al- bert, ziet het met lede ogen aan. Hij vindt dat zijn ernstige imago hierdoor geschaad wordt. Albert en Paola verpozen zich begin juli 1961 in Viareggio, een trendy stad aan de Versilia, een kustgebied aan de Ligurische Zee. In de nacht van 3 op 4 juli loopt het fout. Albert en Paola verlaten in de vroege uurtjes een nachtclub. Ze worden opgewacht door een horde persmuskieten. Als de paparazzi foto’s schieten van het paar, verliest Albert zijn koelbloedigheid en pakt een fotograaf
  9. 9. 10 prins laurent – rebel met reden hard aan. De prins slingert het fototoestel op de grond. Buitenwip- pers van de nachtclub moeten tussenbeide komen. Enkele dagen later krijgt het koppel het bevel van koning Boude­ wijn om naar huis te komen. Na overleg slagen ze erin om dat order uit Brussel te wijzigen. Ze beloven dat ze zich zullen gedra- gen en verhuizen zowat 100 kilometer westwaarts naar Saint- Tropez. Daar worden ze vergezeld van Josephine-Charlotte en Jan van Luxemburg die een oogje in het zeil zullen houden. Eind juli maken Josephine en Paola een boottochtje voor de kust van Saint- Tropez. Door een onhandige beweging van een van beiden belandt de boot ondersteboven in het water. Het tweetal slaagt er ternauwer­ nood in om het bootje bij de kiel vast te grijpen. Ze dragen geen zwemvest. Gelukkig hebben Albert en Jan het ongeval gezien. De reddings- operatie laat even op zich wachten. Volgens krantenberichten dob- beren de prinsessen wel een half uur in het water vooraleer ze opgepikt worden door hun echtgenoten. Paola en Albert zijn nog steeds dolverliefd op elkaar. Op 5 juni 1962 krijgt Filip er een zusje bij: Astrid. Ze wordt volgens auteurs Leyts en zijn collega’s onmiddellijk herdoopt in ‘Titi’. Het jaar 1963 is een zeer bewogen jaar voor moeder Paola. Het begint al op Nieuw- jaarsdag. Albert en Paola zijn op weg naar de familievilla van de Ruffo’s in San Raffaele Cimena in de buurt van Turijn als hun wa- gen begint te slippen. Het is koud in Italië en er ligt ijzel op de rijweg. De wagen tolt enkele keren om de as maar de prins slaagt erin om de controle over het voertuig te behouden. Met behulp van enkele plaatselijke boeren kan de wagen kort daarna opnieuw vertrekken. Het prinselijke paar komt er met de schrik af. Het bericht wordt in enkele buitenlandse kranten vermeld maar wordt niet opgepikt door de Belgische pers. Straks tonen we het belang van dit incident aan. Moeder Paola heeft het in ons land niet onder de markt. Begin 1963 wordt ze onder vuur genomen door de pers. De buitenlandse krant The Washington Observer wijdt er op 12 januari zelfs een groot artikel aan. De Belgische pers somt volgens deze krant de tekortkomingen van de prinses op. ‘Ze heeft geen zin om “Vlaams” te leren, ze neemt te lange vakanties en ze verkiest feestjes boven officiële recepties’ is de harde conclusie.
  10. 10. Een ‘prinselijke’ jeugd, 1963-1981 11 Volgens The Washington Observer heeft Paola wel een belangrijke vriendin: Fabiola. De koningin heeft volgens de krant ook deze keer de verdediging van haar schoonzus op zich genomen. Later zal de relatie tussen beide schoonzussen sterk afkoelen. Midden mei 1963 is de dan vijf maand zwangere Paola opnieuw betrokken bij een auto-ongeluk. Deze keer zijn de gevolgen ern- stiger. Op weg van Parijs naar Brussel moet haar chauffeur het stuur brutaal omgooien om een frontale botsing met een tegenlig- ger te vermijden. De prinses loopt lichte verwondingen aan het gezicht op. Ze heeft ook een ‘zenuwschok’. Op basis van een bericht in de Nederlandse Provinciale Zeeuwse Courant kunnen we precies aangeven wanneer dit ongeluk precies plaatsvond: op dinsdagochtend 14 mei 1963. Het ongeval vond plaats in de buurt van Maubeuge. Het Franse dorpje ligt in het de­ partement Nord-Pas-de-Calais aan de Belgische grens. Daar werd Paola voor de eerste zorgen in het plaatselijke zie- kenhuis binnengebracht en nadien opgehaald door Albert. De vrucht in de schoot van de prinses heeft gelukkig, dankzij de koelbloedige reactie van chauffeur Piens, geen schade onder- vonden van het ongeval. Laurent wordt gezond en wel geboren op 19 oktober 1963. Het scheelde nochtans weinig of de prins was er nooit gekomen. Wat zou de geschiedenis van het Belgische ko- ningshuis er anders uit gezien hebben. Laurent ziet het levenslicht in de ruime bevallingskamer op het Belvédère, de verblijfsplaats van zijn ouders. Het wijst erop dat Paola en Albert op een groot gezin rekenen. Volgens het ma- gazine Life is de vreugde in Italië minstens even groot als in België. Vader Albert vertelt de driejarige Filip dat de baby een vroeg ge- schenk van Sinterklaas is. Filip begrijpt niet wat Sinterklaas zo vroeg op het jaar al komt doen. De pers speculeert gretig over de afkomst van de voornaam Laurent. Misschien houden zijn ouders wel van de operette La Mascotte uit 1880 waarin ‘prince Laurent xvii’ heerser van het Toscaanse stadje Piombino is. Net zoals bij zijn oudere broer heeft Laurent in Vlaanderen een andere naam. Daar wordt hij tot begin jaren negentig Laurens genoemd. Zelfs vandaag is voor veel oudere Vlamingen prins Laurens de jongste zoon van het koningspaar. Het is niet de bedoeling dat het koppel het bij drie kinderen
  11. 11. 12 prins laurent – rebel met reden houdt. Zoals in veel adellijke families droomt vader Albert van een groot gezin met vier of zelfs vijf kinderen. Dat hij kort na de ge- boorte van Laurent een vierde kind wel ziet zitten, verklaart Albert uitdrukkelijk in een interview met een niet nader genoemde krant uit die periode. Ook Paola geeft in interviews aan dat ze als echte Italiaanse mama van een groot gezin droomt. Over het vaderschap van de prins doen vandaag talrijke fantasie- rijke verhalen de ronde. Eind oktober 1999 schrijft P-Magazine dat Laurent verwekt werd door een niet nader genoemde Spaanse edelman. Het blad ziet bovendien een verband met de afschaffing van de Salische wet in 1991. Hierdoor kunnen vrouwen in ons land eveneens op de troon plaatsnemen. In april 2000 brengt het Franse blad vsd met iets meer bewijs- kracht het verhaal dat Laurent een buitenechtelijk kind is van zakenman Aldo Vastapane. Volgens vsd hadden Paola en Vasta- pane begin jaren 60 een relatie. Dit zou betekenen dat Paola Albert nagenoeg onmiddellijk na hun huwelijk in 1959 bedroog. ‘Een goede vriend van Albert, in vsd aangeduid als Guy M. (Mathot), zou voor de minnaars een huis hebben gehuurd in Sint-Genesius- Rode’, schrijft Jan van den Berghe. ‘De prins heeft volgens het magazine nog geregeld contact met zijn biologische vader en zijn halfbroer die toevallig ook Philippe heet.’ Mathot wordt onmiddellijk na het artikel geïnterviewd door La Dernière Heure. ‘Luister, ten tijde van prins Laurents zogezegde ver- wekking was ik amper 22 jaar, socialist en student. En dan zouden ze “mij” uitkiezen om zo’n delicate affaire te regelen. Dat gelooft u toch zelf niet? Trouwens, ik heb in Sint-Genesius-Rode nooit een villa gehad, en zeker nooit facturen voor die villa betaald.’ Ook Van den Berghe gelooft het verhaal terecht niet: ‘Alleen al de jeugdfoto’s van Laurent spreken het sensationele verhaal tegen. De fysieke gelijkenis met Albert is opvallend en maakt elk dna- onderzoek overbodig.’ Er is bovendien een andere fysieke gelijke- nis, die met prins Karel en die met zijn grootvader Leopold iii. Een insider vertelt aan biografe Joke Vanhaeren dat hij op een dag een oude foto van Laurent zag staan. ‘Tiens, waarom is die foto zo ver- geeld? Ik draaide hem om en las op de achterzijde: Leopold iii, 18 jaar.’ De gelijkenis is inderdaad treffend.
  12. 12. Een ‘prinselijke’ jeugd, 1963-1981 13 Prins Albert is steeds vaker uithuizig. Paola voelt zich eenzaam. Het voorjaar van 1964 wordt ons land gekenmerkt door een grote artsenstaking. Paola is begin april met de piepjonge Laurent en de andere kinderen aan zee. Laurent wordt ziek en krijgt hoge koorts. Hij heeft een keelinfectie. Paola belt een Oostendse arts op. Hij wil niet komen. Er zijn immers richtlijnen van de artsen- bond om geen geneeskundige zorgen te verstrekken. Er zal zelfs een kind sterven door nalatigheid. Het voorval haalt de buiten- landse pers. Een maand later vertrekken Paola en Albert op reis. In mei 1964 verblijven ze zonder de kinderen in Marokko. Ze zijn uitgenodigd door koning Hassan ii. Prins Albert voert er, in het bijzijn van minister Pierre Brasseur, economische besprekingen. Het verblijf duurt tien dagen en is om diverse redenen relevant. In de eerste plaats omdat Paola haar echtgenoot vergezelt. Later zal Albert steeds vaker alleen reizen. Een tweede punt is dat de jonge kinde- ren van het prinselijk koppel in Brussel achtergelaten worden. Laurent is op dat ogenblik een half jaar oud. Tot slot is er opnieuw een bewijs van de uitstekende relaties tussen het Marokkaanse en het Belgische koningshuis. Foto’s uit tijdschriften zoals Life en Time bewijzen dat de toen- malige prinsen van Luik in de eerste helft van de jaren zestig een zorgeloos jetsetleventje leidden in de schaduw van het kasteel van Laken. Daar zwaaien de ascetische Boudewijn en Fabiola de plak. Het contrast tussen beide koppels is enorm. Niets wijst er dan op dat Paola’s laatst geborene tot reservet- roonopvolger moet worden opgeleid, want de hoop dat Fabiola een kroonprins zou baren, is dan zeker nog niet opgegeven. Ondanks de grote kinderwens van Albert en Paola zal Laurent uit- eindelijk toch het jongste kind van Paola blijven. Na de geboorte van Laurent slaat de liefde tussen Paola en Albert stilaan om in haat. In zijn boek Albert en Paola. Een prinselijk paar windt journalist Gust Verwerft er geen doekjes om. Verwerft is een van de weinige journalisten die de vroege jaren van het prinselijk koppel nog zelf heeft meegemaakt. Hij situeert de breuk op het einde van 1964, amper een jaar na de geboorte van Laurent. ‘Zij is nog geen 27 jaar,
  13. 13. 14 prins laurent – rebel met reden en steeds veruit de mooiste en meest aantrekkelijke prinses van Europa,’ noteert Verwerft. Maar ze is wel al vijf jaar getrouwd, heeft drie kinderen gebaard, en is hopeloos verstrikt in het proto- col van het Belgische hof. Vanaf midden jaren zestig knoopt Albert een relatie aan met Sybille de Sélys-Longchamps. In 1968 wordt liefdeskind Delphine Boël geboren. Moeder Paola doet in de beginperiode van haar moederschap zeker haar best. Op dat punt verschilt ze niet van andere moeders. Maar op het ogenblik dat haar man vreemd gaat, geeft ze er de brui aan. Laurent is dan twee jaar oud. Hij houdt er een levens- lange verlatingsangst aan over. Volgens Noël Vaessen, de voorma- lige adviseur bij Laurent, heeft de prins regelmatig nachtmerries gehad over hoe hij ’s nachts helemaal alleen wakker werd in een totaal verlaten kasteel. Eind jaren zestig loopt het helemaal fout in het gezin van Paola en Albert. Koning Boudewijn ontfermt zich steeds meer over zijn neven Laurent en Filip. Hij neemt de vaderrol van zijn broer Albert expliciet over. Op dat ogenblik weten Boudewijn en Fabiola dat ze kinderloos zullen blijven. Filip laat zich dat welgevallen. Laurent is uit ander hout gesneden. Hij rebelleert. Paola klaagt er bovendien over dat haar man Albert geen goede vader is. Delphine Boël, de halfzus van Laurent, zal dat later be- vestigen. In een interview met de Nederlandse krant De Telegraaf verklaart ze zonder verpinken: ‘Wat ik van hem (Albert ii) heb geleerd? Niets, haha. Hij was geen vaderfiguur, hij was een soort vriend. Hij is grappig, heeft gevoel voor humor. Maar is niet echt into children. Hij had meer een relatie met mijn moeder. Het was ook zo met mannen in die tijd, nu spelen ze met kinderen, toen niet.’ In 1969 vieren de prinsen van Luik de tiende huwelijksverjaar- dag. De fotografen worden uitgenodigd om zeemzoete plaatjes te schieten, het is een regelrecht media-offensief. De foto’s moeten bewijzen dat Albert en Paola nog steeds smoorverliefd zijn en moe- ten dan ook huwelijksgeluk uitstralen. Intimi weten dat dit slechts schone schijn is. Toch hadden ze niet verwacht dat dit zeepbelletje al zo snel doorgeprikt zou worden.
  14. 14. Een ‘prinselijke’ jeugd, 1963-1981 15 Insiders weten dat Paola met haar drie kinderen eind jaren zestig enkele weekends bij de familie Camu in de streek van Aalst verblijft. Louis Camu was onder Leopold iii regeringscommissaris geweest en heeft een goede band met het Hof. Echtgenoot Albert vertoeft op dat ogenblik in Engeland bij zijn minnares. In 1969 is Laurent bijna zes jaar. Hij wordt in september van dat jaar naar het Franstalige Brusselse elitaire college Saint-Michel gestuurd. Van 1969 tot 1975 doorloopt Laurent de klassen van het college Saint-Michel. Op 24 mei 1975 zal hij er zijn plechtige communie doen. Maar hij zal er zes jaar lang niets leren. Elk antwoord dat de prins geeft, is correct. Zelfs al vertelt Laurent onzin zoals dat De Panne aan de Nederlandse grens ligt. Een prins wordt immers niet gebuisd, onder het motto ‘On ne buse pas un prince.’ Vader Albert is in die periode steeds vaker uithuizig. Regelma- tig leidt hij een handelsmissie in het buitenland. Als hij in het land is, vertoeft hij bij zijn minnares Sybille, de moeder van Delphine Boël. Maar Kerstmis viert Albert met zijn nieuwe gezinnetje. Zo schrijft Louise Bricmont, echtgenote van de beroemde advocaat Bricmont, dat prins Karel in 1973 uitgenodigd wordt door een een- zame Paola om met haar en de kinderen kerstavond op Belvédère te vieren. Op school krijgen de prinsen ondanks het uitdrukkelijke ver- zoek van Boudewijn geen normale behandeling. Filip en Laurent worden niet gestraft als ze kattenkwaad uithalen. Ze worden rot- verwend. Precies het tegenovergestelde van wat Boudewijn eigen- lijk wil. Of ze flink hun best doen of niet, goede punten krijgen ze toch. Volgens Rudy Bogaerts, de latere privéleraar van de prins, was het verblijf van Laurent er zinloos. ‘In het zesde studiejaar kon hij niet schrijven of rekenen, maar iedereen hield er zedig zijn mond over. Voor de school was de aanwezigheid van de prins onbetaal- bare publiciteit.’ Toch is Laurent volgens Bogaerts minder dom dan Filip. ‘Het paleis wil ook niet geweten hebben dat onze toekomstige koning, prins Filip, eigenlijk dommer is dan zijn broer Laurent. Filip heeft
  15. 15. 16 prins laurent – rebel met reden drie jaar lang op de militaire school een half punt op twintig ge- haald voor wiskunde, scheikunde en natuurkunde, omdat de le- raars hem geen nul mochten geven.’ Auteur Joke Vanhaeren vindt de stelling van Bogaerts belachelijk. Volgens haar is er geen en- kele aanwijzing dat Laurent slimmer zou zijn dan zijn oudere broer. Bovendien heeft Filip een universitair diploma, Laurent niet. Wie Laurent heeft gekend op het Brusselse Collège Saint-Michel herinnert zich hem toen al als ‘onstuimig’ en ‘vol complexen’. Als de prins tijdens de pauze naar de wc moest, kreeg de hele speel- plaats te horen: ‘Venez voir la banane royale!’ Dat maakte Laurent woest. Op school is hij een ontembare vechtjas die bij de minste opmerking als een dolleman om zich heen slaat. Ook thuis is Laurent een onstuimig kereltje. ‘Meer dan eens maken de persfotografen het tot hun gêne mee dat de piepjonge Laurent razend van woede zijn moeder of gouvernante te lijf gaat omdat hij op een receptie niet van de champagne mag nippen of omdat hij zijn zin niet krijgt,’ weet auteur Jan Van den Berghe. Begin oktober 1971 worden Filip en Laurent in het Brugmann­ ziekenhuis opgenomen. Filip heeft een gebroken kaak, Laurent een gebroken vinger. De breuk bij Filip is ernstig. De operatie aan het kaakbeen van Filip is bijgevolg ingewikkeld. De jonge prins moet tien dagen revalideren in het ziekenhuis. Volgens een mededeling van het paleis zijn beide jongens al fietsend op elkaar ingereden. Auteur en journalist Gust Verwerft twijfelt aan deze officiële uitleg. ‘Het paleis gaf aarzelend toe dat dat Filip een breuk had opgelopen aan de bovenste kaak. Buiten- staanders vroegen zich af of beide prinsen wel fietsend tegen elkaar waren gebotst.’ Verwerft vindt de blessures hiervoor te ernstig. Zeker is dat rond de hele geschiedenis nogal wat geheimzin- nigheid wordt gebrouwen. De prinsen werden immers door iemand van de koninklijke familie naar het ziekenhuis gebracht. ‘Wilde men liever geen getuigen?’ vraagt Verwerft zich af. Hij sluit ook niet uit dat beide prinsen in een heftige vechtpartij verwikkeld waren. Volgens Jan van den Berghe heeft Laurent zijn broer in het ziekenhuis geramd. ‘De Paleispers (waartoe Verwerft behoorde,td) kreeg de wenk niet verder aan te dringen.’ Vooral Boudewijn en Fabiola bezoeken hun neefje.
  16. 16. Een ‘prinselijke’ jeugd, 1963-1981 17 Op het thuisfront is er bovendien weinig liefde meer te bespeuren tussen Laurents ouders. Nauwelijks een jaar na de tiende huwe- lijksverjaardag van 1969 verschijnen in 1970 foto’s in de pers die een totaal ander beeld geven van Paola. Ze is te zien met Albert de Mun. Een kortgerokte Paola loopt arm in arm met deze adellijke freelance journalist van Paris Match op Sardinië. Telkens als ze kan, zal ze volgens goed ingelichte bronnen de flamboyante De Mun in Parijs bezoeken. Moeilijk kan dat niet zijn: Paola beschikt immers over een appartement op de Louisalaan in Brussel, net tegenover de vermaarde bakker Nihoul aan de Blue Tower. Van daaruit kan ze discreet naar de Franse hoofdstad vertrekken. De prinses van Luik beweegt zich ook vrij in het mondaine Brusselse nachtleven. Een interessante en bevoorrechte getuige over deze periode is Luc Verbruggen, zoon van notaris Verbruggen, die begin 2011 alle krantenkoppen zal halen door de rechtszaak tegen zijn broers en zussen over de gigantische erfenis van zijn vader. ‘We waren de buren van koning Albert en Paola, die toen nog als prins en prinses op het kasteel van Belvédère woonden. We hadden een fantastische band met onze buren. Ikzelf werd door prins Albert persoonlijk aangesteld als de tennisleraar van prins Laurent. Het leven in de beau monde van Brussel was heel aange- naam.’ Laurents oom koning Boudewijn trekt na het uitlekken van de pikante foto’s van Paola het laken volledig naar zich toe. Hij vraagt raad aan minister Herman De Croo. Hij raadt Boudewijn de eli- taire school van Zevenkerken bij Brugge aan. Boudewijn is overtuigd van de keuze. Nu moeten de ouders van Filip het plan nog slikken. De Croo gaat enkele keren naar Belvé- dère om Albert en Paola te overtuigen. Laurent en Filip krijgen geen enkele inspraak. Boudewijn wikt én beschikt als strenge pa- ter familias. Zonder de minste achtergrond wordt Laurent naar deze elitaire school gestuurd. Het is een begrijpelijke maar foute keuze. Daar moet Laurent op instigatie van de plaatselijke paters-broe- ders in 1975 eerst een voorbereidend jaar doen. Zijn basiskennis is te slecht om aan het eerste middelbaar te starten. Het jaar daar- op begint hij vruchteloos aan dat eerste jaar. Het wordt een flop.
  17. 17. 18 prins laurent – rebel met reden De beslissing om de Franstalige Laurent naar een Vlaamse school te sturen, is een eerste zware blunder door de entourage van de prins. Toch is er een element ter verdediging. Wat vaak vergeten wordt is dat het paleis op dat ogenblik zwaar onder druk gezet wordt door de flaminganten. Zo is er de protestbrief van Jaak Vandemeu- lebroecke (vu, nu N-Va) die Albert en Paola openlijk aanvalt omdat ze hun kinderen naar exclusieve Franse scholen sturen. In september 1975 worden prinsen Filip en Laurent in de school bij Brugge ingeschreven. Filip begint als vijftienjarige in het vier- de jaar van de humaniora. Laurent start in het zevende leerjaar, een voorbereidend jaar op het middelbaar onderwijs. Filip is boos dat zijn jongere broer meekomt. De relatie tussen de twee broers is niet goed en zal later niet meer verbeteren, integendeel. In september 1976 begint Laurent dan eindelijk het eerste mid- delbaar. Ook dat wordt een gigantische flop. Een mogelijke verklaring is dat Laurent er voor het eerst in zijn schoolcarrière met echte pesterijen van medeleerlingen af te re- kenen kreeg. De akkefietjes in Brussel waren klein bier vergeleken met het gejen in deze school. In de schoolbank van Laurent worden leuzen gekerfd als ‘België Barst!’ en ‘Fabiola est frigide’. Deze school- bank zou nog steeds bestaan. Op onze vraag om deze te mogen zien, werd door de school niet gereageerd. De prins maakt op zijn twaalfde zelf een belangrijke verande- ring aan zijn regime bij de paters door een vluchtpoging uit het internaat. Op de E40 ter hoogte van Brugge wordt hij ’s nachts door de Rijkswacht in de kraag gevat. Al fietsend was hij de weg- wijzers richting Brussel aan het volgen. Vanwaar haalde Laurent die fiets? Andere bronnen geven aan dat Laurent te voet was. Dat lijkt me realistischer. Een bevoorrechte getuige beweert dat Laurent zeker niet naar Brussel wilde vluchten. ‘Telkens als de chauffeur de prins (op vrij- dagavond) kwam ophalen, had hij zich verstopt of was hij zelfs weggelopen.’ Hij wilde niet naar zijn ouders waar hij toch niet welkom was. Wat de echte aanleiding was voor deze vluchtpoging weten we niet. Rudy Bogaerts vertelt in Humo het volgende: ‘Toen de 12-ja-
  18. 18. Een ‘prinselijke’ jeugd, 1963-1981 19 rige Laurent naar de katholieke kostschool in Loppem ging, zijn er vreemde dingen gebeurd. Jaren later, wou Laurent er per se terug naartoe, samen met mij. Hij was toen ongeveer achttien. In de school ontmoetten we een van de paters. Die pater: “Quel plai- sir de vous rencontrer, monseigneur.” “Pas du tout”, zei Laurent. “U bent een stuk crapuul… Ik ben het kotsbeu!” Hij wou er gewoon naartoe om hen uit te kunnen schelden. Dat zat erg diep.’ Vaessen bevestigt dat de prins helemaal verkrampte telkens als hij over Loppem sprak. ‘Zijn jeugd, dat was in zijn ogen de hel.’ In 2010 kwam de abdijschool van Zevenkerken negatief in het nieuws. Een van de opvoeders, ene Jef D., werd beticht van pedo- filie. De school gaf de feiten toe. De man was er ook al toen Laurent en Filip daar school liepen. Zou er een verband zijn met de vlucht- poging van Laurent? Auteur Jan van den Berghe herinnert zich een gelijkaardig ver- haal: ‘Hij werd gelogeerd bij een man in Woluwe, die Paola om- schreef als “een heilige”. Hij liet graag de as van zijn rookgerief op de broek van Laurent vallen – bij voorkeur in de buurt van de genitaliën van de jongen – om het daarna met de hand weg te vegen.’ Terug naar de vluchtpoging van Laurent. Zeker is dat door dit sterke signaal de jonge prins bij een gastgezin mag logeren in plaats van in het nochtans verplichte internaat van de school te verblijven. Volgens Noël Vaessen heeft deze traumatische periode erg die- pe sporen nagelaten bij Laurent. In Het Laatste Nieuws verklaart hij het volgende: ‘Ik ben er zeker van dat het bizarre gedrag van Laurent het gevolg is van zijn opvoeding. Hij had weinig houvast in zijn kinderjaren. Privéleraar Rudy Bogaerts verklaarde ooit dat hij miskweekt werd. Ik denk dat hij gelijk heeft. Het erge is dat er zoveel veranderingen plaatsvonden in zijn leven zonder enige voorbereiding of inspraak. Zo werd hij naar de eliteschool in Lop- pem gestuurd. Hij kon er niet wennen. Toen hij op een avond te voet richting Brussel vertrok was hij erg wanhopig.’ Volgens Vaessen speelt dat vandaag nog steeds. ‘Ook nu nog is hij soms het noorden kwijt en raakt hij erg verward. Hij heeft me eens gevraagd een afspraak te regelen met een minister. Toen we binnenkwamen in het kabinet van de excellentie, wist de prins
  19. 19. 20 prins laurent – rebel met reden van niets meer. Complete black-out. Het enige woord dat uit zijn mond kwam, was “cola”, toen ze hem vroegen wat hij wilde drin- ken. Ik heb met de minister over enkele algemene zaken gesproken omdat ik vreesde dat hij anders zou denken dat we hem voor de gek hielden, maar de prins heeft de hele tijd gezwegen.’ Jacques Wirtgen, voormalig directeur van het kint, bevestigt in het weekblad Paris Match van september 2000 dat Laurent soms een verwarde indruk maakt. Volgens hem is de echte reden dat hij overloopt van ideeën. Grootvader Leopold Bij de meeste kinderen bestaat er een relatie tussen de kleinkin- deren en de grootouders. Maar Laurent groeit niet op in een nor- maal gezin. Dat blijkt uit heel wat elementen. In 1977 ontmoeten Filip en Laurent voor de allereerste (!) keer hun grootvader Leopold. Prins Filip is dan zeventien jaar, Laurent veertien. De ontmoeting is geregeld door Boudewijn. Hij vindt dat zijn neven hun grootvader eindelijk eens mogen ontmoeten. Albert luistert altijd naar zijn oudere broer. Astrid wordt niet eens betrok- ken in het plan. De vorst maakt hiermee een schaarse uitzondering op zijn zelf ingestelde strenge regel dat er geen contact mag zijn tussen Argen­ teuil (Leopold en Lilian) en Belvédère (Albert en Paola). Volgens Leyts, Balfoort en Van den Wijngaert wordt een inge- wikkeld scenario in elkaar geknutseld. ‘Filip en Laurent worden naar een tandarts gebracht aan het Leopoldpark in Brussel. Terwijl ze in de wachtkamer zitten, kom Leopold “toevallig” uit het kabi- net.’ Boudewijn heeft een ontmoeting van 15 minuten voorzien maar Lilian gooit roet in het eten. ‘Na tien minuten begint prinses Lilian al ongeduldig in de wachtende auto te claxonneren.’ Ze vindt dat de ontmoeting lang genoeg geduurd heeft. Een mogelijke verklaring voor die ontmoeting is dat Laurents ouders in die periode willen scheiden. Dat zou de katalysator bij Boudewijn kunnen geweest zijn. De papieren liggen klaar. Ze moe- ten enkel nog door beide partijen ondertekend worden. Zelfs Bou- dewijn moet toegeven dat er geen beterschap in hun relatie zit.
  20. 20. Een ‘prinselijke’ jeugd, 1963-1981 21 Hij legt zich neer bij de situatie. Maar hij wil het zijn broer en schoonzus niet gemakkelijk maken. Boudewijn laat in de scheidingsakte enkele voorwaarden op- nemen. Eerste voorwaarde is dat Albert zijn recht op de troon moet opgeven. Als hij met zijn minnares Sybille de Selys wil trouwen, moet hij ook naar Londen verhuizen. Bovendien moet hij afzien van zijn titel ‘prins van Luik’. Ook Paola moet haar titel opgeven. Bij de onderhandelingen is het net zoals bij andere koppels vooral moeilijk een goede regeling te vinden voor de kinderen. Paola wil met de kinderen naar Italië. Boudewijn kiest de kant van zijn broer en chanteert zijn schoonzus met de boodschap dat de kinderen als mogelijke troonopvolgers in België moeten blijven. Volgens Leyts, Balfoort en Van den Wijngaert blijft de dotatie van Albert en Paola in deze constructie behouden. Er is enkel dis- cussie over de exacte verdeling ervan. Andere bronnen beweren met stelligheid dat Boudewijn de dotatie wilde afschaffen, als straf voor zijn broer en schoonzus. Albert en Paola zullen zich uiteinde­ lijk verzoenen. Hoe dat precies in zijn werk is gegaan, blijft voor­ lopig een raadsel. Er circuleren hierover diverse verhalen. Het meest waarschijnlijke scenario is dat beide echtelieden bewerkt werden door hun familieleden: Paola door haar oudste zus Maria en Albert door Boudewijn. ‘Ook geld heeft een grote rol gespeeld’, vult een getuige aan. ‘Een scheiding zou diep in het vlees gesneden hebben.’ Na het mislukte avontuur in Zevenkerken begint Laurent in sep- tember 1977 opnieuw aan het eerste middelbaar. Deze keer wordt de ‘progressieve’ school Pius x in Antwerpen uitgekozen. Laurent begint in de zwakste klas van de gemakke- lijkste richting. De prins heeft nooit op een Gentse internaat ge- zeten, wat daar ook over geschreven wordt. Als ‘toelatingsproef’ moet Laurent een opstel schrijven. Op dat moment is hij bezeten door het fietsen. ‘Ik doet (sic) oefeningen met de fiets. Grotte (sic) of kleine toeren. En dat is zeer prettig als iemand dat toch goed doen (sic). Ik doet (sic) dat zeer graag.’ Hij mag starten in de richting Economie in het Vernieuwd Secundair Onderwijs (vso), ook smalend de Vernieuwde School van Onwe- tendheid genoemd.
  21. 21. 22 prins laurent – rebel met reden ‘De inschrijving werd zo lang mogelijk geheim gehouden’, be- weert Verwerft. ‘Zelfs bij de hervatting van de lessen (in september) werd getracht de medeleerlingen niet te laten weten dat er een prins op de schoolbanken zat. Enkel het schoolhoofd en de leden van de inrichtende macht werden ingelicht.’ Volgens Verwerft ging het om een test. ‘Het was duidelijk dat het om een voorzichtige proef ging en dat de prins dadelijk weer naar Brussel zou worden overgebracht als hij aanpassingsmoeilijkheden zou ondervinden, of indien de schoolbevolking zich tegen zijn aanwezigheid zou afzetten.’ ‘De eerste dag van het schooljaar werden per klas de namen bekendgemaakt,’ herinnert een medeleerling van de prins zich. ‘En toen “Van België Laurent” werd afgeroepen, siste iedereen: “Verdorie, we zitten met de Laurent in de klas.”’ Het ‘geheim’ werd die eerste dag al bekendgemaakt en het nieuws deed in een mum van tijd als een lopend vuurtje de ronde van de school. In de groep was het volgens die medeleerling de teneur om anti-Laurent te zijn. Hij werd niet echt gepest, maar hij was aller- minst populair, zoals iedereen die zich niet wil integreren. Op Pius x zat toen ook Tony van Montfoort, zoon van Bekende Nederlander Henk Van Montfoort. Tussen beiden kwam het ooit tot een felle woordenwisseling. ‘Henk is mijn vader,’ roept Tony. ‘En koning Boudewijn is wel mijn oom,’ antwoordt Laurent fel. ‘En toch was hij in feite een heel bedeesde jongen,’ vertelt een medeleerling in Koning Boudewijn en zijn clan. ‘Hij had in elk opzicht zoveel meer dan wij en toch voelde hij zich gecomplexeerd, denk ik. Erg snedig van repliek was hij niet. Hij antwoordde meestal met zijn vuisten. Agressie was zijn verweermiddel.’ Schooldirecteur Herman De Graef herinnert zich Laurent zeer goed: ‘Hij was wie hij was. Niet briljant, niet vlijtig, niet gemoti- veerd. Hij was zeker niet iemand die zich heeft geassocieerd met het plebs op school. Hij voelde zich wellicht wat verheven.’ De Graef herinnert zich dat Laurent linkshandig was. ‘Dat viel op. Alle leerlingen waren immers rechtshandig. Dat werd toen nog verplicht in het lager onderwijs.’ Het verhaal dat de prins in de lessen Frans soms met een walk- man opzat, omdat hij vond dat hij daar toch niets kon leren, is onjuist. ‘Het is correct dat Laurent een keer met een walkman
  22. 22. Een ‘prinselijke’ jeugd, 1963-1981 23 binnenkwam. Maar ik heb hem toen gevraagd om het toestel af te zetten,’ verklaart een voormalig leraar. ‘Laurent heeft de walk- man ook onmiddellijk afgezet. Ik weet dat hierover nadien een mythisch verhaal is ontstaan. Maar dat een leerling bij ons met een walkman de les zou bijwonen, is totaal uitgesloten.’ Wel correct is dat hij aangesproken wilde worden met Laurent de Belgique en niet als Laurent van België. ‘Hij maakte daar een punt van,’ vertelt een andere oud-leraar. Hij haatte het Nederlands. ‘Bo- vendien weigerde hij ooit aan een examen mee te doen. “Ik moet dat niet doen want ik ben een prins,” zei Laurent.’ Laurent en Jenny Ondanks de beperkte kennis van het Nederlands, probeert Laurent de lessen te volgen. In het eerste middelbaar van Pius x krijgt Laurent les van stagiair Koen Schyvens. In Vlaanderen wordt de prins dan Laurens genoemd. ‘In 1977 zat ik op de lerarenopleiding van Pius x in Antwerpen,’ vertelt hij. ‘Ik studeerde Nederlands en geschiedenis.’ ‘Als eerstejaars student doe je stage op de middelbare school van hetzelfde Pius x Instituut. Een van de leerlingen in de eerste klas is Laurens van België. Natuurlijk weet de hele school dat deze jongen de neef is van koning Boudewijn. Iedereen wordt er echter op gewezen om hem als een normale leerling te behandelen. In het stagerooster zie ik dat ik een geschiedenisles moet geven in de klas van de prins.’ ‘Natuurlijk praten wij over hem. We imiteren zijn Vlaams-met- Frans-accent. We hebben de grootste lol. Studiegenoten dagen me uit om hem actief bij de les te betrekken.’ Schyvens gaat de uitdaging aan. Het onderwerp van zijn stage- les is de eerste machines in de textielindustrie in de 18de eeuw. ‘Ik bereid mijn les nauwkeurig voor. Ik verzamel tekeningen en foto’s en zorg ervoor dat de episcoop in het lokaal staat. En dan is het zover. De les begint zoals altijd. Ik stel me voor en vraag de leerlin­gen, allemaal jongens van 12 en 13 jaar, om hun naamkaart- je op hun tafel te zetten.’ Hij stelt eerst een paar vragen over de vorige les. ‘Vervolgens
  23. 23. 24 prins laurent – rebel met reden vertel ik over de ontwikkeling van weefgetouwen en spinmachines. Ik leg uitvoerig de werking uit van de “Spinning Jenny”. De laatste vijf minuten besteed ik aan een samenvatting van de les. Ik stel vragen om te kijken of ze alles begrepen hebben. En dan vraag ik aan Laurens: “Laurens, wie of wat is Spinning Jenny?” Het woord “spinning” spreek ik zacht en snel uit, ik leg de nadruk op “Jenny”. Laurens hoort waarschijnlijk: “Wie of wat is Jenny?” Hij krijgt een rood hoofd en zegt: “Ik weet het niet, mijnheer.” En vervolgens geef ik iemand anders de beurt. De les is afgelopen.’ De leraar-in-spe krijgt een voldoende-met-een-opmerking. “Waarom stelde je die vraag aan Laurens?” “Omdat hij nog geen enkel antwoord had gegeven en zelden zijn vinger opstak,” is mijn reactie. Geen speld tussen te krijgen. Ik hield mijn gezicht in de plooi. De schouderklopjes kwamen pas later – zonder leraren in de buurt. De talrijke grappen over “Laurent en Jenny” werden de volgende dagen veelvuldig verzonnen.’ ‘Ik heb hem daarna nog een paar keer les gegeven maar dan zonder plagerij,’ besluit Schyvens. Lavendelboer Een andere leraar op Pius x is William ‘Wim’ Triki. Vandaag is hij lavendelboer en gids in een plaatselijk grottencomplex in het zui- den van Frankrijk. Hij herinnert zich Laurent alsof het gisteren was. ‘In 2000 kochten mijn vrouw en ik een huis in het Zuid-Franse Orgnac,’ vertelt hij. ‘In de grotten vertel ik telkens een verhaal over prinsen en prinsessen. Ik verwijs steevast naar een Belg die graag koning wil worden, maar die daar wellicht nooit in zal sla- gen.’ Hij heeft het over Laurent. Op een keer stapte na de rondleiding iemand op Triki af die zich kenbaar maakte als een belangrijk medewerker van het hof. ‘Of ik geïnteresseerd was om de prins en zijn gezin te ontvangen? Natuurlijk wil ik dat. In mijn lerarentijd had ik prins Laurent als 14-jarige al in mijn klas. Het zou leuk zijn om hem hier te mogen ontvangen. Benieuwd wat ervan gaat komen.’ Er is nog een gemeenschappelijk punt tussen Laurent en voor-
  24. 24. Een ‘prinselijke’ jeugd, 1963-1981 25 malig leraar Triki. Als hij te weten komt dat er in ons land een petitie rondgaat tegen een inwoner die een ezel houdt in een chi- que villawijk, kruipt Triki in zijn pen. ‘Alle viervoetige ezels zouden op straat moeten kunnen komen met een petitie tegen die “dom- me” tweevoetige collega’s… een echte ezel in de buurt van kinde- ren en volwassenen werkt ontspannend voor alle partijen… een ezel stoot geen allergenen uit… zijn schaarse uitwerpselen beho- ren tot de beste meststoffen… en dat is erg goed voor balkonplan- ten aan de sjieke villa’s en die bloemen trekken dan weer allerlei vlinders aan en dat vinden kinderen erg prettig… Een tip dus: bezorg die petitieondertekenaars een proper zakje echte ezels­ keutels… met een woordje erbij… en doe ze de groeten van de lavendelboer, die met zijn ezeltje door vele straten in België trok en bij vele mensen een glimlach op hun gezicht toverde.’ Het be- richt zou door dierenvriend Laurent geschreven kunnen zijn. In juni 1978 wordt lang en intensief gedelibereerd over het geval ‘van België’. Sommige principiële leraars vinden dat Laurent niet naar het tweede middelbaar mag. Zijn resultaten zijn te slecht. Hij haalt niet eens veertig procent. Andere leraars twijfelen. Uiteinde- lijk mag Laurent overgaan. De belangrijkste motivatie achter deze beslissing heeft niets met de resultaten te maken. Men wil een vijftienjarige puber niet nog eens het eerste middelbaar ‘aandoen’. Bovendien is er wellicht wat druk vanuit Laken. In september 1978 start Laurent in het tweede middelbaar van het Antwerpse college. Begin december 1978 komt een droom van vele schoolkinderen uit: de school ontploft letterlijk en de veer- tienhonderd leerlingen moeten geëvacueerd worden. Er zijn vijf gewonden. De schade aan de school is enorm. Laurent en de an- dere leerlingen krijgen twee extra weken vakantie. Op Belvédère zijn ze niet gelukkig met het onverwachte verblijf van Laurent. Auteur Verwerft vindt het een vreemde zaak. ‘Het leek alsof er een bom was ontploft. Verdere veronderstellingen werden in de kiem gesmoord.’ Opnieuw zijn de resultaten van de prins in dat tweede jaar ui- termate slecht. Hij is niet geslaagd. Alweer krijgt hij het voordeel van de twijfel.
  25. 25. 26 prins laurent – rebel met reden Dat Laurent goede herinneringen overhoudt aan zijn tijd op Pius x, is een mythe. Hij had er nauwelijks vrienden en leefde terug- getrokken bij zijn gastgezin. Volgens zijn leraars ‘bloeide hij open’ in het Pius x. Dat de prins vandaag zegt wat hij denkt, wijten ze aan de ‘open Antwerpse sfeer’ die hij als tiener leerde kennen. Onzin volgens Vaessen. Laurent verkrampt als hij aan die periode terugdenkt. Bovendien was er een ernstig voorval op die school. ‘Tijdens een 100 dagen-viering kon een zwaar incident maar op het nip- pertje vermeden worden,’ beschrijft biografe Joke Vanhaeren. ‘De feestvierders willen bij wijze van grap de prins uit het klaslokaal ontvoeren en hem meenemen op een wilde tocht door de stad. Als de leerkracht de joelende bende ziet aanstormen, doet ze de deur onmiddellijk op slot. Maar de zesdejaars geven het niet zo snel op. Ze saboteren het deurslot met kauwgom en scanderen minuten- lang “Lever ons Laurent uit”. De jonge prins kan de studentikoze humor niet appreciëren en is helemaal niet opgezet met die drei- gende taal. Uiteindelijk wordt hij uit de klas “bevrijd” door de con­ciërge,’ aldus Vanhaeren. Bovendien was Laurent niet eens in staat om er de lessen te volgen. ‘Wat de lessen Nederlands betreft, is het zeker zo dat hij daar geen extra inspanning voor leverde,’ bevestigt een bron. ‘Zijn Nederlands was niet goed genoeg voor onderwijs op een Vlaamse school. Dat hij daar toch toe verplicht werd, heeft hem wellicht zo gedegouteerd dat hij is beginnen te rebelleren.’ Tijdens het schooljaar 1979-1980 moet Laurent het derde middel- baar van Pius x doorworstelen. Hij heeft het bijzonder moeilijk met de leerstof die, zoals geweten, in ‘oneven’ studiejaren nog moeilijker is dan in de ‘even’ jaren. Volgens voormalig medeleer- ling Peter Van Camp, nu bij vtm, haalde Laurent in juni 1980 een resultaat amper ‘achteraan in de dertig’. Toch krijgt Laurent, wel- licht opnieuw onder enige druk van het paleis, het getuigschrift lager middelbaar onderwijs. De studieresultaten van de prins bleven dus drie jaar onder- maats. ‘Met dezelfde stijfhoofdigheid die ook Karel van Vlaanderen typeerde, studeert Laurent alleen als hij er zelf zin in heeft, en dat gebeurt niet vaak,’ weet Van den Berghe. ‘Huistaken blijven vaak
  26. 26. Een ‘prinselijke’ jeugd, 1963-1981 27 ongemaakt liggen. Niet zozeer uit luiheid, dan wel uit gebrek aan belangstelling.’ Leo Cools, de allereerste oud-leerkracht van Laurent, herinnert zich nog de moeilijke deliberaties: ‘Hij heeft hier zijn diploma van het lager middelbaar onderwijs behaald, maar eigenlijk had hij niet eens naar het tweede jaar mogen overgaan. Ik kan u verzeke- ren dat hij telkens maar net overging, maar je kunt van een zestien­ jarige toch moeilijk verlangen dat hij nog eens het eerste jaar over­doet?’ Cools vergist zich wel in de leeftijd van Laurent. In juni 1978, op het einde van het eerste middelbaar op Pius x, was Laurent nog maar veertien jaar. In oktober zou hij vijftien worden. Laurent logeerde bij een kinderloos echtpaar, beiden leraar, in een buitenwijk van Wilrijk. Het was de bedoeling dat hij daar toch nog een enigszins normale puberteit zou kunnen beleven, maar Laurent voelde zich in Wilrijk verschrikkelijk alleen. ‘Ik was een eenzaam kind. Ik heb veel kunnen nadenken,’ verzuchtte hij ooit. Een medeleerling bevestigt dit verhaal. ‘Ik woonde vlak in de buurt van Laurent. Je zag hem bijna nooit buiten. Ik geloof dat mijn broer een keer met hem gevoetbald heeft.’ Bovendien kan je niet buiten de vaststelling heen dat Laurent als een echte verschoppeling gedumpt werd bij dat koppel Ant- werpse leraars. ‘In de ogen van zijn moeder bestond hij (toen) niet eens,’ benadrukt Vaessen. Wie wel plezier beleefde aan de aanwezigheid van Laurent, zijn de medeleerlingen van Pius x. ‘We hebben wat afgelachen met de R4 volgepropt met rijkswachters of bob’ers die instonden voor de bewaking van de prins.’ Die Renault stond elke dag in de buurt van de schoolpoort. Een andere mythe is dat moeder Paola zich in de jaren zeventig als een moederkloek over haar kinderen zou ontfermd hebben. ‘In het begin deed ze zeker haar best,’ beweert een insider. ‘Net zoals alle moeders wellicht probeerde ze te zorgen voor haar drie jonge kinderen. Maar die inspanningen verwaterden snel. Zeker vanaf het midden van de jaren zestig stelde ze haar eigen persoon opnieuw centraal.’ Paola was nog erg jong toen ze kinderen kreeg, dat speelde mee. Rudy Bogaerts gaat nog een stap verder. In een interview met
  27. 27. 28 prins laurent – rebel met reden Humo beweert hij dat Laurent van zijn moeder lijfstraffen kreeg. ‘Zijn moeder sloot hem vier dagen lang op zonder eten en sloeg hem tussendoor met een riem.’ In de biografie van Vanhaeren wordt dit zonder argumentatie betwijfeld. Zeker is dat Laurent weinig nestwarmte vond. Zijn vader begon midden jaren zestig een jarenlange romance met de Waalse baro- nes Sybille de Selys-Longchamps, waaraan de kunstenares Delp- hine is ontsproten. Daarop richtte prinses Paola voor zichzelf de linkervleugel van het Belvédère in, waar zij op haar beurt een stoet schimmige minnaars ontving. ‘Er was in die periode geen gezin meer,’ aldus Bogaerts. ‘Laurent liep zijn ouders in de weg, die het druk hadden met hun liefjes. Paola huldigde het motto: hoe verder Laurent bij me vandaan is, hoe beter.’ De gebrouilleerde echtelieden waren bovendien vaak uithuizig. Paola’s agenda wemelde van met dikke stift omcirkelde boemel- partijtjes en winkeluitstapjes in mediterrane oorden. ‘Mes fils sont des cons’, mijn zonen zijn sukkels, bitste ze ooit waar Laurent bij was. Albert leidde dan weer de ene handelsmissie na de andere. Vaak ging het er liederlijk aan toe. Albert vertrok dan ‘in de natuur,’ zoals hij het zelf omschreef. Hij engageerde zich nog minder dan Paola voor de opvoeding van zijn kroost. De prin- ses van Luik heeft hem daar ooit in het bijzijn van derden op een pijnlijke manier op gewezen, en tijdens gesprekken met de leer- krachten van haar kinderen is ze meermaals in een klagerige huil- bui uitgebarsten omdat ze er helemaal alleen voor stond. ‘Indien Laurent geen prinsenkind was, was hij voor galg en rad opgegroeid,’ zucht een vertrouweling van het paleis. Tante Fabiola heeft Laurent dan nog niet helemaal opgegeven. In 1977 ontvangt ze Chiara Lubich, de stichtster van Focolare. Fa- biola zorgt ervoor dat ze ook Laurent kan ontmoeten. Laurent werd in die periode vooral opgevangen door Benoît Janssens de Bisthoven. Janssens was Commandant der Koninklijke Paleizen en een vaste waarde aan het Belgische Hof. Het gezin Janssens de Bisthoven bestond uit acht kinderen. De oudste zoon Thierry werd geboren in 1952. De jongste zoon Paul kwam in 1966 ter wereld. Georges is ongeveer even oud als Laurent. Oudste dochter Marie-Chantal is getrouwd met Patrick du Bois, voormalig adviseur bij kardinaal Danneels.
  28. 28. Een ‘prinselijke’ jeugd, 1963-1981 29 Voor Laurent waren deze ‘vakanties’ strafkampen. Als Patrick in 1998 overlijdt, wil Laurent niet naar de begrafenis van de man gaan. Volgens Vaessen is de prins kwaad op die mensen. ‘Hij voel- de dat zij van de ellendige situatie profiteerden en zo hun loopbaan en die van hun dochters wilden opkrikken. Kadettenschool Midden juni 1979 vindt in het Brusselse een zwaar verkeersongeval plaats. Twee wagens botsen opeen. In het ene voertuig zit Josiane Van Keymeulen uit Watermaal-Bosvoorde, een deelgemeente van Brussel. In het andere voertuig bevindt zich de dan vijftienjarige Laurent. Voormalig journalist en auteur Gust Verwerft heeft meer details over het ongeval. ‘Het ongeval vond plaats op de ring rond Brussel ter hoogte van de Verdunningsdreef te Groenendaal. Een Franse vrachtwagen voerde een onverwacht manoeuvre uit, waardoor twee personenwagens tegen elkaar botsten. De ene wagen werd bestuurd door Josiane Van Keymeulen. Ze werd zwaargewond over- gebracht naar het ziekenhuis. De andere auto was een voertuig van het Hof, waarin Laurent achteraan had plaatsgenomen. De wagen werd helemaal vernield.’ Volgens onze bron zat Laurent niet op de achterbank, maar achter het stuur. Het verhaal doet denken aan het tragische over- lijden van prinses Grace van Monaco. Toen zat haar minderjarige dochter Stéphanie aan het stuur van de Rover. ‘Het was vrijdagavond 15 juni 1979,’ beweert onze bron met zeer grote stelligheid. ‘En prins Laurent bestuurde de auto van het Hof.’ Het ongeval bracht ‘zeer grote commotie’ teweeg op Belvé- dère. ‘Laurent is toen aan de dood ontsnapt.’ Het voorval wordt in geen enkel werk over Laurent vermeld. Merkwaardig genoeg staat het wel in de krant Het Belang van Lim- burg van 21 oktober 1997. Daarin wordt bevestigd dat de wagen die de minderjarige prins bestuurde, in botsing was gekomen met het voertuig van Josiane Van Keymeulen. Nogmaals, Laurent was toen amper vijftien! Toch is het niet echt een verrassing om de jeugdige prins achter
  29. 29. 30 prins laurent – rebel met reden het stuur van een auto te vinden. ‘De prinsen kropen geregeld achter het stuur van een van de talrijke wagens die in Laken of op Belvédère stonden. Zoals alle Coburgers hadden ze een passie voor snelle wagens en motoren. Laurent had toen hij een jaar of negen was zelfs een ongeluk gehad met een van de zware motoren van zijn vader,’ aldus onze bron. De zomervakantie van dat jaar moet wellicht niet echt prettig geweest zijn. Enkele weken later, op zondag 22 juli 1979, ratelt de telex op de krantenredacties van ons land opnieuw. Prins Laurent heeft een beenbreuk opgelopen en is voor dringende verzorging naar het ziekenhuis van Dinant gebracht. Spelend op de binnentuin van het kasteel van Fenffe is de prins ‘ongelukkig ten val gekomen’. Deze keer wordt er niet getwijfeld aan de waarheid van het pers- bericht. Begin jaren tachtig beslist Boudewijn om Laurent naar de kadet- tenschool te sturen. Het is moeilijk te begrijpen waarom de koning deze beslissing neemt. Het wijst alleen maar op de extreme wereld­ vreemdheid van de vorst. Hij krijgt zeker vervalste resultaten van zijn neven te zien. Of zou er een verband zijn met dat auto-ongeval? Zou Boudewijn zijn neef op die manier willen straffen? Voor een verbanning is het dan nog een beetje vroeg. Het aantal uren wiskunde, niet meteen Laurents sterkste vak, verhoogt van drie naar veertien per week. Volgens intimi is de uitleg simpel: Laurent mocht dan wel een haast onhandelbare emotionele tijdbom zijn, hij was intelligenter dan zijn broer en het was ongehoord dat hij de troonopvolger de loef zou afsteken. Laurents biografe Vanhaeren wijst deze verklaring met sterke argumenten van de hand. De meest logische uitleg is dan ook dat Boudewijn volledig afgeschermd was van de realiteit en niet op de hoogte was van de barslechte resultaten van Laurent. Volgens Bo- gaerts moeten we het zo zien: ‘De entourage van de koning ver- bloemde de mislukking. Zij wezen erop dat Laurent voor psycho- logie toch 14 op 20 had gehaald. Dat vak speelt op de militaire school echter geen enkele rol.’ Lesgevers en opvoeders staan voor de onmogelijke opdracht om van de prins-rebel een modelrecruut te maken. ‘De eerste we- ken is het al meteen raak,’ weet Jan Van den Berghe. ‘Gewend om
  30. 30. Een ‘prinselijke’ jeugd, 1963-1981 31 thuis altijd alles te laten rondslingeren, geraakt Laurent muts en gordel kwijt, wat hem meteen op een fikse straf komt te staan.’ Bovendien tempert een aantal potige medeleerlingen de vechtlust van de heetgebakerde prins. Laurent is een externe leerling. ‘Hij verlaat de kadettenschool om zeven uur ’s avonds en moet zich ’s anderendaags om zeven uur ’s ochtends weer melden,’ weet de auteur. Het is een uitzon- dering op de regel dat alle leerlingen intern zijn. Volgens een in- sider komt dit omdat Laurent op dat ogenblik nog steeds in zijn bed plast. Men wil hem die extra vernedering besparen. Volgens Vanhaeren worden de lessen er in het Frans gegeven. Dat is alvast een meevaller voor de prins. Toch wordt ook dat stu- diejaar een verloren jaar. ‘Eén schooljaar in de kadettenschool is voor Laurent ruimschoots voldoende. Na de zomervakantie (van 1981) keert hij er niet meer terug.’ Vanhaeren stipt aan dat Laurent er tijdens de zomervakantie moet blijven. ‘Zijn moeder heeft beslist dat het zo moet. Hij maak- te te veel lawaai met dat ellendige transistorradiootje van hem.’ Toch had oom Boudewijn nog een gewaagde zet gedaan om zijn neef vooralsnog aan een diploma te helpen. Hij had vertrouweling Benoît Janssens de Bisthoven aan het hoofd van de kadettenschool geplaatst in de hoop zijn neef te redden. ‘De leraars vielen echter niet onder het bevel van de Bisthoven en weigerden Laurent cijfers te geven die hij niet waard was,’ verduidelijkt Vaessen. ‘Zo moest Laurent uiteindelijk naar een afdeling waar hij geen officieel eind- diploma kon krijgen.’ Auteur Mario Danneels schetst een realistisch en snoeihard portret van de jonge Laurent in Het trauma van de troon. ‘De modieuze term antisociaal gedrag schiet tekort om een puber op zijn plaats te zetten die tegen de benen van een rijkswachter urineert, vooral wanneer die puber overgepriviligieerd is en geacht wordt een van de beste opleidingen in het land te krijgen, én die rijkswachter zijn carrière opoffert voor de veiligheid van dat gespuis.’ Volgens Danneels kan dat enkel gebeuren in een omgeving waarin rotverwende grillen tot de orde van de dag behoren en er niemand is die het aandurft om je met een hardhandige reality check te confronteren.
  31. 31. 32 prins laurent – rebel met reden Die reality check is er wel op het Antwerpse college Pius x en in de kadettenschool van Brussel. Het gevolg van deze confrontatie met de realiteit is dat Laurent zijn stekels opzet en nog meer in zijn schulp kruipt. Auteur Mario Danneels noemt Laurent een ‘blauwbloedige Cis- ke de Rat’. Ciske zingt hartverscheurend dat hij zich zo alleen voelt. In een adem noemt Danneels de prins ook een verschoppeling. Het is correct dat Laurent gedropt wordt bij een Antwerps gast­ gezin. Maar niemand heeft Laurent verplicht om zich bij zijn Ant- werps gastgezin te verschansen. Waarom nam hij niet het initiatief, zoals normale jongens, om met kinderen uit de buurt te voetballen of te fietsen? Auteur Erik Wellens beschrijft de jonge Laurent als volgt: ‘Laurent is gevoelig aan stemmingswisselingen. De prins kan als tiener erg verlegen en introvert overkomen maar een seconde later uitbundig en bijdehand zijn. Het hangt sterk van zijn humeur en het gezelschap af.’ Of dat typisch voor Laurent is, is twijfelach- tig. Veel pubers kunnen op die manier omschreven worden. De echte vraag is of je daar doorheen groeit.
  32. 32. hoofdstuk 2 De verloren jaren 1981-1994 ‘Het is niet aan mij om over mijn kwaliteiten te spreken. Maar ik kan u zeggen dat ik soms een verdomd slecht karakter heb.’ prins laurent in interview (de morgen) In september 1981 is de prins bijna 18. Terwijl sommige leeftijds- genoten naar de universiteit gaan, heeft Laurent enkel een ge- tuigschrift lager middelbaar onderwijs. Vanaf nu wordt het parcours van Laurent moeilijker te deter- mineren. Het is alsof er een tweesporenbeleid gevoerd wordt. Ze- ker is dat hij vanaf september 1981 tot september 1983 door privé- leraar Rudy Bogaerts klaargestoomd wordt voor examen middel- baar onderwijs voor de examenjury. Volgens Bogaerts wist Laurent in september 1981 zo goed als niets. ‘Op zijn achttiende vroeg hij me wat “een halve plus een halve” was. Hij wist dat gewoon niet.’ In een interview in Humo geeft Bogaerts uitleg over de precieze omstandigheden van die begeleiding: ‘Prins Laurent was net geen achttien toen de privésecretaris van de toenmalige prins Albert, Michel Didisheim, me polste voor een afspraak. Albert had proble- men met Laurent, zei hij.’ In andere interviews beweert Bogaerts dat hij persoonlijk gevraagd werd door koning Boudewijn. Dat Didisheim, een bastaardzoon van Leopold iii en dus een
  33. 33. 34 prins laurent – rebel met reden halfbroer van Albert ii, bij Bogaerts kwam, is geen toeval. De privé­ leraar had eerder de zonen van Didisheim onder zijn hoede gehad. ‘Dat was een gelukkige samenwerking geweest: ze hadden de exa- mencommissie van de staat met goed gevolg doorstaan,’ beweert Bogaerts in Humo. Volgens Bogaerts is Laurent zeker geen domkop. ‘Laurent is ver­standig, ontegensprekelijk. Alleen is met dat verstand onzorg- vuldig omgesprongen.’ Voormalig grootmaarschalk Herman Lie- baers valt hem bij: ‘Laurent is intelligent maar onvoorspelbaar. Hij bezorgt zijn medewerkers grijze haren.’ Vaessen is echter niet onder de indruk: ‘Laurent overschat zichzelf op intellectueel vlak.’ Een van de mensen om Laurent les te geven, is Luc Putman. Put- man was cultureel ambassadeur onder Boudewijn. ‘Op een zekere dag begin jaren tachtig mocht ik als directeur-generaal op het departement Buitenlandse Zaken een economische briefing geven aan de jonge prins Laurent,’ vertelt hij. ‘Ik bood hem mijn dienst- wagen aan om hem terug te brengen naar het Belvédère maar Laurent weigerde. Hij vertelde dat zijn ouders van hem verwacht- ten dat hij met het openbaar vervoer reisde. Ze zouden het niet goed vinden indien hij zich naar huis liet voeren. Een tijd nadien ontving ik van de prins een briefje waarin stond dat hij geslaagd was in de examens waarvoor de briefing was georganiseerd.’ In het najaar van 1983 slaagt Laurent ook in de andere onder- delen van het examen. Hij is dan bijna twintig. Toch vinden we geen spoor van Bogaerts in het officiële cv van de prins. ‘Ik voel me zwaar beledigd,’ vertelde Bogaerts hierover aan de pers. ‘Men verzwijgt mijn goede werk. De duistere kliek rond Jac- ques van Ypersele de Strihou (de kabinetschef van de koning) heeft mij brutaal geschrapt uit het curriculum vitae van prins Laurent, terwijl ik mij acht jaar lang heb uitgesloofd voor hem. Het paleis moet eindelijk de waarheid vertellen. Ik heb de 18-jarige Laurent op verzoek van koning Boudewijn in twee jaar klaargestoomd voor het examen van de middenjury, waardoor hij alsnog zijn diploma van de middelbare school haalde. Later heb ik hem met succes begeleid in zijn eerste kandidatuur “veearts” in Louvain-la-Neuve. Laurent hing vanmorgen aan de lijn. Hij zei: “U hebt gelijk, maar ik ben niet verantwoordelijk voor deze doofpotaffaire. U weet dat ik geen lid ben van het paleis. Ik heb er niks mee te maken.”’
  34. 34. De verloren jaren, 1981-1994 35 Merkwaardig genoeg discrediteert Bogaerts zijn eigen werk. Hij suggereert in Humo dat prins Laurent zijn middelbaar diploma niet heeft behaald, maar ‘gekregen’. ‘Het systeem is simpel: als een prins examen aflegt, bepaalt hij het onderwerp en de vragen. Dat is uiteraard niet wettelijk. Maar veel van die proeven zijn monde- ling, je kunt dus moeilijk nagaan of het spel niet correct werd gespeeld.’ Met het getuigschrift hoger middelbaar onderwijs in de hand, probeert Laurent het in september 1983 aan de Koninklijke Mili- taire School (kms). Hij maakt er deel uit van de 123ste lichting ‘alle wapens’. Net zoals zijn eerdere ervaring aan de Kadettenschool wordt dit een flop. Laurents gewezen privéleraar Bogaerts had dit voorspeld en beweert in Humo dat hij een hogeschool had aanbevolen waar de prins vooral handelswetenschappen zou kunnen studeren. De na- druk zou vooral op talen liggen en minder op wiskunde. ‘Maar volgens de leraar uit Ukkel beslist het Hof dat Laurent op internaat moet (op de kms),’ noteert Laurents biografe Vanhaeren. Vanaf dan wordt het overzicht onduidelijk. Zeker is dat de prins naar de universiteit van Steubenville in de Midwest (vs) trekt. Sommige bronnen geven aan dat het een opleiding van een jaar betreft, anderen spreken over een periode van twee jaar. Bogaerts houdt het op een jaar: ‘De volgende vergissing was dat Laurent naar de universiteit van Steubenville werd gestuurd, waar ook meisjes studeerden. Die waren hoegenaamd niet onder de indruk van een Belgische prins. Hij voelde er zich eenzaam en was na een jaar terug.’ Laurent voelde zich er zo slecht dat hij zelfs een zelfmoordpoging zou hebben ondernomen. ‘Veel moet je daar niet achter zoeken,’ vertelt een bron. ‘Het was eerder een kreet om hulp.’ Bogaert vertelt dat Laurent urenlang met hem telefoneerde. De telefoonrekening van de prins bedroeg toen 50.000 euro. Volgens het paleis is Laurent nooit in Steubenville geweest en ook een officiële bron van de universiteit beweert via e-mail bij hoog en bij laag een student ‘met die naam’ niet te kennen. Het is goed mogelijk dat Laurent er onder een schuilnaam les volgde, een traditie bij de Coburgs.
  35. 35. 36 prins laurent – rebel met reden Volgens Bogaerts was het de bedoeling van Boudewijn en Fabiola om Laurent rijp te maken voor de charismatische beweging. Daar- om werd hij naar die universiteit van Steubenville gestuurd. Laurent was niet onder de indruk. Toen Laurent liet weten niet geïnteresseerd te zijn in die onzin, besloten Boudewijn en Fabiola hun handen van hun weerbarstige neef af te trekken. Volgens Bogaerts heeft Fabiola de aanzet gege- ven tot het excommuniceren van Laurent, net zoals ze dat eerder al met prins Karel en het hele gezin van Leopold iii en Lilian had gedaan. ‘Laurent werd de laatste jaren van Boudewijns regering nooit meer op het kasteel van Laken ontvangen. Koning Boudewijn en Fabiola hebben die jongen kapotgemaakt,’ bevestigt een niet nader genoemde diplomaat fel in Humo. Het is opvallend dat door het paleis over de ‘universitaire’ op- leiding van Laurent in Steubenville niets wordt verteld. Toch is er geen enkele discussie mogelijk over zijn verblijf aldaar. Hij houdt er volgens zijn mentor Rik Van Aerschot zelfs noties Latijn aan over. Er is bovendien een tastbaar bewijs van de aanwezigheid van de prins. In 1987 schonk Laurent aan de universiteit een hostie- schoteltje en een kelk. Deze bevinden zich vandaag in de archive room van de John Paul ii Library van de universiteit. De kelk en schotel zijn een persoonlijk geschenk van Laurent aan Michael Scanlan, een katholieke priester en chancellor van de universiteit van Steubenville. Bij de geschenken staat duidelijk vermeld dat ‘Prince Laurent of Belgium, graduate of the Franciscan University of Steubenville’ is. De geschenken werden tentoonge- steld in de bibliotheek in de maand februari in 2001. Bovendien bevestigt Laurent zelf zijn verblijf aan de universiteit. In een interview met het studentenblad Supo verklaart hij: ‘Als puber was ik gesloten en bescheiden. Mijn studententijd speelde zich vooral af in Amerika, aan een universiteit in de Mid-West. Laten we zeggen in het Charleroi van Amerika. Het was een inte- ressante, maar zeer harde ervaring, vooral door de eenzaamheid.’ Om die eenzaamheid te doorbreken belt Laurent regelmatig naar het thuisfront. ‘Maar wat moeilijk is, vind ik juist interessant,’ vervolgt Laurent. ‘Ik heb uitdagingen nodig en beleefde die periode zoals veel jon-
  36. 36. De verloren jaren, 1981-1994 37 geren van vandaag. Daar kon ik gewoon aan de bar hangen en had ik veel vrienden. Iedereen kende daar iedereen. Ik was een ge- wone student die werkte voor banken en bedrijven. Ik stond op het niveau van de werknemer. Niemand wist dat ik prins was.’ Het is een bijkomende aanwijzing dat Laurent er onder een valse naam verbleef. Laurent krijgt er een fikse boete wegens overdreven snelheid. In een woonwijk waar de snelheidslimiet op 30 mijl per uur be- paald is (ongeveer 50 kilometer per uur), wordt de wagen van de prins met een speed gun (snelheidspistool) ‘geflitst’ tegen 40 mijl per uur of iets meer dan 64 kilometer per uur. De zware voet van de prins levert hem een zware straf op. Na zijn verblijf aan de universiteit van Steubenville is de prins terug in België. Midden de jaren tachtig geeft Laurent aan dieren- geneeskunde aan de universiteit van Louvain-la-Neuve te willen studeren. Hij volgt wel geen lessen aan de universiteit. Dat is niet haalbaar voor een prins. Rudy Bogaerts begeleidt de prins opnieuw. Bovendien worden de vakken van de eerste kandidatuur gespreid over twee jaar. Het resultaat is zeker niet slecht. Laurent slaagt zelfs in enkele examens. Toch breekt hij die studie abrupt af. De belangrijkste persoon in het leven van de jonge prins is op dat ogenblik zonder twijfel Rudy Bogaerts. Laurent verblijft zelfs geregeld in het gezin van de privéleraar. Dat gebeurt midden jaren tachtig als Laurent niet meer welkom is bij zijn ouders. ‘In 1984 krijgt de Rijkswacht zelfs de opdracht om hem (Laurent) niet meer op het Belvédère toe te laten,’ noteren Misjoe Verleyen en haar collega’s in Vrouwen naast de troon. Priester Gilbert verwijst naar deze periode in zijn lezing op het huwelijk van Laurent in 2003: ‘Er was eens een jongen die de goede naam van zijn familie door het slijk had gesleurd. Daarom gooide zijn vader hem buiten.’ Bij zijn ouders is hij niet meer welkom omdat hij te veel pro- blemen maakt. Hij kan wel bij zijn oom en tante terecht. ‘In het kasteel van Laken woont Laurent in een aparte vleugel, maar hij dineert geregeld samen met zijn oom en tante,’ verduidelijkt bio- grafe Vanhaeren. ‘Zij proberen hem een beetje van de gezinssfeer mee te geven die hij thuis vaak heeft moeten missen.’
  37. 37. 38 prins laurent – rebel met reden Als Bogaerts veel later in Humo zwaar uithaalt naar de omgeving van de prins en indirect naar Laurent zelf, reageert de prins zeer ontgoocheld. ‘Het doet me zeer veel pijn dat iemand die ik zo graag heb gezien, nu zo over mij praat.’ Ook Noël Vaessen benadrukt in Het Laatste Nieuws de belang- rijke rol van Bogaerts, die als een surrogaatvader over de prins waakte: ‘De prins had ook ’s nachts regelmatig een crisis. Hij bel- de dan naar zijn privéleraar (Bogaerts). Samen met hem maakte hij een wandeling naar een of ander standbeeld van een dier. Dat werkte kalmerend. Tijdens die nachtelijke tochten voerde Rudy Bogaerts hem ook bij de vrouwen. Ook dat bracht de prins weer tot rust.’ De wandelingen naar de standbeelden leverden veel kiek- jes op die nadien gebundeld werden in het boek De hond als gids dat Laurent uitbracht. Luc Norin is de ghostwriter van het werk, dat nota bene werd opgedragen aan Leopold iii. In het boek staat letterlijk: ‘Laat de Hond ons leiden!’. Hond met een hoofdletter, zoals God. Op veel steun van zijn familie hoefde de prins niet te rekenen. Volgens professor Rik Van Aerschot wordt hij vandaag nog steeds achtervolgd door de eenzaamheid uit zijn puberteit: ‘Hij draagt duidelijk alleen de lasten van het prinszijn, zeker niet de lusten. Die zijn er amper.’ Bogaerts beweert ook dat hij in zijn werk door het Hof is gesa- boteerd. Het zag er volgens hem naar uit dat Laurent dankzij zijn begeleiding veearts zou worden en in dat geval dreigde hij zijn oudere broer Filip, die toen nog niét over een volwaardig univer- sitair diploma beschikte, over het hoofd te springen. De broers werden volgens Bogaerts op dat ogenblik de inzet van een ideologische strijd tussen de katholieke en vrijzinnige vleugel van het paleis. Bogaerts: ‘De koninklijke entourage heeft, bewust of onbewust, prins Laurent én prins Filip kapotgemaakt.’ Het paleis zwijgt opnieuw in alle talen over deze opleiding veeart- senij. Volgens de officiële gegevens van het paleis zit Laurent op dat ogenblik in het leger: ‘Na de Kadettenschool gaat hij naar de Koninklijke Militaire School. Wanneer hij deze school verlaat, kiest hij om bij de Marine te dienen, zoals zijn vader dat al voor hem had gedaan. Hij krijgt zijn marinevorming aan boord van verschil-
  38. 38. De verloren jaren, 1981-1994 39 lende fregatten en mijnenjagers. In september 1985 wordt hij tot Vaandrig-ter-Zee 2de klasse benoemd en op 30 oktober van dat- zelfde jaar legt hij de eed als officier af.’ Deze opleiding valt dus deels samen met de studie van de vakken dierengeneeskunde. Zoals alle andere dekofficieren van de Marine moet hij zich in een of ander activiteitsdomein specialiseren. In de periode 1988 tot 1990 volgt Laurent er een bijkomende opleiding. In de offici- ële biografie staat: ‘Prins Laurent kiest voor de specialiteiten duiker en helikopterpiloot. Op 20 juli 1989 overhandigt zijn vader, toen divisieadmiraal, op de Burg in Brugge hem het kenteken van dui- ker tijdens een plechtige wapenschouwing ter gelegenheid van de Dag van de Marine. In september 1989 wordt prins Laurent bevor- derd tot luitenant-ter-zee. Enkele maanden later, na zijn vorming te hebben voltooid, overhandigt wijlen koning Boudewijn, zijn oom, hem de vleugels van helikopterpiloot.’ Veel moeten we ons daar niet bij voorstellen. Een getuige vertelt dat Laurent niet van water houdt. En in de helikopter vliegt hij als copiloot mee. Rudy Bogaerts bevestigt dit: ‘Laurent een duiker? De prins weet niet eens hoe hij een duikvest moet aantrekken. En alleen in een helikopter heeft hij nooit gezeten.’ Bovendien brilt de prins, hij is zwaar bijziend. We komen midden 2000 van Laurent zelf te weten hoe die er- varing was. De prins mag in Antwerpen het yacht Williwaw te water laten. ‘Ik heb ook een maand op zee gedobberd. Oelala!’ Aan zijn gezicht te zien en het gebaar met de wapperende hand, was dát niet meegevallen. Vaessen spreekt dit tegen. Volgens hem heeft Laurent wel zeebenen. ‘Ik heb met de prins enkele dagen op zee gevaren. Hij was voorbeeldig en had geen last van zeeziekte.’ Laurent houdt er wel een vriendschap aan over met admiraal Michel Verhulst. Volgens Vaessen is Verhulst een goede vriend van de prins geworden omdat hij ‘geïnvesteerd’ heeft in Laurent. Op 15 november 1994 zal Laurent zelfs tot fregatkapitein bevorderd worden. Belangrijk is dat Laurent tot het begin van de jaren negentig nog steeds derde in lijn is voor de troonsopvolging, na zijn vader Albert en broer Filip. ‘Bijgevolg meent Boudewijn dat ook Laurent een degelijke opvoeding moet krijgen,’ aldus Vanhaeren.
  39. 39. 40 prins laurent – rebel met reden De facto is Laurent zelfs reservekroonprins. De broers Boude- wijn en Albert spreken volgens een goed ingelichte bron af dat de koning bij zijn 65ste troonsafstand zal doen om de fakkel aan Filip door te geven. Albert zet dan een (grondwettelijk) stapje opzij. Ondertussen bekoelt de relatie tussen Laurent en zijn oom en tante. Eind jaren tachtig is hij niet meer welkom en trekt noodge- dwongen in bij de Solvays in Terhulpen. Daar beschikt hij over en­kele kamers in een fermette op het grote domein. In die peri- ode is hij ook regelmatig te vinden bij Bruggeling Andries Van den Abbeele. Volgens Jan Van den Berghe voelt Laurent zich in die periode aangetrokken tot alles wat buitenissig is. Op dat vlak lijkt hij op zijn overgrootmoeder Elisabeth, de rode koningin. Van den Berghe ziet ook een gelijkenis met prins Karel. ‘Laurent heeft een leven- dige, zeer gespecialiseerde belangstelling voor muziek en mode. Hij is met name fan van Yoshi Yamamoto, de Japanse trendsetter die het met zijn sombere gedrapeerde gewaden op de Parijse scene helemaal maakte.’ Laurent speelt volgens Van den Berghe ook niet onverdienstelijk drums. Verloren jaren Volgens Laurents adviseur Vaessen waren de jaren tachtig verloren jaren voor de prins. ‘Alleen het onmiddellijke plezier telde voor hem.’ De prins was vooral geïnteresseerd in het vrouwelijke ge- slacht. De waarde van de opleidingen is zeer beperkt. Prinses Marie-Christine, oudste dochter van Leopold iii en Lilian­ Baels, heeft het bij het rechte eind. Ze verklaart dat een konink- lijke opvoeding tegen een normaal leven indruist. ‘Tegenwoordig moet iedereen een normaal leven kunnen leiden. We kunnen niet in een paleis blijven zitten, dat was goed in de negentiende eeuw. Ze zouden de nieuwe generatie moeten leren dat het niet is omdat ze prins of prinses zijn dat ze anders zijn of verschillen van an- dere mensen – want dat is niet zo.’ De prinses spreekt uit ervaring. Haar verklaring bevat een duidelijke les voor Laurent. Of hij er iets aan kan of wil doen is een andere vraag. John-Alexander, zoon van Rudy Bogaerts, heeft de prins gekend
  40. 40. De verloren jaren, 1981-1994 41 toen Laurent een jaar of twintig was. Hij treedt Marie Christine impliciet bij. ‘De eerste indruk die Laurent op me maakte was niet vrolijk’ verklaart hij in Humo. ‘Hij was een triest kind, geen joie de vivre, timide, op zichzelf en van de werkelijkheid afgesneden.’ In La Dernière Heure verklaart Laurent over zijn moeilijke jaren: ‘Zoals iedereen vond ik mijn weg niet op de al bestaande sporen in het leven. Ik heb mijn eigen spoornetwerk uitgebouwd. Ik heb er lang over gedaan om te doen wat ik wilde’. Luc Van der Kelen van Het Laatste Nieuws bevestigt dit. ‘Prins Laurent heeft een hele weg afgelegd, sinds hij als jonge knaap eens uit het paleis van de strenge koning Boudewijn ontsnapte, het vliegtuig opstapte en aankwam bij de douane in New York met de woorden, “I am Laurent of Belgium” waarop de immigratie-officier antwoordde dat hij de koning van Perzië was, en Laurent terug- vloog naar oom Boudewijn.’ Begin jaren negentig vertrekt Laurent opnieuw naar de Verenigde Staten. In de Amerikaanse pers zijn daar sporen van te vinden. Zo schrijft een Amerikaanse krant midden april 1991 dat Laurent er de effecten van een herbicide op de omgeving bestudeert. Eind november 1991 wordt de prins gespot op het Opera Pacific Ball. Hij is er de gast van Pamela Harrington. De prins volgt er diverse stages. ‘Deze stages werden door George­Jacobs van ucb voorbereid. Boudewijn had Jacobs persoon- lijk gevraagd om zich hiermee bezig te houden. De relatie tussen Jacobs en het Koningshuis (lees: Albert ii) is vandaag nog steeds goed.’ In 1990 loopt hij stage bij Battelle Memorial Institute. De ceo Dick Shaw is niet onder de indruk van de passage van Laurent. ‘De prins was niet echt voorbereid op de taak die hem hier te wachten stond,’ vertelt Shaw in Panorama/De Post. ‘Ik vrees dat hij voor een job in vaste dienst niet over voldoende technische bagage beschikt.’ Volgens Noël Vaessen werd Laurent als werknemer betaald maar werd dat bedrag door Boudewijn teruggestort aan de werkgever. De prins was uiteraard niet op de hoogte van deze vernederende regeling. In november 1990 is Laurent in Washington. Hij is aanwezig bij de opening van de tentoonstelling van de schilder Van Dyck in de
  41. 41. 42 prins laurent – rebel met reden National Gallery of Art. Enkele maanden later bevindt de prins zich in het gezelschap van de mooie Isabelle de Ruyt. Het meisje is de dochter van Jean de Ruyt, de Deputy Chief of Mission van de Belgische ambassade in de vs. De zestienjarige Isabelle mag in april 1991 een bloemententoonstelling openen. In 1992 vinden we Laurent aan de universiteit van Berkeley. Volgens biografe Vanhaeren gaat het om een ‘vervolmakingscur- sus’. Aan de Oostkust loopt hij stage bij de Wereldbank. De papers die hij er moet schrijven halen een redelijk niveau. ‘Ze waren zelfs zo goed dat Paola beweerde dat hij ze onmogelijk alleen kon heb- ben geschreven,’ weet Vanhaeren. ‘Daar is hij ontzettend kwaad om geworden.’ In een vertrouwelijk document van de Wereldbank met de per- sonen die de jaarlijkse vergaderingen in 1992 bijwoonden, vinden we de naam van Laurent terug. Hij bevindt zich in het uitstekende gezelschap van huidig voorzitter van de Nationale Bank van België Luc Coene en Marcia De Wachter. Hij verblijft in de Verenigde Staten bij landgenoot Jacques de Groote. De Groote is op dat ogenblik executive director bij de Wereld­ bank. In 2006 kwam De Groote in het nieuws door de rechtszaak die Alain Aboudaram van de Zwitserse onderneming caasa tegen hem had ingespannen. Aboudaram vorderde een miljoen dollar van de Belg. Volgens De Groote was het omgekeerd: hij had advies ver- leend aan caasa en had dat bedrag nog tegoed van de man. De prins passeert vervolgens bij het imf en Citibank. Daar leert hij zogezegd alle geheimen van het bankwezen. Hij legt er contac- ten die hem later van pas zullen komen. Ook in het verslag van de jaarlijkse vergaderingen van de raad van gouverneurs van het imf van 1991 vinden we de naam van Laurent (en die van Fons Ver­plaetse) terug. De passage bij het imf vindt dus mogelijk plaats voor die bij de Wereldbank. Aan de Westkust kiest Laurent het helikopterbedrijf MacDon- nell-Douglas, het farmaceutisch bedrijf Syntex en Walt Disney. Hij volgt er stages in de diverse departementen van de bedrijven. Het bedrijf MacDonnell-Douglas trekt hem aan omdat ze er helikopters maken. Eind maart 1992 mag astronaut Dirk Frimout mee de ruimte
  42. 42. De verloren jaren, 1981-1994 43 in. Hij wordt in Orlando uitgewuifd door prins Filip en Laurent. Voor Laurent is het een kleine moeite, aangezien hij in de vs ver- blijft. Journalist Luc Demullier doet schamper over Laurents opleiding in de vs: ‘Hij leert er dat je bij verkeerslichten die op rood staan, toch mag doorrijden wanneer je rechts wil afslaan. Een praktijk die hij achteraf ook in België af en toe toepast.’ Terug in België volgt hij opnieuw een stage, deze keer bij de Europese Commissie. Onder de vleugels van Karel Van Miert be- kwaamt hij zich in de relatie met Afrika. Hij neemt er volgens de officiële biografie deel aan ‘reflecties over de kwaliteit van het leven en van het leefmilieu.’ Ook dat zal hem later nog van pas komen. Laurent vertelt aan Van Miert dat hij zelf geld wil verdienen. De rol van Karel Van Miert in de biografie van de prins is op zijn minst merkwaardig. Hij viel in de jaren zeventig als socialis- tisch parlementslid Laurents vader Albert frontaal aan voor diens rol in het dossier Eurosystem Hospitalier. Die episode hebben we beschreven in de biografie van koning Boudewijn. Van Miert vin- den we nadien ook terug in de raad van bestuur van een van Laurents stichtingen. Op 27 april 1993 krijgt Laurent volgens zijn officiële biografie de Emile Noël Prijs ‘voor zijn originele bijdrage tot de Europese eenmaking’. Biografe Joke Vanhaeren ontdekte dat dit niet klopt. Laurent kreeg de prijs niet. Er waren dat jaar twee andere laureaten. ‘De prins kreeg wel een speciale vermelding voor zijn persoonlijke inzet in de werkgroep,’ noteert ze. Op 4 oktober 1994 scheept Laurent in op het fregat De Wande- laar voor een missie van acht dagen in de Adriatische Zee. Zijn ad­vi­seur Noël Vaessen is mee. Terwijl Laurent in de Verenigde Staten stages volgt, rijpt bij Bou- dewijn het plan om de Salische wet te wijzigen. Daardoor zullen vrouwen in ons land ook koningin worden. Officieel komt de koers- wijziging er in 1991 omdat de monarchie zich wil aanpassen aan de moderne wereld. De koninklijke familie toont dat het principe van de gelijkheid tussen man en vrouw hoog in het vaandel ge- voerd wordt.
  43. 43. 44 prins laurent – rebel met reden De werkelijkheid is prozaïscher. Boudewijn wil vermijden dat prins Laurent op de troon terecht zou komen. ‘Boudewijn had op een zaterdagmiddag de premier (Wilfried Martens) en drie vicepremiers uitgenodigd op het kasteel van La- ken,’ vertelt Noël Vaessen. ‘Er stonden twee thema’s op de agenda, de afschaffing van de Salische wet en het afschaffen van de speci- ale wet waardoor oude dynastieën zoals de Habsburgers niet op de Belgische troon kunnen zetelen.’ Boudewijn neemt dus zelf het initiatief. ‘In 1991 laat koning Boudewijn zijn eerste minister plots weten dat hij voorstander is van de afschaffing van de Salische wet,’ bevestigen Barend Leyts en zijn collega’s. Martens geeft later toe dat het koninklijke initi- atief ongebruikelijk was. De Nederlandse krant Trouw omschrijft het als volgt: ‘Met Bou- dewijn vindt heel het land dat Laurent ongeschikt is voor het ko- ningschap of enig andere serieuze functie.’ Prins Laurent verneemt van minister Guy Coëme dat de afschaf- fing van de Salische wet rechtstreeks op hem slaat. Laurent is ge- schokt. Boudewijn ontneemt hem zijn laatste restje fierheid. Was prins Laurent dan een doorn in het oog van wijlen koning Boudewijn? ‘Prins Laurent past absoluut niet in het serene beeld dat het Belgische hof graag van zichzelf ophangt,’ vertelt Louis Van Raak, voormalig hoofdredacteur van Story. ‘Laurent is een vrolijke fliere­ fluiter. Laurent geeft een tikje glamour aan ons vorstenhuis. Maar ik denk dat hij vroeger regelmatig op het matje werd geroepen. Zijn flamboyante levenswandel paste in ieder geval niet in de beeld- vorming van Boudewijn. Ik vermoed dat er nu (begin jaren negen- tig) een zekere consensus bestaat over zijn figuur. Ze hebben hem zo ver mogelijk van de troon geplaatst, hem buitenspel gezet. Hij kan geen kwaad meer. Ze laten hem nu maar betijen. En Laurent zelf weet dat hij geen kans meer maakt op de kroon. Hij hoeft zich niet meer zo strikt aan het stijve protocol te houden en heeft be- sloten dan maar zo veel mogelijk van het leven te genieten. Hoe zou je zelf zijn?’ Laurents mentor Rik van Aerschot ziet het zo: ‘Er zijn veel men­ sen die niet elke dag naar de kerk gaan, maar Laurent werd en wordt dat klaarblijkelijk kwalijk genomen.’
  44. 44. De verloren jaren, 1981-1994 45 Het weekblad Knack ziet een gelijklopende verklaring: ‘Volgens verschillende bronnen zou de oorzaak van het afschaffen van de Salische wet, waardoor ook vrouwen op de Belgische troon kun- nen komen, de religieuze ongelovigheid van prins Laurent zijn. De prins getuigde niet de nodige religieuze ijver die toenmalig koning Boudewijn van zijn opvolgers verwachtte. Door de afschaf- fing van de wet zakte Laurent, ooit op nummer 2, naar de elfde plaats, waardoor het bijna onmogelijk is dat hij ooit de Belgische troon zou betreden.’ Zeven jaar later krijgt hij wel een troostprijs in Burkina Faso. Hij is er op bezoek met Waals minister van Landbouw Guy Lutgen. Laurent ontmoet er de plaatselijke koning Naaba-Guigna van Ya- tenga, een Noordelijke provincie van Burkina Faso. De koning kroont Laurent tot eerste kroonprins. Als de koning van Yatenga sterft, kan Laurent de kroon daar overnemen: koning Laurent van Yatenga. De afschaffing van de Salische wet wordt door het parlement ge- jaagd. Een volksvertegenwoordiger vertelt dat ‘het niet snel genoeg kon gaan’. Volgens Jean Stengers is die wijziging ‘vooral het werk van Fabiola’. De koningin vindt het een horror-scenario dat Laurent misschien koning van België wordt. ‘Op zijn manier doet Laurent (haar) denken aan Fabiola’s stoute broer Jaime.’ Boudewijn blijft zich tot op het einde van zijn leven opstellen als strenge en bemoeizuchtige pater familias. Prins Laurent is om- wille van zijn uitspattingen niet meer welkom in Laken. Boudewijn laat vlak voor zijn dood in 1993 voor hem Villa Clémentine bouwen in Tervuren. De koning geeft persoonlijk de opdracht aan de Ko- ninklijke Schenking. Hij volgt de werken in Tervuren nauwgezet op. Niemand stelt zich de vraag of deze taak wel toebehoort aan de Koninklijke Schenking. De constructie van deze villa voor Laurent is een second best solution. De bedoeling van Boudewijn en rest van de koninklijke familie is oorspronkelijk om hem, zoals met prins Alexander eer- der, naar de overkant van de wereldbol te verbannen. Er wordt gedacht aan een boerderij in Australië, zelfs een stek op het eiland Madagascar. Uiteindelijk mag Laurent in België blijven. Dat Boudewijn voor Tervuren kiest, is een nieuwe vernedering
  45. 45. 46 prins laurent – rebel met reden voor de prins. ‘Het is een manier om hem te isoleren, want ieder- een woont in Laken,’ beweert een bron. Er zijn bovendien enkele voorwaarden aan het ‘geschenk’ van de vorst verbonden. Net toen de ‘verderfelijke prins’ gedacht had dat hij in de pas voor hem opgetrokken Villa Clémentine in Tervuren aan de katholieke hys- terie kon ontsnappen, kwam de minzame Boudewijn met een hand­ geschreven contract aanzetten. Laurent mocht volgens dat contract nooit vrouwelijk gezelschap ontvangen tenzij na de persoonlijke goedkeuring van de koning. Het fiat van Boudewijn was gebonden aan vijf voorwaarden. De vrouw moest kleiner zijn dan Laurent, katholiek, tweetalig, adellijk en van een gereputeerde familie. Het contract bevatte zelfs een appendix waarin deze families bij naam genoemd werden. In de zomer van 1993 sterft Boudewijn. Noël Vaessen suggereert dat een ruzie met Laurent aan de basis van het overlijden zou kun- nen liggen. ‘De allerlaatste ontmoeting tussen Boudewijn en Lau­ rent dateert van een paar dagen voor de dood van de koning. De twee hadden zo erg geruzied dat Laurent er zich achteraf schuldig over voelde en dacht dat hij misschien te hard was geweest.’ Ook Rudy Bogaerts geeft een hint in die richting. De titel van zijn on- gepubliceerd werk over de jaren met Laurent luidt immers Qui a tué le roi Baudouin? De koning laat bij zijn overlijden een groot vermogen achter. In zijn testament staat hoe dat geld verdeeld moet worden. Filip en Laurent krijgen elk een deel van de koek op voorwaarde dat ze voor hun veertigste getrouwd zijn. Dat zal in beide gevallen ook gebeuren. Volgens het tijdschrift Euro Business bezit Laurent 1,5 mil- jard frank of 37 miljoen euro. De Standaard schrijft: ‘De kroon zal Laurent nooit opzetten. Dat veroordeelt hem niet tot de bedelstaf. Hij heeft aardig geërfd na de dood van koning Boudewijn.’ Laurents voormalige privéleraar Bogaerts is hierover formeel. In zijn manuscript noteert hij dat Laurent ‘zijn miljardenerfenis op zak heeft’. Dat geld van die erfenis is hem ‘als manna uit de hemel komen vallen’. Of Laurent dat bedrag werkelijk bezit, zouden we kunnen af- leiden uit de vermogensaangifte voor politici, topambtenaren en managers van overheidsbedrijven. Die aangifte geldt voor álle man- datarissen. Dus ook voor de drie senatoren van rechtswege, prins
  46. 46. De verloren jaren, 1981-1994 47 Filip, prinses Astrid en prins Laurent. Ze zullen vanaf 2005 een gesloten enveloppe met ‘alle elementen van hun vermogen’ be- zorgen aan het Rekenhof. In 1994 verhuist Laurent naar Tervuren. ‘Was ik geen lid van de koninklijke familie, dan zou ik hier volmaakt gelukkig kunnen zijn,’ verklaart hij. ‘Maar de eerste de beste gek kan een bom op mijn huis gooien. Er is steeds die dreiging van een mogelijke aan- slag op mijn leven.’ Ook Noël Vaessen heeft kennisgemaakt met die verborgen kant van de prins. Hij is in Sevilla met Laurent. De prins heeft een ka- mer aan de straatkant. Laurent wil ruilen met Vaessen die een kamer met uitzicht op de binnentuin heeft. ‘Hij was bang voor de straatkant, want daar zouden wel eens terroristen op af kunnen komen.’ Toch is die angst niet helemaal ongegrond. Volgens een politie- agent werd de villa van Laurent eind april 1998 aangevallen. Het was in de periode toen ons land op zijn kop stond door de ontsnap- ping van Dutroux. ‘De villa van Laurent werd beklad met Neder- landstalige slogans. Er werden ook stenen gegooid naar het gebouw. De slogans waren zeer vijandig. De naam Laurent stond een paar keer vermeld.’ We konden achterhalen dat een van de slogans was: ‘Laurent onnozelaar.’ De politieagent beweert dat Laurent de graf- fiti zelf heeft uitgewist. Zeker is dat de bewaking van de villa nadien sterk werd uitgebreid. Incontournable Tot het overlijden van Boudewijn in 1993 houdt een gegriefde prins Laurent zich onledig op de achtergrond. Bij de begrafenis van zijn oom houdt Laurent de hele tijd zijn grote zonnebril op. Volgens hagiografen is dat omdat zijn ogen rood zien van het verdriet. Die uitleg is ongeloofwaardig. Pas in de late zomer van dat jaar ziet hij als jongste zoon van het nieuwe koninklijke paar een kans om zich te wreken op zijn oom. Laurent komt plots in de schijnwerpers te staan. ‘Hij heeft me verteld dat hij onaantastbaar wil worden, zodat de huidige koninklijke familie hem geen tweede keer kan dumpen,’ vertelt een vriendin van de prins aan de pers.
  47. 47. 48 prins laurent – rebel met reden Laurent ziet zijn kans schoon om de ‘nutteloze’ rol waarin hij was gedrongen, toch nog op een betekenisvolle manier in te vul- len. Volgens Pascal Vrebos van rtl-tvi die volgens De Standaard al meer dan tien jaar persoonlijk contact heeft met de prins, is hij daar ook in geslaagd: ‘Hij is incontournable geworden. In het begin zat iedereen af te wachten wat hij ervan zou bakken, maar hij heeft aangetoond dat hij op een ernstige en zelfs wetenschappelijk onderbouwde manier met belangrijke zaken bezig is. Hij investeert met zijn initiatieven in mensen, in het leefmilieu en in zichzelf.’ Niet iedereen volgt de redering van Vrebos. Volgens Van Raak zit er in elke koninklijke familie wel eentje die uit de band springt. ‘Ik vergelijk hem nog het liefst met prins Albert van Monaco. Laurent is ook zo’n societyfiguur, hij loopt in de kijker. Hij staat deze week in Story naast Helmut Lotti en op de cover van Kwik met een Miss België-finaliste.’ Dat meisje is het fotomodel Fabienne Lorent. Volgens Cécile Mul­ler, organisator van de Miss Belgiëverkiezing, zijn het brave foto’s. ‘Fabienne geeft de prins gewoon een kusje.’ Volgens haar bewijst het alleen maar dat prins Laurent een goeie smaak heeft wat vrouwen betreft. In een reactie verklaart Lorent dat ze gewoon vrienden zijn. We komen verder in het boek terug op de vele re- laties van Laurent met de vrouwen. Filip koning? Albert koning Na het overlijden van Boudewijn wordt Albert ii koning der Belgen. Filip wordt automatisch hertog van Brabant, een eretitel. De tra- ditie wil dat Laurent dan prins van Luik wordt. Een alternatief is de titel van graaf van Vlaanderen. Die beslissing hangt af van ko- ning Albert. Maar dat gebeurt niet. Een mogelijke verklaring is door wat in de jaren dertig gebeurd is. De titel zou immers te sterk verwijzen naar Astrid. En dat is taboe bij Albert, de jongste zoon van Astrid. Volgens Noël Vaessen was Laurent wel graag prins van Luik geworden. Enkele Luikenaars hebben daar ook tevergeefs moeite voor gedaan. Begin april 2000 wordt prins Laurent wel eregrootmeester van
  48. 48. De verloren jaren, 1981-1994 49 de Gezellen van Sint-Laurent. De Brusselse folkloristische vereni- ging heeft lang moeten wachten op hun erelid. ‘Bij de geboorte van prins Laurent, in 1963, hebben we al een uitnodiging gestuurd naar het paleis,’ vertelt voorzitter-grootmeester Jean-Baptiste Be- ken. ‘Albert heeft toen laten weten dat zijn zoon eerst meerder­jarig moest zijn.’ De Gezellen van Sint-Laurent planten sinds 1311 een meiboom in Brussel om de overwinning op de stad Leuven te vieren. De club is samengesteld uit zogenaamde ‘Poepedroegers’ ofte poppendra- gers die in reuzenpoppen rondlopen, en ‘Buumdroegers’ die de mei­boom torsen tijdens de festiviteiten van 9 augustus. Prins Laurent krijgt dat jaar een T-shirt van de ‘Poepedroegers’.
  49. 49. hoofdstuk 3 kint – Koninklijk Instituut voor Nutteloos Tijdverdrijf? ‘De leefmilieufilosofie is een andere manier van kijken. Die toont dat de mens in het centrum van de activiteit staat.’ prins laurent in humo ‘We gaan toch niet discussiëren over dommigheden?’ Op de vraag van Gazet van Antwerpen waarom hij als ‘milieu­bewust mens’ met een Porsche Cayenne rijdt. Midden jaren negentig heeft Laurent zijn ‘opleiding’ achter de rug. Of correcter, er wordt boven zijn hoofd beslist dat de opleiding van de prins beëindigd is. Om de prins een inkomen én een zin- volle bezigheid te geven, wordt de stichting kint in 1994 opgericht. kint staat voor het Koninklijk Instituut voor het Duurzaam beheer van de Natuurlijke Rijkdommen en de Bevordering van Schone Technologie. De onstaansgeschiedenis van het instituut valt samen met de komst van Laurents nieuwe adviseur, Noël Vaes- sen. Zoals (te) veel personen aan het hof, komt Vaessen uit het leger. Oorspronkelijk moet Vaessen prins Albert dienen. Het onver- wachte overlijden van Boudewijn in de zomer van 1993 wijzigt dat plan. Albert wordt koning en Vaessen wordt adviseur bij Laurent. Vaessen benadrukt het voorzetsel ‘bij’. ‘Mijn opdracht was in dienst
  50. 50. 52 prins laurent – rebel met reden van een psychiater werken aan het welzijn van Laurent en zorgen dat de prins een doel in het leven zou vinden,’ verduidelijkt hij. Van Paola mocht de nieuwe adviseur bij Laurent niet te ver gaan. ‘Ik mocht van een negatieve toestand naar een nulsituatie gaan, maar niet verder.’ Jan van den Berghe herinnert zich de rol van Vaessen toen hij een reportage maakte in Villa Clémentine van Laurent. ‘Vaessen wierp zich op als beschermer van het imago van Laurent. Dit en dat mochten we niet filmen en zus en zo konden we beter niet ter sprake brengen.’ Kortom, Vaessen was jarenlang in de gunst van het hof. Zes jaar lang zal Vaessen volledig in dienst staan van de prins. Dat het instituut kint van Laurent meteen ‘koninklijk’ wordt, is zeer opvallend en bovendien ongebruikelijk. Normaal duurt het 50 jaar om een instelling als koninklijk te mogen bestempelen. Albert lapt die regel aan zijn laars. Op vraag van zijn jongste zoon? De nieuwe vennootschap krijgt ruime subsidies van de diverse overheden in ons land. Een deel van die subsidies wordt vervolgens doorgestort naar Laurent als maandelijks salaris. Het is een inge- wikkelde constructie. Noël Vaessen vertelt in Het Laatste Nieuws over het ontstaan van het instituut. Er was volgens hem een catastrofaal geldtekort bij de prins. Dat was in 1993 een van de belangrijkste redenen waarom het koninklijk paleis koortsachtig op zoek ging naar een vaste en doortastende begeleider voor de toen 30-jarige prins Laurent. In het ing-filiaal in Laken hadden ze namelijk vastgesteld dat de bankrekening van de prins dieprood uitsloeg. ‘Zijn lopende reke- ning stond 1 miljoen frank onder nul. Een ramp, te wijten aan zijn ongebreidelde koopwoede,’ aldus Vaessen in de krant. ‘Laurent trok zich in die periode echt niets aan van zijn rekeningen. Nor- male mensen zouden nooit zo’n krediet krijgen. De bankier had het zover laten komen omdat hij dacht dat een of andere weldoe- ner op een dag zou langskomen om de put te vullen. Laurent kreeg toen maandelijks 75.000 frank van zijn ouders. Daarnaast kreeg hij een bmw en de lege Villa Clémentine in Tervuren.’ Volgens Vaessen deed de prins een veelvoud op van zijn maand­ inkomen. ‘Het meeste geld ging naar luxegoederen, zoals horloges
  51. 51. kint 53 en dure kleren. Hij verbraste ook veel geld in het uitgaansleven. Zo zette hij regelmatig de bloemetjes buiten in Parijs. Zo’n avond- je, met veel vrouwelijk schoon, maakte hem gemakkelijk 50.000 frank lichter. Op het einde van de maand kon hij vaak geen eten meer kopen. Hij leefde dan op een “dieet” van cola en droog kren- tenbrood. Mijn vrouw en ik hebben hem nog eten gegeven, op onze kosten.’ ‘Dat kon echt niet blijven duren. We moesten dringend een zinvolle publieke functie vinden voor de ontspoorde prins, waar- mee hij op een verantwoorde manier zijn dagen kon vullen en geld kon verdienen. Daarom werd hij tot voorzitter gebombardeerd van het kint. In die hoedanigheid kreeg hij een maandelijks bru- toloon van 1 miljoen frank (25.000 euro). Hij wilde hetzelfde sala- ris als zijn broer Filip. Daartegenover stond dat hij geen andere commerciële functies mocht uitoefenen.’ Dat laatste staat zwart op wit in het arbeidscontract dat Laurent met de drie gewestmi- nisters afsloot. Noël Vaessen werkt hard om de statuten van het instituut juridisch in orde te krijgen. Er is ook intensief contact met Jean-Luc Dehaene­ en Fons Verplaetse. Laurent is een beetje bang voor ze. Ze fungeren als waakhonden voor de prins. Zowel Dehaene als Verplaetse to- renen fysiek en intellectueel boven de prins uit. Vaessen krijgt het voorstel om de stichting onder te brengen in de Koning Boudewijn Stichting. Dat voorstel wordt niet weer- houden, al was het maar omdat voor deze ‘dienst’ betaald moet worden. In de zomer van 1994 is het zover. Het nieuwe instituut is er. Bij de oprichting is Norbert De Batselier, toenmalig Vlaams minis- ter van Leefmilieu, nauw betrokken. Laurent wordt voorzitter. Het instituut moet volgens de ontwerptekst de publieke opinie, de sociale en economische partners en de wetenschappelijk kringen meer actief bewust maken van het belang van het natuurbehoud en schone technologie voor het geheel van het economisch en sociaal bestel en voor de kwaliteit van het bestaan. Daarenboven zal het instituut via zijn voorzitter bijstand kunnen verlenen bij de vertegenwoordiging van de gewesten bij de bevoegde natio- nale en internationale instellingen en als katalysator kunnen wer- ken.

×