Seminar 14-10-09 - zorg rondom de reanimatie

279 views

Published on

0 Comments
0 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

No Downloads
Views
Total views
279
On SlideShare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
9
Actions
Shares
0
Downloads
2
Comments
0
Likes
0
Embeds 0
No embeds

No notes for slide

Seminar 14-10-09 - zorg rondom de reanimatie

  1. 1. Zorg rondom de reanimatie Ard Struijs Intensivist IC Thoraxcentrum
  2. 2. Hoe groot is het probleem?? In Europese Unie  280 000 000 inwoners  1 500 000 cardiovasculaire sterftes / jaar  700,000 sterftes / jaar wegens coronairlijden  350,000 plotse sterftes / jaar  Reanimatie pogingen in 40 – 90 /100 000 inwoners /jaar
  3. 3. Prognose Mortaliteit is in het algemeen hoog, slechts 25% bereiken het zkh. - “Restoration Of Spontaneous Circulation” (ROSC) in 25–50% - Overleving +/- 10% (Range 2 tot 33%). - Noemenswaardig neurologisch herstel 10-30% van survivors - Ziekenhuis ontslag in 2-12%  Hersenschade is de grootste oorzaak van sterfte in het ziekenhuis.
  4. 4. Prognose
  5. 5. Prognose
  6. 6. Doelen na reanimatie 1. Mortaliteit beperken. 2. Neurologische schade beperken. 3. Prognose inschatten. 4. Recidief voorkomen.
  7. 7. Onmiddelijke behandeling  Intubatie, beademing  Inotropie  Lijnen inbrengen/aseptisch wisselen  Antiarrhythmica  Invasieve monitoring
  8. 8. Oorzaak bepalen  Niet altijd mogelijk  + 60% “cardiaal” – acuut myocardinfarct of longembolie  Onderzoek:  Bij alle patienten:  Lab –uitgebreid (incl. Electrolyten [Mg en Ca], CE), ECG, X- thorax  Bij geselecteerde patiënten:  Coronair angiografie  D-dimeren  CT schedel
  9. 9. Doelen na reanimatie 1. Mortaliteit beperken. 2. Neurologische schade beperken. 3. Prognose inschatten. 4. Recidief voorkomen.
  10. 10. Cerebraal  Zwelling en microvasculaire schade compromiteren perfusie zelfs als BD normaal.  Hoofd 30 o omhoog om veneuze drainage te faciliteren.  Voorzichtig met uitzuigen (dramatische verhoging van intracraniale druk).
  11. 11. Doelen na reanimatie 1. Mortaliteit beperken. 2. Neurologische schade beperken. 3. Prognose inschatten. 4. Recidief voorkomen.
  12. 12. Neurologische prognose  CPR geeft op het meest 20% van een normale cardiac output.  Persisterende arrest >20 min heeft een zeer slechte neurologische prognose.  Tijd tot herstel van neurologische functies geeft een idee van de prognose.  Spraak binnen 24 uur gaat gepaard met volledige herstel.
  13. 13. Neurologische prognose  Insulten op enig moment gaat gepaard met een slechte prognose.  SSEP (somatosensory evoked potentials) na 24 uur zijn voorspellend (nog beter na 72 uur). Afwezigheid van corticale signalen voorspelt mortaliteit 100%  Serum markers van cerebrale eiwitten ook voorspellend (nog niet in algemeen gebruik).
  14. 14. Neurologische prognose  Hersendood vs decorticaat.  Afwezigheid van pupil en corneale reflexen na 24 uur, en van motorische respons na 72 uur gaan gepaard met een zeer geringe kans op betekenisvolle neurologische herstel.  Soms is palliatieve zorg de beste zorg.
  15. 15. Doelen na reanimatie 1. Mortaliteit beperken. 2. Neurologische schade beperken. 3. Prognose inschatten. 4. Recidief voorkomen.
  16. 16. Voorkomen van herhaling  Hangt af van oorzaak.  Correctie van onderliggende pathologie (bv electrolytenbalans).  In geval van cardiale oorzaak, inschatten van risico van recidief (ventrikelfunctie post infarct, HOCM met pos FA, LQTS ens.)  ICD of Antiarritmica.  Catheter ablatie.
  17. 17. Verbetering van reanimatie  BLS opleiding in scholen, bedrijven ens.  Betere responstijden van ambulancedienst.  AECD’s in publieke plaatsen (& thuis??)
  18. 18. Studie opdracht  Schrijf een ziekenhuis protocol voor de opvang, behandeling en beeindiging van de behandeling.  Bedenk en onderbouw met literatuurverwijzingen welke werkwijze en therapie de beste resultaten zal geven voor :  De patient  Het ziekenhuis  De arts  De zorgverzekeraar

×