De nieuwe NHG standaard en casuïstiek

1,059 views

Published on

De nieuwe NHG standaard en casuïstiek, presentatie van Mw. Dr. P.J.M. Elders op 23/24 november 2012 voor de Stichting IWO.

Published in: Health & Medicine
0 Comments
0 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

No Downloads
Views
Total views
1,059
On SlideShare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
12
Actions
Shares
0
Downloads
10
Comments
0
Likes
0
Embeds 0
No embeds

No notes for slide

De nieuwe NHG standaard en casuïstiek

  1. 1. t h lde rs e herziening r ig 2012NHG richtlijn fractuurpreventie y oktober E 2 p .M. o .J C P . PJM Elders r GJ Dinant D T van Geel . LWF Maartens w T Merlijn RMM GeijerM JJXM Geraets, Huisarts Wet 2012
  2. 2. Programma t h lde rs ig E1  NHG richtlijn in relatie tot CBO richtlijnen2  Hoofdlijnen yr .3  p .M Inhoud richtlijn o .J C P3 Overeenkomsten met CBO richtlijn4 Gemiste kansen in richtlijn r . . D M w
  3. 3. CBO richtlijn Osteoporose en fractuurpreventie t rsNovember 2011 3e herziene versie h lde - multidisciplinair ig E r . - evidence based y - compromis p .M o .J C PNHG richtlijnOktober 2012 2e herziene versie . - voor huisartsen D r - andere populatie dan 2e lijn w . - aansluiting met CBO - tool tijdens spreekuur M
  4. 4. Hoofdlijnen t h lde rs ig E1 Het gaat om fracturen yr .2  Secundaire osteoporose hoort in de tweede lijn p .M3  Proactief handelen bij recente fractuur ≥ 50 jaar o .J C P tenzij ziekenhuis al beleid heeft ingezet6  Ook wervelinzakking is belangrijke onafhankelijke risicofactor r . D7  Duidelijk onderscheid tussen proactief en . vraaggestuurd beleid w M
  5. 5. Secundaire Osteoporose t h lde rs ig E•  iatrogene vroege menopauze r .•  antihormonale therapie y•  chronische ondervoeding• •  p .M inflammatoire darmziekten o .J type I diabetes mellitus• •  C P Langdurig onbehandelde hyperthyreoidie of oversubstitutie onbehandelde hyperparathyreoïdie, hypopituitarisme;•  r . ernstig COPD (GOLD stadium III en IV) D•  reumatoïde artritis, spondylarthropathie (M Bechterew), SLE en . sarcoïdose; w•  gebruik van glucocorticosteroïden of anti-epileptica;•  ziekte van Cushing; M•  vitamine D gebrek
  6. 6. Secundaire osteoporose t h lde rs ig E•  Meeste patiënten worden behandeld in de 2e lijn yr .•  Beste behandeling is vaak behandeling van p .M onderliggende ziekte o .J C P•  Geen uniforme richtlijn te geven•  Behandeling in overleg met specialist r .•  Niet opgenomen in algoritme . D M w
  7. 7. Hoofdlijnen t h lde rs ig E1 Het gaat om fracturen yr .2  Secundaire osteoporose hoort in de tweede lijn p .M3  Proactief handelen bij recente fractuur ≥ 50 jaar o .J C P tenzij ziekenhuis al beleid heeft ingezet6  Ook wervelinzakking is belangrijke onafhankelijke risicofactor r . D7  Duidelijk onderscheid tussen proactief en . vraaggestuurd beleid w M
  8. 8. Tijd sinds fractuur kans op nieuwe fractuur t h lde rs y ig E r . p .M o .J C P r . . D M w van Geel T A C M et al. Ann Rheum Dis 2009;68:99-102
  9. 9. Beloop niet-wervelfractuur (1) t h lde rs y ig E r . p .M o .J C P r .Follow-up (year) 0-1 1-2 2-3 3-4 4-5 Total D follow-up w . Number of patients at risk 1921 1686 1586 1487 1398 1301 M Subsequent 123 68 55 46 46 338 fracture (n) % 6,4 4,0 3,5 3,1 3,3 17,6 Huntjens KMB et al. Osteoporosis Int .2010 9
  10. 10. Beloop niet-wervelfractuur (2) t h lde rs y ig E r . p .M o .J C P r . D Follow-up (year) 0-1 1-2 2-3 3-4 4-5 Total . follow-up w Number of 1921 1686 1586 1487 1398 1301 M patients at risk Mortality (n) 235 108 91 89 97 620 % 12,2 6,4 5,8 6,0 6,9 32,3 Huntjens KMB et al. Osteoporosis Int .2010 10
  11. 11. Hoofdlijnen t h lde rs ig E1 Het gaat om fracturen, fracturen en niets anders dan r . fracturen y p .M2  Secundaire osteoporose wel benoemd maar niet in o .J hoofdtekst C P3  Proactief handelen bij fractuur ≥ 50 jaar tenzij ziekenhuis al beleid heeft ingezet r .6  Ook wervelinzakking is belangrijke onafhankelijke D risicofactor . w7  Duidelijk onderscheid tussen proactief en vraaggestuurd beleid M
  12. 12. Wevelfractuur als risicofactor t h lde rs y ig E r . p .M o .J C P r . . D M w Nevitt MC et a.. Bone 1999;5:612-616
  13. 13. Wevelfractuur als risicofactor t h lde rs y ig E r . p .M o .J C P r . . D M w
  14. 14. Hoofdlijnen t h lde rs ig E1 Het gaat om fractuurpreventie yr .2  Secundaire osteoporose wel benoemd maar niet in p .M hoofdtekst o .J C P3  Proactief handelen bij fractuur ≥ 50 jaar tenzij ziekenhuis al beleid heeft ingezet r .6  Ook wervelinzakking is belangrijke onafhankelijke D risicofactor w .7  Duidelijk onderscheid tussen proactief en vraaggestuurd beleid M
  15. 15. t h lde rs y ig E r . p .M o .J C P r . . DM w 15
  16. 16. t h lde rs y ig E r . p .M o .J C P r . . DM w 16
  17. 17. t h lde rs y ig E r . p .M o .J C P r . . DM w 17
  18. 18. t h lde rs y ig E r . p .M o .J C P r . . DM w 18
  19. 19. t h lde rs y ig E r . p .M o .J C P r . . DM w 19
  20. 20. t h lde rs y ig E r . p .M o .J C P r . . DM w 20
  21. 21. t h lde rs y ig E r . p .M o .J C P r . . DM w 21
  22. 22. Risicoscore rs (aanvullend onderzoek bij som ≥ 4) t h lde ig E Score yr . p .MRecente fractuur na 50ste 4* o .JVerdenking op wervel # 4*LeeftijdLaag gewicht C P ≥60=1, ≥70=2 1 r≥ 2 vallen in 12 mnd . 1 . Dniet recente fractuur ≥50 jaar 1=1, ≥ 1 =2 w* proactiefM
  23. 23. Evaluatie van het fractuurrisico op basis van t h lde rs ig E•  Belangrijke klinische risicofactoren: yr . fractuur geschiedenis p .M oudere leeftijd, o .J C P valrisico (≥ 2x gevallen afgelopen jaar), magerte r . ouder met heupfractuur•  . D DEXA heup en LWK•  w X WK of VFA M
  24. 24. Indicatie behandelen t h lde rs ig E•  Prevalente wervelinzakking•  yr . Recente fractuur (<2 jaar) + BMD< T=-2.5•  p .M Meerdere belangrijke risicofactoren + BMD <T=-2.5 o .J C P•  Langdurig corticosteroidgebruik (eigen algoritme)•  Secundaire osteoporose heeft eigen dynamiek r . . D M w
  25. 25. Behandeling t h lde rs ig E•  Valpreventie•  Leefstijl yr . p .M•  Vitamine D 800IE/dag o .J•  Calcium zo nodig•  C P Botsparende medicatie 1e keus alendroninezuur, risedroninezuur r . 2e keus zolendroninezuur of denosumab D terughoudend zijn met 2e keus . w andere middelen worden afgeraden M
  26. 26. Begeleiding rs (3,6,9,12 maanden en daarna jaarlijks) t h lde ig E•  Levensstijl•  Bijwerkingen yr .•  Therapietrouw p .M o .J C P•  Lengte meten en vastleggen in dossier (X WK bij hoogteverlies van >5cm)•  Valrisico r .•  Fracturen . D w•  Nieuwe risicofactoren M
  27. 27. Behandelduur bisfosfonaten t h lde rs ig E•  In principe 5 jaar tenzij…… yr .•  Niet langer dan 10 jaar p .M•  Bij verdenking op persisterend hoog fractuurrisico na o .J C P 5 jaar opnieuw meten en evt therapie maximaal 5 jaar verlengen r .•  Na 3 jaar gestopt met bisfosfonaten opnieuw D evalueren w .•  Of eerder bij nieuwe fracturen of nieuwe risicofactoren M
  28. 28. Overeenkomsten met CBO t h lde•  Nieuw algoritme gemaakt rs•  Prioriteiten y ig E r . p .M•  Actief beleid bij recente fractuur na 50ste of o .J wervelinzakkingen C P•  Secundaire osteoporose uitsluiten na fractuur .•  Evaluatie na 5 jaar met ruimte voor doorbehandelen D r•  Keuze van medicatie w .M
  29. 29. Verschillen met CBO•  t h lde rs Één beslisboom daardoor één klein afwijkend groepje• •  ig E r . Onderscheid proactief en vraaggestuurd beleid aangescherpt y Aanvullend onderzoek alléén bij verdenking op afwijkingen•  p .M o .J (Iets) andere systematiek aanvullende onderzoek C P•  Vervolg na 5 jaar behandelen gebaseerd op klinische risicofactoren .•  Osteopenie geen plaats in de NHG richtlijn. CBO laat ruimte r voor medicamenteuze behandeling bij osteopenie (vanaf T≤ -2). D . NHG richtlijn : continueren als voorgeschreven specialist. M w
  30. 30. Gemiste kansen* t h lde rs•  Ernstige osteoporose (verlaagde BMD + fracturen) is ig E r . een chronische ziekte en verdient jaarlijkse evaluatie y p .M o .J•  Het belang van het valrisico is m.i. nog iets onderbelicht C P r .•  Geneesmiddelvrije periode is afhankelijk van . D medicatie: zolendroninezuur>alendroninzuur> M w risedroninezuur >denosumab *persoonlijke mening

×