Innervatie van de heup

18,902 views

Published on

Published in: Education
0 Comments
2 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

No Downloads
Views
Total views
18,902
On SlideShare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
9
Actions
Shares
0
Downloads
49
Comments
0
Likes
2
Embeds 0
No embeds

No notes for slide

Innervatie van de heup

  1. 1. INNERVATIE Onderste Extremiteitenuit: Prometheus, pag. 470 e.v.<br />L4 ---> crista rand <br />L5<br />
  2. 2. Innervatie algemeen<br />Een plexus is een netwerk van zenuwen die samenkomen uit de spinale en perifere zenuwen<br />Spinale zenuw komt van de radix ventralis (motorisch) en de radix dorsalis (sensorisch)<br />Motorisch is efferent(wegvoerend)<br />Sensorisch is afferent(aanvoerend)<br />
  3. 3. Innervatie rompspieren<br />De rompspieren worden direct vanuit de thoracale zenuwen geïnnerveerdtesamen met een aftakking van de plexus lumbalis.<br />
  4. 4. Art. coxae<br />Innervatie van de heup (art coxae) door aftakjes uit de ramusarticularis.<br />Ventrolateraal ---> n. femoralis (L1 – L4)<br />Ventraal ---> n. obturatorius (L1 – L4)<br />Dorsaal ---> plexus sacralis (L4 – S2)<br />
  5. 5. plexus lumbosacralis<br /><ul><li>De pl. Lumbosacralis zorgt voor innervatie(motorisch en sensibel) van de onderste extremiteiten
  6. 6. Wordt gevormd door de ventrale takken van de lumbale en sacrale spinale zenuwen.
  7. 7. Ook de n. coccygeus en n. subcostalis zijn betrokken</li></ul>De plexus lumbo-sacralis is opgebouwd uit: <br />Plexus lumbalis(TH 12 – L4)<br />Plexus sacralis(L5 – S4)<br />
  8. 8. Plexus Lumbosacralis<br />n. obturatorius<br />n. femoralis<br />n. ischiadicus<br />
  9. 9. Plexus lumbalis<br />De plexus lumbalis(Th12-L4)oa. opgebouwd uit:<br />n. obturatorius (L2 – L4)<br />komt door foramenobturatorium<br />het been binnen<br />n. femoralis (L2 – L4)<br />
  10. 10. Plexus sacralis<br />De plexus sacralis is o.a. opgebouwd uit:<br />n. gluteus superior (L4 – S1)<br />n. gluteusinferior (L5 – S2)<br />n. ischiadicus (L4 – S3) met<br />N. tibialis (L4-S3)<br />N. peroneuscummunis (L4-S2)<br />
  11. 11. Indeling plexus lumbosacralis<br />De zenuwen van de plexus lumbalis lopen voor (ventraal) het heupgewricht naar de onderste extremiteit en innerveren de voorzijde van het bovenbeen.<br />De zenuwen van de plexus sacralis lopen van achter de heup (dorsaal) en innerverende achterzijde van het bovenbeen tot in de kuit en de voet.<br />
  12. 12. n. Obturatorius(L2-L4)<br />De n. obturatoriusloopt vanuit de plexus lumbalis achter de m. iliopsoasnaar het kleine bekken. Hij treedt onder de lineaterminalis samen met de bloedvaten de canalisobturatorius binnen. De n. obturatoriuskan geïrriteerd worden door de m. iliopsoas als deze door een te hoge spanning de zenuw verdrukt. Pijnlijke uitstraling !!Als de zenuw het bekken verlaat geeft hij allerlei motorisch takken af voor de musculatuur aan de binnenzijdevan het bovenbeen.<br />
  13. 13. Innervatiegebied n. obturatorius<br />N. Obturatoriusinnerveert(motorisch) spieren:<br />m. Obturatoriusexternus<br />m. Pectineus<br />m. Adductorlongus<br />m. Adductorbrevis<br />m. Adductormagnus<br />m. Adductorminimus<br />m. Gracillis<br />En verder:- Heupkop en heupkapsel- Huidgebied binnenzijde van het bovenbeen juist  boven de knie (sensibele tak)<br />
  14. 14. n. Femoralis(L1-L4)<br />De n. femoralis(grootste zenuw van de pl. lumbalis) komt vanuit het bekken tussen de m. psoas major en de m. iliacus door en wordt ventraal bedekt door de fasciailiaca. Ter hoogte van het lig. inguinalisvertakt deze n. femoralis zich in kleinere zenuwen die via het bovenbeen naar het onderbeen lopen. <br />Sensibel innerveert de n. femoralis delen van de huid aan voorzijde bovenbeen<br />Als de zenuw het bekken verlaat geeft hij allerlei motorische takken af voor de musculatuur aan de voorzijde van het bovenbeen.<br />
  15. 15. Innervatiegebied n. femoralis<br />N. femoralisinnerveert(motorisch) spieren:<br />mm. psoas major & psoas minor<br />m. iliacus<br />m. iliopsoas<br />m. pectineus<br />m. sartorius<br />m. quadricepsfemoris<br />Rectusfemoris, vastus medialis, lateralis & intermedius<br />
  16. 16. Letsel van de n. femoralis<br />Beschadiging door: <br />operatie, bloeding, overstrekken heupgewricht maar ook door het invoeren van contrastvloeistof in de a. femoralis(angiografie)<br />Symptomen die optreden:<br />Atrofie<br />Krachtverlies van de m. quadricepsfemoris<br />Verminderde kniepeesreflex<br />Sensibiliteitsverlies voorzijde bovenbeen<br />
  17. 17. n. gluteus superior (L4 – S1)<br />Zwakte van de m. tensorfasciaelatae, m. gluteusmedius en minimus wat zich uit in zwakte v/d heupabductoren . Hierdoor het bekken voorwaarts kantelt tijdens het heffen v/h been (teken van Trendelenburg)<br />Sommigen compenseren dit door het hoofd en romp te verplaatsen naar dezelfde zijde wanneer het gewicht zich op de paretische zijde bevindt (teken van Duchenne). <br />Hardlopen kan pijnlijk zijn bij bilstreek of thv knie (klacht kan lijken op frictiesyndroom)<br />Zie voor oorzaken, differentiaal diagnose en Therapie: neuropathie n. gluteusinferior.<br />
  18. 18. Innervatiegebiedvan de n. gluteus superior<br />Innerveert(motorisch) de volgende spieren:<br />m. gluteusmedius<br />m. gluteus minimus<br />m. tensorfascialatae<br />
  19. 19. n. Gluteusinferior(L5 – S2)<br />Zwakte van de m. gluteusmaximus wat zich uit in zwakte van heupextensie waardoor opstaan uit een stoel of een trap beklimmen niet lukt (zonder gebruik armen).<br />Oorzaken zijn<br />traumata: bekkenbreuk, steek- schotwond, heupdislokatie<br />iatrogeen: intramusculaire injectie (bij 2/3 direct uitval na injectie, 1/6 direct pijn, bij 10% uitval na enkele uren) <br />overige: na bevalling, maligne infiltratie v/e eerder behandeld rectumcarcinoom, m. piriformis-hematoom<br />
  20. 20. Innervatiegebiedn. gluteus minimus<br />Innerveert de volgende spier(en)<br />m. gluteusmaximus<br />Dus de n.gluteus minimus innerveert de m.gluteus max.!!<br />Differentiaal diagnose Radiculopathie S1, limb-girdle-dystrofie, congenitale heupdislokatie, mononeuritis multiplex bij diabetes mellitus.<br />
  21. 21. n. Ischiadicus(L4 – S3)<br />Is opgebouwd uit 2 zenuwen (n. tibialis & de n. peroneus communis => fibularis). Splitst zich in het bovenbeen aan dorsale zijde.<br />Neuralgie (zenuwpijn) van de ischiaszenuw wordt vaak kortweg als ischias aangeduid. De oorzaak is meestal druk op de wortels van de ischiaszenuw waar deze uit de wervelkolom naar buiten komen, en dit wordt vaak veroorzaakt door een rughernia.<br />
  22. 22. Innervatiegebiedn. ischiadicussplitst in de n. tibialisen de n. peroneus communis<br />De n. tibialisinnerveertde spieren:<br />m. semitendinosus<br />m. semimembranosus<br />m. biceps femoris<br />caputlongum<br />m. adductormagnus<br />n. peroneus communis  innerveertde <br />m. biceps femoris caputbreve !!<br />
  23. 23. Innervatiegebiedn. peroneus communis vnml. ventraal<br />De n.peroneuscomm. kent een superficialis(oppervlakkig) en profundus(dieper) gedeelte.<br />n. peroneussuperficialis:<br />m. peroneuslongus & brevis<br />n. peroneusprofundus:<br />m. tibialis anterior<br />m. extensordigitorumlongus en brevis<br />m. extensor hallucis longusenbrevis<br />
  24. 24. Innervatiegebied van de n. tibialisin hetonderbeen is dorsaal<br />n. tibialisinnerveert de volgende spieren:<br />m. triceps-surae<br />Is de gastrocnemius & soleus<br />m. plantaris<br />m. popliteus<br />m. tibialis posterior<br />m. flexordigitorumlongus<br />m. flexor hallucis longus<br />
  25. 25. de n.plantaris medialis<br />De nervustibialissplitst in de voet in de n.plantaris medialis enn.plantarislateralis.<br />Innervatie van de n.plantaris medialis:<br />m.abductor hallucis<br />m. flexordigitorumbrevis<br />m. flexor hallucis brevis, mediaal<br />mm. lumbricales I + II <br />
  26. 26. de n. plantarislateralis<br />Innervatievan de n.plantarislateralis:<br />m. adductorhallucis<br />m. flexordigitorumbrevis, lateraal<br />m. quadratusplantae<br />m.abductordigitiminimi<br />m. flexordigitiminimibrevis<br />m. opponensdigitiminimi<br />mm. lumbricalesIII + I V<br />mm. Interosseiplantares en dorsales<br />
  27. 27. Klachten n. ischiadicus<br />Als de n. ischiadicus wordt afgeklemd kan er zenuwuitval optreden. Dit “piriformis syndroom” kan optreden na forse bloeduitstortingen in de bil waarbij verklevingen in de m. piriformis optreden, de zenuw komt klem te zitten bij aanspannen van deze spier. Als we de heup endoroteren en dus de m. piriformis daardoor rekken, is de irritatie van de ischiadicus op te roepen. <br />Maar ook inklemming door het zitten is berucht (denk aan de portemonnee in de kontzak…)<br />De test die dit zou moeten bewijzen, is het heffen van het gestrekte been, uitgevoerd met het naar binnen draaien (= endorotatie) van het been. <br />
  28. 28. n. Ischiadicustestprovocatietest<br />PT in ruglig, benen gestrekt<br />Til (aangedane) been omhoog naar anteflexie / endorotatie heup<br />(provecatietest) m. piriformis komt op spanning (rek)<br />Indien geprovoceerd breng dan een exorotatie teweeg die de sensatie moet doen laten afnemen.<br />M. priformis komt nu tot ontspanning<br />
  29. 29. Informatie:<br />http://www.neurologie-denhaag.nl/<br />Sesam atlas<br />Prometheus<br />Sobotta<br />Vorm en beweging (Lohman)<br />

×