Successfully reported this slideshow.
We use your LinkedIn profile and activity data to personalize ads and to show you more relevant ads. You can change your ad preferences anytime.
POSTTRAUMATISCHE STRESS-
STOORNIS (PTSS) NA BEVALLING
Stichting Bevallingstrauma
www.stichtingbevallingstrauma.nl
INHOUDSOPGAVE (1)
 Wat is PTSS?
 DSM-5 criteria
 Risicofactoren
 Gevolgen
 Verschil PTSS en PPD (postpartum depressie...
INHOUDSOPGAVE (2)
 Wat kun je als hulpverlener doen?
 1. Traumatische bevalling helpen voorkomen
 Blinde vlekken
 Leed...
WAT IS PTSS?
PTSS is een angststoornis die kan ontstaan na het meemaken van een traumatische
gebeurtenis, zoals een aansla...
DSM-5 CRITERIA PTSS
 Criterium A. De persoon is blootgesteld aan een feitelijke of dreigende dood,
ernstige verwondingen ...
RISICOFACTOREN VOOR PTSS NA
BEVALLING
 Medisch verloop van de zwangerschap en/ of bevalling
 Spoedkeizersnede, kunstverl...
GEVOLGEN PTSS NA BEVALLING
 Depressie (hoge comorbiditeit);
 Verhoogd misbruik van alcohol en andere stoffen;
 Diepgaan...
VERSCHIL PTSS EN POSTPARTUM
DEPRESSIE (PPD)
 Overlap, maar bij PTSS (en niet bij
PPD) is sprake van:
 Herbelevingen (ong...
TOKOFOBIE
Pathologische angst voor zwangerschap. Twee soorten:
 Primair: wanneer een vrouw nooit eerder zwanger is gewees...
WAT KAN DE CLIËNT DOEN?
 EMDR
 Zijwaartse oogbewegingen, in combinatie met het
ophalen van de traumatische herinnering, ...
WAT KUN JE ALS HULPVERLENER DOEN?
Probeer een traumatische bevalling te voorkomen, en/ of verwijs door naar de juiste
hulp...
 Vermijden: de omgang met een getraumatiseerde vrouw uit de weg gaan.
 Distantiëren: focussen op de lichamelijke toestan...
LEED-OP-LEED
De traumatische bevalling is een eerste slachtofferervaring. Wanneer hier bovenop
een tweede slachtofferervar...
 Communicatie
 Compassievol: wees nieuwsgierig en stel uitnodigende vragen om erachter te komen hoe je
cliënt zich echt ...
 Feedback
 Geef en vraag feedback aan collega’s: een blinde vlek zie je vaak niet bij jezelf maar wel bij een
ander!
Zoe...
2. Indien je vermoed dat een pas bevallen vrouw haar bevalling als traumatisch heeft
ervaren, verwijs haar dan door naar d...
TRAUMA SCREENING QUESTIONNAIRE
1. Verontrustende gedachten of herinneringen aan de gebeurtenis die in je hoofd opkomen teg...
Harvard Trauma Questionnaire
1 Terugkerende gedachten of herinneringen aan de pijnlijke of angstige gebeurtenissen
2 Het g...
LITERATUUR
 American Psychiatric Association. (2000). Diagnostic and Statistical Manual Of Mental Disorders DSM-IV-TR Fou...
MEER INFORMATIE
Stichting Bevallingstrauma
www.stichtingbevallingstrauma.nl
info@stichtingbevallingstrauma.nl
Facebook: SB...
Upcoming SlideShare
Loading in …5
×

PTSS na bevalling

173 views

Published on

Stichting Bevallingstrauma

Published in: Healthcare
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

PTSS na bevalling

  1. 1. POSTTRAUMATISCHE STRESS- STOORNIS (PTSS) NA BEVALLING Stichting Bevallingstrauma www.stichtingbevallingstrauma.nl
  2. 2. INHOUDSOPGAVE (1)  Wat is PTSS?  DSM-5 criteria  Risicofactoren  Gevolgen  Verschil PTSS en PPD (postpartum depressie)  Tokofobie  Wat kan de cliënt aan haar klachten doen?  EMDR  Cognitieve gedragstherapie Stichting Bevallingstrauma www.stichtingbevallingstrauma.nl
  3. 3. INHOUDSOPGAVE (2)  Wat kun je als hulpverlener doen?  1. Traumatische bevalling helpen voorkomen  Blinde vlekken  Leed-op-leed  Communicatie: verbaal en non-verbaal  Feedback  2. Verwijs naar geschikte hulpbronnen  Psycholoog/ EMDR therapeut/ …  Screeningsvragenlijsten  TSQ en HTQ  Literatuur Stichting Bevallingstrauma www.stichtingbevallingstrauma.nl
  4. 4. WAT IS PTSS? PTSS is een angststoornis die kan ontstaan na het meemaken van een traumatische gebeurtenis, zoals een aanslag of verkrachting. PTSS kan ook ontstaan door het traumatisch ervaren van een bevalling.  1-2% van bevallen vrouwen krijgt diagnose PTSS (volgens DSM-5)  22-40% heeft geen diagnose, maar wel symptomen van PTSS  16.6% van de vrouwen kijkt 3 jaar later negatief terug op haar bevalling Stichting Bevallingstrauma www.stichtingbevallingstrauma.nl
  5. 5. DSM-5 CRITERIA PTSS  Criterium A. De persoon is blootgesteld aan een feitelijke of dreigende dood, ernstige verwondingen en/of seksueel geweld  Criterium B. De traumatische gebeurtenis wordt voortdurend herbeleefd  Criterium C. Aanhoudend vermijden van prikkels die gerelateerd zijn aan het trauma  Criterium D. Negatieve veranderingen in gedachten en stemming gerelateerd aan de traumatische gebeurtenis  Criterium E. Aanhoudende symptomen van verhoogde prikkelbaarheid PTSS is te specificeren als PTSS met dissociatieve symptomen mits sprake is van depersonalisatie (vervreemding van het eigen lichaam) en derealisatie (gevoel alsof de omgeving niet echt is). Stichting Bevallingstrauma www.stichtingbevallingstrauma.nl
  6. 6. RISICOFACTOREN VOOR PTSS NA BEVALLING  Medisch verloop van de zwangerschap en/ of bevalling  Spoedkeizersnede, kunstverlossing, zwangerschapscomplicaties  Ervaring van de bevalling  Weinig steun ervaren van partner of zorgverleners, dissociatie tijdens bevalling, gevoel van controleverlies, negatieve emoties, korte of juist zeer lange bevalling, zeer pijnlijke bevalling  Psychosociale factoren  Eerder trauma, depressie, hevige angst, niet goed kunnen omgaan met stress Stichting Bevallingstrauma www.stichtingbevallingstrauma.nl
  7. 7. GEVOLGEN PTSS NA BEVALLING  Depressie (hoge comorbiditeit);  Verhoogd misbruik van alcohol en andere stoffen;  Diepgaande problemen in de relatie van moeder tot baby, bv. borstvoeding en hechting (ook op langere termijn);  Seksuele vermijding;  Tokofobie (angst voor een volgende bevalling);  Geplande keizersnede in volgende zwangerschappen;  Over-waakzaamheid en nervositeit over de gezondheid van het kind;  Relatieproblemen en/of breuk;  Vermijding van toekomstige medische zorg (zoals uitstrijkjes). Stichting Bevallingstrauma www.stichtingbevallingstrauma.nl
  8. 8. VERSCHIL PTSS EN POSTPARTUM DEPRESSIE (PPD)  Overlap, maar bij PTSS (en niet bij PPD) is sprake van:  Herbelevingen (ongecontroleerd)  Verhoogde waakzaamheid  Schrikreacties  Flashbacks  Nachtmerries PTSS en PPD zijn twee verschillende aandoeningen, die een verschillende behandeling vereisen. Stichting Bevallingstrauma www.stichtingbevallingstrauma.nl
  9. 9. TOKOFOBIE Pathologische angst voor zwangerschap. Twee soorten:  Primair: wanneer een vrouw nooit eerder zwanger is geweest  Secundair: naar aanleiding van een eerdere bevalling Deze angst is meestal gericht op angst voor pijn, controleverlies, gevoel van hulpeloosheid, weinig steun, medicalisering van bevallingen, weinig vertrouwen in zorgverlening, horrorverhalen of een eerdere traumatische ervaring/ bevalling. Vrouwen die lijden aan tokofobie maar toch zwanger zijn, kiezen soms voor een abortus of een geplande keizersnede. Stichting Bevallingstrauma www.stichtingbevallingstrauma.nl
  10. 10. WAT KAN DE CLIËNT DOEN?  EMDR  Zijwaartse oogbewegingen, in combinatie met het ophalen van de traumatische herinnering, leiden tot vermindering van de levendigheid en emotionaliteit van die herinnering.  Cognitieve gedragstherapie  Negatieve gedachtepatronen als ‘Ik wil nooit meer bevallen’ of ‘Ik ben een slechte moeder’ ontdekken en veranderen. Stichting Bevallingstrauma www.stichtingbevallingstrauma.nl
  11. 11. WAT KUN JE ALS HULPVERLENER DOEN? Probeer een traumatische bevalling te voorkomen, en/ of verwijs door naar de juiste hulpbronnen. 1. Help een traumatische bevalling voorkomen. Als zorgverlener ben je geneigd een bepaalde werkstijl en werkhouding in stand te houden. Daardoor kun je soms blind zijn voor de negatieve effecten van je gedrag op anderen. Een aantal van deze ‘blinde vlekken’ zijn:  Vermijden  Distantiëren  Redden  Aanklagen  Hersenspoelen Stichting Bevallingstrauma www.stichtingbevallingstrauma.nl
  12. 12.  Vermijden: de omgang met een getraumatiseerde vrouw uit de weg gaan.  Distantiëren: focussen op de lichamelijke toestand, emoties niet erkennen.  Redden: continu oplossingen aandragen (dit werkt slachtoffergedrag juist in de hand doordat je een ‘ouderrol’ aanneemt).  Aanklagen: ook wel blaming the victim genoemd - vrouwen het gevoel geven dat hun traumatische ervaring hun schuld is.  Hersenspoelen: wanneer je als zorgverlener probeert het trauma positief te draaien, bijvoorbeeld door clichés te gebruiken als ‘Maar je hebt toch een gezonde baby?’. Je gaat op deze manier voorbij aan hoe het voor de vrouw is, wat kan voelen als manipulatie. BLINDE VLEKKEN Stichting Bevallingstrauma www.stichtingbevallingstrauma.nl
  13. 13. LEED-OP-LEED De traumatische bevalling is een eerste slachtofferervaring. Wanneer hier bovenop een tweede slachtofferervaring komt, wordt dit leed-op-leed genoemd. Dit kan gebeuren door een (feitelijk of vermeend) gebrek aan medeleven. De 5 genoemde blinde vlekken (vermijden, distantiëren, redden, aanklagen, hersenspoelen) kunnen leiden tot leed-op-leed: extra leed door gebrek aan erkenning bovenop het leed van de bevalling. Stichting Bevallingstrauma www.stichtingbevallingstrauma.nl
  14. 14.  Communicatie  Compassievol: wees nieuwsgierig en stel uitnodigende vragen om erachter te komen hoe je cliënt zich echt voelt en wat er in haar om gaat  Drempel verlagend: zeg bijvoorbeeld ‘Het is prima om het niet met me eens te zijn’  Zelfde communicatiestijl aannemen  Is iemand meer introvert of extravert? Sluit je eigen spreektempo hierbij aan.  Is iemand analytisch en kennisgericht: noem feiten en cijfers.  Non-verbale communicatie  Fysieke aanraking  Oog voor kwetsbaarheid WAT KUN JE ALS HULPVERLENER DOEN? Stichting Bevallingstrauma www.stichtingbevallingstrauma.nl
  15. 15.  Feedback  Geef en vraag feedback aan collega’s: een blinde vlek zie je vaak niet bij jezelf maar wel bij een ander! Zoek ook toenadering bij collega’s als je zelf erg geraakt bent door het bijwonen van een traumatische bevalling. Je kunt als zorgverlener (partner, of andere aanwezige) ook getraumatiseerd raken door het bijwonen van een heftige bevalling. Praat hierover en wees niet bang om hulp te vragen wanneer je dit nodig hebt. WAT KUN JE ALS HULPVERLENER DOEN? Stichting Bevallingstrauma www.stichtingbevallingstrauma.nl
  16. 16. 2. Indien je vermoed dat een pas bevallen vrouw haar bevalling als traumatisch heeft ervaren, verwijs haar dan door naar de juiste hulpbronnen.  Geef informatie over PTSS of andere mogelijke psychische klachten na een bevalling  Verwijs naar www.stichtingbevallingstrauma.nl  Laat haar weten dat ze niet de enige is en er hulpbronnen voor haar zijn  Indien gewenst, verwijs naar een psycholoog/ EMDR therapeut/ bevallingsverwerkingsspecialist of andere geschikte professional  Zorg voor een goed nagesprek waarin alle keuzes die tijdens de bevalling zijn gemaakt en handelingen die zijn uitgevoerd worden toegelicht en alle vragen van de pas bevallen vrouw worden beantwoord. Stichting Bevallingstrauma www.stichtingbevallingstrauma.nl
  17. 17. TRAUMA SCREENING QUESTIONNAIRE 1. Verontrustende gedachten of herinneringen aan de gebeurtenis die in je hoofd opkomen tegen je wil in. 2. Verontrustende dromen over de gebeurtenis. 3. Je gedragen of je voelen alsof de gebeurtenis opnieuw plaatsvindt. 4. Van streek raken door dingen die je aan de gebeurtenis herinneren. 5. Lichamelijke reacties (zoals snelle hartslag, steen in de maag, zweten, duizeligheid) wanneer je herinnerd wordt aan de gebeurtenis. 6. Moeilijk in slaap kunnen komen of te vroeg wakker worden. 7. Geïrriteerdheid of woedeaanvallen. 8. Moeite hebben met concentreren. 9. Verhoogd bewustzijn van mogelijke gevaren voor jezelf en anderen. 10. Gespannen zijn of schrikken van iets onverwachts. Heb je 6 of meer van bovenstaande vragen met ‘ja’ beantwoord, dan heb je mogelijk last van PTSS. Stichting Bevallingstrauma www.stichtingbevallingstrauma.nl
  18. 18. Harvard Trauma Questionnaire 1 Terugkerende gedachten of herinneringen aan de pijnlijke of angstige gebeurtenissen 2 Het gevoel hebben alsof de gebeurtenissen opnieuw plaatsvinden 3 Terugkerende nachtmerries 4 Je losstaand of teruggetrokken voelen van anderen 5 Niet in staat iets te voelen 6 Je zenuwachtig voelen, schrikachtig zijn 7 Moeilijk kunnen concentreren 8 Moeite met slapen 9 Op je hoede zijn 10 Geïrriteerd zijn of woede-uitbarstingen hebben 11 Bezigheden vermijden die aan de pijnlijke of angstige gebeurtenissen doen herinneren 12 De pijnlijke of angstige gebeurtenissen niet volledig kunnen herinneren 13 Minder interesse hebben in dagelijkse activiteiten 14 Het gevoel hebben alsof je geen toekomst hebt 15 Gedachten en gevoelens vermijden die doen herinneren aan de pijnlijke of angstige gebeurtenissen 16 Plotselinge gevoelens of lichamelijke reacties hebben bij het herinnerd worden aan de pijnlijke of angstige gebeurtenissen Per vraag:  1 = helemaal geen last  2 = een beetje last  3 = nogal veel last  4 = zeer veel last Totale score delen door 16 Score van 2.5 of hoger: klinisch significante PTSS Stichting Bevallingstrauma www.stichtingbevallingstrauma.nl
  19. 19. LITERATUUR  American Psychiatric Association. (2000). Diagnostic and Statistical Manual Of Mental Disorders DSM-IV-TR Fourth Edition (Text Revision) Author: American Psychiatry.  Ayers, S., Joseph, S., McKenzie-McHarg, K., Slade, P., & Wijma, K. (2008). Post-traumatic stress disorder following childbirth: current issues and recommendataions for future research. Journal of Psychosomatic Obstetrics & Gynecology, 29(4), 240-250.  Baston, H., Rijnders, M., Green, J.M., & Buitendijk, S. (2008). Looking back on birth three years later: Factors associated with a negative appraisal in England and in the Netherlands. Journal of Reproductive and Infant Psychology, 26(4), 323-339.  Bhatia, M.S., & Jhanjee, A. (2012). Tokophobia: A dread of pregnancy. Industrial Psychiatry Journal, 21(2), 158-159.  Mollica, R.F., Caspi-Yavin, Y., Bollini, P., Truong, T., Tor, S., & Lavelle, J. (1992). The Harvard Trauma Questionnaire: Validating a cross-cultural instrument for measuring torture, trauma, and posttraumatic stress disorder in Indochinese refugees. Journal of Nervous and Mental Disease, 180(2), 111-116.  Stramrood, C.A.I., Van der Velde, J., Doornbos, B., Paarlberg, M., Weijmar Schultz, W.C.M., & Van Pampus, M.G. (2012). The patient observer: Eye-Movement Desensitization and Reprocessing for the treatment of posttraumatic stress following childbirth. Birth, 39(1), 71-76.  Walters, J.T.R., Bisson, J.I., & Shepherd, J.P. (2007). Predicting post-traumatic stress disorder: validation of the Trauma Screening Questionnaire in victims of assault. Psychological Medicine, 37, 143-150.  Weaver, J., Browne, J., Aras-Payne, A., & Magill-Cuerden, J. (2012). A comprehensive systematic review of the impact of planned interventions offered to pregnant women who have requested a caesarean section as a result of tokophobia (fear of childbirth). JBI Database of Systematic Reviews and Implementation Reports, 10(28), 1-20. Stichting Bevallingstrauma www.stichtingbevallingstrauma.nl
  20. 20. MEER INFORMATIE Stichting Bevallingstrauma www.stichtingbevallingstrauma.nl info@stichtingbevallingstrauma.nl Facebook: SBT – Stichting Bevallingstrauma Twitter: Bevallingstrauma SBT

×