2010 jonastandpunt kerk en ambt

226 views

Published on

  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

2010 jonastandpunt kerk en ambt

  1. 1. 1Denkdag Kerk en Ambt – Basisbeweging 19 januari 2008.Vrienden,Vandaag wil ik vanuit twee perspectieven bijdragen tot deze boeiende discussie.Een eerste perspectief is vanuit mijn werk als godsdienstleerkracht in de tweedegraad ASO in OLV Vlaanderen te Kortrijk, waar de meerderheid van de lln feitelijkvervreemd is van de Kerk.Een tweede perspectief is vanuit de tijd die ik mag beleven met mijn vrienden vanonze christelijke jongerenbeweging Jona, waar we allemaal ergens wel vertrouwdzijn met het kerkelijk gebeuren. (al gebeurt dat wel met een kritisch oog).De situatie waar we met ons kerkgebeuren en in het bijzonder onze liturgie inverzeild geraakt zijn is bijzonder complex op het eerste zicht, maar voor mij is hettegelijkertijd heel eenvoudig.Enerzijds is er binnen de Kerk een historisch gegroeide scheve verhouding tussende praktijk aan de basis en de canonieke voorschriften. De dominicanen hebben dittweespalt goed verwoord in hun brochure. Ze hebben met correcte historische entheologische argumenten de vinger op de wonde gelegd.Ik kan er enkel aan toevoegen dat Rome blijkbaar steeds kiest voor de strategie vande ‘contrareformatie’, en dat zo op elke hervorming vanuit de basis gereageerdwordt met een restaurerende beweging.De enige reden waarom ze dit volgens mij doen is om hun eigen macht enhiërarchische structuur blijvend te legitimeren. De argumenten waarmee ze hunstructuur verdedigen zijn dikwijls erg onduidelijk of twijfelachtig en zijn voor eengeoefend denker of kerkganger vlug te doorprikken. Maar met die kritieken zit hetclubje heren van het Vaticaan duidelijk niet mee in.(Denken we maar aan de vele brieven van broeders uit Latijns-Amerika of aan hetonthaal van deze brochure in de Nederlandse Kerk)Die nonchalance van de top over het protest aan de basis maakt me kwaad omdater geen ruimte is voor een eerlijke dialoog over de toekomst van het christendomen de Kerk in West-Europa. Een dialoog die dringend nodig is. Dat maakt de situatievoor mij complex en soms wat moedeloos.Anderzijds vind ik onze huidige situatie eigenlijk heel eenvoudig en pragmatisch opte lossen. We moeten met de initiatieven die vanuit de basis gegroeid zijn gewoonde durf en de moed hebben om door te doen op de ingeslagen weg. En ik heb hethier niet over ‘5 minuten moed in politieke zin’ maar over echte moed!Ik heb het over het durven geloven in ons eigen project vanuit een eerlijketheologie van de basis.Ik heb het over het bevrijdend denken en schriftlezen dat een baken is voor hetsamenkomen met christenen in vier- en leerhuizen.Ik heb het over een Kerk in spirituele én in politieke zin.Het kan niet zijn dat enkel het Instituut de termen ‘katholiek’ of ‘christelijk’claimt. De Kerk heeft die termen in zijn geschiedenis al te veel vernauwd. Het istijd dat wij ze terug verbreden en verdiepen!
  2. 2. 2-Vanuit het standpunt van de tieners op onze school kan ik verder duidelijk zijn: zijligger er niet wakker van.De meeste van onze leerlingen zijn absoluut niet bezig met de toekomst van dekerk, het priesterambt of het christendom. Zij zouden zich op een dag als dezewaarschijnlijk dood vervelen.Toch durf ik door de laag kritiek van de leerlingen heen kijken. Want ik begrijp ze.Hun vaak enige ervaring met liturgie is die van het Vormsel, netjes geregisseerddoor onze vormheren vanuit het bisdom. Uiteindelijk is dat voor velen eennegatieve ervaring geweest die gemaakt heeft dat liturgie synoniem geworden isvoor: oubolligheid, saaie teksten, lange preken en okra-meetings. De officiële kerkdie ze in hun voorbereidingstijd op hun Vormsel ontmoeten kan hen niet bekoren.Ze worden simpelweg niet aangesproken op hun vragen, ze moeten enkel luisterennaar onze verhalen. Dit is een beetje kort door de bocht, maar toch ervaren tienersdit zo.Het ‘ietsisme’ van de leerlingen verlangt immers niet naar kerkgebouwen metingewikkelde liturgie. Ze snappen een heleboel van de woorden en symbolenuitgesproken in die gebouwen niet meer. De verbinding tussen veel symbolen enhun betekenis is jammer genoeg doorbroken. Dat feit is echt ernstig als we hetover de toekomst van de kerk hebben.Ook het gebouw op zich biedt geen uitdaging meer, simpelweg omdat het er voloudjes zit.Vandaar dat het ook niet verwonderlijk is dat ze behoorlijk apathisch staan tenaanzien van de discussies over het priesterambt. Ze hebben er absoluut niets optegen dat priesters getrouwd zijn of homo, integendeel. Aan de andere kant zal jeze er ook nooit voor zien strijden. Want priesters staan nu eenmaal symbool vooreen kerkmodel die zij in de verste verte niet verlangen.Toch ben ik hoopvol over de toekomst van mijn tieners. Ik weiger te geloven dathet christendom hen niets kan bieden. Integendeel!Als ik lees in de brochure dat de ‘kerk naar mensen moet gaan’, dan zie ik daarinveel hoop.Het verhaal van Jezus toont ons een man met een kritische blik op de toenmaligemaatschappij. Als we die achtergrond van de evangelies scherpstellen en dejongeren met dezelfde kritische blik over de wereld laten reflecteren met hunverstand en met hun hart, dan ben ik overtuigd dat een aantal van hen ‘geroepen’zal zijn om gemeenschap te vormen.Liturgie ‘is’ niet.Liturgie is geen museumstuk dat -eenmaal onder de juiste temperatuur- kanbewaard worden en doorgegeven worden aan toekomstige generaties.Liturgie ‘ontstaat’ pas als jongeren een Woord hebben om samen rond te komen.Het is onze plicht vanuit de basis om dat Woord terug te laten groeien in jongerendoor onze ervaringen kenbaar te maken aan hen. Getuigen op het werkveld – dusbuiten de kerkmuren - wordt steeds belangrijker.-
  3. 3. 3Tot slot wil ik ook vanuit Jona enkele perspectieven aanreiken.Drie jaar geleden sprak ik op de Ontmoetingsdag van Evangelie Levensnabij overhet feit dat onze groep jongvolwassenen allemaal iets gemeen hebben: het‘tsjolen’. Wat zoïets betekent als zwervend-zoekend-zijn. In ons geval zoekendzijn naar een passende vorm om ons christen-zijn te beleven in alle openheid enpluraliteit.Nu we al meer dan 6 jaar onderweg zijn kan ik getuigen dat kerk-zijn iets is watkomt bovendrijven. In al die jaren zijn we geëvolueerd naar een vereniging waariedereen het woord en het initiatief kan nemen.Dat resulteerde in het opstarten van een jaarlijks bijbelweekend en maandelijksebijbelmomenten. Dit jaar is zelfs sprake van een abdij-driedaagse. We doen ditniet omdat of opdat we een christelijke vereniging willen zijn, maar we doen ditvanuit het zoeken zelf. Vanuit onze honger naar inspiratie, vanuit de prikkels enuitdagingen die uit onze samenleving op ons afkomen en die vragen om reflectievanuit onze traditie.Ik moet daarbij steeds denken aan de eerste kleine beweging van onze traditie. DeEeuwige vraagt Abraham weg te trekken. En Abraham gaat. Zijn weg isonduidelijk, maar de horizon scherp. Weg van het vee, het goud, het zilver dat hijbezat, richting Negeb-woestijn.In Jona probeert elk van ons ook de horizon scherp te krijgen. Vanuit de verhalenin de bijbel reflecteren we over de werkelijkheid en wat we in ons dagelijks levenkunnen bijdragen aan het Koninkrijk van God. Voor sommigen is dat het bouwenvan een eigen passiefhuis, voor anderen het maken van kunst, het zorgzaamomgaan met ouderen of kansarme jongeren, de glimlach op het werk, de politiekestrijd, een onderwijsproject in El Salvador of het meehelpen in NGO’s. In iedergeval met de twee voeten op de grond.Vanuit die ervaringen voelen we in jona dat er nood ontstaat aan nieuwe rituelenen symbolen, of aan heropfrissing en herontdekking van vroegere rituelen ensymbolen. Zo hechten wij bijvoorbeeld met een aantal veel belang aan het feit datwe voor de activiteiten samen aan tafel zitten om de week en het eten te delen.Weg van het offerblok altaar genoemd en de magische transsubstantiatie. Op wegnaar de hoop en het geloof in brood en wijn als tekenen van een verbond metelkaar-op-weg-te-zijn.-In de brochure van de dominicanen vind ik erkenning voor de basisgemeenschappenen basisgroepen. Het doet me geloven in het initiatief van onderaf. Uit hervormingaan de rand van de Kerk en daardoor midden in de plaats waar kerk ontstaat.Als er geen plaats is voor een open en eerlijke dialoog tussen de pastorale basis ende hiërarchie dan moeten we ook maar hardhorig zijn naar de roep om restauratie.Een goede herder hoort zijn schapen te hoeden. Maar als de herder aanintensieve schapenteelt wil beginnen in netjes afgelijnde hokken met maar éénkrachtvoer voorhanden, dan wordt het tijd om uit te breken.
  4. 4. 4Ik wil graag afsluiten met ons jona-gebed, uit dankbaarheid geschreven voor watbestaat aan de basis: Eeuwige, Dat we in dit leven mogen openbloeien, tot ware en vrije mensen. Dat we ons niet laten vangen in leugens om bestwil in onderdrukking in Uw Naam. Dat we mogen ten volle leven en leven geven. Dank voor Jona. Omdat we mogen groeien met elkaar in vrijheid misschien wel voor het leven? Amen

×