Uitdagende practica: van kookboek naar eigen onderzoek

2,881 views

Published on

Presentatie bij werkgroep door Bea van Sprakelaar en Heleen Brouwer, op de Docentenconferentie Blink uit in bèta!

Published in: Education
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

Uitdagende practica: van kookboek naar eigen onderzoek

  1. 1. Uitdagende practica
  2. 2. Wat gaan we doen?1. IJsbreker2. Waarom practicum?3. Practicum dat motiveert en denken stimuleert: Heleen4. Practicum als middel tot differentiatie: Bea5. Practica onder de loep
  3. 3. IJsbreker
  4. 4. Praktisch werk in de ogen van docenten• Natuurwetenschappelijk onderwijs moet plaatsvinden in een lab; daarover is gelukkig geen controverse Joan Solomon, 1980• Natuurwetenschap is een praktisch onderwerp … einde verhaal, denk ik Docent, aangehaald door Jim Donnelly, 1995• Natuurwetenschap zonder praktisch werk is als zwemmen zonder water Head of science , aangehaald in SCORE rapport, 2008
  5. 5. Docentenkijk op praktisch werk 2• Veel praktisch werk is ineffectief en onwetenschappelijk; het schrikt dan leerlingen af om door te gaan in een bètarichting. Naar Woolnough, 1995• Praktisch werk is redelijk effectief wat betreft de uitvoering ervan, maar slaagt er minder om leerlingen daarbij te laten nadenken. Naar Abrahams and Millar, 2008• Wanneer het goed is gepland en effectief wordt uitgevoerd, is praktisch werk stimulerend en leidt het tot leren. Het daagt leerlingen zowel mentaal als fysiek uit op een unieke manier, die met andere werkvormen niet is te realiseren. Naar SCORE report, 2008
  6. 6. Waarom doen we praktisch werk? Het doel van praktisch werk is om leerlingen te ondersteunen bij het leggen van verbanden tussen twee kennisdomeinen: domein van praktisch werk domein van objecten en begrippen en waarneembare ideeën verschijnselen hands-on, minds-on“We moeten de minds on aspecten van praktisch werk meer aandachtgeven, als we praktisch werk effectiever willen maken” Millar and Abrahams, 2009
  7. 7. Reflecteren op praktisch werk A. Doelen van de docent wat de leerlingen ervan Effectiviteit op niveau 1 moeten leren Deden leerlingen wat de bedoeling was te doen en B. Gegeven zagen ze wat de bedoeling opdracht was te zien? wat de bedoeling is dat leerlingen doen Effectiviteit op niveau 2effectiviteit Leerden de leerlingen wat ze C. Uitvoering moesten leren en kunnen ze van de opdracht zich dat later herinneren? 1 wat de leerlingen werkelijk doen 2 D. Leer- resultaten wat de leerlingen er werkelijk van leren
  8. 8. Practicum dat motiveert en het denken stimuleert
  9. 9. Mijn motivatie:• Jaar in jaar uit dezelfde fouten in practicumverslagen• Leerlingen zien verband tussen boek en practicum niet• Leerlingen raffelen practicum af zonder na te denken bij wat ze doen• Veel werk voor docent en toa en weinig voor de leerling
  10. 10. Motiveren dus!• Gebruik van aansprekend materiaal• Koppeling tussen practicum en theorie expliciet maken• Geen kookboek: deels zelf bedenken• Uitkomst staat niet al vast: er is echt iets te onderzoeken• Juiste vragen stellen
  11. 11. Voorbeeld: Borrelpraat• Vroeger: 1 les om te laten zien of ontdekken hoe indicatoren werken.• 2e les in een zelf meegebracht (vergeten..) voedingsmiddel bepalen of er zetmeel, glucose, eiwit en/of vitamine C in zit. Gebruik van die indicatoren.• Verslag schrijven volgens verslagregels.
  12. 12. Borrelpraat 2• Nu:
  13. 13. • Eerst etiketten vergelijken• Rekenen aan energie-inhoud• Verschil input zonne-energie plantaardig (Pringles) en dierlijk (Bifi) schatten (boek en binas bij nodig)
  14. 14. • Dan zelf op zoek naar een methode om bepaalde voedingsstof in beide produkten aan te tonen (dus geen kookboek)• Wel hulp van toa en www.bioplek.org• Als methode niet blijkt te werken op zoek naar andere methode
  15. 15. • En: Op zoek naar een manier om de energie-inhoud van Pringles en Bifi te meten…..
  16. 16. Tenslotte:• Hoeveel tijd moet je op een hometrainer fietsen om 25 gram Pringles te verbranden?
  17. 17. Opmerkingen van leerlingen:• Best leerzaam maar de docenten wilden niet helpen en toen moest ik veel zelf uitzoeken en dat was best lastig.• Oeps. Dat je voor 100g chips gewoon een uur moet fietsen!• Je gaat door dit soort proefjes wel beter nadenken over wat je eet
  18. 18. En dit zeggen ze geleerd te hebben• Dat je ook bij simpele proefjes heel goed moet nadenken omdat je snel iets over het hoofd ziet.• Lastig maar leerzaam om zelf een practicum te bedenken.• Dat er veel zonne-energie nodig is om voedsel te produceren.• Hoe je met indicatoren voedingsstoffen aantoont.
  19. 19. Andere practica:• Optimale omstandigheden bepalen om gistdeeg te laten rijzen (temperatuur, hoeveelheid gist/suiker/zout) en daarna oliebollen bakken van de resultaten!
  20. 20. Om duidelijk te maken dat urine uit bloed gemaakt wordt, een practicum waarbij leerlingen waardesvan hun eigen urinevergelijken met bloed(van koeien) en deverschillen moetenverklaren.
  21. 21. Wat heb ik dus gedaan?• Niet zelf het wiel uitgevonden• Geknipt en geplakt met bestaande practica• Steeds gedacht hoe ik de leerling kan motiveren en aan het denken kan krijgen.• …en dat lukt steeds beter!
  22. 22. Waarom differentiëren met planten-practica?? Differentiëren:Begaafde leerlingen uitdagen? Planten:•Onderbelicht in het schoolvak “Biologie”,•In Utrecht wetenschappelijk plantenonderzoek Netwerk USG-UU
  23. 23. ? Practica: Differentiëren domein van praktisch werk domein van objecten en begrippen enwaarneembare ideeënverschijnselen Practicum is leuk!!
  24. 24. Differentiatie• Herhalend: bekende stof maar op andere manier aangeboden: huidmondjes• Verdiepend: dieper op bekende stof ingaan: auxine 1 apicale dominantie 2 wortelvorming 3 gravitropisme• Verrijkend: nieuwe stof als uitbreiding op bekende stof; andere plantenhormonen: gibberelline
  25. 25. De practica
  26. 26. Werkwijze• Een lessenserie met als onderwerp “Planten” plantenhormonen: auxine, gibberelline plantensensoren: licht, zwaartekracht anatomie: huidmondjes• Ieder deelonderwerp voorzien van een context: maakt een onderwerp levend bonsai en apicale dominantie kieming en licht shade avoidance stekwortels domme zaailingziekte huidmondjes en milieu
  27. 27. • Ieder onderwerp voorzien van 2 actuele wetenschappelijke artikelen: geeft actueel belang aan• Ieder deelonderwerp in de vorm van een practicum aanbieden Ontwerp een experiment om de relatie tussen auxine en apicale dominantie te onderzoeken. Voor dit experiment heb je de beschikking over:• 10 bonenplanten• Zuiver lanoline• Lanoline met 10, 100 en 1000 ppm IAA.
  28. 28. • Practica uitvoeren• Enquête houden.• Practica bijstellen: de opdracht structureren met leesvragen, als richtinggever voor het lezen van de artikelen.
  29. 29. Auxine en apicale dominantie – Lees het artikel „The fall and rise of apical dominance‟ (bijlage 2) • Auxine is betrokken bij het verschijnsel apicale dominantie; wat is apicale dominantie? • Snow ontdekte in zijn modelplant, een bonenplant met 2 zijstengels, dat er vanuit de overheersende zijstengel een remmend signaal naar de andere zijstengel gaat. Dit signaal daalt af in de overheersende stengel en stijgt op in de achterblijvende stengel. Het mechanisme van het transport in de overheersende stengel lijkt niet hetzelfde te zijn als in de achterblijvende stengel. Uit welk experiment van Snow blijkt dit? • Wat ontdekte men bij gebruik van radioactief gelabeld auxine?
  30. 30. En de leerlingen? Practicum was leuk 5=helemaal eens 4=eens 3=neutraal 2=oneens 1=helemaal oneens 0 5 10 15 Aantal leerlingenl“Het elke dag even kijken naar de voortgang, ik was toch steeds benieuwd.”
  31. 31. En de leerlingen? 5 4 3 2 Artikelen te moeilijk 1 0 2 4 6 8 10“Goed niveau, al waren de artikelen wat te moeilijk. Maar even googlen naar termen werkte”
  32. 32. En de leerlingen?5432 Genoeg keuzemogelijkheden tijdens practicum1 0 1 2 3 4 5 6 7 8 9
  33. 33. En vervolgens….• Differentiëren op het niveau van het practicum: Ontwerp een experiment om de relatie tussen auxine en apicale dominantie te onderzoeken. Voor dit experiment heb je de beschikking over: -10 bonenplanten en auxine of• 10 bonenplanten• Zuiver lanoline• Lanoline met 10,100 en 1000 ppm IAA.
  34. 34. En nu jullie:• Kies een practicumvoorschrift• Zoek een partner (of 2)• Vul het schema in• Klaar?• Bouw het practicum om volgens methode- Bea en/of methode-Heleen• Alweer klaar?• Kies een ander practicum
  35. 35. Aandachtspunten:• Hoeveel leerdoelen heb je per practicum aangevinkt?• Is er een spreiding over A, B en C?• Moet die spreiding er zijn?• Mik je altijd op dezelfde leerdoelen bij een proef of practicum?
  36. 36. . Afsluiting•Schrijf twee punten op over praktischwerk die je over deze bijeenkomst aancollega‟s wilt vertellen.•Noteer één actiepunt dat je op kortetermijn gaat uitvoeren
  37. 37. Improving Practical Work in Science"Practical work will always have a key role in science teaching. The challenge is to find ways to make it a great deal more effective as a teaching and learning strategy than it is at present… Improvement is not a matter of doing more practical work, but of doing better practical work." Miller and Abrahams, 2009

×