De Veiligheidskundige, Henk Dolleman

1,523 views

Published on

Functieprofiel veiligheidskundige

0 Comments
1 Like
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

No Downloads
Views
Total views
1,523
On SlideShare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
12
Actions
Shares
0
Downloads
11
Comments
0
Likes
1
Embeds 0
No embeds

No notes for slide

De Veiligheidskundige, Henk Dolleman

  1. 1. De veiligheidskundigeHenk DollemanDeze bijdrage gaat in op de functie van de veiligheidskundige. Aan de ordekomen de ontwikkeling van de discipline veiligheidskunde, het centrale be-grip van het vakgebied (risico) en de wetgeving als belangrijk instrumentvoor de veiligheidskundige. Vervolgens komt het profiel van de veiligheids-kundige aan de orde, waarna wordt ingegaan op de werkzaamheden. Tenslotte volgen een samenvatting en enige literatuurverwijzingen.1 Ontwikkeling van de disciplineAan het begin van de twintigste eeuw ontstond maatschappelijk aandachtvoor ongevallen op de werkvloer. Grote bedrijven stelden aparte veilig-heidsinspecteurs aan die toezicht moesten houden op de veiligheid.In 1934 werd de Veiligheidswet van kracht. Die wet en met name het Uit-voeringsbesluit veiligheidsbesluit fabrieken of werkplaatsen uit 1938, be-vatte veel gedetailleerde veiligheidsvoorschriften. Er was echter nog geenverplichting tot het hebben van een veiligheidsdienst.Met de komst van de (eerste) Arbeidsomstandighedenwet (Stb. 1980, 664)heeft de functie van veiligheidskundige een wettelijke basis gekregen doorhet Besluit verplichtstelling veiligheidsdiensten (Stb. 1 989, 304) en het Be-sluit eisen veiligheidsdiensten (Stb. 1 989, 305). Bij de inwerkingtreding vandeze besluiten kregen veiligheidsdiensten in bedrijven met een hoog risico,en dus de veiligheidskundigen aldaar, een wettelijke basis bij de invullingvan het aspect veiligheid in verband met arbeid. Er waren in die bedrij-GWK 4/9 12.6- 1
  2. 2. DE VEILIGHEIDSKUNDIGEven twee deskundige diensten, een bedrijfsgezondheidsdienst en een veilig-heidsdienst.Begin jaren negentig werd de wettelijke verplichting voor risicovolle be-drijven tot het hebben van een veiligheidsdienst en een gezondheidsdienstafgeschaft en werden alle bedrijven verplicht zich aan te sluiten bij een Ar-bodienst. De veiligheidskundige werd toen een van de (verplichte) kerndes-kundigen van de gecertificeerde Arbodienst.De werkzaamheden van een veiligheidskundige zijn het verlenen van mede-werking aan het verrichten, opstellen en toetsen van een risico-inventarisa-tie en -evaluatie (RI&E), het adviseren daarover en het adviseren over enhet uitvoeren van de maatregelen of de medewerking daaraan.Van de veiligheidskundigen werkt 17% als veiligheidskundige in een exter-ne Arbodienst, waarin ze zich vooral richten op de risico-inventarisatie en-evaluatie en het adviseren daarover. Verreweg de meeste veiligheidskundi-gen (66%) werken in bedrijven en voeren alle hiervoor genoemde werk-zaamheden van een veiligheidskundige uit, met name het adviseren over enmeewerken aan de uitvoering van maatregelen. Daarbij richten zij zich nietalleen op de veiligheid van de medewerkers, maar ook op de veiligheid vanomwonenden (het milieu), op verstoringen van de bedrijfsprocessen, enzo-voort. Ze zijn dus vooral werkzaam als `risicomanager.Om het begrip risicomanager en dus het werk van de veiligheidskundige verder te verduidelijken, wordt in de volgende paragraaf ingegaan op liet begrip `risico.2 Risico: het centrale begrip van de disciplineDe ene vindt roken niet risicovol, de andere wel. Wat is nu een risico? Watheeft een risico te maken met veiligheid en onveiligheid?Om te beginnen is een veilige situatie een situatie waarbij er praktisch geenbedreiging is. Een situatie waarin kans is op bedreiging wordt `risicovolgenoemd. Een risico wordt daarom omschreven als een samenstelling vaneen bepaald scenario (de situatie), de kans dat het scenario zich voordoet eneen effect (gezondheidsaantasting of schade).Effecten, zoals ongevallen, maar ook bijna-ongevallen, onveilige situatiesen slechte arbeidsomstandigheden, worden veroorzaakt doordat in een sce-nario diverse handelingen elkaar opvolgen of tegelijkertijd plaatsvinden enop elkaar ingrijpen. Figuur 1 geeft een voorbeeld van een scenario, namelijkeen etherdampexplosie.1 2.6-2 GWK 4110
  3. 3. DE VEILIGHEIDSKUNDIGEFiguur 1 Voorbeeld van een scenario; etherdampexplosie Uitzendkracht Portier kent als Pooier instructies niet Veiligheidsmaatregelen 4Basisrisicofactoren Voorlichting - 41 Bramhneldpancel en onderricht Brandwonden onovcr.ichtclijk niet in orde Procedures Geen goede niet in orde veiligheidsbril Oogletsel Etherdamp- ltouwkundige Goedkope ether explosie voorzieningen zelf opwerken i.p.v. niet in orde hoogwaardige. dure etherinkopen Ether slrrxrml op elektrische G o toenicht op de plaat Met elektra werkplek verwarmen t. v. "]el ster Fioold laboratorium Destillatie . neon[ te hoge kolom risicos stroml over Thermostaat verwarming defect? Ge ncontrole op apparatuur Drukontlasting kolom defectGWK 4/11 12.6- 3
  4. 4. DE VEILIGHEIDSKUNDIGEBij risicos die hun oorzaak hebben binnen een bedrijf kan het effect aan-tasting van de gezondheid van werknemers en derden binnen het bedrijfzijn. Men spreekt in dat verband van arbeidsveiligheid (en van arbeidsvei-ligheidskundigen). Als het effect bij risicos die hun oorzaak hebben binneneen bedrijf niet alleen aantasting van de gezondheid van werknemers enderden binnen het bedrijf is, maar `alle schade binnen en buiten het bedrijf,dan spreekt men van bedrijfsveiligheid (en van bedrijfsveiligheidskundi-gen). De arbeidsveiligheid is dus een onderdeel van de bedrijfsveiligheid.Arbeids- en bedrijfsveiligheidskundigen beperken zich tot scenarios waar-in techniek en systemen (organisatie, procedures, enzovoort) een rol spelen.Agressie en diefstal, dus bedreigingen door personen in plaats van doortechniek en systemen, behoren niet tot het werkterrein van de arbeidsveilig-heid en de bedrijfsveiligheid, maar tot de sociale veiligheid. Ook bedreigin-gen die vooral hun oorsprong hebben in de wisselwerking tussen de indivi-duele mens en de omgeving (dus in de afweging tussen belasting enbelastbaarheid), zoals werkdruk en stress, horen niet tot het werkterrein vanveiligheidskundigen.Veiligheidskundigen kijken dus met een fysische/chemische/biologische invalshoek naar scenarios. Zij beginnen met effecten in die termen te defi- niëren, waarbij gebruikgemaakt kan worden van een classificatiemodel. Classihcatieinodel van risico • Fvsi. c1 Explosie Elektriciteit Niet-ioniserende straling loniserende straling Geluid Mechanische energie wallen, struikelen. klemnien, enzovoort) Thermische energie (hitte, koude) Chunnisch • Bnund • Chemicaliën Bit /t is uh • Bioli ische agentia • Niet-hiologische agentia (stof, asbest, enznvoo11t12.6- 4 GWK 4/12
  5. 5. DE VEILIGHEIDSKUNDIGEEen veiligheidskundige zou een ongevalsonderzoek voor het voorbeeld infiguur 1 beginnen met het item `explosie en vervolgens alle items ter linker-en rechterzijde systematisch invullen en nader onderzoeken. Als in een be-paald ongeval het effect niet `explosie is, maar bijvoorbeeld `vallen/struikelen (dus een andere ongewilde plotselinge overdracht van mecha-nische energie), zal hij (of zij) `vallen/struikelen centraal stellen.Vei1igheidskundigen verstaan onder veiligheidsmaatregelen meestal deaanvullende maatregelen die erop gericht zijn kennelijk onvermijdelijke ri-sicos van een activiteit tot een aanvaardbaar niveau terug te brengen. Voorhet voorbeeld in figuur 1 zijn veiligheidsbrillen en een bedrijfshulpverle-ningsploeg de veiligheidsmaatregelen. Onder restrisico wordt het risico ver-staan dat overblijft nadat de veiligheidsmaatregelen zijn getroffen.De bedrijfsveiligheidskundigen beperkten zich vroeger - in de jaren dertig- tot het houden van toezicht en ook waren zij verantwoordelijk voor deveiligheidsmaatregelen. Thans richten zij zich op het gehele scenario, waar-bij vooral de laatste jaren veel aandacht is voor managementaspecten. Daar-bij is de arbeidsveiligheid een aandachtspunt, maar ook bijvoorbeeld de risi-cos voor de omgeving (externe veiligheid, het milieu). Zij houden nietalleen toezicht, maar adviseren en ondersteunen de werkgever bij de opstel-ling van alle mogelijke maatregelen. Ze zijn dus `risicomanager geworden.In de algemene definitie van de veiligheidskunde is geen onderscheid ge-maakt tussen risicos die zich op korte termijn manifesteren (ongevallen, deklassieke veiligheid), de risicos die zich op langere termijn manifesteren(de arbeidshygiëne), en de risicos die zich buiten het bedrijf manifesteren(de externe veiligheid, het milieu). Daarmee wordt niet gezegd dat een vei-ligheidskundige ook arbeidshygiënist of stralingsdeskundige is. De veilig-heidskundige moet wel kunnen inschatten wanneer inbreng van deze spe-cialisten - en van een specialist inzake managementsystemen, zoals dearbeids- en organisatiedeskundige - noodzakelijk is.3 Risico of regels?De veiligheidskundige is dus niet meer de controleur van de regelgevingzoals hij dat vroeger was. Die verandering is niet zozeer bewerkstelligddoor een vereenvoudiging van de regelgeving. De regelgeving is eerder ge-detailleerder geworden door de vele verwijzingen naar uiterst gedetailleerdeNEN-normen in de huidige Arboregelgeving en door gedetailleerde Euro-pese regelgeving. Ook de structuur van de Nederlandse regelgeving is min-GWK 4/13 12.6-5
  6. 6. DE VEILIGHEIDSKUNDIGEder inzichtelijk geworden. Het is de afgelopen jaren eerder moeilijker daneenvoudiger geworden om de weg te vinden in de regelgeving.Wel blijft wet- en regelgeving een onmisbaar instrument voor de veilig-heidskundige. Hij hoeft door die regelgeving niet in elke situatie alle maat-regelen opnieuw te bedenken en kan vaak terugvallen op wat er al in deregelgeving staat.De ervaring leert echter dat het niet zinnig is in voorkomende gevallen eenadvies te beginnen met een verwijzing naar die Arboregelgeving. Vaak isdat zelfs contraproductief. Regelgeving wordt vaak als knellend ervaren,waardoor bij voorbaat weerstand wordt opgewekt. Bij adviezen zal lietdaarom vaak zinvol zijn om in eerste instantie aandacht te schenken aan derisicos en eventueel - als dat zinvol is - te vervolgen met de mededelingdat de wetgever die noodzaak heeft onderkend en dat er daarom voor diespecifieke situatie regelgeving is.In de praktijk van alledag zijn er bovendien talloze situaties waarvoor geenregels zijn. De veiligheidskundige zal dan op basis van zijn deskundig oor-deel een advies geven over de hoogte van het risico en de mogelijke oplos-singsrichtingen.In figuur 2 is de structuur van de Arbowetgeving aangegeven. Bovenaanstaat de grondwet en hoe verder naar beneden in de wetgevingspyramide,des te gedetailleerder wordt de regelgeving.Veiligheidskundigen hebben naast de wetgeving die in figuur 2 vermeld iste maken met vele andere wetten, zoals de Kernenergiewet, de Wet Milieu-beheer, de Woningwet (in het bijzonder het deel dat zich richt op bedrijfsge-bouwen), de regelgeving inzake brandveiligheid, enzovoort. Van belangdaarbij is dat 80% van de detailregelgeving in deze wetten thans geënt is opde Europese regelgeving.4 Het profiel van de veiligheidskundigeIedere functionaris die zich binnen een onderneming bezighoudt met veilig-heid is een `veiligheidsfunctionaris, in het verleden ook wel aangeduid als ` veiligheidstechnicus en `veiligheidsinspecteur.Een deel van deze veiligheidsfunctionarissen heeft voor het uitoefenen vanhun functie een speciale opleiding genoten en kan dan gezien worden als ` deskundige oftewel een veiligheidskundige. Er worden daarbij twee ni-veaus onderscheiden, niveau 2: de middelbare veiligheidskundige (MVK)en niveau 3: de hogere veiligheidskundige (HVK) of de afgestudeerden vande postacademische MOSHE-opleiding (Master of Safety, Health and Envi-ronment).12. 6-6 GWK 4114
  7. 7. DE VEÏLIGHEIDSKUNDIGEFiguur 2 De structuur van de Arbowetgeving GA e Wijzigingen altijd langs Eerste en Tweedeb d Kamer (parlement).s e Grondwett Publicatie inStaatsblad. tr aa ic Art.19: Arbo It Ie Wijzigingen altijd langs Eerste en Tweede er Kamer (parlement). e r Arbowet d Publicatie inStaatsblad. e r Eerste en Tweede Kamer spelen een Arbobesluit geringere rol. Kabinet krijgt Algemene Maatregelen van Bestuur bevoegdheid regels vast te stellen. (AMvB) Publicatie in Staatsblad. Minister is gemachtigd om wijzigingen Arboregeling door te voeren. Ministeriële Regeling (MR) Publicatie in Staatscourant. Beleidsregels, Al-bladen, NEN, 70 stuks ca. 25 stuks ca. 80 directe wijzigingenBij multinationals of Angelsaksische bedrijven is er ook zon tweedeling enspreekt men van safety engineer of safety expert; i n Duitsland is het Sicher-heitsingenieur en Sicherheitstechniker.Aan de opleiding tot middelbare veiligheidskundige wordt de vooroplei-dingseis mbo gesteld. De middelbare veiligheidskundige beweegt zich overhet algemeen op het praktische vlak. Deze veiligheidskundige werkt bij ofvoor kleine ondernemingen met een eenvoudige organisatiestructuur.Aan de opleiding tot hogere veiligheidskundige wordt de vooropleidingseishbo of universiteit gesteld. De hogere veiligheidskundige beweegt zichmeer op het beleidsmatige vlak. Hij zal vaak een belangrijke bijdrage leve-ren aan het opzetten van het Arbo- en veiligheidsbeleid en moet tevens eenvertaalslag kunnen maken van het beleid naar praktische maatregelen. Invoorkomende gevallen zal hij ook de coordinatie en uitvoering van diemaatregelen voor zijn rekening nemen.Een verschil tussen een middelbare en hogere veiligheidskundige is ook datMVKers meestal voor het midden- en kleinbedrijf werken en HVKersvoor grotere bedrijven.GWK 4/15 12.6-7 v
  8. 8. DE VEILIGHEIDSKUNDIGEMomenteel zijn er circa 1.500 middelbare veiligheidskundigen en 900 hoge-re veiligheidskundigen in Nederland als zodanig opgeleid (zie ook tabel 1).Tabel 1 Gegevens opleidingen veiligheidskundige MVK (post-inbo) HVK (post-hbo) MOSHE (postacadenxisch)Totaal opgeleiden 1.500 900 1 08Studiebelasting (uren) 650 1.200 820Doorlooptijd (maanden) 15 27 15Veiligheidskundigen kennen ook een certificeringsregiem. Men kan gecer-tificeerd worden als men naast voldoende vooropleiding in het vakgebiedwerkzaam is, voldoende bijscholing volgt en voldoende werkervaring heeft.Van de 1.500 MVKers zijn er 65 gecertificeerd en van de 900 hogere vei-ligheidskundigen zijn er 363 gecertificeerd.We kunnen drie typen veiligheidskundigen onderscheiden.1 ArbeidsveiligheidskundigeDe veiligheidskundige functie zoals beschreven in de Arbowet richt zich ophet bevorderen van de veiligheid van het arbeidsmilieu, dus op de arbeids-veiligheid. Er is dan sprake van een arbeidsveiligheidskundige die aanbeve-lingen doet aan de werkgever en de ondernemingsraad. Hij doet dit in sa-menwerking met de andere Arbodeskundigen en is in dit geval dus vooraleen van de vier Arbodeskundigen. Veiligheidskundigen werkzaam in exter-ne Arbodiensten zullen in het algemeen in dit profiel vallen. Het betreft 17%van het totale aantal veiligheidskundigen.2 BedrijfsveiligheidskundigeDe meeste veiligheidskundigen (66%) werken als bedrijfsveiligheidskundi-ge. De bedrijfsveiligheidskundige houdt zich vooral bezig met risicomana-gement. Hij doet zijn aanbevelingen niet zozeer aan het hoogste manage-ment, maar al in een eerder stadium aan de diverse medewerkers enorganisatorische onderdelen van het bedrijf. Hij moet ook aan het hoogstemanagement kunnen adviseren, al was het maar om het veelvoorkomendeverschijnsel te kunnen rapporteren dat een probleem in de organisatie blijftliggen omdat niemand de `probleemeigenaar wil zijn.In dit profiel is de veiligheidskundige vooral lid van het managementteamvan het bedrijf.12.6-8 GWK 4/16
  9. 9. DE VEILIGHEIDSKUNDIGEDeze veiligheidskundigen zijn werkzaam binnen bedrijven, zoals grote on-dernemingen waar veel en gecompliceerde risicos aanwezig zijn. Te den-ken valt aan chemische bedrijven, bouwbedrijven, researchinstellingen, de-fensie, enzovoort.3 Zelfstandig veiligheidskundigeIn toenemende mate werken veiligheidskundigen zelfstandig en verrichtenbijvoorbeeld advieswerkzaamheden voor certificerende instanties. Dit be-treft 17% van de veiligheidskundigen.Ieder van deze veiligheidskundigen begeeft zich geregeld op het gebied vande bedrijfskunde. Het doorschouwen van de bedrijfsstructuren en het beoor-delen van logistieke processen vormen de basis voor het doen van veilig-heidskundige verbeteringsvoorstellen.Deze ontwikkeling is mede in gang gezet door de theorievorming over on-gevallen, waarbij de nadruk op het zoeken naar `basisrisicofactoren kwamte liggen. Dit zijn oorzaken van ongevallen die in de sfeer van het manage-ment liggen. In liet voorbeeld van figuur 1 zijn `toezicht op de werkplek,` voorlichting en onderricht, `bouwkundige voorzieningen en `onveiligeprocedures basisrisicofactoren.De beroepsvereniging voor veiligheidskundigen is de Nederlandse Vereni-ging voor Veiligheidskunde (NVVK). Deze vereniging houdt haar ledenvan de laatste ontwikkelingen op de hoogte en organiseert bijvoorbeeld in-tervisiebijeenkomsten.De vereniging kent regiogroepen, bedrijfstakgroepen en vakgroepen; del aatste zijn gericht op bepaalde themas, zoals besturing van machines. Erzijn ongeveer 1.200 veiligheidskundigen (middelbare en hogere) aangeslo-ten bij deze vereniging.GWK 4117 12. 6-9
  10. 10. DE VEILIGHEIDSKUNDIGE5 De werkzaamheden van de veiligheidskundige5.1 AlgemeenDe werkzaamheden van de Arbodeskundigen zijn in de Arbowet artikel14.3 als volgt beschreven.` Het verlenen van bijstand aan de werkgever houdt in elk geval ina het verlenen van medewerking aan het verrichten en opstellen van eeninventarisatie en evaluatie, waaronder mede begrepen liet toetsen ervan enhet adviseren daaromtrent;b bijstand aan zieke werknemers;c het uitvoeren van arbeidsgezondheidskundig onderzoek en de aanstel-lingskeuring;d het houden van een arbeidsomstandighedenspreekuur; e het adviseren aan de werknemersvertegenwoordiging over Arbomaatre- gelen; f het uitvoeren van de Arbomaatregelen of de medewerking daaraan.De veiligheidskundige houdt zich niet bezig met bijstand aan zieke werkne-mers en met arbeidsgezondheidskundig onderzoek. Ook is in het algemeennog geen vorm gegeven aan zijn bijdrage aan het arbeidsomstandigheden-spreekuur.Wel worden de andere taken uitgevoerd (dus het genoemde onder a, e en f).Deze taken worden hierna nader uitgewerkt. In deze paragraaf wordt geenverschil gemaakt tussen de arbeidsveiligheidskundige en de bedrijfsveilig-heidskundige, tenzij dat expliciet wordt aangegeven.5.2 Meewerken aan de RI&EIn de Arbowet staat over de risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E) hetvolgende vermeld. ` Artikel 5 Inventarisatie en evaluatie van risicos Bij het voeren van het arbeidsomstandighedenbeleid legt de werkgever in een inventarisatie en evaluatie schriftelijk vast welke risicos de arbeid voor de werknemers met zich meebrengt. Deze inventarisatie en evaluatie bevat tevens een beschrijving van de gevaren en de risicobeperkende maatregelen en de risicos voor bijzondere categorieën van werknemers. De werkgever is tevens verplicht om als onderdeel van de inventarisatie en evaluatie een 12. 6-10 GWK 4118
  11. 11. DE VEILIGHEIDSKUNDIGEregistratie bij te houden van arbeidsongevallen die voor de werknemershebben geleid tot een ziekteverzuim.In kleine bedrijven kan de ondersteuning van de veiligheidskundige bij deRI&E bestaan uit een toetsing ervan. De RI&E is dan door medewerkersvan het bedrijf zelf aan de hand van een branche-instrument uitgevoerd.Meestal wordt in kleine bedrijven de RI&E echter uitgevoerd door Arbo-diensten of adviesbureaus.Bij de uitvoering door Arbodiensten wordt geregeld gebruikgemaakt vanchecklisten. Met deze checklisten kan de veiligheidskundige snel en be-trouwbaar de mankementen vaststellen op diverse niveaus. Zo kan hij erbijvoorbeeld achter komen dat er in het bedrijf pictogrammen ontbreken diewaarschuwen dat onbevoegden bepaalde ruimtes niet mogen betreden ofdie wijzen op de verplichte aanwezigheid van een vaste omhullende af- scherming (zie figuur 3).Figuur 3 Voorbeelden van pictogrammen Verboden voor onbevoegdenIn grote bedrijven en in bedrijven met complexe risicos zijn checklists inhet algemeen niet toereikend en zal de RI&E vaak intern door deskundigenuit het bedrijf zelf worden uitgevoerd, waarna toetsing door een interne ofexterne Arbodienst plaats zal vinden.GWK 4/19 12.6-11
  12. 12. DE VEILIGHEIDSKUNDIGE5.3 OngevalonderzoekOngevalonderzoek is geen wettelijke verplichting, maar is daarom niet min-der belangrijk. Het is eigenlijk een onmisbaar instrument bij de uitvoeringvan een RI&E. Het zal zelfs vaak zo zijn dat een ongeval een signaal is dateen RI&E niet meer actueel is en dat er dus een nieuwe RI&E nodig is. Indie nieuwe RI&E zal onderzoek van het desbetreffende ongeval een onder-deel moeten zijn.Goed ongevalonderzoek doen is niet eenvoudig. Een ongevalonderzoek be-hoeft geen deel uit te maken van een RI&E en zou ook door een niet-veiligheidskundige uitgevoerd kunnen worden.Het ongevalonderzoek mondt uiteindelijk uit in een verslag waarin de toe-dracht van het ongeval is opgetekend, evenals de basisoorzaken die geleidhebben tot het ongeval en de maatregelen die nodig zijn om herhaling tevoorkomen. Met name grote bedrijven hebben een standaardongevallenfor-mulier, dat meestal ontworpen is door een veiligheidskundige. In grote be-drijven wordt vaak een databank opgezet waarmee op basis van de ongeval-meldingen een statistische analyse kan worden uitgevoerd en een trend inhet ontstaan van ongevallen kan worden herkend.Een voorbeeld van een formulier is weergegeven in figuur 4.5.4 Adviseren over het plan van aanpak en over maatregelenEen bedrijf moet voor de Arbozorg een beleid voeren. Zon beleid begintmet de `wil van het bedrijf om de Arbozorg te optimaliseren. Na de RI&E` weet het bedrijf waar het staat op het gebied van Arbo en veiligheid, hetbedrijf `weegt de geconstateerde knelpunten af (het plan van aanpak), hetbedrijf gaat `werken aan verbeteringen en het bedrijf `waakt over de uit-voering. Deze cyclus wordt geregeld (jaarlijks of driejaarlijks) doorlopen enwordt de 5-W-cyclus genoemd (zie ook figuur 5).In de wet staat specifiek over het plan van aanpak het volgende vermeld. ` Artikel 5 Inventarisatie en evaluatie van risicosEen plan van aanpak, waarin is aangegeven welke maatregelen zullen wor-den genomen in verband met de bedoelde risicos en de samenhang daartus-sen een en ander overeenkomstig artikel 3, maakt deel uit van de inventari-satie en evaluatie. In het plan van aanpak, over de uitvoering waarvanjaarlijks schriftelijk wordt gerapporteerd, wordt tevens aangegeven binnenwelke termijn deze maatregelen zullen worden genomen. De werkgevervoert over de jaarlijkse rapportage vooraf overleg met de ondernemings- I 2.6-12 GWK 4/20
  13. 13. DE VEILIGHEIDSKUNDIGEFiguur 4 Voorbeeld van een standaardongevallenformulier Melding, registratie en onderzoek van ongevallen met verzuim Datum: RAPPORT VOOR ONGEVALLEN MET VERZUIM TE VERZORGEN DOOR EERSTVERANTWOORDELIJK LEIDINGGEVENDE EN BINNEN EEN WEEKTE STUREN NAAR VEILIGHEIDSKUNDIGEBetreft ongeval d.d - Project GetroffeneToedracht volgens getroffene: ...........Oorzaken die volgens eerstverantwoordelijk l eidinggevende hebben bijgedragen/geleid tot het ongevalOmstandigheden (voorbeelden) Handeling (voorbeelden) Organisatie (voorbeelden)0 Onvoldoende beveiligd gereedschap 0 Werk uitgevoerd zonder opdracht 0 Onvoldoende gekwalificeerd personeel0 Onvoldoende beveiligde werklokatie 0 Uitschakelen van beveiliging 0 Niet voorzien in werkvoorbereiding0 Onvoldoende verlichting 0 Gebruik onjuist gereedschap 0 Onjuiste planning werkzaamhedenO Onvoldoende ventilatie 0 Onveilig gebruik gereedschap 0 Onvoldoende overleglafstemming0 Gebrek aan orde en netheid 0 Onveilig laden, stuwen, stapelen 0 Incompleet materiaal/materieel0 Teveel omgevingslawaai 0 Innemen onveilige plaats/houding 0 Onjuiste afmeting/kwaliteit materiaal 0 Werken op/aan gevaarlijke delen 0 Onjuiste etikettering/verpakking O Afleiden, plagen, stoeien 0 0 Geen gebruik pers. beschermingsmiddelen Toelichting: .................................. Voorgestelde maatregelen en/of genomen besluiten: Handtekening manager: Datum: I n te vullen door VEILIGHEIDSKUNDIGEOordeel over ongeval, voorgestelde maatregelen en/of Nagekomen informatie over IetseVschadegenomen besluitenDefinitieve maatregelen Kopie 0 Directie OOR/Commissie VGM 0 Arbodienst 0 Getroffene Hervatting werk d.d.:Paraaf directeur Aantal verzuimde werkdagen:Datum: Volgnr. ongevalsregister _GWK 4/21 12. 6-13
  14. 14. DE VEILIGHEIDSKUNDIGEraad, de personeelsvertegenwoordiging, of, bij het ontbreken daarvan, metde belanghebbende werknemers. Bij dit overleg komt in ieder geval aan deorde het al dan niet meer actueel zijn van de risico-inventarisatie en -evalua-tie.Vaak is het zo dat een hogere veiligheidskundige (HVK) met de arbeidshy-giënist samenwerkt en een voortrekkersrol vervult in de uitvoering van eenRI&E.De veiligheidskundige kan naar aanleiding van de uitgevoerde RI&E hetbedrijf ondersteunen bij het opstellen van het plan van aanpak. Hij zal advi-seren hoe technische en organisatorische verbeteringen gerealiseerd kunnenworden. De advisering over maatregelen hoeft zich echter niet te beperkentot advisering bij de opstelling van het plan van aanpak.Voor veiligheidskundigen werkzaam binnen het bedrijf zal de adviserendetaak een van de hoofdtaken zijn. De adviezen kunnen een groot gebied be-slaan, variërend van pure technische veiligheid, tot het opzetten en imple-menteren van een veiligheidszorgsysteem.Figuur 5 Regelkring Arbo; de 5-W-cyclus Willen (intentie) Weten (RI&E) Waken Wegen (verslag) (plannen) Werken (uitvoering) 12. 6-14 GWK 4/22
  15. 15. DE VEILIGHEIDSKUNDIGE5.5 Meewerken aan de inventarisatie en het opzetten van de bedrijfshulp-verleningHet meewerken aan de bedrijfshulpverlening kan worden gezien als onder-deel van de andere taken van de Arbodienst, maar wordt hier apart vermeldomdat deze werkgeversverplichting in de Arboregelgeving zo specifiek isuitgewerkt. In de artikelen 3 en 15 van de Arbeidsomstandighedenwet 1998,i n artikel 2 van het Arbeidsomstandighedenbesluit en in Beleidsregel 2.21Bedrijfshulpverlening (BHV) is het planmatig, snel en effectief beperken enbestrijden van de gevolgen van ongevallen of brand omschreven.Ongewenste gebeurtenissen kunnen soms leiden tot schade of ernstig letselof de dood van werknemers of derden. Bedrijfshulpverleners (BHVers)bieden hulp in de periode tussen het tijdstip van een ongeval of brand en hetarriveren van de professionele hulpverleners van de brandweer, politie ofambulance. Ook zorgen zij voor alarmering van de professionele hulpverle-ning en het begeleiden en assisteren ervan.De werkgever is verplicht één of meer werknemers aan te wijzen als be-drijfshulpverlener. Deze bedrijfshulpverlener(s) moet(en) in ieder geval devolgende vier taken uitvoeren:- verlenen van eerste hulp bij ongevallen;- beperken en bestrijden van brand;- voorkomen en beperken van ongevallen;- in noodsituaties alarmeren en evacueren van alle werknemers en andere personen in het gebouw en het alarmeren van en samenwerken met hulp- verleningsorganisaties.De-veiligheidskundige kan als onderdeel van de RI&E vaststellen of organi-saties voldoende technische en organisatorische maatregelen hebben geno-men om te verwachten incidenten op te vangen. In de RI&E moet rekeningworden gehouden met risicovolle factoren, zoals het aantal aanwezige per-sonen, risicovolle processen of gevaarlijke stoffen, brandveiligheid enouderdom van de gebouwen, aanwezige risicogroepen, gedrag van perso-nen, enzovoort.In zijn ondersteunende taak kan de veiligheidskundige een bedrijfsnoodplanopstellen (een organisatorische maatregel), waarin staat omschreven wat tedoen bij calamiteiten, zoals brand, vrijkomende chemische stoffen, enzo-voort. Als onderdeel van het bedrijfsnoodplan kan een plattegrond opgeno-men zijn waarin de vluchtroutes, de nooduitgangen, de plaats van de brand-blussers en EHBO-dozen zijn aangegeven. De veiligheidskundige on-GWK 4/23 12.6-15
  16. 16. DE VEILIGHEIDSKUNDIGEdersteuning hoeft zich niet te beperken tot de plannen, maar kan ook voor-lichting geven en oefeningen organiseren.5.6 Meewerken bij uitvoeren van maatregelenDe veiligheidskundige kan meewerken aan de uitvoering van maatregelen.Hij kan bijvoorbeeld ondersteuning bieden bij de opzet van een zorgsys-teem. Veel bedrijven hebben al een kwaliteitszorgsysteem op basis van deISO 9000-serie of milieuzorgsystemen op basis van de ISO 14000-serie.Met deze zorgsystemen die gecertificeerd kunnen worden, laten de bedrij-ven zien dat zij hun bedrijfskundige processen in de hand hebben. In diegevallen zal de veiligheidskundige in zijn adviespraktijk daarop aansluiten.Er zijn echter specifiek voor veiligheid certificeerbare zorgsystemen. Dezesystemen bevatten elementen die ertoe leiden dat bedrijven op een aantoon-bare wijze veilig werken. Wereldwijd wordt het International Safety RatingSystem van bureau DNV veel toegepast. Een ander veelgebruikt veilig- heidszorgsysteem is de Veiligheidschecklist aannemers (VCA). Deze wordt steeds meer toegepast door bouwgerelateerde bedrijven. De veiligheidskun- dige ondersteunt de opzet van de documenten behorend bij het veiligheids- zorgsysteern, geeft voorlichting en onderricht hierover binnen de onder- neming en is behulpzaam bij de implementatie van het veiligheidszorgsys- teem. Zorgsystemen opstellen is één, het toetsen of er ook werkelijk veilig wordt gewerkt is twee. Het geregeld vaststellen van de fysieke situatie is van we- zenlijk belang om ongevallen te voorkomen. Het gaat hier dus niet om een RI&E - die is immers bedoeld als startpunt voor te voeren beleid - maar om reguliere inspecties om na te gaan of het beleid daadwerkelijk wordt opge- volgd. Voor dit doel kunnen door de veiligheidskundige inspectielijsten op maat gemaakt worden die door de `lijn kunnen worden gebruikt, eventueel ondersteund door de veiligheidskundige. De resultaten van de inspectie zijn bijvoorbeeld dat vastgesteld is dat de brandblussers leeg zijn, de beveiligin- gen van machines gehaald zijn of dat de medewerkers onveilig handelen. De inspectieresultaten worden opgetekend en besproken in het manage- mentteam van het bedrijf. De veiligheidskundige kan de verbeteringsvoor- stellen bespreken. Ondersteuning bij de uitvoering van maatregelen kan op zeer veel andere manieren geboden worden. Een veiligheidskundige kan deze taak inhoud geven door voorlichting en onderricht te geven, maar hij kan ook als toe- zichthouder in een organisatie werken (bijvoorbeeld als toezichthoudende stralingsdeskundige), de verantwoordelijkheid hebben voor persoonlijke 1 2.6-16 GWK 4/24
  17. 17. DE VEILIGHEIDSKUNDIGEbeschermingsmiddelen en voor de logistiek van gevaarlijke stoffen en decontactpersoon zijn voor de communicatie met de toezichthoudende over-heid (Arbeidsinspectie).De uitvoerende taken staan soms op gespannen voet met de adviestaken.Vaak gaat het bij de uitvoering van taken immers om de eerder gedefinieer-de `veiligheidsmaatregelen. Want wie adviseert over de kwaliteit en de ri-sicos van de veiligheidsmaatregelen die de veiligheidskundige zelf uit-voert? Wie beoordeelt of de brandweer zijn taken bij het blussen goed heeftuitgevoerd? Wie beoordeelt of de toezichthoudend stral ingsdeskund ige ade-quaat toezicht houdt? Wat gebeurt er als een veiligheidskundige een vergis-sing maakt bij een advies over persoonlijke beschermingsmiddelen?Als een veiligheidskundige zowel adviserende als uitvoerende taken uitoe-fent, zijn goede afspraken over de scheiding van beide taken noodzakelijk.6 SamenvattingEr zijn ongeveer 2.500 opgeleide veiligheidskundigen in Nederland. Deveiligheidskundige is niet zozeer een toezichthouder maar eerder een des-kundige inzake risicos. De meeste veiligheidskundigen werken intern, bin-nen een bedrijf waar ze naast het geven van adviezen in het algemeen mee-werken aan de uitvoering van de noodzakelijke maatregelen. Diemaatregelen hebben betrekking op bijvoorbeeld bedrijfshulpverlening enpersoonlijke beschermingsmiddelen, maar betreffen ook beleidsmatige as-pecten, zoals ondersteuning bij de opstelling van een plan van aanpak.LiteratuurArbowet 1998, wet van 18 maart 1 999, artikel 5 Staatsblad 1999, 1 84.Groeneweg P. (1992), Controlling the controllable. DSWO Press, Leiden University.Huishoudelijk reglement Nederlandse Vereniging voor Veiligheidskunde, artikel 1 23-11-1995.Intomart (1999), Evaluatie NVVK; een onderzoek onder de leden.NVVK (1947-1997), Jubileum-onderzoek 1997, tabel 18.GN K 4125 12.6-17

×