Successfully reported this slideshow.
We use your LinkedIn profile and activity data to personalize ads and to show you more relevant ads. You can change your ad preferences anytime.

Maatwerk vereist buitenlandse kinderen mr magazine november 2015

581 views

Published on

Het aantal asielzoekers en vluchtelingen naar Nederland is het afgelopen jaar fors toegenomen. Hun kinderen en ook die van grote aantallen arbeidsmigranten zijn leerplichtig. Het Nederlandse onderwijs staat voor een enorme uitdaging. Hoe worden de kinderen opgevangen in het onderwijssysteem, zodat ze snel de taal leren en integreren in de Nederlandse samenleving?

Published in: Education
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

Maatwerk vereist buitenlandse kinderen mr magazine november 2015

  1. 1. 4 MR magazine, nummer 7, november 2015 Sterke toename buitenlandse kinderen MAATWERK VEREIST Het aantal asielzoekers en vluchtelingen naar Nederland is het afgelo- pen jaar fors toegenomen. Hun kinderen en ook die van grote aantal- len arbeidsmigranten zijn leerplichtig. Het Nederlandse onderwijs staat voor een enorme uitdaging. Hoe worden de kinderen opgevan- gen in het onderwijssysteem, zodat ze snel de taal leren en integre- ren in de Nederlandse samenleving? Frederik Smit N aar schatting ontvangt Neder- land in 2015 ruim 35 duizend asielzoekers, met name uit Sy- rië en Eritrea. De schattingen worden maandelijks naar boven bijgesteld. De overgrote meerderheid van de vluchtelin- gen blijft hier, zo leert de geschiedenis. Daarnaast zijn de afgelopen jaren zo'n 400.000 arbeidsmigranten met hun kin- deren in Nederland komen wonen, voor- namelijk afkomstig uit Polen, Roemenië en Bulgarije. Hierdoor is er een forse toe- loop ontstaan naar Nederlandse basis- scholen en scholen voor voortgezet on- derwijs. Drie voorbeelden uit de praktijk. Het Mozaïek De excellente openbare basisschool Het Mozaïek in Arnhem verzorgt onderwijs aan asielzoekerskinderen in de Proces Opvang Locatie (POL) van het Centraal Orgaan Asielzoekers (COA). Leerkracht Diantha de Kinkelder, vertelt: 'Naast de eetzaal zijn twee klaslokalen ingericht waar we de kinderen lesgeven. De kinde- ren die in het asielzoekerscentrum wo- nen, zijn zeer gemotiveerd om naar school te gaan. Ruim voordat we 's och- tends beginnen staan ze al te wachten om naar binnen te mogen. Dagelijks zijn er vijf tot vijftien kinderen aanwezig. Ze blijven ongeveer zes weken, voordat dui- delijk is of hun asielaanvragen zijn toege- wezen. Daarna stromen ze door naar an- dere locaties.’ In de POL wordt lesge- geven aan een onderbouwgroep met leer- lingen in de leeftijd van vier tot acht jaar en een bovenbouwgroep met leerlingen van acht tot veertien jaar. Binnen de school zijn heldere regels en afspraken om kinderen een veilige en voorspelbare omgeving te bieden. De Kinkelder: ‘De kinderen spreken over het algemeen wei- nig tot geen Nederlands, soms Engels. Om de zelfredzaamheid van de kinderen te vergroten en de aansluiting bij een Ne- derlandse school zo soepel mogelijk te laten verlopen, staan de Nederlandse taal en "schoolgewenning" centraal in onze aanpak.We zijn heel doelgericht bezig aan de hand van de kerndoelen van het basisonderwijs. Het doel is ze een zo goed mogelijke start te laten maken in het Nederlandse onderwijs. Het is heel dankbaar werk.’ Bij het besluit om vanuitDe asielzoekerskinderen in de Proces Opvang Locatie in Arnhem zijn zeer gemotiveerd.
  2. 2. MR magazine, nummer 7, november 2015 5 > Het Mozaïek een onderwijsproject voor asielzoekers te starten, is de mr uiteraard betrokken geweest. De raad heeft daar- over een positief advies uitgebracht. Zie ook artikel 11, lid eWms. Taalklassen Scholen kunnen kinderen van nieuwko- mers die korter dan een jaar in Neder- land wonen, aanmelden voor taalklassen of taalscholen, neveninstroomprojecten, (internationale) schakelklassen en exper- tisecentra voor anderstaligen. De ouders dienen hiervoor toestemming te geven (art. 165WPO). De focus van de lessen in deze klassen of scholen is gericht op het leren van de Nederlandse taal. De kinderen boeken over het algemeen méér leerwinst dan vergelijkbare kinderen die niet in een taalklas hebben gezeten. Na zo'n één tot anderhalf jaar kunnen de kinderen doorgaans doorstromen naar het reguliere onderwijs. Deze aanpak blijkt een effectief instrument te zijn om de kinderen te laten integreren in het Nederlandse schoolsysteem. De gemeen- tenVlaardingen en Schiedam zijn een aantal jaren geleden het neveninstroom- project De Globe en de schakelklas De InternationaleVos gestart. Met de toele- verende scholen zijn afspraken gemaakt over de functies van het project en de schakelklas, de te gebruiken lesmethoden, de grootte van de groepen en welke leer- lingen te plaatsen. De medezeggen- schapsraden zijn hierin gekend (art. 8 Wms) en hebben de openheid en het on- derling overleg binnen de schoolorgani- saties over dit onderwerp bevorderd (art. 7, lid 1Wms). Daarnaast hebben ze schriftelijk verslag gedaan van hun werk- zaamheden (art. 7, lid 3Wms). De Globe Neveninstroomproject De Globe in Vlaardingen heeft de ambitie om kinde- ren van nieuwkomers van zes tot en met twaalf jaar een veilige basis te bieden, hen zo snel mogelijk goed Nederlands te le- ren en ze te laten wennen aan het Neder- landse onderwijssysteem. Naast veel taal en rekenen krijgen de kinderen ook gym- nastiek, wereldoriëntatie, muziek en dra- malessen aangeboden. Op dit moment zijn er 45 leerlingen, verdeeld over vier groepen en er werken vijf leerkrachten, drie onderwijsassistenten en een IB-er. Meer dan de helft van de leerlingen zijn vluchtelingen en dat aantal neemt toe. Elke groep heeft weer zijn specifieke ken- merken. Locatiedirecteur Liset Dagelet: ‘De opleiding van de ouders van de kin- deren van vluchtelingen varieert van re- delijk hoog opgeleid tot analfabeet, een heel diverse groep dus.We leren de kin- deren en hun ouders hoe te functioneren in de Nederlandse cultuur.Wat zijn de normen en waarden en wat kunnen school en ouders van elkaar verwachten?’ De tweede grote groep zijn de arbeidsmi- Taal is het grootste probleem De leerlingen van De InternationaleVos in Schiedam, hier tijdens introductieweek, zijn voornamelijk afkomstig uit Afrika, Polen en Syrië.
  3. 3. 6 MR magazine, nummer 7, november 2015 granten. ‘Kinderen van arbeidsmigranten zijn soms vervreemd van hun ouders, omdat ze na lange tijd weer contact met elkaar hebben.Vaak zijn deze kinderen als "prinsjes en prinsesjes" verwend door opa en oma in het land van herkomst. Veel ouders maken zeer lange werkdagen en komen ’s avonds laat bekaf thuis. De kinderen zijn grotendeels op zichzelf aangewezen, ook op jonge leeftijd. Ze re- ageren soms zeer "mat" in lessituaties, omdat ze vaak tegen wil en dank in Ne- derland zijn.’ Een personeelslid van De Globe neemt binnenkort zitting in de mr, waarin drie scholen met hetzelfde BRIN-nummer zijn vertegenwoordigd. ‘Dat is belang- rijk’, geeft Dagelet aan, ‘omdat de op- vang van vluchtelingen waarschijnlijk va- ker tijdens de mr-vergaderingen op de agenda zal staan. De ouders van onze leerlingen hebben geen zitting in de mr. Naast het taalprobleem zijn ze ook bezig met het opbouwen van een nieuw leven. Bovendien hebben de kinderen hier maar een tot anderhalf jaar onderwijs.' De Internationale Vos Kinderen van nieuwkomers tussen twaalf en achttien jaar kunnen in de regioVlaar- dingen en Schiedam terecht bij De Inter- nationaleVos, een openbare school voor voortgezet onderwijs in Schiedam. De school brengt deze kinderen de nodige kennis en vaardigheden bij om in het re- guliere voortgezet onderwijs te kunnen functioneren. Het lesprogramma richt zich voornamelijk op het Nederlands, on- dersteund door vakken die aangeboden worden binnen het reguliere onderwijs. Leidinggevende MarcelToebosch: ‘We hebben hier 17 docenten die lesgeven aan 140 buitenlandse leerlingen. Op ba- sis van een intelligentie- en rekentest worden de leerlingen toegelaten. Het ni- veau van de leerlingen varieert van prak- tijkonderwijs tot en met vmbo. Soms heeft een leerling havo/vwo-niveau.’ De ouders van de kinderen zijn arbeidsmi- granten uit onder meer Afrika en Polen en vluchtelingen uit met name Syrië. Toebosch legt uit dat de communicatie met ouders lastig is. ‘In contacten met ouders maken we soms gebruik van een tolk, af en toe lukt het om in het Engels te communiceren.’ De docenten op de school reageren zeer flexibel op de leer- wensen en het gedrag van de leerlingen die nogal eens getraumatiseerd zijn. ‘Dit betekent vaak improviseren om leerlin- gen optimaal bij de lessen te betrekken. We laten bijvoorbeeld leerlingen hun mo- Van asielzoeker tot vluchteling In het volkenrecht is nergens vastgelegd dat er een algemene verplichting bestaat om mensen die hun land verlaten elders op te vangen, met uitzondering van de per- sonen die als vluchteling worden erkend. Een asielzoeker is iemand die een aanvraag om toelating als vluchteling heeft ingediend en in een asielzoekerscentrum woont in afwachting van de goedkeuring. Bij goedkeuring wordt de persoon een vluchteling op grond van hetVluchtelingenverdrag van Genève van 1951. Hij of zij is ‘een per- soon die in het herkomstland gegronde vrees heeft voor vervolging vanwege een godsdienstige of politieke overtuiging, nationaliteit, ras of het behoren tot een be- paalde sociale groep’. In Nederland helpt de StichtingVluchtelingenwerk asielzoe- kers bij hun asielaanvraag, behartigt hun belangen bij politici en bestuurders en helpt hen bij de integratie als ze een vergunning krijgen. Zodra asielzoekers een (tij- delijke) verblijfsvergunning krijgen, hebben ze afgezien van stemrecht dezelfde rechten als Nederlanders, zoals bijstand en een sociale huurwoning. Het kabinet heeft onlangs aangegeven asielzoekers met een verblijfsvergunning geen voorrang meer te geven bij de verdeling van sociale huurwoningen. Alle kinderen in Neder- land zijn van 5 tot 16 jaar leerplichtig. Dit geldt dus ook voor kinderen van asielzoe- kers, vluchtelingen en arbeidsmigranten. Binnen drie dagen na aankomst hebben zij recht op onderwijs. Begin 2015 kregen ongeveer 2.500 asielzoekerskinderen primair onderwijs en 2.063 volgden voortgezet onderwijs. Ook vissen stond op het programma tijdens de introductieweek van De InternationaleVos.
  4. 4. MR magazine, nummer 7, november 2015 7 Wie betaalt het onderwijs? Asiel- en vluchtelingenkinderen stromen op verschillende momenten in het jaar in en uit op een school. Schoolbesturen hebben voor deze leerlingen recht op de be- kostiging die voor alle leerlingen geldt. Daarnaast hebben ze in het basisonderwijs afhankelijk van de ‘categorie’ waarin de kinderen vallen, recht op aanvullende be- kostiging op basis van de Regeling bekostiging personeel PO 2015–2016. Hier- voor gelden andere peildata. Er zijn gemeenten die scholen ook nog eens extra be- kostigen. Schoolbesturen in het voortgezet onderwijs hebben daarnaast recht op aanvullende bekostiging op basis van de Regeling LeerplusarrangementVO, NieuwkomersVO en eerste opvangVreemdelingen 2009. De aanvullende perso- nele bekostiging in het voortgezet onderwijs ten behoeve van de eerste opvang is €4.500,- per 'vreemdeling' op jaarbasis. Omdat de asiel- en vluchtelingenkinderen vaak verhuizen naar een ander asielzoekerscentrum of naar een andere gemeente, is het voor scholen vaak moeilijk het onderwijsniveau van een kind te beoordelen. Recent onderzoek laat bovendien zien dat basisscholen niet altijd weten hoe ze ge- traumatiseerde kinderen moeten begeleiden. Schoolleiders vrezen ook dat de werkdruk voor leerkrachten nog verder oploopt. De onderwijsinspectie neemt de leerresultaten van de leerlingen de eerste vier jaar dat zij in Nederland wonen niet mee. Deze kinderen worden de eerste jaren dus niet worden gemonitord. Docenten in het primair en voortgezet onderwijs kunnen een beroep doen op een korte bijscholing om beter voorbereid te zijn op het lesgeven aan anderstaligen. Zie ook: www.verus.nl/nieuws/meer-ondersteuning-voor-onderwijs-aan-vluchte- lingenkinderen-geen-extra-geld. bieltjes gebruiken bij het vertalen van teksten. Een leerling die een half jaar lang voornamelijk voorover gebogen had gele- gen over z'n tafeltje, werd de tijd gegund om ''te landen'' in Nederland en is inmid- dels ijverig aan het werk.’ De Internatio- naleVos biedt leerlingen leertrajecten op maat aan. ‘We zijn aangesloten bij Zo.Leer.Ik!, een programma geïnspireerd op Kunskapsskolan EDucation, een be- wezen Zweeds onderwijsprogramma voor gepersonaliseerd leren. Zo'n vijftig scholen in Zweden, hetVerenigd Konink- rijk, deVerenigde Staten, Saudi-Arabië en India passen dit KED-programma in- middels toe.We merken dat de leerlingen in een korte tijd een enorme groei door- maken. Na zo’n twee jaar kunnen ze meestal wel instromen in het reguliere onderwijs. De focus van de lessen is ge- richt op het optimaliseren van het Ne- derlands.’ Ook in de mr van De InternationaleVos zitten alleen personeelsleden.Toebosch: ‘De ouders en leerlingen zijn onvoldoen- de toegerust om te functioneren in de raad. Daar moeten we misschien toch iets op zien te vinden.' < Dr. Frederik Smit is coördinator van het Expertisecentrum Ou- der, school en buurt verbonden aan het ITS, Radboud Universi- teit Nijmegen. • Scheffer, P. De exodus en ons geweten. NRC, 24-10 2015 • Vasterman, J. Scholen weten weinig over begeleiden asiel- zoekerskinderen met trauma’s, NRC, 5-10-2015. • www.verus.nl/onderwijs-aan- vluchtelingenkinderen/veelge- stelde-vragen-over-onderwijs- aan-vluchtelingenkinderen • Scholten, P., Benut de kans die een vluchteling biedt. Binnen- lands Bestuur, week 41, 2015 • Keulen, C. van, Perspectief van basisschoolleerkrachten op het onderwijs aan vluchtelingen- en/of asielzoekerskinderen in Nederland, Universiteit Utrecht. De kinderen moeten een zo goed mogelijke start maken in het Nederlandse onderwijs.

×