Successfully reported this slideshow.
We use your LinkedIn profile and activity data to personalize ads and to show you more relevant ads. You can change your ad preferences anytime.

Vikingen 3: maatschappij en economie

Dit is de derde diapresentatie in een reeks van vijf die deel uitmaken van een Amarant-cursusreeks over de Vikingen.

  • Be the first to comment

Vikingen 3: maatschappij en economie

  1. 1. “Verlos ons, Heer van de furie van de Noormannen!”
  2. 2. • Studeerde archeologie aan de K.U. Leuven • Docent en opleidingshoofd in de lerarenopleiding van MAD-faculty, hogeschool voor de kunsten, Limburg • Leerkracht cultuurvakken in het CVO Leuven • Amarantdocent sinds 2002 • Auteur van jeugdthrillers www.erwinclaes.com
  3. 3. Dat kan! U hoeft enkel te surfen naar: slideshare.net  gebruik zoektermen: erwinclaes7, Vikingen, Amarant
  4. 4. Vikingen 1. Inleiding 2. Historische Situering 3. Maatschappij 4. Religie 5. Materiële Cultuur
  5. 5. 3.1 Politieke organisatie 3.2 Economie 3.2.1 Landbouw 3.2.2 Handel 3.2.2.1 Hoe verliep de middeleeuwse handel? 3.2.2.2 Handelsroutes 3.2.2.3 Handelscentra 3.2.2.4 Geldeconomie 3.2.2.5 Handelswaar 3.3 Verhouding man-vrouw
  6. 6. Althing: volksvergadering  belangrijkste politieke orgaan in de vroege Vikingperiode Hierin zetelen afgevaardigden van zowel het lokale als het meer regionale niveau Vertegenwoordigde de maatschappelijk groep van beroepskrijgers, vrije boeren en gespecialiseerde ambachtslui  BONDI In de vroege Vikingperiode hadden zij veel inspraak in het politiek leven via hun deelname aan dit soort van volksvergaderingen.
  7. 7. was verantwoordelijk voor het uitvaardigen van wetten was verantwoordelijk voor het aanstellen van een koning of hoofdman die gekozen werd uit de leden van de leidende elite. diende ook als een soort rechtbank, waar de beklaagde zichzelf moest verdedigen tegenover de vergadering.
  8. 8. had zowel politieke als religieuze macht. moest de veiligheid, welvaart en eer van hun volk waarborgen moest verantwoording afleggen aan de volksvergadering, het Althing
  9. 9. Relatief democratische samenleving verdwijnt ten voordele van een meer gecentraliseerd koningschap Op het einde van de Vikingtijd houdt het Athing-systeem enkel stand in de meer afgelegen noordelijke kolonies
  10. 10. Het gros van de bevolking leidde een bestaan als zelfvoor-zienende landbouwer.
  11. 11. 3.2.2.1 Hoe verliep de middeleeuwse handel? 3.2.2.2 Handelsroutes 3.2.2.3 Handelscentra 3.2.2.4 Geldeconomie 3.2.2.5 Handelswaar
  12. 12. Scandinavische handelaren onderhielden levendige handelscontacten met Karolingisch Europa en ver daarbuiten Op die manier wisten de Vikingen maar al te goed wat de belangrijke handelscentra waren
  13. 13. Allereerst moest een koopman een voorraad aanleggen (door zelf in te kopen of producten te maken) Vervolgens verplaatste een koopman zich naar een andere markt waar hij (een deel van) zijn voorraad verkocht en lokale producten weer inkocht Dit proces herhaalde zich tot de koopman zijn oorspronkelijke voorraad had uitverkocht en hij enkel nog aangekochte goederen in zijn bezit had.
  14. 14. Dit systeem van rondreizende kooplui bood als grote voordeel dat bepaalde ambachtslui zich konden specialiseren en een voorraad opbouwen. Op die manier evolueerde de marktplaatsen tot knooppunten in de handelswegen, waaruit nederzettingen konden groeien.
  15. 15. Een koopman begeleidde zijn handelswaar altijd zelf. Er bestond in deze periode nog geen gespecialiseerde transporteurs. Daarom sloten kooplui vaak een akkoord met elkaar om te samen de koopwaar te vervoeren (en beschermen!).
  16. 16. Om de handel te vergemakkelijken werd met afgesproken eenheden gewerkt: standaard vaten (cfr onze containers) Standaard kisten. Deze kisten werden vaak hergebruikt. In Haithabu werden ze zelfs gerecycleerd tot sarcofagen voor de begraving.
  17. 17. De belangrijkste handelsroutes liepen over de oude Romeinse wegen en de zeer goed bevaarbare waterlopen. In de ons omliggende landen zijn verschillende platbodems teruggevonden die in deze tijd gebruikt werden.
  18. 18. In het Frankische gebied ging het vooral om stedelijke centra die letterlijk waren gebouwd op het puin en uit het puin van de oude Romeinse nederzettingen. Ook kloosters vormden belangrijke economische spelers omwille van de door hen beheerde landerijen. Daarnaast waren er ook nieuwgebouwde handelsnederzettingen als Haithabu en Dorestad vaak begonnen die als niet meer dan een tijdelijke marktplaats met een verzameling tenten. Na verloop van tijd evolueerde de tijdelijke marktplaats naar een permanente marktplaats met hutten en voorraadschuren.
  19. 19. regering van Karel de Grote zorgt voor een langdurige periode van vrede en stabiliteit die een belangrijke stimulans was voor de handel. Karolingische Denarius Wegens een gebrek aan goud was de Denarius in zilver Wordt ook in Scandinavië gebruikt
  20. 20. De waarde van de munten werd uitgedrukt in hun gewicht. alle handelaren  een kleine balans met gewichtjes om de munten te kunnen wegen Grote bedragen werden in Denarii uitbetaald kleine bedragen  hakzilver: juwelen of munten waar een stuk van wordt afgehakt.
  21. 21.  De Viking-handelaren waren vooral geïnteresseerd in: Duur importglas Frankische fibula en andere sieraden Kostbare Frankische keramiek (bvb: Tatinger-kannen) Frankische klingen: De Scandinavische gebieden hadden een chronisch gebrek aan goede kwaliteit ijzerertsen. ijzer-roer  moeras-ijzer, dat veel onzuiverheden bevat. Tekenend hierbij is hoe tot in de volle middeleeuwen verteld werd dat Scandinavische ridders na een zwaar duel of veldslag hun zwaarden met de voet moesten rechtbuigen. opmerkelijk: De waarde van de voorwerpen werd zowel door de pure materiële waarde bepaald als door de artistieke waarde.
  22. 22. Mannen en vrouwen hadden in de Vikingwereld een duidelijk onderscheidde sociale rol: Mannen bewerkten het land, visten, vochten en dreven handel vrouwen zijn meer aan het huis gebonden, wat geen eenvoudige opgave was. Alles moet zelf gemaakt worden.
  23. 23. De sociale rolverdeling lijkt ook archeologisch bevestigd te worden: Mannen krijgen traditioneel wapens mee als grafgift Vrouwen kregen als grafgift juwelen, spinklosjes, naalden, …
  24. 24. Huwelijken traditioneel geregeld d.m.v. onderhandelingen tussen de kandidaat-bruidegom en de vader van de bruid Toch had het meisje in kwestie weldegelijk inspraak in de keuze van haar echtgenoot Opvallend: huwelijk werd beschouwd als een overeenkomst tussen gelijken Bvb: beide partners brengen een bruidschat in, die altijd hun bezit bleef, ook na een eventuele scheiding
  25. 25. Vrouwen hadden in tegenstelling tot mannen geen inspraak in het politieke leven Vrouwen waren wel heer en meester over het huishouden dat ook de boerderij omvatte Ze oefende dan grote autoriteit uit over de slaven en eventuele horigen Die positie versterkte nog met de langdurige afwezigheid van de mannen die op strooptocht gingen
  26. 26. De Ijslandse saga’s lijken er ook op te wijzen dat vrouwen zich erg bekommerden om de goede naam van de familie Vaak zetten ze hun echtgenoten er toe aan om wraak te nemen voor bepaalde eer-kwesties.
  27. 27. geen bewijs dat vrouwen ook meevochten in tijden van oorlog, zoals dit bijvoorbeeld bij de Kelten wel gebeurde.

×