Successfully reported this slideshow.
We use your LinkedIn profile and activity data to personalize ads and to show you more relevant ads. You can change your ad preferences anytime.

Plasklachten en prostaatkankerscreening

1,047 views

Published on

Presentatie die de waarde van screening op prostaatkanker bespreekt; in het bijzonder het nut van rectaal toucher en PSA.

  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

Plasklachten en prostaatkankerscreening

  1. 1. Plasklachten & ProstaatkankerscreeningChristian van Rij, april 2012
  2. 2. Anatomie Prostaat
  3. 3. Terminologie• Benigne prostaatdysplasie – Een histologische diagnose• Benigne prostaathypertrofie – Beperkte relatie plasklacht en grote prostaat• Lower urinary tract symptoms – Meer toepasselijke symptoombeschrijving
  4. 4. Lower Urinary Tract Symptoms• LUTS worden veroorzaakt door combinatie van: – Statische obstructie prostaat – Dynamische obstructie door stimulatie van (α1- adrenerge receptoren van) glad spierweefsel bij urethra en prostaat – Blaasfunctiestoornissen: • Toegenomen of juist afgenomen detrusor activiteit • Verminderde blaascapaciteit• LUTS: zeer variabel en periodiek beloop
  5. 5. Relatie met plasklachten (LUTS)• Geen relatie plasklachten en prostaatkanker: – 3,7% vd mannen met matige/ernstige LUTS heeft ca – 3,3% vd mannen zonder/geringe LUTS heeft ca• Prevalentie matig/ernstige LUTS bij mannen is 20-25%; het neemt toe met de leeftijd• LUTS is geen reden voor PSA onderzoek* * NHG Standpunt
  6. 6. PlasdagboekTijdstip opstaanTijdstip naar bed gaanPlasmomenten: tijd en hoeveelheidAantal keer overdag geplastAantal keer uit bed om te plassenTotaal urinevolume geplast
  7. 7. Plasdagboek: wat is normaal?• ≥ 2x nycturie – 30% van de 50-54 jarige mannen – 60% van de 70-78 jarige mannen• ≥ 3x nycturie – 4% van de 50-54 jarige mannen – 20% van de 70-78 jarige mannen
  8. 8. Prostaatcarcinoom• Van elke 100 mannen – Krijgen 42 een vorm van prostaatcarcinoom – Zullen 10 hiervan symptomen ontwikkelen – Zullen er 3 hieraan overlijden
  9. 9. Prostaatcarcinoom• Betekenis gevonden prostaatca is onduidelijk: – Agressiviteit moeilijk voorspelbaar – Toegevoegde waarde behandeling onduidelijk – Wel belasting patiënt door onderzoeken, therapieën, controles en psychische ziektelast – Gezien langzame progressie bij pt met <10 jaar levensverwachting, afwachtend beleid overwegen
  10. 10. Rectaal Toucher – Sagittale MRI Van Driel et al. Fysische diagnostiek – rectaal toucher; NTVG; 16 maart 2002
  11. 11. Rectaal Toucher• Beoordeel: – Vorm (symmetrie) – Consistentie (vast elastisch glad of harde noduli) – Grootte (>30 ml op echo / > 3cm brede lobus) – Drukpijnlijkheid (prostatitis)
  12. 12. Voorsp. waarde RT voor prostaatca• RT: Sensitiviteit 64% met Specificiteit: 97%• Bij prevalentie 45-65 jarigen (3,8%): – +VW 46%; −VW 99%• Bij prevalentie 65-75 jarigen (21%) – +VW 46%; −VW 99%• Bij prevalentie >75 jarigen (47%) – +VW 95%; −VW 75%Prevalentie-cijfers naar Integraal Kankercentrum Zuid (2001); Van der Linden (2004) noemt 50% lagere prevalenties
  13. 13. Prostaat Specifiek Antigeen (PSA)• PSA correleert met grote prostaat en neemt fysiologisch toe met de leeftijd• Alleen na voorlichting op verzoek pt bepalen• Niet gebruiken voor meer zekerheid over RT – in dit geval gewoon verwijzen• PSA <4 ng/ml: bij 10-20% toch kanker• PSA >50 ng/ml: bij 25% toch geen kanker
  14. 14. Waarde PSA en RT• Detectiefrequentie RT: 3,2% – Sensitiviteit 47-80%; specificiteit 95-99% – Deze waren niet altijd met PSA gedetecteerd• Detectiefrequentie PSA: 4,6% – Deze waren niet altijd met RT gedetecteerd• Gecombineerde detectiefrequentie: 5,8% Detectiefrequentie naar Catalona 1994 (noot 50 standaard). Sens/Spec cijfers naar Van Driel 2004.
  15. 15. Nut van PSA screening• Om 1 prostaatkanker-sterfte te voorkomen: – 1410 PSA bepalingen; waarvan – 340 biopten; waarvan – 83 diagnose prostaatkanker krijgen; waarvan – 1 het door behandeling zal overleven
  16. 16. Familiaire belasting?• Bij familiaire belasting is screening te overwegen, echter is nut niet aangetoond• Het risico is mn verhoogd bij: – Eerstegraads familieleden; – Prostaatca op jonge leeftijd – Meerdere familieleden
  17. 17. Hereditair Prostaatcarcinoom (HPC)• ≥ 3 prostaatca bij 1e graads familieleden; of• Prostaatca in 3 opeenvolgende generaties van paternale of maternale lijn; of• ≥ 2 prostaatca vastgesteld onder 55j bij 1e of 2e graads familieleden Nut screening ook in HPC families nog niet aangetoond
  18. 18. Referenties• Bijlage 2 en noten van de NHG Standaard “Bemoeilijkte mictie bij oudere mannen”; herziening 2004• NHG Standpunt Screening Prostaatkanker• NHG Patiëntenbrief “Wel of geen onderzoek naar prostaatkanker”• Van Driel et al. Fysische diagnostiek – rectaal toucher; NTVG-2002

×