Les 5; pedagogiek als beroep

5,516 views

Published on

0 Comments
0 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

No Downloads
Views
Total views
5,516
On SlideShare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
5
Actions
Shares
0
Downloads
27
Comments
0
Likes
0
Embeds 0
No embeds

No notes for slide

Les 5; pedagogiek als beroep

  1. 1. Pedagogiek als beroepPedagogiek als beroep
  2. 2. Wat is ‘pedagogisch handelen’?  Dagelijks bezig met pedagogisch handelen  Handelen is gericht op verandering van mensen (verhoudingen en omstandigheden)  sociaal handelen (daartoe behoort pedagogisch handelen)  Altijd wederzijds handelen  het handelen is op anderen georiënteerd  Er is niet 1 juiste manier van pedagogisch handelen
  3. 3. Voorbeeld Het gaat niet zo goed met Edwin. Hij is 6, net in groep 3 en zijn schoolleven vlot niet zo. Hij kan de opdrachten niet echt aan. Tegenwoordig plast hij weer in bed en heeft nachtmerries.
  4. 4.  Wat zou jou eerste manier van handelen zijn?  Helpen bij zijn huiswerk  Wat zou jou tweede manier van handelen zijn?  Tijd nemen voor Edwin, steunen, troosten, tijd nemen voor zijn angst, praten over nachtmerries, etc.
  5. 5. Doel pedagogisch handelen  Algemeen: Kinderen positief stimuleren in hun ontwikkeling en schadelijke invloeden verre van ze houden, dus opvoeding en vorming mogelijk maken  Ouders: ze lief te hebben, te beschermen, te verzorgen, te stimuleren, etc.  optimaal opgroeien en toenemende zelfstandigheid willen ouders mogelijk maken  Is alle wat in de mening van ouders ‘goed is voor het kind’ dan pedagogisch?
  6. 6.  Waarin onderscheidt het doel van het pedagogisch handelen zich van andere vormen van sociaal handelen?  Leren  Pedagogen zijn mensen die anderen, het leren mogelijk moeten maken; helpers bij het leren  ‘Mens is een wezen dat genoodzaakt is tot leren’
  7. 7.  Wij leren van onze geboorte tot aan onze dood, maar het meeste leren wij niet van professionele pedagogen, maar door deelname aan het gezinsleven en het leven daarbuiten, dus door ‘socialisatie’
  8. 8. OpvoedingOpvoeding
  9. 9.  Is opvoeding nodig?  Is er een verschil tussen verzorging en opvoeding. Is het voldoende een kind onderdak, voedsel en kleding te verstrekken en hen verder aan zichzelf over te laten?  Conclusie: Je kunt het kind niet verzorgen zonder het in een of andere vorm ook op te voeden. (kind is op opvoeding aangewezen)
  10. 10.  Wat is opvoeden?  Opvoeding is een bepaalde vorm van omgang tussen volwassenen en jeugdigen die erop gericht is steun en richting te geven aan het proces van volwassenwording
  11. 11.  Opvoedingsmilieu  Opvoedingsdoelen  Opvoedingsvoorwaarden  Opvoedingsmiddelen
  12. 12. Opvoedingsmilieu  Maatschappelijke context waar de opvoeding afspeelt  Allerbelangrijkste: Gezin  School:  School neemt steeds meer en steeds vroeger opvoedingstaken van de ouders over  Leerstof en leerprestaties hebben op zich een opvoedende functie
  13. 13. Opvoedingsmilieu dia 2  De buurt, leeftijdsgroep  Overheid voelt zich (mede)verantwoordelijk voor de opvoeding van kinderen in de samenleving (leerplicht, kinderbeschermingsmaatregelen, opvoedingsondersteuning, etc.)
  14. 14. Opvoedingsdoelen  Iedere opvoeding heeft doelstellingen, men is zich daar vaak nauwelijks van bewust  Dus: het doel van de opvoeding
  15. 15. Opvoeders willen dat kinderen leren zich in de maatschappij te handhaven  Verantwoordelijkheid dragen voor hun doen en laten  Ontplooien  Ontwikkelen van een eigen identiteit  Etc.
  16. 16. Opvoedingsvoorwaarden  Op de hiervoor besproken opvoedingsdoelen te bereiken zijn een aantal voorwaarden nodig.  Dus: omstandigheden die door de opvoeders worden geschapen om de opvoeding mogelijk te maken.
  17. 17. Voorbeeld opvoedingsvoorwaarden  Verzorging  Opvoedingsrelatie  Veiligheid  Uitdaging  Etc.
  18. 18. Opvoedingsmiddelen  Geen duidelijk grens tussen opvoedings-voorwaarden en opvoedingsmiddelen  Instrumenten die je kiest om op te voeden
  19. 19. Voorbeeld opvoedingsmiddelen  Straffen en belonen  Regels stellen  Onderhandelen  Verantwoordelijkheid geven  Actief luisteren  Belonen en negeren  Etc.
  20. 20.  Film van Schatjes

×