Successfully reported this slideshow.
We use your LinkedIn profile and activity data to personalize ads and to show you more relevant ads. You can change your ad preferences anytime.

Sessie 12. ethiek en online hulp binnen welzijn

3,216 views

Published on

Afstand en nabijheid zijn als sinds heugenis belangrijke pijlers in de hulpverleningspraktijk. Al tijdens de intrede van de telefoon werd stil gestaan bij de vraag of een cliënt het directe werk- of privénummer van de hulpverlener mag hebben en wat dit betekent voor de relatie tussen de cliënt en hulpverlener. Internet heeft ervoor gezorgd dat mensen nog (veel) meer bereikbaar zijn geworden. Denk aan de dingen die anderen over jouw schrijven maar ook aan de informatie die te vinden via jouw eigen website, youtubefilmpjes, hyves-, facebook-, twitter- of pinterestpagina, enz. Er zijn vele manieren waarop een cliënt dichterbij jou kan komen dan wenselijk is.

Andersom geldt dat jij via al die online platformen toegang hebt tot veel meer informatie dan hetgeen de cliënt jou verteld tijdens een formeel gesprek. Betrek je al deze informatie of ga je alleen af op de informatie die de cliënt met jou deelt? Hoe ver kun je gaan in het betrekken van al deze informatie en wat betekent dit voor jouw relatie met de cliënt en het hulpverleningsproces?

Het moge duidelijk zijn dat ethiek geen exacte wetenschap is. Pasklare antwoorden zijn dan ook niet te geven. Belangrijker is echter te weten waar je op moet letten om overschrijding van grenzen te voorkomen. Binnen deze sessie wordt daarom uitgebreid gediscussieerd tussen experts en deelnemers over principes van afstand en nabijheid in een online setting.

Door: Winfried Tilanus, professional op het gebied van ICT en hulpverlening via internet, Stichting e-Hulp, Kirsten Gerritsen, projectleider jeugd en Hans Versteegh, adviseur en trainer digitale innovatie, Welzijn 3.0

  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

Sessie 12. ethiek en online hulp binnen welzijn

  1. 1. ETHIEK EN ONLINE HULP: HET DILEMMA VAN NABIJHEID EN AFSTAND Door: Hans Versteegh, Adviseur sociale media en digitale innovatie, voor welzijn, Kristin Gerritsen, Projectleider, Winfried Tilanus, Specialist veiligheid, juridisch en ethiek. Ethiek gaat over vragen die altijd ongemakkelijk zullen blijven, over situaties waarin de vraag wat goed is om te doen, geen vanzelfsprekend antwoord heeft. Als je met zo een situatie geconfronteerd wordt, dan zijn er twee dingen van belang: een afgewogen oordeel en je eigen oriëntatie. Bij het eerste gaat het er om dat je het probleem breed bekijkt, kijkt welke partijen en belangen in het probleem spelen. Kijkt of er grotere principes (zelfbeschikkingsrecht, lichamelijke integriteit, etc) in het probleem spelen. Het gaat er ook om dat je oog krijgt voor subtiele zaken die twee op het eerste gezicht vergelijkbare situaties heel anders kunnen maken. Voor de ethiek maakt het bijvoorbeeld vaak veel uit hoe je van te voren informeert. Bij het tweede gaat het om bewustzijn van en contact met je eigen drijfveren, met je eigen uitgangspunten en met je grenzen. Hoe veel dingen je ook mee weegt, uiteindelijk maak je op basis daarvan je eigen oriëntatie je keuzes. In deze workshop vertellen we niet wat goed is om te doen, maar stellen we vragen bij dingen die vanzelfsprekend lijken, zullen we steeds andere kanten van het verhaal er naast leggen. Op die manier kan je tot een meer afgewogen oordeel te komen. En met elkaar spreken over de keuzes helpt ook om bewuster te worden van waar je zelf staat, wat je eigen oordeel is.
  2. 2. Eerste stelling “AFSTAND” Wie heeft er wel eens een cliënt gegoogled? In welke gevallen ziet een hulpverlener meer van een cliënt dan professioneel gezien gewenst is? Onderwerp bij stelling Waarom google je cliënt? Je krijgt informatie via SoMe, dus die gebruik je ook! Goede hulpverlening gaat uit van autonomie van de cliënt Voorstander Handig om toegang te hebben tot al die informative over de cliënt? Kun je goed aansluiten bij leefwereld Ja, natuurlijk. Je hebt die info nou eenmaal. Hoeft de cliënt toch niet te weten? Ja, klopt. Daarom ga je niet achter de rug om de SoMe bekijken. Je gaat uit van datgene wat de cliënt je vertelt: zuivere hulpverlening. Autonomie moet je bewust waarborgen, komt vertrouwensband ten goede. Je kunt autonomie op verschillende manieren waarborgen [zie verderop]. Tegenstander Is niet zoals het hoort, privacy etc. Je gaat alleen uit van datgene wat de cliënt je vertelt Nee, nooit. Als de cliënt het niet zelf vertelt heeft of je toegang heeft gegeven tot SoMe, gebruik je die kennis niet Hij komt toch met een hulpvraag bij je? Dan is die autonomie beperkt. Hij wilt hulp, dus die geef je, ongeacht hoe en wat. Je helpt hem het beste door alles uit de kast te halen: zuivere hulpverlening. Relatie is a-symetrisch, dus zo is het nou eenmaal….. Maar, wat als: Jij hebt volwassenen als doelgroep in online hulpverlening. Cliënt komt met hulpvraag bij je. Er is een kind in beeld maar hulpvraag heeft geen relatie met het kind. Je hoort een poos niets van jouw cliënt , en dus ook niet over dat kind. Onderwerp bij stelling Ciënt komt niet opdagen, dus je kijkt op zijn facebook Voorstander Ja, dan weet je een beetje hoe of wat Door kanalenreductie mis je informative die je anders wellicht wel gehad zou hebben, dus je mag andere manieren zoeken om contact te krijgen, incl. de SoMe van cliënt Ja, cliënt zit toch al in online hv-traject, dus het is dan passend Tegenstander Nee, dat doe je in f2f-contacten toch ook niet? Een brief, mail of sms en geen reactie? Is keuze van de cliënt. Dan sluit je het hv-traject. Nee, staat los van feit dat cliënt niet op komt dagen! En dan: nieuwe informatie….. De cliënt kwam met een algemene hulpvraag bij je, maar gaandeweg het traject werd duidelijk dat er voor het kind een instabiele, wellicht onveilige opvoedingssituatie is. Dat heb je nog maar beperkt met de cliënt besproken en nu komt diezelfde cliënt dus niet meer opdagen Onderwerp bij stelling Veranderd deze nieuwe informatie je manier van handelen? Voorstander Ja, want er is een kind in het spel en tevens de veiligheid. Je moet handelen! Met de nieuwe informatie bereik je het einde van de autonomie van de cliënt Moet je handelen als je zorg hebt over het kind? Zorgplicht? Ja, je bent nu ook verantwoordelijk voor het kind Ja, [Europees verdrag rechten van het kind]. Als cliënt handelingsonbekwaam is, heb je zorgplicht. Dan is het zaak om zo goed mogelijk je zorgplicht te vervullen, waarbij je de autonomie van de cliënt zoveel mogelijk respecteert [zie verderop] Ja, altijd. Maar het maakt wel verschil of het over een kind of over een volwassen klant gaat. Maar je gaat het gesprek aan en evt. via achterhalen van het IP-adres actie (laten) ondernemen. Wat als je cliënt via de chat laat weten dat hij zichzelf gaat snijden, iemand in elkaar gaat slaan of zelfmoord gaat plegen? Heb je dan zorgplicht? Tegenstander Nee, de hulpvraag was voor de volwassenen, niet gericht op kind. Wrs. heeft cliënt daarvoor andere hulp ingeschakeld, netwerk etc. Dan is het prima zo. Nee hoor, kind is geen directe cliënt. Niet mijn pakkie-an Nee, volwassen cliënt is verantwoordelijk voor zichzelf. We zijn geen crisisdienst. Je doet wat je kunt in het chatgesprek, maar je mogelijkheden zijn beperkt. En ach: waarschijnlijk is het toch niet waar. Tweede stelling “NABIJHEID” Wie van jullie is via SoMe verbonden met een cliënt?
  3. 3. In welke gevallen ziet een cliënt meer van de hulpverlener dan professioneel gezien gewenst is? Onderwerp bij stelling Internet heeft ervoor gezorgd dat mensen nog (veel) meer bereikbaar zijn geworden. Daar maak je als hv dus gebruik van! Laat een cliënt mij maar googlen: daar is niets mis mee Ik maak friends met cliënten op FB Je moet er wat van zeggen als een cliënt je een vriendschapsverzoek stuurt of je gaat volgen op Twitter? Als hv is het belangrijk om zichtbaar te zijn Wat doe je als een cliënt dingen heeft gezien die je niet wenselijk vindt? Wat kun je doen zonder het vertrouwen en de band met de cliënt te schaden? Ik zet wat ik wil op mijn SoMe, want de aard van mijn werk mag mijn eigen online vrijheid niet beperken! Ik ben altijd anoniem of met een nickname aan het werk bij online hv Voorstander Ja, lekker handig. Altijd contact met mijn cliënt en, snel en to-the-point. Zo weet ik wat hij uitvoert en daar kan ik dan goed op inspelen. Prima, krijgt cliënt meer zicht op mij als persoon. Komt hv-traject alleen maar ten goede. Ja, handig, snel, dichtbij, zicht op etc. Ja, vragen naar intenties, duidelijk maken wat het verschil tussen jou als hv is met andere personen in het leven van de cliënt Ja, maar dan wel met een professioneel account! Bespreekbaar maken, benoemen waarom je iets niet prettig vind. Uitleggen etc. Ja, ik zeg wel tegen de cliënt dat hij zich moet richten op wat hij van mij lees of hoort in ons hv-traject. Wat ik daarbuiten doe, daar heeft hij niets mee te maken Ja, daarmee kan ik privé en werk scheiden. Tenslotte weet ik ook niet wie ik tegenover me heb zitten aan de andere kant van het scherm! Tegenstander Nee, dat doe je niet. Het is geen gelijkwaardige relatie en dat benadruk je zo wellicht Nee, werk en privé moeten gescheiden blijven! De cliënt heeft niets te maken met wat ik thuis doe of wie mijn vrienden zijn Nee, ik heb wel / geen gesloten FBaccount met specifieke redenen! Nee, ik weiger het verzoek (of niet) en zolang er niets gebeurd, heb ik er geen probleem mee Nee, scheiding van werk en privé is van belang. Dus gesloten accounts Afkappen / ont-vrienden / blokkeren Nee, ik heb nou eenmaal een voorbeeld functie en kan niet met bv. een zatte kop op SoMe verschijnen. Dan ben ik niet meer betrouwbaar Nee, daarmee ben je niet betrouwbaar! Je moet open en transparant opereren. De cliënt moet ervanuit kunnen gaan dat je bent wie je zegt dat je bent. Daar heeft hij recht op.
  4. 4. ACHTERGRONDINFORMATIE / KRETEN / INFORMATIE Ethische achtergrond: Het eerste ethische uitgangspunt bij deze stelling is de autonomie van de cliënt dit uitgangspunt is aan de ene kant een afgeleide van het de in de (in de westerse samenleving) sterke waarde die we hechten aan de autonomie van mensen. Binnen de hulpverlening is het extra van belang omdat we vinden dat goede hulpverlening gestoeld is op het versterken van de cliënt, niet op het overnemen van diens leven. Doordat een hulpverleningsrelatie per definitie asymmetrisch is, kan dit uitgangspunt onder druk komen te staan. Het bewust waarborgen van de autonomie van de cliënt is daarom heel belangrijk. Het waarborgen van de autonomie helpt ook bij het opbouwen van een vertrouwensband, wat de hulpverlening vergemakkelijkt. Mogelijke maatregelen om de autonomie te versterken zijn: •De cliënt 'informatie-macht' geven, laat de cliënt bepalen welke informatie aan de hulpverlener wordt gegeven of niet. Een cliënt googlen staat daar haaks op. •Accepteren, of zelfs bevorderen, dat de cliënt buiten de hulpverlener om met anderen reflecteert over de hulpverlening. •Grenzen en twijfels die door de cliënt worden aangegeven serieus nemen en bespreekbaar maken. Het ethische dilemma ontstaat als je aan de autonomie van de cliënt de zorgplicht voor de cliënt toevoegt. Over het algemeen wordt de autonomie als een zwaarder wegend uitgangspunt gezien dan de zorgplicht. Dat verandert echter als de cliënt niet handelingsbekwaam is, bijvoorbeeld door een psychische aandoening, of als de cliënt de zorg heeft voor iemand die niet handelingsbekwaam is, bijvoorbeeld een kind. Dat laatste uitgangspunt is dus vastgelegd in de verdragen over de rechten van het kind. Bij verminderde handelingsbekwaamheid neemt de zorgplicht de overhand over de autonomie (dat is min of meer de definitie van niet handelingsbekwaam). In die gevallen zal je dus moeten zorgen dat je aan je zorgplicht voldoet en tegelijkertijd zo min mogelijk schade berokkenen aan de autonomie van de cliënt. Manieren om dat te combineren zijn: •Van te voren duidelijk maken waar er grenzen aan de autonomie zijn. •In situaties waar de zorgplicht de overhand heeft, zo veel mogelijk in overleg met de cliënt blijven en, indien mogelijk, de cliënt laten meebeslissen over hoe de zorgplicht vormgegeven moet worden. •Voor maatregelen kiezen die zo minimaal mogelijk inbreuk maken op de autonomie van de cliënt. Een cliënt begeleiden naar andere hulp of zelfs naar het zichzelf aangeven laat meer van de autonomie heel dan zelf de cliënt aangeven. Een justitieel traject walst per definitie over de autonomie van een cliënt heen en is een laatste redmiddel. Algemene aandachtspunten: •Een hulpverleningsrelatie is asymmetrisch, ook online! •Als hulpverlener ben je verantwoordelijk voor het vormgeven van de hulpverlenende relatie. •Afstand en nabijheid heeft ook met openheid te maken. •Hoe open ben je in contact? Open en transparant werken moet altijd het uitgangspunt zijn. Niet open zijn = veel kapot maken voor de toekomst. •Vooraf helder zijn over wat je wel en niet van je cliënt wilt weten en dat communiceren voor E-hulp traject start. •Hoe ga je zorgvuldig met privacy om (Wet op de privacy, meldingsplicht wanneer je gegevens vastlegt bij het College Bescherming Persoonsgegevens: http://www.cbpweb.nl/Pages/home.aspx Den Haag) Melden dat je gegevens en online verkeer vastlegt aan cliënt. •Online zorgt ook dat vertrouwde dienstverlening opnieuw tegen het licht gehouden wordt op privacy, ethiek, toestemmingen, enz. •Veel regelgeving is onbekend bij hulpverleners.

×