Successfully reported this slideshow.
We use your LinkedIn profile and activity data to personalize ads and to show you more relevant ads. You can change your ad preferences anytime.

3.1 Keynote - Sander de Hosson: Slotcouplet

643 views

Published on

Bekijk de presentatie van workshop 3.1 gegeven op het Congres 'Thuis in het Verpleeghuis, Waardigheid en trots op elke locatie' op maandag 1 juli in de RAI Amsterdam. Voor alle presentaties, verslagen en foto's ga naar: www.waardigheidentrots.nl

Published in: Healthcare
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

3.1 Keynote - Sander de Hosson: Slotcouplet

  1. 1. Zorg in de laatste levensfase Vilans SM de Hosson Longarts
  2. 2. > Om video te starten
  3. 3. Column
  4. 4. Middeleeuwen
  5. 5. Consoler Toujours ’La médecine, c'est guérir parfois, soulager souvent, consoler toujours.’ (Ambroise Pare 1510-1590) (Geneeskunde is soms genezen, vaak verlichten, maar altijd troosten)
  6. 6. Dame Cicely Saunders  1967 – 1985 Christopher’s Hospice
  7. 7. Palliatieve zorg  Somatische dimensie  Psychische dimensie  Sociale dimensie  Existentiele dimensie  (Advance Care Planning)  (End-of-life Care)
  8. 8. Epidemiologie De laatste levensfase
  9. 9. Toename kanker  Diagnose 110.999 keer gesteld (stijging van 2%  Mannen 57.000, vrouwen 53.000
  10. 10. Kanker  Trends Bij vrowen stbiliseert longknker
  11. 11. Levensverwachting
  12. 12. Final common pathway Hoe gaan we dood?
  13. 13. Final common pathway Metabole ontregeling van het lichaam (vrijkomen van cytokines) leidt tot een cascade aan reacties:  1. Anorexie/cachexiesyndroom  2. Verminderde pompfunctie van het hart  3. Verminderde functie van lever- en nieren  4. Cerebraal zuurstoftekort en ischemie
  14. 14. Anorexie-cachexie syndroom “PATIENTEN OVERLIJDEN NIET OMDAT ZE NIET MEER ETEN; ZE ETEN NIET MEER OMDAT ZE OVERLIJDEN.”
  15. 15. Vermindere pompfunctie van het hart  Slechte perifere circulatie  Huidafwijkingen  Ingevallen gelaat  Spitse neus  Droge slijmvliezen  Nierinsufficientie  uremie -> sufheid  Nierinsufficientie  slechtere klaring medicatie  Oligurie/anurie  Cerebrale hypoxie (zie later)  Respiratoire insufficiëntie door longoedeem  Benauwdheid  Sufheid
  16. 16. Verminderde lever- en nierfunctie  Verslechterde klaring van medicatie  Onderzoek van E. Geijteman  Uremie: sufheid  Leverinsuffictientie: sufheid
  17. 17. Cerebrale hypoxie  Zuurstoftekort in de hersenen  Dit leidt tot:  Sufheid  Afname reflexen: hoestreflex/ slikreflex: reutelen  Cheynes-Stokes Ademhaling
  18. 18. Beloop vitale metingen Hoge sensitiviteit (>80%), maar lage specificiteit (<35%) Bij groot deel van patiënten normale metingen in laatste 3 levensdagen Bruera et al, JPSM 2014
  19. 19. Symptomen in laatste levensfase Laatste 3 dagen (volgens verpleegkundigen; Lokker, 2012) Vermoeidheid 83% Geen eetlust 73% Kortademigheid 44% Incontinent 41% Pijn 39% Onrust 37% Slikproblemen 37% Depressie 23% Misselijkheid 15% Laatste 24 uur (matig-ernstig, vlgs nabestaanden; Witkamp) Droge mond 51% Verminderd bewustzijn 48% Vermoeidheid 46% Kortademigheid 45% Geen eetlust 42% Onrust 38% Slikproblemen 39% Pijn 37% Reutelen 36%
  20. 20. Signalen van een naderende dood  Hufkens, K. (2003). Objectief waarneembare tekens van het naderend overlijdenbij palliatieve patiënten. Afstudeerscriptie, faculteit Medisch-Sociale wetenschappen, Katholieke Universiteit Leuven Dag(en) voor overlijden -8 -7 -6 -5 -4 -3 -2 -1 0 Reutelen (% patiënten ) 0,9 1,3 1,9 3,5 5,1 9,1 15,2 29,1 47,6 Apnoe 0,1 1,6 2,5 2,6 3,5 6,0 10,5 17,8 29,5 Anurie 2,3 2,2 3,2 3,6 4,5 7,3 14,2 31,1 47,3 Somnolentie 5,7 7,3 9,3 12,7 17,4 23,9 36,2 57,2 75,0
  21. 21. Barrieres in ‘diagnosis of dying’  Angst om de dood te versnellen  Onrealistische verwachting dat de patiënt nog beter wordt  Onenigheid binnen het team of met de familie dat het stervensproces begonnen is  Geen diagnose bekend  Gebrek aan kennis over de behandeling van pijn of andere symptomen in de laatste levensfase  Zorgen over stoppen of niet-starten van behandelingen  Onduidelijkheid over reanimatiebeleid  Culturele of religieuze bezwaren  Zorg over juridische consequenties  (Ellershad/Ward 2003, O’Leary et al, Palliative Medicine 2009)
  22. 22. End of life Waken
  23. 23. Waken  Intensief voor familieleden  Taken van zorgverlener bij sterfbed:  ER ZIJN  Begeleiding/uitleg/informatie patiënt EN naasten  Symptoombestrijding (uitputting, onrust, angst, benauwdheid, pijn)  Anticiperend: dreigen symptomen en kunnen we die voor zijn?  Verstikking/bloeding (acute palliatieve sedatie?)  Riten/gebruiken/tradities  Begeleiden palliatieve sedatie
  24. 24. Waakmand  Boeken  Gedichtenbundels  Kussens/dekens  Zelfverzorging  Snacks  Kaarsen
  25. 25. Medische interventies laatste levensfase 1. Er zijn 2. Symptoombestrijding 3. Pallliatieve sedatie 4. Acute palliatieve sedatie 5. Euthanasie
  26. 26. Sterfte in Nederland in 2015 (n=146000) plotselingoverleden 27 geenmorfine morfine palliatievesedatie euthanasie
  27. 27. Sterfte in Nederland in 2015 (n=146000) plotselingoverleden 29 geenmorfine morfine palliatievesedatie morfine´plus´ euthanasie ‘Grijze gebied’: • Meer morfine dannodig • Morfine met het doel het overlijden te bespoedigen
  28. 28. Symptoombestrijding in de stervensfase
  29. 29. Belangrijkste symptomen in de stervensfase Kanker Hartfalen COPD Vermoeidheid 88% 78% 80% Anorexie 56% 64% Dyspneu 39% 62% 90% Pijn 45% 42% 49% Klachten van de mond 34% 48% Verwardheid 24% 17% 22% Somberheid 19% 55% Angst 30% Slaapproblemen 14% 51% Obstipatie 29% 25% Misselijkheid 17% 20%
  30. 30. Symptomen: pijn  Achterhalen oorzaak pijn niet meer aan de orde  Onverwachte, oncontroleerbare pijn komt niet vaak voor  Minimaliseren pijn gerelateerd aan beweging door:  vermijden onnodige bewegingen  Alleen wisselligging en dagelijks lichamelijke verzorging indien echt noodzakelijk  Toedienen preventieve medicatie sc 15-30 minuten tevoren  Begeleiden van naasten bij interpretatie van verschijnselen die kunnen lijken op uiting van pijn, maar dat niet hoeven te zijn (fronsen, kreunen)  Omzetten orale opioïden in parenterale toediening; transdermale toediening wordt voortgezet
  31. 31. Symptomen  Dyspnoe:  stikken gebeurt zelden; door stapeling CO2 daalt het bewustzijnen neemt de beleving van dyspnoe af  Morfine(pomp_  Misselijkheid/braken:  komt nauwelijks voor als nieuw probleem  Angst:  onderkennen en bespreekbaar maken van angst is wezenlijk onderdeel van begeleiding in de stervensfase  Vermoeidheid:  kan extreme vormen aannemen en leiden tot een gevoel vanpijn, maar vooral tot onrust en angst
  32. 32. Symptomen: spierschokken Oorzaken:  Terminaal multi-orgaanfalen nier- en leverinsufficiëntie  Bijwerking medicatie (veranderd metabolisme): opioïden -> verlaging dosis of opioïdrotatie metoclopramide  neuroleptica  Hersenmetastasen Behandeling:  zo mogelijk afbouw/stop medicatie  start benzodiazepine
  33. 33. Symptomen: terminale onrust  Vorm van delier optredend kort voor overlijden  Zeer belastend voor omstanders  Urineretentie of defecatiedranguitsluiten  Overwegen dosering opioïd te verlagen  Andere oorzakelijke behandelingen niet meer mogelijk  Waarborg rust en veiligheid  Begeleid de naasten in de omgang met de patiënt  Medicamenteuze behandeling is vaak niet (meer) effectief  Veel voorkomende indicatie voor palliatieve sedatie
  34. 34. Symptomen: reutelen  Luidruchtige ademhaling door slijm in luchtwegen  Naasten associëren doordringende geluid met (adem)nood Belangrijk teken van naderend overlijden  Benadering:  Positioneren patiënt  Informeren en begeleiden naasten  Medicamenteus behandelen?  Geen bewijs voor effectiviteit van (profylactisch) anticholinergica
  35. 35. Medische interventies laatste levensfase 1. Er zijn 2. Symptoombestrijding 3. Pallliatieve sedatie 4. Acute palliatieve sedatie 5. Euthanasie
  36. 36. Dyspneureductie: Morfine  Krachtig analgeticum  Groep der opioïden  1806 Friedrich Sertuener (apotheker, Paderborn)  Werkzame bestandsdeel van opium  Geextraheerd uit de papaverplant  Inmiddels synthetische productie
  37. 37. Dyspneu/pijnreductie: Morfine  Krachtig analgeticum  Groep der opioïden  1806 Friedrich Sertuener (apotheker, Paderborn)  Werkzame bestandsdeel van opium  Geextraheerd uit de papaverplant  Inmiddels synthetische productie
  38. 38. Morpheus  Griekse God van dromen  Zoon van Hypnos (God van de Slaap)  Kon de vorm aannemen van elk mens  Verscheen in dromen als geliefde
  39. 39. Palliatieve sedatie
  40. 40. Palliatieve sedatie
  41. 41. Palliatieve zorg:  Nog veel uitdagingen  Maatschappelijke relevantie  Ethiek  Empathie/ compassie  Positie zorgverlener  Zorg voor de zorgverlener
  42. 42. Afscheid
  43. 43. Vragen?

×