Universiteit Antwerpen Eindverhandeling Ken Lawrence

8,081 views

Published on

Published in: Technology, Business
  • Be the first to like this

Universiteit Antwerpen Eindverhandeling Ken Lawrence

  1. 1. Academiejaar 2004-2005 Universiteit Antwerpen Faculteit Toegepaste Economische Wetenschappen Het Economisch en Cultureel Belang van Filmfestivals Ken Lawrence Verhandeling voorgedragen tot het bekomen Promotor: van de graad van: Prof. dr. E. Faucompret Licentiaat in de Toegepaste Economische Wetenschappen Major: Internationale Handels- en Diplomatieke Relaties
  2. 2. Academiejaar 2004-2005 Universiteit Antwerpen Faculteit Toegepaste Economische Wetenschappen Het Economisch en Cultureel Belang van Filmfestivals Ken Lawrence Verhandeling voorgedragen tot het bekomen Promotor: van de graad van: Prof. dr. E. Faucompret Licentiaat in de Toegepaste Economische Wetenschappen Major: Internationale Handels- en Diplomatieke Relaties
  3. 3. Voorwoord Dit academiejaar stond voor mij in het teken van mijn passie voor film. Hoewel ik doorheen de jaren een aanzienlijke filmkennis heb opgebouwd, waren filmfestivals voor mij quasi onbekend terrein. Deze eindverhandeling bood me de mogelijkheid deze evenementen nauwgezet te onderzoeken. Het spreekt voor zich dat de hulp van anderen hierbij onmisbaar was. Eerst en vooral wil ik mijn promotor Prof. dr. E. Faucompret bedanken. Niet zelden mondden besprekingen i.v.m. de eindverhandeling uit in gesprekken over films die we recent zagen en elkaar aanraadden. Hij las ook mijn teksten geduldig na, corrigeerde waar nodig en gaf suggesties die de tekst zakelijker en krachtiger maakten. De steun van mijn ouders was erg belangrijk voor me. Niet alleen dit academiejaar stonden ze volop achter me, maar ook tijdens de voorgaande jaren waren ze mijn rots in de branding. Speciale dank gaat uit naar Joke Vangheluwe van het Europees Jeugdfilmfestival die grote interesse toonde voor het eindresultaat van mijn harde werk en daardoor voor een extra bron van motivatie zorgde. Verder mag ik de volgende personen niet vergeten te bedanken: Chris Orgelt van het Brussels International Festival of Fantastic Film, mijn eerste contactpersoon binnen de wereld van filmfestivals; Myriam Segers die me geduldig, vriendelijk en behulpzaam hielp met het on- line zetten van de enquête; Freddy Sartor en zijn collega, mij enkel bekend onder de naam John, om mijn korte tekst in Film/TV/DVD te publiceren; de medewerkers van het Europees Jeugfdilmfestival voor het uitdelen van flyers en hun interesse voor mijn onderzoek; de webmasters van het filmfestival van Gent en de moovy.be site die mijn banner publiceerden; iedereen die mijn enquête invulde en tenslotte Franzi, het levende bewijs dat globalisering ook positieve kanten heeft.
  4. 4. Inhoudsopgave Algemene inleiding 1 Hoofdstuk 1: Het artistiek kernproduct en het complementair product 4 1.1 Theorie 4 1.2 De theorie toegepast op filmfestivals 4 1.2.1 Het artistiek kernproduct 4 1.2.2 Het complementair product 5 1.2.2.1 Ticketing 6 1.2.2.2 Inleidingen bij de getoonde films 6 1.2.2.3 Programmabrochures 7 1.2.2.4 Informatie voor leerkrachten 7 1.2.2.5 Winkel 7 1.2.2.6 Vestiaire 8 1.2.2.7 Toiletten 8 1.2.2.8 Horecafaciliteiten in de omgeving 9 Hoofdstuk 2: Filmfestivals en de marketingmix 10 2.1 Productbeleid 10 2.1.1 Theorie 10 2.1.2 Toepassing op filmfestivals – Vereisten voor een goed evenement 10 2.1.2.1. Een filmfestival dient uitzonderlijk te zijn 11 2.1.2.2. De vereiste van een doordacht visitors management 11 2.1.2.3. Mogelijkheden tot samenwerking 13 2.1.2.4. Aantrekken van een nieuw publiek 18 2.2 Prijsbeleid 20 2.2.1 Theorie 20 2.2.2 Toepassing op filmfestivals 21 2.2.2.1 Prijsbepaling op basis van de marktsituatie 21 2.2.2.2 Filmfestivals en de te volgen prijsstrategie 25 2.3 Plaatsbeleid 26
  5. 5. 2.4 Promotiebeleid 27 2.4.1 Met betrekking tot het prijsbeleid 27 2.4.1.1 Filmfestivals en kortingen 27 2.4.1.2 Filmfestivals en peak load pricing 28 2.4.2 Met betrekking tot het plaatsbeleid 29 2.4.3 Met betrekking tot het communicatiebeleid 29 Hoofdstuk 3: De impact van elektronische media 30 3.1 Websites – Een vergelijkend onderzoek 30 3.2 Opmerkingen en aanbevelingen 46 Hoofdstuk 4: Bespreking schema economische impactanalyse 50 Hoofdstuk 5: Nevenactiviteiten 53 5.1 Vaak voorkomende nevenactiviteiten 53 5.1.1 Panelgesprek met gasten 53 5.1.2 Tentoonstellingen 55 5.1.3 Receptie 56 5.1.4 Themadagen 56 5.1.5 Kiezen van de beste film 56 5.1.6 Workshops/ateliers 57 5.1.7 Party 58 5.1.8 Chatten met VIP’s 59 5.2 Andere nevenactiviteiten 59 5.2.1 Hommages en retrospectieven 59 5.2.2 Concerten 61 Hoofdstuk 6: Het cultureel belang van filmfestivals 62 6.1 Aankaarten van wantoestanden 62 6.2 Controverses en discussies 65 6.3 Ondersteunen van Derde Wereld films 66 6.4 Didactische evenementen 68 6.4.1 Kennisoverdracht 69 6.4.1.1 Studenten 69
  6. 6. 6.4.1.2 Academisch: Colloquium 69 6.4.1.3 Filmsector: Conferentie 70 6.4.2 Workshops en ateliers 70 6.4.3 Analyseren van de filmgeschiedenis 71 6.5 Kansen bieden aan nieuw talent 71 Hoofdstuk 7: Publieksonderzoek 74 7.1 Segmenten en doelgroepen 74 7.2 Onderzoek 75 7.2.1 Inleiding 75 7.2.2 Doelgroepen van het publieksonderzoek 76 7.2.3 Gevolgde methodologie 76 7.2.3.1 Blok 1 77 7.2.3.2 Blok 2 78 7.2.3.3 Blok 3 en Blok 4 82 7.2.3.4 Blok 5 83 7.2.3.5 Blok 6 en Blok 7 83 7.2.4 Het benaderen van de doelgroep 83 7.2.4.1 Algemeen 83 7.2.4.2 De technische uitwerking 84 7.2.5 Het probleem van de non-respons 84 7.3 Resultaten publieksonderzoek 86 7.3.1 Ja-versie 86 7.3.2 Nee-versie 102 Algemeen besluit 110 Bibliografie 115 Bijlage I: Obesity Button Bijlage II: UGC 5-kaart en UGC 7-kaart Bijlage III: Promoties via communicatie Bijlage IV: Enquête in het Nederlands en codeboek Bijlage V: Lijst met forums Bijlage VI: Banner, forumteksten, flyer en tekst in Film/TV/DVD
  7. 7. Algemene inleiding De aantrekkingskracht van filmfestivals neemt voortdurend toe. Vele filmliefhebbers kijken reikhalzend uit naar deze evenementen om hun passie voor film ten volle te beleven. Over de hele wereld worden jaarlijks duizenden festivals georganiseerd en die vereisen een aanzienlijke inzet van middelen, een gestroomlijnde organisatie en een verzameling enthousiaste medewerkers. Deze eindverhandeling wil de fascinerende wereld van de filmfestivals belichten, de aspecten die eigen zijn aan hun organisatie en de rol die ze spelen op economisch en cultureel gebied. Doorheen deze eindverhandeling wordt bijzondere aandacht besteed aan de Belgische festivals, meerbepaald door het toetsen van theorieën en ideeën aan de praktijk. Bovendien worden deze festivals geëvalueerd door middel van een publieksonderzoek. Volgens L’Encyclopédie Du Cinéma is een filmfestival ‘(une) Manifestation périodique et temporaire consacrée à la projection de films’. De Vlaamse regering hanteert de volgende definitie m.b.t. het subsidiëren van filmfestivals: ‘Een audiovisueel festival is een meerdaags (minimum 3 dagen) en aaneensluitend vertoningsinitiatief van audiovisuele creaties op een centrale locatie, met bovenlokale uitstraling en publieksbereik, en met een omkadering die een culturele meerwaarde vertegenwoordigt.’ In deze eindverhandeling worden de organisatie, de werking en het belang van filmfestivals behandeld. Er wordt een antwoord gezocht op de vraag welke elementen ertoe bijdragen dat het evenement als een succes wordt beschouwd. Het gevoerde beleid en de differentiatie van de concurrentie zijn daarbij van doorslaggevend belang. Daarenboven wordt nagegaan wat de culturele impact is van filmfestivals. Een publieksonderzoek laat ons toe de festivalbezoeker te profileren evenals een evaluatie te geven van het Belgisch festivallandschap. Er werd tewerk gegaan volgens de ‘Desk-Research’-methode. Vermits het aanbod aan wetenschappelijke boeken over het onderwerp vrij klein is werden voornamelijk krantenartikels, webpagina’s en tijdschriftartikels gebruikt. Het omvangrijke publieksonderzoek werd uitgevoerd tussen december 2004 en april 2005. In het eerste hoofdstuk worden de concepten ‘artistiek kernproduct’ en ‘complementair product’ toegepast op filmfestivals. Hoe belangrijk zijn beiden voor de festivalorganisatie? 1
  8. 8. Wat doet de organisatie met het deel van het complementair product dat ze niet zelf onder controle heeft? Er wordt ook een antwoord geformuleerd op de vraag wat de belangrijkste complementaire producten zijn voor een filmfestival en hoe deze het best door het management worden uitgewerkt en geïmplementeerd. Praktijkvoorbeelden ontbreken uiteraard niet. Hiermee wordt de basis gelegd voor een bespreking van het efficiënt managen van dit soort evenementen. In hoofdstuk twee komt de marketingmix aan bod. Dit hoofdstuk is onderverdeeld in het productbeleid, prijsbeleid, plaatsbeleid en promotiebeleid. Centraal staat de vraag hoe de organisatie een succesvol evenement kan garanderen en op welke manier de gekozen locatie, de prijszetting, de gevoerde promotie en de aangegane partnerships daarbij een rol spelen. Vooral bij deze samenwerkingsverbanden wordt uitgebreid stilgestaan. De vraag is welke samenwerkingen en strategische allianties een positieve impact hebben op de beoordeling van het festival door de bezoekers. Via een vergelijkend onderzoek wordt de vraag beantwoord of filmfestivals in hun prijszetting rekening houden met concurrenten. Ook het plaatsbeleid wordt behandeld. Waarmee dient de festivalorganisatie rekening te houden bij de keuze van een locatie? Andere elementen die aan bod komen zijn de problematiek van het visitors management en de verschillende soorten promoties die het festival kan voeren. Hoofdstuk drie bevat een vergelijkend onderzoek van vijftien festivalwebsites. Zijn filmfestivals zich bewust van het belang van een goede website? Welke elementen komen op alle festivalsites terug? Welke lacunes kunnen we vaststellen? Op het einde van dit hoofdstuk worden een aantal concrete aanbevelingen gedaan naar de verschillende festivals toe om de efficiënte inzet van dit elektronisch medium te optimaliseren. Een schematische analyse van de economische impact van een filmfestival vormt het onderwerp van het vierde hoofdstuk. Hoe kunnen we de economische impact van een filmfestival meten? Welke elementen dienen we bij de analyse te betrekken en hoe verhouden ze zich tot elkaar? Er wordt gestreefd naar een globaal overzicht van de diverse bestedingen en hun samenhang. Het uiteindelijke doel is het vastleggen van domeinen waarover verder onderzoek moet worden verricht. De noodzaak voor filmfestivals om zich van de concurrentie te onderscheiden heeft zijn weerslag op de invulling van de georganiseerde nevenactiviteiten. In hoofdstuk vijf 2
  9. 9. beschouwen we de nevenactiviteiten die het vaakst worden georganiseerd. Hoe tracht de festivalorganisatie met deze activiteiten een meerwaarde te geven aan het festival? Welke fouten moet ze vermijden? Al deze vragen worden beantwoord en uitgebreid geïllustreerd aan de hand van voorbeelden. Het cultureel belang van filmfestivals komt uitgebreid aan bod in hoofdstuk zes. Op welke manier kunnen een reeks filmvertoningen een culturele impact hebben? Wat is daarvoor nodig en welke rol speelt het management daarin? Het antwoord op deze vragen brengt ons tot de kern van filmfestivals. Het laatste hoofdstuk bevat het publieksonderzoek dat werd uitgevoerd. Het onderzoek wil een antwoord geven op de vraag waarom mensen een filmfestival bezoeken. Welke initiatieven dragen hun voorkeur weg? Hoe evalueren ze het huidige aanbod? Is er ruimte voor verbetering en zoja, waar? Een deel van het publieksonderzoek vergelijkt de opvattingen van festivalbezoekers met filmliefhebbers die de stap naar het festivalbezoek nog niet zetten. Het analyseren hiervan kan een leidraad zijn voor het management om nieuwe bezoekers aan te trekken. 3
  10. 10. Hoofdstuk 1: Het artistiek kernproduct en het complementair product Bij de cultuurindustrie in het algemeen dienen we een onderscheid te maken tussen het artistiek kernproduct en het complementair product. In dit hoofdstuk wordt dit onderscheid uitgewerkt voor een filmfestival teneinde beter weer te geven welke activiteiten een filmfestival vervult. 1.1 Theorie Het artistiek kernproduct is datgene wat de kunstenaar schept. Het gaat met andere woorden om een schilderij, een boek, een muziekstuk, een film, … Het artistiek kernproduct is ook datgene waar de bezoeker in essentie voor komt. Het artistiek kernproduct wordt gedomineerd door artistieke en culturele waarden. Onder culturele waarden verstaan we zaken als authenticiteit, schoonheid, vaardigheid, maatschappelijke betrokkenheid, creativiteit, politieke relevantie, internationale uitstraling, …Deze waarden zijn in principe autonoom. ( De Brabander, G., 2004 ) Onder het complementair product verstaan we alle producten en diensten die een organisatie werkzaam in de cultuurindustrie inzet ter ondersteuning van haar hoofdactiviteiten die geconcentreerd zijn rond het artistiek kernproduct. De inhoud van de term zal voor de lezer nog duidelijker worden wanneer die in de volgende paragraaf specifiek wordt toegepast op filmfestivals. 1.2 De theorie toegepast op filmfestivals 1.2.1. Het artistiek kernproduct Het moge duidelijk zijn dat het artistiek kernproduct van een filmfestival betrekking heeft op de vertoonde films. De bezoekers worden aangetrokken door de selectie van films die alle geacht worden een reeks artistieke en culturele waarden te weerspiegelen. Het is ook voornamelijk op het vlak van de films dat een festival als een succes of een flop door het publiek zal worden ervaren. Een sterke selectie is ook het beste middel om klantentrouw te realiseren. Wil men als filmfestival een sterk retentiebeleid voeren dan zal men jaar na jaar het beste van het filmaanbod dat beantwoordt aan de behoeften van de doelgroep moeten zoeken. 4
  11. 11. Toch mag men de invloed van het complementair product niet onderschatten. In de bespreking van het productbeleid ( cfr. infra blz. 10 ) van een filmfestival zal blijken dat een evenement in de praktijk vaak staat of valt op basis van de uitwerking van de complementaire diensten. 1.2.2. Het complementair product Het management van een filmfestival zal erover moeten waken dat het complementair product tot in de puntjes wordt verzorgd. Een deel van het complementair product heeft men echter niet zelf onder controle. Daarom dient men vaak aan externe lobbying te doen. Zo is er de Europese lobbying groep ‘European Coordination of Film Festivals’. De ECFF is een lobbying groep bestaande uit 200 Europese filmfestivals. Ze werd in 1995 opgericht en heeft als missie diensten en projecten uit te werken die de leden in staat stellen de Europese filmindustrie te promoten. Om dit te bereiken worden zes doelstellingen opgesomd op de officiële site ( European Coordination of Film Festivals, 2005 ): - uitwisseling, samenwerking en ervaring delen met andere festivals - het aanmoedigen van internationale samenwerkingsverbanden tussen leden - globale oplossingen zoeken voor gemeenschappelijke problemen - de collectieve impact van festivals op de promotie en verdeling van het Europese bewegende beeld bevorderen - het promoten van de culturele dimensie en de socio-economische rol van festivals - het informeren van Europese en internationale instellingen over activiteiten en kwesties in verband met festivals Het moge duidelijk zijn dat ernaar gestreefd wordt aan networking te doen. Men ijvert ervoor op globaal niveau problemen aan te pakken en activiteiten op touw te zetten die de promotie van de Europese film via festivals vergemakkelijken. Ook de rol van filmfestivals op het culturele en socio-economische front wordt niet uit het oog verloren. In 1997 wordt het ECFF geïncorporeerd als een ‘European Economic Interest Grouping’ ( EEIG ), een ‘Europese Economische Belangengroep’. Hierdoor is het nog beter in staat op Europees niveau de behoeften van haar leden aan te kaarten. ( European Coordination of Film Festivals, 2005 ) 5
  12. 12. Hoewel het geenszins een uitputtende lijst betreft volgt hierna een overzicht van een aantal complementaire diensten die allen bijdragen tot een positieve festivalervaring. 1.2.2.1 Ticketing De organisatie dient te beslissen op welke manier men tickets aan de man zal brengen. De beslissing hierover dient in samenspraak te gebeuren met het management van de diverse festivallocaties. Zo kan worden afgesproken dat de tickets aan dezelfde kassa’s dienen te worden gekocht waar ook de tickets voor de andere voorstellingen van de betreffende instelling worden verkocht. Vaak wordt gekozen om een tijdelijke balie te voorzien. Deze tijdelijke balie vervult niet alleen de ticketingfunctie, maar wordt ook een onderdeel van de communicatie en promotie. Zo wordt het voor het publiek duidelijk dat ze niet alleen voor tickets, maar ook met hun vragen terecht kunnen bij het personeel achter de balie. Voor het management is het de taak ervoor te zorgen dat aan deze verwachting wordt voldaan door competent personeel tewerk te stellen. ( De Brabander, G., 2004 ) De tijdelijke balie kan ook een promotiefunctie vervullen. Door middel van posters, affiches en ander promotiemateriaal wordt de aandacht van de gewoonlijke bezoeker van de locatie op het speciale evenement getrokken. ( De Brabander, G., 2004 ) Een goed voorbeeld van een tijdelijke balie vormde die van het Europees Jeugdfilmfestival in de UGC bioscoop in Antwerpen dit jaar. De UGC bioscoop was slechts een van de verschillende festivallocaties. Om gezien te worden naast de nieuwste Hollywood- blockbusters koos het festival ervoor een opvallende tijdelijke balie te plaatsen. Hoewel tickets konden gekocht worden aan de reguliere kassa’s was dit ook mogelijk aan die tijdelijke balie. Bovendien stonden daar steeds medewerkers van het festival klaar om vragen te beantwoorden. Het programma voor alle andere locaties van het festival was er ook beschikbaar. 1.2.2.2 Inleidingen bij de getoonde films De meningen over het belang van zulke inleidingen in het kader van filmfestivals lopen sterk uiteen. Traditioneel worden de festivalfilms voorafgegaan door een korte inleiding. Deze situeert het verhaal, introduceert de protagonisten, plaatst de film in de context van het land van herkomst, het genre of het oeuvre van de cineast. 6
  13. 13. Tijdens mijn bezoek aan het Filmfestival van Gent kreeg ik diverse meningen te horen. Sommigen apprecieerden de introductie; anderen waren er tegen daar ze bewust zonder enige voorkennis de film wilden zien. 1.2.2.3 Programmabrochures Programmabrochures informeren het publiek over de festivallocaties en hun bereikbaarheid, vertoningen ( filmselectie, zaal, aanvangstijd, … ), toegangsprijzen, nevenactiviteiten, … 1.2.2.4 Informatie voor leerkrachten Films op een filmfestival zijn vaak provocerend en controversieel. Het kan dan ook nuttig zijn om voor leerkrachten een informatiepakket op te stellen omtrent films die zich uitstekend lenen tot een klassikaal debat. Het Internationaal Kortfilmfestival Leuven organiseert het hele jaar door op vraag van scholen voorstellingen van kortfilms. Ook tijdens het filmfestival is dit mogelijk, maar dan staat een grotere zaal ter beschikking. Het festival stelt ook DVD’s met kortfilms ( ‘Selected Shorts’ ) ter beschikking aan scholen zodat zij deze in klasverband als didactisch materiaal kunnen vertonen en bespreken. ( International Short Film Festival Leuven, 2005) Het Open Doek filmfestival in Turnhout zet de leerkracht centraal tijdens het zogenaamde ‘filmhoppen’. Het is een eendaags gebeuren dat de ingeschreven leerkrachten de kans biedt om reeds een deel van de films van het echte festival te bekijken. Zodoende kan men bepalen welke voorstellingen men met de leerlingen wil bijwonen. Plaatsen reserveren voor de groep kan ook tijdens het ‘filmhoppen’. Bovendien worden een aantal workshops georganiseerd die in nog meer leerkrachtenbegeleiding voorzien. Dit is een bewonderenswaardig initiatief om te proberen de jeugd te sensibiliseren voor de betere film. ( Open Doek – Filmeducatie sch-O- len, 2005 ) 1.2.2.5 Winkel Het lijkt op het eerste gezicht niet zo vanzelfsprekend in het kader van een filmfestival een winkel in te richten, maar musea bijvoorbeeld bieden al jaren een groot assortiment van producten aan in een museumwinkel. Zo kan de bezoeker boeken en catalogi, reproducties 7
  14. 14. van de bekendste geëtaleerde werken in postkaartvorm, postervorm of op diverse bedrukte materialen zoals theekoppen, handdoeken, … kopen. De jongste jaren is men met dat soort van winkels zeer ‘creatief’: het kunstenfestival deNachten heeft een winkel boordevol boeken die de ‘typische’ deNachten bezoeker zouden kunnen interesseren: poëzie, klassieke romans en andersglobalistenliteratuur. Met enige inventiviteit kan ook een filmfestival een geslaagde winkel opzetten. Zaak is die producten in het gamma op te nemen die het publiek interesseren. Dit kan een bijkomende bron van financiering zijn voor het festival. Op het Filmfestival van Gent in 2004 werd bijvoorbeeld de mogelijkheid geboden zich de DVD’s van Cinema16 aan te schaffen. Cinema16 is een organisatie die ernaar streeft kortfilms te promoten. De DVD’s bevatten het vroegere werk van bekende Britse en Europese cineasten. Dit is een typisch voorbeeld van een aangeboden product dat perfect aansluit bij de meerwaardezoekende festivalbezoeker. ( Cinema16, 2005 ) 1.2.2.6 Vestiaire Het lijkt me volstrekt onnodig om hier lang bij stil te staan. Een vestiaire is zowat hét meest vanzelfsprekende complementaire product voor een filmfestival. Het komt de hele uitstraling van een festival ten goede. Mits een efficiënte organisatie zal deze bijkomende dienstverlening door het publiek bijzonder geapprecieerd worden. Een treffend voorbeeld van zo’n efficiënte uitwerking kon men zien op het filmfestival van Gent. Men werkte met een soort ‘mobiele vestiaire’. Voor de aanvang van de avondvertoning bevond deze zich aan de ingang van de zalen. Na afloop kon men zijn jas opnieuw ophalen of men kon ervoor opteren eerst naar de receptie te gaan die op de desbetreffende avond werd georganiseerd. De festivalmedewerkers verplaatsten tijdens de receptie de vestiaire van de ingang van de zalen tot een locatie dicht bij de receptie. Zo kon men de jas ophalen bij het verlaten van de receptie. Zulke details in de dienstverlening komen het algemene beeld van het festival ten goede. 1.2.2.7 Toiletten Waarschijnlijk met ruime voorsprong het vaakst gebruikte complementaire product van elk evenement. Uiteraard dient het management een locatie uit te kiezen waar de sanitaire 8
  15. 15. voorzieningen voldoende groot en verzorgd zijn om de verwachte publieksstroom op te vangen. ( De Brabander, G., 2004 ) 1.2.2.8 Horecafaciliteiten in de omgeving De voorstellingen op een filmfestival vinden traditioneel gedurende de hele dag plaats. De nood aan voldoende horecafaciliteiten in de nabije omgeving van het festival dringt zich dan ook op. Bij het selecteren van een geschikte festivallocatie dient het management dit aspect zeker niet over het hoofd te zien. Soms beschikt de locatie zélf over een foyer, een bar of een restaurant, maar kan men onvoldoende bezoekers tegelijkertijd opvangen of zal het drank-en voedselaanbod beperkt zijn tot enkele snacks en versnaperingen. ( De Brabander, G., 2004 ) Daarom zal uitgekeken moeten worden naar horecafaciliteiten in de nabijheid van de festivallocaties. Deze dienen snel en eenvoudig bereikbaar te zijn. Nuttig is ook dat er een aanbod is dat alle budgetten dekt. Soms is het voor een festivalorganisatie mogelijk een tijdelijke samenwerking aan te gaan met de horeca in de buurt. Bepaalde horecazaken zouden aantrekkelijk geprijsde menu’s kunnen aanbieden voor festivalbezoekers. Een andere mogelijkheid is het aanbieden van een korting op vertoon van een toegangsticket. Deze acties zouden via reclame in de programmabrochures of op ter plaatse uitgedeelde flyers bekend kunnen gemaakt worden. 9
  16. 16. Hoofdstuk 2: Filmfestivals en de marketingmix De marketingmix bestaat uit vier onderdelen: het productbeleid, het prijsbeleid, het plaatsbeleid en het promotiebeleid. Deze vier elementen worden kortweg de vier P’s genoemd. In wat volgt zal ik vooreerst elk onderdeel van de marketingmix theoretisch schetsen. Nadien geef ik weer hoe de organisatoren van een filmfestival de marketingmix in de praktijk kunnen omzetten. Waar mogelijk geef ik concrete voorbeelden om de praktische relevantie weer te geven. 2.1 Productbeleid 2.1.1. Theorie In de cultuurindustrie heeft het productbeleid voornamelijk betrekking op het complementair product. Het artistiek kernproduct wordt gedomineerd door artistieke en culturele waarden waarvan de autonomie zoveel mogelijk dient te worden gegarandeerd. ( De Brabander, G., 2004 ) Receptieve instellingen, zoals filmfestivals, vormen een uitzondering op deze regel. Een van de hoofdfuncties van zo’n instelling is het bevorderen van de spreidingsfunctie. De totaliteit van de bevolking dient toegang te hebben tot de kunstwerken die een receptieve instelling tentoonstelt of, in het geval van filmfestivals, vertoont. 2.1.2. Toepassing op filmfestivals – Vereisten voor een goed evenement Een filmfestival is een evenement. Evenementen zijn een bijzondere vorm van het kernproduct. Ze zijn – of beter moeten dit zijn – uitzonderlijk en hebben een eenmalig of repetitief karakter. Een evenement is een concentratie van het kernproduct in tijd en ruimte dat de organisatie een aantal kansen biedt. Uiteraard is niet het hele verhaal positief. Slordig geplande evenementen kunnen het voortbestaan van de organisatie bedreigen en kunnen zelfs een negatieve impact hebben op de locaties waar het evenement werd georganiseerd. ( De Brabander, G., 2004) De festivalorganisatie zal eerst en vooral zorgvuldig de complementaire diensten zoals toiletten, drankgelegenheden, veiligheidsvoorzieningen, … moeten verzorgen. Een evenement 10
  17. 17. kan slechts succesvol zijn wanneer deze diensten optimaal functioneren. ( De Brabander, G.; Gore, C., 2004 ) 2.1.2.1. Een filmfestival dient uitzonderlijk te zijn Cruciaal voor eender welk evenement is het in de verf zetten van het uitzonderlijke karakter ervan. Ook een filmfestival verhoogt zijn aantrekkingskracht als het kan aantonen dat het ‘ a once in a lifetime experience is’. Hier komt de mate van inventiviteit en creativiteit van de festivalorganisatoren het beste tot uiting. Hen staat een breed gamma aan mogelijkheden ter beschikking om de aandacht van de doelgroep te trekken. Uiteraard kan een festivalprogramma boordevol exclusieve avant-premières van langverwachte films het uitzonderlijke element vormen. In de praktijk zijn er grenzen aan het aantal van zulke films dat men kan en wil aantrekken. Daarom moet ook via andere wegen de aandacht van de doelgroep getrokken worden. Deze elementen worden besproken in het deel over de nevenactiviteiten ( cfr. infra blz. 54 ) die een filmfestival organiseert. ( De Brabander, G., 2004 ) 2.1.2.2. De vereiste van een doordacht visitors management Recent was er de tragische gebeurtenis op het Fespaco (‘Le Festival Panafricain du Cinéma et de la Télévision de Ouagadougou’ ) filmfestival in Burkina Faso. Daar veroorzaakte de gratis openingsceremonie zo’n toeloop dat twee mensen in de menigte werden vertrappeld. ( Two Die at Gala Opening of African Film Festival, 2005 ) Het kan ook minder dramatisch: de Belgische regisseur Eric Van Looy werd geconfronteerd met heuse vechtpartijen op het filmfestival van Palm Springs toen vele bezoekers wanhopig in de filmzaal een plaatsje wensten te bemachtigen om ‘De Zaak Alzheimer’ te zien. ( De Foer, S., 2005) Om zulke scènes te voorkomen dient de festivalorganisatie er zich eerst en vooral van bewust te zijn welke films grote publiekstrekkers zullen zijn. De vertoning van zulke films lokt een massa publiek. Soms is het eenvoudig te weten welke films zo’n toeloop op gang zullen brengen. Nieuwe werken van Almodovar, Amenabar, Wong-Kar-Wai, Kim Ki-Duk en andere klinkende namen uit de auteurscinema veroorzaken lange rijen aan de festivalkassa’s en aan de zalen. Het gaat om de nieuwe werken van cineasten die een vaste waarde in het festivalcircuit zijn geworden. Ook de betere film die een reeks bekende acteurs heeft kunnen 11
  18. 18. engageren ( vaak door hen een gage te betalen die veel lager ligt dan wat de acteur gewend is te krijgen ) zal een groot publiek op de been kunnen brengen. Hierbij denken we bijvoorbeeld aan de Kroatische productie ‘Matilda’ waarin Jeremy Irons de hoofdrol van VN soldaat speelt ten tijde van de recentste oorlog in de Balkan. ( Djurica, R., 2004 ) Andere films lijken op het eerste gezicht niet zoveel aandacht te zullen krijgen. Desalniettemin gebeurt het dat er tijdens het festival een zekere ‘buzz’ gecreëerd wordt rond een film die dan onverwacht veel bezoekers begint te trekken. Zo kon niemand voorspellen dat eind jaren ’90 ‘The Blair Witch Project’ zo’n immens succes zou worden. De zalen op het Cannes Festival liepen alsmaar voller en een hype was geboren nadat de film ook nog eens de Youth Award mee naar huis nam. Een recenter voorbeeld is ‘Super Size Me’, de kritische kijk op de fastfood industrie van regisseur Morgan Spurlock. Ook deze film werd een ware hype op het Sundance Festival en trok (over)volle zalen. De onvoorspelbaarheid van het succes van een festivalfilm kunnen we voornamelijk toeschrijven aan de promotiecampagne die wordt gevoerd. Sommige kleinschalige producties zetten allerlei guerilla-reclametechnieken in om de aandacht te trekken. Hierbij denk ik bijvoorbeeld aan de wijze waarop Morgan Spurlock promotie maakte voor zijn fastfood documentaire ‘Super Size Me’. Hij besefte dat T shirts niet langer origineel waren. Teneinde de boodschap uit de film weer te geven maakte hij 1500 ‘Obesity buttons’ ( zie bijlage I ), 250 ‘Unhappy Meals’ en 100 ‘Fat Ronald’ poppen. De ‘Unhappy Meals’ zijn een parodie op de bekende kindermenu’s van McDonalds en Ronald is de clown die McDonalds producten in alle reclamefilmpjes aanprijst. Het werden allen echte gadgets en de film trok volle zalen en lange wachtrijen. Bij The Blair Witch Project betrof het een ingenieus opgebouwde website die perfect in het ‘mockumentary’ element van de eigenlijke film paste. Men trachtte met de site twijfel te doen ontstaan of de gebeurtenissen uit de film echt waren dan wel opgezet. ( Gore, C., 2004, blz.138-139, Obesity Button, 2005, The Blair Witch Project, 2005 ) Welke ingrepen kan de festivalorganisatie uitvoeren om de publieksstroom hanteerbaar te maken? Eerst worden een aantal algemene richtlijnen gegeven die steeds zouden moeten worden gevolgd. Nadien wordt ingegaan op de problematiek van het opvangen van een publiekstoeloop. 12
  19. 19. Om in het algemeen onprofessioneel duw-en-trekwerk te voorkomen zal de organisatie vooreerst moeten bepalen wat de capaciteit van een bepaalde zaal is. De ticketverkoop moet hierop nauwkeurig worden afgestemd. Wanneer de publiekstoeloop groter wordt dan verwacht dienen er extra maatregelen getroffen te worden. Indien er voldoende zalen voorhanden zijn zou men ervoor kunnen opteren extra vertoningen in te leggen. Zo merkte het Europees Jeugdfilmfestival op dat bij de openingsfilm ‘Pluk van de Petteflet’ mensen moesten geweigerd worden omdat de vertoning volledig uitverkocht was. Gelukkig merkte men de teleurstelling op en besloot men extra vertoningen te organiseren. Films die verwachte publiekstrekkers zijn zou men in meerdere zalen tegelijkertijd kunnen programmeren. Bovendien zal de bewegwijzering optimaal moeten zijn om een hoop verdwaalde bezoekers te voorkomen. De festivalmedewerkers – liefst herkenbaar door een met het festivallogo bedrukt T-shirt – dienen ook allen op de hoogte te zijn van de zaal waarin de film speelt om zodoende vragen van de bezoekers te kunnen beantwoorden. 2.1.2.3. Mogelijkheden tot samenwerking Theorie Elke evenement is een uitgelezen gelegenheid voor samenwerkingsverbanden. Er zijn samenwerkingen mogelijk met collega’s, sponsors, de overheid, verenigingen, dienstverleners, … Vermits men voor een goede samenwerking vaak met verschillende actoren en belangengroepen aan de onderhandelingstafel moet zitten houdt dit een proces van networking in. Men legt nuttige contacten die later alle partijen nog voordelen kunnen opbrengen. ( De Brabander, G., 2004 ) Het doel van het aangaan van samenwerkingsverbanden is het ontwikkelen van synergieën. Een synergie houdt in dat het geheel meer is dan de som van de afzonderlijke delen waaruit het is opgebouwd. Synergieën creëren ook goodwill tussen de verschillende partijen wat latere contacten vergemakkelijkt. Men tracht te komen tot een win-win situatie voor alle partijen. ( De Brabander, G., 2004 ) Het belang van partnerships De meeste filmfestivals bestaan uit zo’n complex netwerk van samenwerkingen en bijdragen. Er zijn verschillende voordelen verbonden aan het aangaan van partnerships bij het 13
  20. 20. organiseren van een filmfestival. Zo kunnen partnerships geloofwaardigheid verlenen aan het festival. Partnerships kunnen ook bepaalde vaardigheden aanreiken die ontbreken bij het management team van de festivalorganisatie. Ook kan informatie worden uitgewisseld en advies worden verstrekt. Partnerships kunnen bovendien nuttig zijn voor het vastleggen van de festivalprogrammatie evenals de marketingactiviteit die zal worden ontplooid. Bijzondere aandacht vereisen partnerships die steun verlenen aan de bijkomende activiteiten van een filmfestival. Sprekers en workshopleiders kunnen zo worden benaderd. De rol van partnerships voor het bereiken van bepaalde niche-publieken kan aanzienlijk groot zijn. Tenslotte kunnen partnerships in enkele gevallen tot sponsorschap leiden. ( Alle, S., 2001, blz.4 ) Enkele voorbeelden maken duidelijk hoe de festivalorganisatie nuttige samenwerkingsverbanden kan sluiten. Toronto Het filmfestival van Toronto heeft erg uiteenlopende samenwerkingsverbanden met diverse partners. Eerst en vooral werd ‘Air Canada’ aangeduid als de officiële luchtvaartmaatschappij van het filmfestival. Bezoekers kunnen hun tickets bij Air Canada reserveren via een gratis telefoonnummer. Bovendien genieten ze een bijkomende korting op hun toegangsticket voor het filmfestival. ( Travel and Accomodations, 2005 ) Het filmfestival van Toronto werkt al een paar jaren samen met diverse vrijwilligersgroepen. Op de website worden zij uitvoerig bedankt ( ‘As a charitable, not-for-profit organization, we are grateful for the considerable contributions made by our many volunteers, and know that we could not present the Festival without them’). Bovendien werden zij in 2001 extra in de bloemetjes gezet toen er een documentaire over hen werd gemaakt die nadien vertoond werd op een evenement van de Verenigde Naties ter ere van het begin van het Internationale Jaar van de Vrijwilliger. ( Volunteer Info, 2005, Volunteer Documentary, 2005 ) Een laatste partnership m.b.t. het filmfestival van Toronto betreft de samenwerking met lokale hotels. Deze bieden gunstige arrangementen aan voor bezoekers van het filmfestival. De hotels worden opgenomen op de officiële kaart van het festival waarop de diverse festivallocaties staan. ( Publicmap 2004, 2004 ) 14
  21. 21. Berlinale Het filmfestival van Berlijn heeft ook diverse samenwerkingsverbanden afgesloten. Eén daarvan is het zogenaamde ‘Fresh From Sundance’. De Berlinale heeft een samenwerking afgesloten met het Sundance filmfestival. Zodoende worden in Berlijn een aantal films vertoond die een maand voordien te bewonderen waren op Sundance. Het is het management van het Sundance festival dat de films selecteert, in onderling akkoord met de cineasten. Zo waren er in 2004 maar liefst 16 films – allen zogenaamde ‘indies’ ( independents’ – van de officiële Sundance selectie te zien in ‘Fresh From Sundance’. ( Special Programmes, 2005 ) Het voordeel voor de Berlinale is dat het festival kan uitpakken met een reeks films waar de Berlinale-bezoeker vaak halsreikend naar heeft uitgekeken omwille van lovende recensies op het Sundance festival. Sundance Een ander soort samenwerkingsverband vinden we bij het Sundance festival. Het betreft een partnership met verschillende organisaties om te komen tot een geïntegreerd arrangement. Het gaat om ‘DESTINATION: Sundance Film Festival’ dat van de organisatoren het label ‘the official travel service of the Sundance Film Festival’ meekrijgt. Sundance werkt hiervoor samen met een luchtvaartmaatschappij ( Delta Air Lines ), diverse aanbieders van hotelkamers, flats en luxe-residenties die soms ook ruimte ter beschikking hebben voor zakelijke conferenties of private persvertoningen van festivalfilms ( o.a. David Holland’s Resort Lodging and Conference Center, Deer Valley Lodging, Park City Marriott, The Yarrow Resort Hotel & Conference Center ) en vervoersmaatschappijen die auto’s verhuren of een shuttle dienst onderhouden tussen de Salt Lake luchthaven en de zogenaamde ‘Sundance Village’ (Thrifty Car Rental, Express Shuttle ) ( DESTINATION: Sundance Film Festival, 2005 ) Volgens Sundance zijn er een aantal voordelen verbonden aan deze manier van werken. Eerst en vooral krijgt de bezoeker een gepersonaliseerde dienstverlening. Ten tweede biedt men een heel gamma aan van verblijfsmogelijkheden gaande van hotels en flats tot luxeappartementen en –residenties. Ook het vervoer van en naar de verschillende festivallocaties en de luchthaven wordt geregeld in deze partnerships. Bovendien werkt men met mensen die een zekere expertise hebben opgebouwd op dat specifieke terrein en die daarenboven vertrouwd 15
  22. 22. zijn met de Park City omgeving en het filmfestival. ( DESTINATION: Sundance Film Festival, 2005 ) Samenwerking met de media Ook met de media zijn strategische allianties mogelijk. Zorgvuldig uitgekozen allianties met de media kunnen erg interessante voordelen bieden voor beide partijen. Uiteraard dient de festivalorganisatie zich ervan te vergewissen dat ze samenwerking zoekt met die media die de doelgroep het beste bereiken. Zo zijn er sommige filmtijdschriften die erg aanleunen bij het profiel van de meerwaardezoeker. We denken hierbij voornamelijk aan Film/TV/DVD ( het vroegere Film en Televisie ) in Vlaanderen, Cahiers du Cinéma in Frankrijk en The Independent Video and Film in de Verenigde Staten. Ook sommige kranten hebben cultuurkaternen die nuttig kunnen zijn voor de festivalorganisatie. We zitten hier duidelijk op het raakvlak met het promotiebeleid. Strategische allianties met de media laten namelijk toe om via bijvoorbeeld advertenties de doelgroep het beste te benaderen. Wat in de cultuurindustrie ook gebeurt is dat men in een tijdschrift of krant een advertentie combineert met een kortingsbon op de toegangsprijs. Een recent voorbeeld- weliswaar niet op het domein van de filmfestivals – is de combinatie advertentie-korting voor de Congo-tentoonstelling die in de cultuurbijlage van de Standaard zat. Mijns inziens werd deze piste nog te weinig bewandeld door de festivalorganisaties. Vooral in de cultuurindustrie is de stap die een potentieel bezoeker dient te nemen om over te gaan van een ‘non-user’ naar een ‘light user’ erg groot. Een korting aangeboden in de vorm hierboven besproken kan een mooie drempeloverwinnende aanzet vormen. ( De Brabander, G., 2004 ) Wat krijgt de krant of het tijdschrift in het kader van een samenwerkingsverband? De return kan komen in de vorm van een prominente aanwezigheid op het festival waar de bezoeker bijvoorbeeld tegen gunstige voorwaarden een abonnement zou kunnen nemen op het desbetreffende tijdschrift of de krant in kwestie. Twee praktijkvoorbeelden tonen aan op welke manier een media-alliantie kan ingevuld worden. Eerst wordt de Focus-festivaldag besproken. Nadien wordt nader ingegaan op de wijze waarop de Berlinale de media betrekt in haar evenementstrategie. 16
  23. 23. Vb.1 van een strategische alliantie met de media: de FOCUS-festival dag De FOCUS-festivaldag is een initiatief van de cultuur-en media-bijlage FOCUS van het tijdschrift Knack. In samenwerking met het Filmfestival van Gent worden op de laatste dag van het festival vijf films vertoond uit het festivalprogramma die een staalkaart bieden van datgene waarvoor het festival staat. Het is weliswaar de eindredacteur van FOCUS, Patrick Duynslaegher, die de selectie maakt. Omdat de selectie slechts de dag zelf bekend wordt gemaakt is dit initiatief duidelijk toegespitst op diegenen die wel geïnteresseerd zijn in het festival,maar niet de kans hebben om vertoningen bij te wonen. De prijs van de FOCUS- festivaldag wordt bewust laag gehouden: € 25 voor de vijf films. FOCUS Knack versterkt zijn imago van kwalitatief hoogstaande cultuurbijlage. Het Filmfestival van Gent heeft ook vruchten kunnen plukken van de samenwerking. De redactie van FOCUS Knack brengt een speciale festivalbijlage op de markt met alle informatie omtrent het grootste filmfestival van België. Bovendien wordt ook in de reguliere uitgave van FOCUS Knack uitgebreid aandacht besteed aan het festival. Vb.2 van een strategische alliantie met de media: Media Partners van de Berlinale De Berlinale heeft vier mediapartners, Der Tagesspiegel, Radioeins, Deutsche Welle TV en RBB Television. In wat volgt zal ik de samenwerking tussen het festival en de mediapartners belichten. Der Tagesspiegel is een krant. Het officiële festivalprogramma wordt bij de krant geleverd de dag nadat de festivalorganisatie een grote persconferentie geeft. Het programma bevat ook enkele festival-‘highlights’ en wordt gratis verspreid op de verschillende festivallocaties, in bioscopen, hotels en het perscentrum. Tijdens het festival ligt Der Tagesspiegel gratis ter beschikking van de bezoekers. Bovendien zullen artikels in de krant over het festival steeds voorzien worden van een webadres waar de lezer terecht kan voor meer informatie. Dit is écht een nuttige samenwerking die voor beide partners vruchten afwerpt. De Berlinale komt in het nieuws en kan de kosten van het drukken van het festivalprogramma delen met Der Tagesspiegel. De krant bereikt op een korte tijd een erg groot publiek en zal misschien nieuwe lezers kunnen werven. ( Media Partners, 2005 ) De radiozender Radioeins is al acht jaar een partner van de Berlinale. Tijdens het festival worden diverse programma’s gewijd aan het festival. Ook worden er interviews met 17
  24. 24. festivalgasten uitgezonden. Radioeins biedt op zijn website ook tips aan voor bezoekers, onderhoudt een ‘Ticket-Info-Hotline’ en reikt samen met het tijdschrift Tip een eigen prijs uit. Ook dit lijkt me een interessant samenwerkingsverband daar het festival hier weer een nieuwe manier heeft om potentiële bezoekers te overtuigen. De radiozender komt zelf ook weer in de belangstelling te staan, vooral op de avond van het uitreiken van de eigen ‘Panorama Audience Award’. ( Media Partners, 2005 ) De samenwerking met de televisiezender Deutsche Welle TV heeft twee doelstellingen. Ten eerste dient de belangrijke nevenactiviteit ‘Berlinale Talent Campus’ in de verf gezet te worden. Ten tweede zorgt Deutsche Welle TV ervoor dat het filmfestival internationaal aandacht krijgt. Deutsche Welle TV wijdt verscheidene programma’s aan de ‘Berlinale Talent Campus’ en ondersteunt ook de eerste fase, de aanvraag tot participatie. Het is ook deze zender die de officiële festivaltrailer ter promotie uitzendt in maar liefst 190 landen. Daar de ‘Talent Campus’ een van de paradepaardjes is van de Berlinale en bijgevolg ook een manier is om zich van de concurrentie te onderscheiden lijkt me dit partnership cruciaal. Ook het immense bereik van de festivaltrailer die Deutsche Welle TV kan verzekeren is van groot belang voor een festival met internationale ambities. ( Media Partners, 2005 ) De Berlinale heeft met nog een televisiezender, RBB Television, een samenwerkingsakkoord afgesloten. RBB Television staat onder andere in voor de live reportage en ‘video streaming’ van de openingsceremonie, dagelijkse reportages omtrent het festival en het uitzenden van de festivaltrailer. ’s Nachts zendt RBB Television de persconferenties integraal uit. Het rechtstreeks uitbrengen van een verslag van de openingsceremonie vereist een zekere expertise. Het is duidelijk dat de festivaldirectie daarvoor een betrouwbare partner heeft gevonden. Dagelijkse reportages vestigen de aandacht op het festival en de festivaltrailer vervult zijn promotionele functie uiteraard beter wanneer meerdere televisiestations die uitzenden. ( Media Partners, 2005 ) 2.1.2.4. Aantrekken van een nieuw publiek Een evenement kan ervoor zorgen dat een nieuw publiek wordt aangetrokken voor andere activiteiten van de organiserende instelling. Indien het management dit voor ogen houdt kan het ervoor zorgen dat het drempelverlagend effect ten volle benut wordt. In de niet- 18
  25. 25. festivalsector denk ik bijvoorbeeld aan deNachten dat jaarlijks georganiseerd wordt in deSingel. De mengeling van mainstream en alternatieve muziekgroepen en schrijvers in één locatie zorgt ervoor dat ook de minder bekenden een kans maken om hun doelgroep te bereiken. Ongetwijfeld zal dit evenement ook nieuwe bezoekers naar de andere voorstellingen in deSingel lokken. ( De Brabander, G., 2004 ) Ook voor filmfestivals lijkt dit een belangrijk element. Een filmfestival zou de ‘betere’ film onder de aandacht kunnen brengen en zou ook de alternatieven voor de commerciële bioscoopcomplexen in de schijnwerpers kunnen zetten. In België nog te weinig bekeken lijkt me de samenwerking tussen filmfestivals en arthouse cinema’s. Het lijkt me voor de hand liggend dat de doelgroep van de arthouse cinema’s grotendeels overlapt met die van filmfestivals ( met als nuance dat dit misschien minder het geval is voor festivals rond nichegenres zoals animatie- of horrorfilms ). Volgens mij zou het een goed idee zijn het management van de arthouse cinema’s rond de tafel te zetten met de organisatoren van filmfestivals in dezelfde regio. De arthouse cinema’s zijn eerst en vooral uitstekende festivallocaties. Ze beschikken over de ( technische ) expertise om projecties te verzorgen. Bovendien hebben ze een loyaal publiek dat ongetwijfeld ook aangetrokken zal zijn tot de festivalselectie. Vaak hebben ze in de loop der jaren een netwerk van contactpersonen opgebouwd waardoor ze makkelijker aan bijvoorbeeld oude films kunnen geraken waar nog maar weinig exemplaren van bestaan. Een samenwerking zou ook voor de arthouse cinema’s voordelen kunnen opleveren. Men krijgt nieuwe bezoekers over de vloer die een zekere interesse hebben voor de auteurscinema. Hen trachten te overhalen vaker de arthouse cinema te bezoeken is de boodschap. Rest me nog om kort in te gaan op de moeilijke beschikbaarheid van oudere films. Ik wees reeds op de contacten van de arthouse bioscopen om aan deze prints te geraken. Ook een samenwerking met bijvoorbeeld een filmmuseum kan vruchten afwerpen. Deze musea beschikken over uitgebreide archieven boordevol unieke stukken. Een filmfestival dat in samenspraak met het museum zo’n films kan vertonen kan het uitzonderlijke karakter van het evenement bij de doelgroep sterk in de verf zetten. Men dient echter wel rekening te houden met de problematiek van het verzekeren van de museumstukken tegen verlies, diefstal of beschadiging. Het management van het filmfestival zal dergelijke verzekeringen in de kostenberekening niet mogen vergeten. Ook voor het museum biedt zo’n samenwerking tal van perspectieven voor het aantrekken van een nieuw publiek. Mensen kunnen op het 19
  26. 26. filmfestival namelijk geïnteresseerd raken in de filmgeschiedenis. Vooral wanneer het filmmuseum als festivallocatie kan ingezet worden, is de link snel gelegd. Momenteel zien we op kleine schaal een dergelijke samenwerking in Antwerpen. Daar hebben we het Filmmuseum – zelf gehuisvest in het gebouw van het Fotomuseum – dat in 2003 fusioneerde met het MuHKA ( Museum van Hedendaagse Kunst Antwerpen ). MuHKACinema vertoont wekelijks enkele recente films alsook oude werken uit de auteurscinema. Hiervoor werkt men samen met het Filmmuseum. Ook worden regelmatig films vertoond van het Internationaal Filmfestival van Rotterdam. Bovendien wordt het Filmmuseum ook ingezet als locatie voor het Europees Jeugdfilmfestival. Ik pleit er openlijk voor dat er meer creatieve partnerships tot stand komen in de sector van de filmfestivals. 2.2 Prijsbeleid 2.2.1 Theorie De grootste drempel voor cultuurparticipatie is en blijft de prijs. Het is algemeen bekend dat de betalingsbereidheid van mensen voor cultuurproducten erg laag ligt. Uiteraard is dit ook de hoofdreden waarom de overheid subsidies toekent . Dit kadert opnieuw in het sociale mix debat. De overheid legt beleidsdoelen vast waaruit duidelijk naar voren komt dat het haar taak is ervoor te zorgen dat niemand wordt uitgesloten van cultuurparticipatie. Het is de logica zelve dat mensen met een lager inkomen andere prioriteiten hebben en dus een lage betalingsbereidheid hebben voor producten uit de kunst- en cultuurindustrie. ( De Brabander, G., 2004 ) Bij het vastleggen van de prijs kan het management een verband leggen met de kosten of kan ze kijken naar de marktsituatie. Het spreekt voor zich dat de organisatie op korte en lange termijn kostendekkend moet werken. Ook de marksituatie kan een goede richtlijn zijn voor de prijsbepaling. Men kan bijvoorbeeld nagaan wat concurrenten in de sector als prijs hanteren. ( De Brabander, G., 2004 ) Een belangrijke factor bij de prijsbepaling is de betalingsbereidheid van de doelgroep. Afhankelijk hiervan leert de klassieke marketing-theorie ons dat drie verschillende strategieën 20
  27. 27. kunnen gehanteerd worden: een penetratiestrategie, een afroomstrategie en een strategie waarbij een snob/prestige-effect wordt nagestreefd. Bij een penetratiestrategie zal men vooreerst de prijs laag zetten om mensen te overhalen het product of de dienst te proberen. Vervolgens wordt de prijs stelselmatig verhoogd. Bij een afroomstrategie vertrekt men van een dure prijs waarbij men dus veel winst maakt. Zodra men merkt dat de doelgroep zich niet langer bereid verklaart de hoge prijs te aanvaarden zal men deze verlagen. Indien men bewust een hoge prijs blijft hanteren om aldus aan het product of dienst een zeker prestige mee te geven dan spreekt men van een prijsstrategie die uitgaat van het zogenaamde snobeffect. ( Bruyland, M, 2001; Leibenstein, H, 1950 ) Het prijsbeleid kunnen we ook in verband brengen met het realiseren van klantentrouw. Zo kan men bijvoorbeeld met abonnementen werken. Toch dienen we te beseffen dat klantentrouw het beste bereikt wordt door het nastreven van publiekstevredenheid over het kernproduct. De prijs is een uitermate krachtig instrument in de promotie van het evenement. De lezer vindt deze toepassing verder in de tekst bij het onderdeel ‘Promotiebeleid’. 2.2.2 Toepassing op filmfestivals 2.2.2.1 Prijsbepaling op basis van de marktsituatie Om na te gaan of filmfestivals rekening houden met de prijzen van concurrenten werd een schema opgesteld met een aantal prijzen. De lezer dient de volgende elementen in acht te nemen: - het schema bevat enkel de Belgische festivals die ook besproken worden in andere hoofdstukken van deze eindverhandeling, - de prijzen werden steeds opgezocht op de officiële site of in het programmaboekje - de prijzen hebben slechts betrekking op de hoofdlocatie van het festival - enkel de prijzen voor het kernproduct, de filmvertoningen, staan vermeld - een zwart vlak wil zeggen dat de desbetreffende prijs niet meegedeeld werd 21
  28. 28. Gent Anima BIFFF Afrika Leuven Kort Open Doek Jeugd Algemeen € 8,50 € 6,50 ( met €7 € 6,50 € 5,50 € 7 ( € voor (6) ) € 7,70 ( € 5,90 (€ 6.50 met korting (1) € ( € 6 voor (2) ) ( € 5,50 voor (4); ( € 4 voor (5) ) voor (7), gratis korting*) 5,50 ) € 5 voor films op voor na 18u maandag ) leerkrachten Algemeen vóór € 5,50 €5 €5 € 4,90 bepaald uur (€ 4,40 met ( € 4,50 voor voor 20u voor 11u korting*) (2) ) voor 18u voor 20u30 en na 22u30 Kinderen € 5,50 € 5,50 €5 € 5,90 met korting (1) : € 4,50 -16 jaar Opening en slot € 12 ( € 11 € 10 ( opening ) voor (2) ) Meerdere tickets € 60 € 25 voor € 15 € 24 € 5 per ticket voor € 28,40 volwassenen 5 vertoningen 6 groepen van UGC 5-kaart € 20 voor € 25 vertoningen minstens 12 € 34,50 # =10 kinderen 10 vertoningen personen ) UGC 7-kaart 5 vertoningen Wild Card € 6 voor 2 tickets Ongelimiteerd € 60 Kortfilms € 3 ( € 2 voor (3) ) 22
  29. 29. Antwerpen Novo Viewpoint Algemeen € 7,70 ( € 5,90 € 6 ( € 5 voor (9) ) voor (8) ) Algemeen vóór bepaald uur Kinderen € 5,90 € 5,50 met korting (1) : € 4,50 -16 jaar Opening en slot € 5,90 ( € 10 ( opening ) opening ) Meerdere tickets € 28,40 € 30 UGC 5- 6 vertoningen kaart € 43 € 34,50 10 vertoningen UGC 7- kaart Wild Card Ongelimiteerd € 14,90 per € 110 maand (UGC Unlimited ) Kortfilms *Kortingtarief voor -26, 55+ en werkzoekenden, Fortis bankkaarthouders, Fnac en Knack Clubleden en Vrienden van het Festival (1) Korting kan verkregen worden op vertoon van de studentenkaart, CJP-pas, genietersbon Delhaize, lidkaart FNAC, lidkaart Ligue des Familles of De Bond, Knack-clubleden. Cultuurwaardebons worden aanvaard. (2) Werklozen, Studenten, Mindervaliden, 65+ ers (3) Werklozen, Studenten, Mindervaliden, 65+ ers, Fnac (4) Kinderen, studenten, 60+ (5) Met STUK-kaart 23
  30. 30. (6) Houders van een abonnement, -25 jarigen (7) Kinderen, groepen, studenten (8) Studenten (9) Studenten en groepen vanaf 15 personen Bron: Officiële festivalsites en programmaboekjes 24
  31. 31. Het schema leert ons dat over het algemeen de prijzen vrij gelijklopend zijn. Het gemiddelde van de algemene prijzen is € 7. Wanneer een korting voor dit tarief wordt toegekend zakt de prijs tot gemiddeld € 5,5. Bij sommige festivals is een ticket voor voorstellingen vóór een bepaald uur goedkoper. De prijs is dan gemiddeld € 5. Kinderen kunnen voor gemiddeld € 5,5 een filmvertoning bijwonen, hoewel de prijs nog lager ligt bij sommige festivals voor –16 jarigen. Openings-en slotfilms zijn hoger geprijsd bij BIFFF, Open Doek en Novo. De meeste festivals houden gewoon hun standaardprijzen voor die vertoningen. Enkel het filmfestival van Antwerpen kiest ervoor de openingsfilm voor iedereen aan een gunstig tarief aan te bieden. Er zijn ook enkele opmerkelijke verschillen tussen de prijzen m.b.t. zogenaamde ‘volume- aankopen’, met andere woorden indien men meerdere tickets koopt. Bij het filmfestival van Gent kan men voor € 60 tien vertoningen bekijken. De eenheidsprijs is dus € 6. Wanneer we op een analoge manier rekenen vinden we bij Anima een eenheidsprijs van € 5 voor volwassenen en € 4 voor kinderen. Het Afrika filmfestival is erg voordelig voor wie meerdere tickets koopt: € 3 per ticket voor wie een kaart van 5 vertoningen koopt en € 2,5 per ticket voor een kaart van 10 vertoningen. Bij het kortfilmfestival van Leuven is de eenheidsprijs € 4. Voor het Europees Jeugdfilmfestival en het filmfestival van Antwerpen is dit € 6,9 of € 5,68 naargelang de gekozen formule. Door tenslotte bij Cinema Novo meerdere tickets te kopen doet men de eenheidsprijs dalen tot € 5 of € 4,3 naargelang het aantal vertoningen. Uiteindelijk kan men concluderen dat filmfestivals rekening houden met elkaars prijzen om niet als opvallend duur te worden gepercipieerd. Toch kan men zeker niet spreken van een situatie waarin ze elkaar met argusogen volgen. Het is namelijk zo dat de opgesomde festivals zich willen differentiëren en daardoor kiezen voor een bepaald nichepubliek. Daardoor kan men hen geen rechtstreekse concurrenten noemen en heeft het ene festival ten opzichte van het andere wat speling om in functie van de doelgroep de prijs iets hoger of iets lager te zetten. 2.2.2.2 Filmfestivals en de te volgen prijsstrategie Bij vele organisaties is het bepalen van de juiste prijs voor hun producten of diensten cruciaal voor het voortbestaan. Het is opmerkelijk dat deze problematiek voor de festivalorganisatie een minder grote rol zal spelen. Zij zal zich hoofdzakelijk moeten bezighouden met een programma dat de doelgroep aanspreekt, het vastleggen van de locaties, het actief zoeken van 25
  32. 32. strategische partnerships en allianties, het organiseren van de nevenactiviteiten, het plannen van de reclame-inspanningen en het verzorgen van de complementaire producten. De prijs kan kaderen in een overkoepelende strategie m.b.t. promotie, maar het is heel moeilijk voor de festivalorganisatie om een algemene prijs vast te leggen die hoger is dan de prijs van een gewone filmvoorstelling. Dit is bijvoorbeeld erg opvallend bij de prijzen van het Europees Jeugdfilmfestival en het Filmfestival van Antwerpen. Voor beiden is de hoofdlocatie van het festival de UGC bioscoop in Antwerpen en hanteert men ook de gangbare UGC-prijzen voor de festivaltickets. 2.3 Plaatsbeleid Het plaatsbeleid voor een filmfestival lijkt op het eerste zicht een rechttoe-rechtaan gelegenheid: de locaties dienen in staat te zijn films te projecteren. Toch komt er voor het management meer bij kijken. De grootste bekommernis voor de festivalorganisatie is de fysieke toegankelijkheid van de locatie(s). In de eerste plaats wordt hiermee de bereikbaarheid van het festival bedoeld. De organisatie dient ernaar te streven een locatie te kiezen die zowel met de wagen als met het openbaar vervoer vlot bereikbaar is voor de doelgroep. Een tweede element van de fysieke toegankelijkheid betreft de speciale voorzieningen op de locatie zelf. Hierbij denken we bijvoorbeeld aan liften en hellende vlakken voor rolstoelgebruikers evenals een speciale toegang en begeleiding voor mensen die slecht te been zijn. ( De Brabander, G., 2004 ) Andere elementen waarmee het management rekening moet houden zijn het imago en de uitstraling. Een arthouse cinema als locatie kiezen voor het festival zendt een duidelijk signaal uit m.b.t. het soort films dat er vertoond zullen worden. De verwachtingen die bij het publiek heersen moeten ingelost worden. Het spreekt voor zich dat de locatie moet aangepast zijn aan het gewenste publieksbereik. Het betreft een keuze die de festivalorganisatie moet maken en die bepalend is voor het feit of men een samenwerking nastreeft met een grote bioscoop dan wel met een kleiner zalencomplex. Tenslotte zal ook de financiële kost een belangrijke factor zijn voor het management in het keuzeproces. 26
  33. 33. 2.4 Promotiebeleid Het promotiebeleid is de laatste marketingmixvariabele. Promotie kan zowel strategisch als tactisch zijn. Een strategisch promotiebeleid houdt een lange termijn visie in. Een tactisch promotiebeleid tracht in te spelen op korte termijn opportuniteiten. In dit deel zal het promotiebeleid besproken worden m.b.t. het prijsbeleid, het plaatsbeleid en het communicatiebeleid. De praktische relevantie wordt zoveel mogelijk benadrukt door de theorieën te illustreren aan de hand van recente voorbeelden. 2.4.1 Met betrekking tot het prijsbeleid De prijs is een vaak gebruikt instrument voor het promotiebeleid. De mogelijkheden zijn legio: volumekortingen, kortingen voor bepaalde groepen ( jongeren, ouderen, gehandicapten, werklozen enz. ), kortingen in ruil voor strategische allianties, … In het kader van het productbeleid werden strategische allianties behandeld ( cfr. supra blz. 13 ). Het ging om samenwerkingen met bijvoorbeeld de media, collega’s, de overheden, … teneinde synergieën te creëren die tot een win-win-situatie leiden voor beide partijen. In deze paragraaf ligt de nadruk op het gebruik van kortingen om de participatie van de doelgroep te bevorderen. Ook wordt aandacht besteed aan het principe van ‘peak load pricing’. 2.4.1.1 Filmfestivals en kortingen Een filmfestival kan verschillende kortingssystemen hanteren. Ik illustreer ze allen aan de hand van enkele voorbeelden waarbij wordt verwezen naar het schema op bladzijden 22, 23 en 24. Een eerste soort kortingen zijn de volumekortingen. Deze worden toegekend wanneer meerdere tickets in één keer worden gekocht. Er zijn in de praktijk twee soorten volumekortingen: een eerste wanneer men in groep tickets koopt, een tweede wanneer men eenvoudigweg meerdere tickets in één keer koopt, ongeacht of men ze nu allen alleen gebruikt of in groep. Op het schema zien we dat beide soorten volumekortingen vaak voorkomen. Een voorbeeld van het eerste type is het prijsbeleid van het filmfestival Open Doek. Voor Open Doek is het normale toegangstarief € 7,70. Wanneer men voor een groep van minstens 12 personen tickets koopt, daalt de eenheidsprijs tot € 5. Een voorbeeld van het tweede type vinden we bij het Europees Jeugdfilmfestival en het Filmfestival van Antwerpen. Voor beide 27
  34. 34. festivals kan de bezoeker gebruik maken van de UGC5- en UGC7-kaarten. Beide kaarten bevatten 5 toegangstickets en bieden een volumekorting. De UGC-5-kaart doet de prijs per ticket dalen van € 7,70 tot € 5,68; de UGC-7-kaart doet de prijs slechts dalen tot € 6,9, maar kan in tegenstelling tot de UGC-5-kaart ook in het weekend gebruikt worden. Verdere informatie over deze kaarten kan de lezer vinden in bijlage II. Een tweede soort kortingen zijn de kortingen voor bepaalde groepen. Hierbij denken we aan jongeren, ouderen, gehandicapten, werklozen, … Men gaat ervan uit dat het aanbieden van een aantrekkelijke prijs noodzakelijk is om deze doelgroepen aan te zetten tot ( een hogere ) participatie. Zo hanteerde het Europees Jeugdfilmfestival een korting voor kinderen en studenten. Deze betaalden slechts € 5,90 in plaats van € 7,70 voor een ticket. In het kader van dit festival waar films vaak erg bruikbaar zijn om in een klassikale context te bespreken was de toegang voor leerkrachten op vertoon van hun leerkrachtenkaart helemaal gratis. Algemeen kunnen we op basis van de tabel besluiten dat studenten, kinderen, werklozen en 60/65- plussers de meest begunstigde groepen zijn bij dit soort kortingen. 2.4.1.2 Filmfestivals en peak load pricing Peak load pricing wil zeggen dat men een hogere prijs hanteert voor momenten met een grote vraag. In de praktijk stelt men vast dat een aantal filmfestivals inderdaad een hogere prijs vragen voor de drukke momenten. De grens waarbij men overgaat van een lagere naar een hogere prijs verschilt van festival tot festival. Voor het Europees Jeugdfilmfestival ligt de grens op 11u omwille van het jonge publiek. Voor het filmfestival van Gent markeert 18u de overgang van een gunstig tarief naar het duurdere tarief. Open Doek en BIFFF gebruiken respectievelijk 20u en 20u30 als grens. De laatavondvoorstellingen ( later dan 22u30 ) zijn bij BIFFF opnieuw lager geprijsd. Vermits de desbetreffende locatie voor de duur van het festival wordt gebruikt is het noodzakelijk dat de zalen niet leeg blijven staan. Werken via het principe van peak load pricing laat de festivalorganisatie toe door middel van een lagere prijs de vertoningen op ongewone tijdstippen aantrekkelijker te maken. 28
  35. 35. 2.4.2 Met betrekking tot het plaatsbeleid Om de bereikbaarheid van de festivallocatie(s) te bevorderen kan de organisatie overwegen samenwerkingsverbanden te sluiten met de openbare vervoersmaatschappijen om zogenaamde combitickets aan te bieden. Dit soort ticket is een combinatie van een toegangsticket tot het festival en een tram-, bus-, of treinticket. Het tarief van het combiticket is gunstiger dan het apart aanschaffen van de verschillende tickets. 2.4.3 Met betrekking tot het communicatiebeleid Promotie voeren via communicatie is het meest gevoerde promotiebeleid. Het betreft alle vormen van promotie via bijvoorbeeld affiches, advertenties, televisiespots enz. Het programmaboekje kan ook als communicatie-instrument worden ingezet. Vereist is dat het verspreid wordt op plaatsen waar het de doelgroep van het festival kan bereiken. In bijlage III vindt de lezer voorbeelden van promoties via communicatie. 29
  36. 36. Hoofdstuk 3: De impact van elektronische media De laatste jaren heeft de razendsnelle evolutie in de informatietechnologie iedereen met verstomming geslagen. Niet alleen voor de profitsector, maar ook voor de gesubsidieerde sector hebben de elektronische media nieuwe opportuniteiten en nieuwe bedreigingen in het leven geroepen. Dit hoofdstuk gaat dieper in op de vraag hoe filmfestivals heden ten dage het belangrijkste nieuwe media-instrument, een website, inzetten. 3.1 Websites – Een vergelijkend onderzoek Niemand kan in twijfel trekken dat het hebben van een website een absolute must is geworden voor elke organisatie. Ook de sector van filmfestivals is goed vertegenwoordigd op het wereldwijde web. Een website kan de beleveniswaarde van het evenement maximaliseren wanneer de uitwerking tot in de puntjes is verzorgd. Hieronder volgt een lijst met rubrieken die ik terugvond op diverse officiële websites van filmfestivals. Ik bespreek steeds de invulling ervan, waarom naar mijn mening de festivalorganisatie ze opnam op de website en welke verbeteringen ik eventueel zou aanbrengen. Op het einde duid ik de lacunes aan van sommige filmfestivals op dit aspect en geef ik aanbevelingen. Ik heb steeds de volgende sites geraadpleegd ( op 15 februari 2005 ) Naam festival URL website Internationaal Filmfestival van Vlaanderen – http://www.filmfestival.be/ Gent Anima - Brussels Cartoon and Animated http://www.awn.com/folioscope/ Film Festival Brussels International Festival of Fantastic http://www.bifff.org/ Film Internationaal Filmfestival van Brussel Dit filmfestival bestaat niet meer! Afrika Filmfestival http://www.afrikafilmfestival.be/ Leuven Kort http://www.kortfilmfestival.be/ Open Doek(het vroeger Focus op het Zuiden) http://www.opendoek.be Europees Jeugdfilmfestival http://www.kidfilm.be Filmfestival Antwerpen http://www.filmfestivalantwerpen.be/ 30
  37. 37. Cinema Novo http://www.cinemanovo.be/ Viewpoint - Documentair Filmfestival http://www.studioskoop.be/Vp2004/info.htm Cannes http://www.festival-cannes.fr/ Berlijn http://www.berlinale.de/ Toronto http://www.e.bell.ca/filmfest/2004/default.asp en http://www.tiffg.ca/ Sundance http://www.sundance.org/ Venetië http://www.labiennale.org/ 31
  38. 38. Gent Anima BIFFF Afrika Leuven Open Jeugd Antwerpen Novo Viewpoint Cannes Berlinale Toronto Sundance Biennale Kort Doek Talen Nieuws- Rubriek Nieuws- Archief Nieuws-brief Contact Sponsors… Kalender Programma huidig Programma vorig Filminfo Ticketinfo Tickets on- line Locatie-info 32
  39. 39. Gent Anima BIFFF Afrika Leuven Open Jeugd Antwerpen Novo Viewpoint Cannes Berlinale Toronto Sundance Biennale Kort Doek Locatie bereikbaar Palmares Huidig Palmares Vorige Juryleden Filmmarkt- Info Nevenact. Info over hotels Info over rest. Pers Gasten Geschiedenis Missie Zoekmachine Programma Zoekmachine site 33
  40. 40. Gent Anima BIFFF Afrika Leuven Open Jeugd Antwerpen Novo Viewpoint Cannes Berlinale Toronto Sundance Biennale Kort Doek Foto-gallerij Video’s Dagverslagen Live video streaming On-line winkel Externe links FAQ Forum/Gas- tenboek Scholen Vacatures Eigen filmlijst Bijkomende info Dresscode, veiligheid Wedstrijden Reportage bezoekers 34
  41. 41. Gent Anima BIFFF Afrika Leuven Open Jeugd Antwerpen Novo Viewpoint Cannes Berlinale Toronto Sundance Biennale Kort Doek Gebruik logo’s Wireless LAN, GSM’s TV-zendtijd Filmmaker’s blog Legende: Geel=aanwezig op de site; Groen=niet aanwezig op de site Som ( op een totaal van 46 ) Gent Anima BIFFF Afrika Leuven Open Jeugd Antwerpen Novo Viewpoint Cannes Berlinale Toronto Sundance Biennale Kort Doek 28 21 22 14 19 15 14 12 19 11 33 29 28 30 27 Uiteindelijke volgorde: 1.Cannes 7.Anima 2.Sundance 8.Leuven Kort/Novo 3.Berlinale 9.Open Doek 4.Toronto/gent 10.Afrika/Jeugd 5.Biennale 11.Anwterpen 6.BIFFF 12.Viewpoint 35
  42. 42. Site beschikbaar in meerdere talen Aanwezig op de sites van: Gent, EJFF, Anima, BIFFF, Afrika, Leuven, Novo, Cannes, Berlinale, Biennale Het beschikbaar stellen van de officiële website in verschillende talen is cruciaal indien men buitenlandse bezoekers adequaat wil informeren. Een groot aantal filmfestivals bieden hun site dan ook in meerdere talen aan. Buiten Open Doek, Antwerpen en Cinema Novo boden de Belgische filmfestivals uit mijn analyse allen een meertalige site aan ( meestal Nederlands, Frans en Engels ). Van de internationaal belangrijkste festivals bieden de Europese festivals een site aan in zowel de ‘eigen’ taal ( Frans voor Cannes, Duits voor de Berlinale en Italiaans voor de Biennale ) als in het Engels. Nieuwsrubriek Aanwezig op de sites van: Gent, EJFF, Anima, BIFFF, Afrika, Leuven, Open Doek, Antwerpen, Novo, Viewpoint, Cannes, Berlinale, Toronto, Sundance, Biennale Elke site die ik bezocht had een nieuwsrubriek. Een nieuwsrubriek bevat alle up-to-date informatie over het festival. Het is in de nieuwsrubriek dat ook zaken vermeld worden zoals het wegvallen van een bepaalde film en welke vervangfilm vertoond wordt. Wanneer een gast plots afzegt of men op het laatste nippertje in staat is een extra gast te boeken is de nieuwsrubriek de plaats bij uitstek om de bezoekers hiervan op de hoogte te brengen. Een nieuwsarchief Aanwezig op de sites van: Gent, Afrika, Cannes, Berlinale, Toronto, Sundance, Biennale In een nieuwsarchief vindt de bezoeker alle berichten uit de nieuwsrubriek. Sommige sites houden enkel de berichten bij van de nieuwsrubriek van de lopende/laatste editie. Anderen, vooral de internationaal belangrijkste festivals, stellen de ganse site van vroegere edities ter beschikking waaronder uiteraard een volledig nieuwsarchief. Een nieuwsbrief Aanwezig op de sites van: Gent, Open Doek ( maar functioneert momenteel niet (e-zine) ), Novo, Cannes, Toronto, Sundance Nieuwsbrieven werken steeds op dezelfde manier: de bezoeker geeft zijn/haar e-mail adres en krijgt op geregelde tijdstippen een mail van het filmfestival met de nieuwste informatie. Het is 36
  43. 43. vooral een middel om mensen op de hoogte te houden van het jongste nieuws zonder te verwachten dat men elke dag de officiële festivalsite raadpleegt. ‘Contacteer ons’ – pagina Aanwezig op de sites van: Gent, EJFF, Anima, BIFFF, Afrika, Leuven, Open Doek, Antwerpen, Novo, Viewpoint, Cannes, Berlinale, Toronto, Sundance, Biennale Met een ‘Contacteer ons’-pagina bedoelt men een lijst met contactgegevens zoals het adres, telefoonnumer, faxnummer, mail-adres, … van de festivalorganisatie. Elke festivalsite die werd geraadpleegd had zo’n pagina. Lijst met de sponsors, subsidiënten, donoren, partners, … Aanwezig op de sites van: Gent,EJFF, Anima, BIFFF, Afrika, Leuven, Open Doek, Antwerpen, Novo, Viewpoint, Cannes, Berlinale, Toronto, Sundance, Biennale Elke site uit het onderzoek vermeldde duidelijk haar financiers en partners. Festivalagenda/kalender Aanwezig op de sites van: Gent, EJFF, Anima, BIFFF, Afrika, Leuven, Antwerpen, Novo, Viewpoint, Berlinale, Toronto, Sundance, Biennale Hiermee bedoelt men een kleine kalender waar de bezoeker een bepaalde dag kan aanklikken om vervolgens een overzicht te krijgen van alle vertoningen en activiteiten van die bewuste dag, liefst met aanvangsuur en locatie erbij vermeld. Met uitzondering van Open Doek en Cannes hadden alle bezochte sites een festivalagenda/kalender. Het programma van de eerstvolgende editie/huidige editie Aanwezig op de sites van: Gent, EJFF, Anima, BIFFF, Afrika, Leuven, Open Doek, Antwerpen, Novo, Cannes, Berlinale, Toronto, Sundance, Biennale Het programma geeft weer welke films er zullen vertoond worden, waar dit zal gebeuren en wanneer. Het programma van de vorige editie(s) Aanwezig op de sites van: Gent, Anima, BIFFF, Afrika, Antwerpen, Novo, Viewpoint, Cannes, Sundance, Biennale Op de sites die een archief van vorige edities ter beschikking stellen kan men ook het programma van de vorige editie(s) bekijken. 37
  44. 44. Informatie over de verschillende festivalfilms Aanwezig op de sites van: Gent, EJFF, Anima, BIFFF, Afrika, Leuven, Open Doek, Antwerpen, Novo, Viewpoint, Cannes, Berlinale, Toronto, Sundance, Biennale De meeste sites vermelden de regisseur, acteurs, land van herkomst, duur en taal. De inhoud wordt ook kort geschetst. De Biennale doet dit laatste niet, vermoedelijk om niets in verband met de inhoud te verklappen. Wel heeft ze als enige van de geraadpleegde sites een apart deel met een lijst van ‘production and distribution companies, and press attachés’. ( La Biennale - List of production and distribution companies, and press attachés, 2005 ) Informatie over de ticketverkoop Aanwezig op de sites van: Gent, EJFF, Anima, BIFFF, Afrika, Leuven, Open Doek, Antwerpen, Novo, Berlinale, Toronto, Sundance, Biennale On-line ticketverkoop Aanwezig op de sites van: Berlinale ( mét restricties ), Toronto, Biennale Slechts drie sites bieden de mogelijkheid on-line tickets te bestellen voor de diverse vertoningen. De Berlinale vermeldt expliciet dat slechts een beperkt aantal tickets on-line worden verkocht zodat wanneer er ‘uitverkocht’ zou staan er nog steeds de mogelijkheid is voor de vastberaden bezoeker om in de rij aan te schuiven op het festival zelf. Hoewel niet expliciet vermeld op de sites van Toronto en de Biennale kan men nauwelijks geloven dat men alle tickets voor een voorstelling on-line zou verkopen. Uitleg over de verschillende festivallocaties ( adres, zalen, … ) Aanwezig op de sites van: Gent, EJFF, Anima, BIFFF, Afrika, Leuven, Open Doek, Antwerpen, Novo, Viewpoint, Cannes, Berlinale, Toronto, Sundance, Biennale Alle sites geven voldoende uitleg over de festivallocaties. Waar sommige sites tekortschieten is bij het volgende punt. Uitleg over de bereikbaarheid van de verschillende festivallocaties ( met de auto en het openbaar vervoer ) Aanwezig op de sites van: Gent, EJFF, Anima, Leuven, Open Doek, Antwerpen, Novo, Cannes, Berlinale, Toronto, Sundance, Biennale 38
  45. 45. Hierbij moet men denken aan gedetailleerde routebeschrijvingen voor wie met de auto komt, een kaartje met de verschillende locaties op aangeduid, een overzicht voor wie gebruik zal maken van het openbaar vervoer, …De meeste sites voorzagen in deze informatie, maar bij drie ( BIFFF, Afrika en Viewpoint ) ontbrak ze. Palmares van het huidige jaar Aanwezig op de sites van: Gent, EJFF, Anima, BIFFF, Leuven, Open Doek, Antwerpen, Novo, (?Viewpoint?), Cannes, Berlinale, Toronto, Sundance, Biennale Het palmares ontbreekt enkel op de site van het Afrika Filmfestival. Palmares van vorige edities Aanwezig op de sites van: Gent, Anima, BIFFF, Antwerpen, Novo, Viewpoint, Cannes, Toronto, Sundance, Biennale Slechts tweederde van de sites houdt een archief bij van de winnaars van afgelopen edities. Leden van de jury Aanwezig op de sites van: Gent, Anima, BIFFF, Leuven, Open Doek, Novo, Cannes, Berlinale, Sundance We stellen vast dat slechts tweederde van de onderzochte sites vermelden wie de leden van jury zijn. Toch zegt de samenstelling van de jury veel over de kansen van verschillende films. Op het eerste gezicht moeilijk te verantwoorden keuzes voor het palmares worden plots veel duidelijker wanneer men ze in het perspectief ziet van de juryleden. Informatie over de filmmarkt Aanwezig op de sites van: Cannes, Berlinale, Sundance, Biennale Enkel ’s wereld belangrijkste filmfestivals uit het onderzoek hebben informatie omtrent de filmmarkt verbonden aan het festival. Cannes heeft een site die geheel gewijd is aan de filmmarkt. De Berlinale houdt het op een erg uitgebreid deel van de hoofdsite dat handelt over de ‘European Film Market’. De Biennale heeft de zogenaamde ‘Venice Screenings’ waarover men meer vindt op de site. Opmerkelijk is dat Sundance zijn eigen filmmarkt die erg belangrijk is nauwelijks op de site vermeldt. Men verwijst enkel kort naar de SIO, het ‘Sundance Industry Office’. Sundance tracht krampachtig vast te houden aan zijn imago van alternatief festival hoewel de ‘big business’ er wel degelijk is neergestreken, cfr. de ontelbare zakendeals. ( Cannes – Marché du Film, 2005; Sundance Industry Office, 2005 ) 39
  46. 46. Informatie over de nevenactiviteiten ( inhoud, tarieven, … ) Aanwezig op de sites van: Gent, EJFF, Anima, BIFFF, Afrika, Leuven, Open Doek, Antwerpen, Novo, Viewpoint, Cannes, Berlinale, Biennale Informatie over de inhoud van de georganiseerde nevenactiviteiten, evenals praktische informatie zoals tarieven, locatie, aanvangstijden, … vindt men op de meeste festivalsites. Enkel Toronto en Sundance blijken zich volledig op het vertonen van films te concentreren. De beschrijving van de nevenactiviteiten is het meest uitgebreid op de site van de Biennale. Dit filmfestival is historisch gegroeid uit een gans kunstenfestival dat o.a. architectuur, dans, muziek en theater herbergt. De site van het filmfestival is dan ook onderbracht onder de koepel van het hele kunstenfestival. Informatie over hotels waar men tijdens het festival kan logeren Aanwezig op de sites van: Anima, Cannes, Berlinale, Toronto, Sundance, Biennale Filmfestivals die zich expliciet richten naar buitenlandse bezoekers doen er best aan de hotelaccomodatie op de site te zetten. Voor de Belgische filmfestivals doet enkel het animatiefilmfestival Anima dit. Alle wereldspelers integreerden hotelinformatie op hun site. ( Oltrex - Venice Hotel Reservation System, 2005 ) Informatie over restaurants in de buurt van de festivallocaties Aanwezig op de sites van: BIFFF, Novo, Cannes, Toronto, Sundance Het is opmerkelijk dat zo weinig sites dit vermelden. Afzonderlijk deel van de site voor de pers Aanwezig op de sites van: Gent , EJFF, BIFFF, Afrika, Novo, Cannes, Berlinale, Sundance, Biennale De media kunnen ( een evenement ) maken of kraken. Het is dan ook van het grootste belang zo goed mogelijk aan hun wensen tegemoet te komen. De meeste sites voorzien in een persdossier en een aparte pagina met persmededelingen. Uiteraard mag ook de informatie omtrent accreditatie niet ontbreken. Sommige sites gaan nog verder en bieden de mogelijkheid voor persmedewerkers om een deel van de site te bezoeken met informatie die volledig op hun specifieke behoeften is afgestemd. Daar staan onder andere informatie over persconferenties en aparte vertoningen en een hele reeks foto’s en film stills. 40
  47. 47. Lijst van de gasten die het festival in de voorbije edities bijwoonden of de eerstvolgende editie zullen bijwonen Aanwezig op de sites van: Gent, Anima, BIFFF, Afrika, Leuven, Antwerpen, Viewpoint, Cannes Ongeveer de helft van de sites geven een overzicht van de gasten die worden uitgenodigd. Dit creëert een prestige-effect en is goed voor de internationale uitstraling. Geschiedenis van het festival Aanwezig op de sites van: Gent, BIFFF, Leuven, Open Doek, Cannes, Berlinale, Toronto, Sundance, Biennale Het is duidelijk dat de festivals die al een aantal jaren bestaan er goed aan doen om hun geschiedenis op de site te zetten. Het kan boeiend zijn om te lezen hoe een filmfestival gegroeid is. Het is geen cruciaal onderdeel van de site, maar wel een leuke aanvulling. Mission statement Aanwezig op de sites van: Gent, BIFFF, Cannes, Toronto, Biennale Opmerkelijk is dat enkel het Filmfestival van Gent expliciet gewag maakt van een mission statement. Bij het BIFF vinden we datgene wat als missie kan beschouwd worden terug onder de ‘About’-pagina. Bij Cannes zou het ‘Article 1’ van de reglementen kunnen beschouwd worden als de missie. Bij de Biennale is dit ‘Regolamento 2’. Bij Toronto kan men de missie vinden op de site van de overkoepelende organisatie, de ‘Toronto International Film Festival Group’. Zoekmachine binnen de filmprogrammatie Aanwezig op de sites van: Gent, BIFFF, Leuven, Berlinale, Toronto, Sundance Daar sommige grootschalige filmfestivals honderden films vertonen is het voor de bezoekers handig wanneer men in het programma kan grasduinen via enkele zoektermen. Nog niet de helft van de bezochte sites biedt deze mogelijkheid. Zoekmachine over de ganse site Aanwezig op de sites van: Cannes, Berlinale, Biennale Nog interessanter voor de bezoekers is de optie om de hele site te doorzoeken. Slechts drie sites bieden dit aan. 41
  48. 48. Foto-galerijen Aanwezig op de sites van: Gent, Anima, Novo, Viewpoint, Cannes, Berlinale, Toronto, Sundance, Biennale Met het gezegde ‘Een beeld zegt meer dan 1000 woorden’ in het achterhoofd is het niet meer dan normaal dat een filmfestival foto’s on-line zet van het evenement. Sommige sites gebruiken de afbeeldingen om hun pagina’s op te fleuren. Interessanter is om alle foto’s ook netjes in thematische galerijen aan te bieden zoals de hierboven opgesomde festivals doen. Op dit vlak zijn er een behoorlijk aantal Belgische filmfestivals die tekort schieten. Videofragmenten Aanwezig op de sites van: Gent, Leuven, Cannes ( met zoekmachine ), Berlinale, Toronto, Biennale Slechts zes filmfestivals bieden videofragmenten aan van persconferenties, ceremonies en andere bijzondere gelegenheden. De website van Cannes voorziet in een zoekmachine voor de videofragmenten. Toronto zet reportages en documentaires over het festival ook on-line. Dagverslagen Aanwezig op de sites van: Leuven, Cannes, Berlinale, Toronto, Sundance Een dagverslag is een korte reportage over wat er die dag te zien is/was. Van de Belgische festivals heeft enkel het Kortfilmfestival van Leuven dagverslagen op zijn website. Live video streaming Aanwezig op de sites van: Cannes, Berlinale, Sundance ‘Live video streaming’ is tijdens een bepaalde activiteit op het festival beelden doorsturen die de gebruiker via de website kan bekijken. Men neemt als het ware vanuit de bureaustoel even deel aan het gebeuren. Toch hanteert enkel de Berlinale deze formule. De andere twee festivals in het lijstje verzenden hun live beelden direct de huiskamer in via de televisie. Zo heeft Cannes in samenwerking met de betaalzender ‘Canal Satellite’ een ‘The Festival de Cannes Television Channel’. Dit kanaal werkt alleen tijdens het festival. Sundance gaat nog een stap verder. Het hele jaar door kan men op het ‘Sundance Channel’ films bekijken die verbonden zijn aan het Sundance filmfestival. Tijdens het eigenlijke evenement dient het kanaal dan om alle live verslaggeving uit te zenden. ( Sundance Channel, 2005 ) 42
  49. 49. Link met een on-line winkel/on-line festivalgerelateerde zaken te koop Aanwezig op de sites van: Anima, BIFFF, Leuven, Open Doek, Cannes, Berlinale, Toronto, Sundance Acht van de vijftien sites die ik bezocht hebben een on-line winkel waar men zaken vindt als DVD’s, T shirts ( de Berlinale had er van Hugo Boss ), posters, … Het filmfestival van Toronto had een link naar een www.zip.ca, een site waar men films kan huren. Uiteraard waren daar ook recente Toronto-winnaars bij. ( Zip.ca, 2005 ) Link-pagina Aanwezig op de sites van: Gent, Anima, BIFFF, Afrika, Open Doek, Toronto Het is teleurstellend dat zovele festivals navelstaren. Nauwelijks zes festivals hadden links naar bijvoorbeeld filmdatabases, distributeurs, andere festivals, … Een FAQ ( Frequently Asked Questions ), rubriek met vaakgestelde vragen Aanwezig op de sites van: Gent, Anima, Sundance ( insider’s scoop ), Biennale Een FAQ is een vraag-antwoord rubriek die erg heldere en korte antwoorden geeft op vaak gestelde vragen. Slechts vier sites hebben dit. Discussieforum/Gastenboek Aanwezig op de sites van: Gent, BIFFF, EJFF Slechts drie sites nemen de moeite om interactiviteit in hun sites te implementeren. Afzonderlijk deel van de site voor scholen Aanwezig op de sites van: Leuven, Open Doek, Novo Voorzieningen voor scholen, zowel leerkrachten als leerlingen, zijn slechts te vinden op drie sites. Opmerkelijk is dat geen enkele wereldspeler oog heeft voor de educatieve kant van het festival. Jobaanbiedingen, stages, oproep voor vrijwilligers, … Aanwezig op de sites van: Gent, Toronto, Sundance 43
  50. 50. Vacatures zijn slechts voorhanden op drie sites. Het is begrijpelijk dat de meeste filmfestivals hun personeel via andere kanalen trachten aan te werven. Bij Toronto en Sundance gaat het ook hoofdzakelijk om een oproep voor vrijwilligers. Opstellen van een eigen lijst met films die men wil zien tijdens het festival Aanwezig op de sites van: Berlinale, Toronto, Sundance Dit element moet verder toegelicht worden aan de hand van een voorbeeld: de ‘My Film List’ van het filmfestival van Toronto. De systemen van de Berlinale en Sundance werken op een gelijkaardige manier. Met ‘My Film List’ stel je als het ware je eigen programma samen dat je wil bekijken. Men kan ingeven welke films uit de festivalselectie men wil bekijken. ‘My Film List’ geeft weer waar er overlappingen zijn en hoe men een parcours kan uitstippelen om die overlappingen te vermijden. Ook de locaties en aanvangstijden van de vertoningen worden netjes bijgehouden. De volgende elementen zijn niet cruciaal voor een goede website, maar wel leuk of handig. Voor de volledigheid geef ik ze weer. Bijkomende informatie ( ziekenhuizen, politiekantoren, postkantoren, wisselkantoren, verloren voorwerpen, apotheken, … ) Aanwezig op de sites van: Cannes, Sundance Uitleg over dresscodes, veiligheidsvoorschriften, … Aanwezig op de sites van: Cannes, Biennale Wedstrijden Aanwezig op de sites van: Gent Het is vrij opvallend dat enkel Gent wedstrijden organiseert. Tijdens het festival kan men elke dag tickets winnen. Reportages van bezoekers Aanwezig op de sites van: EJFF 44
  51. 51. Deze reportages zijn door de jongeren uitgewerkt in het kader van één van de nevenactiviteiten van het festival. Regels in verband met het correcte gebruik van het officiële logo/de officiële logo’s Aanwezig op de sites van: Cannes Aanbieden van Wireless LAN, verhuur van mobiele telefoons, Aanwezig op de sites van: Berlinale Dit is vooral voor professionals belangrijk. Het geeft alleszins het festival een zeker professionalisme om het te vermelden. Informatie over welke tv-programma’s zendtijd wijden aan het festival Aanwezig op de sites van: Berlinale ( weliswaar alleen regionale en nationale zenders ) Als alternatief voor het hebben van een eigen televisiekanaal zoals Cannes en Sundance is dit geen slecht idee van de Berlinale. Jammer dat men het alleen heeft uitgewerkt voor de nationale en regionale zenders. Filmmaker’s blog Aanwezig op de sites van: Toronto Blog is afgeleid van het woord ‘weblog’. Het is ‘an online diary or journal, typically documenting the day-to-day life of an individual.’ Op de site van Toronto kan men de blog volgen van Rob Stefaniuk die dag na dag vertelt hoe hij werkt aan zijn eigen independent film. Het recentste bericht dateert van 18 september 2004 en begint met de woorden die elke jonge cineast wil horen ‘We signed a deal with Lion’s Gate yesterday to distribute our movie across Canada.’ ( Cyber Business Centre Glossary, 2005; Toronto International Film Festival, 2005 ) In wat volgt worden een aantal opmerkingen besproken en aanbevelingen gegeven naar het management van filmfestivals toe over hoe ze de effectiviteit van hun site kunnen verhogen. 45

×