Een koning naar gods hart. Naamopgave van de toekomstige vormelingen

995 views

Published on

Eucharistieviering bij de naamopgave van de toekomstige vormelingen. De 4ing was een aflsuiter na een Daviddagdag (projectdag)

0 Comments
0 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

No Downloads
Views
Total views
995
On SlideShare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
273
Actions
Shares
0
Downloads
3
Comments
0
Likes
0
Embeds 0
No embeds

No notes for slide

Een koning naar gods hart. Naamopgave van de toekomstige vormelingen

  1. 1. Wie, wie, wie mag onze koning zijn? Wie, wie, wie is meer dan schone schijn? De stoerste niet! En de knapste niet! De kleinste jongen is Gods favoriet Wie, wie, wie mag dicht bij Jezus zijn? Wie mag meedoen? Wie is nog te klein? Alleen wie geeft om wie achterbleef,want groot is wie voor andre mensen leeft.
  2. 2. Wat zijn de steentjes waarmee jij op weg gaat, je kleine talenten, iets wat je goed kan. De reuzen in ’t leven, soms zijn er zoveel, ze dagen je uit, ze maken je gek. Hé, kom maar uit je grot, heb je niet gehoord dat reuzen te overwinnen zijn? Zoek je steentjes bij de beek neem ze mee voor als de reuzen komen. We kunnen ze heus de baas.
  3. 3. Want als je de stap waagt, dan zal men je zeggen: ga niet zonder pantser, bewapen je goed ! Maar pantsers zijn log en ze roesten zelfs vast: Je raakt niet vooruit, zo komt er niets van. Hé, kom maar uit je grot, heb je niet gehoord dat reuzen te overwinnen zijn? Zoek je steentjes bij de beek neem ze mee voor als de reuzen komen. We kunnen ze heus de baas.
  4. 4. De reus werd geveld. Een herder werd koning.Het grote werd klein en het kleine werd groot.Zo ging het met David. Zo kan het met jou gaan zolang je het lef hebt: een hart dat gelooft ! Hé, kom maar uit je grot, heb je niet gehoord dat reuzen te overwinnen zijn? Zoek je steentjes bij de beek neem ze mee voor als de reuzen komen. We kunnen ze heus de baas.
  5. 5. Geloofsbelevenis [Voorganger] Wij geloven dat wij God: onze Vader mogen noemen en dat die naam ons zoveel kracht kan gevendat we reuzengrote problemen aankunnen.
  6. 6. [allen] Wij gelovendat Hij ieder van ons roept bij onze naam om onze eigen weg te gaan, dat Hij Zijn woorden en goede raad op onze levensweg gestrooid heeft opdat we niet verloren zouden lopen.
  7. 7. [Vg]Wij geloven in Jezus, die ook wel ‘zoon van David’ werd genoemd.
  8. 8. [Al] Wij geloven dat Jezus als geen ander getoond heeft wat God, de Vader van ons verwacht:de zorgen en problemen van mensen zien, hen bevrijden en verzorgen, hen zomaar lief hebben.
  9. 9. [Vg]Wij geloven in Gods Geest
  10. 10. [al]Die Geest is enthousiasme en creativiteit, Die Geest zorgt ervoor dat wij minder bang zijn dat we vertrouwen op Gods liefde voor de mensen. Zijn geest geeft ons een luisterend oor en een aandachtig hart zodat onze wereld langzaam vervuld kan worden van Gods warmte en geborgenheid.
  11. 11. Je hebt het goed gehoord: wij vormen nu een kringeen kralenkrans rond Jezus, Gods grote lieveling. We willen echt behorentot die grote vriendengroep dus luister maar heel goed als ik mijn naam nu roep:
  12. 12. Rond de tafel [Voorganger] Jouw verhaal, God, begint niet in grote paleizen of middenin een tempel.maar in Betlehem, de stad van het brood, bij een kleine herdersjongen die voor de schapen zorgde. Hij werd een fantastische leider, omdat hij had geleerd dat de zwakste schapen altijd het belangrijkst zijn.
  13. 13. [allen] Jouw verhaal, God, begint ook bij een onbekend meisje in een werkmanswoning, uit een familie zonder aanzien, getrouwd met een timmerman. Jouw verhaal, God, begint bij mensen aan de rand, herders rond de kribbe midden in de nacht, uitgestoten, ongeteld.
  14. 14. [Vg] Jouw verhaal, God,is het verhaal van de wereld op zijn kop:wie klein is, wordt de grootste van allen wie met lege handen staat, wordt overladen met gaven mensen zonder aanzien spelen de eerste rol; doven horen, blinden zien.
  15. 15. [Al] Toen al was Jij anders dan verwacht, maar tegelijk zo beloftevol,want je opende mogelijkheden voor een nieuwe toekomst. Je liet ons zien dat er veel meer in het leven zit dan wat wij er nu uit halen.
  16. 16. [Vg] Toen al vriend van kleinen, licht voor mensen met een ruwe stem, maar met een hart dat weent en lijdt.Hoop voor hen die altijd moeten zwijgen, onderdanig en beleefd zijn.
  17. 17. [al] God, Jij die ons altijd weer bemoedigt, wij danken Je voor Jezus: Jouw stem, Jouw hart op onze aarde. Wij danken Je omdat Jezus trouw bleef aan de bijbelse droom:want hij bleef bij de herders zonder naam, bij de tollenaar en de zondaar, bij de mensen van goede wil, klein voor velen, groot voor hem. [RECHTSTAAN]
  18. 18. [Vg] Jezus keerde alles om: Wie groot wil zijn, die geeft. Wie hem wil volgen, moet delen,en gaat de weg ten einde toe, het sterven iederedag. Zo heeft Hij zich op de avond van zijn dood ..... Zo willen wij nu doen, hoop en vreugde delen.
  19. 19. [Al] Zo willen wij proberen, om ook herders te worden, die zorgen voor elkaar en voor Gods schepping en die op weg gaan naar het land van recht en liefde.vandaag en alle dagen van ons leven.
  20. 20. [Vg]Daarom bidden we telkens weer dat zijn Rijk mag komen,zijn naam zou worden geheiligd, Daarom noemen we God bij zijn liefste naam: Onze vader
  21. 21. (T. & M. :Peter Biesbrouck)
  22. 22. Vrede voor alle mensen,Gods vrede, die wens ik jou.Laat ons toch samen bouwenopdat die vrede komen zou.
  23. 23. Een goeie koning vind je niet in één of ander chique paleis, in een koets met zeven paarden of met een peperdure kroon, Maar elke dag en overal zijn wij allen koning. Ons landje is soms kleinen t is zo moeilijk om een goede koning te zijn. Een koning naar Gods hart hoeft niet te regeren met wapens, goud of heel veel geld, met machtsmisbruik en grof geweld zodat men zich een heerser voelt want dat is niet wat God bedoelt.
  24. 24. Een goeie koning vind je niet in één of ander chique paleis, in een koets met zeven paarden of met een peperdure kroon, Maar elke dag en overal zijn wij allen koning. Ons landje is soms kleinen t is zo moeilijk om een goede koning te zijn. Als kroonprins van ons leven, zijn wij geboren om als een herder mens te zijn met broederschap als kroondomein; een vriend van wie in nood verkeert; die als het beeld van God regeert.

×