Presentatie richtlijn overdracht van medicatiegegevens EKC-ers

1,328 views

Published on

Vanaf 1 januari 2011 moeten alle zorgverleners voldoen aan de Richtlijn Overdracht van Medicatiegegevens. Zij moeten dan een protocol hebben én toepassen waarin zij samen met hun medezorgverleners hebben beschreven hoe zij zorgen dat er altijd een actueel medicatieoverzicht aanwezig is bij elke patiënt. De Inspectie voor de Gezondheidszorg zal hierop in 2011 gaan toetsen.
In 2010 verscheen de LESA ‘Actueel medicatieoverzicht in de eerste lijn’, waarin het kader wordt gegeven waarbinnen lokaal werkafspraken kunnen worden gemaakt om de beschikbaarheid van een actueel medicatieoverzicht te bevorderen.
Jill Pluijmaekers van ProPharma – een onafhankelijk adviesbureau op het gebied van eerstelijns gezondheidszorg – geeft uitleg over de totstandkoming, de kern/basis, het doel en de urgentie van de richtlijn.
Met elkaar gaan we kijken waar de verantwoordelijkheden liggen en hoe we de richtlijn in Noord-Limburg, oa. via de FTO’s, zouden kunnen implementeren. Voorbeelden uit andere regio’s spelen hierbij een belangrijk rol.

Published in: Health & Medicine
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

Presentatie richtlijn overdracht van medicatiegegevens EKC-ers

  1. 1. Richtlijn overdracht van medicatiegegevens Jill Pluijmaekers‐Lemmens 8 september 2011
  2. 2. Programma ‐ Terugblik ontstaan richtlijn‐ Inhoud richtlijn‐ Verantwoordelijkheden‐ De praktijk‐ Waar beginnen?‐ Landelijke voortrekkers‐ Hoe nu verder?
  3. 3. Ontwikkeling van de landelijke richtlijn • 2005 IGZ initiatief: kennisorganisaties,  beroepsgroepen, branche‐ en koepelorganisaties  uitnodiging meewerken aan het opstellen van  landelijke richtlijn veilige overdracht van  medicatiegegevens• Bestaande veldnormen: voorzien onvoldoende in  overdracht (van medicatiegegevens) zorgaanbieder A  zorgaanbieder B (overdracht met name voor  situatie binnen zorginstelling)• HARM‐onderzoek van 2006 bevestigt vermoeden IGZ  voor noodzaak richtlijn voor veilige overdracht van  medicatiegegevens
  4. 4. HARM-onderzoek 2006• Op verzoek van Orde van Medisch Specialisten en  NVZA onderzoek naar geneesmiddelgerelateerde  ziekenhuisopnames in 22 Nederlandse ziekenhuizen• Geneesmiddelgerelateerd = opname door:  * bijwerking geneesmiddel * verkeerd geneesmiddel * verkeerde dosering  * geen gebruik
  5. 5. HARM‐onderzoek 2006Frequentie opnames gerelateerd aan geneesmiddelen:  ‐ 2,4% van ALLE opnames ‐ 5,6% van acute opnames46% beoordeeld als potentieel vermijdbaar! Nederland: 41.000 opnames gerelateerd aan geneesmiddelen waarvan: Nederland: 19.000 potentieel vermijdbaar Jaarlijks overlijden 1.250 patiënten
  6. 6. Doel van de richtlijn• Het voorkomen van fouten bij overdracht van medicatiegegevens • Het vergroten van de patiëntveiligheid doordat  zorgprofessionals elkaar op tijd en goed informeren
  7. 7. Wanneer  overdrachtsituaties
  8. 8. De opstellers‐ Actiz ‐ Nictiz‐ GGZ Nederland ‐ NPCF‐ KNMG ‐ NVZ‐ KNMP ‐ NVZA‐ LEVV ‐ Orde‐ LHV ‐ V&VN‐ NFU ‐ NHG‐ Verenso IGZ en VWS zijn initiatiefnemers en aanjagers van de  conceptrichtlijn. (later aansluiting VGN, FNT en NMT)
  9. 9. De basis• Opgesteld en aanvaard door 17 beroepsgroepen en  branches in april 2008• Hierdoor niet vrijblijvend• Onderdeel van professionele standaard• Implementatie door beroepsgroepen• Verankerd in alle patiëntveiligheidsprogramma’s• IGZ gaat vanaf 1 januari 2011 handhaven
  10. 10. PositioneringRichtlijn is van toepassing op elke situatie waarin:• medicatie wordt voorgeschreven, gewijzigd of  gestopt• medicatie ter hand wordt gesteld of wordt  toegediendDe richtlijn is aanvullend op:• alle andere veldrichtlijnen, veldnormen en  kwaliteitskaders die de farmaceutische zorg  beschrijven
  11. 11. De kernVanaf 1 januari 2011:1. Bij elk contact patiënt – voorschrijver is een actueel  medicatieoverzicht beschikbaar waarop medisch handelen  wordt gebaseerd2. Bij een spoedopname z.s.m. maar uiterlijk binnen 24 uur3. Overdracht naar volgende schakel z.s.m. maar uiterlijk  binnen 24 uur Vastgelegd in een ketenprotocol
  12. 12. Wat is actueel? • Wat de patiënt op dit moment gebruikt?• Uw overzicht in het HIS?• Overzicht in het AIS?• Eigen overzicht van de patiënt? 
  13. 13. Pas echt actueel als:• Ervaringen en daadwerkelijk gebruik van de  patiënt worden opgenomen• Zelfzorggeneesmiddelen worden opgenomen Gesprek met patiënt/vertegenwoordiger (Intakegesprek, opnamegesprek, (farmaceutisch) consult, medicatiebeoordeling,  ontslaggesprek, evaluatiegesprek)
  14. 14. Actueel medicatieoverzicht• Alle voorgeschreven, verstrekte, toegediende en gebruikte medicatie• Sterkte en toedieningsvorm, gebruiksperiode, inclusief vermelding voortijdig stoppen of wijziging• Indicatie, reden van voorschrijven• Gebruik van zelfzorg, drugs en alcohol• Allergieën, intoleranties, contra‐indicaties• Laboratoriumwaarden (indien nodig) Minimaal laatste 3 maanden
  15. 15. Wie is verantwoordelijk voor wat?PatiëntGeeft alle informatie over zijn gezondheidstoestand die relevant is voor de zorgverleningGeeft toestemming tot inzage in, opvragen, gebruik en bijwerken van zijn dossier
  16. 16. Wie is verantwoordelijk voor wat?VoorschrijverBij elk contact met een patiënt is er altijd een     actueel medicatieoverzicht beschikbaar waarop het medisch handelen wordt gebaseerdHet registreren van alle door hem geïnitieerde wijzigingen in de medicatie
  17. 17. Wie is verantwoordelijk voor wat?(ziekenhuis)apothekerHet veilig ter hand stellen en bewaken van de aan de patiënt voorgeschreven medicatieHet op zodanige wijze organiseren van de processen zodat het medicatieoverzicht altijd actueel is bij elk overdrachtsmoment
  18. 18. Juridisch kader• Iedere zorgverlener heeft zelf de  verantwoordelijkheid om een AMO te gebruiken• Iedere zorgverlener dient de medicatiegegevens  beschikbaar te stellen aan een opvolgend  behandelaar ténzij de patiënt dit verhinderd• Toestemming patiënt moet gevraagd worden• Wet eist geen schriftelijke toestemming• Eenmalig toestemming vragen is voldoende ténzij er  een afwijkende situatie is
  19. 19. Consequenties voor de praktijk• Elke zorgverlener stelt samen met collega‐ zorgverleners voor zijn lokale situatie een protocol  op, gebaseerd op de richtlijn, dat aangeeft hoe de  overdracht van medicatiegegevens en daarmee de  beschikbaarheid van een AMO in het  zorgverleningsproces is verankerd• Protocol wordt geborgd in het VMS of het  kwaliteitssysteem van elke betrokken zorgverlener• Niet omschreven hoe je dat moet doen
  20. 20. Hindernissen….• Tijdsgebrek• Overheidsmaatregelen (stopzetten LSP/EPD)• Honorering• Activiteiten nog niet in vaste werkwijze ingebouwd• Nog geen werkafspraken / taakverdeling• ICT nog niet optimaal ingericht om proces maximaal  te ondersteunen
  21. 21. Waar beginnen?‐ FTO is HET overlegmoment tussen huisarts en  apotheker ‐ Inzicht krijgen in de fouten die kunnen ontstaan in  het AMO in de huidige situatie: * Risicopatiënten  * Risicogeneesmiddelen * Risicomomenten
  22. 22. Risicopatiënten* chronische aandoeningen (diabetes, CVR, astma, COPD, dementie…………..)* polyfarmaciegebruiker* methotrexaatgebruiker* shoppers, hoppers, passanten* zuigelingen en kinderen* ……………………………* …………………………… 
  23. 23. Risicogeneesmiddelen (HARM onderzoek) Potentieel vermijdbare Aantal Corresponderende grote Belangrijkste geneesmiddel-groep(en) aandoening bijwerking gevallenGastrointestinale/andere Anticoagulantia - bloeding Trombocytenaggregatie- remmers 84 NSAID’sElektrolytstoornis/dehydratie Diuretica Cardiovasculair 30 RAS-remmers (hyperkaliëmie) risicomanagement (30)Fractuur Psychofarmaca (via valincidenten) - 26 Corticosteroïden (via osteoporose)Ontregeling/uitlokking Bloedglucoseverlagende middelen (hypoglykemie) Diabetes (26) diabetes 32 Corticosteroïden (hyperglykemie) -Nierinsufficiëntie/hartfalen RAS-remmers (alleen nierinsuf-fi-ciëntie) Cardiovasculair 13 NSAID’s (nierinsuf-fi-ciëntie/ hartfalen) risicomanagement (13)Constipatie 11 Opioïden -Bradycardie 10 Cardiale middelen (digoxine, sotalol) Hartfalen (digoxine) (10)Totaal 206 56% van 367 potentieel vermijdbare gevallen 79 = 21% van 367
  24. 24. Risicomomenten* Opname en ontslag zorginstelling* Interne overdracht zorginstelling* Consult gevolgd door wijzigingen* Ambulante behandeling* …………………………* …………………………
  25. 25. En dan?• Verbeteren van AMO en de  overdracht van medicatiegegevens• Bewustwording  afspraken !• Belangrijk: verschillende zorgverleners  en zorginstellingen! * eigen doel en behoefte aan info * eigen taal * eigen software * eigen werkwijze * eigen uitgangspunten
  26. 26. IGZ handhaving per 1/1/2011•IGZ is zich bewust van weerbarstige praktijk maar wil  wel beweging zien•Onmacht (bijv ontbreken van formatie) is geen alibi  om niets te doen•Begin met wat kan en maak een plan voor wat verder  moet
  27. 27. LandelijkDen Haag en omstreken:‐ Stichting Transmurale Zorg (ziekenhuis, huisartsen  en apothekers)‐ Transmurale implementatie van de richtlijn‐ Doel: haalbare verbetering van de  medicatieoverdracht met de middelen die er nu zijn  (papier, fax, telefoon)‐ Kern: patiënt is letterlijk de drager van zijn AMO en  medeverantwoordelijke voor de actualiteit ervan
  28. 28. LandelijkDen Haag en omstreken:‐ Regionale Richtlijn voor 5 overdrachtsmomenten: ‐ Medicatiebegeleiding in de thuissituatie ‐ Consult 1e lijn ‐ Opname vanuit de thuissituatie naar een ziekenhuis ‐ Ontslag uit een ziekenhuis naar de thuissituatie ‐ Poliklinische behandeling‐ Benoemen 3 kwaliteitsniveaus: ‐ Klasse A: medicatiehistorie + papieren controle +  geverifieerd met patiënt ‐ Klasse B: medicatiehistorie + papieren controle ‐ Klasse C: medicatiehistorie
  29. 29. LandelijkZuidwest Friesland:‐ Ontwikkeling aantal protocollen voor acht   overdrachtsituaties (Huisartsen, apothekers, thuiszorg,  ziekenhuis): * Consult huisarts * Poliklinische behandeling * Trombosedienst * Polikliniek GGZ * Opname ziekenhuis * Ontslag ziekenhuis * Opname verpleeghuis * Ontslag verpleeghuis
  30. 30. LandelijkZeist en omstreken:‐ Regionale afspraken apothekers – thuiszorgorganisaties‐ Regionale afspraken apothekers – trombosedienst‐ Oriënterende gesprekken apothekers ‐ huisartsen
  31. 31. Hoe nu verder?‐ Informeren (doel vanavond)‐ Gezamenlijk (regionaal) plan van aanpak‐ Doe wat kan, plan wat moet‐ Optie: Keuze maken uit risico patiënt, risico  overdrachtsmomenten, risicogeneesmiddelen‐ Gebruik checklist Lesa‐ Ontwikkel regionaal conceptprotocol‐ Proefperiode‐ Evalueer‐ Definitief maken regionaal protocol 
  32. 32. Vragen?
  33. 33. Dank voor uw aandacht ProPharma Eyserbosweg 1 6287 NA Eys T: 043‐4518110 E: info@propharma.nl W: www.propharma.nl

×