Artikel chez jacques

824 views

Published on

Artikel che

0 Comments
0 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

No Downloads
Views
Total views
824
On SlideShare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
352
Actions
Shares
0
Downloads
2
Comments
0
Likes
0
Embeds 0
No embeds

No notes for slide

Artikel chez jacques

  1. 1. 10 jaar dualisme – Up for the next level! Terugkijken en vooruitkijken rond tien jaar dualisme Woensdag 7 maart 2012 kwamen zo’n 25 geïnteresseerden, voornamelijk raadsgriffiers, bij elkaar om over tien jaar dualisme te spreken. Dat gebeurde in de derde ‘Chez Jacques’ te Utrecht, onder de titel ‘Game over – 10 jaar dualisme – up for the next level’. Tijdens de bijeenkomst is teruggekeken op tien jaar dualisme en zijn denklijnen uitgezet naar de toekomst. Met de invoering van dualisme “is een stuk volwassenheid ontstaan” bij gemeenten, is een van de eerste opmerkingen. Een college dat over een eigen voorstel stemde, was niet meer van deze tijd. Dat de wethouders zijn losgekoppeld van de raad, is daarom essentieel in het proces van dualisering. Drie (raads) culturen Na 2002 ontstaan al snel drie (raads) culturen: / Alles moet anders. / Laten zien wie de baas is. / Wij gaan gewoon lekker monistisch door. Inmiddels ligt dat beeld achter ons. Dualisme heeft sterkere raden opgeleverd, die meer zelfverzekerd opereren en meer onderwerpen zelf agenderen. Bijna in één adem door klinkt het signaal dat colleges de raden nog onvoldoende helpen om in positie te komen/zijn. Niet mag worden vergeten dat ‘het merendeel van de taken is ondergebracht bij het college’. “Een gemeenteraad gaat niet meer over zoveel zaken”, zo wordt opgemerkt. Dat is vooral een uitvloeisel van rijksbeleid en betekent niet dat raden het slecht doen. Dualisering is natuurlijk meer een structuurwijziging, die echter wel andere ontwikkelingen mogelijk heeft gemaakt. Invoering is dus best vruchtbaar geweest. Want naast de invoering van dualisering gebeurde er iets anders in de samenleving, samengevat als ‘populisme, rancune, volksheid’. De vraag is of dit toeval is of dat de maatschappelijke ontwikkelingen die al gaande zijn, in 2002 samenkomen. Hebben de inwoners meer van dat populisme gemerkt of van de dualisering? Een bijna retorische vraag. Dualisering heeft de lokale politiek niet ten diepste gevitaliseerd; “in dat opzicht heeft het de samenleving niet veel opgeleverd”, zo is een constatering vanuit de aanwezigen. 1 Kleine successen Tien jaar dualisme kent vele ‘kleine successen’. Vieren we die wel genoeg? Een paar voorbeelden: / De raad doet meer aan agendasetting. / Er is meer duidelijkheid ontstaan over de rol van de raad enerzijds en de rol van het college anderzijds. / Het presidium is bij veel gemeenten een waardevol instituut. / Er zijn vele manieren van vergaderen ontstaan. / De toepassing van ICT in het raadswerk heeft een vlucht genomen. / De griffie blijkt op veel plaatsen waardevol te zijn voor de raad. / Gemeenteraden durven weer te experimenteren. In een tijd van transitie waarbij enerzijds welhaast wanhopig wordt teruggegrepen op het oude en anderzijds een kleine groep de stap naar het onbekende durft te zetten, zijn juist successen belangrijk. Waar gaan we heen? Het blijft belangrijk te zoeken naar kleine stappen voorwaarts en niet te rekenen op een grote ‘big bang’. Dat laatste past immers eerder bij revoluties dan bij transities. Feit is wel dat de samenleving om richting vraagt: waar gaan we heen? Dan is het goed ons te realiseren dat de rol van de gemeente is gewijzigd: zij is niet meer de grote centrale speler in de samenleving. Dat komt mede doordat de private sector veel kracht heeft, terwijl tegelijkertijd de publieke sector anders is georganiseerd. Dit houdt in dat veel publieke taken op afstand zijn gezet (bijvoorbeeld onderwijs, volkshuisvesting, welzijn, et cetera), waardoor er in veelMinrebroederstraat 5, 3508 AE Utrecht Tel: 030 – 233 44 29, www.necker.nl
  2. 2. gemeenten meer toezichthouders en commissarissen zijn voor toezicht op publieke taken, dan gekozen vertegenwoordigers. De verwachting is dat de particuliere sector de komende decennia in kracht zal winnen: enerzijds vanuit de overheid door een appèl te doen op burgerschap vanwege de financiën, anderzijds vanuit de burger zelf omdat hij mondiger is. Hoewel hij zich vaak ook machtelozer voelt. De verwachting is dat dit leidt tot een kentering: na de eeuw van het denken en de eeuw van de rede nu de eeuw van de filosofie? Nu overheerst in elk geval (nog) de emotie. In die context is het belangrijk ons te realiseren dat er een andere balans tussen publieke en private en particuliere sector nodig is. Daar zal de kans en de uitdaging van de lokale politiek komen te liggen. Ziet de politiek kans om weer centraal in de samenleving gepositioneerd te zijn, als broed- en verantwoordingsplaats? Om dat te bereiken zal de lokale politiek gaan verschuiven van besluitmachine voor het college, naar beslisplaats van de gemeente/stad; van controleur van het college naar toezichtplatform van de gemeente/ stad, en van debatmachine in het gemeentehuis naar zingevingsplatform in de gemeente/stad. Voorwaar geen eenvoudige, en vooral wel ingrijpende bewegingen. Dat leidt tot het volgende beeld voor de komende jaren: / De lokale politiek moet zichzelf opnieuw uitvinden. / Eén plaats telt voor lokale politiek, centraal in de samenleving. / De (gekozen) burger komt aan het roer, oftewel hernieuwd burgerschap. Politiek wordt een filosofisch uithangbord? Het gaat met name om zingeving, verdeling van geld, en veiligheid bij het raadswerk. Het moeilijke is dat er meerdere wegen kunnen zijn waarlangs dat wordt bereikt. Op dit moment staat de doelmatigheidsbeweging (geld gestuurd, minder gemeenten, minder politici) sterk in de belangstelling. Dit neemt niet weg dat ook de 2 democratische beweging aan dynamiek kan winnen (meer raadsleden, minder geld, meer burgerschap). Experimenten Hoe dan te komen tot kleine stappen? Dat zullen de experimenten op gemeentelijk niveau zijn, wat ook recht doet aan onze volksaard en historie, met een sterke plaats voor steden. Dat vraagt ruimte voor diversiteit, voor lokale verschillen, dus voor lokale experimenten. Voorbeelden te over: / Geef prioriteit aan de jeugd – leer hen democratie, laat hen fractieassistent zijn tegen een ‘vakkenvul- vergoeding’. / Ontwikkel het Raadsinformatiehuis. / Werk met een Raadspanel. / Maak Raadsvrienden: pas principes van Facebook en Linked-in toe voor raad(sleden). / Houdt jaarlijks een poll via internet en laat in de vorm van fractieassistenten en met een gewogen stemming, de uitkomst tot uitdrukking komen in de besluitvorming. / Introduceer ‘Ranking het voorstel’. / Maak een we(d)t-strijd in meeschrijven aan beleid en verordeningen. / Maak burgers tot controleurs van de gemeente. / Licht de tachtig procent van de begroting waar je als raadslid niet over gaat, door met speciale groepen raadsleden en burgers. / Werk met rapporteurs. Dit is zomaar een greep uit voorbeelden. Natuurlijk zijn het budgetrecht, het recht op tussentijdse verkiezingen en het recht op een raadsplaats op basis van voorkeurstemmen goede wijzigingen, maar dezeMinrebroederstraat 5, 3508 AE Utrecht Tel: 030 – 233 44 29, www.necker.nl
  3. 3. vragen landelijke wetgeving. ‘Wacht daar niet op maar ga aan de slag’ is het motto, want transities vragen ‘durf en zweet’. De grootste zekerheid “Wat zal over 25 jaar de grootste zekerheid zijn?”, was de vraag aan de aanwezigen. ‘Lekenbestuur’ is het meeste genoemd: een representatieve democratie met lekenbestuur. De raad als vertegenwoordiger van de inwoners blijft. Dit lekenbestuur vraagt om een sterkere ondersteuning dan nu het geval is, zo wordt verwacht. Tegelijkertijd zal de dagelijkse aansturing van de gemeente niet veranderen. De gekozen bestuurders blijven, met de vereiste controle. Het dagelijks bestuur blijft dus bestaan. Wat ook als ‘zekerheid’ wordt genoemd, is de desinteresse van burgers in democratie: het effect dat de niet-betrokken burgers hebben op de democratie. Daar hoort de zekerheid bij dat het aanzien van de gemeenteraadsleden daalt, maar gelukkig ook de zekerheid dat de burgemeester en de griffier blijvende functionarissen zijn. Tenslotte zal de gemeenteraad de begroting, de rekening en de ruimtelijke- ordeningsplannen blijven vaststellen. Tegenover dit lokale beeld, wordt ook genoemd dat gemeenten nog slechts het uitvoeringskantoor zijn van het Rijk. De autonomie van gemeenten neemt alleen maar af. Het traditionele participatie denken is niet meer nodig, want een open democratie/samenleving biedt rechtstreekse kanalen van invloed. De professionals nemen het over; betekent dat uiteindelijk niet de omverwerping van de democratie? Aanvullende opmerkingen Nog wat aanvullende opmerkingen: / ‘Het ethisch perspectief geeft goede zin’. / ‘De zekerheid dat de griffiers functie wel zal blijven bestaan maar met meer kleur en differentiatie’. / De aandacht voor de volksaard neemt toe, zo wordt verwacht. ‘Je kunt weer trots zijn om Fries, Limburger, Zeeuw etc. te zijn, oftewel het lokale versus het globale’. Nadrukkelijk komt de vrees aan de orde dat er helemaal geen actief burgerschap zal ontstaan, versus het beeld dat mensen dingen gaan doen omdat ze met een bepaalde kwaliteit geen genoegen nemen. Meer 3 differentiatie in participatie, zo wordt duidelijk. Van de experimenten die nu al worden uitgevoerd, kan nog veel meer worden geleerd, zo is een constatering. Een suggestie is om ook buiten de overheid te gaan kijken, zoals naar het auditen van klanten door McDonalds. De kansen van internet worden genoemd (amazon.com-principes) en nog vele andere punten. Het was een middag die naar meer smaakte: geen uitgekristalliseerd verhaal, maar samen werken aan het bereiken van een hoge score in ’the next level van lokale politiek.’Minrebroederstraat 5, 3508 AE Utrecht Tel: 030 – 233 44 29, www.necker.nl

×