Successfully reported this slideshow.
We use your LinkedIn profile and activity data to personalize ads and to show you more relevant ads. You can change your ad preferences anytime.

20190310, 09,30 het is genoeg

15 views

Published on

voorganger dhr Pasterkamp
organist Johannes de Vries
luister mee via www.kerknoordwolde.nl

Published in: Spiritual
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

20190310, 09,30 het is genoeg

  1. 1. Welkom Voorganger dhr Pasterkamp Organist Johannes de Vries Thema: “Het is genoeg”
  2. 2. VDD JdH 150 Welk een vriend is onze Jezus
  3. 3. Welk een vriend is onze Jezus (EL 299) t. J. Scriver; m. C.C. Converse; v. Joh. De Heer
  4. 4. Welk een vriend is onze Jezus (EL 299) t. J. Scriver; m. C.C. Converse; v. Joh. De Heer
  5. 5. Welk een vriend is onze Jezus (EL 299) t. J. Scriver; m. C.C. Converse; v. Joh. De Heer
  6. 6. Welk een vriend is onze Jezus (EL 299) t. J. Scriver; m. C.C. Converse; v. Joh. De Heer
  7. 7. Welk een vriend is onze Jezus (EL 299) t. J. Scriver; m. C.C. Converse; v. Joh. De Heer
  8. 8. Welk een vriend is onze Jezus (EL 299) t. J. Scriver; m. C.C. Converse; v. Joh. De Heer
  9. 9. Welkom Voorganger dhr Pasterkamp Organist Johannes de Vries Thema: “Het is genoeg”
  10. 10. JdH 368 - 1, 4, 6 God heb ik lief
  11. 11. God heb ik lief, want die getrouwe Heer (LB 116) t. M. Jacobse; m. Genève 1562
  12. 12. God heb ik lief, want die getrouwe Heer (LB 116) t. M. Jacobse; m. Genève 1562
  13. 13. God heb ik lief, want die getrouwe Heer (LB 116) t. M. Jacobse; m. Genève 1562
  14. 14. Gebed en groet aansluitend JdH 104 – 1, 2, 3 Geprezen zij de Heer,
  15. 15. Geprezen zij de Heer die eeuwig leeft (OT 91)(Opw 44) t. J. van Ingen Schenau; m. T. Ame
  16. 16. Geprezen zij de Heer die eeuwig leeft (OT 91)(Opw 44) t. J. van Ingen Schenau; m. T. Ame refrein:
  17. 17. Geprezen zij de Heer die eeuwig leeft (OT 91)(Opw 44) t. J. van Ingen Schenau; m. T. Ame
  18. 18. refrein: Geprezen zij de Heer die eeuwig leeft (OT 91)(Opw 44) t. J. van Ingen Schenau; m. T. Ame
  19. 19. Geprezen zij de Heer die eeuwig leeft (OT 91)(Opw 44) t. J. van Ingen Schenau; m. T. Ame
  20. 20. refrein: Geprezen zij de Heer die eeuwig leeft (OT 91)(Opw 44) t. J. van Ingen Schenau; m. T. Ame
  21. 21. Gebed
  22. 22. JdH 626 – 1 God is hier
  23. 23. God is hier, Hij wil ons zeeg'nen, Met des Heil'gen Geestes kracht; Zie, de wolk hangt zwaar reeds neder, Straks daalt regen op wie wacht.
  24. 24. Wil nu komen, Heer! wij smeken 't, Zend een stroom van zegen neer; Zie ons wachten, zie ons wachten, Zend nieuw leven, dierb're Heer!
  25. 25. Lezen Numeri 20 : 2 t/m 13 2Toen de vergadering geen water had, liep zij te hoop tegen ​Mozes​ en ​Aäron,3en het volk twistte met ​Mozes​ en zeide: Waren wij maar gestorven, toen onze broeders voor het aangezicht des HEREN stierven! 4Waarom hebt gij de ​gemeente​ des HEREN in deze woestijn gebracht, zodat wij en ons ​vee​ daar moeten sterven?
  26. 26. 5Waarom hebt gij ons uit ​Egypte​ doen optrekken, om ons in dit barre oord te brengen, waar geen koren, vijgeboom, wijnstok en ​granaatappel​ groeien en waar geen water is om te drinken. 6Toen ging ​Mozes​ met ​Aäron​ van de ​gemeente​ weg naar de ingang van de ​tent​ der samenkomst​ en zij wierpen zich neder op hun aangezicht, en de heerlijkheid des HERENverscheen hun. 7Toen sprak de HERE tot ​Mozes:
  27. 27. 8Neem de staf en laat de vergadering samenkomen, gij en uw broeder ​Aäron; spreek dan in hun tegenwoordigheid tot de rots, dan zal zij haar water geven; gij zult voor hen water uit de rots te voorschijn doen komen en de vergadering en hun ​vee​ drenken. 9Toen nam ​Mozes​ de staf van vóór het aangezicht des HEREN, zoals Hij hem geboden had.10Toen ​Mozes​ en ​Aäron​ de ​gemeente​ vóór de rots hadden doen samenkomen, zeide hij tot hen:
  28. 28. Hoort toch, wederspannigen, zullen wij uit deze rots voor u water te voorschijn doen komen? 11Daarop hief ​Mozes​ zijn hand op en sloeg de rots met zijn staf tweemaal, en er kwam veel water uit, zodat de vergadering kon drinken en ook het ​vee.
  29. 29. 12Maar de HERE zeide tot ​Mozes​ en ​Aäron: Aangezien gij op Mij niet vertrouwd hebt en Mij ten aanschouwen van de Israëlieten niet ​geheiligd​ hebt, daarom zult gij deze ​gemeente​ niet brengen in het land, dat Ik hun geef. 13Dit is het water van Meriba, waar de Israëlieten met de HERE twistten en Hij Zich onder hen de ​Heilige​ betoonde.
  30. 30. JdH 626 – 2 God is hier,
  31. 31. God is hier, hier in ons midden, Wij aanbidden Zijne naam: O, dat Zijn genâ verkwikke U en mij en allen saam.
  32. 32. Wil nu komen, Heer! wij smeken 't, Zend een stroom van zegen neer; Zie ons wachten, zie ons wachten, Zend nieuw leven, dierb're Heer!
  33. 33. Deuteronomium 3 : 23 t/m 28 23Ook smeekte ik toen de HERE: 24Here HERE, Gij zijt begonnen uw knecht uw grootheid en uw sterke macht te laten zien; want welke god is er in de hemel of op de aarde, die zulke werken en zulke krachtige daden kan doen als Gij?
  34. 34. 25Laat ik toch naar de overzijde mogen trekken en het goede land zien, dat aan de overkant van de ​Jordaan​ ligt, dat schone bergland en de Libanon. 26Maar deHERE was tegen mij verbolgen om uwentwil en hoorde niet naar mij; de HEREzeide tot mij: Laat het genoeg zijn, spreek Mij niet meer over deze zaak.27Beklim de top van de Pisga en sla uw ogen op naar het westen, naar het noorden,
  35. 35. naar het zuiden en naar het oosten en zie met uw ogen in het rond, want de ​Jordaan​ hier zult gij niet overtrekken. 28Maar geef Jozua uw bevelen, sterk hem en bemoedig hem, want hij zal aan de spits van dit volk naar de overzijde trekken en dit het land doen beërven, dat gij zult zien. 29En wij bleven in het dal tegenover Bet-Peor.
  36. 36. JdH 626 – 3, 4 God is hier
  37. 37. God is hier, wij zenden smekend Dit gebed tot Zijne troon: Dat elk hart van liefd' ontbrande Door Zijn liefd' in Zi'jne Zoon.
  38. 38. Wil nu komen, Heer! wij smeken 't, Zend een stroom van zegen neer; Zie ons wachten, zie ons wachten, Zend nieuw leven, dierb're Heer!
  39. 39. Heiland, wil genadig horen, In vertrouwen smeken w' U: Open ons de hemelvenst'ren, Zend een rijke zegen nu.
  40. 40. Wil nu komen, Heer! wij smeken 't, Zend een stroom van zegen neer; Zie ons wachten, zie ons wachten, Zend nieuw leven, dierb're Heer!
  41. 41. Kinderlied ELB 420 Als je bidt
  42. 42. Als je bidt zal Hij je geven (EL 420) t. & m. R. Zuiderveld, E. Zuiderveld-Nieman
  43. 43. Als je bidt zal Hij je geven (EL 420) t. & m. R. Zuiderveld, E. Zuiderveld-Nieman
  44. 44. Als je bidt zal Hij je geven (EL 420) t. & m. R. Zuiderveld, E. Zuiderveld-Nieman
  45. 45. Als je bidt zal Hij je geven (EL 420) t. & m. R. Zuiderveld, E. Zuiderveld-Nieman
  46. 46. Als je bidt zal Hij je geven (EL 420) t. & m. R. Zuiderveld, E. Zuiderveld-Nieman
  47. 47. Het is genoeg
  48. 48. Deuteronomium 34 : 1 t/m 7 341Toen beklom ​Mozes​ uit de velden van ​Moab​ de berg Nebo, de top van de Pisga, die tegenover ​Jericho​ ligt, en de HERE liet hem het gehele land zien: ​Gilead​ tot Dan toe, 2het gehele Naftali, het land van Efraïm en Manasse, het gehele land van Juda tot aan de achterste zee, 3het Zuiderland en de Streek, het dal van ​Jericho, de Palmstad, tot Soar toe. 4En de HERE zeide tot hem: Dit is het land, dat Ik ​Abraham, ​Isaak​ en ​Jakob​ onder ede beloofd heb met deze woorden:
  49. 49. aan uw nageslacht zal Ik het geven. Ik heb het u met uw ogen laten zien, maar gij zult daarheen niet overtrekken. 5Toen stierf ​Mozes, de knecht des HEREN, aldaar in het land ​Moab, volgens des HEREN woord. 6En Hij ​begroef​ hem in een dal in het land ​Moab, tegenover Bet- Peor, en niemand heeft zijn ​graf​ geweten tot op de huidige dag.
  50. 50. 7Mozes​ was honderd twintig jaar oud, toen hij stierf; zijn oog was niet verduisterd en zijn kracht was niet geweken.
  51. 51. JdH 769 – 1, 3 Vol verwachting
  52. 52. Vol verwachting blijf ik uitzien (JdH 769) t. Joh. de Heer; m. F. Léhar
  53. 53. Vol verwachting blijf ik uitzien (JdH 769) t. Joh. de Heer; m. F. Léhar
  54. 54. Vol verwachting blijf ik uitzien (JdH 769) t. Joh. de Heer; m. F. Léhar
  55. 55. Vol verwachting blijf ik uitzien (JdH 769) t. Joh. de Heer; m. F. Léhar
  56. 56. Vol verwachting blijf ik uitzien (JdH 769) t. Joh. de Heer; m. F. Léhar
  57. 57. Vol verwachting blijf ik uitzien (JdH 769) t. Joh. de Heer; m. F. Léhar
  58. 58. Dankgebed
  59. 59. collecte voor: 1ste Ned. Bijbelgenootschap 2de eigen gemeente
  60. 60. Slotlied JdH 60 - 1, 3 ‘k ben een koninklijk kind
  61. 61. 'k Ben een koninklijk kind, door de Vader bemind, en 'k zal wonen in 's Konings paleis. In die stad nooit aanschouwd, met straten van goud: glorievol als een schoon paradijs.
  62. 62. 'k Ben een koninklijk kind door de Vader bemind, en Zijn oog rust zo teder op mij! Als de daag'raad straks gloort, de bazuin wordt gehoord, roept Hij mij om te staan aan Zijn zij!
  63. 63. 'k Ben een koninklijk kind, dat zijn vreugd daar in vindt, God te loven met jub'lende stem! Tot ik sta voor de poort, van het hemelse oord, waar ik zijn zal voor eeuwig met Hem!
  64. 64. 'k Ben een koninklijk kind door de Vader bemind, en Zijn oog rust zo teder op mij! Als de daag'raad straks gloort, de bazuin wordt gehoord, roept Hij mij om te staan aan Zijn zij!
  65. 65. Zegening, 3 x amen

×