Ziekte van Parkinson

2,158 views

Published on

Published in: Health & Medicine
0 Comments
3 Likes
Statistics
Notes
  • Be the first to comment

No Downloads
Views
Total views
2,158
On SlideShare
0
From Embeds
0
Number of Embeds
10
Actions
Shares
0
Downloads
26
Comments
0
Likes
3
Embeds 0
No embeds

No notes for slide

Ziekte van Parkinson

  1. 1. ‘het Hoofd is het hoofd van het lichaam’
  2. 2. parkinson Een hersenziekte waarin een tekort aan dopamine een rol speelt, veel weten we nog niet van de precieze oorzaak
  3. 3. Parkinson Gebrek aan dopamine dopamine Dopamine is een neurtransmitter Een neurotransmitter is een: boodschapperstof, stofje om een elektrische prikkel over te dragen van de ene zenuwcel naar de andere zenuwcel
  4. 4. Het komt in de beste families voor
  5. 5. mogelijke symptomen parkinson Motorische symptomen Niet motorische symptomen Psychische en psychiatrische klachten mogelijke complicaties
  6. 6. Motorische symptomen beven Rigiditeit = stijfheid stijfheid ledematen, rugspieren, gezichtsspieren. Bewegingsvertraging rigiditeit en bewegingsvertraging leiden o.a. tot: maskergelaat, speekselvloed (weinig slikken), houdingsveranderingen, pijn, slikstoornissen (motoriek), droge ogen (minder knipperen met de ogen) gestoorde houdingsbalans
  7. 7. Filmpje Bicycling With Parkinson's Video 1 shows a 58-year-old man with a 10-year history of idiopathic Parkinson's disease and an incapacitating freezing of gait. Video 2 shows his continued ability to ride a bicycle. http://video.nytimes.com/video/2010/03/31/ health/1247467498167/bicycling-withparkinson-s.html
  8. 8. De automatische piloot is er niet meer, handelingen uitvoeren kost steeds meer concentratie
  9. 9. Niet motorische symptomen symptomen van het autonome zenuwstelsel verschijnselen vanuit het onwillekeurig zenuwstelsel - RR daling (orthostatische hypotensie) - blaasledigingsproblemen - erectiestoornissen - verhoogde transpiratie - verhoogde talgproduktie - obstipatie - slikstoornissen; motoriek is verstoord, maar ook normale slikreflex kan verdwijnen!
  10. 10. Slaapstoornissen en psychische gevolgen Mogelijke overige klachten: afwijkend slaappatroon; overmatig slapen overdag dubbel zien vermoeidheid on-off problematiek psychiatrische stoornissen: parkinson depressie apathie lusteloosheid depressie dementie (30%) hallucinaties
  11. 11. een aantal mogelijke taken en aandachtspunten bij parkinson Motorische symptomen aandachtspunten tremor • schamen • morsen • arts: medicatie tegen tremor, observatie t.a.v. werking medicatie Rigiditeit/ stijfheid • start- stop problemen; bv. bij het lopen • maskergelaat, droge ogen • moeheid • pijn • arm/been.rompspieren  ADLondersteuning, houdingsondersteuning • voorkomen decubitus, pneumonie, trombose, contracturen: oefeningen, fysio, medicatie bewegingsvertraging gestoorde houdingsbalans • Voorkomen van vallen
  12. 12. autonome verschijnselen (buiten de wil om) aandachtspunten Orthostatische hypotensie •rustig aan uit bed komen, bengelen, niet te snel opstaan •wees alert op tekenen van retentie, cystitis, voldoende drinken, event. catheter, incontinetie materiaal blaasledigingsproblemen speekselvloed slikstoornissen verhoogde transpiratie Vertraagde stoelgang •bewust leren slikken, mondlapje, huidverzorging •verdikken vocht, weken broodkorsten, aangepast bestek e.d,logopedie bij slikproblemen •kledingadviezen, vochtverlies aanvullen  voldoende drinken •voedinsadviezen •voldoende vochtintake •stimuleren tot bewegen •nooit ontlasting ophouden •event. Laxeermiddelen, voldoende vocht, vezelrijke voeding
  13. 13. problemen met psychosociaal functioneren door lichamelijke en mogelijk cognitieve veranderingen Enerzijds motorische problemen qua psychosociaal functioneren; - maskergelaat (geen mimiek) - onduidelijke montone spraak - micro-grafie - zachte stem ( AH minder diep en krachtig door stijfheid spieren) Anderzijds kan het cognitief functioneren zelf ook veranderen: - aandachtsproblemen - verminderd geheugen - niet meer 2 dingen tegelijk kunnen doen - apathie De draad van een verhaal vasthouden gaat niet meer vanzelf.
  14. 14. Omgangsadviezen in de psychosociale zin • Concentratie op 1 doel (autorijden/ praten) • Omschakelen gaat langzamer van het ene onderwerk naar het andere • Schaamte • Denken kan vertraagd zijn! • Ken je cliënt Multi tasken
  15. 15. Interventies voeding HULPMIDDELEN BIJ HET ETEN EN DRINKEN ZOALS EEN GEBOGEN LEPEL, EEN LEPEL MET VERDIKT HANDVAT, TUITBEKER, RIETJES BESCHERM KLEDING TEGEN MORSEN SCHENK KOPJES NIET TE VOL EVENTUEEL GEMALEN VOEDING EN VERDIKTE VLOEISTOF BETREK ZORGVRAGERS BIJ HET ETEN EN GEEF ZE EEN PLAATS IN DE HUISKAMER WAAR ZE ZICH OP HUN GEMAK VOELEN LEG DE OMGEVING UIT WAT ER AAN DE HAND IS ZODAT ZIJ DAAR OOK REKENING MEE KUNNEN HOUDEN DIËTISTE/ERGOTHERAPEUT/ LOGOPEDISTE EVENTUEEL INSCHAKELEN
  16. 16. VERZORG HUID EN HAREN MET PRODUCTEN DIE GESCHIKT ZIJN VOOR VETTE HUID EN HAREN ONDERSTEUN BIJ WASSEN KLEDEN; REGELMATIG OPFRISSEN IVM TRANSPIRATIE GEBRUIK GEMAKKELIJK ZITTENDE KLEDING (KLITTENBAND, DRUKKNOPEN, GROTE KNOPEN) ZORG VOOR SCHONE ZAKDOEKEN/TISSUES PREVENTIE INTERTRIGO EN DECUBITUS!
  17. 17. ATTENDEER OP JUISTE LICHAAMSHOUDING EVENTUEEL AANGEPASTE STOEL BEGELEID BIJ START- EN STOPPROBLEMEN LOPEN GEBRUIK EVENTUEEL ROLLATOR VALPREVENTIE STIMULEREN BEWEGEN IVM BUIGCONTRACTUUR; EVENTUEEL 3 MAAL DAAGS BUIKLIGGING VAN 20 MINUTEN STIMULEER GOED DOOR TE ADEMEN EN TE HOESTEN INSCHAKELEN FYSIO- EN ERGOTHERAPEUT
  18. 18. Anti-parkinsonmedicatie Het functioneren van de zorgvrager is sterk afhankelijk van de tijden waarop de medicatie gebruikt wordt Anti-parkinsonmedicatie kan vele bijwerkingen hebben: overbeweeglijkheid, hallucinaties, wanen, slaperigheid en sufheid bijvoorbeeld
  19. 19. 24-uurs observaties om de verschillende verschijnselen; de fluctuaties (On/off-syndroom, de pulsies, freezing en de valneigingen) goed in kaart te kunnen brengen. Geel = Matig Groen = Goed = On Rood = slecht = Off
  20. 20. On/off-fenomeen “Off”: Als er sprake is van traag en schuifelend lopen, valneiging, stijfheid of volledige onmacht (‘palsy’) om te kunnen bewegen “On“ : de symptomen zijn goed onder controle. Het kan zich vooral voordoen bij het op gang moeten komen, het veranderen en stoppen. Het uit zich in vallen of blokkeren (‘freezing’). (Fase III en IV) Het zware been is het been, waarop het meeste gewicht rust en kan daarom moeilijk verplaatst worden. Als ook het andere been geen uitweg heeft, raakt de patiënt geblokkeerd; hij bevriest als het ware. Trek dan niet, maar help hem om eerst een stapje terug te zetten. http://www.youtube.com/watch?v=fgY-Y0u7pY0&feature=related onderzoek freezing
  21. 21. houdingsverschijnselen Pulsie : de onvrijwillige neiging om te snel te gaan. Propulsie: de neiging om te snel naar voren te gaan en kan worden tegengegaan door zich de loop van een ober met dienblad voor te stellen; zoals bijv. een looprekje opgetild wordt! Retropulsie: de neiging om juist achterover te gaan. (bergbeklimmer met zijn zware rugzak, waarvan hij het gewicht moet compenseren door voorover te bewegen) In zo’n geval is de rollator goed van toepassing, omdat die vooruit bewogen moet worden! Lateropulsie geeft een neiging naar opzij. Stel je voor hoe die kromme houding gecorrigeerd kan worden door (aan de ‘holle kant’) een (zwaar) koffer te dragen of, door een begeleider ondersteund te worden aan de ‘bolle kant’.
  22. 22. Enkele hulpmiddelen bij parkinson Aangepast bestek Sta-op stoel Verhoogd toilet Beugels is toilet en douche rollator
  23. 23. Zorgleefplan
  24. 24. mogelijke complicaties: contracturen urineweginfectie decubitus smetten Trombose Pneumonie (of specifieke aspiratiepneumonie)

×