een eigentijdse stijlkamer in groningen
1
project
een Eigentijdse
Stijlkamer in
Groningen
Atelier aan de Middendijk
Guido ...
het huiseen eigentijdse stijlkamer in groningen
Op weg naar het Atelier aan de
Middendijk rijd je van Usquert naar
de Noor...
De expositieeen eigentijdse stijlkamer in groningen een eigentijdse stijlkamer in groningende expositie
Het landelijke sne...
ateliereen eigentijdse stijlkamer in groningen een eigentijdse stijlkamer in groningenatelier
76
Atelier aan
de middendijk...
Colofon
Redactie
Christian Ernsten
Guido Marsille
Thijs Middeldorp
Olivia Somsen
Ontwerp
PutGootink
Fotografie
Frank Hansw...
Upcoming SlideShare
Loading in …5
×

Eigentijdse Stijlkamer in Groningen

628 views

Published on

In the fall of 2012 Rotterdam-based designer Guido Marsille was resident at the Atelier at the Middendijk in Groningen, the rural and northernmost part of the Netherlands. Marsille researched local building types and interior styles in the province. Through a stylistic survey he revealed how a slow but definite change has taken place towards a rural society, which has become more stylistic flexible and is divided into groups of like-minded people who are au fait with urban developments.
( C. Ernsten )

Published in: Design
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

Eigentijdse Stijlkamer in Groningen

  1. 1. een eigentijdse stijlkamer in groningen 1 project een Eigentijdse Stijlkamer in Groningen Atelier aan de Middendijk Guido Marsille Christian Ernsten Dirk-Jan Visser
  2. 2. het huiseen eigentijdse stijlkamer in groningen Op weg naar het Atelier aan de Middendijk rijd je van Usquert naar de Noordpolder. Het voelt alsof je figureert in een David Lynch film: na een eindeloze weg verdwijn je in een gaatje in de dijk. Het Atelier is een klein boerderijtje aan de zeekant van de dijk. De over­ tuigingen en levenswijze van de vorige bewoner prikkelden onze fantasie. Deze bioloog probeerde energie-arm te leven. De man verheerlijkte het zigeunerleven en hij wilde alles met zijn eigen handen maken. Hij leef- de traag aan de Middendijk, zonder keuken, zonder wc en zonder auto. Hij herbouwde het huis en creëerde een biotoop voor slakken in de Noord- polder, weg van het consumentisme, weg van dagelijkse sleur en weg van verslavende prikkels. In de eerste fase van het heront- werp en de verbouwing van het huis, zochten we naar manieren om zijn waarden en ideeen over te dragen. Wat is echt energie-arm bouwen bijvoorbeeld? Via buren en kennissen ontdekten we dat het hippe ‘cradle to cradle’ ont- werpen – oftewel, hergebruik – al eeu- wen een gewoonte is in het Groningse. Het is een traditie die de specifieke lokale architectuur van huizen en de ontwerp van de interieurs tot gevolg had. Het is ingegeven door de men- selijke maat, en gestoeld op kennis van materialen en het ambachtelijke werken. Dit werd een startpunt voor de verbouwing van het eerste vertrek: de badkamer. Ontwerper Guido Marsille was de eer- ste artist-in-residence in het Atelier aan de Middendijk. Hij gaf Gronings erfgoed een moderne vertaling en stelde vragen. Hoe kan het project een spiegel zijn van eigentijdse gewoontes op het platteland? In het najaar van 2012 was Marsille gezel van houtbewerker Harry Aalberts en bestudeerde ondertussen pre-industriële bouw- en ontwerp- technieken. De ontwerper vroeg: Is het huishouden aan het begin van de 21ste eeuw nog méér dan een persoonlijke verzameling van acces- soires in combinatie met een verhaal? Kan je een huiskamer lezen als het geheugen van het alledaagse leven en als een etalage van het individu of het collectief? Samen met Dirk-Jan Visser en Christian Ernsten ontwierp hij – met de bovenstaande vragen in het hoofd – de tentoonstelling Thuis: Huiskamers van het Hoogeland. In het Atelier aan de Middendijk, in de badkamer, poog- de Marsille een Groninger identiteit in interieurstijl te vatten. Marsille aan de Middendijk De Stijlkamer / Het huis een eigentijdse stijlkamer in groningenhet huis 32
  3. 3. De expositieeen eigentijdse stijlkamer in groningen een eigentijdse stijlkamer in groningende expositie Het landelijke snelwegpanorama is een sterk beeld. Het roept bij velen de romantiek van het pastorale op. In dit beeld past het idyllische boerderijtje in Groningen; als een plek in natuurlijke rust. Je werkt met je handen, oefent een ambacht uit. Af en toe wandel je door het kleine dorp met kerk en molen. En ontmoet dan je buren; leden van een kleine gemeenschap waar duidelijke waarden en normen nog gelden. Een fantastische plek die wordt herontdekt door de stedeling. In het verlengde ligt de trendy lum- berjack mode, de architectuur van boerenkeukens in Amsterdamse herenhuizen. En de bijzondere interes- se in stadslandbouw en 100% biolo- gisch lokaal geproduceerd voedsel, het past naadloos bij dit plaatje. Het is een geïdealiseerd landelijk leven zoals we het kennen uit de magazines. De realiteit is anders Hoewel het ontwerpers-oog talloze verschillen ziet tussen stad en plat- teland – bijvoorbeeld hyperrationele bouw op het platteland versus hyper frivole stijlen in de stad – vloeien de gebieden in toenemende mate in elkaar over. In een korte periode van 30 jaar is de betekenis van ‘lokaal’ drastisch getransformeerd. Wonen op het platteland is ondertussen even eclectisch en divers als in de stad. Delen van het platteland kennen zeer gemengde functies; weinigen zijn nog fulltime boer. Steeds meer platte- landsbewoners hebben beroepen als yogaleraar, kinderboekenschrijver en consultant. Andere landbouwregio’s worden juist als hyperrationele en monoculturele gebieden ingericht. Productiegebieden die even goed pootaardappelen, datahotels als windmolenparken kunnen huisvesten. Die gebieden zijn te beschouwen als een erfenis van voormalig Europees commissaris Sicco Mansholt. Niet verrassend; het internet heeft in het plattelandsleven een zeer centra- le positie. Ruimtelijke afstand wordt tenietgedaan en sociale, economische en culturele verschillen worden net als elders zeer snel overbrugd. Erfgoed- beheer is een laatste troefkaart om lokale architectuur en taal te behou- den. Vaak met het argument om toeristen te kunnen blijven trekken. En zo verwordt de romantische platte- landsidentiteit tot een commercieel product. Het dorp is een verstedelijkte suburb op rijafstand van de stad of een openluchtmuseum van het leven van weleer. En ondertussen wordt de productiekwaliteit van het land maximaal uitgebuit. De dorpeling is een wereldburger: soms een liefheb- ber, soms een figurant en dan weer de belangrijkste protagonist in de ontwikkeling van het platteland. Het romantische plattelandsleven en het hyperrationele boerenbedrijf zijn te vinden in hetzelfde gebied, maar lijken elkaar tegen te spreken elkaar tegen. Hier schuilt dus de kans of uitdaging: hoe wordt de agrarische technologie verbonden met de plat- telandsbeleving, waar komen het rationele en het romantische verhaal samen? Wij zien – bijvoorbeeld – in de Groning- se Borgen een plek om die verbinding te herstellen: een markt waar burgers, boeren en buitenlui samenkomen om producten en verhalen te delen. De borg als plek waar het nu gebeurd, in plaats van de plek waar alleen nog achteruit gekeken kan worden. 1 1 Op basis van de lezingen van Siebe Rossel, Petran Kockelkoren en Stephan Petermann in het Atelier aan de Middendijk op 1 en 15 juni 2013. Tussen productiegebied en museumland een manifest van de makers tHuis. huiskamers van het hoogeland / de expositie 54
  4. 4. ateliereen eigentijdse stijlkamer in groningen een eigentijdse stijlkamer in groningenatelier 76 Atelier aan de middendijk / onderzoek ‘Ja, dat was een feestelijk dag. En een fijne dag voor iedereen die bij het project was betrokken’. Ontwerper Guido Marsille kijkt naar de uitnodiging van de opening van zijn tentoonstelling Thuis, die 23 maart 2013 plaatsvond. Inmiddels is het 23 juni en zitten we in het Atelier aan de Middendijk, waar hard aan de keuken wordt gewerkt. De badkamer, het project van Guido, is zo goed als af. Alleen het houten bad heeft nog wat nazorg nodig. Tijdens een kop koffie reflecteert hij op het afgelopen jaar. ‘Je duikt in korte tijd ergens heel diep in, dat is het interessante aan een residency. De opdracht was om een badkamer te bouwen, maar veel interessanter vond ik natuurlijk de regio, het Hoogeland, en de geschie- denis van het huis aan de Midden- dijk. Ik heb geprobeerd de omgeving naar binnen te trekken, via stages en contacten met allerhande men- sen zijn verhalen en materialen van het Hoogeland in het Atelier terecht gekomen.’ De badkamer is tegelijk woonkamer. Hoe kwam je tot die beslissing? ‘Ik begon met het denken over de functie van een badkamer in het Atelier. En constateerde dat het eigenlijk zonde is als je alleen ’s och- tends en ’s avonds in die ruimte zou zijn. De ruimte ligt namelijk prachtig aan de tuin, met vaak mooie lichtin- val. Zo bedacht ik dat de badkamer naast de wasfunctie ook geestelijke verzorging kon bieden. En ontwierp een ruimte om in te wonen en bad- deren. Het kamertje heeft meubilair, waarin de badkamer verstopt zit; de douche zit in de servieskast, de bank is een bad, en in de buffetkast zit een wasbak.’ Je vond– naast de functionele ontwerpvraag – vooral de omgeving interessant. Hoe heb je hier in tijdens jouw residency-periode handen en voeten aan gegeven? ‘Door met veel mensen een samen- werking aan te gaan. Via een stage bij timmerman Harry Aalberts ben ik bijvoorbeeld in contact gekomen met diverse hout- en timmertechnieken en bouwkunst uit de regio. En door gesprekken met antiekhandelaar Erik Boerma of sloper Jan Pruim leerde ik weer allerhande andere zaken. Voor de tentoonstelling in het Hoogeland Museum werkten we samen met museumdirecteur Stijn van Genuch- ten, en interviewden we een tiental mensen over wonen en leven op het Groningse platteland. De tentoon- stelling kwam in nauwe samenwer- king met de initiatiefnemers van het Atelier tot stand, en juist in de opstart van het badkamertraject hebben we veel informatie en verhalen over de omgeving gezocht en gedeeld.’ Wat was de reden om de opdracht aan te nemen, toen de initiatief­ nemers jou vroegen? ‘Ik was er op uit om iets te ontdek­- ken. Van een eerdere residency- periode weet ik hoe fijn het is om je te verdiepen; om eens goed de tijd te nemen om buiten mijn eigen gebaan- de paden te kijken. En de verbinding tussen het platteland en de Randstad vond en vind ik heel interessant. Het Hoogeland staat in contrast met mijn dagelijkse praktijk; een langzamer dynamiek, een hogere vorm concen- tratie. Het valt mij in Rotterdam vaak lastig om me aan de stedelijke dyna- miek te onttrekken. Ik zie het trou- wens meer om me heen: makers die naar het platteland trekken.’ Hoe heb je het traject ervaren? ‘Aan het begin lag letterlijk alles open, het huis had geen water, licht of enig ander comfort. Er werd voorzichtig met het verbouwen gestart, er werd samen gezocht naar de juiste inrich- ting en juiste vormen. Wat ik heel gaaf vond, is dat tijdens de gesprek- ken met de mensen van het Atelier de ideeën op enig moment kantelden naar de actie: de ideeën om samen te gaan werken met museum en vaklui uit de regio werden werkelijk gerealiseerd. Soms was het ingewik- keld om in een on-af-huis te werken, erg onrustig. De keuken is bijvoorbeeld drie keer verplaatst tijdens het tra- ject. Voor mij is de plek ideaal om te mijmeren, om contemplatief bezig te zijn. Maar de verbouwing vraagt aan de andere kant ook steeds om actie: het huis moet af.’ Zat de geschiedenis van de vorige bewoner in jouw hoofd? ‘Ja, zeker in de beginperiode heb ik regelmatig aan Jos Nienhuis gedacht. Hij leefde hier dertig jaar; uiterst sober, zonder elektriciteit bijvoorbeeld, en zonder stromend water. Wat ik beleefde in de tuin en het huis, en hoe hij al die tijd aan deze plek gewerkt heeft, dat zat vanaf het begin op een goede manier in m’n hoofd. Ik had er respect voor. Hij creëerde een eigen wereld, met z’n eigen handen. Hij heeft de confrontatie met zichzelf en de buitenwereld opgezocht, dat vind ik fascinerend. Hij heeft zich- zelf ergens ingestort en zich weinig van de omgeving aangetrokken. Het moet hem ook overweldigd hebben, af en toe te groot hebben gevoeld. Ik kan me voorstellen dat het op een gegeven moment op was. Dat hij eruit groeide, dat hij weer weg wilde.’ En wat volgt er nu? Wat heeft de ervaring en het project jou gebracht? ‘Nou, er zijn meerdere lijnen getrok- ken. Ik ga vaker op het Hoogeland zijn, om ontwerp- of timmeropdrachten hier uit te voeren. Bij Harry Aalberts wordt nu regelmatig hout gezaagd voor de meubels die ik maak. En met Erik Boerma willen we op kleine schaal nieuwe en oude meubels ontwerpen en maken. Door de ervaring hier weet ik nog zekerder dat ik meer met de hand wil doen: het pre-industriële ambacht combineren met wat we nu allemaal met nieuwe technieken kunnen. En daarover wil ik verhalen gaan vertellen. De periode aan de Middendijk heeft me een heel nieuw palet aan verhalen en werk­wijzes gegeven. Alsof ik vanuit een frisse basis denk, en daarmee sprongen kan maken’. Plotseling richt Guido zich op. ‘Zullen we nu een plens water in het bad gooien?’ De Rurale Resident een interview met Guido Marsille
  5. 5. Colofon Redactie Christian Ernsten Guido Marsille Thijs Middeldorp Olivia Somsen Ontwerp PutGootink Fotografie Frank Hanswijk Dirk-Jan Visser De Eigentijdse Groninger Stijlkamer is een project van Christian Ernsten, Guido Marsille en Dirk-Jan Visser Thuis. Huiskamers van het Hoogeland is een initiatief van Atelier aan de Middendijk en Openluchtmuseum het Hoogeland Partners Boerma’s Antiekhoeve en Aalberts Hout Bijzondere dank aan Yu-Lan van Alphen Harry Aalberts Willianne Bakker Arthur van Beek Jannet Benthem Vera Berger Gerben Blom Anneke A. De Boer Auke Jan de Boer Erik & Erika Boerma John Bold Patrick Boon Greetje & Colin Bos Rutger Brood Peter van der Burg Hans Maarten Dagelet Johan van Dam Magda Domagala Arjen Edzes Koen Elzerman Marcel Ensing Adriaan Ernsten Ina Ernsten Christiaan Fruneaux Augusta Galens Jan Dirk Gardenier Colin Gehrmann Bert Gerlofs Stijn van Genuchten Henriette de Goei Michelle Q Hamers Jasper Harlaar Harrie van Ham Henk Helmantel Anne Hildrink Tjarko & Ginnie Ibbens Joost Janmaat Folke Janssen Karolien Janssen Lisa Jochems Remmelt de Jong Cindy en Arjen de Jonge Erik Jutten Kinderen van groep 1 en 2, Basisschool De Burcht Lysander Klinkenberg Ewout Kauw Thijs Koster Ivo Lochtenberg Arthur Marek Harrie van Mens Suzan van Mens Thijs Middeldorp Pieter Middeldorp Richard Middeldorp Corine Molenaar Jos Nienhuis Harrie, Rene & Martijn Olinga Anne Ording Chiel & Janneke Ording Provinciale Groningse Oud- heidkundige Commissie Reem Saouma Familie Scheers Vincent Schipper Olivia Somsen Frederick Schultz Ostermann Erik Terlouw Edwin Tiben Harrie Tiekstra Jan Roel Timmer Martijn van Tol Tico Top Arjen Tromp Bern Tromp Koert Tromp Hans Vermeulen Alex Visser Grietje Visser Jan Visser Simon Visser Gerrit de Vries Judith de Vries Rowan de Vries Erhard van der Vries Ida Wieringa Erik Wong Jo & Debora van Zeebroeck Grafische vormgeving tentoonstelling Boudewijn van Diepen Mede dankzij door J.B. Scholtenfonds & H.S. Kammingafonds & Leader Hoogeland/Provincie Groningen, RWE Cultuurfonds, Prins Bernhard Cultuurfonds, RWE Cultuurfonds, Stichting Doen, Partizan Publik en Stimuleringsfonds van de Creatieve Industrie. 8 ateliereen eigentijdse stijlkamer in groningen jbs&hsk Fonds

×