Successfully reported this slideshow.
We use your LinkedIn profile and activity data to personalize ads and to show you more relevant ads. You can change your ad preferences anytime.

Legitiem verzet na afzondering

234 views

Published on

Hoe maatschappelijk verzet noodzakelijk wordt gemaakt.
Als de overheid de legitimiteit van een gefundeerde afwijkende mening niet (h)erkent en zich verschuilt achter wet en regelgeving, roept de overheid haar eigen verzet op.
Naar aanleiding van het advies van de Commissie Voltooid Leven - Commissie Schnabel.

Published in: Government & Nonprofit
  • Be the first to comment

  • Be the first to like this

Legitiem verzet na afzondering

  1. 1. 1 Legitiem verzet in afzondering Hoe maatschappelijk verzet noodzakelijk wordt gemaakt Gert R. Rebergen Zutphen, 01 maart 2016 -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Emotion is not of the order of the ego but of the event. (G. Deleuze; 1 ) -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- De Adviescommissie Voltooid Leven, in de volksmond: Commissie Schnabel, heeft in februari 2016 heel veel pennen en monden in beweging gebracht. Velen keken reikhalzend uit naar het rapport (2) omdat het weleens een opening zou kunnen geven voor de opvattingen die al geruime tijd in de maatschappij leven ten aanzien van hulp bij zelfdoding en het zelfgeregisseerde levenseinde. Onmiskenbaar is een groot deel van de Nederlandse bevolking (3) de mening toegedaan: • dat hulp bij zelfdoding uit het strafrecht gehaald moet worden; • dat degenen die dat voor zichzelf willen, op een veilige manier aan een humaan werkend laatstewilmiddel moeten kunnen komen, zonder list en bedrog of toets die in het kader van de Euthanasiewet wordt uitgevoerd. Proeftuin. Coöperatie Laatste Wil (CLW) deed de Adviescommissie een mooi en doordacht voorstel. CLW wil graag als proeftuin dienen voor de verstrekking van een humaan werkend laatstewilmiddel aan leden van de coöperatie, zonder tussenkomst van een stervensbegeleider, of niet medisch geschoolde hulpverlener of een arts. Alle leden van CLW hebben op het inschrijvingsformulier van het eigen lidmaatschap een handtekening gezet onder de doelstelling van de coöperatie. Het lidmaatschap is persoonlijk. We kunnen zeggen dat met de oprichting van de coöperatie de werving van deelnemers aan de proeftuin al in gang is gezet. Voorbeschouwing. In juni 2014, net nadat de samenstelling van de Adviescommissie bekend is geworden, hebben we met de toenmalige directeur van de NVVE Petra de Jong van gedachten gewisseld over de mogelijke effecten van de Adviescommissie Voltooid Leven. We schreven: “ Zoals een marketeer zou kunnen zeggen: als er over ons wordt gesproken, is het beter dan dat we worden doodgezwegen. Als er vanuit deze commissie een behoudend resultaat op tafel komt, zal het maatschappelijk verzet worden aangejaagd. En dat is in ons voordeel. Anders gezegd: elke radicalisering schept zijn eigen tegenmachtige beweging. Dat geldt voor behoudende, vooruitstrevende krachten én zelfregulateurs. 1 G. Deleuze, Two regimes of Madness; Texts and Interviews 1975 – 1995. Semiotext(e), New York/Los Angeles, 2006, pag. 187 2 Adviescommissie Voltooid Leven, Voltooid leven; over hulp bij zelfdoding aan mensen die hun leven voltooid achten. Den Haag, jan, 2016 3 Met opzet noteren we hier geen aantallen. Iedereen weet dat het niet om een splintergroepering gaat, maar om forse aantallen weldenkende burgers. De discussie over de aantallen doet er ons inziens niet meer toe; het is jammer genoeg onderdeel van een ‘ja, maar - strategie’ geworden met het doel om wetenschappelijk te kunnen blijven twijfelen, dan wel alles bij hetzelfde te houden.
  2. 2. 2 Het moeilijkst te overtuigen zijn gladde bestuurlijke palingen die als het hun uitkomt de discussie verdagen en vervolgens de zorgvuldigheid van de procedure belangrijker vinden dan het eindresultaat dan wel de opheffing van lijden. Hoogleraren zijn meestal geen producenten van snot waarin zij zich als alen ongrijpbaar maken. Wat er ook uit de hooggeleerde advieshoeden komt, de publieke opinie wordt er hoogstwaarschijnlijk niet anders van. De kans dat het professorabel rapport de voorstanders van het zelfgekozen levenseinde bij voltooid leven in de kaart speelt, is mijns inziens groter dan dat de maatschappelijke beweging waarin wij actief zijn, erdoor wordt geschaad. Immers, (nogmaals) blootgelegd worden de factoren die op dit moment de praktisering van het ideale levenseinde verhinderen. Wij krijgen de haakjes waaraan we ons eigen verhaal kunnen ophangen, op een presenteerblaadje aangereikt. Omgekeerd: ik ben erg blij dat de commissie vooral uit hooggeleerde dames en heren bestaat. Alsof de top van gesubsidieerde wetenschappelijke opleidings- en kennisinstituten de publieke opinie in één richting kunnen en zullen sturen. Niet dus. De adviescommissie is slechts een (weliswaar niet onbelangrijk) fragment in een al decennia lang durend politiek, maatschappelijk en ethisch debat. Als er in het middenveld geen sterke dragers zijn die de wetenschappelijke inzichten aan de burger weten te brengen, komt innovatie of verandering niet tot stand. Zo heeft Swaab vele adepten en napraters nodig om het maatschappelijk middenveld c.q. de publieke opinie te laten zeggen dat het brein pas rond het 23e levensjaar uitgegroeid is om belangrijke beslissingen te kunnen nemen. (4) Nu lijkt het erop dat het bij de tijdse wetenschappelijke inzicht terzake het startmoment van zelfbeschikking, de enige gruwelijke waarheid in handen heeft gelegd van het cijfer 23. Maar dat is allerminst waar. 23 is ook gewoon een gemiddelde waarover net zoveel in wetenschappelijke milieus wordt gesteggeld als over de vraag of de juridische cesuur van 18 in het sociale en esthetische domein houdbaar is. De waarheidsconstructie rond 23 ligt niet bij de genuanceerd schrijvende Swaab, maar bij de adepten en napraters die dit aspect uit het dikke boek van Swaab ongenuanceerd radicaliseren. Ik zou me pas echt zorgen gaan maken, als minister Schippers een commissie met behoudende mediagenieke opiniemakers en/of volksmenners had samengesteld.” (einde citaat) Pluralisme. In de huidige ethiek, politiek-filosofische en (wijsgerig-)sociologische literatuur viert een vorm van pluralisme hoogtij. De tijd dat één instantie of (groepje) perso(o)n(en) met behulp van geboden en verboden het voor het zeggen heeft, een soevereine macht, ligt gelukkig ver achter ons. Er zijn altijd min of meer schurende standpunten en het is de politieke, wetenschappelijke en maatschappelijke opgave om een weg te vinden waarin het schuren als verschil, als differentie, wordt herkend en erkend. Belangengroepen, rechtsstelsels of rechtsbronnen hebben ten principale gelijk gezag en kunnen dus tegenover elkaar komen te staan. De rechtsfilosofie houdt zich daar onder meer mee bezig. Filosofen herkennen meer dan één ultieme werkelijkheid of waarde, die allemaal in staat zijn tot rationele steun en allemaal naar behoren zijn opgenomen als opties voor individuele keuze. Pluralisme is een systeem of leer waarbij het bestaan van verschillende principes en overtuigingen naast elkaar als uitgangspunt wordt genomen. Pluralisme is het 4 D. Swaab, Wij zijn ons brein; van baarmoeder tot alzheimer. Contact, Amsterdam, 2010
  3. 3. 3 bestaan van verschillende sociale en culturele subsystemen in een samenleving, zoals de overheid, de rechtspraak, het bedrijfsleven, de vakbeweging, de pers en de kerk met elk eigen belangen waarbij er sprake is van een zeker machtsevenwicht. De maatschappelijke materialisatie van een pluralistische benadering doet een groot appèl op respect, acceptatie en solidariteit. (5) Bereidwilligheidscoalitie. De ambitie om de verschillen in principes en opvattingen als gelijkwaardig te waarderen in voor iedereen werkbare wetten, regels en afspraken, is een dagelijkse opgave. Niet alleen in het politieke domein, ook daarbuiten. Praktijken, theorieën, debatten, discussies, multilogen zijn steeds weer nodig om het gelijk niet aan één zijde te laten rusten. Want dan zouden we al gauw een nieuwe soevereine macht creëren, bijvoorbeeld in de vorm van de dominante c.q. samenwerkende ‘ja, maar – stemmen’. In Europees verband wordt gesproken van een ‘coalition of willing’ (6) als instrument om in de constitutie van een samenwerkingsverband op globaal niveau enkele uitgangspunten en doelen overeen te komen, zonder daarbij schier eindeloos te steggelen over de details. In coalitievorming tussen bedrijven worden intentieverklaringen en intentionele samenwerkingsovereenkomsten als instrumenten ingezet. Met voornoemde manieren om coalities te vormen, wordt aan alle redelijke krachten ruimte gegeven om al doende ‘er samen verder mee te komen’, zonder gebod en verbod van een soevereine macht. (7) Een voorzet om tot een dergelijke bereidwilligheidscoalitie te komen inzake hulp bij zelfdoding en een humane manier om het levenseinde zelf te regisseren, had een resultaat kunnen zijn van het advies van de Commissie Schnabel. Maar dat was kennelijk niet mogelijk. In het advies zijn de standen van zaken in juridisch, ethisch, religieus en politiek perspectief keurig op een rij gezet. Alle belanghebbende partijen zijn gehoord, een diversiteit aan standpunten zijn kenbaar gemaakt en de commissie heeft de pluraliteit van de input ondergeschikt gemaakt aan de handhaving van de status quo. Daarmee is het debat over hulp bij zelfdoding en het zelfgeregisseerde levenseinde door de adviescommissie verzadigd, of scherper (met een van oorsprong natuurkundige term) geduid: gesatureerd. (8) Pragmatische motivering. 5 Vgl. het sleutelcitaat: Thomas Nagel over waardenpluralisme. In: G. den Hartogh, F. Jacobs, T. van Willigenburg, Wijsgerige ethiek; hoofdvragen, discussies en inzichten. Damon, Budel, 2013, pp. 48 – 50. J. Raz, The Practice of Value. Clarendon Press, Oxford, 2003 6 Deze term is afkomstig uit militaire bron. Het begrip verwijst naar de overeenkomst op basis waarvan staten samen oorlog (gaan) voeren. In Europees verband is de term ontdaan van het doel ‘oorlog voeren’. 7 In de deliberatieve democratie staat deze manier van het zoeken naar oplossingen voor (maatschappelijke) vraagstukken centraal. Essentieel is dat alle vertogen rond een thema gelijke kansen krijgen om argumenten en afwegingen naar voren te brengen. Dryzek noemt dat ‘Discours Representation’. Zie: J. S. Dryzek, Foundations and Frontiers of Deliberative Governance. Oxforg Un. Press, Oxford, 2010 8 Satureren is de natuurkundige term om aan te geven dat er in een vloeistof zoveel mogelijk vaste delen worden opgelost. De vloeistof is in dit geval het wettelijke kader, conform de interpretaties van de adviescommissie. De Coöperatie Laatste Wil houdt zich op in het bakje met de vaste stoffen die zich niet laten oplossen in de vloeistof van de adviescommissie.
  4. 4. 4 Omdat Coöperatie Laatste Wil met beide benen in de dagelijkse realiteit staat, kunnen we er niet omheen om het streven pragmatisch te motiveren. In de navolgende zullen we meer beschouwend naar de kwestie kijken. • In 2014 waren 1835 gevallen van zelfdoding. Nederland scoort in Europees verband goed (7e plek). • Door de jaren heen stijgt het aantal zelfdodingen. Het gemiddelde is 10,9 per 100.000 inwoners. • De concentratie van zelfdodingen ligt tussen de leeftijdsgrenzen van 40 en 65 jaar. • De meest gebruikte, als inhumaan te afficheren methoden zijn: 1. ophanging en/of verwurging (876 personen = 48%); 2. inname van medicijnen en/of alcohol (353 personen = 19%); 3. voor de trein of metro springen (181 personen = 10%); 4. van grote hoogte springen (138 personen = 7,5%); 5. verdrinken (111 personen = 6%): 6. overig (176 personen = 9,5%). (9 ) • Het leed bij derden is immens: - als iemand een zelfdoder na zijn/haar zelfdoding vindt. - als van iemand wordt verwacht dat desbetreffende het resultaat van zelfdoding opruimt. - als iemand een inhumane zelfdoding tegen wil en dank ziet gebeuren. • De impact bij omstanders, familieleden, vrienden/kennissen, mantelzorgers, respijtzorgers mag op geen enkele manier worden gebagatelliseerd. • De maatschappelijke kosten van zelfdodingen zijn immens. Denk aan: zorgkosten, welzijnskosten, beredderingskosten, arbeidsverzuimkosten, opruimkosten. • Bijna 100.000 personen doen per jaar een poging zichzelf te doden. Daarvan komen ongeveer 14.000 personen in het ziekenhuis terecht. Hoeveel personen tegen hun wil in het ziekenhuis worden gediagnosticeerd en behandeld, is niet bekend. De maatschappelijke kosten met betrekking tot de groep die de dood verkiest boven het leven, zijn groot. • Het aantal personen dat laatstewilmiddelen uit het buitenland haalt, lijkt niet gering. Hoe vaak de import lukt, is niet bekend. Wel is duidelijk is dat er vaak slecht of niet werkende middelen worden geleverd. Het gedogen van het testen van illegaal verkregen middelen voor het gebruik is net zoals bij chemische drugs te prefereren boven de problemen die het gebruik van rotzooi middelen met zich meebrengen. • Het surplus leed bij derden en de extra maatschappelijke kosten van het zelfgeregisseerde levenseinde dat op een inhumane dan wel inadequate manier wordt uitgevoerd, kunnen eenvoudig worden gereduceerd tot een minimum. Reacties. En toen verscheen het rapport van de Commissie Schnabel. De kwalificering van het rapport benaderen we ‘van onderaf’, in dit geval vanuit de reacties van Coöperatie Laatste Wil. De reacties van leden van Coöperatie Laatste Wil tonen een breed palet aan opvattingen en overtuigingen. Een soortgelijk palet is eerder binnen de coöperatie verzameld en openbaar gemaakt in het boekje: Om toch! (10 ) Een enkele reactie neemt afstand van de wijze waarop het bestuur zich in maximaal 140 tekens over het rapport heeft geuit. Sommige reacties gaan de discussie met het advies aan en zoeken de nuances. Uit veel reacties spreekt boosheid, teleurstelling, oplaaiende strijdbaarheid, maar ook de afwending van de huidige regulering rond niet medisch geschoolde hulp bij zelfdoding en de ontoegankelijkheid van de medicijnkast in geval van de wens het eigen levenseinde zelf te regisseren. Hier en daar vallen diskwalificerende woorden. 9 Bron: http://statline.cbs.nl/Statweb/publication/?DM=SLNL&PA=7022GZA 10 D. Goossens, G. Rebergen, J. van Wijk (red.), Om toch!; eigen-wijze meningen over humane laatstewilmiddelen. Uitg. Rebergen, Zutphen, juni 2015
  5. 5. 5 Paternalisme, betutteling, gebrek aan empathie, verschuilen achter wetenschappelijk gezien niet onomstotelijk vastgestelde kwantificeringen en andere ‘ja, maar’s’ zoals ‘de veiligheid’, ‘het voorkomen van misbruik’, ‘de depressieveling’ of ‘de laatstewilpil ter leniging van het lijden vanwege het geschokte liefdesleven van jongeren’, alles komt in volle glorie aan de orde. Advies als calendarium. Zo gelezen is het rapport van de Adviescommissie een historisch verantwoord, retrospectief calendarium, met als advies om geen enkele andersheid te includeren dan nu door de staat met wetten, regels en gedoogpraktijken in de hand, wordt toegestaan. Een vooruitziende blik om in wet en regelgeving beter te gaan aansluiten bij de onmiskenbaar bestaande, pluralistisch van aard zijnde maatschappelijke vertogen inzake het drieluik euthanasie, hulp bij zelfdoding en het zelfgeregisseerde levenseinde, is niet van de Adviescommissie Voltooid Leven gekomen. Tijd dus om andere democratische kanalen aan te boren. Tijd om als geëxcludeerden in actie te komen. Geheim en afzondering. In het laatste boek van de hoogleraar bestuurskunde aan de Tilburg University Paul Frissen staat de auteur uitgebreid stil bij de functie van het geheim in de relatie tussen staat en burger. (11 ) Frissen interviewde (voormalige) medewerkers van de Nederlandse geheime diensten en andere betrokkenen uit het domein van de inlichtingen- en veiligheidsdiensten. Hij stelt vast dat het geheim en de geheimhouding een bijzondere betekenis hebben in de verschillende relaties tussen de vrijheid van de burger en de taken van de staat. Frissen onderscheidt twee domeinen van relaties: • de staat heeft geheimen, bewaart geheimen, houdt geheim – in het belang van zorg, welzijn en ontplooiing van burgers; • de staat heeft geheimen, bewaart geheimen, houdt geheim – in het belang van de staatsveiligheid en in het belang van de stabiliteit van de samenleving en de democratische rechtsorde. (pag. 244) Tegen de achtergrond van deze twee domeinen spelen vier paradoxen: • de burger wil vrijheid én begrenzing, geheim én transparantie; • de monopolies van de staat beschermen de vrijheid van de burger tegen de monopolies van de staat; • de staat moet sterk zijn en zwak tegelijk; • voor zijn legitimiteit moet de staat het geheim van de burger beschermen, voor zijn effectiviteit zijn staatsgeheimen noodzakelijk. (hfdst. 6) Hoogst interessant is de stelling “dat de vrijheid van de burger voor een belangrijk deel berust op zijn recht geheimen te hebben. Vrijheid is het recht in verborgenheid te leven.” (pag. 226) De roep om privacy, zelfbeschikking en autonomie is te horen als het recht van de burger om in verborgenheid te leven, wordt geschonden door – in dit geval – de overheid. Frissen poneert en onderbouwt de stelling: “Op het aantasten van deze bewust gewilde verborgenheid dient een principieel verbod te rusten. Dat verbod is in zekere zin neutraal ten opzichte van de inhoud van de verborgenheid, met één uitzondering: als de verborgenheid de democratische rechtstaat ondermijnt en daarmee het recht op deze verborgenheid voor alle burgers.” (pag. 262/263) Treffend weet Frissen zijn visie te larderen met zinsneden als ‘een ruimte waar de burger onaanraakbaar moet zijn en waar zijn geheimen voor de staat taboe zijn en schending ervan ten strengste – want wettelijk en dus door diezelfde staat af te dwingen – verboden.” (pag. 263/264) En de aanduiding ‘scharrelruimte’ (pag. 217) als de scheut warme bessensap op de smeuïge griesmeel. Leven als. In het essay ‘Leven als (niet) kunnen sterven’ (12 ) hebben wij twee noties in het denken over hulp bi 11 P. Frissen, Het geheim van de laatste staat; kritiek van de transparantie. Boom, Amsterdam, 2016 12 G.R. Rebergen, Leven als (niet) kunnen sterven. Uitg. Rebergen, Zutphen, dec. 2015
  6. 6. 6 zelfdoding en het zelfgeregisseerde levenseinde geïntroduceerd, die eenzelfde visie attent stellen als die we bij Frissen tegenkwamen. We bedoelen ‘het recht op afzondering’ en ‘het vrij maken’. Refererend aan een boek van Peter Sloterdijk (13 ) schreven we: “Het bezinnen zien wij als secessie, als afzondering. Belangrijk is hierbij te melden dat de afzondering niet een afzondering is van ‘de ander’, dat wil zeggen een ontkenning van de verbondenheid, maar een afzondering van (de beslommeringen van) het dagelijks leven als niet-kunnen-sterven. De afzondering kan alleen maar ook met (een) ander(en) plaatshebben. In de afzondering van het leven als niet-kunnen-sterven oefent de persoon in kwestie op de mogelijke weg naar het leven als kunnen-sterven.” (noot 148) De notie van ‘het vrij maken’ is een conventiekritische doordenking én overstijging van het libertaire, altruïstische, reciproke, gezamenlijke en openende vrijheidsbegrip. Vanuit de positie van de burger geredeneerd, borgt het recht op afzondering c.q. het recht op bewust gewilde verborgenheid c.q. het recht op burgerlijke onaanraakbaarheid, de vrijheid van de persoon, omdat er bij de uitoefening van dat recht sprake zal zijn van een rechtstatelijke schending van de in wetten, regels en afspraken gelimiteerde privacy en autonomie. Met andere woorden, dankzij het limitatief blindelings gedogen van tijdelijke autonome zones (14 ) waarin de burger heimelijk (15 ) het recht op afzondering kan en mag beoefenen, dankzij een dergelijke schending van de wettelijk vastgelegde limiteringen, bindt de staat de burger aan zichzelf en andersom. De staat heeft de plicht om in aansluiting op limiteringen zoals vastgelegd in wetten, regels en afspraken, een denk- en handelingsruimte te creëren voor degenen die zich door die wetten en regels geëxcludeerd voelen. Wil de democratische overheid zich niet vervreemden van dat deel van de burgers dat zich onvoldoende kan herkennen in de wijze waarop de staat in het belang van zorg, welzijn en ontplooiing van burgers acteert, zal de staat zichzelf als rigide handhaver van de in wetten en regels verankerde orde gaan overstijgen. Niet om een vorm van maatschappelijke chaos te creëren, maar om de binding van de staat aan de burger, én de saamhorigheid van de burgers onderling te versterken. Of in termen van Frissen: om de (agressieve) ondermijning van de democratische rechtstaat vanuit georganiseerde boosheid en teleurstelling te kanaliseren. Bij de geheime diensten wordt het ethisch besef gevangen in de concepten zelfbinding, matiging en bescheidenheid. Deze concepten lenen zich “voor algemene uitgangspunten en voor institutionele waarborgen in de vorm van checks and balances”. (16 ) De realisering van het doel waarnaar de leden van Coöperatie Laatste Wil streven, vereist slechts: • een tijdelijke autonome zone (vrij gemaakt handelingsruimte), • waarin de overheid op basis van zelfbinding, matiging en bescheidenheid • het recht op afzondering (secessie) toekent aan een groep burgers • die zich bewezen niet kunnen en willen neerleggen bij de limiteringen die de wetten, regels en afspraken terzake het zelfgeregisseerde levenseinde de burgers opleggen. Burgerlijke ongehoorzaamheid. De burgerlijke roep om privacy en autonomie treedt op in het domein waar de heimelijkheid van de afzondering door de staat wordt geschonden onder inzet van een, door de burger als absoluut ervaren eis van transparantie. Eenvoudiger gezegd: als de overheid burgers met een onderbouwde afwijkende overtuiging dwingt om naar de pijpen van onacceptabele fragmenten van wetten en regels te dansen, produceert de overheid haar eigen tegenmachtige minderheden. Produceert de overheid verzet. Aanhoudende rechtstatelijke schendingen in bovenstaande zin doet de burgers de handen ineen slaan en wegen te zoeken om te ontsnappen aan de geëiste transparantie. De enige weg om te ontsnappen aan een verbod, is de weg naar beneden, is ondergronds gaan. 13 P. Sloterdijk, Je moet je leven veranderen; over antropotechniek. Boom, Amsterdam, 2011 14 H. Bey, De tijdelijke autonome zone; immediatistische essays. Ravijn, Amsterdam, 1994 15 In de betekenis van: verborgen, stil, verscholen, geheim. 16 P. Frissen, Het geheim van de laatste staat. Boom, Amsterdam, 2016, pag. 260
  7. 7. 3 bestaan van verschillende sociale en culturele subsystemen in een samenleving, zoals de overheid, de rechtspraak, het bedrijfsleven, de vakbeweging, de pers en de kerk met elk eigen belangen waarbij er sprake is van een zeker machtsevenwicht. De maatschappelijke materialisatie van een pluralistische benadering doet een groot appèl op respect, acceptatie en solidariteit. (5) Bereidwilligheidscoalitie. De ambitie om de verschillen in principes en opvattingen als gelijkwaardig te waarderen in voor iedereen werkbare wetten, regels en afspraken, is een dagelijkse opgave. Niet alleen in het politieke domein, ook daarbuiten. Praktijken, theorieën, debatten, discussies, multilogen zijn steeds weer nodig om het gelijk niet aan één zijde te laten rusten. Want dan zouden we al gauw een nieuwe soevereine macht creëren, bijvoorbeeld in de vorm van de dominante c.q. samenwerkende ‘ja, maar – stemmen’. In Europees verband wordt gesproken van een ‘coalition of willing’ (6) als instrument om in de constitutie van een samenwerkingsverband op globaal niveau enkele uitgangspunten en doelen overeen te komen, zonder daarbij schier eindeloos te steggelen over de details. In coalitievorming tussen bedrijven worden intentieverklaringen en intentionele samenwerkingsovereenkomsten als instrumenten ingezet. Met voornoemde manieren om coalities te vormen, wordt aan alle redelijke krachten ruimte gegeven om al doende ‘er samen verder mee te komen’, zonder gebod en verbod van een soevereine macht. (7) Een voorzet om tot een dergelijke bereidwilligheidscoalitie te komen inzake hulp bij zelfdoding en een humane manier om het levenseinde zelf te regisseren, had een resultaat kunnen zijn van het advies van de Commissie Schnabel. Maar dat was kennelijk niet mogelijk. In het advies zijn de standen van zaken in juridisch, ethisch, religieus en politiek perspectief keurig op een rij gezet. Alle belanghebbende partijen zijn gehoord, een diversiteit aan standpunten zijn kenbaar gemaakt en de commissie heeft de pluraliteit van de input ondergeschikt gemaakt aan de handhaving van de status quo. Daarmee is het debat over hulp bij zelfdoding en het zelfgeregisseerde levenseinde door de adviescommissie verzadigd, of scherper (met een van oorsprong natuurkundige term) geduid: gesatureerd. (8) Pragmatische motivering. 5 Vgl. het sleutelcitaat: Thomas Nagel over waardenpluralisme. In: G. den Hartogh, F. Jacobs, T. van Willigenburg, Wijsgerige ethiek; hoofdvragen, discussies en inzichten. Damon, Budel, 2013, pp. 48 – 50. J. Raz, The Practice of Value. Clarendon Press, Oxford, 2003 6 Deze term is afkomstig uit militaire bron. Het begrip verwijst naar de overeenkomst op basis waarvan staten samen oorlog (gaan) voeren. In Europees verband is de term ontdaan van het doel ‘oorlog voeren’. 7 In de deliberatieve democratie staat deze manier van het zoeken naar oplossingen voor (maatschappelijke) vraagstukken centraal. Essentieel is dat alle vertogen rond een thema gelijke kansen krijgen om argumenten en afwegingen naar voren te brengen. Dryzek noemt dat ‘Discours Representation’. Zie: J. S. Dryzek, Foundations and Frontiers of Deliberative Governance. Oxforg Un. Press, Oxford, 2010 8 Satureren is de natuurkundige term om aan te geven dat er in een vloeistof zoveel mogelijk vaste delen worden opgelost. De vloeistof is in dit geval het wettelijke kader, conform de interpretaties van de adviescommissie. De Coöperatie Laatste Wil houdt zich op in het bakje met de vaste stoffen die zich niet laten oplossen in de vloeistof van de adviescommissie.
  8. 8. 8 Het verzet tegen een anno 2016 democratisch onvoldoende gelegitimeerde uitsluiting van bedoelde groep vraagt om legale kanalisering. Niet door de wet aan te passen, maar door burgerlijke mindergehoorzaamheid een gelegitimeerd en gelegaliseerd plekje te geven. Grijs. Ongeveer vijftig jaar geleden werkte ik op vrijdag en zaterdag bij een autospuiterij. De baas gaf mij wekelijks een, voor die tijd, heel mooi uurtarief cash in het handje. Ik had dan ook altijd enig geld om het mijne te kunnen doen. Van baas Kees heb ik geleerd dat een bedrijf niet zonder grijs geld kan functioneren. Als er een extra potje autolak nodig is om een auto te kunnen afspuiten, moet zo’n potje even snel gehaald en betaald kunnen worden, zonder bonnetjesgedoe. Tussen wit en zwart geld zit dat grijze geld. De functie van grijs geld ligt in de factor klantwaarde; in de waarde die het bedrijf voor de klant creëert door snel en adequaat vakwerk af te leveren. (19 ) De verhouding tussen staat en burger, tussen overheid en partieel geëxcludeerde activisten, is niet alleen ‘wit’ te houden door ‘wit’ te gebieden en ‘zwart’ te verbieden + te vervolgen. Met ‘grijs’: • kan de rechtsorde in stand blijven; • is ‘zwart’ te voorkomen; • laat de groep activisten zichzelf aan de rechtsorde binden; • zijn checks and balances overeen te komen. In een uurtje mind mapping met een paar creatievelingen zullen gemakkelijk enkele alternatieve ‘grijze acties’ zich laten afzonderen van de ‘witte’ wetten, regels en afspraken. Om de tegenkrachten niet negatief (van ons weg), maar positief (naar ons toe) te activeren een setje vragen: - hoeveel adequaat en humaan werkende laatstewilmiddelen zouden er al door pillen sparen en import in Nederland zijn? - wie hebben al die middelen in bezit? - wat wordt er met al die middelen gedaan? - wie is eigenaar van al die middelen? - zouden er informele circuits bestaan rond al die middelen? Wijsheid is meestal wit, soms grijs. Zutphen, 01 maart 2016 19 Het zal en moet duidelijk zijn dat wij de burger absoluut niet als klant van de overheid willen etiketteren.

×